CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel kadernota 2026 - 2029

Raadsvergadering 9 juli 2025, gemeente GoudaBij agendapunt: Besluit Kadernota1.981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

raadsvoorstel afdeling

telefoon

gouda

Financiën

140182

24 juni 2025

zaaknummer

1489072 onderwerp

Raadsvoorstel kadernota 2026 - 2029

Gevraagd besluit Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad van de gemeente Gouda voor te besluiten: 1. De Kadernota 2026 – 2029 vast te stellen en als startpunt te gebruiken voor de programmabegroting 2026-2029. 2. De volgende aanvullende mutaties te verwerken in de begroting 2026 – 2029: a. Het meerjarig financieel effect 2026-2029 van de meicirculaire 2025; b. Het afboeken van het restantsaldo van de stelpost onderuitputting van € 690.000 in 2026 aflopend naar € 653.000 per 2027; c. Ter versterking van de financiële positie/ financiële kengetallen in 2026 en 2027 totaal € 8,5 miljoen beschikbaar te stellen ten gunste van de algemene reserve.

Toelichting Als onderdeel van de PenC-cyclus wordt de Kadernota 2026 voorgelegd. Dit is een belangrijk document, omdat de raad hiermee de beleidsmatige en financiële kaders vaststelt voor de komende begrotingsperiode 2026-2029. Het is een moment van integrale afweging tussen wensen en ambities in relatie tot de beschikbare financiële middelen.

1

Nadere uitleg op gevraagd besluit

De Kadernota 2026 stelt de gemeenteraad in staat door middel van kaderstellende besluiten richting te geven aan het opstellen van de programmabegroting 2026-2029. Voorgesteld wordt de effecten van de meicirculaire 2025 (als begrotingswijziging) te verwerken zoals beschreven in de bijgevoegde memo ‘Effecten meicirculaire Gemeentefonds 2025 voor Gouda’. En daarnaast de structurele afboeking van het restantsaldo van de stelpost onderuitputting en ter versterking van de financiële positie/ financiële kengetallen in 2026 en 2027 totaal € 8,5 miljoen beschikbaar te stellen ten gunste van de algemene reserve.

2

Argumenten

1.1 Vaststelling van de Kadernota is een bevoegdheid van de raad Op basis van de Gemeentewet is de gemeenteraad het bevoegd orgaan voor het vaststellen van de programmabegroting. In het verlengde hiervan is de raad tevens het bevoegd orgaan voor het vaststellen van de Kadernota. 1.2

De programma doelstellingen in de Kadernota zijn opgesteld op basis van het bestuursakkoord

“Geef Gouda Door” In 2022 is het bestuursakkoord vastgesteld. De meerjarige financiële doorvertaling is in de programmabegroting 2023 reeds verwerkt. De doelstellingen uit het bestuursakkoord, die ook de basis vormen van de programmabegroting 2023 e.v., zijn per programma opgenomen in de Kadernota 2026. Per programma zijn de relevante (landelijke) ontwikkelingen opgenomen en is er een doorkijk opgenomen van de onderwerpen die een nadere uitwerking vragen richting de begroting 2026.

2.1 De meicirculaire 2025 heeft betrekking op het financieel perspectief 2026-2029 De effecten van de meicirculaire 2025 worden als begrotingswijziging in de begroting 2026 – 2029 verwerkt, zoals staat beschreven in de bijgevoegde memo: ‘Meicirculaire 2025 gemeentefonds 2025 – effecten voor Gouda’. Daarnaast heet de raad de afgelopen maanden verschillende besluiten genomen die financiële impact hebben op de meerjarenbegroting 2026 – 2029. Deze zijn t/m besluitvorming van 18 juni 2025 verwerkt in het financieel perspectief 2026 – 2029. Op basis van de voorjaarsnota 2025 (van het rijk) komen met deze meicirculaire extra middelen beschikbaar voor Gouda vanwege compensatie van de terugval in het gemeentefonds (ravijnjaar 2026), compensatie voor de tekorten in de jeugdzorg, verzachten van het ingroeipad van de Hervormingsagenda jeugd en de accressen voor loon- en prijsontwikkelingen. Vanaf 2028 is de taakstelling in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd aangescherpt. Dat leidt tot een uitname van middelen uit het gemeentefonds. Voorzichtigheidshalve kan gesteld worden dat het ravijn in 2026 wordt gedempt en doorschuift naar 2028. De extra middelen voor jeugdzorg voor de jaren 2026 en 2027 zijn tijdelijk. Het budget daalt weer fors vanaf 2028 waardoor het onverminderd noodzakelijk blijft om te sturen op beheersing van de kosten voor jeugdhulp en een solide sociale basis.

Vanuit de (te verwachten) inkomsten moeten middelen worden gereserveerd voor loon- en prijscompensatie binnen de gemeentebegroting. Om de indexatie voor Gouda volgens het bestaande beleid te kunnen bekostigen kan € 0,4 miljoen vrijvallen in 2026 en moeten in de jaren daarna bedragen apart worden gezet die oplopen van € 4,4 miljoen in 2027 naar € 5,9 miljoen in 2029. De taakmutaties of oormerken voor Gouda als centrumgemeente worden toegelicht in het memo van de uitkomsten meicirculaire 2025. Per saldo is er sprake van positieve netto-resultaten voor 2025 t/m 2027 en negatieve netto-resultaten voor 2028 en 2029. Een en ander leidt tot het volgende totaaloverzicht. bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

2029

A. Bruto resultaat

-9.042

-15.138

-13.189

-8.243

-6.992

0

-445

4.424

5.391

5.920

4.049

2.761

3.000

3.075

1.431

534

1.072

750

750

750

-4.459

-11.749

-5.016

973

1.110

B. Loon- en prijscompensatie C. Taakmutaties D. Overige bijstellingen E. Netto resultaat (+ = nadeel / last | - = voordeel / baat)

Maatregelen meicirculaire 2025 Een deel van de omslag van de algemene uitkering in 2028 wordt veroorzaakt door een verlaging van het gemeentefonds vanwege de door de gemeenten te heffen eigen bijdrage voor de jeugdzorg en te behalen voordelen in de verkorting van de trajectduur. De provinciaal toezichthouder heeft geadviseerd om hiervoor een compenserende stelpost op te nemen, zodat deze maatregelen budgetneutraal in de begroting kunnen worden verwerkt. Het college geeft opvolging aan dit advies, waarbij de volgende baten worden geraamd. bedragen x € 1.000

2025

2026

Eigen bijdrage jeugdzorg Sturen op trajectduur jeugdzorg Financieel perspectief incl. meicirculaire (+ = nadeel / last | - = voordeel / baat)

2027

2028

2029

-1.039

-1.075

-271

-281

-1.310

-1.355

De bovenstaande mutaties zijn verwerkt in de tabel bij de financiële gevolgen, onderdeel J “uitkomsten meicirculaire 2025 – inclusief maatregelen”.

pagina 2

2.2 Aanvullende financiële ontwikkelingen naast de uitkomsten van de meicirculaire 2025 • Afboeken van het restantsaldo van de stelpost onderuitputting Op basis van de afgelopen positieve jaarrekeningresultaten is bij de begroting 2024 een stelpost onderuitputting begroot van € 1 miljoen. Inmiddels is deze taakstelling voor ruim € 300.000 structureel ingevuld. Het restantsaldo bedraagt € 690.000 in 2026 aflopend naar € 653.000 per 2027. Op dringend advies van de provincie wordt deze stelpost afgeboekt. De nieuwe en verscherpte toezichtregels per begroting 2026 laten het niet meer toe een dergelijke stelpost in de begroting op te nemen. • Budget voor het versterken van de financiële positie/ kengetallen Om te kunnen blijven investeren in de stad is het noodzakelijk om een financieel solide basis te hebben en te behouden. Onderdeel hiervan is de versterking van de financiële kengetallen, waaronder de solvabiliteit. Door het toevoegen van totaal € 8,5 miljoen aan de algemene reserve (€ 5 miljoen in 2026 en € 3,5 miljoen in 2027) stijgt de solvabiliteit met ongeveer 1,2%. Hierdoor wordt per 2026 opbouwend eenmalig € 35 miljoen investeringsruimte mogelijk binnen de kaders van de kengetallen.

Deze mutatie betreft alleen de aanvulling van de algemene reserve, dekking voor de kapitaallasten (afschrijving en rente) gekoppeld aan de nieuw beschikbare investeringsruimte is nog niet begroot.

3

Kanttekeningen

N.v.t.

4

Juridische- / financiële gevolgen

Het actuele financiële perspectief ziet er als volgt uit: Bedragen x € 1.000 A. Startsaldo kadernota B. Algemene financiële ontwikkelingen

2026 -159 1.040

2027 -2.519 -1.180

2028 -2.017 -1.469

2029 -3.225 -846

C. Wettelijke ontwikkelingen/ onontkoombaar

875

875

875

875

D. Overige ontwikkelingen

-312

-791

-537

-836

E. Prognose inkomsten rijk

-1.000

-1.000

-1.000

-1.000

444

-4.615

-4.148

-5.032

75

93

148

75

-254

-582

-557

-549

1.000

1.000

1.000

1.000

F. Saldo na mutaties A t/m E G. Uitvoeringsplan Onderwijshuisvesting 2026-2030 2e tranche IHP -raadsbesluit 18 juni 2025 H. Meerjarenperspectief grondexploitaties 2025 raadsbesluit 18 juni 2025 I. Tegenboeken prognose inkomsten Rijk (is onderdeel van uitkomsten meicirculaire 2025) J. Uitkomsten meicirculaire 2025 – incl. maatregelen

-11.749

-5.016

-337

-245

K. Afboeking restantsaldo stelpost onderuitputting

690

653

653

653

L. Versterking van de financiële positie/ kengetallen

5.000

3.500

M. Geactualiseerde doorkijk kadernota N. Ontwikkelingen + uitwerking moties (o.a. preventie binnen het sociaal domein)*

-4.794

-4.967

-3.241

-4.098

PM

PM

PM

PM

+ = nadeel/ last | - = voordeel / baat) *Zie hiervoor het onderdeel duiding geactualiseerd financieel perspectief

De bovenstaande tabel vindt zijn basis in de kadernota 2026-2029. Regel F is het saldo zoals gepresenteerd in de kadernota 2026-2029. Daaronder zijn de effecten van het raadsbesluit IHP 2e tranche (18-06-2025), meerjarenperspectief grondexploitaties (18-06-2025) en de uitkomsten van de meicirculaire 2025 toegevoegd. Daarnaast stelt het college een aantal financiële mutaties voor (onderdeel K t/m L). Dit betreft het afboeken van het restantsaldo van de stelpost onderuitputting (op basis van kaders provinciaal toezicht) en budget voor de versterking van de financiële positie. De geactualiseerde doorkijk (onderdeel M) laat een positief begrotingsresultaat zien van € 4,8 miljoen in 2026 aflopend naar € 4,1 miljoen in 2029.

pagina 3

Geconcludeerd kan worden dat de uitkomsten van het rijk zorgen voor een onvoorspelbare/ grillige ontwikkeling van de financiën. ▪ Duiding geactualiseerd financieel perspectief De meerjarenraming laat over de gehele periode een structureel positief financieel beeld zien. Mede in samenwerking met de raad is er sprake van een gezonde financiële positie voor de gemeente Gouda. Het college houdt deze gezonde lijn graag vast voor de toekomst. Hoewel het financieel perspectief over de gehele periode positief is, benadrukt het college het belang van een solide financieel beleid. Onzekerheden over het gemeentefonds vanaf 2028, een nieuw kabinet, renteontwikkeling en de algehele economische/ geopolitieke ontwikkelingen blijven een punt van aandacht. Hierdoor is het noodzakelijk een weerbare en wendbare gemeente te (kunnen) zijn. Naast financieel solide beleid biedt het resultaat ruimte om in de komende jaren plannen uit te voeren, die bijdragen aan de fysieke en sociale kwaliteit van onze gemeente. In de Kadernota zijn per programma meerdere ontwikkelingen geschetst waarvoor plannen nog in uitwerking zijn.

Dit betreft bijvoorbeeld het beheerplan groot onderhoud en vervanging, waarmee de infrastructuur en kapitaalgoederen duurzaam onderhouden kunnen worden, diverse nader uit te werken uitdagingen gericht op het toekomstbestendig houden van onze culturele voorzieningen en de (eventuele) effecten van wettelijke ontwikkelingen op bijvoorbeeld dienstverlening en informatieveiligheid. Ook het inzetten van het extra investeringsbudget (voortkomend uit de versterking van de financiële positie) vraagt om structureel budget ter dekking van de kapitaallasten. De raad heeft daarnaast via twee afzonderlijke moties richting gegeven aan het college. Zo is bij het sociaal domein gevraagd om bij eventuele extra middelen te kijken hoe het voorliggend veld kan worden versterkt en wat de financiële impact daarvan zou zijn. De meicirculaire 2025 zorgt incidenteel voor versterking. Voor de begrotingsbehandeling zal het college conform de motie inzicht geven in de mogelijkheden om het voorliggende veld te versterken. Daarnaast is een motie aangenomen waarin wordt verzocht om de maatregelen vanuit het Herfstakkoord op de raadsbrede onderwerpen participatie, circulaire economie en investering toegankelijkheid te heroverwegen. Het oordeel hierover wordt overgelaten aan uw raad.

Tenslotte werkt het college de taakstelling 0,25% verder uit, waarbij de definitieve financiële vertaling zal plaatsvinden in de begroting 2026. Het college acht het van belang met de raad van gedachten te wisselen over koers, prioritering en uitvoering van bovengenoemde plannen. Vanuit het oogpunt van financieel solide beleid, het bevorderen van het maken van een integrale afweging bij de begroting en gegeven de diverse geschetste onzekerheden stelt het college voor om de restantmiddelen in het financieel perspectief beschikbaar te houden. ▪ Woonlastenontwikkeling In de programmabegroting 2026 wordt het perspectief op basis van de uitgangspunten van de kadernota 2026 en de concrete ontwikkelingen verder geactualiseerd. Net als bij de begroting 2025 wordt ook de woonlastenontwikkeling per 2026 bij de programmabegroting 2026 bekeken en aan de raad voorgelegd. De woonlasten worden geïndexeerd op basis van de verwachte prijsontwikkeling conform de meicirculaire 2025 (2,1%), zoals opgenomen in de uitgangspunten voor de begroting 2026.

pagina 4

5

Personele- / organisatorische gevolgen / duurzaamheid / positie mensen met een beperking

N.v.t.

6

Communicatie / interactiviteit

Na besluitvorming door de raad start het college met het opstellen van de programmabegroting 2026 – 2029. Burgemeester en wethouders van Gouda, de secretaris, de burgemeester,

drs. R.C. Bakker

mr. drs. P. Verhoeve

pagina 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=8628c812-8eb3-4208-a6a3-85bd94907d7c