CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Plan van aanpak Transitie omgevingsplan

Raadsvergadering 23 oktober 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Omgevingsplan Gouda: transitie en uitgangspunten: GEAMENDEERD4.849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuurlijke opdrachtgever

Jan-Kees Oppelaar

Ambtelijke opdrachtgever

Jacqueline van Galen

Projectleider

Latoija Ponsioen

Projectteam

Petra Gerritsma Margot Quist Remco Schutte Paul Rausch Tijmen Weerheijm Rokus Groeneveld Beschier Grisnich Geert van der Leest

Datum

9 juli 2024

Versie

definitief

pagina 2

Inhoud Inleiding

4

Doel

4

Projectomschrijving

5

2.1

Probleemomschrijving

5

2.2

Afbakening: randvoorwaarden en uitgangspunten

5

2.3

Beoogd resultaat

6

Werkwijze aanpak

6

1.1

3.1 Strategie 3.1.1 Nieuwe ontwikkelingen ’De winkel blijft open’ 3.1.2 Gebiedsgericht verhuizen van tijdelijke omgevingsplan naar definitief omgevingsplan 3.1.3 Thematisch verhuizen van verordeningen en beleid

6 7

3.2 3.2.1

Planning & indeling Monitoring en evaluatie.

8 8

3.3

Mijlpalen en beslismomenten

10

Projectbeheersing

11

4.1

Organisatie

11

4.2 4.2.1

Rollen Verantwoordelijkheden en taken kernteam

12 12

4.3

Overlegstructuren

13

4.4 4.4.1

Communicatie Draagvlak en betrokkenheid raad

14 14

4.5 4.5.1

Budget en kosten Kosten

15 15

4.6

Risico’s

16

7 7

3

Inleiding Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden en heeft de gemeente Gouda één omgevingsplan van rechtswege. Dit is een tijdelijk omgevingsplan dat bestaat uit: bestemmingsplannen, gedecentraliseerde rijksregels (Bruidsschat regels 1) en regels voor o.a. milieu, archeologie en monumenten uit de verordeningen (een deel van de bestaande verordeningen op gebied van fysieke leefomgeving). In de periode van 2024 tot en met 2032 moet het tijdelijke omgevingsplan worden omgezet in een omgevingsplan dat voldoet aan de eisen uit de Omgevingswet (iplo, 2023)2. Figuur 1 illustreert op een schematische wijze de transitie. In het uiteindelijke omgevingsplan moeten ook regels uit de verordening fysieke Leefomgeving worden opgenomen. Deze transitiefase3 is een flinke opgave en vraagt om sturing en duidelijkheid op inhoud en proces.

gemeente Gouda kan maken om te komen tot één omgevingsplan. Het plan van aanpak bevat minimale handvatten om te komen tot een concrete uitwerking (Dit procesvoorstel is besproken tijdens een werksessie met de raad op 6 april 2022). Ondanks dat 2032 nog ver weg lijkt, vindt de gemeente Gouda het belangrijk om een langere termijn visie en planning te hebben. Ook is er een behoefte aan een concrete vertaalslag van het plan van aanpak Omgevingsplan. In dit transitieplan wordt hier nader op in gegaan.

1.1 Doel Concrete richting geven aan de transitiefase om te komen tot één gebiedsdekkend omgevingsplan ‘Nieuwe stijl’ dat voldoet aan de eisen van Omgevingswet.

Dit plan van aanpak is een dynamisch document en is niet in beton gegoten. Zowel de wet als het Omgevingsplan zijn complexe materie. In de loop van de tijd zullen nieuwe inzichten en informatie leiden tot aanscherpingen/ aanpassingen van het plan van aanpak.

Figuur 1 Schematische weergave transitiefase omgevingsplan Bron: Transitieplan gemeente Krimpenerwaard.

Bureau Beeck heeft in opdracht van de gemeente Gouda een plan van aanpak Omgevingsplan Gouda opgesteld. Deze aanpak bevat acties op hoofdlijnen, globale procesplanning en omschrijft keuzes die de 1 Bruidsschat regels: De bruidsschat bestaat uit ongeveer 600 regels uit het huidige Activiteitenbesluit, Bouwbesluit en het Besluit omgevingsrecht (Bor). De regels hebben betrekking op een grote diversiteit aan onderwerpen, zoals horeca, detailhandel, recreatie, lozingen, emissies van geluid, geur en trillingen door bedrijven en bouwen. (VNG, De Bruidsschat, 2023 )

2 Iplo: Informatiepunt leefomgeving 3 Transitiefase: De transitiefase is van 2024 tot het moment dat het tijdelijk omgevingsplan vervalt. Vooralsnog is dit 2032. (VNG, 2023)

4

Projectomschrijving In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het probleem, afbakening en het doel van het project. Dit is de start en tevens de basis van het project. Duidelijkheid in deze drie basiselementen van het plan van aanpak zorgt voor duidelijkheid en focus in het project.

2.1 Probleemomschrijving De Omgevingswet vormt een contrast met de systematiek van bestemmingsplannen en sectoraal beleid en vraagt om een andere denk- en werkwijze binnen de ambtelijke organisatie. De Omgevingswet gaat uit van een integrale gebiedsbenadering waarbij een veilige, gezonde fysieke leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit centraal staat. Er wordt niet meer getoetst aan een goede ruimtelijke ordening, maar aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hiermee is het omgevingsplan niet alleen een opgave van de planologen en juristen, maar ook van beleidsadviseurs van andere afdelingen. Naast een andere manier van denken en werken is het ook de opgaaf om binnen de nieuwe systematiek van het Omgevingsplan te werken. De huidige regels zijn vanuit rechtswege in het tijdelijk deel van het omgevingsplan gezet en moeten voor 2032 een plek krijgen in het Omgevingsplan. De integrale denk- en werkwijze en de nieuwe systematiek van het Omgevingsplan zorgt de komende jaren voor een complexe uitdaging.

Concreet zijn de uitdagingen: Een keuze te maken tussen wat beleidsneutraal overgezet kan worden van het tijdelijke deel naar de nieuwe indeling en wat 'moet wachten’ omdat er nieuwe (integrale) beleidskeuzes gemaakt moeten worden; Een keuze te maken tussen wat gebiedsgericht ingevuld wordt, waar een thematische invulling meer voor de hand ligt of waar een mix de beste aanpak is; Nieuw beleid met ruimtelijke componenten direct te vertalen in planregels zodat dit makkelijk ‘ingeplugd’ kan worden in het Omgevingsplan (Hier wordt verder op ingegaan in paragraaf 3.2);

-

-

Het opbouwen van inhoudelijke kennis en organiseren van nieuwe werkprocessen op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau waarbij er geleerd kan worden en er ruimte is voor voortschrijdend inzicht; De keuzes zodanig te maken dat er voldoende ambtelijke capaciteit beschikbaar is en ruimte voor de benodigde bestuurlijke afwegingen en participatie van zowel de raad als inwoners en andere stakeholders terwijl de deadline van 2032 wordt gehaald.

2.2 Afbakening: randvoorwaarden en uitgangspunten Er zijn verschillende randvoorwaarden en uitgangspunten waar rekening mee gehouden moet worden. Sommige randvoorwaarden en uitgangspunten vloeien voort uit de Omgevingswet en dienen 1-op-1 overgenomen te worden. Daarnaast zijn er ook uitgangspunten en randvoorwaarden waar de gemeente een keuze in kan maken. Op 5 maart 2019 heeft de raad bestuurlijke uitgangspunten implementatie Omgevingswet vastgesteld. Hierin zijn de volgende uitgangspunten voor het omgevingsplan vastgesteld: a) We gaan waar nodig en wenselijk voor versoepeling en deregulering van onze lokale regelgeving en beleid; b) Met de pilot GoudAsfalt (en hierop volgende pilots/gebiedsgerichte aanpakken) werken we toe naar het omgevingsplan. Vervolgens heeft Bureau Beeck in 2023 een eerste opzet voor keuzes en uitgangspunten voor het omgevingsplan opgesteld. Samen met het plan van aanpak zijn deze te maken keuzes en uitgangspunten voorgelegd in het PFO Bouwen, Wonen en Omgeving d.d. 17 maart 2023. De te maken keuzes, uitgangspunten en het plan van aanpak zijn voor ter kennisgeving aangenomen. De gemeenteraad is het bevoegd gezag voor het vaststellen van het omgevingsplan. Hiermee moeten dus alle omzettingen van het tijdelijke omgevingsplan naar het nieuwe omgevingsplan door de raad worden vastgesteld.

Om dit proces in goede banen te leiden, rekening houdend met de uitdagingen beschreven in paragraaf 2.1, zijn randvoorwaarden en uitgangspunten geformuleerd. Gelet op de rol van de raad is ervoor 5

gekozen de uitgangspunten en randvoorwaarden in Q3, 2024 ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad.

Tabel 1 Schematische weergave van sporen

Sporen

2.3

Beoogd resultaat

1.

Een gebiedsdekkend Omgevingsplan voor 2032 dat voldoet aan de eisen van de Omgevingswet en aanpasbaar en raadpleegbaar is in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).

Werkwijze aanpak Vanwege de complexiteit en omvang is het in één keer opstellen van een definitief omgevingsplan dat aan alle inhoudelijke en technische eisen voldoet is een onmogelijke opgave. Daarom gaat de gemeente Gouda aan de slag met een gefaseerde aanpak om zo te komen tot een gebiedsdekkend omgevingsplan dat voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Ondertussen blijft de gemeente ruimtelijke initiatieven faciliteren.

3.1

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen ‘De winkel blijft open’

2.

Gebiedsgericht verhuizen van tijdelijk omgevingsplan naar omgevingsplan ’nieuwe stijl’

3.

Thematisch verhuizen van verordeningen en beleid

Begeleiden van ruimtelijke initiatieven d.m.v. bopa’s4 en TAM-IMRO5. Bopa’s en TAM-IMRO besluiten beheren en verwerken in omgevingsplan. Ruimtelijke regels omgevingsplan opstellen Bruidsschat overzetten. Opnemen of wijzigen.

Integratie van autonome verordeningen Nieuw (of aanpassing van) beleid vertalen door middel van regels, verbeelding en indien nodig voorschriften. Bruidsschat overzetten. Opnemen of wijzigen.

Strategie

Om tot een volwaardig omgevingsplan te komen, werken we in sporen. Deze sporen kunnen parallel langs elkaar lopen. In tabel 1 is een globaal overzicht van de sporen.

4 Bopa: Buitenplanse omgevingsplan activiteit. Als een activiteit in strijd is met het

omgevingsplan kan er een bopa procedure worden gevolgd. Met deze procedure wordt er afgeweken van het omgevingsplan.

5

TAM-IMRO procedure een Tijdelijke alternatieve Maatregel voor het wijzigen van het omgevingsplan, waarbij gebruikt wordt gemaakt van dezelfde techniek als onder de Wro.

6

3.1.1 Nieuwe ontwikkelingen ’De winkel blijft open’ Tijdens de opbouw van het gebiedsdekkend omgevingsplan worden ruimtelijke initiatieven mogelijk gemaakt. Dit kan gefaciliteerd worden door bopa’s of door een TAM-IMRO procedure. Bopa’s Voor de meeste initiatieven waarbij wordt afgeweken van het omgevingsplan is de omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, hierna: bopa een geschikt middel. Door middel van deze procedure kan in beginsel binnen 8 weken plus 6 weken een besluit worden genomen. Bij de bopa procedure worden alleen de activiteiten en regels gewijzigd waarop het initiatief van toepassing is. De bopa moet uiteindelijk worden verwerkt in het omgevingsplan. Dit is wettelijk verplicht. Een wijziging van het omgevingsplan is altijd nodig om een of meerdere verleende bopa’s te verwerken in het omgevingsplan. Vanuit de Omgevingswet geldt ook de eis dat een bopa in het omgevingsplan wordt verwerkt. Een bopa procedure kan o.a. niet worden gebruikt bij een initiatief dat rechten van omliggende percelen wijzigt. Voor zo’n initiatief dient een wijziging van het omgevingsplan te worden gevolgd. TAM-IMRO In een aantal gevallen is het niet mogelijk om een plan voor te bereiden met een bopa procedure, dan is tot 2025 de TAM-IMRO een geschikte procedure. De TAM-IMRO maakt vooral nog gebruik van de oude techniek die onder de Wro werd gebruikt.

Een TAM-IMRO plan maakt juridisch wel onderdeel uit van het omgevingsplan.

3.1.2

Gebiedsgericht verhuizen van tijdelijke omgevingsplan naar definitief omgevingsplan

Het nieuwe omgevingsplan wordt per gebied gevuld. Bij deze gebiedsgerichte wijziging worden de regels van het geldende bestemmingsplan, paraplu bestemmingsplannen, de bruidsschat en de verordening fysieke leefomgeving omgezet naar nieuwe juridische planregels. Voor dat specifieke gebied wordt dan een wijziging van het omgevingsplan doorgevoerd. Na het wijzigen van dit deel van het omgevingsplan vervallen de geldende bestemmingsplanregels. Behalve de vertaling van oude planregels naar nieuwe juridische planregels, moet ook wet- en regelgeving worden verwerkt in het omgevingsplan. Denk hierbij aan de vertaling van de omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s, locaties digitaal koppelen (werkingsgebieden6) en het annoteren 7van regels.

3.1.3

Thematisch verhuizen van verordeningen en beleid

Naast de hoofdroute om het omgevingsplan per gebied in te vullen zal het ook nodig zijn het omgevingsplan thematisch in te vullen, bijvoorbeeld naar aanleiding van wetgeving of het vaststellen van een programma of een verordening. De Omgevingsdienst Midden Holland (ODMH) heeft een basisadvies opgesteld voor het omzetten van de milieuregels en milieubeleid naar het omgevingsplan. Daarnaast zal vanuit de ODMH thema-gewijs een voorstel voor concrete planregels en tekstvoorstellen voor het vullen van het VNG-casco worden gedaan.,

Beheren van de ruimtelijke ontwikkelingen Op jaarbasis faciliteert de gemeente Gouda tientallen ontwikkelingen. Deze ontwikkelingen bevinden zich in verschillende stadia en daarom is regie en beheer nodig. Het is daarom belangrijk dat de afstemming van deze ontwikkelingen wordt beheerd en gecoördineerd. Om het beheren van deze ontwikkelingen zo soepel mogelijk te laten verlopen, wordt er een ambtelijk beheerteam opgezet. Dit beheerteam zal bestaan uit een geo-specialist, planregelanalist en een beleidsadviseur ruimtelijke ontwikkeling, waarbij de planregelanalist de trekker van het team is. 6 Werkingsgebied: het werkingsgebied kan het gehele gemeentelijk grondgebied zijn(het

ambtsgebied van de gemeente), maar ook een of meerdere delen daarvan. Regels kunnen o per locatie, gebied, perceel of delen daarvan verschillen (VNG, 2024)

7

Annoteren: Annoteren betekent het toevoegen van eigenschappen aan of het markeren van eigenschappen van juridische regels in het omgevingsplan. Door te annoteren maakt u het omgevingsplan digitaal leesbaar en verbetert u de dienstverlening (VNG, 2022)

7

3.2

Planning & indeling

Gemeenten hebben tot 1 januari 2032 de tijd om een gebiedsdekkend Omgevingsplan op te stellen (VNG, Opstellen transitieplan 2024-2032, 2023). In onderstaande planning is te zien dat er een jaar is gereserveerd om een eventuele vertraging te kunnen. De ervaring leert dat er altijd tegenslagen zullen zijn of onvoorzienbare omstandigheden. Deze zijn niet in te calculeren. Daarom is er rekening gehouden met een jaar uitloop, om een deel van de onvoorzienbare omstandigheden en tegenslagen (deels) op te vangen. De volgorde van wijzigingsbesluiten voor gebieden volgen de gebiedsindeling van de gebiedsprogramma’s van de gemeente op. Zoals in tabel 3 wordt weergegeven wordt er gestart met een wijzigingsbesluit voor het gebied Goverwelle. Naar verwachting is het gebiedsprogramma in 2025 klaar en is dit natuurlijk moment om de doelen en integrale opgaven uit het gebiedsprogramma Goverwelle te vertalen naar planregels voor het omgevingsplan. Daarnaast dienen de circa 70 bestemmingsplannen te worden omgezet in een omgevingsplan. De omzetting van de bestemmingsplannen worden meegenomen in de 9 wijzigingsbesluiten per gebied.

3.2.1

Monitoring en evaluatie.

Het opstellen van een Omgevingsplan is voor alle betrokkenen nieuw, zowel op inhoud als proces. Ervaringen met pilots worden waar nodig betrokken in de transitiefase. Dit geldt ook voor verbeterpunten die tijdens het proces worden geïdentificeerd. Alle betrokkenen zijn zich ervan bewust dat het een leertraject is en stellen zich pro-actief en coöperatief op om te komen tot een gedegen Omgevingsplan.

Figuur 2 Schematische weergave van opbouw omgevingsplan

8

Tabel 3 Overzicht van fases en tijd Fases

2023

2024

2024

2025

2025

2026

2026

2027

2027

2028

2028

2029

2029

2030

2030

2031

Voorbereiding Nieuwe ontwikkelingen

Gebiedsgericht Goverwelle Noord Bloemendaal Plaswijck Kort Akkeren Stolwijkersluis Kadebuurt en Kort Haarlem Westergouwe Binnenstad

Thematisch verhuizen van beleid en verordeningen8 Thema Bodem Thema Externe veiligheid

8

De opzet van de thema’s is een eerste opzet. Samen met deskundigen kan de prioritering van thema’s veranderingen.

9

2031

Thema Groen (incl. bomen en biodiversiteit) Water en riolering Luchtkwaliteit/ Gezondheid (aandachtsgebieden drukke wegen/ en lood in bodem) Trillingen (MBA en spoor) Parkeren & verkeer (Bereikbaarheid)

3.3

Mijlpalen en beslismomenten

Zoals eerder gestel is dit document is een dynamisch werkdocument. De planning wordt per jaar geconcretiseerd. Hieronder staat de planning voor 2024/2025, 1ste half jaar.

Producten en planning

2024

2024

2025

2025

2026

2026

2027

2027

2028

2028

2029

2029

2030

2030

2031

2031

Plan van aanpak en uitgangspuntendocument (dit document) uitwerken/bijwerken/besluitvorming Start opstellen randvoorwaarden uitbesteding opdracht eerste wijzigingsbesluit Werkinstructie wijzigingsbesluit opstellen en vaststellen 1ste wijzigingsbesluit opstellen en vaststellen (thema bodem) Figuur 3 Tabel concrete uitwerking pva en uitgangspunten document

10

Projectbeheersing In paragraaf 4.1 tot en met 4.6 wordt ingezoomd om de organisatiestructuur van het project, personele inzet financiën.

4.1 Organisatie Figuur 4 Organigram omgevingsplan

11

4.2 Rollen Hieronder staat een overzicht van het beschikbare uren per rol.

Medewerkers/ functies/ afdeling Projectleider Omgevingsplan

Inschatting uren boekjaar 2024 2025 2026

2027

2028

0,78 fte

0,78 fte

0,78 fte

0,78 fte

0,78 fte

      

Projectsecretaris Planregelanalist

0,11 fte 0.67 fte

0,11 fte 0.67 fte

0,11 fte 1 fte

0,11 fte 1 fte

0,11 fte 1 fte

Geo-specialist

0,11 fte

1 fte

1 fte

1 fte

1 fte

Accounthouder BWT/ODMH

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

Accounthouder Milieu/ODMH

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

Strategisch adviseur (is in

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

organigram aangeduid als trekker beleid en programma’s)

Beleidsadviseur BOR/POR

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

Jurist van de afdeling CJA

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

0,11 fte

Adviseur communicatie en participatie

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

Leden klankbordgroep

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

0,03 fte

Stuurt op monitoring en evaluatie Draagt zorgt voor de uitvoering van het project Draagt zorg voor de rapportages en (bestuurlijke) afstemming Stuurt het kernteam aan Ontwikkelt en onderhoudt een relatienetwerk Initieert en bevordert samenwerking met collega’s van verschillende diensten en afdelingen Monitort voortgang transitie en rapporteert hierover rapporteren aan management Stuurt werkgroepen transitie aan (projectgroepen hebben ieder ook een eigen ‘trekker’) Zorgt voor afstemming en coördinatie tussen de projectgroepen transitie; Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden.

Planregelanalist Verantwoordelijkheden  Coördineert wijzigingsprocedures onderling (inhoud en planning)  Draagt mede zorg voor de actualisatie van toepasbare regels  Vertaalt beleid in plan regels  Denkt mee over de aanzet voor verbeteringen van digitale ondersteuning voor overzicht op inhoud en planning van procedures (Bopa’s en wijzigingen Omgevingsplan)  Draagt samen met met de geo-specialist, beleidsadviseur Ruimtelijke ontwikkeling bij het beheren van het omgevingsplan.

Accounthouder milieu/ODMH 4.2.1 Verantwoordelijkheden en taken kernteam Projectleider Omgevingsplan Verantwoordelijkheden  Stuurt op planning

Verantwoordelijkheden  Draagt zorgt voor de afstemming op het gebied van milieu met de ODMH  Draagt zorg voor de implementatie van het basisadvies ODMH i.s.m. de Planregelanalist  Ontwikkelt en onderhoudt een relatienetwerk ODMH i.s.m. trekker BWT/ODMH 12

Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden

Strategische adviseur/ trekker beleid en programma’s Verantwoordelijkheden  Draagt zorgt voor de afstemming met het team Omgeving RBA  Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden  Draagt zorg voor het borgen van beleid bij op te stellen programma's9 voor vertaling naar omgevingsplan.

Accounthouder BWT/ODMH Verantwoordelijkheden  Draagt zorgt voor de afstemming met de afdeling bouw- en woningtoezicht van de ODMH  Ontwikkelt en onderhoudt een relatienetwerk ODMH i.s.m. trekker Milieu/ODMH  Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden.

Geo-specialist Verantwoordelijkheden  Draagt zorg voor de vertaling van regels naar kaart  Draagt zorg voor de kaders van regels naar kaart  Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden  Werkt samen aan met de planregelanalist, beleidsadviseur Ruimtelijke ontwikkeling aan het beheren van het omgevingsplan.

Beleidsadviseur BOR/POR Verantwoordelijkheden  Draagt zorgt voor de afstemming met de afdelingen BOR/POR  Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden.

Communicatie en participatie adviseur Verantwoordelijkheden  Ontwikkelt een communicatie- en participatie strategie.  Creëert draagvlak voor het omgevingsplan i.s.m. kernteamleden.

4.3 Overlegstructuren Portefeuillehouders overleg Ruimtelijke ontwikkeling incl. projecten In dit overleg worden besluiten voor het college van B&W besproken en voorbereidt met de bestuurlijke opdrachtgever. Stafafdeling Ruimtelijk beleid en advies De ambtelijke opdrachtgever vormt samen met de teamleider van het team omgeving en het team economie en het afdelingshoofd de staf RBA. In de staf RBA worden besluiten voor het PFO ruimtelijke ontwikkeling stuurgroep voorbereidt en worden lopende zaken over het omgevingsplan besproken. Kernteamoverleg Het kernteam komt een keer in de twee weken bij elkaar. Het doel van dit kernteam is om de voortgang van het proces en inhoudelijke punten van het omgevingsplan bespreken. De adviezen en deelproducten worden in dit overleg voorbereid en vervolgens aangebonden aan de ambtelijke stuurgroep.

9 In de gebiedsprogramma’s worden naast fysieke aspecten ook sociale aspecten

meegenomen. Er worden daardoor integrale doelen en opgaven geformuleerd. Hierdoor wordt de integraliteit in de vertaling van programma naar planregel geborgd.

13

Overleg met Klankbordgroepen Het omgevingsplan is omvangrijk en omvat veel acties. Het is belangrijk dat elke (beleids)adviseur, vergunningverlener en uitvoerders kan werken met het omgevingsplan, en de gemaakte afspraken en keuzes begrijpt. Ook heeft elke (beleids)adviseur zijn/haar eigen kwaliteiten die goed kunnen worden benut in het project. Daarom wordt er met regelmaat kennis gedeeld, informatie opgehaald en worden elkaar acties met elkaar opgepakt. Zo ontstaat er meer draagvlak voor het plan. Afstemmingsoverleg met ambtelijke opdrachtgever Een keer in de drie weken wordt de voortgang met betrekking tot inhoud en proces met de ambtelijke opdrachtgevers besproken. Dit is een overleg tussen de projectleider omgevingsplan en de ambtelijke opdrachtgevers. Beheerteam Het beheerteam wordt in 2024 opgebouwd en zal daarna intensief werken aan het beheren van het Omgevingsplan. Het beheerteam bestaat uit een geo-specialist en een regelanalist.

4.4 Communicatie Het omgevingsplan is een project voor een langere doorlooptijd. Alles valt of staat met communicatie. Niet alleen interne communicatie is belangrijk maar ook externe communicatie. Denk daarbij aan vragen, zoals: ‘Welke informatie delen we met welke afdelingen? Wat verwachten we van welke collega of afdeling? Op welke wijze gaan wij informatie delen? Hoe bereiken we de inwoners van de stad? Zijn er al lopende projecten waarbij we kunnen aansluiten m.b.t. participatie? Samen met de afdeling communicatie wordt een communicatie strategie opgesteld. Op een later moment wordt het plan van aanpak aangevuld met een communicatie- en participatiestrategie. Daar waar het opstellen van het Omgevingsplan gepaard gaat met gebiedsgerichte en thematische afwegingen wordt dit gezien als en apart project met een eigen communicatie (en participatie) aanpak.

4.4.1

Draagvlak en betrokkenheid raad

De gemeenteraad stelt het omgevingsplan vast. Het gebiedsdekkende omgevingsplan wordt opgebouwd uit een opstapeling van wijzigingsbesluiten. Het is daarom noodzakelijk om de raad in een vroegstadium te betrekken. De raad wordt tijdens informele commissievergaderingen en raadsvergaderingen geïnformeerd. Zij wordt geïnformeerd over en betrokken bij de volgende documenten:  Plan van aanpak, start van project;  Uitgangspuntendocument;  memo per wijzigingsbesluit;  Monitoring en evaluatie. Op 17 juni 2024 heeft er een werksessie met de commissie fysieke leefomgeving plaatsgevonden. Tijdens deze werksessie is afgesproken om voor elke wijzigingsbesluit een memo op te stellen. In deze memo wordt o.a. aangegeven welke politieke en technische keuzes er voorliggen, welke inhoudelijke veranderingen er zijn. De memo wordt vervolgens inhoudelijk tijdens een bopa avond10 besproken. Na de bopa avond kan het wijzigingsbesluit de oordeels- en besluitvormingsronde in. Dit proces zal in het begin erg intensief zijn, omdat de inhoud en werkwijze voor iedereen nieuw is. Later zal dit proces met de raad worden geëvalueerd. Uitgangspunten document per wijzigingsbesluit In het bestuursakkoord 2022-2026 is de Omgevingswet aangeduid als ‘’vrij onderwerp’’. Er is voorafgaand niet vastgelegd hoe de raad wordt meegenomen in het proces van het omgevingsplan.

De raad dient beter in positie te worden gebracht om zijn kaderstellende en controlerende rol te kunnen uitvoeren. In de praktijk betekent dit dat er meer ruimte is voor het bespreken van voorstellen en dat de raad dus zoveel mogelijk in een vroegtijdig stadium wordt betrokken, middels een startnotitie. Voorafgaand aan de start van een wijzigingsbesluit wordt een startnotitie opgesteld. Hierin staat het volgende:  Korte toelichting van het onderwerp;  Beschrijving van beleidswijzigingen of beleidsneutraal;  Participatie- en communicatiestrategie  Budget.

10

Bopa avond: buitenplanse omgevingsplan activiteit avond. Tijdens deze avond worden naar bopa aanvragen ook Omgevingswet onderwerpen besproken.

14

Zo kan de raad aan de voorkant keuzes maken, i.p.v. alleen een besluit nemen over het wijzigingsbesluit dat kant- en klaar ter besluitvorming wordt voorgelegd.

4.5 Budget en kosten Het ‘Omgevingswet-proof’ werken is nu een onderdeel van de reguliere werkwijze. Aanvullende exploitatiebudgetten zijn niet in de meerjarenbegroting opgenomen. Dit betekent echter niet dat er geen meerkosten zijn m.b.t. de nieuwe werkwijze. Het Rijk heeft dat ook onderkend en heeft in haar recente circulaires een decentralisatieuitkering uitvoeringskosten Omgevingswet opgenomen. Deze bedragen worden toegevoegd aan de ‘Reserve Omgevingswet’. In de Nota Reserves en Voorzieningen (d.d. eind 2023) is het doel van deze reserve als volgt geformuleerd: “Dekking van de meerkosten (ten opzichte van de reguliere exploitatie) met betrekking tot beleid en werkwijze ‘Omgevingswet’, via de reguliere PenC-cyclus”. De looptijd/einddatum van de reserve is vastgesteld op eind 2028. Meerkosten ten opzichte van de reguliere werkwijze kunnen worden gedekt door een onttrekking aan deze reserve. Via de reguliere PenCcyclus wordt deze onttrekking ter besluitvorming aan de raad voorgelegd. Deze werkwijze (via de PenC-cyclus geldt) ook voor budgetwijzigingen als gevolg van meerkosten werkwijze Omgevingswet die niet uit deze reserve gedekt worden. Daarnaast zijn in de legesverordening tarieven opgenomen voor het behandelen van aanvragen op basis van de Omgevingswet, zoals een BOPA en wijzigingen van het omgevingsplan.

4.5.1

Kosten

De kosten die gemoeid zijn bij de transitie naar een nieuw omgevingsplan zijn in deze fase nog niet precies te ramen. Dit hangt sterk af van keuzes die we gedurende het proces nog moeten maken, zoals het detailniveau van het plan en het participatieniveau dat we kiezen. Ramingen van andere gemeenten voor het totale proces lopen erg uiteen. Veel gemeenten worstelen met de onbekendheid van het instrument. Op basis van ervaringen met

bestemmingsplanherzieningen en een pilot wijzigingsbesluit houden we op dit moment rekening met € 150.000 – € 200.000 per jaar. Het bedrag is in eerste instantie indicatief en wordt in de loop van het proces concreter. In 2025 wordt zowel het college van B&W en de raad hierover geïnformeerd. Boekjaar Financiering

2024

2025

2026

2027

2028

€ 150 – € 200 K

€ 150 – € 200 K

€ 150 – € 200 K

€ 150 K

€ 150 K

In de eerste jaren werkt de gemeente Gouda samen met externe bureaus aan de tot standkoming van wijzigingsbesluiten. De insteek is om dit gaandeweg steeds zelfstandiger te doen. . Daarom vallen de geschatte kosten tot en met 2026 hoger uit. Bovenstaande kosten zijn een inschatting en globaal gebaseerd op de pilot ‘Wijzigingsbesluit Goverwelle’.11 Per wijzigingsbesluit zal het extern bureau het volgende uitvoeren:  Hulp bij het opstellen van planregels;  Benodigde onderzoeken incl. MER-toetsing uitvoeren;  Adviseren over de wijze van participeren en communicatie;  Opzetten van een database;  Geografische weergave van het wijzigingsbesluit (Geoinformatie & data) vormgeven en verwerken in software. Kosten voor personele inzet is geen onderdeel van de hierboven genoemde kosten. Deze kosten zijn onderdeel van reguliere personeelskosten. Tot januari 2024 werkten verschillende collega’s aan bestemmingsplannen, structuurvisies en beheersverordeningen. Dit werk is per 1 januari 2024 komen te vervallen. De uren die in het verleden besteed werden aan het opstellen van bestemmingsplannen, structuurvisies en beheersverordeningen kunnen deels worden ingezet voor het opstellen van wijzigingsbesluiten voor het omgevingsplan.

11

Omdat het voor veel gemeenten nog niet duidelijk is hoeveel de transitiefase voor het omgevingsplan gaat kosten, voert de VNG een onderzoek uit. Recent is de VNG gestart met het opstellen van een onderzoeksaanpak.

15

4.6 Risico’s Het omgevingsplan is een nieuw instrument Het opbouwen hiervan vraagt om andere competenties, dan waarover de gemiddelde juridisch-planoloog beschikt met een voornamelijk toetsende en procedurele rol. Het wordt belangrijker om geo-informatie te kunnen verwerken (werkingsgebieden), het opstellen van juridische en toepasbare regels, projectleiderschap van een complex meerjarenproject. Het vraagt technische, juridische en sturende vaardigheden. Het opbouwen van een omgevingsplan is veel complexer dan het actualiseren van het bestemmingsplan. De VNG onderzoekt momenteel wat een wijziging omgevingsplan zou kunnen kosten, omdat kengetallen ontbreken. Beschikbaarheid van externe expertise. Bijna iedere gemeente in Nederland werkt momenteel aan de transitie van het omgevingsplan. Inhoudelijke kennis van het omgevingsplan is bij gemeenten schaars. Het aanbod is kleiner dan de vraag. Zo ook bij de gemeente Gouda. In de eerste jaren wordt ondersteuning gevraagd bij het opstellen van omgevingsplan. Omdat de vraag groter is ‘dan het aanbod van adviesbureaus die omgevingsplannen kunnen opstellen, bestaat de kans dat wij niet tijdig een bureau kunnen vinden. Tevens kan de prijs per producten mogelijk stijgen vanwege de discrepantie tussen vraag en aanbod.

Daarnaast kan het ook zo zijn dat een adviesbureau wel wil ondersteunen, maar geen tijd heeft passen binnen de planning van Gouda.

De raad stelt de wijzigingsbesluiten van het omgevingsplan vast. Omdat de raad haar eigen agenda bepaalt, bestaat de kans dat de agenda van de raad zorgt voor vertraging in het project. Door regelmatige afstemming met de griffie over de planning wordt dit risico zo veel mogelijk beperkt. Probleem met meerdere wijzigingsbesluiten gelijktijdig in procedure brengen Momenteel is het nog niet mogelijk om een wijzigingsbesluit in procedure te brengen als het vorige wijzigingsbesluit nog niet de status ‘’definitief’’ heeft. Dit betekent dat er maximaal 2x per jaar een wijzigingsbesluit in procedure gebracht kan worden. Elke softwareleverancier blokkeert deze mogelijkheid. Dit is een landelijk probleem waarbij het meldpunt Omgevingswet (onderdeel van het Rijk) de regie neemt richting software leveranciers. Vanuit de gemeente Gouda houden wij korte lijntjes met regiogemeenten en het Rijk om dit probleem onder de aandacht te brengen. Het is van belang dat er na verloop van tijd meerdere wijzigingsbesluiten gelijktijdig in procedure gebracht kunnen worden, anders is het niet mogelijk om in 2032 een omgevingsplan ‘’nieuwe stijl’’ te hebben. Opbrengsten van participatie en formele zienswijzen kunnen zorgen voor vertraging van besluitvorming bij de raad.

Beschikbaarheid van interne capaciteit Het omgevingsplan is nieuw en niet iedereen heeft de inhoudelijke expertise om te kunnen werken aan het omgevingsplan. Het is belangrijk dat collega’s de tijd krijgen om webinars, cursussen te kunnen volgen om zo inhoudelijke kennis te vergaren. Het vergaren van kennis vraagt tijd en energie, maar ook het deelnemen in overleggen vraagt tijd van collega’s. Het is belangrijk dat dit wordt erkend door de teamleiders en managers. In het plan van aanpak staat aangegeven welke afdelingen nodig zijn voor dit project. Het plan van aanpak wordt ook met managementteams van de afdelingen Bedrijfsvoering, Sociaal domein en veiligheid besproken. Vertraging in besluitvorming van de raad

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=0b68c534-3436-419f-aed2-e634eb276115