CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 7291537_1680507340281_Tabel-PvE_klimaatadaptief-bouwen-v2

Raadsvergadering 7 juni 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: Het realiseren van twee bedrijfsgebouwen met opslagboxen aan Stavorenweg 4-61.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

(Omgevingsvisie) Meer info: zie bijsluiter Hevige neerslag leidt niet tot schade aan infrastructuur, gebouwen, eigendommen of groen in de bebouwde omgeving.

Eis (Omgevingsplan)

Range

Toelichting in relatie tot beoogde ontwikkeling

N1: Een groot deel van de neerslag (50 mm) van een korte hevige bui (1/100 jaar, 70 mm in 1 uur) op privaat terrein wordt op dit terrein opgevangen en vertraagd afgevoerd. De berging is niet eerder dan in 24 uur leeg en is in maximaal 48 uur weer beschikbaar, of wordt gestuurd.

40-70 mm

Het oppervlak verharding wordt geminimaliseerd en waar mogelijk wordt dit uitgevoerd in grasstenen. In totaal wordt 2.700 m2 verharding aangebracht (zie ook onderstaande berekening). Daarnaast wordt een waterpartij met natuurvriendelijke oevers als berging aangelegd. De waterpartij wordt voorzien van een dam met overstort. Tenslotte kunnen de wegfunderingen uitgevoerd worden in bv aquaflow, waardoor de eerste 50 mm die op de verharding valt vertraagd wordt afgevoerd. In de aquaflow kan de vereiste 315 m3 geborgen en vertraagd afgevoerd worden (zie ook onderstaande tabel). Nadere informatie wordt nog aangeleverd. Verdeling oppervlaktes binnen projectgebied

m2

percentage

Kavel

8487

100

Gebouw incl loading dock

3600

42

Verharding

2200

26

Groenverharding (volledig meegrekend als verharding)

500

6

Water

680

8

Groen

1507

18

Toelichting waterberging

m2

hoev.

m3

benodigde vertraagde afvoer: gebouw + verharding + grasverharding

6300

50mm

315

berging onder verharding 35cm aquaflow (40% holle ruimte)

2700

berging in open water op eigen terrein 30 cm

680

300mm

204

378

Langdurige droogte leidt niet tot verdroging of schade aan de bebouwde omgeving.

Tijdens hitte biedt de bebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.

N2: In het plangebied treedt geen schade op aan bebouwing en voorzieningen bij extreem hevige neerslag (1/250 jaar, 90 mm/u).

Door de maatregelen zoals beschreven onder N1 wordt ruimte gecreëerd om water op te vangen. In onderstaande figuur is een detailtekening toegevoegd waarop het vloerpeil en maaiveld zichtbaar is. Het vloerpeil is vastgesteld op Peil = 1,30 -NAP. Het hoogste punt van de kruin van de Stavorenweg en de Groningerweg bevindt zich op 1,61 - NAP. Het vloerpeil komt dan ook >20 cm boven het maaiveld te liggen.

D1: De inrichting van het plangebied is afgestemd op de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte

De beplanting op de locatie Stavorenweg past in een veranderend klimaat. De bomen en struwelen die toegepast worden in de natuurvriendelijke oever zijn soorten die van nature op soortgelijke plekken met een hoge (grond)waterstand voorkomen, zoals bv Alnus glutinosa en verschillende soorten Salix. Langs de straat worden bomen toegepast die een andere sierwaarde hebben, maar ook geschikt zijn voor een hoge grondwaterstand. Te denken valt aan Gleditsia triacanthos, Quercus palustris, Liquidambar styraciflua.

D2: In het plangebied wordt 50% (450 mm) van de jaarlijkse neerslag geïnfiltreerd.

20-100%

H1: Tenminste 50% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. H2: Tenminste 40% van alle oppervlakken wordt warmtewerend of verkoelend ingericht/gebouwd om opwarming van het stedelijk gebied verminderen.

20-60%

30-80%

In de planuitwerkingsfase zal in overleg met de gemeente een gedetailleerd beplantingsplan opgesteld worden. Door de gekozen inrichting cq materialisering is het aannemelijk dat 50% van de jaarlijkse neerslag geïnfiltreerd kan worden. Het forse areaal groen en water, resp. 1.507 m2 groen (18%) en ca. 680 m2 water (8%) draagt daar positief aan bij. De waterbuffer onder de verharding (aquaflow) werkt ook positief mee. In een later planstadium zal een gedetailleerde waterberekening opgesteld worden. De verblijfsplekken zijn met name aan de noordzijde van de bebouwing gerealiseerd. Daarnaast zorgen bomen hier voor een prettig verblijfsklimaat. De parkeerplaatsen aan de zuidzijde worden ook voorzien van bomen die de nodige schaduw leveren. De paden bevinden zich rondom het gebouw, zodat 50% daarvan te allen tijde in de schaduw ligt.

Een groot deel van de buitenruimte (55%) wordt ingericht met water en groen, dus warmtewerend. De verhardingen rond de entrees en het wandelpad wordt uitgevoerd in lichtgekleurd materiaal dat minder snel opwarmt. De gevels zullen bestaan uit geïsoleerde sandwichpanelen alsmede een extra composiet gevelpaneel waar een luchtspouw tussen wordt gehouden. Hiermee wordt een zeer goede warmteaccumulatie bereikt. Uitgangspunt is dat de daken volledig worden voorzien van PV panelen. Naast de energieopbrengst beschermen de panelen het dak tegen direct zonlicht waardoor het dak minder snel opwarmt. Verder zal het gehele dak worden voorzien van witte dakbedekking, te weten Renolit Alkorplan met witte toplaag: SRI 105. Tevens wordt 30% van het dak voorzien van een groendak. Op deze manier wordt 40% van de oppervlakken warmtewerend/verkoelend ingericht/gebouwd.

Bodemdaling in bebouwd gebied blijft beperkt en betaalbaar. Groenblauwe structuur en biodiversiteit worden versterkt op de planlocatie en in de directe stedelijke omgeving.

De bebouwde omgeving is bestand tegen overstromingen.

H3: Koeling van gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs-)ruimte in de directe omgeving. Bo1: Maatregelen die schade door bodemdaling tegengaan en kosteneffectief zijn over de levensduur van 60 jaar worden in het ontwerp opgenomen. B1: Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht en creëert een hoogwaardige habitat voor ten minste gebouw bewonende soorten.

V1: Voor overstromingen met een waterdiepte tot 20 cm treedt geen schade aan gebouwen op en blijven hoofdwegen begaanbaar. V2: Voor overstromingen met een waterdiepte tot 50 cm worden maatregelen getroffen om schade aan gebouwen te beperken, als deze doelmatig zijn. V3: Voor overstromingen met een waterdiepte tot 200 cm worden maatregelen getroffen om vitale infrastructuur en kwetsbare objecten te beschermen. V4: Voor overstromingen met een waterdiepte boven 200 cm

Op de daken van beide gebouwen komen PV-panelen te liggen. Naast de energieopbrengst beschermen de panelen het dak tegen directe zonlicht waardoor het dak minder snel opwarmt. Daarnaast is het overgrote deel van het gebouw geen koeling aanwezig. Voor de opslagboxen is namelijk geen koelinstallatie benodigd. Bij de inrichting van het openbaar gebied worden de voorschriften van de gemeentelijke LIOR gevolgd.

1-3 Soortencategorieën

Het plan voorziet zowel in maatregelen op dak en aan de gevel, verblijven in het gebouw als in de omgeving. Het voornemen bestaat om de volgende maatregelen te treffen: Dak/gevel Geen lichtuitstraling Groendak met grassen kruiden en dwergheesters Gevelgroen Verblijven in gebouw Nestkasten huismus Nestkasten gierzwaluw Zomerverblijf vleermuis Winterverblijf vleermuis Omgeving Geen buitenverlichting bij groen Insectenhotel Voor vlinders geschikte struiken Natuurlijke haag > 25 m Natuurvriendelijke over Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt N1 en N2. Daarbij is de locatie niet gelegen nabij een boezem of rivier. Aangezien het vloerpeil zich 20 cm boven het maaiveld bevindt worden geen knelpunten voorzien.

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt N1 en N2. Al het gebouw gebonden installatiemateriaal zoals schakel- en verdeelkasten worden op minimaal 1,00 + peil (peil = 1,30 -/-NAP) gemonteerd. Daarmee worden voldoende maatregelen getroffen om schade aan de bebouwing te beperken.

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt N1 en N2. Daarbij is binnen het projectgebied geen sprake van vitale infrastructuur en kwetsbare objecten. Het voorstel is om in samenspraak met de gemeente af te stemmen of dit om nadere aandacht vraagt.

Verwezen wordt naar de beantwoording onder punt N1 en N2. Het voorstel is om in samenspraak met de gemeente af te stemmen of dit om nadere aandacht vraagt.

worden maatregelen getroffen om veilig te kunnen schuilen in het overstroomde gebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=7bed7fba-83fa-4040-bbec-599e298c3f9d