Afdoen toezegging Duurzaam AZC
Tekst van het document
Toezegging aan onderwerp
van
de gemeenteraad Aanvullende informatie nav verkenning Duurzaam AZC in Gouda op 17 sept 2025
datum
het college van burgemeester en wethouders 22 september 2025
zaaknummer
1414528
memo Inleiding Op 17 september heeft de commissie Bestuur een tweede verkennende vergadering gehouden over de mogelijke komst van een duurzame opvanglocatie voor asielzoekers in Gouda, waarna deze avond is overgestapt op het debat. Tijdens het verkennende deel van deze bijeenkomst is door de portefeuillehouders asielopvang een toezegging gedaan om een vraag schriftelijk te beantwoorden. Toezegging Kan het college aangeven wie de meeste gerede partij is bij niet vergoede zorgkosten, indien hierover een verschil van mening bestaat? Is de uitspraak van de in de BO genoemde onafhankelijke derde bindend? Antwoord De zorgkosten voor volwassen asielzoekers worden volledig door het COA betaald via de Regeling Medische Zorg Asielzoekers (RMA) en de Wet publieke gezondheid (Wpg). De jeugdgezondheidszorg (JGZ) wordt uitgevoerd door GGD GHOR Nederland en wordt bekostigd door het COA via landelijke contracten. Deze kosten vallen dus niet onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Voor jeugdzorg in de zin van de Jeugdwet (zoals geïndiceerde hulp, jeugdbescherming en begeleiding) is de gemeente verantwoordelijk, ook als jeugdigen (zoals AMV) niet zijn ingeschreven in de BRP. Gemeenten met een AZC krijgen hiervoor extra middelen vanuit de Rijksoverheid. De aanwezigheid van een opvanglocatie verandert dus niets aan de wettelijke taak van de gemeente op dit vlak.
Bij onduidelijkheid over wie zorgkosten moet betalen, bepaalt artikel 3.2 van de Aanvullende Werkafspraken dat de “meest gerede partij” betaalt. Wie dat is, hangt af van de situatie en is niet vooraf vast te stellen. Als het COA en de gemeente het niet eens worden, kan de externe partij uit artikel 3.3 hierover geen bindend advies geven. De conclusies van deze partij zijn niet bindend; beide partijen kunnen deze gemotiveerd betwisten. Als partijen er niet uitkomen, volgt daarom escalatie via bestuurlijk overleg, mediation en eventueel juridische afhandeling bij de rechtbank (art. 14 BO).