A VVD 10-01-2022.docx
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Poortgebouw
: VVD, Kevin de Jonge : 16 december 2021 : Verkenning herontwikkelingsmogelijkheden Goudse
Datum antwoord :
Vragen: Wonen 1. Wat ligt eraan ten grondslag dat een dergelijke ontwikkeling in het kader van reguliere woningbouw altijd werd beoordeeld als niet geschikt, en nu bij een verzoek van het COA deze mogelijkheden er wel zouden zijn? Éénzelfde vraag stellen wij inzake tijdelijke woningbouw voor spoedzoekers? 2. Welke andere plannen hebben concreet voorgelegen inzake het Goudse Poortgebouw en waarom zijn deze niet doorgezet? En in hoeverre hadden deze plannen invloed op reeds geldende lokale uitdagingen zoals huisvesting? 3. Waarom kiest het college er bewust voor om een pand wat op grote schaal kan bijdragen aan de woningopgave in Gouda, niet voor deze lokale grote problematiek beschikbaar te stellen, maar beschikbaar te stellen voor het COA? 4. De transformatie van het Goudse Poortgebouw is al langer aan de orde. In hoeverre interfereert deze ontwikkeling meer eerder verkende plannen? 5. Welke reguliere procedures dienen gevolgd te worden om de locatie (en omgeving) zowel juridisch als praktisch geschikt te maken voor bewoning? 6. In hoeverre heeft een dergelijk plan invloed op de fysieke omgeving (ondernemers, mogelijke herontwikkelingen etc.). 7. De druk op de ambtelijke organisatie wordt nu al genoemd als reden voor nadere prioritering van dossiers binnen de ambtelijke organisatie. Wethouder Bunnik heeft aangegeven dat dit een kwestie is van prioriteiten stellen.
Wat zijn de gevolgen van deze prioritering? 8. In hoeverre kan worden voorkomen dat er concurrentie ontstaat voor de lokale, zeer onder druk staande, woningmarkt en wat is de verhouding tot de kaders in de woonzorgvisie? Financiën 9. Welke kosten dienen door de gemeente gemaakt te worden in het kader van het geschikt maken van de locatie en omgeving en in het kader van beheer en onderhoud van de locatie en omgeving? 10. Welke kosten worden er gemaakt in het kader van Openbare Orde en Veiligheid, Welzijn, Volksgezondheid en Zorg, Mobiliteit en Infrastructuur, Cultuur, Integratie, Onderwijs en Sociale Zekerheid? 11. Is het mogelijk dat er door de omgeving aanspraak gemaakt kan worden op eventuele planschadevergoedingen? 12. Wie draagt er zorg voor voornoemde kostenposten? 13. Is bij een kostenoverschrijding van de bijdrage vanuit het COA/faciliteitenbesluit, artikel 8 van voornoemd besluit toereikend om alle kosten te verhalen? Zo nee, welke niet?
14. Zijn er nog andere kosten of opbrengsten ofwel worden deze gecommuniceerd vanuit een eventuele verkenning? 15. Kan de gemeente garanties afgeven dat de te maken kosten bij doorgang van het project niet afgewenteld worden op de inwoners middels een lastenverhoging? 16. Wanneer antwoorden op voornoemde vragen onbekend zijn, worden deze dan meegenomen in de verkenning? Zo ja, op welke wijze, Zo nee, waarom niet? 17. Tijdens de presentatie heeft onze fractie vernomen dat er nog geen (sluitende) businesscase is. In hoeverre stelt de college dit als eis voor verdere ontwikkeling? Openbare Orde en Veiligheid 18. Welke (aanvullende) maatregelen zijn nodig om de veiligheid van onze inwoners en van de op te vangen personen te waarborgen? 19. In hoeverre is ons veiligheidsapparaat toegerust om de Openbare Orde en Veiligheid te waarborgen, zeker gezien de krappe capaciteit? 20. In hoeverre is er beleid of kan er beleid gemaakt worden bij overlast, zowel vanuit de opvang als vanuit de omgeving en is er bereidheid hard op te treden bij zware of hardnekkige overlast? 21. In het AZC in Harderwijk zijn 800 plekken ingezet voor opvang. Hierbij zijn 488 geregistreerde incidenten in 2020, waarvan 86 gevallen fysiek geweld.
In hoeverre kunnen dergelijke incidenten voorkomen worden (wat is er geleerd of valt er te leren)? En in hoeverre heeft de beveiliging, de gemeentelijke handhaving en de politie de slagkracht om de veiligheid in het AZC, in de omgeving, alsmede in de rest van de stad te waarborgen? 22. Het COA kende in 2020 nog steeds 16.262 incidenten, welke maatregelen worden in het nieuw beoogde AZC in Gouda voorgesteld om niet verder bij te dragen aan dit incidentenaantal? 23. Welke procedures zijn er wanneer asielzoekers criminele activiteiten begaan of wanneer de asielzoekers uitgeprocedeerd zijn, en welke bevoegdheden heeft de gemeente hierin? 24. Hoe is het gesteld met de brandveiligheid van het Goudse Poortgebouw in relatie tot de beoogde huisvesting? Immigratie, integratie en begeleiding 25. In hoeverre wordt er bij deze ontwikkeling gekeken naar de gang van zaken bij de opvangboot aan de Gouwe vanaf medio december 2021? 26. Op welke wijze wordt dagbesteding en integratie vormgegeven bij deze ontwikkeling? 27. De omgeving leent zich in zeer beperkte mate voor het ontplooien van activiteiten in de nabije omgeving. Op welke wijze kan problematiek inzake dagbesteding voorkomen worden, los van de inzet van medewerkers of vrijwilligers ten behoeve van dagbesteding? 28. De beoogde ontwikkeling kent zeer beperkte voorzieningen in de omgeving.
Is de huidige infrastructuur (zoals de wegen en het openbaar vervoer) toegerust op een dergelijke toename van mensenstromen naar gebieden met meer voorzieningen? 29. Recent is het navolgende artikel in de media verschenen: https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/5271185/buschauffeurs-actie-terapel-overlast-asielzoekers-vakbond-fnv. Welke inspanningen leveren de gemeente en het COA om dergelijke situaties hier te voorkomen? 30. Door het COA is aangegeven dat de wachtlijsten voor GGZ niet waarneembaar zijn voor asielzoekers. In hoeverre werkt dit de andere kant op wel vertragend of uitgavenverhogend? Betrokkenheid en participatie
31. In hoeverre wordt er gekeken naar de draagkracht van de stad, wat kan en wil de omgeving aan? 32. Hoe wordt het participatietraject ingericht en in hoeverre houdt de gemeenteraad hier vinger aan de pols? 33. In hoeverre krijgen ook ondernemers in de omgeving voldoende inspraak voor een ordentelijk proces? 34. Wat wordt er ondernomen wanneer zou blijken dat er een kans bestaat dat ondernemers inkomensderving hebben of andere negatieve effecten ervaren als gevolg van de ontwikkeling als geheel? 35. In de Goudse Poort zien we helaas een aanzienlijke leegstand. Een vestiging van een asielzoekerscentrum in deze omgeving kan leiden tot enige zorg of weerstand. Hoe gaan we voorkomen dat deze zorgen en weerstand zullen leiden tot verdere leegstand en verlies van ondernemers? Politiek-bestuurlijke context 36. Hoe gaan het college en het COA om met veranderingen in de politieke verhoudingen, zoals deze tijdens de verkenning plaats kunnen vinden als gevolg van de verkiezingen? Theoretisch kan met mutaties één van de documenten (het coalitieakkoord) wat heeft gediend als grondslag verdwijnen c.q. veranderen. 37. Immigratie en integratie is altijd werk van en voor mensen en dus vaak maatwerk. Toch middels deze vraag een verzoek tot een schets van een gemiddelde procedure voor opvang in asielzoekerscentra? 38.
Welke (enigszins) vergelijkbare ontwikkelingen of projecten zijn voorzien casu quo worden beoogd in Nederland? 39. Hoe is de verdeling van bevoegdheid, verantwoordelijkheid, zeggenschap en eigenaarschap verdeeld als het gaat om bestuur (waaronder ook gezag en Openbare Orde en Veiligheid), financiën en ruimtelijke ordening en invulling van de opvang en huisvesting? 40. Is het college voornemens om, bij niet slagen van een gezamenlijke ontwikkeling met partners, de locatie enkel voor het COA beschikbaar te stellen? Zo ja, waarom wel, zo nee, waarom niet? 41. Wat zijn, naar beoordeling van het college, de voorwaarden voor succes inzake deze beoogde ontwikkeling? Antwoorden: Wonen 1. Het voorstel van het COA is niet hetzelfde of te vergelijken met eerdere initiatieven, omdat het COA-huisvesting voor asielzoekers nastreeft in combinatie met andere functies voor het gebouw. Zoals bv. een horecagelegenheid, startups, winkels en woonvormen voor specifieke doelgroepen en/of tijdelijk wonen. Het leefbaarheidsaspect (zie ook onder antwoord 1 CU) kan positief worden beïnvloed door een grote permanente aanwezige “speler” als het COA. Dat is de hefboom waardoor ondergeschikt onzelfstandig / tijdelijk wonen denkbaar wordt. Het is daarmee niet meteen dé inzet, het is een mogelijke koppelkans. Indien hierover een positief besluit wordt genomen zal er een wijziging van het bestemmingsplan (bv.
maatschappelijk/gemengd) of een omgevingsvergunning verleend moeten worden om de beoogde woonfuncties toe te laten. Bovendien beoogt het COA ook de (directe) omgeving in de ontwikkeling mee te nemen voor het verblijfsklimaat, de bereikbaarheid van de locatie etc.
Eerdere initiatieven hadden vooral betrekking op reguliere huisvesting van jongeren en/of buitenlandse werknemers zonder bedrijvigheid. Regulier wonen in het Goudse Poortgebouw zal niet aan de orde zijn. Wonen op een dergelijke schaal zonder voorzieningen en veraf van andere woongebieden is onwenselijk. Goudse Poort blijft primair een bedrijventerrein. Bij transformatie naar regulier wonen is en blijft het uitgangspunt: aansluitend aan een woongebied en nabij voorzieningen. 2. Zoals ook toelicht door de heer Brentjens van Breevast tijdens de commissie Bestuur d.d. 13 december 2021 zijn in het verleden diverse initiatieven gepasseerd. Recent is een voorstel binnengekomen om jongeren en (buitenlandse) werknemers te huisvesten op het bedrijventerrein Goudse Poort, waarvoor initiatiefnemer een viertal locaties op het oog heeft (waaronder Goudse Poortgebouw). Aangezien al deze initiatieven vooral gericht waren op reguliere huisvesting en te beperkt van opzet waren (functioneel en ruimtelijk) is geen medewerking verleend aan deze initiatieven. 3. Het college maakt geen keuze. Het is aan uw raad om de keuze te maken de vraag van het COA te onderzoeken. 4. Zie het antwoord onder vraag 1. 5. Er zal een planologische procedure nodig zijn om de huidige bestemming ‘bedrijven’ om te zetten naar een woonfunctie. Het gebouw is een voormalig kantoorgebouw en staat al geruime tijd leeg.
Een grondige renovatie zal nodig zijn om het gebouw te transformeren voor een andere invulling. 6. Dit maakt onderdeel uit van het door het COA beoogde onderzoek. 7. De vereiste capaciteit vraagt om prioritering. De uitkomst van de raadsbehandeling is bepalend voor eventuele vervolgstappen. Mocht de raad - al dan niet voorzien van uitgangspunten en/of randvoorwaarden - besluiten tot het opstarten van een verkennende fase dan zal een projectplan worden opgesteld met een raming van de benodigde ambtelijke capaciteit. In voorkomend geval zal de tijdsinzet van de verschillende afdelingen om keuzes vragen. Dit zal betekenen dat andere werkzaamheden/projecten in het fysieke, sociale en veiligheidsdomein vertraging oplopen (of zelfs tijdelijk worden stopgezet). Bovendien wordt er ook van onze partners tijdsinzet gevraagd, waaronder de politie. Prioritering vindt plaats bij vaststelling van het projectplan, daar kan nu nog geen nadere uitspraak over worden gedaan. 8. Iedere gemeente heeft een taakstelling voor het huisvesten van statushouders. De verdeling van deze taakstelling over gemeenten is afhankelijk van het inwoneraantal van een gemeente. Het vestigen van een opvangcentrum voor asielzoekers en statushouders heeft geen invloed op deze taakstelling. Er gaat dus ook geen extra druk ontstaan op de lokale/regionale woningmarkt. Financiën 9.
In het Faciliteitenbesluit opvangcentra is een hardheidsclausule opgenomen. Uitgangspunt van dit artikel is dat de komst van een opvangcentrum geen extra kosten voor een gemeente met zich mag meebrengen. Tijdens de commissie Bestuur d.d. 13 december 2021 is dit principe mondeling toegelicht door de vertegenwoordigster van het COA.
10. De kosten voor de voornoemde posten zijn sterk afhankelijk van de uitwerking en definitieve opzet van het COA-plan. Meer inzicht in de met deze thema’s samenhangende kosten moet juist de uitkomst zijn van het door het COA beoogde onderzoek. 11. Bij bestemmingsplanwijziging kan door de omgeving aanspraak worden gemaakt op een planschadevergoeding. 12. Het is bij ruimtelijke ontwikkelingen gebruikelijk dat de gemeente haar medewerking verleent aan een bestemmingsplanwijziging indien de initiatiefnemer (in dit geval het COA) de eventuele planschade voor zijn rekening neemt. 13. Zie antwoord onder vraag 9. 14. Eventuele andere kosten worden gecommuniceerd vanuit een eventueel onderzoek. 15. De uitgangspunten met betrekking tot eventuele gemeentelijke kosten zijn voorafgaand aan bod gekomen. In een tussen de gemeente en het COA te sluiten (bestuurs)overeenkomst moeten deze - in zoverre niet wettelijk bepaald - worden opgenomen. Ook de wijze waarop eventuele (financiële) risico’s worden afgedekt moeten daarin worden opgenomen. 16. Voornoemde vragen worden net als andere mogelijke (gemeentelijke/omgevings) risico’s meegenomen in de verkenning en moeten leiden tot sluitende afspraken tussen het COA en gemeente die worden vastgelegd in een bestuursovereenkomst. 17.
Het COA zal zelf niet tot ontwikkeling overgaan indien men er niet in slaagt om tot een sluitende business case te komen. Het onderzoek moet daar uitsluitsel over geven. Openbare Orde en Veiligheid 18. Het uitgangspunt is dat het COA verantwoordelijk voor de veiligheid is van de mensen in het gebouw. Het openbaar gebied is een verantwoordelijkheid van de gemeente en politie. Naar mening van het college moet een risicoanalyse naar o.a. de veiligheid nadrukkelijk in het door het COA beoogde onderzoek worden meegenomen. Zo zal er onder meer een omgevingsscan moeten worden uitgevoerd naar mogelijk onveilige plekken. Dit moet resulteren in extra veiligheidsmaatregelen indien hier aanleiding toe is. Bij deze scan zullen ook stakeholders uit de omgeving worden betrokken. 19. Zoals door de burgemeester is toegelicht tijdens de commissie Bestuur d.d. 13 december 2021 vormt dit een aandachtspunt. Ook dit aspect wordt bij het onderzoek betrokken. Wel is door de burgemeester aangegeven dat het perspectief is dat de druk op de (politie)capaciteit vanaf 2024/2025 minder zal zijn. Dit sluit naar verwachting aan op het voorziene tijdspad voor de mogelijke opening van een opvangcentrum in de Goudse Poort. 20. Dit is een onderwerp van gesprek tussen het COA en de gemeente gedurende de onderzoeksfase.
De (rijks)overheid neemt verschillende maatregelen om overlastgevende asielzoekers aan te pakken. Bijvoorbeeld door een asielaanvraag sneller af te handelen en
asielzoekers uit veilige landen versoberd op te vangen. Asielzoekers met ernstig overlastgevend gedrag kunnen door het COA in handhaving- en toezichtlocatie worden geplaatst. De uitvoering van deze maatregelen gebeurt in nauwe samenwerking tussen het ministerie van Justitie en Veiligheid, gemeenten, het COA, de IND, de DT&V, Nidos, de politie, het Openbaar Ministerie en de rechtspraak. Meer info: https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/publicaties/2020/10/05/t oolbox-aanpak-overlastgevende-en-of-crimineleasielzoekers/Toolbox+aanpak+overlastgevende+asielzoekers.pdf 21. Het wonen op een beperkte oppervlak kan spanningen met zich meebrengen. Dat is niet alleen het geval op een opvanglocatie, maar geldt ook op andere dicht bewoonde plaatsen in de reguliere Nederlandse samenleving. Het grote verschil is echter dat er op een opvanglocatie gekwalificeerd opvangpersoneel werkt en er 24 per dag beveiliging aanwezig is. Het personeel is getraind in het opvangen van een diverse doelgroep en het omgaan met mogelijke spanningen die daarbij kunnen ontstaan. Zij zijn in staat om signalen te herkennen die wijzen op radicalisering, traumatisering of mensenhandel. Bij een vermoeden daarvan wordt rechtstreeks melding gedaan bij professionele instanties als CoMensha en de Politie. Bewoners van een azc ondertekenen bij aankomst de daar geldende huisregels.
Deze zijn gebaseerd op de omgangsvormen die wij in Nederland hanteren. Discriminatie op basis van afkomst, religie, politieke voorkeur of seksuele geaardheid hoort daar niet bij. Overmatig alcoholgebruik of drugsgebruik worden niet getolereerd In de onderzoeksfase moet duidelijk worden wat de aard en omvang van deze risico’s is en op welke wijze hierop het beste kan worden geanticipeerd en of en zo ja welke aanvullende beheersmaatregelen nodig zijn om de veiligheid in het AZC en de omgeving zoveel mogelijk te borgen. 22. Dit is een mogelijk onderwerp van gesprek tussen het COA en gemeente gedurende de onderzoeksfase. 23. Bewoners van een AZC-locatie dienen zich te houden aan de regels die gelden voor iedereen die in Nederland verblijft. En dus wordt hier ook op dezelfde manier op toegezien zoals bij Nederlanders. Dat betekent dat bij overtredingen het COA aangifte kan doen bij de politie. Naarmate een misdraging ernstiger is, is de straf ook ernstiger. Bij ernstige misdragingen kan het directe gevolg zijn dat de asielprocedure wordt stopgezet. 24. Dit maakt onderdeel uit van het door het COA beoogde onderzoek. Immigratie, integratie en begeleiding 25. Deze ervaringen zullen, net als de ervaringen van circa 5 jaar terug met de mogelijke vestiging van een AZC in de PWA-kazerne, benut worden voor de onderzoeksfase en de gesprekken met het COA.
Overigens is er een aanzienlijk verschil tussen een tijdelijk (nood)opvanglocatie en een regulier opvangcentrum voor langere termijn. 26. Op een reguliere opvanglocatie biedt het COA programma’s voor dagbesteding en begeleiding. Gemiddeld per volwassene 20 tot 30 uur per week. Daarnaast wordt gestart met het inburgeringsprogramma. Het COA stimuleert het tot stand komen van ‘buddy’s’ vanuit de bevolking in de regio. Vluchtelingenwerk speelt daarbij een wervende en enthousiasmerende rol.
Het COA organiseert op locatie de mogelijkheden om kinderen ‘gewoon kinderen’ te kunnen laten zijn. In elke locatie is een basisaanbod met huiswerkfaciliteiten, sport en spel, kunst en muziek, weerbaarheid en voorlichting. Het COA beoogt in het Goudse Poortgebouw een bijzondere mix van wonen, werken, en ontmoeten. Een uniek concept. Dit biedt veel kansen op het vlak van dagbesteding en integratie, maar dan zal de Goudse samenleving wel goed moeten worden aangehaakt. 27. Dit maakt onderdeel uit van het door het COA beoogde onderzoek waarin belemmeringen - maar ook kansen (bv. sportverenigingen in omgeving) - zullen worden geïnventariseerd. 28. De bereikbaarheid van de locatie en mogelijke optimalisaties daarin maken onderdeel uit van het door het COA beoogde onderzoek. 29. Een onderdeel van het onderzoek zal zijn een risicoanalyse waarin dit het thema wordt meegenomen. Dit moet resulteren in extra beheersmaatregelen indien hier aanleiding toe is. Hier worden dan desgewenst voor een eventuele opening van het Goudse Poortgebouw afspraken tussen het COA en de gemeente over gemaakt. 30. Via een landelijke meerjarige overeenkomst verleent elke lokale GGD bepaalde diensten ten behoeve van de COA-locaties, die vanuit COA rechtstreeks aan de GGD worden gefinancierd, en dus buiten de gemeentelijke begroting vallen. Betrokkenheid en participatie 31.
Dit maakt onderdeel uit van het door het COA beoogde onderzoek. Er wordt indien de raad instemt met het onderzoek een participatietraject opgestart waarin stakeholders worden betrokken bij de planontwikkeling. Dit zijn zowel ondernemers en vastgoedeigenaren uit de directe omgeving als inwoners en (vrijwilligers)organisaties uit andere delen van de stad. Zo wordt gedurende het onderzoekstraject het draagvlak voor de planvorming gepeild. 32. Indien de raad instemt met het verzoek zal de gemeente in samenspraak met het COA een communicatie- en participatieplan ontwikkelen waarin niet alleen stakeholders (ondernemers, vastgoedeigenaren, bewoners, sportverenigingen etc.) worden geïnformeerd over de voortgang, maar ook volop de gelegenheid krijgen om actief te participeren in de planontwikkeling. Na instemming van de raad zal de regie op de communicatie bij de gemeente komen te liggen. De gemeenteraad zal periodiek op een nader te bepalen wijze geïnformeerd worden over de voortgang van het onderzoek. 33. Zie de antwoorden onder vragen 31 en 32. 34. Stakeholders worden bij het participatietraject en de beoogde risicoanalyse betrokken. Hieruit moet duidelijk worden welke (ondernemers)risico’s reëel zijn en hoe hier mee om te gaan. 35. Door in het participatietraject deze zorgen serieus te nemen en met stakeholders te bespreken op welke wijze deze zorgen kunnen worden weggenomen.
Hierbij moet worden opgemerkt dat de door het COA beoogde ontwikkeling in het Goudse Poort gebouw niet alleen de leegstand op het bedrijventerrein fors vermindert. De ontwikkeling biedt ook kansen (door de mix van functies, de investeringen die het COA ook wil plegen in de directe omgeving ten behoeve van het verblijfsklimaat en de
bereikbaarheid van de locatie) om als vliegwiel te gaan fungeren voor een bredere gebiedsontwikkeling. Politiek-bestuurlijke context 36. Het uitgangspunt blijft dat de raad beslist of zij instemt met het verzoek van het COA. 37. Opvanglocaties tijdens de asielprocedure: het COA biedt asielzoekers onderdak. Tijdens de asielprocedure vangen we asielzoekers op in verschillende soorten opvanglocaties. Na afloop van de procedure bieden we statushouders opvang totdat ze een huis krijgen in een gemeente. Afgewezen asielzoekers mogen nog een korte periode in een azc wonen om hun vertrek voor te bereiden. Centrale ontvangstlocatie: asielzoekers die Nederland binnenkomen, melden zich bij de Vreemdelingenpolitie (AVIM) in het aanmeldcentrum in Ter Apel. Direct na hun aanmelding krijgen ze 3 tot 10 dagen onderdak in de ‘centrale ontvangstlocatie’ (col) van het COA in Ter Apel of Budel. Daar krijgen ze een medische intake, tuberculoseonderzoek en het aanmeldgehoor. COA-medewerkers kijken of asielzoekers speciale aandacht of begeleiding nodig hebben en verstrekken maaltijden en verzorgingsproducten. Procesopvanglocatie: na het aanmeldgehoor verhuizen asielzoekers naar een ‘procesopvanglocatie’ (pol) in de buurt van een kantoor van de IND. Daar doorlopen zij de algemene asielprocedure. Medewerkers van VluchtelingenWerk geven voorlichting over de asielprocedure.
Asielzoekers hebben in de procesopvanglocatie toegang tot noodzakelijke medische zorg via Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA). COAmedewerkers begeleiden asielzoekers tijdens het verblijf in de procesopvanglocatie. Ze geven praktische informatie over het wonen in Nederland en in een azc. In de procesopvanglocaties krijgen bewoners meestal eetgeld, zodat ze zelf kunnen koken. Vanwege de beoogde korte verblijfsduur is het activiteitenaanbod in de procesopvanglocatie beperkt: volwassenen kunnen de training Basaal Nederlands en vrijwilligerswerk op de locatie doen. Kinderen gaan naar school. Voor kinderen is er is op elke opvanglocatie een aanbod van sport, spel, kunst en muziek. Asielzoekers met een grote kans op een vergunning beginnen hier al met integratie en participatie. Asielzoekerscentrum (azc): na de algemene asielprocedure gaan de meeste volwassen asielzoekers naar een azc: • Asielzoekers met een verblijfsvergunning, ook wel ‘statushouders’. Zij mogen in een azc wonen totdat zij woonruimte krijgen in een gemeente. • Asielzoekers die in de verlengde asielprocedure zitten. • Afgewezen asielzoekers. Zij hebben nog maximaal 28 dagen recht op opvang in een azc. In die tijd kunnen ze hun vertrek voorbereiden. Als ze niet zelfstandig binnen die termijn vertrekken, kunnen ze verhuizen naar een locatie voor terugkeer.
In een azc krijgen de bewoners eet- en leefgeld en koken ze zelf. Wij bieden in het azc veel activiteiten en diverse programma’s waarin zij zich kunnen voorbereiden op hun toekomst. Opvanglocaties voor terugkeer: afgewezen asielzoekers mogen nog maximaal 28 dagen in een regulier azc wonen om hun vertrek uit Nederland voor te bereiden. Daarna kunnen zij nog maximaal 12 weken onderdak krijgen in de vrijheidsbeperkende locatie, maar alleen als er zicht is op vertrek. Gezinnen met minderjarige kinderen verhuizen indien nodig naar een gezinslocatie. 38. Het concept dat in Gouda wordt beoogd is uniek. Delen van het plan komen voor op locaties in het land. Maar Gouda moet een voorbeeldproject worden voor een
opvangcentrum ‘nieuwe stijl’. Het COA zoekt meer dan in het verleden opvangplekken in gemeenten waar goede mogelijkheden zijn voor onder andere integratie en participatie. Opvanglocaties krijgen steeds meer een open karakter. 39. Het COA gaat over de (investeringen in) huisvesting, de opvang en veiligheid in het gebouw. De gemeente over de openbare orde en veiligheid in het openbaar gebied en de ruimtelijke ordening. 40. Daar heeft het college nog geen mening over. 41. Daar heeft het college in dit stadium nog geen mening over. Het college hecht veel belang aan een zorgvuldig democratisch besluitvormingsproces over het COAverzoek. Daarom legt het college het verzoek ter behandeling voor aan de gemeenteraad. Als uitgangspunt is reeds in de informatiebrief bij het COA-verzoek aan uw raad aangegeven dat het college haar ogen niet wil sluiten voor het toenemende tekort aan reguliere opvangplekken in Nederland. Gouda is van oudsher een stad van tolerantie en inclusie. Een gastvrije stad die niet wegloopt voor zijn verantwoordelijkheden als het gaat om het bieden van humanitaire hulp. In het afgelopen decennium is daar door het toenmalige college ook blijk van gegeven. Uiteraard ziet het college zelf ook dat moet worden voldaan aan voorwaarden. Het college gaat hierover graag nader met uw raad in gesprek d.d. 17 januari 2022.