Verwerking input raadsfracties op werkversie.docx
Tekst van het document
Reacties van de raad op de werkversie Omgevingsvisie In 2021 is de werkversie toegestuurd aan de raad. De raadfracties zijn samen met 96 x input en 48 vragen gekomen. Het merendeel (ca 90%) van de opmerkingen kon goed (grotendeels of geheel) worden verwerkt. Een klein aantal opmerkingen is niet (geheel) verwerkt. Dat betreft onderstaande onderwerpen. We lichten daarbij tevens kort toe waarom e.e.a. niet verwerkt is. - Veel opmerkingen betreffen zaken die in het laatste hoofdstuk nadere aandacht krijgen (CU, D66, VVD, SP): hoe ziet de beleidscyclus er precies uit, welke beleidsstukken komen te vervallen met de Omgevingsvisie, kostenverhaal e.d.. In hoofdstuk 8 wordt dit globaal beschreven: De Omgevingsvisie is een integraal strategisch beleidskader dat op hoofdlijnen richting geeft aan toekomstige ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie is als het ware een kapstok voor sectoraal en/of gebiedsgericht beleid. Bestaande en toekomstige sectoraal beleidsdocumenten en uitvoeringskaders blijven naast de omgevingsvisie dan ook bestaan. De toekomstige werkwijze binnen de gemeente, de relatie met bestaande beleids- en visie documenten en de onderlinge doorwerking van de beleidsinstrumenten onder de Omgevingswet wordt de komende periode verder uitgewerkt. - Er is gevraagd waarom niet voor heel Gouda een detailuitwerking is gemaakt (o.a. CU).
Er zijn weliswaar enkele deelgebieden uitgewerkt, als voorbeeld. Maar verder is hierbij het principe van ‘gebiedstypologie’ is gevolgd: niet gebiedsdekkend voor Gouda, maar een voorbeelduitwerking van de ‘typische gebieden’: een gebied met veel bedrijvigheid en (aanstaande) transitie, een woonwijk etc. Een nadere gebiedsdekkende uitwerking volgt in het Omgevingsplan (waarvoor de gemeente als beschreven tot eind 2029 de tijd heeft om deze voor de hele gemeente, in delen, op te stellen). - Waarom is niet meer over de RES / energie-ambitie opgenomen? (CU, VVD, D66, GBG, GL) Ten tijde van het opstellen van de ‘Werkversie’ was de RES daarvoor nog te veel in beweging. Nu daarvan de versie 1.0 is vastgesteld, is deze wél verwerkt in de Omgevingsvisie en MER. - Waarom worden geen concretere zaken genoemd omtrent verkeer, parkeren e.d.? (VVD, GBG) In de bijgewerkte concept omgevingsvisie zijn een aantal aanpassingen gemaakt waaronder het toevoegen van een aantal alinea’s over de visie op verkeer en parkeren die zijn ontleend aan het verkeerscirculatieplan dat in juni 2021 is vastgesteld door de raad. - Waarom worden geen concretere zaken genoemd omtrent wonen? (D66, GBG, D66, VVD) In de bijgewerkte concept omgevingsvisie zijn een aantal aanpassingen gemaakt waaronder het toevoegen van een aantal alinea’s over de visie op wonen.
Deze zijn ontleend aan de woonvisie welke in juni 2021 is vastgesteld door de raad. - Waarom is geen visie opgesteld voor het winkelaanbod, zoals kernwinkelgebied in max aantallen, grootte en soort winkels (i.v.m. bijv. huidig forse aantal kappers, tattooshops en telefoonwinkels) (GBG). Er is voor gekozen om niet te sturen (in ieder geval in de Omgevingsvisie niet) op type winkels. Hierbij is het van belang om vast te stellen dat de omgevingsvisie een strategisch document is, dat richtinggevend moet zijn maar niet te beperkend, ook indachtig de langjarige werkzaamheid van deze visie. In geval de gemeente (tijdelijk) specifiekere beperkingen wil stellen in een aantal wijken / gebieden, dan kan dit het beste in het omgevingsplan worden vastgesteld of in sectorale beleidskaders. - Er is gevraagd in normen per wijk vast te stellen wat een gezonde, leefbare wijk is (GBG). Daar is niet voor gekozen, omdat dat sterk afhangt van de detailuitwerking van de beoogde veranderingen in een wijk, technische ontwikkelingen, maatschappelijke ontwikkelingen e.d. De Omgevingsvisie wordt geacht jaren mee te gaan (op actualisaties na). Het nu vastleggen van normen (en per wijk) past daar niet binnen. - Meer aandacht voor de interactie tussen de verschillende onder- en bovengrondse onderdelen van de Goudse infrastructuur (VVD).
In de omgevingsvisie zijn een aantal onderdelen van de bodem, waaronder bijvoorbeeld de impact van wijzigende grondwaterstanden meegenomen. Kabels en leidingen zijn in de omgevingsvisie ook
benoemd. In par. 7.3 is het gebrek van een bestaande bodemvisie toegelicht, en is aangegeven dat deze in een volgende actualisatie van de Omgevingsvisie zal worden opgenomen. Deze integrale bodemvisie zou antwoord moeten geven op de interactie tussen, en de resulterende knelpunten bij, de ondergrondse infrastructuur.
pagina 2