CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Factsheet De Wet Bibob

Commissie Bestuur 8 juni 2022, gemeente GoudaBij agendapunt: Beeldvorming: Gezonde Horeca en Wet Bibob Gouda (geheim)1.197 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Factsheet

De Wet Bibob De Wet Bibob (Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur) is een preventief instrument om de integriteit van de overheid te beschermen. Overheidsinstanties – meestal gemeenten – kunnen voor vergunningen en andere beslissingen de achtergrond van een ondernemer en diens zakelijke omgeving (laten) onderzoeken. Als ernstig gevaar dreigt dat een vergunning wordt misbruikt voor criminele doeleinden, dan kan de bevoegde overheidsinstantie de vergunningaanvraag weigeren of de verleende vergunning intrekken. Zo wordt voorkomen dat de overheid ongewild criminele activiteiten faciliteert.

Wat valt allemaal onder de Wet Bibob? De Wet Bibob is van toepassing op een groot aantal zeer diverse beslissingen. Het gaat onder andere om: • vergunningen • subsidies • vastgoedtransacties • overheidsopdrachten De Wet Bibob wordt het meest toegepast in de horeca, maar is ook op veel andere terreinen van toepassing: de bouw, veeteelt, chemische industrie en het wegtransport bijvoorbeeld. Verder vallen alle overheidssubsidies en overheidsopdrachten onder de werking van de Wet Bibob. Denk dus niet te snel dat de Wet Bibob niet van toepassing is, maar raadpleeg het overzicht op www.justis.nl/bibob.

• Informatieleveranciers Een groot aantal andere overheidsinstanties levert ook informatie die voor toepassing van de Wet Bibob noodzakelijk is. Op de volgende pagina staat om welke opsporingsdiensten, inspecties en uitkeringsinstanties het gaat. • Betrokkene De betrokkene is de directe wederpartij van de overheid. Meestal is dit de aanvrager of houder van een vergunning.

Hoe verloopt een Bibob-procedure? Een Bibob-procedure begint meestal met de aanvraag van een vergunning of andere beslissing. Soms vormt een tussentijds signaal zoals een tip van het OM of het LBB aanleiding om een onderzoek te beginnen.

Eigen onderzoek bestuursorgaan Bestuursorganen verrichten vervolgens eigen onderzoek om een eerste inschatting van de risico’s te maken. Hiervoor maken zij onder meer gebruik van open bronnen en Bibob-vragenlijsten die aan de betrokkene uitgereikt worden. Ook hebben bestuurs­ organen de bevoegdheid om bepaalde informatie bij de politie, het OM en de Justitiële informatiedienst op te vragen. Regionale Informatie- en Expertise Centrums (RIEC’s) kunnen bestuurs­ organen bij het eigen onderzoek ondersteuning bieden. Bij het overgrote deel van dit eigen onderzoek komen geen risico’s aan het licht. Bestuursorganen gaan dan verder met de reguliere besluitvorming.

Welke partijen zijn bij de Wet Bibob betrokken?

Onderzoek Landelijk Bureau Bibob

Bij de uitvoering van de Wet Bibob is een groot aantal partijen betrokken. Dit zijn de belangrijkste: • Bestuursorganen Bestuursorganen nemen de uiteindelijke beslissing en kunnen het LBB om advies vragen. • Landelijk Bureau Bibob (LBB) Het LBB adviseert bestuursorganen in individuele zaken. Verder geeft het LBB voorlichting over de uitvoering van de Wet Bibob. Het LBB is onderdeel van screeningsautoriteit Justis. • Openbaar Ministerie (OM) Het OM levert informatie over strafzaken en tipt bestuurs­ organen over risico’s van misbruik.

Als er wel aanwijzingen voor crimineel misbruik zijn, kunnen bestuursorganen het LBB om advies vragen. In dat geval zal het LBB een diepgravend en uitgebreid onderzoek uitvoeren. Daarbij kunnen onder andere de volgende partijen geraadpleegd worden: • Het Openbaar Ministerie • De Nationale Politie • De andere (bijzondere) opsporingsdiensten • Het CJIB en JustID (strafbladen) • De Belastingdienst, inclusief: - de FIOD - de Douane - de Dienst Toeslagen

• Uitkeringsinstanties, zoals: - het UWV - de SVB - gemeentelijke sociale diensten • Inspecties, zoals: - de NVWA - de Inspectie SZW - de Inspectie Leefomgeving en Transport

aanvraag van een vergunning, dan kan zo’n weigering aanleiding vormen om die aanvraag buiten behandeling te stellen.

Uiteindelijk brengt het LBB een gemotiveerd advies uit aan het bestuursorgaan. De landelijke Bibob-Officier van Justitie toetst conceptadviezen nog wel om strafvorderlijke belangen te waarborgen.

Hoe wordt het gevaar van misbruik vastgesteld?

Vervolgprocedure bestuursorgaan Bestuursorganen beoordelen vervolgens of het advies zorgvuldig tot stand is gekomen. Ook beoordelen zij of een negatieve beslissing proportioneel is. Als zij daarna van plan zijn te weigeren of in te trekken, dan maken zij hun voornemen tot weigering of intrekking aan de betrokkene kenbaar. De betrokkene ontvangt daarbij ook een afschrift van het Bibob-advies. Het advies en de inhoudelijke onderbouwing daarvan zijn dan dus bekend bij de betrokkene. Vervolgens kan de betrokkene zijn zienswijze geven en, als het een bestuursrechtelijke procedure betreft, eventueel in bezwaar en (hoger) beroep gaan. De rechter zal het Bibob-advies en de daarop gebaseerde beslissing dan ook beoordelen. Als de betrokkene geen rechtsmiddel instelt, is de procedure afgerond.

Wanneer kan een vergunning geweigerd worden? De Wet Bibob kent de volgende gronden om op te treden.

Ernstig gevaar crimineel misbruik Een vergunning kan om te beginnen geweigerd of ingetrokken worden als ernstig gevaar van crimineel misbruik bestaat. Dat gevaar kan bestaan uit: A. Het benutten van crimineel verkregen voordeel. B. Het plegen van strafbare feiten.

Mindere mate van gevaar De uitkomst van een Bibob-onderzoek kan ook zijn dat een mindere mate van gevaar bestaat. In dat geval kan een bestuurs­ orgaan niet weigeren of intrekken, maar wel voorschriften aan de vergunning verbinden.1

Een Bibob-onderzoek is een uitgebreide en diepgaande screening, oftewel een antecedenten-onderzoek. De hoofdvraag is of er relevante strafbare feiten zijn gepleegd. Onder strafbare feiten worden ook bestuurlijk beboetbare (incl. fiscale) feiten begrepen. Het gaat hierbij niet alleen om veroordelingen of bijvoorbeeld onherroepelijke sancties, maar ook om strafbare feiten waarvoor (nog) niemand is veroordeeld of waarvoor (nog) geen sanctie is opgelegd. In dat geval kan het gaan om ‘vermoedens’. Wel moet voor de conclusie ‘ernstig gevaar’ altijd concreet schriftelijk bewijs zijn. Kenmerkend voor de Wet Bibob is verder dat een vergunning ook geweigerd of ingetrokken kan worden, omdat een ander dan de betrokkene strafbare feiten heeft gepleegd. Daarvoor is vereist dat de betrokkene in een ‘Bibob-relatie’ staat tot die andere (rechts)persoon. Deze relaties staan uitputtend opgesomd in de Wet Bibob. Het gaat om het zakelijke netwerk van de betrokkene, zoals bestuurders, aandeelhouders en financiers. Bij de A-grond geldt verder: hoe meer voordeel, des te groter het gevaar. Bij de B-grond gaat het erom of de strafbare feiten inhoudelijk ook relevant zijn voor de beslissing waar het nu om gaat. Hoe meer strafbare feiten, des te groter het gevaar. In de Leidraad voor de gevaarsbeoordeling op grond van de Wet Bibob is de inhoudelijke beoordeling uitgebreider beschreven.

Vragen? Op www.justis.nl/bibob is meer informatie over de Wet Bibob en het LBB te vinden. Als u verder vragen heeft, dan kunt u contact opnemen met het LBB via 088 - 998 22 50 of bibob@justis.nl.

Deze twee gevaren worden de A-grond en de B-grond genoemd.

Strafbaar feit ter verkrijging of behoud van een vergunning Een zelfstandige grond om een vergunning in te trekken of te weigeren bestaat verder als ter verkrijging of behoud van een vergunning (vermoedelijk) een strafbaar feit is gepleegd. Het gaat hierbij meestal om valsheid in geschrifte bij een vergunningaan­ vraag of in het kader van een Bibob-procedure bij een reeds verleende vergunning.

Weigering gegevens te verschaffen Een intrekkings- of weigeringsgrond kan ook bestaan als de betrokkene weigert aanvullende gegevens te verschaffen aan het bestuursorgaan of het LBB. In geval het een weigering betreft van door het bestuursorgaan verzochte gegevens, en het ziet op de

1

Een bestuursorgaan kan overigens ook voorschriften aan een vergunning verbinden wanneer sprake is van een ernstig gevaar, maar een weigering of intrekking niet proportioneel wordt geacht.

Colofon Dit is een publicatie van: Justis Augustus 2020 | 20403622

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=82dfc51f-b6ab-4504-9aa9-7bd9d6516f0a