A PvdD Magalhaeslaan 27-29
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord
: Kees de Leeuw den Bouter : 20 oktober 2023 : Bestemmingsplan Magalhaeslaan : : 24 oktober 2023
Naar aanleiding van de toegezonden inspraakverslagen t.b.v. het raadsvoorstel betreffende bovengenoemd onderwerp, te behandelen in de cie FLO van 25 oktober a.s. heeft de fractie van de PvdD de volgende vragen: Vragen: 1. Heeft de AOK mede tot taak de negatieve effecten voor omwonenden van een bouwplan mee te wegen in haar oordeel? 2. Welke weging moet het college geven aan een advies van de AOK ten opzichte van de wensen van initiatiefnemers en omwonenden? 3. Kan het college en/of de raad het advies van de AOK naast zich neerleggen? 4. Hebben college, Gemiva en omwonenden inmiddels samen vastgesteld wat er niet goed is gegaan in de communicatie en participatie over dit initiatief? Wat leert het college hiervan? Antwoorden: 1. De AOK geeft een onafhankelijk advies en kijkt voornamelijk naar de kwaliteit van het ontwerp zelf en de kwaliteit van de ruimtelijke inpassing. Hier wordt ook gekeken naar de omgevingskwaliteit. Echter, zullen zij zelf niet het initiatief nemen om te beoordelen of een plan rekening houdt met de belangen van omwonenden of de wensen van een initiatiefnemer. Over het algemeen nemen de adviseurs van Stedenbouw en Planologie hier in het voortouw en kunnen bijvoorbeeld wel adviezen bij de AOK inbrengen om op bepaalde manieren rekening met de buurt te houden. Deze voorstellen toetst de AOK dan. 2.
De gemeente heeft de Verordening Fysieke Leefomgeving en het Reglement van Orde op de AOK opgesteld waarin wordt bepaalt in welke gevallen de AOK een advies uitbrengt. Dat is onder meer het geval bij een vooroverleg (evt ter voorbereiding op een bestemmingsplan) zoals bij de Magalhaeslaan 27. Er is intern afgesproken dat bij ontwikkelingen waarvoor een nieuw bestemmingsplan moet worden opgesteld de AOK mee-adviseert over
het ontwerp dat aan de bestemmingsplanwijziging ten grondslag ligt. Het is niet de inzet dat er eerst een nieuw bestemmingsplan wordt vastgesteld waarna de AOK pas daarna het plan beoordeelt. De bevoegdheden van de AOK zijn vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet juist verruimd t.o.v. de voormalige Welstandscommissie. Waardoor zij ook over een stedenbouwkundige opzet kan adviseren. 3. Het college en de raad kunnen er voor kiezen om contrair te gaan met het advies van de AOK. Bijvoorbeeld als het college van mening is dat een vergunning/bestemmingsplan absoluut verleend moet worden. Dit gebeurt echter zelden en enkel goed onderbouwd om zwaarwegende redenen. Over het algemeen wordt het advies van de AOK overgenomen. 4. Zowel tijdens de individuele gesprekken met de indieners van zienswijzen als tijdens de grote bijeenkomst voor alle omwonenden is er over dit onderwerp gesproken. Er is hiervoor een memo opgesteld met alle leerpunten die wij hier uit getrokken hebben. Deze vindt u bij de stukken voor de commissie Fysieke leefomgeving van 25 oktober.