Raadsmemo Uitspraak bestemmingsplan Ridder van Catsweg 683, Gouda
Tekst van het document
memo aan de gemeenteraad aan dossiernummer onderwerp
van datum
de gemeenteraad 5643 Uitspraak voorlopige voorziening bestemmingsplan ‘Ridder van Catsweg 683, Gouda’ het college van burgemeester en wethouders 9 november 2021
memo Op 30 juni 2021 heeft de raad het bestemmingsplan 'Ridder van Catsweg 683, Gouda’ vastgesteld. Het bestemmingsplan en bijbehorende stukken lagen van 15 juli 2021 tot en met 25 augustus 2021 ter inzage. In die periode was er de mogelijkheid beroep in te stellen en een verzoek om voorlopige voorziening in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Beroep Zoals aangegeven in de raadsmemo van 5 oktober 2021 (dossiernummer 5643) is beroep ingesteld door twee partijen, waarvan één partij ook zeven andere personen en een vereniging uit de buurt vertegenwoordigt. Instellen van beroep tegen een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan heeft geen schorsende werking voor dat plan. Wie beroep instelt, kan daarom tegelijk een verzoek om een voorlopige voorziening indienen. Daarvan hebben beide partijen gebruik gemaakt. Voorlopige voorziening Op 12 oktober 2021 heeft de zitting inzake het verzoek om een voorlopige voorziening ten aanzien van het vastgestelde bestemmingsplan plaatsgevonden. De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft uitspraak (ECLI:NL:RVS:2021:2403) gedaan op 29 oktober 2021. Het verzoek om een voorlopige voorziening is toegekend.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat er een spoedeisend belang is bij het treffen van een voorlopige voorziening, aangezien de ontwikkelaar op 30 juni 2021 een aanvraag om een omgevingsvergunning heeft ingediend en deze eerdaags verleend zou kunnen worden. In de uitspraak heeft de voorzieningenrechter een aantal punten aangestipt, dat naar alle waarschijnlijkheid verder behandeld wordt in de bodemprocedure waarin de twee beroepen aan bod komen. 1. Parkeren en mobiliteitsplan Het is de voorzieningenrechter duidelijk dat het bestemmingsplan voorschrijft dat de parkeerbehoefte binnen het plangebied zelf opgevangen moet worden. Wel vraagt hij zich af hoe de deelmobiliteit gewaarborgd wordt. Deelname hieraan is namelijk gebaseerd op vrijwilligheid en niet verplicht. Daarnaast is in het bestemmingsplan niet geborgd dat deze service voor een bepaalde periode beschikbaar wordt gesteld voor bewoners. 2. Groen In de Structuurvisie Groen luidt één van de beleidsregels dat bij planontwikkelingen ten minste 15 procent van het totale projectgebied openbaar groen dient te worden. Daar voldoet het plan ruim aan met de bestemming “Groen”. Maar – zo stelt de voorzieningenrechter – in het bestemmingsplan zelf is niet gewaarborgd dat 15 procent van het plangebied als openbaar groen wordt ingericht en in stand wordt gehouden, bijvoorbeeld met een voorwaardelijke verplichting.
Er kunnen namelijk ook voet- en fietspaden worden aangelegd ten koste van het feitelijk aanwezige groen.
3. Sedumdakbedekking De carports op het parkeerdek worden gerealiseerd met een sedumbedekking. Dit is in de toelichting vermeld, maar het aanbrengen en aangebracht houden ervan is niet gewaarborgd in de planregels. 4. Bezonning Als bijlage is bij de plantoelichting een bezonningsonderzoek gevoegd, dat uitgaat van de lichte TNO-norm. De voorzieningenrechter stelt vast dat er bij dit onderzoek is uitgegaan van een door de architect aangeleverd 3D-model van de nieuwbouw en niet van de maximale mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. 5. Koplampen en lichthinder In het bestemmingsplan is aangegeven dat de lichtuitstraling afkomstig van parkeergelegenheden beperkt wordt door de toepassing van een betonnen wand rondom de parkeervoorziening op maaiveldniveau en de toepassing van een opstaande betonnen rand van ongeveer 1 meter op het parkeerdek. De voorzieningenrechter stelt dat het treffen van dergelijk maatregelen niet is gewaarborgd in de planregels. Vervolg De voorzieningenrechter heeft met de uitspraak de inwerkingtreding van het bestemmingsplan nu opgeschort. Dit betekent dat het nog niet in werking is getreden. Het betekent dus niet dat het bestemmingsplan geen doorgang zal hebben.
Wel is aangegeven dat een aantal punten preciezer omschreven had moeten worden in de regels het bestemmingsplan; ook al zijn ze vastgelegd in de anterieure overeenkomst die met de initiatiefnemer is aangegaan en zijn ze al zo opgenomen in de ingediende aanvraag om een omgevingsvergunning. Maar er is nog geen oordeel geveld over het bestemmingsplan zelf en er ligt dus ook nog geen herstelopdracht van de Raad van State. In de uitspraak is ook aangegeven dat het oordeel van de voorzieningenrechter een voorlopig karakter heeft en niet bindend is in de bodemprocedure. Al met al zijn voor de door de voorzieningenrechter aangesneden punten oplossingen aan te dragen. Op dit moment wordt onderzocht op welke manier dit het beste kan, rekening houdend met hoe het parkeerbeleid en de beleidsregels uit de Structuurvisie Groen in andere ruimtelijke plannen zijn en worden toegepast. Gestreefd wordt naar een eenduidige aanpak, die op korte termijn geëffectueerd kan worden. Het college komt dan ook komende maand bij u terug met een voorstel tot een besluit om de door de voorzieningenrechter aangedragen punten te ondervangen. Dit optimalisatiebesluit zal voorzien in aanpassingen in het bestemmingsplan 'Ridder van Catsweg 683, Gouda’ voor alle vijf punten. Verdere afhandeling beroepen Er is nog geen datum voor een zitting over de twee ingediende beroepen bekend.
Tijdens de zitting over de voorlopige voorziening heeft de voorzitter al wel aangegeven dat een zitting dit jaar er niet meer in zit. De inschatting is dat die zal zijn in het eerste kwartaal van 2022. De raad wordt van het verdere verloop van de procedures ten aanzien van het beroep op de hoogte gehouden.
pagina 2