CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Berenschot

Raadsvergadering 8 februari 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: GHR onderzoek Participatiewet1.167 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Onderwerp

: GHR Participatiewet

Van: PvdA Gouda 1. Bij aanbeveling 1 wordt gesproken over de intensieve gespreksvoering voor een deel van de cliënten inzetten, ‘zoals een derde of de helft’. Dat is een behoorlijk verschil. Adviseert Berenschot voor de Goudse situatie eerder een derde of eerder de helft? Waarom? 2. Bij aanbeveling 5 wordt geschreven over het beperken van de instroom vanwege de bijstandsdichtheid in Gouda, deze is volgens de figuur op bladzijde 22 hoger dan referentiegemeenten en rond het landelijk gemiddelde. De instroom was vanaf 2021 in Gouda relatief hoog en ligt volgens het rapport waarschijnlijk aan het beleid en de uitvoering in Gouda. Wat doet Gouda niet wat vergelijkbare steden met een lagere bijstandsdichtheid wel doen? En wat doet Gouda wel wat vergelijkbare steden met een lagere bijstandsdichtheid niet doen? 3. Bij aanbeveling 7 beschrijft u dat een gezamenlijk matchingssysteem en meer samenwerking de kans op een match vergroten. Hoe groot is de kans op een match nu en binnen welke termijn? Is dit lager dan in regio’s die wel een matchingssysteem hebben? Wat zijn de kosten en baten van zo’n matchingssysteem?

Van: GoPo 4. Als er de keuze wordt gemaakt om slechts een deel van de cliënten te begeleiden, is het dan zeker dat de effectiviteit van de begeleiding vergroot wordt? 5. Wordt met de inzet van evidence-based methode de IPS methode bedoeld? 6. Is duidelijk geworden waarom het matchingsysteem voor de werkgeversdienstverlening niet is ontwikkeld terwijl dit toch een vaak gehanteerd systeem is?

Vragen: VVD 7. De 7 aanbevelingen lijken vooral te gaan over mensen die bemiddelbaar zijn naar werk al dan niet na een ondersteuningstraject. Welke aanbevelingen zijn er specifiek voor de doelgroep "vrijwillige participatie"? 8. Op pagina 16 staat: "De voornaamste indicatoren en streefwaarden die de gemeente Gouda hanteert zijn de uitstroom uit de uitkering, het aantal statushouders in de bijstand, het aantal gerealiseerde garantiebanen, het aantal gerealiseerde beschut werkplekken, aantal plaatsingen via social return, de jeugdwerkloosheid, de waardering van cliënten voor de dienstverlening, en de uitstroom van statushouders naar werk en/of school. Wat de uitstroom betreft is de gemeente met name geïnteresseerd in de uitstroom naar werk en de uitstroom naar opleiding. Voor het beleidsdoel om mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te ondersteunen heeft de gemeente als streefwaarde een blijvende reductie van minimaal 200 inwoners die langdurig (twee jaar of langer) in de bijstand hebben gezeten. Deze ambitie heeft een looptijd van 2018 tot medio 2022.". Onze vraag: Het beoogde maatschappelijke effect is om de participatie en zelfredzaamheid van inwoners te verbeteren. a. Zijn deze streefwaarden en indicatoren goede voorspellers van dat maatschappelijke effect? b. In hoeverre zien de onderzoekers deze streefwaarden ook in andere gemeenten terug komen? c.

Welke best practices bij andere gemeenten zouden ook in Gouda van toegevoegde waarde kunnen zijn?

9. Welke maatregelen zien de onderzoekers bij andere gemeenten genomen worden om het aantal proefplaatsingen te verhogen?

Vragen: D66 10. Er is geen onderzoeksvraag gesteld over de in- en uitstroom, er wordt wel geconcludeerd dat dit een belangrijke vraag is om de totale effectiviteit van het beleid te bepalen. Waarom is er voor gekozen om hier geen onderzoeksvraag over te stellen? 11. Het college heeft in een memo gereageerd op de aanbevelingen, hebben de onderzoekers hierop gereageerd? Zo ja, kan dit gedeeld worden?

Antwoorden: 1. Het antwoord op die vraag is niet op basis van wetenschappelijke of expertmatige inzichten te geven. Het succes van re-integratie is in belangrijke mate persoonsafhankelijk (van zowel de cliënt als de cliëntondersteuner). Wel is wetenschappelijk aangetoond dat frequent, intensief en persoonlijk contact bewezen effectief is om mensen die langdurig in de bijstand zitten uit te laten stromen. Veel gemeenten kiezen voor het halveren van de caseload om frequent, intensief en persoonlijk contact mogelijk te maken en halen daar goede resultaten mee. Berenschot beveelt daarom aan om intensieve gesprekken te voeren met de helft van de cliënten, want dat komt ongeveer overeen met het halveren van de caseload. 2. De hogere bijstandsdichtheid in Gouda hangt zowel samen met een relatief hoge instroom als met een achterblijvende uitstroom. Het verschil is dus niet alleen toe te schrijven aan een relatief hoge instroom. De onderzoeksvragen van de Rekenkamercommissie richten zich vrijwel exclusief op re-integratie. We hebben daarom het instroomproces van Gouda niet in detail kunnen onderzoeken en vergelijken met andere gemeenten. 3.

De kans op een match hangt enerzijds af van persoonsafhankelijke factoren, zoals de mate waarin een kandidaat werkfit en gemotiveerd is, en anderzijds van de grootte van de groep werkgevers en werkzoekenden waarbinnen de match tot stand kan worden gebracht. Hoe groter de groep, hoe groter de kans dat een unieke kandidaat blijkt te matchen op een unieke werkplek. Een matchingssysteem ontsluit informatie over vacatures en werkzoekendenprofielen en vergroot daarmee de groep waarbinnen de match tot stand kan worden gebracht. De voornaamste bate van een matchingssysteem is dat het de kans op teleurstellingen bij werkgevers en werknemers verkleint (namelijk: de teleurstelling van een mislukte match), waardoor werkgevers na een succesvolle plaatsing vaker bereid zijn om mensen uit de doelgroep aan te nemen. De voornaamste kosten zijn de kosten van het ICT-pakket en het bijhouden van vacatures en werkzoekendenprofielen. 4. Zie het antwoord op vraag 1. 5. De IPS-methodiek is inderdaad een goed voorbeeld van een evidence-based methode. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat persoonlijke gesprekken bewezen effectief zijn. 6. De algemene reden die uit ons onderzoek naar voren komt, is dat de arbeidsmarktregio Midden-Holland een achterstand in te lopen had wat de harmonisatie van de dienstverlening betreft.

Er is in de afgelopen jaren een behoorlijke inhaalslag gemaakt, maar nog niet alle verbeterstappen zijn gerealiseerd. Het realiseren van een matchingssysteem is in onze optiek de voornaamste verbeterstap. 7. Wat de dienstverlening betreft voor de doelgroep die vrijwillig kan participeren (klantgroep 4) is het voornaamste knelpunt dat, op het moment van onderzoeken, als gevolg van personeelstekort onvoldoende capaciteit beschikbaar is om deze doelgroep adequaat te bedienen. 8. Reactie op de deelvragen a. De streefwaarden zijn inderdaad goede voorspellers van het beoogde maatschappelijk effect.

b. De streefwaarden van Gouda komen in hoge mate overeen met de streefwaarden in andere gemeenten. c. De best practices hebben we onderzocht in benchlearningsessies die we als onderdeel van de opdracht hebben georganiseerd. De belangrijkste lessen die we daaruit gedestilleerd hebben, hebben we een plek gegeven in de aanbevelingen. 9. Naast maatregelen die al in de aanbevelingen genoemd zijn en die zich richten op goede werkgevers- en werkzoekendendienstverlening kan aanvullend nog genoemd worden: het belang van het opbouwen van lange termijn relaties met werkgevers. Het succes van de Participatiewet staat of valt immers met de bereidwilligheid van werkgevers om werkplekken/proefplekken aan te bieden. 10. De Rekenkamercommissie heeft ervoor gekozen om de vragen te focussen op de reintegratiedienstverlening. Daar valt wel wat voor te zeggen, omdat de reintegratiedienstverlening het meest complex is om te organiseren en ook de meeste ‘knoppen om aan te draaien’ kent. 11. In onze Powerpointpresentatie reageren we op de collegereactie op onze aanbevelingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=8a005977-c40a-4888-ac55-6d1c3ef6694e