CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel waarborgfonds veiligheidsregio's

Raadsvergadering 28 juni 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: Oprichting Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio's1.576 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

raadsvoorstel afdeling Veiligheid en wijken

steller

gouda

J.W. Haken

12 juni 2023

dossiernummer

telefoon

7209

140182

onderwerp

wensen en bedenkingen inzake voornemen van de Veiligheidregio Hollands Midden tot oprichting en deelname aan de Stichting Waarborgfonds veiligheidsregio's.

Gevraagd besluit Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad van de gemeente Gouda voor te besluiten tot: 1. ten aanzien van het voornemen tot oprichting en deelname aan de Stichting Waarborgfonds veiligheidsregio’s wensen en bedenkingen in te dienen conform bijgevoegde brief inhoudende dat de raad instemt met het voorgenomen besluit.

Toelichting

1

Nadere uitleg op gevraagd besluit

Inleiding Op 16 december jl heeft het Veiligheidsberaad, het overlegorgaan van de 25 voorzitters veiligheidsregio, mede op advies van de Bestuurlijke Advies Commissie Brandweer Veiligheidsregio’s het principebesluit genomen tot het oprichten van een Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s, die dekking biedt voor in ieder geval de niet-verzekerbare aanspraken na dienstongevallen. Op 20 april jl heeft het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden ingestemd met het voorgenomen besluit tot oprichting van de Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s. Ook heeft het algemeen bestuur besloten om dat voorgenomen besluit voor wensen en bedenkingen aan te bieden aan de gemeenteraden. Aanleiding voor voorgenomen besluit tot oprichting en deelname aan de Stichting Waarborgfonds veiligheidsregio's De Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s (RCDV) is enige tijd aan de slag met het thema ‘Goed werkgeverschap na dienstongevallen’. Ten tijde van de regionalisering van de brandweer zijn de aanspraken bij ongevallen, zoals die golden bij de gemeentelijke en regionale brandweren via nieuwe verzekeringspolissen samengevoegd.

Hierbij is veelal geen bewuste afweging gemaakt rondom aanspraken bij ongevallen, Als gevolg van een aantal interne en externe ontwikkelingen is een toenemend bewustzijn bij veiligheidsregio’s ontstaan over de aard en hoogte van aanspraken van medewerkers als gevolg van ongevallen tijdens het werk. Dit bewustzijn is de afgelopen jaren gegroeid door een toenemende onderlinge samenwerking van veiligheidsregio’s op dit vlak. In de loop der tijd bleek dat de dekking van de ongevallenverzekering niet in alle gevallen (meer) aansloot bij de verwachting die zowel de veiligheidsregio als ook de medewerker hadden. Veelal spitst zich dit toe op de vraag of aan alle elementen van ongevalsdefinitie is voldaan, terwijl de medewerker evident letsel heeft opgelopen tijdens zijn werk. Daarnaast is er sprake van een ‘verharding’ van de verzekeringsmarkt, hetgeen inhoudt dat het aantal aanbieders afneemt, premies stijgen en voorwaarden versobert worden met als gevolg dat de verzekerbaarheid onder druk komt te staan. Dit alles heeft bijgedragen aan de gedachte dat verzekeren ‘slechts’ één van de mogelijke opties is om de financiële risico’s als gevolg van schade bij ongevallen op te vangen. In feite is daarmee de stap gezet van ‘verzekeringsdenken naar risicodenken’: niet de verzekering, maar de aanspraak dient leidend te zijn voor de medewerker.

Daarnaast is gebleken dat de verzekeringsfunctie binnen de veiligheidsregio’s veelal kwetsbaar is ingevuld door ‘éénpitters’ met beperkte formatie en beperkte kennis en ervaring. Door onderling samen te werken en verbindingen te leggen met externe expertise in bestuurlijke context kan deze kwetsbaarheid worden verminderd. Om invulling te geven aan deze uitdagingen is de RCDV het Project Risicomanagement & Verzekeringen gestart om via landelijke samenwerking, antwoord te vinden op bovenstaande ontwikkeling. Kort gezegd is het de bedoeling om te komen tot: - Landelijk één set van aanspraken bij dienstongevallen; - Het collectief inkopen van één ongevallenverzekering (voor verzekerbare aanspraken); - Het oprichten van een waarborgfonds om een oplossing te bieden voor (in ieder geval) de niet verzekerbare aanspraken; - Het oprichten van een (landelijk) expertisebureau dat kan adviseren en bemiddelen; - Het aangaan van strategische samenwerkingsverbanden. Toekomstige situatie De veiligheidsregio’s hebben straks een waarborgfonds waarmee zij gezamenlijk de Landelijke Aanspraken na Dienstongevallen financieren voor zover deze niet verzekerd zijn. Daarnaast hebben ze een gezamenlijk expertisebureau risicobeheer waarmee zij collectief een ongevallenverzekering kunnen inkopen en per 1 januari 2024 deze schades kunnen afwikkelen.

Op termijn kunnen ook andersoortige risico’s door dit expertisebureau worden opgepakt. Hiermee ontstaat een professionele organisatie die invulling geeft aan het risicobeheer van de veiligheidsrisico’s. Naar verwachting levert de samenwerking behalve een efficiency- en kwaliteitsslag op termijn een besparing op doordat de verhouding schade-premie ongevallenverzekering ongeveer 1:2 is. Daarnaast wordt met het expertisebureau behalve een kwaliteitsslag op termijn ook een besparing verwacht door één gezamenlijke inkoop van de ongevallenverzekering en het collectief afhandelen en registreren van schades. Deelname aan het waarborgfonds is vrijwillig. Wel is deelname aan het expertisebureau een vereiste gelet op de onderlinge samenhang. Reeds bij deelname van een beperkt aantal veiligheidsregio’s is het overigens al opportuun om het waarborgfonds op te richten, omdat de niet-verzekerbare aanspraken die gelden op grond van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen anders door de individuele veiligheidsregio gedragen worden. Beoogd wordt dat de deelnemers jaarlijks een bijdrage storten in het waarborgfonds.

Indien er op grond van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen een uitkering dient te worden gedaan aan een medewerker die een dienstongeval is overkomen én deze aanspraak niet gedekt wordt door de ongevallenverzekering, dan volgt een betaling uit het waarborgfonds aan de veiligheidsregio. De veiligheidsregio gebruikt deze vergoeding vervolgens om de aanspraak van de betreffende medewerker mee te betalen. Rechtsvorm Het is niet mogelijk om deze activiteiten onder te brengen bij een veiligheidsregio of een andere rechtspersoon, zoals het expertisebureau. Hier liggen de volgende overwegingen aan ten grondslag: 1. Het is de verwachting dat de Autoriteit Financiële Markten en de De Nederlandse Bank niet akkoord gaan met het onderbrengen van deze activiteiten bij een rechtspersoon met andersoortige activiteiten; de AFM is vergunningverlenende instantie voor het expertisebureau; 2. Het samenvoegen van de activiteiten van het waarborgfonds met de werkzaamheden van een veiligheidsregio of het expertisebureau leidt tot aansprakelijkheidsrisico’s voor deze organisaties. Met het oog op de eis dat geen sprake mag zijn van een winstoogmerk is de keuze voor rechtspersonen beperkt. Dat maakt namelijk dat gekozen moet worden tussen de rechtsvorm ‘stichting’ en de rechtsvorm ‘onderlinge waarborgmaatschappij’. Dit laatste is een bijzondere verenigingsvorm.

Hierbij is de afweging gemaakt dat de stichting de voorkeur geniet boven de onderlinge waarborgmaatschappij met het oog op de lichte structuur. Om dezelfde redenen is voor de activiteiten van het expertisebureau ook voor de stichtingsvorm gekozen. Hiermee wordt geen zwaardere structuur opgetuigd dan strikt noodzakelijk is.

pagina 2

2 2.1

3

Argumenten Argumenten Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is bevoegd tot het oprichten van en deelname aan een stichting als de gemeenschappelijke regeling in deze mogelijkheid voorziet en dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit tot oprichting en deelname aan de Stichting Waarborgfonds veiligheidsregio’s.mag niet worden genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen over het ontwerpbesluit ter kennis van het algemeen bestuur van VRHM te brengen (artikel 31a, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen).

Kanttekeningen nvt

4

Juridische- / financiële gevolgen Het raadsvoorstel tot het geven van wensen en bedenkingen heeft geen directe financiële consequenties. De VRHM meldt daarover dat de insteek van goedwerkgeverschap is om primair een kwaliteitsslag te maken. Dit neemt niet weg dat het uitgangspunt bij de ontwikkeling van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen is om de financiering kostenneutraal te laten plaatsvinden. De insteek is kostenneutraliteit bezien vanuit landelijk perspectief, omdat het vertrekpunt van elke veiligheidsregio ten aanzien van de financiering en verzekering van schades na dienstongevallen verschillend is. Het is overigens de verwachting dat de samenwerking in zowel het expertisebureau als het waarborgfonds behalve een kwaliteitsslag op termijn ook tot (aanzienlijk) financieel voordeel voor de deelnemers leidt. Dit voordeel wordt in eerste aanleg gebruikt om het waarborgfonds mee te vullen. De kostenneutraliteit heeft betrekking op drie kostencomponenten: a) De premie ongevallenverzekering (inclusief onafhankelijke medische dienst) b) de fee voor de dienstverlening van de makelaar c) De algemene reserve voor de niet-verzekerbare risico’s. De premie ongevallenverzekering en de makelaarsdienst zijn weliswaar bekend, maar bij een complexe zaak zonder verzekeringsdekking zal de veiligheidsregio een beroep moeten doen op de algemene reserve.

Dit laatste zit nog niet verdisconteerd in de € 4,1 miljoen (de som van de premies ongevallenverzekering van de veiligheidsregio’s in 2022). Ook is een premie ongevallenverzekering geen vast gegeven. Bij een volgende aanbesteding kan dit immers anders uitpakken. Tot slot gaat het om risico’s. Als er toevallig net een grote groep personeel tegelijk letsel oploopt dan heeft dit gevolgen voor de schadelast. Daarom geldt bij het uitgangspunt kostenneutraliteit dat een zekere slag om de arm gehouden moet worden. Hoewel er voor veel veiligheidsregio’s geen sprake is van stijgende kosten zullen de kosten voor de VRHM met € 30.000 per jaar stijgen. Dit komt doordat de VRHM in de meest recente aanbesteding van de ongevallen verzekering een zeer gunstige aanbesteding hadden. De extra kosten kunnen opgevangen worden binnen de huidige begroting. Het risico dat een beroep moet worden gedaan op de algemene reserve neemt daarentegen wel af. Alleen in geval de VRHM een uitkering wil doen bovenop de aanspraken, die gelden op grond van de Landelijke regeling Aanspraken na Dienstongevallen, zal deze ten laste komen van de algemene reserve. Voor het waarborgfonds is een verdeelsleutel overeengekomen op basis van inwoneraantal. Deze verdeelsleutel wordt na de eerste periode van 5 jaar geëvalueerd.”

pagina 3

5

Personele- / organisatorische gevolgen / duurzaamheid / positie mensen met een beperking nvt

6

Communicatie / interactiviteit nvt

Burgemeester en wethouders van Gouda, de secretaris, de burgemeester,

drs. R.C. Bakker

mr. drs. P. Verhoeve

pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=dd84aada-0f6d-49bf-867b-898d3d314e8d