Bijlage 0 Nota van beantwoording
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen
naar aanleiding van de tervisielegging van de ontwerp omgevingsvergunning Nieuwe Gouwe OZ 40 (Engelvaartlocatie), te Gouda
Inhoudsopgave 1 1
Inleiding
3
1.1
Aanleiding
3
1.2
Zienswijzen
3
1.3
Aanpassing bestemmingsplan
3
1.4
Ambtshalve wijzigingen
3
1.5
Vooroverleg
3
Beantwoording van zienswijzen
4
2.1
Zienswijze van bewoners Wilhelminakade en Broekhuizen te Waddinxveen.
4
2.2 2.2.1 2.2.2
Reacties overlegpartners Het Hoogheemraadschap Provincie Zuid-Holland
10 10 10
2
pagina 2
1 Inleiding 1.1
Aanleiding Op 29 juli 2022 is er een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van een distributiecentrum op het perceel Nieuwe Gouwe o.z. 40. Deze aanvraag is in strijd met het geldeden bestemmingsplan ’Goudse Poort’. Om dit plan mogelijk te maken is de uitgebreide procedure (artikel 3.4 van de Awb) gevolgd.
1.2
Zienswijzen De ontwerp omgevingsvergunning heeft van 25 mei 2023 tot en met 5 juli 2023 ter inzage gelegen. Er is één (1) schriftelijke zienswijze binnengekomen. De zienswijze is hieronder samengevat en van een reactie voorzien. Ten aanzien van de ontvankelijkheid De zienswijze is verzonden en ontvangen binnen de termijn dat het ontwerp besluit als ontwerp ter inzage lag. Om die reden dient de zienswijze ontvankelijk te worden verklaard. Ten aanzien van de inhoud De ingekomen zienswijze is naar aanleiding van het ontwerp besluit samengevat en beantwoord in hoofdstuk 2. Er is aangegeven of deze al dan niet gegrond is en of de omgevingsvergunning wordt gewijzigd.
1.3
Aanpassing bestemmingsplan De zienswijzen heeft niet geleid tot aanpassing van de ontwerp omgevingsvergunning. Zie hiervoor de beantwoording onder 2.
1.4
Ambtshalve wijzigingen Geen
1.5
Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 Bro heeft de gemeente het wettelijk vooroverleg gevoerd met het Hoogheemraadschap van Rijnland en de Provincie Zuid-Holland. De reacties op ontwerp omgevingsvergunning zijn samengevat in paragraaf 2.2
pagina 3
2 Beantwoording van zienswijzen 2.1
Zienswijze van bewoners Wilhelminakade en Broekhuizen te Waddinxveen. a. Reclamanten wonen aan de overkant van de locatie waarop men voornemens is een distributiecentrum op te richten: Wilhelminakade/Broekhuizen te Waddinxveen. Hemelsbreed is de afstand tussen de ca 50 en 150m. Reclamanten vinden dat er de afgelopen decennia in de nabije omgeving vele planwijzigingen en aanvragen zijn doorgevoerd: w.o. aanleg Gouwepark, de Amaliabrug en toestemming voor extra containerschepen over de Gouwe. Hierbij zijn geen aanvullende milieumaatregelen genomen. Het woon- en leefklimaat in de vorm van geluid en luchtkwaliteit, maar ook het groen, is sterk achteruitgegaan. Zij vrezen voor een verdere terugloop van hun woon- en leefklimaat met het plan zoals dat er nu ligt t.a.v. een distributiecentrum op de locatie langs de Nieuwe Gouwe o.z. / Kampenringweg te Gouda.
Reactie: De afstand tussen de woningen van reclamanten en het distributiecentrum is circa 110 meter. Om ervoor te zorgen dat nieuwe bedrijven een passende locatie in de nabijheid van woningen krijgen, is de handreiking ‘Bedrijven en milieuzonering’ opgesteld. Milieuzonering is een instrument dat helpt bij het afwegen en verantwoorden van keuzes aangaande o.a. bedrijvenlocaties en beperkt zich tot milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie. Het gaat hierbij om de milieuaspecten: geluid, geur, stof en gevaar, waarbij de belasting afneemt naarmate de afstand tot de bron toeneemt. In deze handreiking staan de richtafstanden tussen woningen en bedrijvigheid. In het plan wordt bedrijvigheid tot en met categorie 3.1 mogelijk gemaakt. Vanwege de ligging in een gemengd gebied is de richtafstand 30 meter (zie afbeelding 1) Hiermee voldoet het plan i.r.t. de woningen gelegen aan Wilhelminakade en Broekhuizen te Waddinxveen aan de richtlijnen afstand van de VNG.
Afbeelding 1 Richtafstanden Handreiking 'Bedrijven en milieuzonering'. Bron: Infomil.nl en Handreiking VNG 'Bedrijven en milieuzonering'.
De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. b. Reclamanten stellen dat het gebouw (15 meter hoog met een modern industriële uitstraling) door de gevelbekleding zou kunnen zorgdragen voor een weerkaatsing van verkeers- en ander (industrieel) geluid waardoor de overlast toeneemt. De gevolgen hiervan zijn ook opgetreden bij de bebouwing van het “Gouwepark” en langs de kanaaldijk in Waddinxveen/ Moordrecht. Zij verwachten dat het gebruik van geluidsabsorberende panelen deze hinder aanzienlijk kan verminderen en verzoeken dit in de vergunning op te nemen. Dit zien zij graag aangetoond in een definitief ontwerp. Reactie: Op het perceel rust o.a. de bestemming ‘Bedrijf en ‘Kantoor’’. Binnen deze bestemming zijn o.a. bedrijfsactiviteiten in ten hoogste milieucategorie 3.2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten, waaronder ook
pagina 4
een groothandelsbedrijf toegestaan. Het bouwen van een distributiecentrum valt onder de bedrijfscategorie 3.1 en is daarmee een lichtere categorie dan dat er bij recht is toegestaan. Op drie van de vier gevels van het gebouw wordt een 3 meter hoge groene gevelbekleding aangebracht. Hiermee wordt deels het geluid van verkeers- en ander industrie geluid geabsorbeerd. Hierdoor is er naar onze mening ook voldoende aandacht voor de mogelijke weerkaatsing van geluid en de zorg die men hierover heeft. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. c.
Reclamanten geven aan dat de positionering van de dockruimte is zuid-west, zuid-oost met daarvoor een grote verharding t.b.v. draaien vrachtwagens. In de zomer zal deze kant, welke niet voorzien is van een schaduwwerking van bomen of anders erg heet worden. Hierbij uiten zij de zorg dat dit kan leiden tot het veel vaker stationair draaien van vrachtauto’s bij het laden en lossen om de wagen koel te houden, met als gevolg extra uitstoot van uitlaatgassen en geluid. Daarnaast wordt gevreesd dat het laden en lossen en gebruik van koelinstallaties extra hinder kan geven, mede i.v.m. werking van echo en het ‘geluid dragend’ effect van water (extra water voor het terrein en de Gouwe). Reclamanten hebben het hier over 10 docks met ieder 20 vrachtwagen/24 uur, dus in totaal 200 vrachtwagens per etmaal. Zij menen dat het verplaatsen van de docks naar een noordelijke positie de hitte minder zal maken. Ook zou het plaatsen van een (groen) afdak bij de docks kunnen helpen. Ook hierbij is de voorkeur voor geluidsabsorberend materiaal en/of groene schermen.
Reactie: De voorgestelde positie en situering van het distributiecentrum is nodig voor de bedrijfsvoering van het distributiecentrum. De dockruimtes worden zo dicht mogelijk bij de inrit gesitueerd om overbodige verharding op het perceel te voorkomen. Alleen op de plaatsen waar vrachtwagens moeten rijden en keren wordt verharding aangebracht. Op overige delen van het perceel wordt waterdoorlatende verharding en/of groen aangelegd. Daarnaast heeft de stand van de zon een beperkte mate van invloed op het draaien van een motor. In het voorgestelde plan is rekening gehouden met de van eisen het convenant ‘Klimaatadaptief bouwen’ van de Provincie Zuid-Holland. Een van de onderdelen is Hittestress. Om hittestress in het gebouw en in de omgeving van het gebouw zoveel mogelijk te verminderen worden er extra bomen geplant, een groen dak op de mezzanine aangelegd en groen op het maaiveld aangelegd. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. d. Reclamanten geven aan dat de gemeente Gouda een gezonde groene binnenstad wil door o.a. geluidshinder te beperken en schone lucht in de stad te hebben. Door vrachtbewegingen naar buiten de stad te verplaatsen zou dit plan daaraan bijdragen. In hun ogen wordt het ‘probleem’ verplaatst naar een buitengebied aan de rand van Waddinxveen waar eveneens een woonwijk staat met een grote behoefte aan schone lucht.
Reactie: De woningen van reclamanten liggen in het buitengebied en worden omringd door bedrijfsbestemmingen waar volgens het geldende bestemmingsplan bedrijven tot en met categorie 3.2 en 3.1 zijn toegestaan. Een woonwijk bestaat uit een grote clustering van woningen met ondergeschikte bedrijvigheid aan huis. Dit is niet van toepassing op het gebied van reclamanten. Het perceel Nieuwe Gouwe o.z. ligt momenteel braak. Hiervoor is het perceel tijdelijk gebruikt als corona teststraat. Met dit plan wordt een braakliggend perceel met een bedrijfsbestemming op een bedrijventerrein intensief benut. Hierdoor hoeft een groen perceel in het landelijk gebied niet te worden ingezet. Zoals op de onderstaande afbeelding te zien is, rust er o.a. een bestemming ‘Bedrijf’ en ‘Kantoor’ op het perceel. Deze bestemmingen zijn bij recht toegestaan en brengen de nodige verkeersbewegingen met zich mee. Zoals in Bijlage 6 van de ruimtelijke onderbouwing is er geen sprake van een planologische verruiming.
pagina 5
Afbeelding 2 Uitsnede plankaart Bestemmingsplan Goudse Poort
De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. e. Reclamanten vinden de redenatie dat de Wet geluidshinder niet van toepassing is / Luchtkwaliteit van toekomstig gegenereerd verkeer lager zal zijn dan wat volgens een plan nog steeds is toegestaan / Toekomstige verkeersgeneratie aanzienlijk lager dan behorend bij voormalige invulling van projectlocatie een vreemde en niet opportune redenering, gezien de locatie al heel vele jaren braak ligt. Reactie: In het kader van de Wet geluidhinder moeten geluidsgevoelige objecten voldoen aan de wettelijk bepaalde normering als het gaat om de maximale geluidsbelasting op de gevels. De limitatieve lijst geluidsgevoelige gebouwen bestaat uit: woningen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen;, verzorgingstehuizen, psychiatrische inrichtingen, en kinderdagverblijven. Relevante geluidbronnen in het kader van de Wet geluidhinder zijn wegverkeerslawaai, railverkeerslawaai en industrielawaai. Op het moment dat een van bovenstaande functies ontwikkeld wordt in de nabijheid van voornoemde geluidbronnen of binnen de zones daarvan, zal middels een geluidsonderzoek aangetoond moeten worden of er voldaan wordt aan de wettelijke voorkeursgrenswaarde. Omdat er geen geluidsgevoelige functie wordt toegevoegd, is er geen geluidsonderzoek noodzakelijk.
Het perceel ligt braak, echter geldt er op het perceel de bestemming ‘Bedrijf’’, ’Water’ en ‘Kantoor’. De eigenaren van de percelen hebben het recht om de percelen te gebruiken voor bedrijvigheid, water en kantoorruimte. Dit is nu bij recht toegestaan. Het voorliggende plan wijkt vooral gelet op de inrichting af van het bestemmingsplan. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. f.
Reclamanten geven aan dat nabij de bestemming meerdere woonobjecten liggen die mede door de projecten ‘Gouwepark’, ‘Westergouwe’, Amaliabrug en het Alpherium te maken hebben gekregen met een aanzienlijke toename van het verkeer over de weg en water. Vooral het Gouwepark en de nieuwe woonwijk ‘Westergouwe’ hebben enorm veel verkeer aangetrokken. Het Alpherium heeft voor een toename van containervaart gezorgd. Luchtkwaliteit en geluid zijn sterk verslechterd. Bovendien is het zo dat het verkeer, door de ligging van de Coenecoop en ontsluiting van het Gouwepark vaak 3 of 4x langs de woningen komt (Nieuwe Gouwe o.z., Coenecoopbrug, N207-kanaaldijk en wegen op het Gouwepark). Containerschepen moeten veelal extra ‘gas’ geven om de moeilijke bocht bij de Coenecoopbrug en Amaliabrug te maken wat leidt tot extra uitstoot. Daarnaast staat de Coenecoopbrug daardoor ook vaak lang open wat tot een enorme opstopping (niet alleen in de spits) leidt op de wegen die rondom de Wilhelminakade en Broekhuizen liggen. Die opstoppingen leiden wederom tot een extra uitstoot van uitlaatgassen en de daarmee gepaard gaande verslechtering van de luchtkwaliteit. Door de extra verkeersgeneratie die het voorgenomen distributiecentrum teweeg zal brengen (+ 200 vrachtwagens/etmaal en
pagina 6
400 personenauto’s), wordt gevreesd voor nog meer opstoppingen op de wegen rondom de Wilhelminakade/Broekhuizen, wat de kwaliteit van lucht en geluid nog meer schaadt. Reactie: Met behulp van verkeersmodellen is inzicht gekregen in de toekomstige situatie in 2030, met en zonder de ontwikkeling op Nieuwe Gouwe OZ 40. Hieruit blijkt dat in 2030 de Nieuwe Gouwe O.Z. 3,9% drukker wordt als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling, voor de Coenecoopbrug bedraagt de toename 1,2%. Dit zijn maar beperkte toenames van de drukte van het verkeer. Dit planeffect komt bovenop de huidige situatie, autonome ontwikkelingen en doorrekening van het Verkeerscirculatieplan. Uit een dynamisch microsimulatiemodel blijkt dat de verkeersafwikkeling in de ochtendspits op een acceptabel niveau ligt maar de avondspits leidt tot grote verliestijden met filevorming op de Coenecoopburg en omliggende kruispunten. Dit wordt veroorzaakt door een beperkte capaciteit van de Coenecooprotonde dat verkeer komend vanaf de brug niet meer goed kan afwikkelen. Maar ook in de autonome situatie zonder de ontwikkeling van de Engelvaartlocatie ontstaan er al afwikkelingsproblemen. Oplossingsrichtingen zijn het toevoegen van meer capaciteit op de kruising waar nu de rotonde ligt of het verlagen van de intensiteit op de Nieuwe Gouwe O.Z. door structuuringrepen.
Dit betekent echter een grote reconstructie van de ombouw van een rotonde naar een kruispunt met verkeerslichten. Een kruising met verkeerslichten, net als aan de andere kant van de Coenecoopbrug, geeft wel een robuuste oplossing die ook nodig is in het kader van het Verkeerscirculatieplan. Voorwaarde voor het uitvoering van autobeperkende maatregelen is dat de randwegen op orde zijn. Hieronder valt ook de Nieuwe Gouwe OZ. Een andere oplossing verkeer via een andere route leiden, bijvoorbeeld de Amaliabrug die momenteel nog onderbenut is. Dit laatste vergt wel structuuringrepen elders in het wegennet De provincie zal deze ontwikkeling gaan monitoren en mocht blijken dat er maatregelen moeten worden genomen, zullen deze (deels) voor rekening van de veroorzaker zijn. De toekomstige ontwikkeling van verkeer is afhankelijk van veel factoren. Bij een beleidsrijke ontwikkeling is de prognose van het verkeer lager, dan bij een beleidsarme ontwikkeling, vandaar dat monitoring belangrijk is. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. g. Reclamanten geven aan dat noch de Coenecoopbrug, noch de Amaliabrug (en de A12) zijn voorzien van geluidsarme voegovergangen op de brugdekken. Vrachtverkeer is duidelijk hoorbaar wanneer deze over de voegen rijden. Door toename van het vrachtverkeer zal dit extra overlast geven.
Reactie: De Coenecoopbrug, Amaliabrug en de A12 zijn in eigendom en beheer van de provincie Zuid-Holland en het Rijk. Aanpassingen aan de brugdekken kunnen alleen in opdracht van de provincie en het Rijk uitgevoerd worden. In de omgevingsvergunning kan de gemeente geen voorschriften of maatregelen opnemen voor bouwwerken op grondgebied van een ander bevoegd gezag. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. h. Over de afslag met (200) vrachtwagens alleen links terrein op wordt gevreesd voor extra opstoppingen en daarmee uitstoot van uitlaatgassen. Bovendien zal voor vrachtwagens komende vanuit de zuidoostelijke kant van de Nieuwe Gouwe OZ gelden dat ze bij de rotonde moeten omkeren om alsnog het terrein op te kunnen gaan. Dit leidt tot extra verkeersbewegingen en ook hierbij wordt gevreesd dat dit tot extra opstoppingen leidt. Waarom geen ingang voor vrachtwagens vanuit de Goudse Poort? Reactie: Het is niet mogelijk om vanaf de Goudse Poort in een ingang te maken, omdat dan over het terrein van derden moet worden gereden. De verwachting is dat het grootste gedeelte van het vrachtverkeer rechtstreeks van en naar de A20 rijdt, en dus nauwelijks vanaf de Nieuwe Gouwe OZ komt.
Dit wordt versterkt door het feit dat op de Koningin Wilhelminaweg een 20 ton, 10 meter vrachtwagenbeperking komt (nota grote en zware voertuigen, en wijkmobiliteitsplan Korte Akkeren) In de praktijk zullen hier dan ook geen opstoppingen door ontstaan. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.
pagina 7
i.
Over het mogelijk vergroten van de rotonde (i.v.m. ‘doorstroming) wordt gevreesd voor meer verharding. De rotonde dichter langs De Gouwe situeren zou verlies van de groenstrook betekenen. In het verleden was de plek bij de rotonde voorzien van ‘ondoordringbaar’ groen in de vorm van o.a. dennen en na diverse werkzaamheden vervangen door ca. 10 bomen. Inmiddels is dit groen ‘afgeslankt’ tot een deels dode haag.
Reactie: In de huidige situatie is er op bepaalde tijdstippen van de dag meer verkeer op de Nieuwe Gouwe o.z. en Coenecoopbrug. Deze ontwikkeling zal in een beperkte mate invloed hebben op de mogelijke aanpassingen van de Coenecoopbrug. De initiatiefnemer heeft laten onderzoeken welke oplossingen er zijn om de doorstroming op de Nieuwe Gouwe o.z. te bevorderen. Een mogelijk oplossing is het vergroten van de rotonde. De rotonde ligt op grondgebied van de provincie Zuid-Holland. Indien deze oplossing wordt uitgewerkt zal dit in opdracht zijn van de provincie. De provincie zal zelf bepalen op welke wijze de oplossing wordt uitgewerkt. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. j.
Bovenstaande punten hebben betrekking op het weren van geluid en luchtvervuiling. Een geluidswerend (groen) scherm (eventueel voorzien van Hedera) langs de Gouwe zal een deel van geluidoverlast en luchtvervuiling kunnen afvangen. Dit zal naar verwachting niet alleen het geluid en vervuiling van het distributiecentrum afvangen, maar ook de toegenomen vervuiling door hogere verkeersgeneratie en schepen in de afgelopen jaren welke hebben geleid tot een matige tot tamelijk slechte woon en leef kwaliteit in onze buurt. Daarnaast kan, net zoals dat bij de N207 langs de Westergouwe is gedaan, gewerkt worden met stil asfalt.
Reactie: Met dit plan wordt er ruimschoots voldaan aan de richtafstanden uit de handreiking ‘Bedrijven en milieuzonering’. Op drie van de vier gevels wordt een 3 meter hoge groene gevelafwerking geplaatst. Deze groene gevel afwerking houdt deels geluid tegen. Reclamanten geven aan dat het woon- en leefklimaat verslechterd is. Veroorzaakt door de hoge verkeersgeneratie en schepen. Door een groene haag langs de Nieuwe Gouwe o.z. te plaatsen wordt mogelijke geluid- en geurhinder van schepen niet tegen gehouden. Dit omdat de schepen dan achter het scherm varen. Middels het voorgestelde plan kunnen er geen voorschriften worden opgenomen om een probleem elders in het gebied te verminderen en/of op te lossen. Daarnaast is er in de huidige situatie geen geluidswerend en tevens groen scherm aanwezig. Het nieuwe gebouw reageert met de architectuur en vormgeving op de omgeving. Aan de zijde van het talud richting de Coenecoopbrug is middels een goed herkenbare schuine lijn in het gevelbeeld gereageerd op het oplopende talud. Ook de langwerpige ramen spelen hier een goede rol in. Door voor dit gebouw een hoge scherm te plaatsen wordt het gevelbeeld verstoord. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. k.
Reclamanten stellen dat geluidsonderzoek waarbij rekening gehouden wordt met de echo werking (van gebouwen en Amaliabrug) plus windrichting een en ander zal onderbouwen
Reactie: De ligging van het voorgenomen distributiecentrum voldoet ruim aan de richtafstand tot woningen. Een aanleiding voor het uitvoeren van een akoestisch onderzoek ontbreekt. Uit de zienswijze blijkt tevens geen reden voor het laten uitvoeren van een akoestisch onderzoek. Met betrekking tot het geluid van het verkeer van het distributiecentrum kan gesteld worden dat deze direct wordt opgenomen in het verkeer van de Nieuwe Gouwe o.z. Het effect van het extra geluid bij omwonenden ten gevolge van het verkeer van het distributiecentrum is gezien de reeds aanwezige verkeersintensiteit op de Nieuwe Gouwe o.z. (meer dan 10.000 mvt/etm) te verwaarlozen. Een verdubbeling van intensiteit levert een toename van 3dB op. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. l.
Reclamanten vrezen voor extra vroege of late activiteiten waardoor rust gedurende avond en nacht periode verstoord kan worden door de laad en los activiteiten omdat uit de stukken niet blijkt gedurende welke uren er bedrijvigheid wordt verwacht.
pagina 8
Reactie: In het Verkeerscirculatieplan is de Nieuwe Gouwe OZ aangeduid als hoofdroute waarover groot en zwaar verkeer rijdt. Het perceel heeft een gunstige ligging door de korte route met het Rijkswegennet. Buiten de hoofdwegen kunnen er beperkingen voor vrachtwagens worden opgelegd. Op de hoofdwegen zal dit niet gebeuren in verband met de doorstroming naar het rijkswegennet. Een bedrijf moet ten minste 4 weken voor het starten of veranderen van het bedrijf een melding Activiteitenbesluit doen. Op basis van artikel 2.17 van het activiteitenbesluit kunnen er slechts voor milieu vergunningsplichtige activiteiten regels met betrekking tot laden en lossen in de nacht worden gesteld. Met zulke regels kan overlast van activiteiten buiten de inrichting, zoals een weg worden beperkt en/of worden voorkomen. Aan een melding kan de gemeente geen voorwaarden en/of verplichtingen aan de over de bedrijfsvoering van een bedrijf verbinden. Daarvoor gelden de algemene regels van het Activiteitenbesluit. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen. m. Reclamanten geven aan dat er al maanden luchtvervuiling is door werkzaamheden ter voorbereiding van het bouwterrein in de vorm van overmatige zand en stofwolken. Een en ander is begin 2023 gemeld bij de ODMH, waarna maatregelen genomen zijn, zoals sproeien van het zandoppervlak.
Uiteraard is dit maar een druppel op een gloeiende plaat in vergelijking wat bij een eventuele bouw nog te wachten staat. Reactie: Om het distributiecentrum met kantoren mogelijk te maken is in de ruimtelijke onderbouwing gekeken naar het aspect luchtkwaliteit. Hierbij is vanuit de Wet luchtkwaliteit gekeken naar het effect van de ontwikkeling op de concentraties stikstofdioxide en fijn stof. In dit geval wordt gekeken naar het extra verkeer van en naar de locatie. Het extra verkeer draagt zo weinig bij dat er sprake is van “niet in betekende mate” (nibm). Ook worden wettelijke grenswaarden niet overschreden. Het aspect luchtkwaliteit staat het realiseren van een distributiecentrum met kantoren dan ook niet in de weg. Dat bij het bouwrijp maken en tijdens de bouwperiode zand en stof vrijkomt is geen toetsingskader voor de Wet luchtkwaliteit. De Wet luchtkwaliteit kijkt naar het distributiecentrum met kantoren zelf en naar andere stoffen, zoals bovenstaand beschreven. Uiteraard zullen ook tijdens de bouwperiode maatregelen genomen moeten worden om de hinder van stof en zand te beperken. De zienswijze geeft op dit punt geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.
pagina 9
2.2 Reacties overlegpartners 2.2.1 Het Hoogheemraadschap Het Hoogheemraadschap heeft op 3 augustus 2022 per e-mail aangegeven in te kunnen met het voorliggende plan. Het advies was als volgt: Advies Ik heb geen bezwaar tegen het verlenen van de omgevingsvergunning. De waterhuishoudkundige belangen zijn reeds besproken met de aanvrager en vergund. Een deel van de watercompensatie wordt gelinkt aan een project aan de noordzijde van het spoor.
2.2.2
Provincie Zuid-Holland
Het ontwerp besluit is middels het e-formulier aangeboden aan de provincie Zuid-Holland. Op 15 juni 2023 heeft een planadviseur van de provincie aangegeven in te stemmen met het voorliggende plan.
pagina 10