Bijlage 7 2023-02-28 11609-1 UPD SPR revisie E.pdf
Tekst van het document
DLVD advies BV De Geerden 24 5334 LE Velddriel 085 – 750 10 93 advies@DLVD.nl www.DLVD.nl KvK 69650500
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Uitgangspuntendocument Brandbeveiliging Sprinklersysteem
Documentnummer: 11609-1/UPD/SPR Datum: 27 februari 2023 Revisie: E
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Uitgangspuntendocument Brandbeveiliging Sprinklersysteem volgens FM Global Data Sheets
Document nr.:
11609-1/UPD/SPR
Datum:
27 februari 2023
Revisie:
E
Projectnummer:
11609-1
Object:
DC Logistics Centre 1220 Nieuwe Gouwe O.Z. Gouda
Opgesteld door:
H. Dommerhold
Vrijgave:
C. de Groot-Dröge
DLVD advies BV De Geerden 24 5334 LE Velddriel 085 – 750 10 93 hdd@DLVD.nl www.DLVD.nl Dit document bevat vertrouwelijke informatie. Uitsluitend de opdrachtgever mag dit rapport vermenigvuldigen, openbaar maken en verspreiden zonder toestemming van DLVD advies BV, doch uitsluitend in zijn geheel. Voorkomen moet worden dat delen van dit document uit hun verband worden gehaald en mogelijk anders geïnterpreteerd. Op alle opdrachten zijn de voorwaarden zoals vastgelegd in de 'De Nieuwe Regeling 2011, Rechtsverhouding opdrachtgever-architect, ingenieur en adviseur DNR 2011', eerste herziening juli 2013, van toepassing.
Pagina 1 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Inhoudsopgave 1
Inleiding .......................................................................................................................................... 3
2
Omschrijving object en omgeving.................................................................................................... 8
3
Sprinklerinstallatie .........................................................................................................................12
4
Sprinklermeldsysteem ....................................................................................................................27
5
Bouwkundige voorzieningen ..........................................................................................................31
6
Organisatorische maatregelen........................................................................................................36
7
Tekenlijst .......................................................................................................................................45
Pagina 2 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
1
Inleiding Algemeen Dit Uitgangspuntendocument (UPD) betreft het sprinklersysteem in het nieuwe gebouw van DC Logistics Centre 1220 te Gouda. In dit UPD wordt het basisontwerp van het sprinklersysteem vastgelegd. Basisontwerp: Doel, uitgangspunten, ontwerpkeuzes en functionele eisen die onder verantwoordelijkheid van de gebruiker/eigenaar zijn opgesteld. Deze zijn gebaseerd op wetgeving en/of private afspraken ten aanzien van brandbeveiliging (bijvoorbeeld verzekeraar). Deze zijn vastgelegd in een document (of verzameling van documenten) (bijvoorbeeld MPB, UPD, PvE of bestek, dat tevens de relevante geaccepteerde normen/standaards bevat). Het basisontwerp bevat de van toepassing zijnde afgeleide doelstelling(en).
Gebruikte gegevens Voor het opstellen van dit rapport is gebruik gemaakt van de volgende gegevens: Bouwkundig ontwerp van Heembouw; Opgave inventaris van Heembouw; Rapportage Brandbeveiligingsconcept nr. 11609-1/BBC van DLVD advies; Rapportage Brandveiligheid Grote Brandcompartimenten nr. 11609-1/BGB van DLVD advies; Rapportage Beschikbaarheid van vluchtroutes in grote brandcompartimenten (rooklaagberekeningen volgens Vultijdenmodel) nr. 11609-1/VTM van DLVD advies. N.B. Deze opsomming is bedoeld als bronvermelding. Voor zover inhoud van invloed is op de goede werking van de onderhavige beveiliging is dit overgenomen in dit UPD.
PvE brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie Ten behoeve van de integratie van de brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie in de sprinklerbeveiliging (toepassing van gecombineerde sprinklermeld- en brandmeldcentrale) moet dit UPD in samenhang worden gezien met het Programma van Eisen (PvE) voor de brandmeldinstallatie en de ontruimingsalarminstallatie (zie PvE nr. 11609-1/PvE/BMI-OAI van DLVD advies).
Doel van het document Het doel van het document is: Het fungeren als onderbouwing voor toepassing van een gelijkwaardige invulling van prestatie-eisen vanuit het Bouwbesluit t.a.v. brandveiligheid; Het weergeven van de daaraan gerelateerde uitgangspunten voor het sprinkler- en sprinklermeldsysteem, alsmede de bijbehorende bouwkundige- en organisatorische maatregelen.
Demarcatie Dit rapport heeft uitsluitend betrekking op het sprinklersysteem in het gebouw. Overige bouwkundige- of andere eisen t.a.v. het gebouw(deel) maken geen deel uit van dit document.
Pagina 3 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Doelstelling sprinklersysteem 1.6.1 Afgeleide doelstelling Het sprinklersysteem moet invulling geven aan de volgende afgeleide doelstelling: De sprinklerbeveiliging moet een beginnende brand in een vroeg stadium detecteren, signaleren en onder controle houden zodat het bestrijden ervan door de interne en externe brandbestrijdingsorganisaties kan plaatsvinden waardoor schade wordt beperkt, binnen de context van het basisontwerp. Concreet betekent dit dat de sprinklerbeveiliging in deze situatie wordt aangelegd als gelijkwaardige oplossing (conform Bouwbesluit 2012 art. 1.3) voor de aspecten zoals omschreven in het Brandbeveiligingsconcept (zie paragraaf 1.2 van dit UPD).
1.6.2 Aanvullende doelstelling(en) Het sprinklersysteem wordt tevens toegepast als gelijkwaardige oplossing voor de toepassing van bekabeling met functiebehoud (binnen de voorwaarden zoals omschreven in het normatief kader (zie verder het gestelde in hoofdstuk 3 en 4 van dit UPD)). Tevens wordt het sprinklersysteem toegepast ten behoeve van de inzet van de brandweer, waarvoor brandslangaansluitingen worden voorzien welke zijn aangesloten op het sprinklersysteem.
1.6.3 Maatgevend brandscenario Het maatgevende brandscenario is onder toepassing van een sprinklersysteem een lokale brand. Dit is een brand waarbij slechts een beperkte oppervlakte van de vuurlast in het brandcompartiment betrokken is (ter omvang van het maximale sproeivlak van de sprinklerinstallatie). Met de omschrijving van de kenmerken en de risico-indeling van de specifieke te sprinkleren bouwdelen in hoofdstuk 3 van dit UPD wordt (indirect) het brandscenario omschreven zoals bedoeld onder paragraaf 7.3.2 van het inspectieschema 'Basisontwerp' (zie elders in dit hoofdstuk voor een nadere omschrijving van het betreffende schema). Met de indeling in grote brandcompartimenten onder toepassing van een automatische sprinklerinstallatie is voldaan aan de doelstelling van de overheid in het kader van de brandveiligheid (brandbeheersing), zijnde de ongehinderde uitbreiding van een brand te beperken tot een gedeelte van het gebouw.
Pagina 4 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Betrokken partijen (actoren) 1.7.1 Eigenaar/gebruiker De eigenaar/gebruiker van het gebouw heeft de keuze gemaakt met betrekking tot de toepassing van het sprinklersysteem in het kader van de doelstelling. Opmerking: Een sprinklersysteem kan alleen doeltreffend zijn als aan zowel de sprinklertechnische, de bouwkundige als de organisatorische randvoorwaarden wordt voldaan. Het is daarom van het grootste belang dat de in dit UPD omschreven uitgangspunten voor wat betreft het gebouw en de opslag door de eigenaar/gebruiker op juistheid worden gecontroleerd.
1.7.2 Bevoegd gezag De lokale overheid (gemeente) is het bevoegd gezag en is met betrekking tot de beoordeling van de invulling van het gelijkwaardigheidsbeginsel (conform Bouwbesluit 2012 art. 1.3) de toetsende instantie.
1.7.3 Verzekeraar De verzekeraar van het gebouw en inventaris is geen actor in verband met de totstandkoming van dit document.
Inspectie en certificering 1.8.1 Inspectiecertificaat Het brandbeveiligingssysteem (= de sprinklerinstallatie inclusief de direct daaraan verbonden essentiële bouwkundige en organisatorische voorzieningen, die qua functie een toegevoegde waarde leveren aan de doelstelling) moet voor ingebruikname worden voorzien van een inspectiecertificaat volgens het Inspectieschema Brandbeveiliging - 'Inspectie brandbeveiligingssystemen (VBB-BMI-OAI-RBI) op basis van afgeleide doelstellingen' versie 12.0 van het CCV (op grond van de Regeling Bouwbesluit 2012 art. 1.11 lid 1 en art. 1.12). CCV: Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid.
De certificering geeft invulling aan art. 6.32 lid 1 van het Bouwbesluit 2012 (er wordt mee aangetoond dat het sprinklersysteem adequaat functioneert, wordt onderhouden en gecontroleerd). De inspectie moet worden uitgevoerd door een onafhankelijke inspectie-instelling type A volgens NEN-EN/ISO/IEC 17020 die door de Raad van Accreditatie is geaccrediteerd voor deze werkzaamheden of door een accreditatie-instelling in een andere lidstaat van de Europese Unie danwel in een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte en die aan ten minste een gelijkwaardig niveau voldoet.
1.8.2 Inspectie basisontwerp De beoordeling van dit UPD (zijnde het 'basisontwerp') moet door de inspectie-instelling worden uitgevoerd conform het Inspectieschema Brandbeveiliging - 'Inspectie basisontwerp brandbeveiligingssysteem (VBB-BMI-OAI-RBI) op basis van afgeleide doelstellingen' versie 9.0 van het CCV.
Pagina 5 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
De beoordeling moet worden vastgelegd in een inspectierapport en moet worden uitgevoerd voordat met het ontwerp van de sprinklerinstallatie wordt aangevangen.
1.8.3 Beoordeling detailontwerp De beoordeling van het detailontwerp van de sprinklerinstallatie (zoals te vervaardigen door de sprinklerinstallateur) moet door de inspectie-instelling worden uitgevoerd conform het Inspectieschema Brandbeveiliging - 'Inspectie detailontwerp brandbeveiligingssysteem (VBB-BMI-OAIRBI) op basis van afgeleide doelstellingen' versie 9.0 van het CCV. De beoordeling moet worden vastgelegd in een inspectierapport en moet worden uitgevoerd voordat met de aanleg wordt aangevangen.
1.8.4 Toelichting inspectieproces Het inspectieproces bevat de volgende onderdelen: Inspectie basisontwerp Bij deze administratieve inspectie wordt vastgesteld of het basisontwerp (uitgangspuntendocument) voor het brandbeveiligingssysteem voldoet aan de van toepassing zijnde afgeleide doelstelling(en). Inspectie detailontwerp Bij deze administratieve inspectie wordt vastgesteld of het detailontwerp (tekeningen, berekeningen, schema’s, etc.) van het brandbeveiligingssysteem voldoet aan de van toepassing zijnde afgeleide doelstelling(en). Initiële inspectie (eindinspectie) Bij deze inspectie wordt vastgesteld of het brandbeveiligingssysteem voldoet aan de van toepassing zijnde afgeleide doelstelling(en). De inspectie bestaat uit administratieve, visuele en functionele waarnemingen. De inspectie wordt gebaseerd op het beoordeelde basis- en detailontwerp. Vervolg inspectie (periodieke inspectie) Bij deze inspectie wordt vastgesteld of het brandbeveiligingssysteem tijdens het gebruik nog steeds voldoet aan de van toepassing zijnde afgeleide doelstelling(en). Net als de initiële inspectie bestaat ook de vervolginspectie uit administratieve, visuele en functionele waarnemingen.
1.8.5 Inspectiefrequentie Conform de Regeling Bouwbesluit 2012 art. 1.11 lid 2 is voor vervolg inspecties een inspectiefrequentie van 1x jaarlijks aan te houden.
Pagina 6 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Leeswijzer De opbouw van dit rapport is als volgt: – Hoofdstuk 2: omschrijving van het object en de omgeving ervan; – Hoofdstuk 3: eisen t.a.v. de sprinklerinstallatie; – Hoofdstuk 4: eisen t.a.v. het sprinklermeldsysteem; – Hoofdstuk 5: te treffen bouwkundige voorzieningen i.r.t. het sprinklersysteem; – Hoofdstuk 6: te treffen organisatorische maatregelen i.r.t. het sprinklersysteem; – Hoofdstuk 7: tekenlijst waarmee de formele goedkeuring van de actoren op het UPD kan worden vastgelegd.
Versiebeheer Tijdens de ontwikkeling, (ver)bouw en het gebruik van het gebouw(deel) is het mogelijk dat uitgangspunten wijzigen. In onderstaande tabel worden de verschillende versies van dit rapport benoemd, met de reden van de wijziging (wijzigingen zijn door middel van een verticale streep in de kantlijn aangeduid voor wat betreft de meest recente versie). Tekstuele wijzigingen die verder niet van invloed zijn op de inhoud zijn niet als zodanig aangeduid. Revisie
Datum
Wijziging
A
19-04-22
Eerste versie.
B
04-07-22
Aangepast op gewijzigd ontwerp (alleen situatietekening).
C
27-07-22
Aangepast na vooroverleg bevoegd gezag en veiligheidsregio.
D
01-09-22
Opmerkingen veiligheidsregio verwerkt.
E
27-02-23
Opmerkingen veiligheidsregio verwerkt.
Pagina 7 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
2
Omschrijving object en omgeving Gebouwkenmerken Kenmerk
Omschrijving
Bestemming
Industriefunctie: opslag en distributie van koopmansgoederen Voor een meer uitgebreide beschrijving van de bestemming zie hoofdstuk 3 van dit UPD
Gebruik en indeling
-
Sprinklerpompruimte (separaat gebouw) Warehouse (magazijn) 01, opslaghal en expeditie Warehouse 01, mezzanine Warehouse 01, kantoorgedeelte begane grond Warehouse 01, kantoorgedeelte 1e verdieping Warehouse (magazijn) 02, opslaghal en expeditie Warehouse 02, mezzanine (bestaande uit 2 delen, aan weerszijden van het kantoorgedeelte) Warehouse 02, kantoorgedeelte begane grond Warehouse 02, kantoorgedeelte 1e verdieping Warehouse 02, kantoorgedeelte 2e verdieping
Luifels en/of overstekken
Vloeroverstek van kantoorgedeelte 1e verdieping boven de loading docks
Verlaagde plafonds
Aanwezig in kantoren en nevenruimten (minerale tegels in metalen frame, geheel gesloten constructie, geen toepassing van roosterplafonds, openingen voor ventilatiedoeleinden zijn toegestaan, zie ook hoofdstuk 5)
Verhoogde vloeren (b.v. 'computervloer')
Niet aanwezig
Kruipruimten
Niet aanwezig
Vides
Aanwezig (N.B. Trapgaten in trappenhuizen gelden niet als vides)
Daklichten
Niet aanwezig
Tussenwanden
De mezzanines hebben een open verbinding boven en onder de vloer naar de warehouses
Ventilatie
-
Ruimtetemperatuur
Alle ruimten worden op ten minste +4 C gehouden
PV-panelen
Aanwezig op het dak van het warehouse, zie hoofdstuk 5 van dit UPD voor aanvullende voorwaarden
Transportsystemen
Personenlift in het kantoorgedeelte 02 (voorzien van elektromechanische aandrijving geïntegreerd in de liftschacht)
Brandslanghaspels
-
Brandhydranten (uitpandig)
Niet aangesloten op de sprinklerinstallatie
Brandslangaansluitingen (t.b.v. inzet brandweer inpandig) Tabel 1
Aangesloten op de sprinklerinstallatie
Luchtbehandelingsinstallatie in de kantoorgedeelten Geen mechanische ventilatie van significante omvang in de warehouses
Kantoorgedeelten: aangesloten op de drinkwaterleiding Mezzanines: aangesloten op de drinkwaterleiding of de sprinklerinstallatie Warehouses: aangesloten op de sprinklerinstallatie
Pagina 8 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Inpandige gebouwhoogten Gebouwdeel
Hoogte
Sprinklerpompruimte
< 9,0 m
Opslaggedeelten
Max. 13,7 m onderkant dak, te meten bovenin de cannelures (zie toelichting)
Expedities (onder mezzanines)
< 6,0 m onder mezzanines
Mezzanines
< 6,0 m op mezzanines
Kantoorgedeelten
< 9,0 m (per bouwlaag)
Luifel (vloeroverstek) Tabel 2
< 9,0 m
Toelichting: - Vlak dak, helling < 10 ; - De maximale dakhoogte is te meten in het hoogste punt van de onderkant van het dak (rekening houdend met het afschot), in de bovenkant van de cannelures van de stalen profielplaten.
Situatie
Magazijn 01
Magazijn 02
Toelichting: - De tekening is niet op schaal. - Het betreft een volledig te beveiligen gebouw.
Pagina 9 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 -
Er gelden geen brandwerendheidseisen voor de gevels van het gebouw.
Ligging Gevel
Afstand (m) gevels tot: Perceelsgrens
Overzijde openbare weg/groen/water
Gebouwen op eigen perceel
West
Ca. 5,00
> 150 (Coenecoopbrug)
--
Noordoost
Ca. 5,02
--
--
Zuidoost
Ca. 5,05 > 23,3
-> 150 (Nieuwe Gouwe O.Z.)
--
Zuid
Ca. 15,9
> 150 (Nieuwe Gouwe O.Z.)
--
Zuidwest
> 16,9
> 150 (Nieuwe Gouwe O.Z.)
--
Tabel 3 Toelichting: - De afstanden zijn afgeleid van de situatietekening. - Voor de afstanden overzijde openbare weg/water/groen is gebruik gemaakt van www.ruimtelijkeplannen.nl. - Objecten/belendingen op eigen perceel die op > 10,0 m vanaf het te beveiligen gebouw zijn gelegen worden niet beschreven daar deze verder niet relevant zijn in het kader van dit UPD.
Omgeving 2.5.1 Gebouwen op eigen perceel Binnen een afstand van 10,0 m tot het onderhavige gebouw bevinden zich geen ongesprinklerde gebouwen of gebouwdelen op hetzelfde perceel.
2.5.2 Gebouwen op belendende percelen Binnen een afstand van 10,0 m tot het onderhavige gebouw bevinden zich mogelijk ongesprinklerde gebouwen op belendende percelen. Zie hoofdstuk 5 van dit UPD voor de te treffen maatregelen in het kader van het voorkomen van brandoverslag.
2.5.3 Trafo-opstellingen Trafo-opstellingen die geheel in beton/staal zijn uitgevoerd, niet betreedbaar zijn en geen olie bevatten vormen geen brandoverslagrisico. Trafo-opstellingen die hier niet aan voldoen vormen een brandoverslagrisico en moeten als zodanig op ten minste 10,0 m afstand tot het onderhavige gebouw worden geplaatst. Optioneel kunnen dergelijke opstellingen d.m.v. een brandwerende scheiding conform het gestelde in hoofdstuk 5 van dit UPD worden afgeschermd van het onderhavige gebouw.
2.5.4 Opstelling laadpunten elektrisch aangedreven voertuigen Laadpunten t.b.v. elektrisch aangedreven personenauto's of tweewielers worden als brandoverslagrisico gezien en moeten als zodanig op ten minste 10,0 m afstand tot het onderhavige gebouw worden geplaatst, inclusief het te laden voertuig.
Pagina 10 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Optioneel kunnen dergelijke opstellingen d.m.v. een brandwerende scheiding conform het gestelde in hoofdstuk 5 van dit UPD worden afgeschermd van het onderhavige gebouw.
2.5.5 Opstelling omvormers van PV-systemen Omvormers van PV-systemen worden als brandoverslagrisico gezien en moeten als zodanig op ten minste 10,0 m afstand tot de gevels van het onderhavige gebouw worden geplaatst of inpandig worden opgesteld in het gesprinklerde gebouw. Optioneel kunnen dergelijke opstellingen d.m.v. een brandwerende scheiding conform het gestelde in hoofdstuk 5 van dit UPD worden afgeschermd van het onderhavige gebouw.
2.5.6 Brandbare buitenopslag Binnen een afstand van 10,0 m (of 1,5x de stapelhoogte van de buitenopslag, waarbij de grootste afstand bepalend is) tot het onderhavige gebouw bevindt zich geen brandbare buitenopslag. Personenauto's worden in het kader van de certificering van de sprinklerbeveiliging niet beschouwd als brandbare buitenopslag. Toelichting: - Dit is een algemeen in Nederland toegepaste zienswijze t.a.v. het parkeren van personenauto's in de daartoe ingerichte parkeervakken. Opstelling van personenauto's mag geen permanent karakter hebben. - Overigens komen geen parkeerplaatsen voor personenauto's voor op minder dan 10 m van het gebouw.
Constructiematerialen Constructieonderdeel
Materiaal
Dak
-
Dakisolatie
PIR FM-approved (beperkt brandbaar)
Gevels
-
Gevelisolatie
PIR (brandbaar)
Luifel (vloeroverstek)
Beton
Vloeren
Beton
Vloerisolatie
-
Metalen dakplaten Dakbedekking niet brandgevaarlijk (volgens NEN 6063) Metalen sandwichpanelen met isolatiekern Betonnen plint
Begane grond vloer: niet relevant (want geheel afgedekt met betonnen vloer) Verdiepingsvloeren: geen
Tabel 4 Toelichting: - 'Onbrandbaar' = materiaal dat ten minste voldoet aan brandklasse A2 volgens NEN-EN 13501-1 of onbrandbaar is volgens NEN 6064; - 'Beperkt brandbaar' = materiaal dat ten minste voldoet aan brandklasse B volgens NEN-EN 13501-1; - 'Brandbaar' = materiaal dat niet voldoet aan bovenstaande brandklassen.
Pagina 11 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3
Sprinklerinstallatie Omvang van de sprinklerbeveiliging Het gebouw moet geheel worden gesprinklerd, inclusief de sprinklerpompruimte en de luifel (vloeroverstek). De volgende ruimten en gebouwdelen mogen ongesprinklerd worden gelaten, onder voorwaarde dat wordt voldaan aan het gestelde in hoofdstuk 5 en/of 6: Toiletten en/of doucheruimten (voorruimten en MIVA-toiletten moeten wel worden gesprinklerd); Onbetreedbare bouwkundige (meter)kasten; Loze ruimten boven verlaagde plafonds; Onbetreedbare bouwkundige schachten (niet zijnde een liftschacht); HS/LS-ruimten; Metalen luchtbehandelingskasten.
Normatief kader 3.2.1 Risicobeoordeling De beoordeling van het risico is gebaseerd op de volgende voorschriften: Ruimte/object
Voorschrift
Uitgave
Loze ruimten boven verlaagde plafonds
FM Global Data Sheet 1-12 'Ceilings and concealed spaces'
2020 Edition (July)
Luchtbehandelingskasten
FM Global Data Sheet 1-45 'Air conditioning and ventilating systems'
2018 Edition (January)
Kantoren en nevenruimten Sprinklerpompruimte Expedities Techniekruimten Luifel Liftschacht
FM Global Data Sheet 3-26 'Fire protection for nonstorage occupancies'
2021 Edition (October)
Sprinklerpompruimte
FM Global Data Sheet 7-32 'Ignitable liquid operations'
2020 Edition (April)
Categorie-indeling goederen FM Global Data Sheet 8-1 'Commodity classification'
2021 Edition (April)
Opslag algemeen
FM Global Data Sheet 8-9 'Storage of Class 1-4 and plastic commodities'
2022 Edition (January)
Opslag lege pallets (inpandig) Tabel 5
FM Global Data Sheet 8-24 'Idle pallet storage'
2015 Edition (January)
Pagina 12 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.2.2 Installatievoorschriften De sprinklerinstallatie moet worden ontworpen en aangelegd op basis van de volgende voorschriften: Installatiedeel
Voorschrift
Uitgave
Algemeen
FM Global Data Sheet 2-0 'Installation guidelines for automatic sprinklers'
2021 Edition (October)
Hydraulische berekeningen
FM Global Data Sheet 3-0 'Hydraulics of fire protection systems'
2010 Edition (March)
Sprinklerpompset
FM Global Data Sheet 3-7 'Stationary Pumps for Fire Protection'
2021 Edition (October)
Technisch Bulletin 77B – 'Pompsets voor VBB-systemen'
december 2020
FM Global Data Sheet 3-2 'Water tanks for Fire Protection'
2021 Edition (July)
Technisch Bulletin 67B – 'Controle- en onderhoudsregime voor waterreservoirs'
juli 2016
Technisch Bulletin 67B/A1 – Wijzigingsblad A1 op TB67B 'Controleen onderhoudsregime voor waterreservoirs'
februari 2018
Sprinklers in liftschacht
LA-02 'Liftvreemde apparatuur en liftinstallatie', SBCL
maart 2018
Leidingmaterialen Beugeling Sprinklermeldsysteem Elektrische installatie
NEN-EN12845:2015+NEN1073:2018 verder in dit UPD te noemen: NEN-EN 12845)
februari 2018
Gelijkwaardigheid bekabeling uit te voeren met functiebehoud
NPR 2576 'Functiebehoud bij brand - Richtlijn voor transmissiewegen'
mei 2018
Beheer sprinklerinstallatie (buitenbedrijfstelling, controles, inspecties en onderhoud)
Technisch Bulletin 80 – 'Beheer en onderhoud van sprinklerinstallaties'
juni 2021
Brandwerende scheidingen gesprinklerd/ongesprinklerd Brandbare buitenopslag Objecten met brandoverslagrisico Tabel 6
NEN-EN12845:2015+NEN1073:2018 verder in dit UPD te noemen: NEN-EN 12845)
februari 2018
Technisch Bulletin 65A – 'Omvang VBB-systemen'
april 2021
Watervoorraad
Toelichting 1: Voor een aantal onderdelen van de sprinklerinstallatie wordt geen gebruik gemaakt van FM voorschriften, overwegende het volgende: - Leidingmaterialen: de in de NEN-EN 12845 voorgeschreven NEN- of DIN normen voor leidingmaterialen sluiten beter aan bij de leveringsmogelijkheden van componenten en onderdelen in Nederland. Hierdoor wordt een hogere mate van systeembeschikbaarheid bereikt bij eventuele reparaties van leidingen (snelle levering van vervangende leidingen is mogelijk), in vergelijking tot leidingmateriaal conform ASTM specificaties zoals voorgeschreven in FM. Verder wordt erop gewezen dat de sprinklerinstallateur gehouden blijft om in de hydraulische berekeningen de juiste inwendige diameter en inwendige ruwheid toe te passen. Conform FM mogen alleen koppelingen en fittingen worden toegepast die FM approved zijn. - Beugeling van de leidingnetten: de NEN-EN 12845 sluit beter aan bij de in Nederland gebruikelijke bouwconstructies. De in de VS gebruikelijke bouwwijze (o.a. met dunnere stalen profielplaten voor dakconstructies) wijkt af van de in Nederland toegepaste dakplaten, waardoor met de beugeling op basis van de NEN-EN 12845 een
Pagina 13 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
-
-
doelmatige en betrouwbare bevestiging van leidingen mogelijk is. E.e.a. heeft zich in de dagelijkse praktijk afdoende bewezen. Conform FM mogen alleen beugels worden toegepast die FM approved zijn. Sprinklermeldsysteem: hiervoor wordt de NEN-EN 12845 toegepast aangezien daarin wordt verwezen naar de NEN 2535 die veelal wordt voorgeschreven in de aansluitvoorwaarden van alarmcentrales. Bovendien sluit e.e.a. beter aan bij de diverse EN54 normen voor de in Nederland toe te passen componenten. Elektrische installatie: de NEN-EN 12845 sluit aan bij NEN 1010. Bekabeling uit te voeren met functiebehoud: in FM Data Sheets worden hiervoor geen specifieke eisen omschreven. Brandwerende scheidingen: NEN 1073 wordt toegepast in plaats van de bouwkundige eisen van FM voor scheidingen tussen gesprinklerde en ongesprinklerde bouwdelen omdat dit voorschrift beter aansluit bij de eisen t.a.v. brandcompartimentering vanuit het Bouwbesluit.
Toelichting 2: FM Global Data Sheet 1-57 'Plastics in construction' 2018 Edition (January), waarnaar wordt verwezen vanuit FM 2-0 maakt geen deel uit van het normatief kader aangezien FM Global niet als actor bij het onderhavige project is betrokken.
3.2.3 Afwijkingen normatief kader In dit UPD zijn geen afwijkingen op het voornoemde normatief kader opgenomen, anders dan toepassingen van de NEN-EN 12845 zoals omschreven in de toelichting van de voorgaande paragraaf en bij specifieke paragrafen in hoofdstuk 5 van dit UPD. E.e.a. staat de certificering van het sprinklersysteem niet in de weg, zoals met de beoordeling van het onderhavige UPD door de inspectie-instelling zal worden aangetoond en bevestigd.
Authority Having Jurisdiction Als 'Authority Having Jurisdiction' (AHJ), zoals gedefinieerd in FM, zal voor wat betreft de interpretatie van de voorschriften voor de sprinklerinstallatie een onafhankelijke inspectie-instelling type A volgens NEN-EN/ISO/IEC 17020 optreden. De overheid is eveneens AHJ.
Listing en Approval Alle in de FM Data Sheets met 'listed' omschreven onderdelen en materialen moeten in principe zijn voorzien van FM-approval (FM Approvals LLC). Materialen van een gerenommeerd merk, die niet door FM zijn goedgekeurd, moeten zijn voorzien van een door de AHJ geaccepteerde goedkeuring. Als beproevingsinstanties komen in ieder geval in aanmerking: Loss Prevention Certification Board (LPCB); Verband der Sach- und Schadenversicherer (VdS). N.B. Dit geldt alleen voor onderdelen en materialen van de sprinklerinstallatie. Andere (bouwkundige) materialen vallen hier niet onder.
Pagina 14 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Uitvoering sprinklerinstallatie 3.5.1 Ontwerpgegevens Warehouses (incl. gebieden op en onder de mezzanines) Kenmerken Gebruik
Opslag en distributie van koopmansgoederen (zie hoofdstuk 6 voor niet toegestane goederen)
Opslagtype
Warehouses
-
-
Op mezzanines
-
Palletstellingen, in enkele en dubbele rij, niet voorzien van dichte legborden (FM 8-9: single/double row open frame rack storage) Gangpaden tussen de stellingen zijn ten minste 1,8 m breed Los gestapeld al dan niet op pallets (FM 8-9: solid piled or palletized storage) Geen toepassing van meervoudige stellingen (FM 8-9: multiple row racks, deze zijn optioneel toe te passen onder nadere voorwaarden) Mogelijk opslag in legbordstellingen (FM 8-9: shelf- or bin-box storage) Los gestapeld al dan niet op pallets (FM 8-9: solid piled or palletized storage)
Onder mezzanines Los gestapeld al dan niet op pallets (FM 8-9: solid piled or palletized (expeditie) storage) Indeling goederen (enkele voorbeelden, zie ook hoofdstuk 6 van dit UPD)
Opslaghoogte
Papier/karton
Class 3 commodity
Kunststof artikelen in kartonnen dozen
Cartoned unexpanded plastics
Kunststof artikelen, niet verpakt in kartonnen dozen Lege kunststoffen pallets
Uncartoned (exposed) unexpanded plastics, let op: alleen toegestaan in de warehouses als opslag op de vloer (niet in palletstellingen) tot max. 7,5 m hoogte
Schuimkunststoffen of goederen met meer dan 40 volume % schuimkunststoffen in kartonnen verpakking
Cartoned expanded plastics, let op: alleen toegestaan op of onder de mezzanines
Schuimkunststoffen of goederen met meer dan 10 volume % schuimkunststoffen zonder (volledige) kartonnen verpakking
Uncartoned (exposed) expanded plastics, let op: alleen toegestaan op of onder de mezzanines
Lege houten pallets
Wood pallet, in te delen als uncartoned (exposed) unexpanded plastics, let op: alleen toegestaan in de warehouses als opslag op de vloer (niet in palletstellingen) tot max. 7,5 m hoogte
-
De opslaghoogte moet worden beperkt tot 0,9 m onder de sprinklerspreidplaten De opslaghoogte van niet in karton verpakte kunststoffen en lege pallets moet worden beperkt tot max. 7,5 m hoogte
Zie voor het vervolg van deze tabel de volgende pagina.
Pagina 15 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 Ontwerpgegevens Risico-indeling
-
Proces: FM 3-26 'Distribution hubs' (HC-3), met gebouwhoogte < 13,7 m (zie 'Bijzonderheden') Warehouses: open frame rack storage of cartoned unexpanded plastics, met gebouwhoogte max. 13,7 m (zie 'Bijzonderheden') Warehouses: solid piled or palletized storage of uncartoned unexpanded plastics, met gebouwhoogte max. 13,7 m (zie 'Bijzonderheden') Op en onder mezzanines: solid piled-, palletized-, shelf- or bin-box storage of uncartoned expanded plastics, met gebouwhoogte < 6,0 m
Voorschrift
-
Min. druk op sprinklers
Daknet boven mezzanines
1,4 bar (140 kPa)
Daknet overig
4,1 bar (410 kPa) (zie ook 'Bijzonderheden')
Onder mezzanines
1,8 bar (180 kPa)
Daknet boven mezzanines
9 sprinklers
Daknet overig
12 sprinklers
Onder mezzanines
12 sprinklers
Max. sproeivlak
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1 (zie 'Bijzonderheden') FM 8-9: Table 6, 14 en 17b alsook sub 2.3.6.9.7 FM 8-24: Table 3, sub 2.2.3.1.4, sub 2.2.3.2.1.3 en sub 2.2.2
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Daknet
Ceiling level storage K25.2, pendent
Onder mezzanines
Ceiling level storage K14.0, pendent or upright
Daknet
360 (metrisch)
Onder mezzanines
200 (metrisch)
K-factor sprinklers Temperatuur sprinklers
Ordinary: 70 C
Reactietijd sprinklers
Quick response
Bijzonderheden
-
-
-
-
De binnenwerkse hoogte van het gebouw bedraagt maximaal 13,7 m (te meten in het hoogste punt van de onderkant van het dak, in de bovenkant van de cannelures van de stalen profielplaten). Volgens FM 8-9 is de maximale dakhoogte 13,5 m. Gezien de afronding naar metrische eenheden (45 voet is 13,716 m) wordt 13,7 m als acceptabel beschouwd. Het is toegestaan om (zonder nadere sprinklertechnische maatregelen) acculaders op te stellen in de warehouses. 'Quick response ceiling level storage sprinklers', zoals omschreven in de FM Global Data Sheets, zijn ook bekend als 'early suppression fast response sprinklers' (ESFR sprinklers). Dit betreft hetzelfde type sprinklers. De K25.2 sprinklers moeten met het thermisch element op maximaal 325 mm uit de bovenzijde van de cannelures van de dakplaten worden aangebracht. Er mag een afstand van maximaal 425 mm worden gehanteerd mits de druk op de sprinklers dan wordt verhoogd tot 5,2 bar (520 kPa). De ontwerpgegevens voor het distributieproces zijn hier niet maatgevend. Vanuit FM 3-26 sub 2.2.1 wordt als zodanig verwezen naar FM 8-9.
Tabel 7
Pagina 16 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.2 Ontwerpgegevens Techniekruimten Kenmerken Gebruik
-
Techniekruimten: opstelling van diverse technische installaties Geen opslag aanwezig
Opslagtype
Niet van toepassing
Indeling goederen
Niet van toepassing
Opslaghoogte
Niet van toepassing
Ontwerpgegevens Risico-indeling
FM 3-26: 'Utility rooms' (HC-2), met gebouwhoogte < 9,0 m
Voorschrift
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1
Min. sproeidichtheid
8 mm/min
Max. sproeivlak
Alle sprinklers in de ruimte (oppervlak is kleiner dan een max. sproeivlak van 230 m2)
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Serverruimte
Nonstorage, pendent concealed (zie 'Bijzonderheden')
Overig
Nonstorage, pendent or upright
K-factor sprinklers
Ten minste 80 (metrisch)
Temperatuur sprinklers
Intermediate: 100 °C
Reactietijd sprinklers
Standard or quick response
Bijzonderheden
-
In deze ruimten mag geen opslag worden geplaatst. In een serverruimte (mits voorzien van een verlaagd plafond) moeten zogenaamde 'concealed' sprinklers worden aangebracht, ter voorkoming van waterschade bij onbedoeld beschadigen van de sprinklers. Als de ruimte niet van een verlaagd plafond wordt voorzien, dan zijn 'upright' sprinklers toe te passen.
Tabel 8
Pagina 17 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.3 Ontwerpgegevens Sprinklerpompruimte Kenmerken Gebruik
Opstelling dieselmotor aangedreven sprinklerpompset (incl. brandstoftank)
Opslagtype
Geen opslag aanwezig
Indeling goederen
Niet van toepassing
Opslaghoogte
Niet van toepassing
Ontwerpgegevens Risico-indeling
-
FM 3-26: 'Utility rooms' (HC-2), met gebouwhoogte < 9,0 m FM 7-32: 'Indoor tanks' (dieselolie, vlampunt < 93 °C), met gebouwhoogte < 12,0 m
Voorschrift
-
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1 FM 7-32: Table 2.4.3 (maatgevend)
Min. sproeidichtheid
12 mm/min
Max. sproeivlak
Alle sprinklers in de ruimte (oppervlak is kleiner dan een max. sproeivlak van 230 m2)
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Nonstorage, pendent or upright
K-factor sprinklers
Ten minste 115 (metrisch)
Temperatuur sprinklers
High: 140 °C
Reactietijd sprinklers
Standard response
Bijzonderheden
-
In deze ruimte mag geen opslag worden geplaatst. Aangezien de brandstoftank van de dieselmotor dubbelwandig is uit te voeren, is geen afvoer van bluswater en/of product (FM: 'drainage') noodzakelijk.
Tabel 9
Pagina 18 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.4 Ontwerpgegevens Liftschacht personenlift Kenmerken Gebruik
Opstelling van liftinstallatie (liftschacht met geïntegreerde elektromechanische liftmachinekamer) Geen opslag aanwezig
Opslagtype
Niet van toepassing
Indeling goederen
Niet van toepassing
Opslaghoogte
Niet van toepassing
Ontwerpgegevens Risico-indeling
FM 3-26: 'Utility rooms' (HC-2), met gebouwhoogte < 18,0 m
Voorschrift
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1
Min. sproeidichtheid
8 mm/min
Max. sproeivlak
Alle sprinklers in de schacht (oppervlak is kleiner dan een max. sproeivlak van 230 m2)
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem (zie 'Bijzonderheden')
Type sprinklers
Nonstorage, sidewall
K-factor sprinklers
Ten minste 115 (metrisch)
Temperatuur sprinklers
Intermediate: 100 °C
Reactietijd sprinklers
Standard response
Bijzonderheden
-
-
In een liftschacht mag geen opslag worden geplaatst. Er mogen geen sprinklerleidingen in een liftschacht worden aangebracht (uitsluitend de montage van de wandsprinklers direct op de wand is toegestaan). Uitvoering van de sprinklers moet voldoen aan advies LA-02 van het SBCL. Sprinklers moeten worden voorzien van een beschermkorf. Er wordt een sprinklersysteem toegepast in combinatie met automatische rookdetectie (zie PvE BMI-OAI).
Tabel 10
Pagina 19 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.5 Ontwerpgegevens Luifel (vloeroverstek) Kenmerken Gebruik
-
Opstelling van vrachtwagens voor laden/lossen Geen opslag aanwezig
Opslagtype
Niet van toepassing
Indeling goederen
Niet van toepassing
Opslaghoogte
Niet van toepassing
Ontwerpgegevens Risico-indeling
FM 3-26: 'Truck loading docks' (HC-3), met gebouwhoogte < 9,0 m
Voorschrift
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1
Min. sproeidichtheid
12 mm/min
Max. sproeivlak
De gehele luifel omdat het betreffende oppervlak kleiner is dan 230 m2
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Nonstorage, dry horizontal sidewall (droge horizontale wandsprinklers, zie 'Bijzonderheden')
K-factor sprinklers
Ten minste 80 (metrisch) of 200 EC (metrisch)
Temperatuur sprinklers
Ordinary: 70 °C
Reactietijd sprinklers
Standard response
Bijzonderheden
– – -
Onder de luifel is geen opslag van goederen toegestaan, alleen transport. Opstelling van afvalperscontainers is wel toegestaan (zie ook elders in dit hoofdstuk voor aanvullende voorwaarden). Projectering van de sprinklers moet plaatsvinden volgens de eisen van FM 2-0 voor een HC-2 risico (toepassing van wandsprinklers is in principe niet toegestaan in een HC-3 risico). Gezien de geringe diepte van de luifels van ca. 1,8 m en het feit dat de gehele luifel binnen het maximum sproeivlak is gelegen wordt dit als acceptabel beschouwd.
Tabel 11
Pagina 20 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.6 Ontwerpgegevens Kantoren en nevenruimten Kenmerken Gebruik
-
Kantoren/nevenruimten en kantine met keuken: Zoals gebruikelijk voor een dergelijke gebruiksfunctie Geen opslag aanwezig, m.u.v. bergingen of archiefruimten, zie hiervoor de separate tabel met ontwerpgegevens
Opslagtype
Niet van toepassing
Indeling goederen
Niet van toepassing
Opslaghoogte
Niet van toepassing
Ontwerpgegevens Risico-indeling
FM 3-26: 'Offices', 'Kitchens', 'Restaurant seating areas' (HC-1), met plafondhoogte < 9,0 m
Voorschrift
FM 3-26: Table 2.2.2, 2.3.1.10 en C-1
Min. sproeidichtheid
4 mm/min
Max. sproeivlak
140 m2
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Nonstorage, pendent or upright
K-factor sprinklers
Ten minste 80 (metrisch)
Temperatuur sprinklers
Ordinary: 70 °C
Reactietijd sprinklers
Quick response
Bijzonderheden
-
-
-
-
De hoogte in de vide van kantoor 02 is groter dan 9,0 m, echter gezien de beperkte omvang van de vide (ca. 35 m2) en de ligging in een EBV (met 30 minuten WBDBO afgescheiden van de rest van het kantoorgedeelte) wordt ervan uitgegaan dat deze niet significant is voor de ontwerpgegevens van de kantoorverdieping. De sprinklers langs de randen van de vides moeten op max. 1,8 m h.o.h. worden geprojecteerd, aangezien de vide in beide richtingen < 6,1 m is en kleiner is dan 93 m2. Tevens moet langs de randen van de vides een draft curtain worden aangebracht (zie verder hoofdstuk 5 van dit UPD). In deze ruimten mag geen opslag worden geplaatst. Deze ontwerpgegevens gelden ook voor loze ruimten boven verlaagde plafonds die niet voldoen aan de eisen om ongesprinklerd te kunnen blijven (zie hoofdstuk 5 van dit UPD). In de keuken is geen vast opgestelde frituurinstallatie aanwezig.
Tabel 12
Pagina 21 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.5.7 Ontwerpgegevens Bergingen en archiefruimten (in kantoorgedeelten) Kenmerken Gebruik
Opslag van diverse goederen
Opslagtype
Los gestapeld en in legbordstellingen (FM 8-9: solid piled, palletized, shelf of bin-box storage)
Indeling goederen
Maatgevend: uncartoned unexpanded plastics
Opslaghoogte
Tot maximaal 0,9 m onder de sprinklerspreidplaten
Ontwerpgegevens Risico-indeling
Solid piled, palletized, shelf of bin-box storage of uncartoned unexpanded plastics, met gebouwhoogte max. 6,0 m
Voorschrift
FM 8-9: Table 5 en 14
Min. druk op sprinklers
2,8 bar (280 kPa)
Max. sproeivlak
12 sprinklers (of alle sprinklers als er minder sprinklers in de ruimte aanwezig zijn)
Min. sproeitijd
60 min
Soort installatie
Nat systeem
Type sprinklers
Storage, pendent or upright
K-factor sprinklers
160 (metrisch)
Temperatuur sprinklers
Ordinary: 70 °C
Reactietijd sprinklers
Standard or quick response
Bijzonderheden Tabel 13
--
Pagina 22 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Indeling alarmkleppen Conform FM 2-0 wordt het aantal alarmkleppen bepaald door de hydraulische berekeningen, er moet ten minste één alarmklep per Warehouse worden opgesteld. Voor de sprinklerpompruimte is geen separate alarmklep vereist. Het brandalarm van de sprinklers in de sprinklerpompruimte mag via een stromingsschakelaar worden gesignaleerd. Voor wat betreft de sectie-indeling (detectiezones, te realiseren d.m.v. alarmkleppen en stromingsschakelaars) wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van dit UPD.
Omloopleiding De alarmklep(pen) moet(en) worden voorzien van een omloopleiding met afsluiters (te voorzien van elektrische standbewaking, aan te sluiten op het sprinklermeldsysteem (zie ook het gestelde in hoofdstuk 4 van dit UPD). Toelichting: Bij onderhoud aan de alarmklep kan daarmee het sprinklersysteem in bedrijf worden gehouden. Bovendien kan met de afsluiters worden voorkomen dat bij onderhoud aan de alarmklep het gehele sprinklerleidingnet moet worden afgetapt en weer gevuld.
Alarmklepopstelling Alarmkleppen worden bij voorkeur in de sprinklerpompruimte opgesteld. Alarmklepopstellingen buiten de sprinklerpompruimte moeten van een aanrijdbeveiliging worden voorzien en op de begane grond in de nabijheid van een buitendeur worden opgesteld. Een alarmklepopstelling moet vrij toegankelijk zijn en moet rondom worden vrijgehouden van opslag (ook boven de alarmklepopstelling mag geen opslag aanwezig zijn). Ter plaatse van een alarmklepopstelling moet (nood)verlichting aanwezig zijn. Toelichting: Het bovenstaande wijkt af van FM eisen, maar is conform NEN-EN 12845 toegestaan. Deze afwijking van de voorschriften moet nog door de inspectie-instelling worden beoordeeld en als zodanig in het beoordelingsdocument worden vastgelegd.
Inspector's Test Connection (ITC) Om het brandalarm te kunnen beproeven moet per alarmklep en stromingsschakelaar een ITC op het leidingnet worden aangebracht. De K-factor van de doorlaat moet in overeenstemming met de toegepaste sprinklers zijn. De ITC moet van een vaste afvoer worden voorzien. Een ITC moet worden aangebracht op een positie die gemakkelijk bereikbaar is voor testwerkzaamheden. Toelichting: - Het is conform FM 2-0 sub 2.3.4 geen vereiste om een ITC aan te sluiten op het hydraulisch meest ongunstig gelegen gedeelte van een sprinklerleidingnet. - Conform FM 2-0 sub 2.3.3 blijft het echter wel een voorwaarde dat brandalarmen binnen 60 seconden kunnen worden gegenereerd.
Pagina 23 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
Hydraulische berekeningen De leidingnetten moeten volgens volledige hydraulische berekeningen worden ontworpen, rekening houdend met de inwendige diameters en ruwheid als behorende bij het toegepaste type leidingmateriaal. Er moet rekening worden gehouden met een 'hose demand', vanwege de aansluiting van brandslanghaspels en/of brandslangaansluitingen op de sprinklerwatervoorziening (zie ook elders in dit hoofdstuk).
Kolombeveiliging Extra sprinklerbeveiliging van kolommen van de (stalen) draagconstructie van de warehouses d.m.v. kolomsprinklers is niet vereist (bron: FM 8-9 sub 2.1.2). Toelichting: Dit betekent dat de draagconstructie door de sprinklers aan het dak/plafond al afdoende wordt gekoeld waardoor deze in stand wordt gehouden gedurende de sproeitijd.
Sprinklers in trappenhuizen In trappenhuizen van onbrandbare constructie en met onbrandbare trappen (eventueel voorzien van beperkt brandbare afwerkingsmaterialen) moeten de volgende sprinklers worden aangebracht, onder de voorwaarde dat er onder de trappen-/trapbordessen geen brandbare opslag/inventaris aanwezig is: – Bovenin de schacht; – Onder het eerste bordes boven de begane grond vloer; – Boven elk bordes waar een deur op uitkomt.
Blusvoorzieningen 3.13.1 Brandslanghaspels De brandslanghaspels in de kantoorgedeelten en (optioneel) op de mezzanines worden aangesloten op de drinkwaterleiding. In de warehouses (opslaghallen, expedities en (optioneel) op de mezzanines) worden brandslanghaspels toegepast, aan te sluiten op de bluswatervoorziening van de sprinklerbeveiliging. Deze haspelwagens moeten als volgt worden uitgevoerd: De haspels moeten worden aangesloten op het bovenliggende daknet (om een duidelijke en eenvoudige signalering te bewerkstelligen); De haspels moeten worden voorzien van een drukreduceertoestel; Capaciteit van de haspels mee te rekenen in de hydraulische berekeningen voor de sprinklerinstallatie: ten minste 1,3 m3/h voor 2 haspels gedurende 1 uur (conform het Bouwbesluit). Voor de haspels moet in de hydraulische berekeningen voor het bepalen van de vereiste inhoud van de watervoorraad van de sprinklerinstallatie de werkelijke capaciteit gelijktijdig worden meegerekend (geschatte capaciteit ca. 100 dm3/min); Bij de haspels moeten waarschuwingsbordjes worden aangebracht, waarmee wordt aangegeven dat het gebruik van de haspel een brandalarm tot gevolg zal hebben.
Pagina 24 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
3.13.2 Brandslangaansluitingen De brandslangaansluitingen t.b.v. de primaire bluswatervoorziening van de brandweer worden aangesloten op de bluswatervoorziening van de sprinklerbeveiliging. Hiervoor moet een capaciteit van 60 m3/h worden meegerekend gelijktijdig met de voor de sprinklerinstallatie benodigde capaciteit, gedurende 1 uur. De brandslangaansluitingen moeten als volgt worden uitgevoerd: Op de locaties zoals aangegeven op de bouwkundige plattegrond(en) moet aan de binnenzijde van het gebouw, op de begane grond op maximaal 5 m afstand van een deur, een enkele aansluiting (armatuur type CC conform NEN 3374, met nokafstand 81 mm) worden aangebracht tussen 0,5 - 1,0 m boven vloerniveau (schuin naar beneden gericht); Bij de aansluitpunten (uit te voeren conform NEN 1594) moet de ingestelde druk kunnen worden afgelezen; Aan de buitenzijde van de betreffende deuren moet het symbool 'B' voor brandweeringang worden aangebracht; De aansluitingen moeten worden aangesloten op het bovenliggende daknet; De aansluitingen hoeven niet te worden voorzien van een stromingsschakelaar voor signalering van een brandalarm omdat de aansluitpunten uitsluitend voor de inzet van de brandweer zijn bestemd.
Toelichting: Het bovenstaande wijkt voor wat betreft de vereiste capaciteit af van het gestelde in Table 14 van FM 8-9 ('hose demand') en voor wat betreft de wijze van aansluiten af van het gestelde sub 2.3.5.2 van FM 8-9, maar wordt in deze situatie als acceptabele afwijking beschouwd gezien de wettelijke grondslag van voornoemde eisen in Nederland.
Watervoorziening 3.14.1 Type Volgens de rapportage Brandveiligheid Grote Brandcompartimenten o.b.v. NEN 6079 (zie rapport nr. 11609-1/BGB van DLVD advies) is een enkelvoudige watervoorziening vereist (1 pomp, 1 bron).
3.14.2 Uitvoering Onderdeel
Uitvoering
Opmerkingen
Pomp
Type split-case
Aandrijving
Dieselmotor
De vereiste pompcapaciteit moet aan de hand van de hydraulische berekeningen nader door de sprinklerinstallateur worden bepaald, op basis van de bepalende hydraulische berekening Indicatie rated capacity: ca. 2.500 GPM
Watervoorraad
Bovengrondse stalen watertank
Inhoud watervoorraad
Uitvoering conform FM 3-2, uitpandig op te stellen De vereiste inhoud moet aan de hand van de hydraulische berekeningen nader door de sprinklerinstallateur worden bepaald, op basis van de bepalende hydraulische berekening Indicatie netto inhoud (rekening houdend met 15% hydraulische onbalans), gebaseerd op:
Pagina 25 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 Onderdeel
Suppletie watervoorraad
Uitvoering
Opmerkingen Voor Ceiling level storage sprinklers K25.2: 12 x 360 x (4,1)1/2 x 1,15 x 60 =
603
Voor brandslanghaspels:
12
Voor brandslangaansluitingen:
60
Totaal (m3):
675
Vast aangesloten op drinkwaterleiding
Vanuit 'huisaansluiting' (voor lek- en testverliezen, capaciteit voldoende om het verbruik weer binnen 8 uur aan te vullen, geadviseerd wordt om rekening te houden met een capaciteit van 75 dm3/min (= 4,5 m3/h), hierbij is geen gelijktijdigheid vereist met afname via de 'huisaansluiting' voor andere doeleinden)
Noodvoorziening
Min. capaciteit: om inhoud watervoorraad binnen 8 uur af te vullen Hoeft geen vaste aansluiting op de drinkwaterleiding te zijn De voorzieningen voor het vullen van het waterreservoir moeten aan de hand van de situatie ter plaatse nader worden vastgesteld en contractueel voor oplevering worden vastgelegd Vooralsnog wordt uitgegaan van het vullen van het waterreservoir door middel van een vulleiding met Storz-aansluitingen (ten minste DN100). De retourtestleiding kan hiervoor ook worden benut. Het bijvullen kan vanuit de drinkwaterleiding of d.m.v. tankauto's geschieden. Voor het bijvullen mag alleen drinkwater worden gebruikt De brandweer voorziet niet in suppletie
Tabel 14
3.14.3 Periodieke inspectie waterreservoir Conform Technisch Bulletin 67B/A1 – Wijzigingsblad A1 op TB67B 'Controle- en onderhoudsregime voor waterreservoirs' moet een stalen watertank elke 10 jaar geheel leeg worden gemaakt voor de periodieke 'C-controle'. Dit betekent dat het sprinklersysteem gedurende de leegstand van de tank niet operationeel is. De eigenaar/gebruiker zal, al dan niet in een later stadium, (aanvullende) maatregelen moeten treffen om de brandveiligheid van het gebouw te waarborgen. De maatregelen zijn af te stemmen met het bevoegd gezag en de verzekeraar. Maatregelen kunnen bestaan uit één van onderstaande voorzieningen, of een combinatie ervan: Toepassing van een betonnen reservoir; Toepassing van 2 stalen reservoirs met elk 50% van de vereiste inhoud; Inzetten brandwacht; Tijdelijke watervoorziening met beperkte inhoud.
Pagina 26 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
4
Sprinklermeldsysteem Sprinklermeldcentrale In de sprinklerpompruimte moet een sprinklermeldcentrale worden opgesteld waarop de vereiste brandmeldingen, technische meldingen en supervisiemeldingen worden gesignaleerd (zie ook Bijlage I van NEN-EN 12845). De sprinklermeldcentrale moet tevens als brandmeldcentrale fungeren, zodat de centrale tevens moet voldoen aan de eisen als gesteld in het PvE voor de brandmeld-/ontruimingsalarminstallatie (zie PvE nr. 11609-1/PvE/BMI-OAI van DLVD advies).
Ontwerpgegevens sprinklermeldsysteem Ontwerpgegevens sprinklermeldsysteem Indeling detectiezones 1.
Sprinklerpompruimte
2.
Warehouse (magazijn) 01, opslaghal (incl. gebied op en onder mezzanine)
3.
Warehouse 01, kantoorgedeelte begane grond
4.
Warehouse 01, kantoorgedeelte 1e verdieping
5.
Warehouse (magazijn) 02, opslaghal gedeelte as 06-09 (incl. gebied op en onder mezzanine)
6.
Warehouse (magazijn) 02, opslaghal gedeelte as 09-12 (incl. gebied op en onder mezzanine)
7.
Warehouse 02, kantoorgedeelte begane grond (incl. trappenhuis en liftschacht)
8.
Warehouse 02, kantoorgedeelte 1e verdieping
9.
Warehouse 02, kantoorgedeelte 2e verdieping
Toelichting detectiezone-indeling: Detectiezones voor de warehouses mogen niet groter zijn dan 10.000 m2. Sturingen
Installatie/Object Ontruimingsalarm (inschakelen) Muziekinstallatie (uitschakelen, indien aanwezig) Lift (zie toelichting)
Detectiezone Zie PvE BMI-OAI Per warehouse separaat, m.u.v. kantoorgedeelten 7 t/m 9
Toegangscontrole (vrijgeven, indien aanwezig)
Per warehouse separaat
Luchtbehandelingsinstallatie (stoppen, zie ook toelichting)
Per kantoorgedeelte separaat
Primaire brandweeringang (ontsluiten, zie ook toelichting)
Algemeen
Flitslicht primaire brandweeringang (inschakelen)
Algemeen
Slagbomen (openen)
Algemeen
Poorten in hekwerken (gelegen in aanvalsroute brandweer, openen of vrijgeven) Brandweerpaneel (betreffende led inschakelen)
Algemeen Algemeen
Pagina 27 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 Sleutelkluis (ontsluiten, zie ook toelichting) Nevenpaneel Warehouse 01 (onderdeel van het brandweerpaneel, betreffende led inschakelen) Nevenpaneel Warehouse 02 (betreffende led inschakelen)
Algemeen 1 t/m 4 5 t/m 9
Toelichting: - De gebouw gebonden luchtbehandelingsinstallatie moet worden uitgeschakeld. Deze sturing is niet vereist voor de warehouses aangezien daarin geen ventilatie van significante omvang aanwezig is. - De primaire brandweeringang moet automatisch worden ontsloten bij een brandmelding of moet d.m.v. een nader in overleg met de brandweer te bepalen wijze te openen zijn. Zie hiervoor ook het gestelde in de Rapportage Brandbeveiligingsconcept nr. 11609-1/BBC van DLVD advies. De nadere uitwerking van deze sturing maakt deel uit van het detailontwerp zoals door de betreffende installateur(s) is te vervaardigen op basis van dit UPD (als zijnde het basisontwerp). - Een sleutelkluis is inpandig aangebracht naast het brandweerpaneel. In deze sleutelkluis liggen de sleutels van het gebouw waarmee de brandweer de neveningangen kan openen. - Bij een brandalarm moet een lift naar de hoofdstopplaats (= begane grond) worden gestuurd en met geblokkeerde bediening worden geparkeerd (vluchten uit de lift moet mogelijk blijven). - De liftinstallatie moet na het uitvoeren van voornoemde sturing, alleen op het brandalarm van de automatische brandmelder in de liftschacht (zie PvE BMI-OAI), spanningsvrij worden geschakeld.
Doordat de sprinklers met een verhoogde aanspreektemperatuur en een standaard aanspreeksnelheid zijn uitgevoerd en er gebruik wordt gemaakt van automatische rookdetectie m.b.v. aspiratiemelders (zie PvE BMI-OAI) is het aannemelijk dat de liftinstallatie spanningsvrij is geschakeld voordat de sprinklers in werking zullen treden. Plaats primaire brandweeringang
Hoofdentree kantoorgedeelte Warehouse 01 Sprinklerpompruimte Anders, namelijk: --
Flitslicht primaire brandweeringang
Ja, kleur rood Nee Anders, namelijk: --
Toelichting: Het flitslicht moet vanaf de aanrijroute van de brandweer goed zichtbaar worden aangebracht, in de directe nabijheid van de brandweeringang. Brandweerpaneel vereist
Ja Nee
Toelichting: -Locatie brandweerpaneel
Nabij hoofdentree kantoorgedeelte Warehouse 01 Sprinklerpompruimte
Toelichting: -Uitvoering brandweerpaneel
Niet van toepassing Geen specifieke eisen (tekstpaneel of alfanumeriek paneel) Tekstpaneel of alfanumeriek paneel met tekening Geografisch paneel
Toelichting: - Moet ook voldoen aan hoofdstuk 16 van NEN-EN 12845. - Op het geografisch paneel moet de positie van de sprinklerpompruimte en de alarmklep(pen) worden aangegeven. Geen mogelijkheid tot bediening van ventilatie vereist.
Pagina 28 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 Herstelmogelijkheid voor de brandweer op brandweerpaneel
Niet van toepassing Niet noodzakelijk Noodzakelijk
Toelichting: -Brandweerpaneel ter goedkeuring van de bevoegde autoriteit
Niet van toepassing Bevoegd gezag Inspectie-instelling
Toelichting: Het ontwerp van het brandweerpaneel moet voorafgaand aan de realisatie ter goedkeuring aan de brandweer worden voorgelegd. Doormelding van storingen naar 24 uur bezet ontvangststation voor storingsmeldingen
Intern, locatie .. Extern, PAC Extern, ..
Toelichting: - Vereist op basis van hoofdstuk 16 van NEN-EN 12845 voor het sprinklermeldsysteem. - Storingen moeten worden doorgemeld naar een ontvangststation voor storingsmeldingen (Particuliere Alarm Centrale, PAC) dat 24 uur per dag is bezet. - De transmissie moet voldoen aan type 2 conform NEN-EN 54-21. Doormelding van brandalarm
Geen doormelding vereist Type 1 Type 2
Toelichting: - Vereist op basis van hoofdstuk 16 van NEN-EN 12845 voor het sprinklermeldsysteem. - Doormelding naar een Particuliere Alarm Centrale (PAC) die 24 uur per dag is bezet. - De doormelding moet door de PAC worden behandeld overeenkomstig het Protocol Automatische Branddoormeldingen van de Federatie Veilig Nederland. - De transmissie moet voldoen aan type 1 conform NEN-EN 54-21. Signalering interne organisatie
Brandmeldcentrale Nevenpaneel (uit te voeren als tekstpaneel) Akoestische signaalgevers Stil ontruimingsalarm (NEN 2575) Luid ontruimingsalarm (NEN 2575)
Toelichting: - De sprinklermeldcentrale wordt opgesteld in de sprinklerpompruimte, waardoor deze niet kan dienen voor signalering van de interne organisatie. - Het nevenpaneel (signaleringspaneel) voor Warehouse 01 wordt in het brandweerpaneel geïntegreerd, ervan uitgaande dat het brandweerpaneel voor het personeel duidelijk zichtbaar is en de zoemer van het paneel hoorbaar is. Als dat niet het geval is moet op een nader te bepalen plaats een nevenpaneel worden aangebracht. - Voor Warehouse 02 moet een extra nevenpaneel worden aangebracht in het betreffende kantoorgedeelte (locatie nader te bepalen, het paneel moet zodanig worden aangebracht dat het zichtbaar is en de zoemer hoorbaar is voor het personeel). Een nevenpaneel mag worden gecombineerd met het nevenpaneel van de brandmeldinstallatie.
Pagina 29 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023 Aanvullende eisen sprinklermeldsysteem 1.
De transmissiewegen van het sprinklermeldsysteem hoeven niet met functiebehoud te worden uitgevoerd vanwege de aanwezigheid van een automatische (te certificeren) sprinklerinstallatie, mits wordt voldaan aan de voorwaarden zoals gesteld in NPR 2576 onder paragraaf 12.4.
2.
In het kader van de gelijkwaardigheid voor brandcompartimentering (zie rapport nr. 11609-1/BGB van DLVD advies) moeten alle hoofdafsluiters van de sprinklerinstallatie worden voorzien van elektrische standbewaking (sprinklerbewakingsysteem, zie Bijlage H van NEN-EN 12845). N.B. De hoofdafsluiters zijn alle afsluiters tussen de sprinklerpomp(en) en de sprinklers zelf.
3.
De sturingen die door de sprinklermeldcentrale worden verricht, moeten in verband met het periodiek testen van de sprinklerinstallatie op eenvoudige wijze kunnen worden overbrugd. Het overbruggen van sturingen moet als storing worden gesignaleerd en doorgemeld.
Pagina 30 van 45
DC Logistics Centre 1220 – Gouda Document nr.: 11609-1/UPD/SPR Revisie: E Datum: 27 februari 2023
5
Bouwkundige voorzieningen Brandcompartimentering Er gelden de volgende eisen ten aanzien van de brandcompartimentering van het onderhavige gebouw, gezien vanuit de gesprinklerde ruimte: Tussen gesprinklerde gebouwdelen en brandbare buitenopslag en/of ongesprinklerde gebouwen op hetzelfde perceel (binnen 10 m afstand van een gevel): 60 minuten brandwerendheid van buiten naar binnen; Tussen gesprinklerde gebouwdelen en brandbare buitenopslag en/of ongesprinklerde gebouwen op een belendend perceel: 30 minuten WBDBO (Weerstand tegen BrandDoorslag en BrandOverslag) ten opzichte van de perceelgrens (op basis van spiegelsymmetrie; van buiten naar binnen, fysiek of door afstand (zie ook toelichting)). Toelichting: Analoog aan de methode zoals omschreven in PGS15:2016 sub 3.2.2 wordt t.a.v. de afstanden tot ongesprinklerde belendingen en/of buitenopslag het volgende aangehouden: - Afstand ≥ 10,0 m: WBO bijdrage 60 minuten; - Afstand ≥ 5,0 m en < 10,0 m: WBO bijdrage 30 minuten; - Afstand < 5,0 m: WBO bijdrage 0 minuten.
Gezien het voorgaande gelden er geen eisen t.a.v. de brandwerendheid van de gevels. Het voorgaande geldt niet voor de volgende ongesprinklerde ruimten en gebouwdelen gelegen in het te sprinkleren gebied (waarvoor geen brandwerende scheiding is vereist): – Onbetreedbare bouwkundige (meter)kasten; – Toiletten of doucheruimten; – Loze ruimten boven verlaagde plafonds; – Onbetreedbare bouwkundige schachten (niet zijnde een liftschacht). Zie ook de eisen t.a.v. de brandcompartimentering van de sprinklerpompruimte elders in dit hoofdstuk.