Raadsvoorstel ontheffing woonplaatsvereiste wethouder Dijkstra 2021.docx
Tekst van het document
raadsvoorstel
afdeling
steller
gouda
Human Resource Management
Bart Post
26 mei 2021
onderwerp
telefoon
voorstelnummer
Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder Dijkstra
0182-588163
Gevraagd besluit Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad van de gemeente Gouda voor te besluiten tot: 1. Wethouder Dijkstra met ingang van 23 mei 2021 (dus met terugwerkende kracht) voor de duur van één jaar ontheffing te verlenen van de verplichting de werkelijke woonplaats in de gemeente Gouda te hebben, zoals bedoeld in artikel 36a Gemeentewet.
Toelichting De laatste door de raad verleende ontheffing van de verplichting tot ingezetenschap liep op 22 mei 2021 af.
1
Nadere uitleg op gevraagd besluit Wethouders kunnen, in bijzondere gevallen, ieder jaar opnieuw een ontheffing van de verplichting tot ingezetenschap verkrijgen van de raad (zie artikel 36a lid 2 Gemeentewet). Tot op heden heeft de raad deze ontheffing aan wethouder Dijkstra verleend. De laatste ontheffing liep op 22 mei 2021 af, waardoor een nieuwe verlening tot ontheffing van de raad nodig is, teneinde wethouder Dijkstra niet verplicht wordt zich nu in de gemeente Gouda te vestigen. De ‘bijzondere gevallen’ worden in de wetgeving niet genoemd noch wordt toegelicht wanneer daar sprake van is.
2
Argumenten
2.1.
In de gemeente wonen wordt van belang geacht. Dat is ook vastgelegd in de wetgeving. De wetgeving biedt evenwel voor wethouders de mogelijkheid om voor de duur van een jaar van de raad ontheffing van de verplichting van ingezetenschap te verkrijgen, welke ontheffing ieder jaar met een jaar door de raad kan worden verlengd.
2.2.
Door de ontheffing van de verplichting van ingezetenschap aan wethouder Dijkstra met een jaar te verlengen, behoudt zij de mogelijkheid op haar huidige adres te blijven wonen.
2.3.
Tot op heden is de ontheffing ieder jaar aan wethouder Dijkstra verleend. De redenen voor een verlenging van de ontheffing zijn gelijk aan de redenen van afgelopen jaar. Bij benoeming op 14 juni 2018 heeft de wethouder laten weten dat zij na haar verhuizing uit Gouda – waar zij bijna 30 jaar heeft gewoond – haar verbondenheid altijd is gebleven. Dit uit zich in vrijwilligerswerk dat de wethouder in Gouda verricht, haar kinderen in Gouda naar school bleven gaan en het feit dat sprake blijft van kerkelijke verbondenheid met de PKN in Gouda. Het hele sociale netwerk van de wethouder bevindt zich in Gouda. Bij haar benoeming heeft de wethouder ook laten weten dat zij zich, met haar gezin, zal bezinnen op wat de volgende stap zou kunnen zijn. Tot op heden heeft dat niet geleid tot
concrete verhuisplannen. De reden daarvoor is dat de fase waarin het gezin zich bevindt (nog 1 thuiswonende dochter) geen natuurlijk moment is voor een keuze voor een toekomstbestendige woning. De wethouder heeft wel de wens terug te keren naar Gouda. Als een gelegenheid zich voordoet, die past bij de wensen, dan zal de wethouder die aangrijpen.
3
Kanttekeningen In maart 2022 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. De ontheffing is derhalve niet per definitie voor een jaar nodig. De wetgeving schrijft echter voor dat de ontheffing voor de duur van een jaar wordt verleend. Om die reden wordt de ontheffing wederom voor de duur van een jaar verzocht.
4
Juridische / financiële gevolgen Gedurende de periode dat de wethouder (nog) niet haar werkelijke woonplaats in de gemeente Gouda heeft, kan de wethouder volgens artikel 3.6 lid 6 onder b van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers aanspraak maken op reiskostenvergoeding voor woonwerkverkeer. Het betreffen de daadwerkelijk gemaakte reiskosten voor woon-werkverkeer gemaakt met het openbaar vervoer of eigen vervoer. Hoewel de wethouder bij ontheffing recht heeft op de reiskostenvergoeding, heeft zij laten weten daar geen gebruik van te maken.
5
Personele / organisatorische gevolgen Aan deze besluitvorming zijn geen personele / organisatorische gevolgen verbonden.