A VVD Gebiedsprogramma Goverwelle
Tekst van het document
Technische vragen Van Aan Datum vraag Onderwerp
: VVD Gouda, Kevin de Jonge : Erwin Bok, commissiegriffier Cie FLO : 11 februari 2024 : Gebiedsprogramma Goverwelle
Datum antwoord
:
Vragen: 1. P3. Startnotitie: Het eerste uitgangspunt is het gebiedsgericht verbinden van sectorale beleidsdoelen. Zo volgen nog wat uitgangspunten die een hoog abstractieniveau hebben. Hoe wordt het bespreken van dit beleid met de inwoner in participatiesessies vormgegeven? Worden uitgangspunten dan nader geconcretiseerd en op welke wijze? Antwoord Uitgangspunten worden zeker geconcretiseerd. Dat is het basisidee achter het gebiedsprogramma. Het college heeft het voornemen om wijkbewoners om reactie te vragen op eerste tussenresultaten (zie het onderdeel “Participatie” in de startnotitie. 2. P3. Startnotitie: Nu instemmen met het tweede uitgangspunt; ‘’keuzes maken in ruimtevragers’’, wat zijn de gevolgen met het instemmen met dit uitgangspunt. Heeft dit punt bijvoorbeeld een link met mogelijk betaald parkeren in de toekomst? Antwoord Gevolg van het instemmen met dit uitgangspunt is dat eventuele ruimteconflicten niet worden verstopt in goede bedoelingen, maar boven tafel komen en dat hierover beslissingen worden genomen. Of eventueel betaald parkeren wordt ingevoerd, wordt bepaald via de criteriabenadering uit de startnotitie opzet parkeerbeleidsplan (uit te werken in het parkeerbeleid). 3. P3.
Startnotitie: Welke andere concrete keuzes valt aan te denken in het licht van het onder vraag 2 genoemde uitgangspunt? Antwoord Te denken valt aan ruimte voor de energietransitie (ondergronds warmtenet, trafo’s) versus de ruimte die nodig is voor extra bomen, de ruimte die nodig is om hemelwater langer in de wijk vast te houden versus de ruimte die verharde parkeerplaatsen in openbaar gebied en in voortuinen innemen, de ruimte die kinderen nodig hebben om te spelen versus voldoende ruimte voor trottoirs, fietspaden, wegen en parkeerplaatsen. 4. Kan het 6e uitgangspunt: ‘’houvast bieden ….’’ nader uitgelegd of geconcretiseerd worden? Antwoord Als diverse losse beleidskaders (groen, riolering, verkeer, woningbouw e.d.) worden gebruikt bij de toetsing van bouwinitiatieven en bij herinrichtingsplannen voor de openbare ruimte ontstaat regelmatig wrijving tussen die kaders. Dat moet dan situationeel worden opgelost. Een gebiedsprogramma biedt hopelijk meer houvast, omdat op wijkniveau dan al in een eerder stadium is vastgelegd hoe die kaders zich tot elkaar verhouden.
5. P4. Startnotitie: De relatie tussen tijdspaden en stand van zaken is onduidelijk. Volgens het tijdsgebonden schema zouden we inmiddels bijna toe zijn aan ‘’5. projecten en investeringsagenda’’. Onder stand van zaken wordt geschetst dat ‘’2. Inventarisatie en Analyse’’ is afgerond en er nu gestart wordt met ‘’4. Sfeerbeeld en Ontwikkelrichtingen’’. En elders valt te lezen dat een deel van deze stappen, zoals ‘’3. Ambities en Speerpunten’’, gecombineerd wordt. Kortom, wat is nu het proces en welke voortgang hebben we daar op geboekt? Antwoord De tijdsaanduidingen zijn inderdaad niet helemaal correct meer. Inventarisatie, analyse en definitie van hoofdopgaven zijn afgerond. Momenteel wordt gewerkt aan het meer concreet formuleren van ambities, een streefbeeld en ontwikkelrichtingen. 6. P4. Startnotitie: Kan er ook iets nader aangegeven worden op welke volgende momenten input van de raad gevraagd zal worden? Antwoord Dat materiaal kan naar verwachting in mei met de raadscommissie worden gedeeld. 7. P6. Startnotitie: Is het juist dat Goverwelle een sterk verdichte wijk is? Antwoord In ieder geval heeft Goverwelle van alle wijken in Gouda het hoogste aantal inwoners per km2 en het hoogste aantal woningen per hectare. Dit wordt uiteraard verzacht door de groene schil rond Goverwelle, maar de beleving in een aantal buurten is toch die van een vrij stenige, harde wijk. 8. P6.
Startnotitie: Er wordt geconcludeerd dat publieke ruimtes die een kloppend hart voor de wijk en buurten vormen, ontbreken. In de samenhang met de andere geschetste opgaven; wonen, parkeren, verduurzaming, vergroening; hoe wordt deze conclusie gezien en op welke wijze worden hierin afwegingen gemaakt? Antwoord Wellicht kunnen opgaves samenkomen, goed gebruikte speelruimte kan bijvoorbeeld als publieke ruimte dienen waar mensen elkaar ontmoeten. Daarnaast kijken we of er mogelijkheden liggen om andere publieke ruimtes zoals scholen, het gebied rond het winkelcentrum en het station beter als publieke ruimte voor de wijk te laten functioneren. 9. P7. Startnotitie: Op welke wijze kan het fysieke domein bijdragen aan opgaven zoals armoede en jeugdproblematiek? Antwoord Die bijdrage is beperkt. Wel kan een aantrekkelijker openbare ruimte bijdragen aan een groter veiligheidsgevoel en het gevoel in een prettige buurt te wonen. 10. P7. Startnotitie: Het al vaker geciteerde GH rekenkamer-onderzoek gaf aan dat er een krapte is in alle woningsegmenten, maar nog het meest in het segment koopwoningen (vaak van enige omvang). Toch wordt gesproken over splitsen.
Hoe verhoudt dit middel zich tot deze opgave? Zijn daarnaast nog mogelijkheden voor verdichting en welke impact kan dit hebben op de verblijfskwaliteit in de wijk? Antwoord Meer fysiek ruimtebeslag op de grond is niet gewenst in Goverwelle. Toevoegen van koopwoningen is denkbaar door het optoppen van appartementengebouwen. Splitsen (waar dat mogelijk is) kan helpen om extra betaalbare woonruimte te kunnen toevoegen. Overigens is splitsen nu stadsbreed verboden op grond van het paraplubestemmingsplan “Wonen” omdat het ook negatieve gevolgen kan hebben. Een verkenning of en hoe splitsen zou kunnen kan helpen om te ontdekken wat het
kan bijdragen aan de woningvraag en hoe je de positieve en negatieve gevolgen moet wegen. 11. P7. Startnotitie: Wat voor kansen worden er gezien in het kader van verdichting en ontwikkeling rondom het stationsgebied (zie opgave ‘’passend en groter woningaanbod gericht op alle levHet dE ensfases en levenssituaties)? Antwoord De stationsomgeving heeft twee scholen en twee kantoren, kent daarnaast veel verharde openbare ruimte en wordt niet heel intensief gebruikt. Om zowel de kwaliteit van het stationsgebied te vergroten, het station beter te kunnen benutten en nieuwe woningen in Goverwelle te kunnen aanbieden is een verkenning naar de toekomst van het stationsgebied onderdeel van het gebiedsprogramma. 12. P8. Startnotitie: in de afbeelding wordt het versterken van de ruimtelijke structuur gelijk gesteld met de opsomming versterken groen-blauw-cultuurhistorische structuur. Is dit ook synoniem, of worden er nog andere aspecten van de ruimtelijke structuur aangepakt maar hier niet benoemd? Antwoord Het thema is inderdaad breder, het gaat hier ook om het versterken van publieke plekken, zoals het stationsgebied en het winkelcentrum.