bijlage 1 raadsmemo onderzoek ophogen energietoeslag naar 140%
Tekst van het document
memo aan de gemeenteraad aan
de gemeenteraad
dossiernummer
6718
onderwerp
Onderzoek energietoeslag voor huishoudens met een inkomen tot 140%
van
het college van burgemeester en wethouders 6 december 2022
datum
memo Aanleiding Bij de behandeling van de programmabegroting is door de raad een verzoek gedaan aan het college om: te onderzoeken of de grens voor de energietoeslag van 130% naar 140% opgetrokken kan worden en een voorstel te doen voor een redelijk bedrag (significant lager dan 1.300 euro). te onderzoeken welke kosten dat met zich mee zou kunnen brengen, zowel in de vorm van extra kosten van uit te keren toeslagen als uitvoeringskosten. te onderzoeken of uitvoering mogelijk is door de organisatie binnen een redelijke termijn te onderzoeken in hoeverre deze kosten opgevangen kunnen worden binnen de gereserveerde middelen voor het winterplan en in hoeverre er een beroep op de algemene middelen nodig is. de raad hierover ten spoedigste te informeren, zodat dit voorstel betrokken kan worden bij de discussie over de bestemming van de middelen voor het winterplan in 2023. Met dit memo wordt antwoord gegeven op die onderzoeksvragen zodat de raad de uitkomsten kan betrekken bij de integrale afweging over de besteding van de middelen voor het Winterplan 2023. Uitdrukkelijk wordt in dit memo geen advies gegeven of voorstel gedaan. Juridisch Het kabinet stelt ook voor het jaar 2023 budget beschikbaar aan gemeenten om een energietoeslag aan huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum te verstrekken.
Het ministerie van SZW werkt aan een Wet energietoeslag 2023 en is nog onduidelijk wanneer daar over wordt gecommuniceerd. Is de Wet energietoeslag 2023 gelijk aan de wetswijziging die de energietoeslag 2022 mogelijk heeft gemaakt, dan heeft de gemeente geen verplichting om de energietoeslag te verstrekken, maar is dit een bevoegdheid. Omdat de energietoeslag onderdeel uitmaakt van de bijzondere bijstand bepaalt het college: de doelgroep van de energietoeslag. Dit houdt in dat de gemeente bepaalt wat er onder een laag inkomen wordt verstaan; of er groepen worden uitgesloten van het recht op energietoeslag (bijv. groepen waarvan vaststaat dat zij geen energierekening hebben, zoals personen die in een instelling verblijven en dak- en thuislozen); welk inkomen in aanmerking wordt genomen, waarbij de inkomsten bedoeld in artikel 31, tweede lid van de Participatiewet in ieder geval buiten beschouwing worden gelaten; de periode waarover het inkomen in aanmerking wordt genomen (de referteperiode) of en welk vermogen in aanmerking wordt genomen; de hoogte van het bedrag van de toe te kennen eenmalige energietoeslag, eventueel gedifferentieerd naar leefsituatie.
Gelet op bovenstaande is het mogelijk de grens van de energietoeslag op te trekken naar 140%. Ook is het mogelijk de hoogte van de energietoeslag te bepalen voor de gehele doelgroep of een differentiatie te maken naar inkomensgrens.
Redelijk bedrag: De energietoeslag is een categoriale regeling. Dit betekent dat niet onderzocht wordt of iemand daadwerkelijk gestegen energiekosten heeft en in welke mate. Wat een redelijk bedrag is, is arbitrair en ter bepaling aan de gemeente zelf.. Voor de energietoeslag voor de lage inkomens wordt overwegend één bedrag gehanteerd: het door het Rijk gecommuniceerde richtbedrag van € 1300,-. De wet staat differentiatie echter toe omdat de hoogte van het bedrag onderdeel is van de gemeentelijke beleidsvrijheid. Mogelijk kan hiervoor worden aangesloten bij de oorspronkelijke bedragen die door het Rijk zijn gecommuniceerd en dit zou dan tot het volgende kunnen leiden: Voor de doelgroep met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm: de door het Rijk gecommuniceerde bedrag van € 1300, Voor de doelgroep met een inkomen van 130% tot 140%: het bedrag van € 800,-. Dit is het oorspronkelijke richtbedrag van de energietoeslag door het Rijk. Vanzelfsprekend zijn ook nog lagere toeslagen mogelijk maar hoe lager de toeslag des te groter het aandeel uitvoeringskosten binnen het benodigde budget.
Budgettair: De van het Rijk ontvangen middelen voor de energietoeslag 2022 zijn niet toereikend. Het tekort op het budget bedraagt naar schatting ca € 500.000,-. Bij een gelijke doelgroep van 130% en gelijke rijksbijdrage zal het tekort voor de energietoeslag 2023 wederom ca € 500.000,- bedragen en deze dienen dan uit eigen middelen te worden voldaan. Indien de inkomensgrens verder wordt verhoogd, stijgt het tekort van de gemeente op het door het Rijk toegekende budget en dienen daarvoor eigen middelen te worden ingezet. Conform het verzoek van de raad wordt onderzocht wat de budgettaire gevolgen zijn van het verhogen van de inkomensgrens naar 140%. Daarbij gelden de volgende kanttekeningen: - Er zijn geen betrouwbare data over het aantal huishoudens in Gouda met een inkomen onder die grens. Bij een inkomen tot 140% van het sociaal minimum komen veel beroepen in aanmerking. Tevens is de samenstelling van het huishouden van belang en eventuele inkomsten partner. - Het minimumloon stijgt per 1 januari 2023 met 10,15%. De aan het minimumloon gekoppelde bijstandsnorm stijgt mee. Dit effect is niet automatisch verwerkt in de salarissen in Nederland en derhalve kan worden aangenomen dat door die gestegen bijstandsnorm in 2023 een nog grotere groep huishoudens dan onder de 140% zal komen omdat de salarissen niet evenredig zijn gestegen.
Dat effect versterkt zich bij personen die in deeltijd werken. De onbetrouwbaarheid van de schatting van de potentiele doelgroep wordt hierdoor groter. . Kortom: Het ontbreekt aan informatie om een betrouwbare schatting van de kosten te maken. Mede gebaseerd op (gedateerde) cijfers dient rekening gehouden te worden met een uitbreiding van de doelgroep van ruim 1000 huishoudens. Dit is gebaseerd op het volgende: Geschat wordt dat ongeveer 20% van alle Goudse huishoudens een inkomen heeft tot 140% van de bijstandsnorm en geschat is eerder dat het aantal huishoudens met een inkomen tot 130% circa 16% bedraagt van alle Goudse huishoudens. De opgehoogde grens zou dus tot een verhoging van de doelgroep kunnen leiden van 4 % van alle huishoudens. Ervaring leert dat een regeling nooit door 100% van de doelgroep wordt aangevraagd. Voor de berekening is ingestoken op 80% van de doelgroep. De uitvoeringslasten zijn bepaald op +/- 15%. Het ontbreekt aan eigen capaciteit om de aanvragen af te handelen. Personeel zal moeten worden ingehuurd. Uiteraard zullen beleidsregels, aanvraagformulier, werkproces uitkeringssysteem etc. moeten worden herzien. In de praktijk nemen pagina 2
de uitvoeringslasten relatief toe bij een lager bedrag als toeslag maar voor het overzicht is het hier gesteld op een percentage. Met deze schatting van de potentiele doelgroep en uitgangspunten, leidt dat tot de volgende kosten:
Aantal huishoudens Gouda Tot 130% 16% tot 140% 20% aantal aanvragers 80% Uitvoeringslasten 15% Totaal benodigd budget
34.241 doelgroeptoeslag 1370 1096
€ 1.300
€ 800
€ 1.424.426 € 213.664 € 1.638.089
€ 876.570 € 131.485 € 1.008.055
Uitvoeringstechnisch De uitvoering staat reeds onder een grote druk. Zowel voor de implementatie van allerlei maatregelen als het daadwerkelijk afhandelen van aanvragen. Onderzocht wordt om wanneer mogelijk meer ambtshalve verstrekkingen energietoeslag 2023 te verrichten. Een extra hoeveelheid aanvragen door uitbreiding doelgroep zal ertoe leiden dat de wettelijke beslistermijn van 8 weken na aanvraag niet gehaald zal worden, wat de uitvoering extra zal belasten (telefoontjes, ingebrekestellingen in het kader van de wet Dwangsom). Uitvoering wordt niet eerder mogelijk dan na afhandeling van de tweede toeslag voor de doelgroep met een inkomen tot 130% medio 2023. Differentiatie in de hoogte van de toeslag op basis van hoogte inkomen is niet heel veel extra belastend voor de uitvoering. Net als bij iedere inkomensgrens is bij beoordeling geschil te verwachten over het recht op energietoeslag en extra over de hoogte van het bedrag. Eenmalig zal het werkproces aangepast moeten worden.
Kanttekeningen Er is nog niet gecommuniceerd over de Wet energietoeslag 2023. Het lijkt dat op aandringen van VNG onderzocht wordt in hoeverre studenten bij wet uitgesloten kunnen worden van de energietoeslag. Volgens onze huidige beleidsregels kunnen studenten in aanmerking komen voor de energietoeslag wat ook gebeurt. Echter niet in die aantallen dat het veel invloed heeft op het budget. Onbekend is of en welke andere wijzigingen voorzien zijn. Een regeling voelt oneerlijk aan als je niet tot de doelgroep behoort. Voor de energietoeslag geldt dat voorwaarden en bedrag per gemeente kunnen afwijken. In het algemeen wordt wel 1 bedrag gehanteerd en in de regel is het het bedrag dat door het rijk wordt gecommuniceerd. Krimpenerwaard en Capelle aan den IJssel hanteren een inkomensgrens van 120%. Rotterdam hanteert 140% en Utrecht zelfs 150%. In Amsterdam is het ook mogelijk de energietoeslag aan te vragen als energiekosten onderdeel uitmaken van de integrale huurprijs. Amsterdam hanteert wel een inkomensgrens van 120% en de vermogensgrenzen van de Participatiewet zijn van toepassing. Hoe meer voorwaarden en afwijking van de huidige regeling des te complexer/intensiever de uitvoering energietoeslag 2023 wordt. De energietoeslag is een van meerdere financiële en tijdelijke maatregelen.
Deze regelingen eindigen in 2024 en leveren geen bijdrage aan verduurzaming of duurzame oplossingen. Onduidelijk is wat de invloed van het door het kabinet ingestelde energieplafond zal zijn op de inkomenspositie van huishoudens. De uitwerking daarvan is nog niet voldoende in beeld. Samenvattend Conform de toezegging wordt de raad geïnformeerd over de mogelijkheden en gevolgen van een mogelijke ophoging van de inkomensgrens voor de energietoeslag, zodat de raad deze informatie kan betrekken bij de integrale discussie over de bestemming van de middelen voor het winterplan in 2023. Uitkomsten van het onderzoek zijn als volgt. Uitbreiden van de doelgroep van 130% naar 140% van de bijstandsnorm is juridisch mogelijk. Omwille van implementatie- en uitvoeringscapaciteit is invoering in de tweede helft van 2023 mogelijk. Bij een lagere toeslag van € 800,- voor de doelgroep 130% - 140% bedraagt de extra uitgave naar grove schatting € 1 mln,-.
pagina 3