CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Advies GAB afwegingskader gebruikelijke hulp Wmo

Raadsvergadering 13 december 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: Verordening Maatschappelijke ondersteuning Jeugdhulp 2023891 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage behorende bij Adviezen GAB over de conceptverordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp 2023, maart 2023 Advies en vragen over het afwegingskader gebruikelijke hulp Wmo Maart 2023 We lezen in de verordening maatschappelijke ondersteuning: “Het college kent alleen een maatwerk- of individuele voorziening toe als de eigen kracht van de cliënt, algemene voorzieningen, algemeen gebruikelijke voorzieningen en gebruikelijke hulp ontoereikend zijn om de problemen op te lossen. Gebruikelijke hulp is de hulp die naar algemeen aanvaardbare opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de huisgenoten, tot wie gerekend worden: de partner, ouders, inwonende kinderen en anderen met wie cliënt duurzaam gemeenschappelijk een woning bewoont. Verder geeft de gemeente aan: “dat verschillende situaties ook vragen om een verschillende aanpak. Om deze reden onderzoekt de gemeente per hulpvraag wat er verwacht kan worden van de cliënt en diens netwerk ten aanzien van de hulpvraag. Per hulpvraag staat er centraal wat er redelijkerwijs verwacht kan worden. Hier wordt onder andere aandacht geschonken aan de duur en intensiteit van de hulpvraag, als ook of het een levenslange en/of levensbrede beperking betreft.” Wat redelijk is wordt aangegeven in het afwegingskader gebruikelijke hulp.” In het afwegingskader lezen we: “Per individuele casus wordt maatwerk geleverd.

Dit betekent dat altijd rekening wordt gehouden met ieders persoonlijke omstandigheden; zowel als er meer, als wanneer er minder hulp verwacht kan worden.” Reactie GAB Vooropgesteld willen we benadrukken dat vrijwillige hulp of mantelzorg niet door het College afgedwongen kan worden. Dus zij kan er ook niet van uitgaan dat inwoners elkaar helpen en dit als voorwaarde te stellen alvorens een maatwerkvoorziening wordt geïndiceerd. Uit onderzoek is gebleken dat het zwaar overschat wordt dat problemen opgelost kunnen worden door een beroep te doen op het eigen netwerk. De vanzelfsprekendheid dat mensen met ondersteuningsbehoeften hulp ontvangen van familie, vrienden of buren neemt af in Nederland: het aandeel in de ondersteuning dat door mantelzorgers wordt geboden, daalde tussen 2010 en 2016 van 41% naar 23% (SCP, 2017). In het afwegingskader gebruikelijke hulp wordt aangegeven wat redelijk is en dat er per individuele casus maatwerk geleverd wordt. In dit afwegingskader wordt echter niet expliciet rekening gehouden met huishoudens waarvan een huisgenoot levenslange en levensbrede beperkingen/chronische ziekte heeft.

Hoe kan de gemeente ervoor zorgen dat er inderdaad voldoende ruimte is om af te wijken van het afwegingskader en echt maatwerk te leveren voor deze groep? Het vastleggen in werkinstructies geeft ons inziens onvoldoende zekerheid voor de cliënt en onvoldoende ruimte voor de consulent. Kan er, bijvoorbeeld in geval één van de partners structurele beperkingen heeft, huishoudelijke hulp toegekend worden? Naar onze mening kan het maatwerk voor de groep levenslang/levensbreed beter geborgd worden door een apart afwegingskader te maken voor deze groep. Het is bijvoorbeeld heel wat anders dat kinderen hun ouders in de laatste levensjaren hulp bieden, dan dat je als ouder jaar in jaar uit hulp moet bieden aan je kind met een levenslange beperking, of als partner van iemand met levenslange beperkingen. Hun sociaal netwerk is vaak al overbelast vanwege de continue zorg en ondersteuning die nodig is. Dit geldt ook voor gebruikelijke hulp in relatie tot hulp bij het huishouden. Bij het ontwikkelen van een dergelijk afwegingskader voor levenslang/levensbreed dient de doelgroep zelf en hun mantelzorgers nauw betrokken te worden.

In de regeling maatschappelijke ondersteuning worden een aantal redenen genoemd waarom huisgenoten geen (volledige) gebruikelijke hulp kunnen bieden: a) Als de huisgenoot niet de vaardigheden bezit om de gebruikelijke hulp te bieden en die vaardigheden ook niet kan leren; b) Als de huisgenoot niet voldoende beschikbaar is om gebruikelijke hulp te bieden; c) Als het bieden van gebruikelijke hulp overbelasting voor de huisgenoot oplevert; d) Als er door het bieden van gebruikelijke hulp financiële problemen ontstaan. Deze redenen dienen expliciet terug te komen in het afwegingskader voor de groep levenslang levensbreed, en ruimhartig toegepast te worden. Vooral b en c komen vaak voor: juist bij deze groep is er vaak sprake van een stapeling van zorgtaken, en is het vaak niet mogelijk dat de huisgenoot een (volledige) baan heeft in verband met de zorg voor de partner/kind/ouder. Wat betreft dit afwegingskader zou ook aandacht moeten zijn voor het volgende: Afhankelijk zijn van familie en vrienden voor ondersteuning heeft een negatieve impact op de onderlinge relaties, het doet afbreuk aan het gevoel van gelijkwaardigheid. Hiermee heeft een grote nadruk op gebruikelijke hulp/mantelzorg – en dus een gebrek aan geïndiceerde ondersteuning – een negatieve impact op het vervullen van sociale rollen door mensen met een levenslange beperking.

Een nadruk op gebruikelijke hulp heeft invloed op onder andere de relatie- en gezinsvorming. En hiermee beperkt het belangrijke aspecten van burgerschap: identiteit, er voor de ander kunnen zijn en gelijkwaardigheid1. Tot slot willen we graag wijzen op een kritische beschouwing over het protocol gebruikelijke zorg van het RPCP Zuidoost-Brabant (zie de bijlage). Weliswaar is deze kritische beschouwing gedateerd, en gaat het over een protocol van het CIZ (hoewel het afwegingskader van de gemeente deels gebaseerd is op dit CIZ protocol), toch is de beschouwing zeer interessant voor de adviesraden en de gemeente, omdat de knelpunten en voorbeelden die erin staan (helaas) nog steeds actueel zijn. Ook de meeste aanbevelingen snijden hout. Bijlage: Levenslang…. Kritische beschouwing over het protocol gebruikelijke zorg vanuit het perspectief van lichamelijk beperkten en chronisch zieken. RPCP Zuidoost-Brabant, 2006.

1

Sander Hilberink. Tussen. Over levenslange en levensbrede ondersteuningsbehoeften. 2021.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=eb7ac2ef-9786-4720-99d1-8b02e0b50767