CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

A PvdD Uitgangspuntendocument Transitie Omgevingsplan

Commissie Fysieke leefomgeving 16 oktober 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Beeld- en oordeelsvorming: Omgevingsplan Gouda: transitie en uitgangspunten611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord

:Corina Kerkmans :13-10-2024 :Transitie Omgvingsplan Gouda : :

Vragen: 1. Hoe wordt het gestelde in de Omgevingsvisie vertaald naar het Omgevingsplan? Hoe kan de raad daarin inzicht krijgen? Welke functie binnen het organogram van het project is daarvoor verantwoordelijk? 2. Wat wordt op blz 9 bedoeld met het thema ‘ externe veiligheid’? 3. Wordt op blz. 10 met het thema ‘parkeren en verkeer’ het VCP bedoeld? En wat wordt bedoeld met ‘bereikbaarheid’, wordt daar ‘ mobiliteit’ mee bedoeld? 4. Waar staan op blz. 11 van het plan van aanpak de afkortingen voor bij de groep stakeholders? En welk onderwerp vertegenwoordigen zij? 5. Wat is de functie van deze stakeholders op blz. 11 precies in het project, dat vinden wij niet heel duidelijk uit de tekst naar voren komen? 6. Hoe worden (de doelen) van meer overstijgende thema’s als Schone Lucht Akkoord, Klimaatadaptatie, CO2 reductie, Convenant Klimaatadaptief bouwen, circulair bouwen (bouw moet circulair zijn per 2050) gekoppeld aan het Omgevingsplan? 7. Hoe wordt de wet Natuurbescherming gekoppeld aan het Omgevingsplan? Wie krijgt daarvoor binnen het project de verantwoordelijkheid en hoe wordt gezorgd dat ook bij ingrepen die straks binnen het Omgevingsplan vallen er wel de juiste wettelijke maatregelen worden genomen voor de bescherming van soorten? 8.

Wat wordt de rol van inwoners bij de totstandkoming van het Omgevingsplan? Wordt er daarbij ook zorg gedragen dat de belangen van niet-menselijke soorten een actieve inbreng kennen? Antwoorden: 1. Het college overweegt een “routekaart uitvoering omgevingsvisie” aan de raad ter vaststelling aan te bieden met het voorstel deze als hoofdstuk toe te voegen aan de Omgevingsvisie. De strategie beschrijft hoe de stappen van omgevingsvisie (beleid op hoofdlijnen) naar omgevingsprogramma’s (beleidsdoorwerking) naar omgevingsplan (uitvoering en regels) en/of beleidsregels gezet worden. Een omgevingsplan vloeit in feite voort uit een omgevingsvisie. Dat betekent dat elke keer bij de vaststelling van een wijzigingsplan, in het voorstel en ook in de toelichting op het wijzigingsplan zelf zal worden aangegeven op welke wijze bij de uitwerking rekening is gehouden met

de omgevingsvisie. Projectleider en management zijn verantwoordelijk voor de borging hiervan. 2. De externe veiligheid betreft de wijze waarop wordt omgegaan wordt met zaken als het gevaar van grote gasleidingen, gevaarlijke tarnsporten etc. 3. Parkeren en verkeer staat genoemd als mogelijk thema, in de breedste zin van het woord. Er zijn – voor zover bekend- op dit moment nog geen concrete aspecten vastgelegd. 4. De afkortingen staan voor: CJA: Centraal juridische afdeling, RBA: Ruimtelijke Beleid en Advies, V&W: veiligheid en wijken, CVO: cultuur, vastgoed en ontwikkeling. Het betreft intern ambtelijke afdelingen. 5. Dit betreft interne sturingslijn volgens het opdrachtgericht samenwerken, die bij deze meerjarige opgaven wordt gehanteerd. 6. Bestaand beleid wordt indien mogelijk doorvertaald door middel van een wijziging van het omgevingsplan, onder andere via de doeleinden en de daaruit voortvloeiende regelgeving. Soms zijn/worden aspecten al doorvertaald in landelijke of provinciale wetgeving, bijvoorbeeld de instructieregels. In dat geval is er niet altijd de mogelijkheid meer om lokaal hieromtrent eigen regels te stellen. 7. Bij het opstellen van wijziging omgevingsplan moet altijd worden bezien of en in welke mate hogere regelgeving doorvertaald kan of moet worden naar lagere (lokale) regelgeving. Dat geldt ook voor de natuurbescherming.

Dit is een verantwoordelijkheid van projectleider en regel coördinator alsmede de betreffende beleidsadviseur op dit onderwerp. 8. De wet schrijft voor dat de gemeente per wijzigingsplan moet nadenken en aangeven welke vorm van participatie wordt gekozen. Tevens kent de wet een procedure dat men zienswijzen kan inbrengen ten aanzien van een ontwerp wijzigingsplan dat verplicht ter visie moet worden gelegd. De belangenbehartiging van niet-menselijke soorten vindt vooral plaats via de hiertoe bestaande belangenvertegenwoordigers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=2a99c212-18e6-4516-9110-12c168c15f8a