A PvdD WRP
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord
: Wouter Kraidy, PvdD : 12 januari 2024 : WRP : Jacoline Holdijk : 13-02-2024
Vragen
1. Op p.2 van het raadsvoorstel staat vermeld dat de helft van de grond in de gemeente in bezit is van particulieren. a) Wat is het percentage van de rioleringsinfrastructuur dat zich in particuliere grond bevindt? b) Zijn er wijken waar de riolering hoofdzakelijk in particuliere grond ligt? 2. Heeft de aanwezigheid van riolering in particuliere grond (een grote) impact op de uitvoering en planning van rioolwerkzaamheden? Hoe wordt hiermee omgegaan in de planning van de uitvoering van het WRP? 3. Op welke wijze adresseert de gemeente de uitdagingen van verschillende soorten fundering binnen straten bij het bepalen van het pijlniveau en het uitvoeren van rioleringswerkzaamheden? 4. Hoe communiceert de gemeente met inwoners over potentiële risico's zoals verzakking en pandschade die kunnen voortkomen uit rioleringswerkzaamheden? 5. Is er in kaart gebracht welke gebieden een hoog risico op verzakking hebben door rioleringswerkzaamheden en welke preventieve maatregelen worden genomen in deze gebieden? 6. Zijn er ondersteuningsprogramma’s die de gemeente aanbiedt aan eigenaren die schade ondervinden als gevolg van rioleringswerkzaamheden?
Antwoorden
1. a) Een percentage is lastig te geven omdat het per wijk verschilt maar in vrijwel elke wijk waar nog geen rioleringsproject is uitgevoerd ligt een gedeelte van de riolering op particulier terrein. Dit geldt dus ook voor de ‘nieuwere’ wijken, zoals Plaswijck, Goverwelle en Bloemendaal. Bij nieuwbouw (zoals Westergouwe en de wijk Middenwillens) wordt het riool altijd in de openbare ruimte aangelegd. Bij rioolvervangingen wordt, waar mogelijk en waar doelmatig, het nieuwe rioolstelsel ook aangelegd in gemeentelijk grond b) In het verleden is er bewust voor gekozen om de riolering in de achterpaden of tuinen aan te leggen. Het is een deugdelijk onderheid rioolstelsel. De achterpaden en tuinen zijn grotendeels in eigendom van particulieren en hier is zakelijk recht voor gevestigd. Dit geldt voor heel Gouda (zelfs nog in de wijk Goverwelle). Als een onderheid stelsel onder een rijweg wordt aangelegd dan kan dit leiden tot
gevaarlijke situaties. De rest zakt en de riolering blijft op hoogte waardoor er over de hele lengte een verhoging in de weg komt te liggen. 2. Bij elk project wordt onderzocht of het mogelijk en doelmatig is om de gemeentelijke hoofdriolering naar de openbaar gebied te halen. Als het mogelijk en doelmatig is dan worden alle huisaansluitingen van de woningen omgebouwd. Dit wordt door de gemeente gefinancierd. Bij het opstellen van het WRP is rekening gehouden met een langere voorbereidingstijd voor projecten omdat een rioolvervanging in Gouda ingewikkeld is. 3. Bij het uitvoeren van civiel- en bouwtechnische werkzaamheden (waaronder riolerings- en ophoogwerkzaamheden) wordt er altijd onderzocht welke risico’s deze werkzaamheden hebben op de omgeving. Hierbij hanteert de gemeente het ‘Bouwprotocol Gouda’. Door dit bouwprotocol te volgen, brengt de gemeente de risico’s op schade (waaronder funderingsrisico’s) in kaart. Aan de hand van de te verwachten risico’s treft de gemeente beheersmaatregelen om het optreden van schades tot een minimum te beperken. Als de kwaliteit van de funderingen niet bekend is of kwalitatief onvoldoende is om de risico’s te kunnen beheersen, brengt de gemeente de eigenaar hiervan op de hoogte en wijst daarbij op het risico wat dit met zich mee brengt. De eigenaar van een woning is zelf verantwoordelijk voor de kwalitatieve staat van de fundering.
De kwalitatieve staat van een woning dient zodanig te zijn dat de gemeente haar wettelijke taken in de openbare ruimte naar behoren kan uitvoeren. 4. Ruim voorafgaand (als het kan 5 jaar) aan de start van rioolvervangingsprojecten communiceert de gemeente met de woningeigenaren over het belang van een goede kwalitatieve staat van de funderingen en de eigen verantwoordelijkheden die eigenaren hierin hebben. Eigenaren hebben zo de tijd om onderzoek te doen en eventueel maatregelen te treffen. Voor advies en vragen kunnen de eigenaren (gratis) terecht bij het Funderingsloket Groene Hart. Tijdens de voorbereidingsfase van het rioleringsproject communiceert de gemeente op diverse momenten over de maatregelen die de gemeente treft, om de risico’s op schade door de rioolwerkzaamheden te kunnen beheersen. Ook verzorgt de gemeente een vooropname van de panden die liggen binnen de invloedsfeer van de rioleringswerkzaamheden. De eigenaren ontvangen de rapportage van de vooropname. Tijdens de uitvoeringsfase laat de gemeente de uitvoerende aannemer vaak inloopspreekuren organiseren waar bewoners terecht kunnen met hun vragen en klachten. Ook is er vaak een calamiteitennummer waar bewoners terecht kunnen als er acuut dringende schade optreedt. Na afloop van de werkzaamheden voert de gemeente zo nodig een eindopname van de panden uit. 5.
De gebieden met een verhoogd risico op schade door werkzaamheden zijn in beeld. Dit zijn de gebieden waar woningen met houten funderingen aanwezig zijn, waar woningen op staal (niet op palen) gefundeerd zijn en waar vaak smalle straten zijn. Dit zijn voornamelijk de binnenstad en de voor- en naoorlogse wijken (tot ca. 1950). De maatregelen, die nodig zijn om de kans op schade te minimaliseren, zijn per project verschillend. De gemeente hanteert hiervoor het ‘Bouwprotocol Gouda’ en zorgt er daarmee voor dat bij het uitvoeren van werkzaamheden de juiste maatregelen worden genomen.
6. Het ‘Bouwprotocol Gouda’ wordt toegepast om het risico op schade aan panden te minimaliseren. Indien er toch schade optreedt, heeft de gemeente een CARverzekering die de schade, die optreedt als gevolg van de rioleringswerkzaamheden, vergoedt. De meeste schade die optreedt is echter geen direct gevolg van de rioolwerkzaamheden, maar wordt vaak veroorzaakt door een slechte staat van de fundering. Hiervoor is de eigenaar zelf verantwoordelijk. Gemeente Gouda is aangesloten bij het funderingsloket Groene Hart waar inwoners terecht kunnen voor vragen en adviezen rondom funderingsproblematiek.