CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording D66 Technische vragen Verordening maatschappelijke ondersteuning Jeugdhulp_D66

Raadsvergadering 13 december 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: Verordening Maatschappelijke ondersteuning Jeugdhulp 2023747 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord

: D66 Gouda - Heike Brandes : 25-10-2023 : Verordening maatschappelijke ondersteuning Jeugdhulp : Lars van der Linden : 27-10-2023

Aanleiding: op 30 oktober behandelen we in de commissie samenleving het voorstel Verordening maatschappelijke ondersteuning Jeugdhulp. In voorbereiding daarop heeft D66 Gouda de volgende technische vragen: 1. In onder andere artikel 12.6 en 13.2 wordt aangegeven dat vergoeding alleen plaatsvindt als de hulp het goedkoopst én het meest adequaat is, hoe verhoudt zich dat tot elkaar? De meest passende hulp hoeft niet altijd de goedkoopste te zijn. Hoe wordt dit bedoeld? 2. Bij artikel 12.8 wordt aangegeven dat het college nadere regels kan vaststellen. Zijn dit algemeen geldende regels, of betreft dit individuele regels? Hoe weet men dat deze regels zijn toegevoegd? 3. In artikel 14 wordt gesproken over de criteria voor vrouwenopvang in de situatie van huiselijk geweld. Deze is beschikbaar voor vrouwen vanaf 18 jaar. Hoe zit het met jonge vrouwen jonger dan 18 jaar (al dan niet met de zorg voor kinderen) die in een relatie te maken hebben met huiselijk geweld? Waar kunnen zij terecht? 4. In artikel 17 wordt aangegeven dat reiskosten niet worden vergoed. Geldt dit ook voor de reiskosten die direct ten behoeve van de cliënt worden gemaakt? Denk aan bezoeken aan het ziekenhuis of huisarts etc. 5. In artikel 18 wordt gesproken over de aanvraag van een PGB en het PGB-plan.

Daarin wordt genoemd dat wanneer het om jeugdhulp gaat, expliciet moet worden aangegeven waarom de zorg in nature niet passend en/of gewenst is. Waarom is deze regel specifiek voor jeugdhulp opgenomen? 6. De pilot PGB is nog niet afgerond, deze is zelfs onlangs uitgebreid. Het college geeft aan dat tot de vaststelling van de verordening en daarna de regeling, de ervaringen met de nieuwe PGB werkwijze zullen worden verwerkt. Hoe ziet die verwerking er precies uit, nu de verordening ter beeldvorming voorligt bij de raad? 7. Welke lessen zijn er tot nu toe uit de pilot PGB gehaald, welke verwerkt zijn in deze verordening? Antwoorden: 1. Het klopt dat de meest passende hulp niet altijd de goedkoopste hoeft te zijn. Bij de bepaling van welke ondersteuning geboden gaat worden, gaat adequaatheid voor op de voorwaarde goedkoopst. Dus eerst wordt gekeken

naar welke ondersteuning aansluit op de hulpvraag, vervolgens naar hoe die ondersteuning het goedkoopst kan worden vormgegeven. 2. Hier wordt de regeling bedoeld die na vaststelling van de verordening door de gemeenteraad door het college wordt vastgesteld. Het gaat dus om algemeen geldende regels, gericht op de uitwerking van de kaders uit de verordening. Zowel de verordening als de regeling worden na vaststelling gepubliceerd op overheid.nl. Verder wordt de informatie op de website van de gemeente aangepast naar de nieuwe verordening en regeling. 3. Dit is een zeer uitzonderlijke situatie. In deze situatie zal op individueel niveau gezocht worden naar de best passende oplossing voor de specifieke hulpvraag van de jonge vrouw. 4. In artikel 17 is opgenomen met welke kosten het college rekening houdt bij het inkopen van ondersteuning. In lid 4 is gespecificeerd dat het college juist wel rekening houdt met reis- en opleidingskosten bij het opstellen van reële tarieven. 5. Op dit onderdeel verschillen de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning van elkaar. In de Jeugdwet is opgenomen dat expliciet moet worden aangegeven waarom de zorg in natura niet passend en/of gewenst is. In de Wet maatschappelijke ondersteuning geldt deze voorwaarde niet, maar moet de inwoner alleen diens keuze voor een pgb motiveren. 6.

Sinds de start van de pilot is de werkwijze continu gemonitord en waar nodig aangepast. Vanaf begin 2023 is de pilot nog uitgebreid met nieuwe cliënten. De resultaten daarvan zijn meegenomen in de bepaling van de kaders van het pgb-beleid zoals opgenomen in de verordening. De uitkomsten van de pilot hebben nu vooral nog consequenties voor de regeling die volgt in aansluiting op de vaststelling van de verordening en die wordt vastgesteld door het college. 7. Op basis van de bevindingen uit de pilot is een aantal kaders in de verordening voor de verlening van ondersteuning in de vorm van een PGB, nader uitgewerkt. Zo is ervoor gezorgd dat het aantal uren ondersteuning al duidelijk is voordat iemand het pgb-plan gaat invullen, zodat een inwoner gericht met het vinden van een zorgverlener aan de slag kan. De pilot heeft er ook toe geleid dat het format voor het pgb-plan naar B1 niveau omgeschreven is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=0b083256-13a7-48f9-9cd0-0e33918a8446