Beantwoording GL Technische vragen - GL - Verordening Sociaal domein 2023
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Gouda 2023 Commissiegriffier Datum antwoord
: GroenLinks, Tim Geluk-van den Burg : 26 oktober 2023 : Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp : Lars van der Linden : 27 oktober
Vragen: 1. De reactietermijn voor een eerste reactie bij de aanvraag is in de huidige verordening 5 dagen, die termijn is in de concept-verordening geschrapt. a. In hoeveel gevallen lukt het om in de huidige verordening binnen 5 dagen een reactie te geven (op basis van gegevens van de afgelopen jaren)? b. Is de reactie die nu binnen 5 dagen wordt gegeven een eerste inhoudelijke reactie, of een procedurele reactie (bijv.: Bedankt voor u aanvraag, wij nemen binnen 8 weken contact met u op..) 2. De wettelijke termijn voor het geven van een bestuurlijk besluit is 8 weken. a. In hoeverre lukt het in de huidige praktijk om de 8 weken te halen? b. wat is de gemiddelde doorlooptijd van een zorgaanvraag wmo of jeugdhulp van het eerste contactmoment met de gemeente tot het bestuurlijk besluit? 3. In hoeverre strookt het uitgangspunt ‘de mens centraal’ zoals dat op meer plekken in de conceptverordening voorkomt met de mogelijk machtsongelijke positie van de gemeente als zorgverlener? (En er dus sprake is van een afhankelijkheidsrelatie tussen de inwoner en de zorgconsulent?) 4. Wordt een intakegesprek standaard opgenomen (als latere hulp bij het opstellen van het verslag)? 5. In artikel 7 gaat het over het opstellen van een verslag. Hiervoor wordt een termijn van 15 dagen aangehouden.
Zou het mogelijk kunnen zijn om, conform de werkwijze van de politie bij aangiftes, bij het voeren van een gesprek direct al het verslag te schrijven en die vervolgens direct na het gesprek te laten goedkeuren en ondertekenen door de cliënt? 6. In artikel 19 (Beoordeling) wordt bij punt 2.d gesproken over aantoonbaar gedane fraude door de (vertegenwoordiger van de) aanvrager. a. Zijn hier objectieve criteria voor vastgesteld? b. Komt iemand die fraude heeft gepleegd (of daarvan verdacht wordt) op een lijst te staan? Zo ja, wie beheert deze lijst?
c. Als een vertegenwoordiger van een aanvrager fraude heeft gepleegd, of daarvan verdacht wordt, is het dan ook mogelijk dat de aanvrager een andere vertegenwoordiger kiest en niet de dupe wordt van een valse aanvraag of gedane fraude door een vertegenwoordiger? 7. In het advies van de GASD en de GCR wordt als voorbeeld de verordening van de gemeente Kampen genoemd, daarin is de verordening breder getrokken dan alleen wmo en jeugdhulp (gaat integraal over het sociaal domein). Wat zou er voor nodig zijn om in Gouda een dergelijke onderwerp-overstijgende verordening op te stellen, dus een brede verordening voor het sociaal domein? 8. In de stukken in ibabs is een advies van de GAB opgenomen, maar hierbij ontbreekt een reactie van het college op dit advies. Als er een reactie van het college is, zou die dan toegevoegd kunnen worden aan de stukken? Als er nog geen reactie is van het college, zou het college dan een reactie op het advies kunnen geven?
Antwoorden: 1. In de huidige verordening is het volgende opgenomen: Het college bevestigt de ontvangst van de melding en neemt binnen 5 werkdagen contact op om een afspraak te maken voor een gesprek, waarin de hulpvraag wordt onderzocht. Reactie vraag a: Bij 100% van alle meldingen wordt de ontvangst binnen 5 dagen bevestigd. Het binnen 5 dagen contact opnemen om een afspraak in te plannen blijkt in de praktijk niet haalbaar. Daarom worden in de nieuwe verordening geen toezeggingen gedaan over de termijn waarbinnen contact wordt opgenomen om een afspraak in te plannen. Reactie vraag b: De ontvangstbevestiging is een procedurele reactie. 2. Voor jeugd geldt dat in 2022 erop is ingezet om de doorlooptijd te verkorten. In het eerste kwartaal van 2022 was de doorlooptijd gemiddeld 50 dagen. In het vierde kwartaal betrof de gemiddelde doorlooptijd nog maar 30 dagen. De gemiddelde doorlooptijd van een melding in 2022 was 45 dagen. Voor de indicaties die binnenkomen via directe verwijzers heeft de backoffice 8 weken de tijd om de aanvraag te verwerken. Dit lukt in vrijwel 100% van de gevallen. Voor de Wmo geldt dat onder normale omstandigheden de achtwekentermijn vrijwel altijd gehaald wordt. Er zijn uitzonderingssituaties, zoals
wanneer er een aanvullend onderzoek van de GGD nodig geacht wordt in een complexe situatie of er aanvullend overleg nodig is met een behandelaar. Op het moment dat deze situatie zich voordoet, wordt de inwoner hierover geïnformeerd. Op dit moment is er sprake van een heel hoog aantal meldingen, waardoor er achterstanden zijn. Er zijn maatregelen genomen om dit zo snel mogelijk op te lossen (o.a. inzet van extra personeel). De gemiddelde doorlooptijd van een Wmo-melding is niet op korte termijn voorhanden. 3. Consulenten communiceren met inwoners op basis van gelijkwaardigheid. Natuurlijk is het zo dat het college uiteindelijk een besluit neemt, maar er wordt altijd geprobeerd om samen met de inwoner overeenstemming te bereiken over de oplossing voor de hulpvraag. 4. Nee, de consulent maakt schriftelijke aantekeningen van het gesprek. 5. Binnen de huidige systemen is het niet mogelijk om tijdens het gesprek een verslag te schrijven, goedkeuring van de inwoner en ondertekening te krijgen. Daarnaast schat het college in dat het de kwaliteit van het onderzoek ten goede komt en het voor de inwoner persoonlijker aanvoelt als de consulent de aandacht volledig heeft voor het gesprek met de inwoner. 6. Reactie vraag a: Nee, er zijn geen objectieve criteria hiervoor vastgesteld.
Wel staan in de Jeugdwet (artikel 8.1.4.) en in de Wmo 2015 (artikel 2.3.10) bepalingen die we als handvatten hanteren om te bepalen of er sprake is of kan zijn van fraude. Denk aan de situatie waarin een inwoner onjuiste gegevens heeft verstrekt of bewust een wijziging in zijn of haar situatie niet heeft gemeld die van invloed had kunnen zijn op de beslissing van het college om een maatwerkvoorziening toe te kennen. Of de situatie dat het college vaststelt dat het pgb niet of voor een ander doel gebruikt is dan waarvoor het bestemd is. Reactie vraag b: Iemand die fraude heeft gepleegd, komt niet op een lijst te staan. We zijn uiteraard wel alert op signalen van fraude om te voorkomen dat er in de toekomst meer inwoners slachtoffer worden van een malafide budgetbeheerder. Reactie vraag c: Als de aanvrager niet op de hoogte was of betrokken is geweest bij de door een vertegenwoordiger gepleegde fraude, is het mogelijk dat de aanvrager een andere vertegenwoordiger kiest. 7. De wettelijke kaders van de Wmo 2015 en de Jeugdwet verschillen op best wat onderdelen van de kaders van de Participatiewet. Een brede integrale verordening brengt daarom ook juridische risico's met zich
mee. Daarnaast is een integrale verordening geen garantie voor een integrale uitvoering terwijl dat het uiteindelijke doel is. We kiezen er daarom voor om de integraliteit vooral in de praktijk te realiseren. 8. Er is geen antwoordbrief aan de GAB, omdat de brief van de GAB niet bij het college bekend was. De GAB is geen formeel adviesorgaan van het college. In de verordening burger- cliëntenparticipatie sociaal domein Gouda 2015 is bepaald dat de Goudse Adviesraad Sociaal Domein (GASD) gevraagd en ongevraagd advies kan leveren op een concept verordening. De GASD haalt via diverse kanalen zelf input op voor dit advies en moet ervoor zorgen dat ook inwoners en/of andere partijen (zoals de GAB) input kunnen leveren voor het advies. Het advies van de Goudse Adviesraad Sociaal Domein is benut bij de totstandkoming van de verordening die voorligt. Om deze reden geeft het college geen reactie op het advies van de GAB.