Inspreektekst Tessa Lobbes - inspreken commissievergadering koloniaal verleden Gouda 3 april 24
Tekst van het document
Mijn naam is Tessa Lobbes, ik ben Belg en Gouwenaar. Als historica ben ik gepromoveerd in Leuven, en ik werk als managing editor van BMGN, het wetenschappelijk tijdschrift voor de geschiedenis van Nederland en van België. Mijn expertise ligt in koloniale geschiedenis van Nederland en België. Toen ik in 2018 in Gouda kwam wonen, werd ik getroffen door hoe divers deze stad was. Het gemeentebestuur toonde zich in zijn PR terecht trots op die diversiteit. Maar tegelijkertijd vond ik het toen teleurstellend dat die huidige diversiteit erg weinig werd verbonden met het koloniale verleden van Gouda. Het werd me duidelijk dat niet elke Gouwenaar zich zou herkennen in de geschiedenis van Gouda die wordt verteld in de publieke ruimte, het museum en op school – over slavernij, kolonisatie en Marokkaanse gastarbeid was het best wel stil. Ik voel me erg verbonden met deze stad, maar echt trots kan ik pas zijn wanneer we alle facetten van het Goudse verleden erkennen. Ik ben dus ontzettend blij dat de gemeente dit onderzoek heeft geïnitieerd, waarin historici glashelder aantonen dat ook Gouda een koloniale verleden heeft. Als vervolgstap nu hoop ik dat er initiatieven komen waardoor die koloniale geschiedenis een structureel onderdeel wordt van het Goudse stadsverhaal.
Ik vind het daarbij in algemene zin van belang om te focussen op die koloniale aspecten die typisch zijn voor Gouda, zodat initiatieven geen kopie vormen van Alkmaar, Rotterdam of van het bredere Nederlandse verhaal, maar vooral eigen zijn aan de Goudse gemeenschap toen en nu. Ik heb daarbij 2 voorbeelden: 1) De Houtmanbroers: de Goudse Houtmanbroers speelden een cruciale rol in het Nederlandse slavernijverleden in Azië. Het Houtmanplantsoen heeft dan ook het grote potentieel om een plaats te worden van reflectie over het Goudse aandeel in de slavernij. Het zou ook een plek kunnen worden waar de verhalen van tot slaaf gemaakten en hun nazaten worden verteld. De stilte daarover bij het huidige Houtmanmonument strookt niet met de uitkomsten van het Goudse slavernijonderzoek. 2) het ‘Indië-monument’, het plakkaat aan het oude stadhuis, verdient het om herzien te worden. De dekolonisatieoorlogen in Indonesië vanaf 1945 worden hier volledig vanuit koloniaal Nederlands perspectief benaderd: als een strijd voor ‘orde en vrede in NederlandsIndië’. Deze interpretatie is voor mij in strijd met de ambities van de herinrichting van het stadhuis als een inclusieve plek waar men, ik citeer, ‘een divers publiek wil informeren over hoe men in Gouda in het verleden samenleefde en in het heden samenleeft’.
In verband hiermee is het cruciaal om het onderzoek dat eindigde in 18de eeuw voort te zetten en ook de 19de en 20ste eeuw in Gouda Kortom, als Gouda echt trots wil zijn op haar diversiteit, dan is het ook zaak om onder andere haar eigen stadsverhaal structureel te herzien.