A VVD WRP
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp
: VVD : 9-2-2024 : WRP
Datum antwoord : 12-02-2024
Vragen: 1. Dit WRP gaat over de jaren 2024-2028. Wat zijn de consequenties van het feit dat het WRP op zijn vroegst op 13 maart 2024 wordt vastgesteld? 2. In het raadsbesluit staat dat dit besluit genomen wordt op 7 februari. Wordt hier 13 maart bedoeld? 3. Wat is de reden van uitstel van de 7-februari-cyclus naar de 13-maart-cyclus? 4. Is het wettelijk toegestaan om kosten, die de afgelopen jaren gefinancierd zijn uit de riool-reserve alsnog (al dan niet met terugwerkende kracht) te activeren en de initiële onttrekking daarmee ook ongedaan te maken? 5. In het raadsbesluit wordt voorgesteld om over de jaarschijven 2023, 2024 en 2025 voor €15,6 miljoen te activeren. Wat gebeurt er als de totale investeringen over die drie jaren lager is van € 15,6 miljoen? 6. In 3.4 van het raadsvoorstel staat "Twee maatregelen kunnen dit probleem elimineren: a) de doorgeschoven projecten alsnog activeren en b) aanvullend doteren aan de spaarvoorziening." Welke keuze is hier nu gemaakt? Hoe verhoudt dit zich t.o.v. punt 3 van het raadsvoorstel waarin wordt voorgesteld om vervangingsinvesteringen die betrekking hebben op toekomstige (2024, 2025) te activeren? Is dit een optie c of gaat dit over iets heel anders? 7.
In 3.4 van het raadsvoorstel staat "In dezelfde periode is de ontwikkeling van de hoogte van de spaarvoorziening achtergebleven ten opzichte van hetgeen er in het GRP 2014-2018 en GRP 2019-2023 staat". Welk gedeelte van die achterstand is een gevolg van de projecten die over de 2020-grens zijn gegaan en welk gedeelte heeft andere oorzaken? Welke oorzaken waren dat? 8. In 3.4 van het raadsvoorstel staat "Doordat projecten uit de jaren 2015-2020 zijn doorgeschoven naar de periode ná 2020 zouden deze projecten niet meer geactiveerd worden, maar betaald worden uit de spaarvoorziening". Op welke datum is het college voor het eerst geïnformeerd over deze situatie? 9. De VNG heeft een modelverordening opgesteld voor hemelwaterberging (zie Aanpassen hemelwaterverordening vóór start Omgevingswet | VNG). Heeft Gouda ook een verordening hemelwaterberging? Zo nee, waarom niet. Zo ja, is deze conform het VNG-model? 10. Is er onderzoek gedaan (door gemeente of externe partij) naar de additionele kosten die de eisen aan nieuwbouw t.a.v. hemelwaterberging met zich meenemen? Zo ja, kunnen we daar een kopie van ontvangen. 11. In paragraaf 4.6 van het WRP staat een overzicht van de jaarlijks terugkerende kosten. In de GRP 2019 werden deze jaarlijkse kosten begroot op ongeveer 3.1 miljoen (voor de jaren 2024 en 2025). Nu wordt € 5,7 miljoen verwacht.
Welk gedeelte van deze stijging is een gevolg van prijsstijgingen in de markt? Wat zijn overige factoren die de verhoging van de kosten verklaren?
Antwoorden: 1. Voor het deel van het WRP dat betrekking heeft op de afwikkeling 2023 is er afstemming met de accountant geweest en is er overeenstemming. 2. Dat is correct. 3. Het college heeft het concept Water- en Rioleringsprogramma op 12 december vastgesteld en zou in de eerste instantie op 7 februari in de raad besproken worden. De Omgevingswet is in werking getreden op 1 januari 2024. Onder de Omgevingswet is het opstellen van een rioleringsplan niet meer verplicht, maar als een gemeente er toch voor kiest om er één op te stellen dan moet de zienswijzeprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht gevolgd worden. Hier was wat onduidelijkheid over maar dit heeft ervoor gezorgd dat het programma acht weken ter inzage heeft moeten liggen (er zijn geen zienswijzen ingediend). De raad van 7 februari was hierdoor niet meer haalbaar. 4. We hebben deze vraag aan de accountant voorgelegd, de accountant heeft hiervoor groen licht gegeven. 5. In dat geval zal er een lager investeringsbedrag geactiveerd worden, een en ander op basis van de boekings-realisatie in dat jaar. 6. De raad wordt voorgesteld om deze projecten alsnog te activeren. Punt drie van het raadsvoorstel gaat inderdaad over iets anders: hierbij wordt voorgesteld om vanuit de reguliere exploitatie in de jaren 2024-2028 aanvullend te doteren aan de voorziening riolering. 7.
Het is in deze gevallen een combinatie van factoren geweest. De evaluatie van het GRP 2019-2023 is gepresenteerd en besproken in de raadscommissie van 31 mei 2023. 8. Op 12 december 2023 is het collegevoorstel Water- en Rioleringsprogramma besproken in het college. Voorafgaand aan dit college zijn meerdere bestuurlijke overleggen geweest om dit onderwerp te bespreken. 9. Gemeente Gouda heeft geen hemelwaterverordening. Er is bewust voor gekozen om geen gebruik te maken van de handreiking omdat de handreiking erg algemeen is. Gemeente Gouda is in vele opzichten niet te vergelijken met andere gemeenten, en daarom is er budget opgenomen in het WRP 2024 – 2024 om te onderzoeken hoe eisen m.b.t. hemelwater op particulier terrein het beste geborgen kunnen worden. 10. Er is geen apart onderzoek gedaan naar alleen de additionele kosten die de eisen aan nieuwbouw t.a.v. hemelwaterberging met zich meebrengt. In de praktijk wordt ervaren dat als de eisen vanaf het begin van het project goed worden meegenomen, dit niet tot extra kosten hoeft te leiden. Er is wel onderzoek gedaan naar welke maatregelen en kosten er nodig zijn om bestaand stedelijk gebied klimaatadaptief in te richten. Dit brengt wel extra kosten met zich mee. 11. In de € 5,7 miljoen beschreven in het WRP 2024 - 2028 zit de post groot onderhoud bruin en personeelskosten.
In het GRP 2019 - 2023 zijn deze posten elders opgenomen. De bedragen kunnen daarom niet met elkaar vergeleken worden. Uit onderstaande tabellen uit het GRP2019-2023 (jaarschijf 2019) wordt dit duidelijk: Totale kosten begroot € 2.250.000 plus € 3.941.500 is € 6.191.500. In het GRP 2019-2023 is rekening gehouden met een afbouw van de kosten baggeren en toerekening straatreiniging. In de nieuw planperiode (WRP 2024-2028) zijn gemeentes echter ook geconfronteerd met (flinke) kostenstijgingen. Dat is ook in het WRP 2024-2028 verwerkt.
Uit: GRP 2019-2023: