Startnotitie gemeenteraad gebiedsprogramma Goverwelle
Tekst van het document
Dossiernummer 7845 aan Raadscommissie fysieke leefomgeving Gouda Startnotitie gebiedsprogramma Goverwelle - dossiernummer 7845 onderwerp van College van burgemeester en wethouders 16 januari 2024 datum
Aanleiding Graag informeren wij u via voorliggende startnotitie over het op te stellen gebiedsgericht omgevingsprogramma voor de wijk Goverwelle, als pilot voor de gebiedsgerichte uitwerking van de Goudse Omgevingsvisie. De begrenzing van het gebiedsprogramma is onderstaand weergegeven.
Het proces van totstandkoming is intern opgestart in september 2023. Het hoofddoel is om de globale keuzes uit de Omgevingsvisie gebiedsgericht uit te werken en zo te ontdekken hoe combinaties van omgevingsthema’s te maken zijn en te zien waar het knelt en spanning ontstaat tussen die thema’s en opgaven. Op basis van een wijkanalyse is een globaal beeld gemaakt van de wijkopgaven. Nu de stap kan worden gezet naar opstellen van een gebiedsprogramma met verdiepende uitwerkingen op de wijkopgaven, maken wij uw raad graag deelgenoot van: - de doelen en uitgangspunten van het gebiedsprogramma Goverwelle; - de aanpak en organisatie;
-
de stand van zaken; de opgaven voor de wijk; de voorgestelde vervolgaanpak.
De bevoegdheid voor het vaststellen van programma’s onder de Omgevingswet ligt bij het college van burgemeester en wethouders. Met de raadscommissie FLO is afgesproken dat de kaders voor programma’s via een startnotitie met de raadscommissie worden gedeeld. Het college betrekt de raad ook graag proactief gezien het pilotkarakter van dit gebiedsprogramma. Context uitwerking Omgevingsvisie De Omgevingsvisie Gouda beschrijft de keuzes voor het gebruik en de inrichting van de fysieke leefomgeving in Gouda. Die keuzes zijn op hoofdlijnen en geven richting. Om gebiedsgerichte sturing te geven en de Omgevingsvisie te implementeren vraagt de Omgevingsvisie nadere uitwerking op gebiedsniveau. Deze sturing is nodig voor het uitvoeren van de gemeentelijke eigen projecten in de fysieke leefomgeving én voor het toetsen van initiatieven van bewoners en organisaties. De pilot gebiedsprogramma Goverwelle is bedoeld om de raad handvatten te bieden om te beoordelen hoe de Omgevingsvisie in de praktijk werkt. Bij een gebiedsgerichte uitwerking van alle ruimteclaims uit de Omgevingsvisie wordt duidelijk waar goede combinaties te maken zijn en waar het wringt. In dat laatste geval worden in het gebiedsprogramma beargumenteerd keuzes gemaakt.
De mogelijke combinaties in ruimtegebruik en de keuzes vormen samen een leerervaring, die de raad kan gebruiken om te bezien of met deze vorm van uitwerking kan worden doorgegaan en/of de Omgevingsvisie op onderdelen moet worden aangepast. Voor de uitwerking en concretisering van de Omgevingsvisie biedt de Omgevingswet twee instrumenten: het “programma” en het “omgevingsplan”. Het omgevingsprogramma heeft als doel om samenhangende keuzes te maken voor de leefomgeving, waarmee de doelstellingen uit de Omgevingsvisie bereikt kunnen worden. Het brengt verschillende belangen bij elkaar en maakt afwegingen tussen deze belangen. Het programma biedt een kader voor het uitvoeren van projecten en stellen van regels. Een omgevingsprogramma kan gebiedsgericht zijn of thematisch. Het opstellen van een omgevingsprogramma geeft input voor een omgevingsplan als juridisch-planologisch instrument om de fysieke leefomgeving te reguleren. Zowel het omgevingsprogramma als het omgevingsplan hebben als doel om een integrale gebiedsgerichte aanpak mogelijk te maken. Doelen en uitgangspunten Eerder is gekozen is om een gebiedsgericht omgevingsprogramma op te stellen voor de wijk Goverwelle.
In deze pilot wordt in een samenwerkingsproces met verschillende vakafdelingen binnen de gemeente en met stakeholders in de wijk gewerkt aan het omgevingsprogramma als uitwerking en implementatie van de Omgevingsvisie. Het omgevingsprogramma is integraal en gebiedsgericht. De wijk Goverwelle heeft serieuze opgaven, kijkend naar de toekomst. Tegelijkertijd zijn er nu nog geen
pagina 2
grote gebiedsontwikkelingen voorzien in de wijk. Dit geeft ruimte om in een pilot-sfeer te werken aan een omgevingsprogramma, waarbij ook ruimte is voor leerervaringen voor volgende omgevingsprogramma’s. Het inhoudelijke hoofddoel voor de wijk is om een prettige woon- en leefomgeving te blijven bieden waar zowel huidige als toekomstige bewoners van Goverwelle zich thuis voelen. Initiatieven worden ingezet om de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de wijk te verbeteren, in aansluiting op de hoofdkeuzes uit de Omgevingsvisie. De uitgangspunten voor het gebiedsgerichte omgevingsprogramma zijn: -
gebiedsgericht verbinden van sectorale beleidsdoelen; keuzes maken in ruimtevragers daar waar nodig en verbinden daar waar dat kan; leren van het proces van opstellen van het gebiedsgerichte omgevingsprogramma; het college van burgemeester en wethouders en gemeenteraad meenemen in het proces en de leerervaringen; samenwerken tussen gemeentelijke afdelingen/teams verbeteren; houvast bieden voor zowel actiegerichte uitvoering in projecten/activiteiten als het toetsen en begeleiden van planinitiatieven; input geven aan juridisch-planologische regelgeving in het omgevingsplan vroegtijdig bij elkaar brengen van beleid, uitvoering en beheer; koppelen van fysieke, sociale en economische opgaven, voor zover er raakvlakken zijn met de fysieke leefomgeving.
Bij het opstellen van het gebiedsprogramma wordt zoveel mogelijk voortgebouwd op al bestaande doelstellingen, beleid en aanstaande ingrepen in de openbare ruimte. Financieel zijn er de volgende mogelijkheden: - aansluiten op bestaande budgetten, zoals reguliere onderhoudsbudgetten voor de openbare ruimte, geld voor vergroening, klimaatadaptatie en het VCP; - door het slim combineren van opgaven en budgetten meer proberen te bereiken dan met gesegmenteerde budgetten en uitvoering; - gebruik maken van budget van derden, waaronder subsidies. Daarnaast is denkbaar dat een nieuw opgedaan inzicht dusdanig veel meerwaarde biedt, dat het wenselijk kan zijn hiervoor investeringsruimte vrij te maken. Voorgesteld wordt: - het gebiedsprogramma Goverwelle te zien als pilot/ leerervaring voor het gebiedsgericht uitwerken van de Omgevingsvisie; - daarbij de bovengenoemde doelen en uitgangspunten te hanteren.
Aanpak en organisatie
pagina 3
De aanpak van omgevingsprogramma bestaat uit de volgende stappen:
Raadplegen bewoners
In het voorjaar (rond maart/april ’24) zaleen concept van het inhoudelijke deel van het gebiedsprogramma (ambities, streefbeeld, ontwikkelrichtingen) met de raadscommissie, worden besproken, alvorens dit verder uit te werken in een volledig gebiedsprogramma. Na afronding van het gebiedsprogramma zal het college van B&W evalueren welke inzichten het programma heeft opgeleverd en het resultaat van die evaluatie eveneens met de raad delen, vergezeld van een voorstel voor wat dit kan betekenen voor de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie en de Omgevingsvisie zelf. We werken chronologisch aan de volgende producten:
Intern wordt aan het gebiedsprogramma gewerkt met een kernteam (3 personen), een breed samengestelde denktank (20 personen) en drie werkgroepen (van ca 5 professionals uit de denktank per werkgroep) die de verdieping opzoeken in het uitwerken van de opgaven in visie en oplossingen voor de wijk. De ruimtelijke afdelingen, de afdeling Maatschappelijk beleid en de afdeling Veiligheid en wijken (met hun voelhorens in de wijk) werken daarin samen. Een externe procesmanager ondersteunt het proces en brengt ervaringen in vanuit vergelijkbare trajecten. Voorgesteld wordt: - de hierboven beschreven vervolgaanpak te kiezen en met de raadscommissie een tussenproduct te bespreken.
pagina 4
Stand van zaken De fase van interne inventarisatie en analyse is afgerond. Die heeft geleid tot een duidelijk beeld van de opgaven in de wijk. Nu wordt de stap gemaakt naar het uitwerken van een streefbeeld voor de wijk in 2040 (narratief en wijkstructuurbeeld) en verdiepende uitwerking van de opgaven.
Opgaven in de wijk Er is een uitgebreide analyse uitgevoerd voor Goverwelle. Op basis van data-analyse, een wijkschouw, inzicht in lopende ontwikkelingen, een stakeholderanalyse, een SWOT-analyse en een beleidsanalyse zijn de kwaliteiten, opgaven en kansen voor Goverwelle in beeld gebracht, steeds in relatie tot de hoofdkeuzes voor de leefomgeving uit de Omgevingsvisie. Dit is gedaan in een tweetal denktank-bijeenkomsten met vakexperts vanuit verschillende gemeentelijke afdelingen.
De inventarisatie en analyse hebben geleid tot de volgende opgaven voor de wijk.
De opgaven voor Goverwelle zijn
Onder andere aan te pakken door
pagina 5
Meer beleving en kleur in de wijk
vergroten diversiteit aan voorzieningen, activiteiten en ontmoetings- en speelplekken in de leefomgeving en het vergroten van de herkenbaarheid en uitstraling van plekken en structuren binnen de wijk.
Sociaal-maatschappelijke versterking van de wijk
vergroten veerkracht, veiligheid, aanpak eenzaamheid en positieve gezondheid – voor zover er een relatie ligt met de fysieke leefomgeving
Aantrekkelijke en toekomstbestendige openbare ruimte
vergroening (privaat en openbaar), klimaatadaptieve maatregelen, verbetering watersysteem, inspelen op bodemverzakking, beweegvriendelijke inrichting en uniforme materialen.
Versterken van het (groen-blauwe-historische) raamwerk
door betere verbindingen tussen groene omzoming en de wijk, tussen wijk en buitengebied, tussen wijk en omliggende wijken, tussen het station en de wijk, tussen woonerven en wijkontsluitingswegen, tussen verleden (cultuurhistorische linten) en toekomst (infrastructuur voor nieuwe mobiliteit).
Passend en groter woningaanbod gericht op alle levensfases en levenssituaties
Toevoegen woningen in woontypologieën dmv stedelijke verdichting, optoppen of woningsplitsing en daarmee stimuleren doorstroming.
Duurzame energievoorziening
verkenning duurzame warmteoplossing, meer zonnepanelen op daken, isolatie van woningen
Hieronder geven we een toelichting op de opgaven in de wijk. Als kader gelden daarbij de ambities uit de Omgevingsvisie. Beleving en kleur in de wijk De wijk Goverwelle is een woonwijk met alle basisvoorzieningen op orde. De wijk heeft scholen, een wijkwinkelcentrum, een station, sportvoorzieningen en een parkachtige omzoming waar kan worden gewandeld en gesport. Wat opvalt is dat er relatief weinig ‘kleur’ in de wijk is. Zowel letterlijk als figuurlijk. Letterlijk, omdat gebouwen en openbare ruimte een gelijke kleurtoon hebben, waardoor diversiteit in uitstraling beperkt is en figuurlijk, omdat in de wijk relatief weinig evenementen en activiteiten worden georganiseerd op centrale plekken in de wijk die zorgen voor verbinding, ontmoeting en beleving, zowel in (maatschappelijk) vastgoed als in de openbare ruimte. De wijk heeft in zekere zin een monocultuur. In de wijk ontbreken publieke ruimtes die een kloppend hart voor de wijk en buurten in de wijk zijn en die identiteit aan de wijk geven. De zoektocht is hoe op deze thema’s verbeteringen mogelijk zijn. Sociaal-maatschappelijke versterking in de wijk In de wijk Goverwelle zijn bepaalde buurten met een sociaal-maatschappelijke problematiek zoals eenzaamheid, overlast, zwerfvuil, onveilig gevoel en criminaliteit. De leefbaarheid in deze buurten is lager dan in de rest van de wijk.
Dit betreft vooral de Sportbuurt, Molenbuurt en een stuk van de Polderbuurt. Met name een deel van de Sportbuurt heeft veel problematiek. Het samenleven gaat moeizaam door ontbreken van sociale cohesie. Er is een risico dat jongeren in de criminaliteit belanden omdat kinderen opgroeien met veel risicofactoren. Inkomens zijn laag en er zijn problemen achter de voordeur. In alle drie de buurten is veel zwerfvuil, parkeerproblematiek en is er weinig te doen voor jeugd. Het gebiedsprogramma Goverwelle gaat over de fysieke leefomgeving en is geen armoede- of veiligheids- of jeugdbeleid, maar van belang is dat ruimtelijke ontwikkelingen in de wijk
pagina 6
bijdragen aan het vergroten van leefbaarheid en veerkracht van de wijk en meer specifiek de genoemde buurten in de wijk. Aantrekkelijke en toekomstbestendige openbare ruimte Verzakking en een wisselende kwaliteit van de inrichting openbare ruimte, zorgen op veel plekken in Goverwelle voor een nogal slordig straatbeeld. Verzakking van de bodem hoort bij Gouda. We accepteren dat de straten er niet zo strak bij liggen als in andere delen van het land en dat het soms wat moeite kost om van buiten over de drempel van je huis te komen. Toch zijn in grote delen van Goverwelle de problemen op dit punt extra groot. Daar komt bij dat door de verzakkingen en de verplichting om op eigen terrein te parkeren nagenoeg álle voortuinen ook verhard zijn. De wijk is daarmee niet klimaatadaptief. Het watersysteem (kolken) is niet toekomstbestendig omdat het de toenemende intensiteit van (piek)buiten niet kan verwerken. De uitdaging is om in delen van Goverwelle de inrichtingskwaliteit omhoog te brengen door het combineren van de opgaven zoals het klimaatadaptiever maken van de wijk, het herstel van verzakkingen en het verbeteren van de verkeerssituatie in lijn met het VCP (bijv. herinrichting naar 30 km/uur). Versterken van het (groen-blauwe-historische) raamwerk De paradox van Goverwelle is dat de randen van de wijk heel groen en aantrekkelijk zijn.
De wijk wordt omzoomd door een parkachtige groenstructuur met wandelpaden, sportvoorzieningen en verbindingen naar het buitengebied. De wijk zelf is daarentegen stenig en hard, juist met weinig groen en water en beperkte groene pleintjes of plantsoentjes. Er zijn kansen om verbindingen groener en aantrekkelijker te maken: tussen de groene omzoming en de wijk, van de wijk naar het buitengebied, tussen de wijkontsluitingsweg en de erven. Sterkere groen- en waterstructuren maken de wijk aantrekkelijker, klimaatadaptiever en ze vergroten de samenhang tussen de afzonderlijke buurtjes. Hiermee ontstaan ook betere mogelijkheden voor wandelen, fietsen en sporten. De wijk kent ook historische linten, zoals de Voorwillenseweg en de Goejanverwelledijk. Deze kunnen worden versterkt door een goede inrichting en bebouwing die past bij de kwaliteit van dit lint. Groen, blauw en cultuurhistorie kunnen bij elkaar komen in een aantrekkelijk “raamwerk” voor de wijk. Passend en groter woningaanbod gericht op alle levensfases en levenssituaties Overal in Gouda – net als in een groot deel van Nederland - is het ingewikkeld om een nieuwe woning te betrekken, of voor het eerst een woning te vinden. Dat geldt ook voor Goverwelle. De eengezinswoning is in Goverwelle dominant, ongeveer driekwart van de woningvoorraad. De uitdaging is om het woningaanbod in Goverwelle te vergroten en diverser te maken.
Dat kan door te onderzoeken hoe nieuwe woningen kunnen worden toegevoegd, bijvoorbeeld door wooncomplexen een of meerdere verdiepingen extra te geven (optoppen) en door het splitsen van woningen. Locaties waar mogelijkheden zijn om nieuwe woningen voor doelgroepen als jongeren of ouderen toe te voegen zijn de stationsomgeving en de Goverwellesingel. In het westen van Nederland moeten we onze schaarse ruimte efficiënter gaan gebruiken en proberen de groei van het autoverkeer zoveel mogelijk te remmen. Dat is ook de ambitie van de Goudse Omgevingsvisie en het Verkeerscirculatieplan. Als meer mensen in de directe omgeving van de stations kunnen gaan wonen worden die doelen tegelijk gerealiseerd. Dat geldt ook voor Goverwelle. Het gebied rondom het station en het station en het wijkwinkelcentrum biedt kansen voor verdichting en ontwikkeling. De uitdaging is intussen om de stationsomgeving tot een prettiger gebied te maken dan de plek die het nu is. Dat vraagt ook een hogere inrichtingskwaliteit voor de openbare ruimte, in verbinding met het op korte afstand van het station gelegen winkelcentrum Goverwelle, ook een plek waar dagelijks veel mensen komen, maar ook een plek met een nogal versteende en weinig aantrekkelijke uitstraling.
In de toekomst worden stationsomgeving en het winkelcentrum beter verbonden, krijgen deze gebieden meer wandelkwaliteit en krijgt Goverwelle op deze manier een duidelijker centrum (zie ook het VCP).
pagina 7
Duurzame energievoorziening Een opgaven is om woningen te verduurzamen en de wijk CO2-neutraal te maken. De Sportbuurt en Molenbuurt zijn mogelijk kansrijk voor een warmtenet. Particuliere woningeigenaren en woningcorporaties worden gefaciliteerd bij het investeren in verduurzamen van woningen, waarbij de woningen op een goed onderhoudsniveau worden gebracht en de energiezuinigheid van de woningen wordt vergroot. Indien de energietransitie vraagt om ingrepen in de ondergrond worden deze zo mogelijk gekoppeld aan andere werkzaamheden in de ondergrond, de openbare ruimte en nieuwbouw. De beschreven opgaven zijn geclusterd in drie integrale hoofdopgaven. Deze opgaven worden tussen nu en het voorjaar van 2024 uitgewerkt in een visie en samenhangende oplossingen en maatregelen.
Voorgesteld wordt: - Met de gedefinieerde opgaven verder te werken aan het gebiedsprogramma Participatie Artikel 10.8 lid 2 van het Omgevingsbesluit luidt als volgt: “als een programma wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders,…., wordt daarbij aangegeven op welke wijze invulling is gegeven aan het toepasselijke decentrale participatiebeleid”. Omdat het gebiedsprogramma bedoeld is als een proeve van uitwerking van de Omgevingsvisie, waarbij hoofdkeuzes al door de raad zijn gemaakt, ligt het minder voor de hand een zwaar participatieproces vorm te geven. De formule van “infomeren/ raadplegen” uit de Goudse participatiestrategie fysieke leefomgeving is daarvoor het meest geschikt. Dat kan in dit geval worden vormgegeven door de eerste tussenresultaten in de vorm van een streefbeeld met ontwikkelrichtingen aan bewoners en professionele stakeholders te laten zien en hen te vragen om reflectie hierop. Zo kaderen we de participatieopgave: hoofdkeuzes zijn door de raad gemaakt in de Omgevingsvisie, participatie met bewoners gaat over de manier waarop deze keuzes in samenhang worden uitgewerkt. Een kanttekening bij het onderwerp participatie is de relatie met het wijkmobiliteitsplan voor Goverwelle. Dat staat pas later dit jaar op de planning.
Een integraal gebiedsprogramma Goverwelle kan eigenlijk niet goed worden opgesteld zonder de keuzes uit het VCP mee te nemen. Denkbaar is
pagina 8
dat de reflectie van wijkbewoners op de tussenresultaten van het gebiedsprogramma ook wordt gebruikt als input voor verdere detaillering van verkeersthema’s in het later op te stellen wijkmobiliteitsplan. ‘Participatiemoeheid’ moet worden voorkomen. Voorgesteld wordt: - Participatie voor het gebiedsprogramma Goverwelle vorm te geven door middel van informeren en raadplegen van wijkbewoners over de eerste tussenresultaten; - De reflectie van bewoners tevens te gebruiken als input voor het later op te stellen wijkmobiliteitsplan voor Goverwelle.
pagina 9