Motie ombudsfunctie (002).docx.pdf
Tekst van het document
motienr. Onderwerp: Ruim baan voor het instellen van een Goudse ombudsman per 1 januari 2023
De raad van de gemeente Gouda in vergadering bijeen op 8 december 2021 Overwegende dat: - sinds 2014 in de Goudse gemeenteraad veel aandacht gevraagd is voor het mogelijk maken van het instellen van een lokale Goudse ombudsman; - het instellen van een onafhankelijke en laagdrempelige lokale Goudse ombudsman vooral voortkwam uit de breed gedragen opvatting binnen de raad dat de stap naar de Nationale Ombudsman te groot is voor mensen in een kwetsbare positie of afhankelijkheidsrelatie van de gemeente en/of aan de gemeente gelieerde organisaties en instituties; - de raad in meerderheid in april 2016 al te kennen heeft gegeven naar aanleiding van een motie dd 13 april 2016 een lokale ombudsman te wensen; - naar aanleiding van de moties van 13 april 2016 (ingetrokken) en 23 november 2016 (ingetrokken) een onderzoek is uitgevoerd door BMC in opdracht van het college; - de resultaten van dit onderzoek in maart 2017 met de raad zijn gedeeld; - de resultaten geen aanleiding voor het college waren om over te gaan tot het instellen van een lokale ombudsman; Constaterende dat: - dat tijdens de kadernota bespreking op woensdag 14 juli 2021 wederom de nog steeds breed gedragen opvatting onder de raad gedeeld werd dat een lokale ombudsman noodzakelijk is omdat deze toegankelijker en laagdrempeliger voor bewoners is dan de weg naar de Nationale Ombudsman; - dat een aantal gemeenten in
Nederland naar tevredenheid gebruik maakt van een lokale ombudsman waarbij vooral de kennis van de lokale context en aspecten, een onafhankelijke en open houding en laagdrempeligheid als belangrijke voordelen worden genoemd; - de decentralisaties van met name de Jeugdzorg en WMO in het Sociaal Domein gevolgen hebben voor de financiële positie van Gemeenten; - nog onduidelijk is wat de langere termijn ongunstige maatschappelijke en financiële effecten van de gezondheidscrisis als gevolg van Covid-19 op lokale Goudse gemeenschap zijn; - deze omstandigheden meer druk zullen leggen om het vermogen om “behoorlijk te handelen en te gedragen” in situaties waarbij Gouwenaren zich in een afhankelijkheidspositie van de gemeente bevinden; - dat door de invoering van een integraal loket voor alle hulpvragen per 1 januari 2021 de Goudse lokale context veranderd is; - dat de inzet van de zorgmarinier binnen het integrale loket nog zinvol kan zijn maar deze vooral lastige en moeilijke dossiers behandelt waarbij snel hulp nodig is (escalatie/voorkomen van erger) en niet alle klachten kan behandelen;
-
dat een lokale ombudsman wettelijk gezien niet tezamen met een abonnement op de Nationale Ombudsman kan bestaan; dat een abonnement op de Nationale Ombudsman voorafgaand aan de instelling van een lokale ombudsfunctie voor 1 juli van een kalenderjaar opgezegd moet worden; dat een lokale ombudsman (en plaatsvervangend ombudsman) per 1 januari van elk kalenderjaar benoemd moet worden voor een periode van 6 jaar; dat het BMC rapport voldoende informatie uit de benchmark geeft om te starten met een lokale ombudsman waarbij een uitgegaan wordt van een kostenniveau dat vergelijkbaar is met de huidige kosten per inwoner in de situatie van een abonnement op de Nationale Ombudsman; dat de ervaring leert dat en na een verkiezingsperiode de raad en college zeer waarschijnlijk onvoldoende tijd hebben om de noodzakelijke voorbereiding op besluitvorming rond het instellen van een lokale ombudsman; dat voor het instellen van een lokale ombudsfunctie een verordening noodzakelijk is;1 dat het daarom wenselijk is om deze verordening voor de verkiezingen van maart 2022 op te stellen en aan te bieden aan de huidige raad.
Draagt het college op: ● Tot het opstellen van een gemeentelijke verordening, waarmee de wettelijke en juridische kaders worden vastgelegd voor het instellen van een lokale ombudsman; ● Zich daarbij te baseren op de informatie die uit de benchmark van het BMC rapport beschikbaar is ten aanzien van de werkwijze van de lokale ombudsman (art 81 q-v) in de genoemde gemeenten; ● Deze verordening ter goedkeuring voor te leggen aan de raad voor het verkiezingsreces; ● Deze verordening te baseren op de vele reeds beschikbare verordeningen rond dit thema waarin o.a. de vergoeding, benoemingsperiode, moment van herbenoeming, uitbrengen van een jaarverslag aan college en gemeenteraad benoemd zijn. En gaat over tot de orde van de dag.
Ondertekening en naam: Gouda Positief, Sjane-Marie Koppers SP, Lenny Roelofs GBG, Jan de Koning Onafhankelijk Gouda, Astrid van Eersel
1
Zie bijvoorbeeld de verordening ombudsman Den Haag. pagina 2