Raadsmemo reactie college op rekenkamerrapport Duurzaamheid.pdf
Tekst van het document
memo aan de gemeenteraad aan dossiernummer onderwerp
de gemeenteraad 4820 Reactie college op rekenkamerrapport Duurzaamheid - update
van datum
het college van burgemeester en wethouders 9 maart 2021
memo In zijn raadsmemo van 14 juli 2020 (kenmerk 4176) heeft het college een eerste reactie gegeven op de Nota van bevindingen Kansen voor Duurzaamheid in Gouda van de Rekenkamer Groene Hart die op 4 juni 2020 is aangeboden aan de raad. Omdat de raad het rapport binnenkort wil bespreken, biedt dit raadsmemo naast een korte samenvatting van de bevindingen, een actuele stand van zaken. Duurzaamheid in de gebouwde omgeving Doelstelling van het onderzoek van de Rekenkamer Groene Hart was om inzicht te krijgen in de wijze waarop het duurzaamheidsbeleid in de gemeente is vormgegeven en of de uitvoering effectief en efficiënt is. Het onderzoek richtte zich op duurzaamheidsambities en doelstellingen in de gebouwde omgeving. Er is gekeken naar de thema’s energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, duurzame mobiliteit en biodiversiteit. Het onderzoek is door SME uitgevoerd voor de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas door middel van bureaustudie en interviews. De onderzoeksdoelstelling is onderzocht aan de hand van drie deelvragen: 1. Hoe is het duurzaamheidsbeleid inhoudelijk en procesmatig vormgegeven? 2. Waar staat de gemeente met betrekking tot de realisatie van doelen en ambities? 3.
Op welke manier wordt intern en extern samengewerkt aan de realisatie van doelen en ambities? Welke rol hebben de gemeenteraad, de gemeente en partijen in de samenleving? Conclusie rekenkamercommissie De Groene Hart Rekenkamer concludeert dat de mate waarin het integraal duurzaamheidsbeleid in de gemeente Gouda effectief en efficiënt is, voldoende kan worden beschouwd. Gouda heeft geen overkoepelend duurzaamheidsbeleid (meer), maar het duurzaamheidsbeleid is geïntegreerd in elk beleidsveld. De procesmatige vormgeving is in orde, er worden veel partijen betrokken bij zowel het opstellen en de concrete invulling van beleid (doelen & aanpak) als bij de uitvoering. De gemeente werkt samen met de samenleving en heeft door open communicatie vertrouwen opgebouwd. Er is bereidheid bij inwoners en bedrijven om (samen) te werken aan duurzaamheid. De gemeenteraad stelt zich actief en betrokken op. Gouda heeft voor het thema klimaat de opgave en kwetsbaarheden al in beeld en de uitvoeringsagenda al klaar, eerder dan de landelijke planning. Circulaire economie en duurzame mobiliteit lopen goed. Op het thema biodiversiteit is nog een slag te maken. Op het gebied van participatie lijkt er een verschil in verwachtingen. Er zijn veel initiatieven vanuit de samenleving en de gemeente biedt kans aan veel mensen om mee te denken en mee te doen.
Uit het onderzoek ontstaat het beeld dat er sprake is van ‘naast elkaar aan hetzelfde doel werken’ en dat er vanuit de gemeente geen ruimte en/of behoefte is aan ‘gezamenlijk aan hetzelfde doel werken’. Vanuit de samenleving is hier bij enkele partijen wel behoefte aan.
Reactie college In zijn eerste reactie heeft het college aangegeven blij te zijn dat de rekenkamer ook constateert dat er geen centraal duurzaamheidsbeleid nodig is om uitvoering te geven aan duurzaamheid. Duurzaamheid en participatie zijn in Gouda in de verschillende organisatieonderdelen geborgd. De rekenkamer waardeert dit als voldoende. De raadsprogramma’s Energietransitie en Klimaatadaptatie worden ook positief gewaardeerd, net als de betrokkenheid van veel partijen bij het opstellen en invullen van beleid en uitvoering. Het college denkt alleen anders over de waardering van de inzet op biodiversiteit. Dit wordt toegelicht bij de betreffende aanbeveling. Hieronder volgt een puntsgewijze reactie van het college op de aanbevelingen van de rekenkamercommissie die aan gemeenteraad en college samen zijn gedaan (1 t/m 3), en aan het college alleen (4 en 5). 1. Behoud ook tijdens de komende versnellingsjaren de koppositie. Behoud de huidige borging van duurzaamheid in alle beleidsvelden, maar zorg voor een overkoepelend ‘dashboard’, waarin de ambitie en voortgang op alle duurzaamheidsthema’s in beeld gebracht is en waarin zichtbaar is hoe lange-termijn-ambities vertaald zijn naar de huidige bestuursperiode. Deze aanbeveling heeft vorm gekregen in een visueel overzicht, conform de motie Dashboard Duurzaam Gouda van 19 februari 2020.
Op 13 januari 2021 is een eerste opzet van dit dashboard in de raadscommissie Stad besproken en zijn enkele aanscherpingen voorgesteld. Een eerste nieuwe versie van het dashboard wordt in het tweede kwartaal van 2021 bij de jaarstukken 2020 aan de raad aangeboden. 2. Stel kaders op voor behoud en versterken van biodiversiteit. Biodiversiteit (gevarieerdheid, stabiele ecosystemen, inheemse soorten, verbinding met omliggende natuurgebieden, etc.) kan versterkt worden door hier specifieke doelstellingen voor te formuleren en de juiste omstandigheden te bevorderen. Zoals aangegeven in zijn eerste reactie is het college van mening dat er meer gebeurt op het gebied van biodiversiteit dan het onderzoek liet zien. Het behouden en versterken van biodiversiteit krijgt op meerdere manieren vorm in beleid en beheer. Het college laat een samenvatting maken van de inzet, zodat deze beter zichtbaar wordt. In de raadswerkgroep Klimaatadaptatie van 18 januari 2021 is een eerste presentatie hiervan gegeven. In samenspraak met de raadswerkgroep wordt bekeken welke verdere inzet nodig is gezien de kansen en knelpunten op het gebied van biodiversiteit. Het bestaande beleid van de gemeente biedt de kaders voor ecologische maatregelen gericht op het behouden en versterken van de biodiversiteit.
In het Groenstructuurplan 2007-2015, de Bomenverordening 2010 en het Kwaliteitsplan Openbare Ruimte spelen het verhogen van de biodiversiteit en kiezen voor inheemse beplanting een grote rol. Het creëren van kansen voor natuurontwikkeling wordt bij ontwikkelingen in de stad in de afweging meegenomen. Zo wordt bij de keuze van nieuwe bomen ook gekeken naar de waarde voor de biodiversiteit. Met de Structuurvisie Groen (2019) wordt stevig ingezet op meer groen in de stad, waardoor ook de kansen voor biodiversiteit toenemen. Daarnaast verbetert de gemeente deze bestuursperiode de kwaliteit van het bestaande groen, dat meer kansen voor de biodiversiteit biedt. Ook in de klimaatadaptatiestrategie is een van de doelstellingen om de biodiversiteit en ecosystemen te versterken. Dit gebeurt onder andere door voorlichting te geven en het stimuleren van groenblauwe daken en tuinen. Samen met organisaties als KNNV, IVN en Stichting Steenbreek werkt de gemeente aan kansen voor de biodiversiteit. Ook de Groenalliantie werkt in het programma Kwaliteitsimpuls met gebiedspartners aan het versterken van recreatie- en natuurwaarden in haar beheergebieden. Het verhogen van de biodiversiteit is een van de expliciete doelstellingen. Daarnaast heeft ook het programma Veenweiden Gouwe Wiericke, waar gemeente Gouda deel van uitmaakt, als speerpunt een sterkere, gebiedseigen, biodiversiteit.
Het grootste gedeelte van de Goudse bermen wordt ecologisch beheerd door middel van verschralingsbeheer. Daarnaast liggen er vele kilometers aan ecologische oevers door de stad en bieden vlinderranden waardplanten aan voor vlinders en zijn daarnaast een belangrijke nectarbron.
pagina 2
Door de jaren heen zijn vele gemeenten en organisaties in Gouda op bezoek geweest om kennis te maken met het ecologisch beheer in Gouda. Daarnaast heeft Gouda verschillende prijzen gewonnen op het gebied van ecologisch beheer. Een van de resultaten van deze inzet is dat Nederland Zoemt, een project van het IVN en Natuur & Milieu, Gouda heeft uitgeroepen tot bijvriendelijke gemeente. 3. Blijf je richten op participatie. Dit is van groot belang om de hele samenleving energieneutraal, klimaatbestendig en circulair te krijgen. Het college herkent het beeld dat er soms sprake is van ‘naast elkaar aan hetzelfde doel werken’ en de behoefte aan ‘gezamenlijk aan hetzelfde doel werken’. Vanuit het raadsprogramma Energietransitie wordt bekeken hoe het contact en de samenwerking met verschillende partijen versterkt kan worden. Inwoners moeten de energietransitie concreet invulling geven. Daarom is er een uitgebreid participatietraject, op stad- en op wijkniveau, en regelmatig contact met bewonersinitiatieven en -coöperaties. Bij klimaatadaptatie heeft de gemeente een grote rol en krijgt participatie ook een andere invulling. Voor het opstellen van het beleid is er een risicodialoog gevoerd met stakeholders en bewoners. Bij de herinrichting van een straat bij riolerings- en ophoogprojecten worden de bewoners altijd betrokken.
De wijze waarop gemeente de dialoog aangaat met bewoners in de binnenstad in het project Stevige Stad is aangeprezen als impactproject vanuit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Met Groen-moet-je-doen en Grijs-wordt-groen stimuleert de gemeente initiatieven van inwoners op het gebied van groen en biodiversiteit. In de samenwerking met Duurzaamheidsplatform Gouda en vanuit Groene Hart Werkt! is er bij bedrijven steeds meer aandacht voor circulariteit. Bedrijven en organisaties zullen hun bedrijfsvoering moeten aanpassen. De gemeente informeert, motiveert en verbindt. 4. Bespreek vooraf met de samenleving en de ambtelijke organisatie wanneer resultaten een succes zijn. Bijvoorbeeld wanneer duurzame energie opwekken voldoende is en waar dat aan moet voldoen. Het college erkent dat er meer aandacht kan worden besteed aan het formuleren van concrete resultaten voor de uitvoering van beleid. Voor biodiversiteit wordt hierover gesproken met de raadswerkgroep Klimaatadaptatie, zoals toegelicht bij punt 2. Verder zijn vanuit de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie concrete, inspirerende voorbeelden opgesteld voor inwoners en bedrijven. Op de klimaatpagina van Maak Gouda Duurzaam en sociale media kunnen zij zien wat zij concreet kunnen doen om wateroverlast en hittestress te verminderen.
Ook voor de energietransitie worden goede voorbeelden verzameld zodat inwoners meer handelingsperspectief krijgen. Daarbij zullen de regionale energiestrategie en de transitievisie warmte de eerste richting geven aan de stappen die in Gouda worden gezet om van aardgas over te gaan naar duurzame manieren van verwarmen en koken. 5. Richt je voor de volgende versnelling op de ruimtelijke inpassing van energiemaatregelen in relatie tot een toekomstbestendige gemeente met voldoende groen, bedrijvigheid, mobiliteit etc. Bij de ontwikkeling van de Omgevingsvisie is de wisselwerking tussen onder- en bovengrond een aandachtspunt. De beschikbare ruimte in de ondergrond en het type ondergrond bepaalt mede de mogelijkheden van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting boven de grond. Naast duurzaamheidsopgaven zoals energie, klimaat en biodiversiteit zijn onder meer ook ruimtelijke kwaliteit, economie, gezondheid en bereikbaarheid van belang bij de afweging over de ontwikkeling en inrichting van de stad.
pagina 3