CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

A VVD IHP2

Commissie Samenleving 28 mei 2025, gemeente GoudaBij agendapunt: Beeld- en oordeelsvorming: Uitvoeringsplan Onderwijshuisvesting 2026-2030 2e tranche IHP1.134 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Van Aan Datum vraag Onderwerp Datum antwoord

: VVD Gouda, Paul Ruijgrok : Lars van der Linden, commissiegriffier Cie Samenleving : 25 mei 2025 : IHP :

Vragen: 1. Alternatief financieren i.c.m. garantstelling a. Een van de redenen om niet onbeperkt te lenen is het renterisico. Bij een grotere leningenportefeuille kan een stijging van de rente de rentelasten enorm laten oplopen. Hoe is, in de alternatieve financieringsconstructie, het renterisico verdeeld tussen school en gemeente? 2. Er wordt voor Driestar Alpha een incidentele en structurele kostenstijging voorzien. a. € 75.000 is een gevolg van uitvoeringskosten voor de alternatieve financiering. Zijn deze kosten alleen voor Driestar Alpha of dekken die ook andere projecten met alternatieve financiering? b. In hoeverre wordt deze kostenstijging gedekt door hogere huuropbrengsten? 3. Door alternatieve financiering kunnen projecten naar voren worden getrokken. Uitvoering van de projecten uit deze en volgende tranches zorgen er (naar verwachting) voor dat er 12 locaties vrijkomen voor herontwikkeling, b.v. woningbouw. Voor welke locaties zou een alternatieve financiering een dusdanige vervroeging van de uitvoering veroorzaken dat ook het vrijkomen van locaties voor woningbouw naar voren kan worden getrokken? 4. Er wordt blijvend gekeken naar financiering vanuit b.v. het groeifonds/innovatieprogramma onderwijshuisvesting van OCW. a. Welke resultaten zijn hier in de 1e tranche IHP mee bereikt? b.

Wanneer zal duidelijk zijn of hier voor de 2e tranche aanvullende financiering beschikbaar komt? 5. Duurzaamheid. a. Er worden verschillende normen voor duurzaamheid gehanteerd (BENG, ENG, nul-op-de-meter). Wat zijn de verschillen in nieuwbouwprijzen met m2 bvo voor de verschillende normen? b. De verwachting is (zie grafiek p25) dat er zo’n € 600 per m2 aan Duurzaamheid en Energieneutraliteit wordt besteed. Hoeveel ton CO2 uitstoot wordt hiermee bereikt? c. Wanneer de energierekening van de scholen naar beneden gaat door deze extra investeringen, welke mogelijkheden zijn er dan om het voordeel (gedeeltelijk) ten gunste van de gemeente te laten komen? 6. Combinatiegebruik. Van de scholen in de 2e tranche, welk combinatiegebruik is er in de huidige scholen en welk combinatiegebruik is er in de nieuwe scholen? Graag een overzicht per schoolgebouw. 7. Er staat “De normbedragen voor vernieuwbouw zijn gelijk gesteld aan die van nieuwbouw. Beide beogen een levensduur(verlenging) van 40 jaar en de ervaring leert dat de kosten nagenoeg gelijk zijn.”. In het originele IHP is er wel een belangrijk verschil tussen 40-jaars renovatie en nieuwbouw. Voor PO was dit verschil tot € 600 per m2 en voor VO zelfs € 1000. a. Welke uitgangspunten in het IHP zijn veranderd, zodat deze verschillen zich in de praktijk niet voordoen? b.

Is ook onderzocht of deze verandering zich ook bij andere gemeente voordoet?

8. Baten en lasten taakveld 4.2 onderwijshuisvesting. In Gouda wordt voor 2025 bijna 10 miljoen aan lasten en 0,4 miljoen aan baten begroot. Dat is per inwoner € 133 lasten en € 5 baten. Landelijk hebben gemeenten gemiddeld € 80 lasten en € 10 baten. Dat is voor gemeenten met 50.000-100.000 niet anders. Waarom wijken de baten en lasten per inwoner in Gouda zo af?

Antwoorden: 1. In de alternatieve financieringsconstructie wordt de lening formeel afgesloten door het schoolbestuur, maar de financieringslasten, inclusief rente en aflossing worden volledig door de gemeente gedragen. Daarmee komen ook de kapitaalslasten en renterisico in eerste aanleg voor rekening van de gemeente. Het is daarom van belang om het renterisico vooraf volledig af te dekken, bijvoorbeeld via een vaste rente. Als volledige indekking niet mogelijk is binnen deze constructie, zullen vooraf afspraken moeten worden gemaakt met het schoolbestuur over een verdeling van het resterende renterisico. Wanneer verdeling van het renterisico niet haalbaar is, kan dit een reden zijn om af te zien van de alternatieve financieringsconstructie, omdat de financiële risico’s voor de gemeente dan te groot worden. 2. a. De uitvoeringskosten voor alternatieve financiering zijn de totale kosten van de voorgestelde casussen, maar dekken ook kosten die min of meer onafhankelijk zijn van het aantal casussen. b. Deze kosten worden niet gedekt door hogere huuropbrengsten. Schoolbesturen betalen immers geen huur voor hun gebouwen. 3. In theorie kunnen alle trajecten door alternatieve financiering naar voren gehaald worden, echter zijn daar de financiële middelen niet voor. Ook is een eerdere realisatie niet mogelijk op moment dat de nieuwe locatie van een school niet eerder beschikbaar is.

Of tijdelijke huisvesting ontbreekt. Of er onvoldoende uitvoeringscapaciteit is om alle beoogde projecten sneller en parallel uit te voeren. Door onverwachte ontwikkelingen kan de IHP-puzzel tenslotte ook nog verschuiven, waardoor andere keuzes worden gemaakt in de loop van de tijd die van invloed zijn op de vrij te vallen locaties. In theorie en naar huidige inzichten zou het vrijkomen van (extra) locaties naar voren getrokken kunnen worden bij onder andere de toekomstig beoogde clustering van de Plaswijckschool en de Cirkel, de clustering van De Boomgaard en (zoals genoemd) de realisatie van het VO op de Kanaalstraat. 4. a. In de eerste tranche zijn aanvragen ingediend t.a.v. SUVIS (ventilatie) en groene schoolpleinen (regionaal), waarvan een deel is toegekend. b. De eerste ronde van het innovatieprogramma (groeifonds) sluit in juni 2025. De regeling is pas dit voorjaar gepubliceerd. Duidelijkheid hiervan wordt dit jaar verwacht. 5. a. Gezien de vertrouwelijkheid verwijzen we naar de geheime bijlage, waarin per project is opgenomen met welke normbedragen er berekend is. In de tabbladen 'templates' is dit terug te vinden. b. Dat weten we op dit moment niet, aangezien het afhankelijk is van het ontwerp en installaties. c. Die zijn er op moment binnen het PO zeer beperkt gezien het investeringsverbod. Dat heeft ook de ervaring geleerd met het Uitvoeringsplan 1 IHP.

Wanneer het wel het geval is, wordt dit opgenomen in de eigen bijdrage. We zien in de praktijk overigens dat scholen worden voorzien van elektrische installaties (onder andere klimaat) die in lijn met

het kwaliteitskader extra comfort geven in het gebouw maar wel tot extra verbruik en kosten leiden t.o.v. de bestaande situatie. Dat drukt het exploitatierendement. 6. Combinatiegebruik is er bij de Westerschool/Goudakker (peuter/kinderopvang) en het Schateiland (peuteropvang/BSO). Combinatiegebruik vindt plaats bij deze scholen. Additioneel combinatiegebruik is er wanneer bijvoorbeeld ruimtes worden gebruikt voor medegebruik door wijkorganisaties of iets dergelijks. Of gebruik van gymzalen door derden (via Sportpunt Gouda). 7. a. In het Uitvoeringsplan 2 IHP wordt uitgegaan van een levensduurverlenging bij vernieuwbouw van 40 jaar. De ervaring leert, in Gouda maar ook in Nederland, dat de prijzen voor vernieuwbouw en nieuwbouw gelijkliggen, in tegenstelling tot wat er in het originele IHP uit 2017 is aangegeven. b. Ja, en dit is bevestigd door externe onafhankelijke adviseurs. 8. Deze vraagt heeft betrekking op de lopende begroting en is passend bij de P&Ccyclus documenten. IHP2 heeft geen effect op de begroting van 2025. De IHPopgave in Gouda is zeer groot en we doen hard ons best om deze met tempo op te lossen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=db54239d-5de9-42dd-9284-e21b46bb82c1