CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsmemo Re-integratieofficier

Commissie Samenleving 31 januari 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Beeldvorming: agenderingsverzoek re-integratieofficier (RIO)1.711 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

memo aan de gemeenteraad aan dossiernummer onderwerp

van datum

de gemeenteraad 7884 Re-integratieofficier het college van burgemeester en wethouders 23 januari 2024

memo Aanleiding Landelijke cijfers en ook de Goudse praktijk laten zien dat de kans op recidive van ex-gedetineerde jonge inwoners, die geen gerechtelijke verplichting tot reclassering of taakstraf opgelegd hebben gekregen, groot is. Vaak vallen ex-gedetineerden binnen een tijdsbestek van enkele dagen tot weken terug in het oude patroon door terugkeer in de oude sociale omgeving. In Dordrecht heeft men daarom, in samenwerking met het ministerie van Justitie en Veiligheid, een zogenaamde reintegratieofficier (RIO) aangesteld. Een RIO heeft een coachgerichte aanpak in de begeleiding van jongvolwassenen die uit detentie komen. De RIO richt zich op de doelgroep 18-27 jaar en brengt de behoefte van de jongvolwassene in kaart op vijf leefgebieden - wonen, regelzaken, zorg, financiën en schulden- en werkt samen om een stabiele basis te creëren. Ook neemt de RIO al contact op met de gedetineerde (zonder opgelegde reclassering) tijdens de detentie. Dit met als doel een vertrouwensband op te bouwen om na vrijlating zo snel mogelijk contact op te kunnen nemen, hierin te investeren en zo terugval in criminele patronen te voorkomen. Op verzoek van verschillende raadsfracties wordt op 31 januari een beeldvormende raadbijeenkomst georganiseerd over re-integratie en de functie van RIO.

Dit met als doel de raad te informeren hoe het ervoor staat met de re-integratie in onze stad in de breedste zin en tevens te vernemen welke mogelijkheden er zijn om de geschetste problemen met recidive aan te pakken, bijvoorbeeld door middel van een re-integratieofficier. In voorbereiding op deze beeldvormende raadsbijeenkomst is voorliggend raadsmemo opgesteld waarin, zoals door de raad gevraagd, in ieder geval antwoord wordt gegeven op de volgende vragen:

1. Algemeen beeld ex-delinquenten binnen Goudse invloedsfeer (wonen, delictplaats etc.), inclusief rol/wettelijk kader voor de gemeente 2. Wat doet Gouda op het gebied van re-integratie voor (jonge) ex-gedetineerden met en zonder verplichting tot reclassering? 3. Hoe wordt de rol van re-integratieofficier in Dordrecht en andere steden ingevuld, en wat zijn daar de bevindingen? De gemeente heeft een regiefunctie in de nazorg van ex-gedetineerden, zowel voor 18- als voor volwassenen. In Gouda is het overgrote gedeelte van de nazorg belegd bij het Zorg- en Veiligheidshuis. Voor minderjarige ex-gedetineerden zijn in de afgelopen jaren verschillende wetswijzigingen en samenwerkingsstructuren doorgevoerd die invloed hebben op de uitvoering van de nazorg voor jeugdigen. Naar aanleiding van deze veranderingen ontstond behoefte aan een vernieuwde handreiking om te kunnen komen tot goede regionale en lokale werkafspraken rondom de nazorg van jeugdigen, waarin tevens de taken en verantwoordelijkheden van de verschillende betrokken partijen zijn te raadplegen. Op dit moment vindt een evaluatie plaats van dit werkproces en wordt er tevens gekeken naar een juiste borging van de regionale samenwerkingsafspraken. In deze memo wordt daar niet verder op ingegaan.

Algemeen beeld ex-delinquenten binnen Goudse invloedsfeer inclusief rol/wettelijk kader voor de gemeente Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), de reclassering en gemeenten dragen samen de verantwoordelijkheid in het re-integratieproces. Samen willen zij voorkomen dat (ex-)gedetineerde inwoners na detentie in herhaling vallen door hen zo goed mogelijk voor te bereiden op de terugkeer in de samenleving. Deze maatschappelijke opgave is op 1 juli 2019 landelijk vastgelegd in het bestuurlijk akkoord ‘Kansen bieden voor re-integratie’, in aanvulling op het Plan van Aanpak nazorg ex-gedetineerden uit 2004. Kern van dit bestuurlijk akkoord is dat bij aanvang van de detentie, DJI, de betreffende gemeente, de gedetineerde en waar nodig de reclassering vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid samenwerken aan het detentie-en re-integratietraject. Beeld Gouda In de gemeente Gouda stromen doorgaans minder gedetineerden uit dan het landelijk gemiddelde, zoals te zien is in Grafiek 1. De cijfers van 2022 zijn nog niet meegenomen in dit beeld. De cijfers over 2023 worden Q3 2024 verwacht.

Grafiek 1. Uitgestroomde gedetineerden per 10.000 inwoners in Gouda en Nederland, 2018-2021 (Bron: DJI)

De cijfers geven de uitstroom weer van volwassen gedetineerden (18+) waarvan bij DJI bekend is dat zij legaal in Nederland verblijven en terugkeren naar een Nederlandse gemeente. In onderstaande diagram is de totale uitstroom over de jaren heen voor Gouda weergegeven.

pagina 2

Diagram 1. Uitstroom Gouda 2018 t/m 2022 (Bron: DJI)

Volgens het DJI komt in Nederland bijna de helft van de ex-gedetineerden binnen twee jaar weer in aanraking met Justitie. Drie op de tien belandt binnen twee jaar opnieuw in de cel. Volgens de laatste cijfers van het DJI over 2021 ligt het aantal gedetineerden uit Gouda dat meerdere malen is uitgestroomd onder het landelijk gemiddelde. Het betreft 5% voor Goudse gedetineerden ten opzichte van 12% landelijk. In 2020 was deze verhouding 16% van de Goudse gedetineerden ten opzichte van 11% landelijk. De gemiddelde detentieduur in Gouda ligt 33% hoger dan het landelijk gemiddelde. Er is geen aanwijsbare oorzaak van de daling zoals hierboven genoemd. Ook is nog onduidelijk of de geschetste daling na 2021 doorzet. De leeftijdsverdeling in Gouda wijkt volgens de meest recente cijfers af van het landelijk gemiddelde (Diagram 2). Gouda heeft ongeveer twee keer zoveel uitgestroomde gedetineerden in het leeftijdscohort 18-27. De grootste groep uitgestroomde gedetineerden bestaat zowel in Gouda als landelijk uit personen die ouder zijn dan 27 jaar. De afgelopen jaren is eenzelfde beeld te zien.

Diagram 2. Leeftijdsverdeling van in 2021 uitgestroomde gedetineerden in Gouda, naast het landelijk gemiddelde (Bron: DJI)

Wat doet Gouda op het gebied van re-integratie voor (jonge) ex-gedetineerden met en zonder verplichting tot reclassering? De coördinatie van nazorg van volwassen ex-gedetineerden (18+) in de gemeente Gouda is belegd bij het Zorg & Veiligheidshuis (ZVH). Ex-gedetineerden met een verplichting tot reclassering hebben deze verplichting door een rechter opgelegd gekregen in hun strafrechtelijke uitspraak. Wanneer dit niet het geval is, is reclassering altijd vrijwillig. Deze kan dus ook geweigerd worden door een exgedetineerde. In tweewekelijkse besprekingen wordt per geval besproken of gedetineerden zorg behoeven op een van de vijf leefgebieden. In deze bespreking wordt bijvoorbeeld ook bepaald of een bezoek aan de dan nog gedetineerde in de penitentiaire inrichting nodig is voor verdere uitvraag van een eventuele zorgbehoefte. Het ZVH betrekt hierbij relevante partners als GGD, Exodus en de gemeente en coördineert hierbij (het in gang zetten van) de gewenste ondersteuning. Vanuit de gemeente zijn hierbij de procesregisseur van Veiligheid & Wijken en een regisseur van het Multidisciplinair team betrokken. Zij zorgen voor het doorzetten van de behoeftevraag naar de juiste afdeling binnen de gemeente. De procesregisseur V&W blijft enkel in beeld wanneer ex-

pagina 3

gedetineerden een veiligheidsrisico vormen voor hun omgeving. Verder is vanuit de gemeente een zogeheten ‘doorbraakbudget’ beschikbaar waar ex-gedetineerden financiële hulp kunnen krijgen voor bijvoorbeeld benodigd vervoer voor werk of het aanvragen van een ID-bewijs. Binnen de gemeente is ook de stadsmarinier actief op het gebied van nazorg. In het geval van zware criminelen kan hij op verzoek van het ZVH langsgaan in de PI om contact te leggen met de betreffende gedetineerde. Op deze wijze kan hij in een vroeg stadium het proces starten om in de eventuele nazorgbehoefte te voorzien. Belangrijk om te benoemen is dat er momenteel een herziening is van het nazorgproces binnen het ZVH.

Hoe wordt de rol van re-integratieofficier in Dordrecht en andere steden ingevuld, en wat zijn daar de bevindingen? Het team Aanpak Criminaliteitsfenomenen (ACF) van het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft een dadergerichte aanpak ontwikkeld met als doel (herhaal) daderschap en jonge criminele aanwas te voorkomen. Hiertoe zijn een aantal interventies ontwikkeld. Eén van deze interventies is de RIO. De RIO werkt aan twee kerntaken: 1) jongeren (18- 27 jaar) die uit detentie komen ondersteunen en perspectief bieden, zodat ze niet terugvallen in de criminaliteit, en 2) een bindende factor zijn tussen alle partners die zich bezighouden met re-integratie. In meerdere gemeenten wordt inmiddels gewerkt met een RIO. Zo zijn er RIO's actief in onder andere Dordrecht en Utrecht. In Dordrecht vallen de werkzaamheden van de RIO direct onder de burgemeester. Om een goede samenwerking te borgen is de functie van RIO wel ondergebracht bij het ZVH. De RIO van Dordrecht zal 31 januari aanwezig zijn en zijn werkzaamheden en resultaten in de raadssessie verder toelichten. In Utrecht zijn sinds 6 maanden drie RIO’s en een projectleider actief. Zij worden ingezet op een jaarlijkse uitstroom van 700-800 gedetineerden. In Utrecht is ervoor gekozen de RIO’s bij de gemeente te positioneren, onder andere voor de gewenste korte lijnen. De Utrechtse RIO’s hebben een case load van 15-20 per jaar.

(Dit sluit aan bij de verwachte maximale caseload in het programma van het Ministerie van Justitie en Veiligheid). Naast de doelgroep 18-27 jaar richten de RIO’s zich hier ook op ex-gedetineerden die plofkraken hebben gepleegd. Hiermee wordt ook de mogelijkheid tot gemeentelijk maatwerk getoond.

Invulling nazorg ex-gedetineerden in gemeente Leiden De nazorg van ex-gedetineerden in gemeente Leiden is belegd bij het ZVH. Vanuit de gemeente zijn hierbij de regisseur radicalisering en de regisseur nazorg betrokken. In Leiden verloopt het proces rondom de nazorg naar verwachting. Daarbij wordt, met behulp van de Van der Staaij-gelden, zo vroeg mogelijk en gericht ingezet op het versterken van de sociale cohesie. Dit in samenwerking met onder andere Exodus Leiden en het Leger des Heils. Het beeld is dat dit de slagingskans van de nazorg verhoogt. Er is vanuit de gemeente Leiden strakke regie op dit proces. Een RIO wordt in Leiden niet overwogen wegens de effectiviteit van de gekozen werkwijze. De werkwijze van Leiden is op hoofdlijnen vergelijkbaar met die van Gouda.

Tot slot Vanuit meerdere gemeenten wordt meegegeven dat het tijd kost voordat resultaten van de inzet van een RIO zichtbaar worden en dat het succes sterk afhangt van de positionering, de bekendheid binnen en buiten de organisatie en de inrichting van processen. Denk bij dit laatste aan het versneld aanvragen van een uitkering, maar ook ‘out of the box’ oplossingen zoals het helpen financieren van een scooterreparatie voor vervoer naar werk. De inzet van een RIO is een onderdeel van een brede aanpak op het voorkomen van recidive voor zowel de gemeente- als de justitiële kant waarbij in de volle breedte moet worden bekeken wat effectief is.

pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=079f444c-6723-446c-b7c1-5a9dedb9d23b