handreiking-regiovisie-nvo-jeugd.-januari-2021.pdf
Tekst van het document
Handreiking Regiovisie in het kader van de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) Jeugd In juni 2020 hebben gemeenten de Resolutie NvO Jeugd aangenomen. Gemeenten hebben zichzelf daarmee gecommitteerd aan de 8 afspraken van de NvO. De Routekaart NvO Jeugd geeft een handvat voor de implementatie van de NvO Jeugd. De afspraken 2 t/m 8 krijgen een plek in de regiovisie (afspraak 1). (bijna) Geen enkele gemeente heeft al een regiovisie die voldoet aan de NvO. We krijgen regelmatig de vraag wat er in een regiovisie komt te staan; in deze handreiking geven we hiervoor richting. In het eerste deel geven we een algemene richting op de inhoud van de regiovisie. In het tweede deel geven we uitgebreider richting aan de bovenregionale afspraken in de regiovisie.
De 8 afspraken van de NvO 1. Stel een regiovisie op 2. In regiovisie helderheid over beschikbaarheid en transformatie specialistische functies 3. Verbinding van de lokale toegang aan de gecontracteerde jeugdhulp 4. Niet-vrijblijvende governance met één aanspreekpunt 5. Hoe en voor welke functies bovenregionale samenwerking 6. Beperking administratieve lasten (door toepassen 3 uitvoeringsvarianten) 7. Zorgvuldigheideisen inkoop (4) 8. Reëel tarief
Doel van de regiovisie De gezamenlijk opgave is het zorgen voor duurzame oplossingen voor de toekomst (zie ook de handreiking van het NJI (2020)), zodat gemeenten kwalitatief goede zorg (blijven) bieden die aansluit bij behoeften van jeugdigen en gezinnen en dat deze zorg betaalbaar is en blijft. Regionale samenwerking is daarbij nodig voor het organiseren van de specialistische jeugdhulp die de schaal van een individuele gemeente te boven gaat. De regiovisie geeft richting aan de opdracht voor de jeugdregio en is noodzakelijk voor het vormgeven van de inkoop en de uitvoering van de regionale opdracht. De regiovisie is daarmee dus ook voldoende concreet en bevat duurzaam vastgelegde afspraken binnen de regio over samenwerking die op langere termijn richting geven aan wat de regio samen doet. Een ander belangrijk onderdeel van de regiovisie is de verbinding met lokaal en bovenregionaal.
Proces om te komen tot een regiovisie In de Routekaart NvO Jeugd, is een handreiking beschreven voor het proces om te komen tot een regiovisie, inclusief het betrekken van partijen.
Wat komt in een regiovisie te staan? In een regiovisie beschrijft de regio: 1. Gewenste inhoudelijke ontwikkeling van het zorglandschap 2. Vraag & aanbod 3. Lokale toegang 4. Governance 5. Sturing & bekostiging Ad 1: Gewenste inhoudelijke ontwikkeling van het zorglandschap a. Beschrijf de maatschappelijke opgave van de regio m.b.t. (de ondersteuning van) jeugdigen en gezinnen ➢ Kijk hiervoor naar (regionale) cijfers en trends, lessen uit complexe casuïstiek, landelijke en (boven)regionale ontwikkelingen, demografische ontwikkelingen ➢ Betrek gezinnen en zorgaanbieders b. Beschrijf de (strategische) beleidsdoelen van de regio c. Beschrijf wat (boven)regionaal nodig is voor het bereiken van de beleidsdoelen ➢ Welke leidende principes zijn er? d. Beschrijf de gewenste inhoudelijke ontwikkeling van het zorglandschap en de transformatiestappen die daarvoor nodig zijn. ➢ Kijk voor werkzame interventies ook eens naar het Rapport Stelsel in groei (AEF, 2020), waarin onderzoek is beschreven naar diverse interventies. Ad 2: Vraag & aanbod a. De regiovisie bevat een beschrijving van het hulpaanbod dat nodig is in de regio. b. Beschrijf met welke aanbod binnen de aanpalende domeinen er samenhang is en welk aanbod daar beschikbaar is. ➢ Denk aan volwassenzorg, onderwijs en gezondheidszorg c.
Beschrijf welke jeugdhulp regionaal wordt gecontracteerd, welk deel lokaal wordt gecontracteerd en hoe de verbinding daartussen tot stand komt voor een soepele procesgang voor gezinnen en zorgaanbieders. d. Beschrijf hoe (tenminste voor de looptijd van de regiovisie) in regioverband de beschikbaarheid en continuïteit van jeugdfuncties geborgd wordt. e. Beschrijf voor welke functies bovenregionaal wordt samengewerkt/afgestemd (met als doel dat deze bovenregionale functies beschikbaar blijven) (zie ook deel 2 van deze notitie) Ad 3: Lokale toegang a. De regiovisie bevat de wijze waarop de lokale toegang verbonden is met de gecontracteerde hulp ➢ Eenduidige samenwerking met de gecontracteerde partijen ➢ De 5 basisfuncties voor lokale teams als leidraad. b. In de regiovisie is beschreven hoe het Regionale Expertteam is georganiseerd en verbonden met enerzijds de lokale teams en anderzijds de Expertisecentra c. De aansluiting met het onderwijs en de veiligheidsketen is beschreven.
Handreiking Regiovisie, VNG, januari 2021
2
Ad 4: Governance a. De gemeenten leggen meerjarige afspraken vast over de organisatie van de regiofuncties ➢ vaak inkoop, contractmanagement, monitoring, handhaving en regionale transformatie b. De samenwerkingsvorm is geformaliseerd en de afspraken zijn uitgewerkt en formeel besloten. c. De taakverdeling tussen de gemeenten en de regio is uitgewerkt en bestuurlijk besloten. d. Er is 1 bestuurlijk aanspreekpunt dat intern en extern op kan treden namens de regio. Ad 5: Sturing & bekostiging a. In de regiovisie wordt vastgelegd hoe de gemeenten de strategische beleidsdoelen bereiken middels de sturing & bekostiging ➢ Hoe wordt gestuurd op kwaliteit, toegankelijkheid en geld? b. Beschrijf de keuzes die gemaakt worden in de inkoop. Let daarbij op de zorgvuldigheidseisen voor inkoop: ➢ Tijdige start en afronding van de contractering ➢ Meerjarige contracten ➢ Continuïteit bij aflopende contracten c. Beschrijf de keuzes die gemaakt worden in het bekostigingsmodel ➢ Toepassing van de 3 uitvoeringsvarianten ➢ Reële tarieven d. Beschrijf de keuzes die gemaakt worden in contractvorm ➢ Uniformiteit in contractvoorwaarden en gezamenlijk contractbeheer bij regionale contracten e. Beschrijf de keuzes die gemaakt worden in toegangsmanagement en leveranciersmanagement ➢ Eenduidig contractmanagement & verantwoording in de regio ➢ Wachtlijstbeheer
Onderdelen beschreven in andere documenten Veel regio’s hebben onderdelen van de NvO beschreven in meerdere documenten, zoals de governance of de inkoopstrategie. In de regiovisie kan er dan, voor de betreffende onderdelen, voor gekozen worden om de hoofdlijn op te nemen en te verwijzen naar de onderliggende documenten.
Wat zou een regiovisie moeten bevatten over het onderdeel bovenregionaal? In deze paragraaf geven we richting aan de inhoud van de regiovisie voor het onderdeel bovenregionaal. In de NvO staat over bovenregionaal: “De regio’s geven in hun regiovisie aan hoe en voor welke functies ze bovenregionaal samenwerken, met als doel dat deze bovenregionale functies beschikbaar blijven. Daarbij is het belangrijk dat alle regio´s verbonden zijn aan de realisatie van de bovenregionale expertisecentra. Een aantal jeugdregio’s is accounthoudende regio voor bovenregionale aanbieders en GI’s. De VNG houdt deze lijst, in overleg met de regio’s, actueel. Via het ontwikkeld systeem van vroeg signalering (EWS) ziet de accounthoudende regio toe hoe aanbieders zich organisatorisch en financieel ontwikkelen en onderhoudt zij daarover met aanbieders en betrokken regio’s overleg. Als er een continuïteitsprobleem speelt, spannen alle betrokken regio´s zich tot het uiterste in om onder leiding van de accounthoudende regio tot een gezamenlijke oplossing te komen”.
Handreiking Regiovisie, VNG, januari 2021
3
Signalen van zowel aanbieders als regio’s worden gemeld bij de accounthoudende regio. Er zijn ook accounthoudende gemeenten aangewezen voor de vastgoedtransitie van de Jeugdzorg Plus. Dit betekent dat in een regiovisie het volgende aan de orde zou moeten komen: 1. Positie van de regio ten opzichte van andere regio’s 2. Verantwoordelijkheid als accounthoudende regio (indien van toepassing) 3. Verhouding tot bovenregionaal expertisecentrum Ad 1: Positie van de regio ten opzichte van andere regio’s a. Schets van het zorglandschap waar de regio onderdeel van is. Zijn er omliggende jeugdhulpregio’s waarmee de regio dezelfde aanbieders deelt en zo ja voor welke functies is dat en welke regio’s zijn dat? b. Schets van bestaande samenwerking met andere regio’s (gezamenlijke inkoop en/of periodieke afstemming). ➢ afstemming kan breed zijn: bijvoorbeeld gezamenlijke visie op JeugdzorgPlus die vervolgens regionaal wordt ingekocht, uniform scheidingsaanbod met rechtbanken, verbeteragenda GI, gezamenlijke afspraken over beschikbaarheid en crisis. Ad 2: Verantwoordelijkheid als accounthoudende regio (indien van toepassing) a.
Welke verantwoordelijkheid heeft de regio heeft als accounthoudende regio en voor welke aanbieders (zowel GI als jeugdhulpaanbieders)? ➢ Deze verantwoordelijkheid betekent dat de regio, behoudens de eigen verantwoordelijkheid van een aanbieder zorg te dragen voor een adequate bedrijfsvoering, zicht houdt op de financiële en organisatorische ontwikkeling van deze aanbieder en daartoe periodiek overleg heeft met die aanbieder. Indien noodzakelijk roepen de accounthoudende regio’s en de betrokken aanbieder andere regio’s bij elkaar. ➢ Een handreiking hoe deze early warning in te vullen, is eerder door VNG verstrekt. Ad 3: Verhouding tot bovenregionale Expertisecentra a. De regio heeft, om haar verantwoordelijkheid passende jeugdhulp te bieden, een regionaal expertteam (of de regionaal gekozen naam) en neemt de verantwoordelijkheid om deze werkwijze te blijven doorontwikkelen. b. De regio werkt bovenregionaal samen in een expertisecentrum / netwerk voor jongeren met meervoudige en complexe problematiek. Binnen dit expertisecentrum, waarvoor coördinerende gemeenten de opdracht-gevende rol vervullen, krijgen de functies consultatie, organisatie van hulp en kennisontwikkeling, gestalte.
Gemeenten en gebieden expertisecentrum Gemeente Groningen Enschede Utrecht Amsterdam Rotterdam Nijmegen Eindhoven Roermond
Voor welk gebied Groningen, Friesland en Drenthe Overijssel Utrecht en Flevoland Noord Holland Zuid Holland Gelderland Noord- Brabant en Zeeland Limburg