E 20211117_Inspraakbijdrage_met_onderbouwing_van_IA_van_der_Werf_mbt_cncTVW_en_cncPCS.docx
Tekst van het document
INSPRAAKBIJDRAGE VAN IES A. VAN DER WERF MET BETREKKING TOT DE CONCEPT-TRANSITIEVISIE WARMTE (TVW) ALS DE CONCEPT-PARTICIPATIE- EN COMMUNICATIESTRATEGIE (PCS) Geachte dames en heren Het is onmogelijk om in de 3 minuten die mij zijn gegeven een onderbouwde inbreng te leveren die op zich nuttig is voor het beeldvormend debat dat vanavond gevoerd gaat worden. Ik kan in dit tijdsbestek alleen zaken aanstippen in de hoop dat u die meeneemt in wat u vanavond betoogt. De onderbouwing voor mijn nu noodzakelijkerwijs beperkte inbreng heb ik overigens afgelopen nacht wel op schrift aangeleverd via een mail. a) Ik hoop dat u wilt bewerkstelligen dat juist de zogeheten gemeentebrede aanpak prioriteit krijgt in 2022 en dat daarbij volop gebruik wordt gemaakt van het Nationaal Isolatieprogramma, dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) eind vorige week heeft bekendgemaakt en waarvoor in de rijksbegroting een aanmerkelijk bedrag is opgenomen. b) Ik hoop dat u wilt bewerkstelligen dat tot uiting gaat komen dat vanwege de financiële situatie van Gouda en het vooralsnog uitblijven van grotere financiële steun door de rijksoverheid het vooralsnog en tot grote teleurstelling niet reëel blijkt om concrete invulling te geven aan de ambitie om Gouda al in 2040 aardgasvrij en CO2-neutraal te hebben. Maar dat maximaal wordt ingezet op wat mogelijk blijkt.
En dat hopelijk zo snel mogelijk een bijgestelde TVW kan worden uitgebracht. c) Ik hoop dat u wilt bewerkstelligen dat de actualisering van de TVW gaat plaatsvinden zodra daarvoor aanleiding is en niet in beginsel pas na 5 jaar. Ik hoop dat u zich goed realiseert dat in de concept-PCS staat dat die het “hele proces dat is beschreven” in de TVW bestrijkt en dat nergens iets is opgenomen over actualisatie en evaluatie. d) Ik hoop dat u wilt bewerkstelligen dat de vaststelling van de PCS wordt uitgesteld naar het eerste kwartaal van 2022. Hoewel is gecommuniceerd dat de concept-PCS tot stand is gekomen “in samenspraak met stakeholders en inwoners” heb ik zelf de ervaring opgedaan dat samenspraak alleen invulling heeft gekregen door de mogelijkheid om los van anderen 2 keer een inhoudelijke inbreng te leveren. Het nu voorliggende concept had niet mijn instemming. Dit concept bevat wat mij betreft te veel onduidelijkheden, onder meer wat betreft het “meebeslissen” door bewoners. En de hiervoor benoemde werkwijze met betrekking tot “samenspraak” moet geen prelude zijn op de invulling van het “samen doen”, dat zo vaak in het huidige concept wordt genoemd. Er is ruimte voor uitstel omdat op blz. 10 van de concept-TVW staat dat vooralsnog alleen gewerkt gaat worden aan plannen en dat de uitvoering nog even blijft liggen.
e) Ik hoop dat u goed leest wat in de Nota van beantwoording op blz. 37 bij nummer 114 over de rol die u als gemeenteraad is toebedacht in het vervolgtraject. f)
Ik hoop dat u goed hebt gelezen dat in de Nota van beantwoording voor heel wat voor in ieder geval bewoners belangrijke zaken word verwezen naar de “uitvoerende fase”. Ik ben benieuwd of u van mening bent dat de concept-TVW voldoende kaders bevat, zoals bedoeld in de motie Kaderstelling TVW van D66 d.d. 14 april 2021 (ID72).
ONDERBOUWING VAN DE INSPRAAKBIJDRAGE VAN IES A. VAN DER WERF MET BETREKKING TOT DE CONCEPT-TRANSITIEVISIE WARMTE (TVW) ALS DE CONCEPTPARTICIPATIE- EN COMMUNICATIESTRATEGIE (PCS) a) In paragraaf 1.5 van de TVW worden onder meer de financiële randvoorwaarden voor realisatie van de TVW benoemd. Zo staat er op blz. 10: “Zonder aanvullende financiering van het Rijk kan Gouda niet het tempo maken dat nodig is om in 2050 aan de landelijke doelstelling “geheel aardgasvrij” te voldoen.” Hier wordt zelfs 2050 en niet eens 2040 genoemd. Op blz. 4 van de PCS staat dat deze “alleen uitvoerbaar (is) als voldaan wordt aan de Randvoorwaarden zoals in de Transitievisie Warmte vastgelegd in paragraaf 1.5”. In die paragraaf staat dat onder meer waar het gaat om de zogeheten proceskosten, zeg maar de kosten die de gemeente moet maken om het gehele transitie-proces goed te laten verlopen, dat “Gouda ….. haar ambitie alleen (kan) waarmaken als het Rijk de benodigde middelen ter beschikking stelt”. Voor zover mij bekend gaf de bij het parlement in behandeling zijnde rijksbegroting voor 2022 ten tijde van het vaststellen van de nu voorliggende concepten voor TVW en PCS geen zicht op de door Gouda en andere gemeenten gewenste extra middelen.
Het duurt nog wel even voordat er een missionaire bewindspersoon is die in staat is om de onderhandelingen met de VNG te voeren over de uitkomsten van het rapport van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB), waarnaar op blz. 10 van de concept-TVW wordt verwezen. De verwachting lijkt me gerechtvaardigd dat op z’n vroegst vanaf 2023 de gewenste extra middelen beschikbaar zijn. In de concept-TVW staat alleen op blz. 10 de conclusie die uit de bestaande situatie wordt getrokken: “Zonder garanties op een voor inwoners haalbare en betaalbare warmteoplossing en gedegen onderliggende financiële arrangementen, wordt er wel gewerkt aan plannen, maar blijft de uitvoering nog even liggen.” In de concept-PCS wordt op die conclusie niet concreet ingegaan, terwijl die nota nu juist over uitvoering en communicatie gaat. Wel staat op blz. 4 in paragraaf 2.1. die over het samen doen van gemeente en andere betrokkenen dat de financiële en juridische ondersteuning van de bewoners is gebonden aan “de beschikbare capaciteit en middelen”. Met de huidige opzet kan ik niet inzien hoe het motiverend werkt naar met name burgers om te participeren in een proces dat start met het maken van plannen waarvan de uitvoering als zeer ongewis is gekenmerkt.
Het zou logisch zijn geweest als in beide documenten de huidige beperkingen als startpunt zouden zijn gekozen en vervolgens zou worden aangegeven welke plannen er zijn voor het geval er méér geld beschikbaar mocht komen. Wat mij betreft wordt in het komend jaar de meeste energie door de gemeente gestoken in het stimuleren van isolatie met gebruikmaking van het Nationaal Isolatieprogramma, dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) eind vorige week heeft bekendgemaakt en waarvoor in de rijksbegroting een aanmerkelijk bedrag is opgenomen. b)
Een tweede zwaarwegend bezwaar betreft het vasthouden aan de ambitie dat Gouda in 2040 aardgasvrij is. In de Nota van beantwoording is op blz. 4 opgenomen: “Het nu loslaten van doeljaar 2040 kan de indruk wekken dat de urgentie minder groot is.” Ik kan de psychologische basis achter die redenering niet pakken, zeker niet waar het bewoners betreft. Op welke wijze wordt een gevoel van urgentie opgewekt of versterkt als duidelijk is of wordt dat het gestelde doel niet gehaald kan worden? De hiervoor bedoelde redenering komt wat mij betreft helemaal in een vreemd daglicht te staan als kort daarna op diezelfde blz. 4 over de ambitie m.b.t. de CO2-
reductie wordt gesteld: “Een nog hogere ambitie zal waarschijnlijk tot veel weerstand leiden, waardoor de haalbaarheid teveel onder druk komt te staan.” Waarom gaat deze redenering dan niet op voor het stellen van 2040 als einddoel in het geval dat jaartal om welke redenen ook onhaalbaar blijkt? Er blijkt nog een motivatie te zijn om aan 2040 als einddoel vast te houden. In de Nota van beantwoording is onder nummer 139 op blz. 45 opgenomen: “De vraag << is het reëel om met de huidige kennis vast te houden aan de ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn?>> wordt niet in de TVW beantwoord omdat deze ambitie in het coalitieakkoord verwoord is en daarmee uitgangspunt voor de TVW.” Hopelijk gaat de gemeenteraad er niet in mee om aan een ambitie vast te houden ook al blijkt die praktisch niet uitvoerbaar. In mijn zienswijze heb ik doorrekeningen opgenomen van de aantallen woningen die op basis van de in de concept-TVW zelf opgenomen uitgangspunten in 2030 en 2040 aardgasvrij zouden moeten kunnen zijn. Zelfs in het meest optimistische scenario worden de benodigde aantallen niet gehaald. Ik vind het heel vreemd dat als reactie daarop (zie blz. 36 van de Nota van beantwoording) niet op de berekeningen wordt ingegaan maar wordt volstaan met verwijzing naar de ambitie uit het Coalitieakkoord dat als uitgangspunt voor de concept-TVW heeft gediend.
Ambitie wordt daarmee voor het beleid belangrijker gevonden dan waar een in dat beleid opgenomen planning op uitkomt. Een ander element dat zorgt dat de ambitie “Gouda in 2040 CO2-neutraal en aardgasvrij” als zodanig niet zal worden gehaald is dat de proceswarmte door bedrijven in Gouda buiten de scope van de TVW valt (zie Nota van beantwoording blz. 43 onder 131). Als de TVW zich niet richt op al het aardgasgebruik dat is het gebruik van de aanduiding “Gouda” niet terecht. Wie weet kan bij het naar achteren schuiven van het in de ambitie opgenomen jaartal de proceswarmte wel worden meegenomen en kan de ambitie wel betrekking hebben op (heel) Gouda. Daarbij helpt als voor de actualisering van de TVW niet als uitgangspunt wordt genomen dat dat in beginsel eens per 5 jaar plaatsvindt maar zodra ontwikkelingen daartoe aanleiding geven. Zie ook onder c). c) Gelukkig is via een bijstelling nu éénduidig in de concept-TVW opgenomen dat actualisering van de TVW maximaal na 5 jaar plaatsvindt. Helaas staat niet in de concept-TVW zelf maar alleen in de Nota van beantwoording (blz. 11 onder 20): “Als ontwikkelingen daar aanleiding toe geven kan actualisatie ook eerder plaatsvinden”.
Juist vanwege de ontwikkelingen die in de komende jaren worden verwacht, onder meer ten aanzien van beschikbare financiën als technische ontwikkelingen, is het voor de hand liggender om actualisering als uitgangspunt daaraan te koppelen dan aan een periode. Waar in de concept-TVW een uitspraak over actualisering is opgenomen ontbreekt dat in de concept-PCS. Op blz. 3 van de concept-PCS is opgenomen: “De scope van deze strategie is de uitvoering van de warmtetransitie en dus het hele proces dat is beschreven in de Transitievisie Warmte.” Dat kan worden gelezen als doorlopend tot aan het laatste gebouw dat aardgasvrij wordt. Ik hoop dat een ‘actualiseringsbepaling’ deel gaat uitmaken van de uiteindelijk vastgestelde PCS. d) Wat mij betreft behoeft de concept-PCS op meerdere punten aanpassing. Dat betreft met name de volgende onderwerpen: 1. Het is van belang dat er een onafhankelijk projectleider komt, waarvan de kosten weliswaar door de gemeente worden gedragen maar die onafhankelijk van de gemeente kan functioneren. Gelukkig wordt in de concept-PCS feitelijk erkend dat de gemeente ook specifieke deelbelangen in het proces heeft, zoals verantwoordelijkheid voor onderhoud en
2.
3. 4.
5.
renovatie van het openbaar gebied. Een soepel samenwerkingsproces tussen alle betrokkenen partijen met deelbelangen heeft meer kans op succes met een onafhankelijk projectleider dan een die in dienst is van één van de betrokken partijen. In de concept-PCS is bij de rol van projectleider echter het begrip onafhankelijk tussen haakjes geplaatst. Bovendien wordt er geen duidelijkheid gegeven over wie de keuze van een projectleider(sbureau) maakt. Extra voorzichtigheid op dit punt is van belang vanwege de te verwachten problemen ten aanzien van de financiering van de zogeheten proceskosten (zie hiervoor onder a)) , waardoor een gemeentelijk projectleider opportuun kan worden gevonden. Op blz. 12 e.v. van de concept-PCS is sprake van groepen bewoners die “worden” betrokken. Niet is aangegeven door wie en hoe die groepen dan betrokken gaan worden. Naar mijn overtuiging is niet gegarandeerd dat zogeheten middengroepen automatisch zullen aanhaken, zoals op blz. 12 van de concept-PCS wordt gesuggereerd. Mijn voorstel om vanaf de start van de werkzaamheden verplicht te proberen een Klankbordgroep van o.a. bewoners te vormen op basis van loting (naar het idee van de ‘Commissie Brenninkmeijer’ in het Adviesrapport Betrokken bij klimaat) is niet overgenomen.
In de concept-PCS wordt het begrip buurtbewoners in relatie tot beslissingsprocedure regelmatig gebruikt maar een definitie ervan ontbreekt. Ook het begrip meebeslissen wordt herhaalde malen gebruikt in de concept-PCS, bijvoorbeeld op blz. 16. Ook dit begrip wordt niet verduidelijkt. Voor de participatie van bewoners en andere belanghebbenden is belangrijk dat onder meer duidelijk is hoe zwaar de stem van de verschillende belanghebbenden in de diverse stadia weegt en dat daar per stadsdeel in beginsel geen variatie in is. Er komt niet tot uiting wie over dergelijke zaken het besluit neemt. Op blz. 15 van de concept-PCS staat dat de gemeente “kan” kiezen uit één van de vermelde rollen. Dat schept geen duidelijkheid, vooral niet omdat ook niet wordt vermeld hoe die keuze op welk moment door wie wordt bepaald.
e) In de Nota van beantwoording op blz. 37 bij nummer 114 staat: “De huidige lijn is: TVW en WUP zijn beide programma in de zin van de omgevingswet. (in de TVW liggen datums en jaartallen nog niet vast en het WUP: is de onderbouwing van hetgeen wordt vastgelegd in het omgevingsplan.) In het Omgevingsplan worden de regels gesteld bij datgene wat in het WUP is vastgelegd. Daarmee is formeel het vaststellen van een omgevingsplan de bevoegdheid van de gemeenteraad. Dit neemt niet weg dat het college kan besluiten om (net als bij vaststellen van de TVW) de gemeenteraad te betrekken bij het besluit. Belangrijkste in dit verband is: de intentie van het college om alle processen in nauw overleg met gemeenteraad én alle stakeholders te voeren.” f)
In de Nota van beantwoording wordt bij heel wat voor in ieder geval bewoners belangrijke zaken verwezen naar uitwerking in de “uitvoerende fase”. Zie bijvoorbeeld het antwoord op de vraag om zicht te bieden op wat de bewoners(groepen) op het gebied van ondersteuning kunnen verwachten op blz. 44 onder 138. Wie in de “uitvoerende fase” dan de beslissing neemt blijft echter in het ongewisse.