A LG aanvullend Schouwburg
Tekst van het document
Aanvullende technische vragen Leefbaar Gouda Fractie Leefbaar Gouda
Nr 1
Vraag De stichting staat per 31 december 2024 op een negatief eigen vermogen van ruim vijf ton en zit bijna tegen de volledige kredietlimiet aan. Waarom ligt er geen herstelplan vanuit de stichting zelf waarin ook hún eigen risico wordt vergroot in plaats van vrijwel alles bij de gemeente neer te leggen?
Antwoord Het voorliggende plan is het herstelplan. Het toekomstplan van de Schouwburg bevat maatregelen om haar financiele positie te verbeteren voor de korte en langere termijn. Daarbij draagt de stichting ook zelf de herstelplannen van de cinema. Bovendien wordt in dit plan nog steeds uitgegaan van bovengemiddelde eigen inkomsten van de stichting.
2
Hoe zeker is het college dat de cinema binnen 18 maanden weer “rendabel” wordt, terwijl Berenschot zelf aangeeft dat eerdere bezoekersprognoses te optimistisch waren en neerwaarts moesten worden bijgesteld?
De bezoekersprognoses waaraan Berenschot refereert dateren van 2022. De bezoekersaantallen behorend bij de plannen voor de komende 18 maanden zijn bijgesteld naar aanleiding van het onderzoek/advies van The Big Picture. Op basis van het advies van The Big Picture en Berenschot concludeert het college dat hiermee een realistisch plan is neergelegd.
3
Waarom kiest het college voor een structurele subsidiestijging van 350 duizend per jaar zonder harde resultaatsafspraken of tussentijdse evaluatiemomenten waarin heroverweging verplicht is?
Zoals ook Berenschot concludeert is het niet realistisch om te verwachten dat de verdiencapaciteit van de schouwburg wezenlijk gaat stijgen. Het plan dat nu voorligt is een realistisch plan waarin stapsgewijs wordt toegewerkt naar een gezonde financiele huishouding van de stichting. Daarbij blijven de inhoudelijke afspraken in het kader van de meerjarensubsidie gelden. De inrichting van de financiele monitoring wordt verstevigd, met ook meer nadruk op de liquiditeit en het verloop van de investeringen en afschrijvingen. Indien en zodra de exploitatie en de financiele positie van de schouwburg dit toelaat zal een herijking van de meerjarensubsidie worden bezien. Daarbij blijft een duurzaam gezonde financiele huishouding van de stichting, inclusief ruimte voor vervangingsinvesteringen, het uitgangspunt.
4
Welke scenario’s heeft het college uitgewerkt als de bezoekersaantallen niet verder toeneemt en het film-aanbod tegenvalt of de cinema zich niet herstelt? Waar staat dan precies het vangnet voor de gemeentelijke begroting?
Er ligt een solide toekomstplan van de stichting. Dit plan en raadsvoorstel zijn erop gericht om het toekomstperspectief van beide voorzieningen, en dus ook de cinema, te borgen. Daarbij zijn de prognoses voor de cinema gebaseerd op het rapport van The Big Picture waarbij de stichting in haar toekomstplan nog wat voorzichtiger cijfers heeft gehanteerd. Tegelijkertijd wordt, zoals bij vraag 10 toegelicht, de inrichting van de financiele monitoring verstevigd. De financiele situatie van de stichting en haar onderdelen wordt op de voet gevolgd. Indien er tekenen zijn dat het beoogde herstel uitblijft kan er meteen worden gehandeld. In dat geval zal onder andere worden gekeken naar het opnieuw in lijn brengen van de kosten met de dan geldende realiteit. Het voorliggende plan is naar het oordeel van het college een realistisch plan en indien nodig kan de stichting bijsturen. In het uiterste geval dat de stichting haar betalingsverplichtingen niet kan nakomen, wat tot dusver nog nooit is gebeurd, treedt de gemeentelijke garantie in werking. Dat betekent dat de gemeente Gouda verplicht is de rente- en aflossingsverplichtingen over te nemen voor het deel waarvoor zij op dat moment garant staat. Het financiële risico ligt daarmee bij de gemeente, tot maximaal het gegarandeerde bedrag. Dit bedrag wordt jaarlijks afgebouwd, waardoor het risicoprofiel over de tijd afneemt.
Het risico van het Schouwburgcomplex is onderdeel van de reguliere risicoparagraaf en wordt jaarlijks meegenomen in de jaarrekening.
5
Het toekomstplan zegt letterlijk dat de herfinanciering van de cinema alleen lukt als de Dit plan en raadsvoorstel zijn erop gericht om het toekomstperspectief van de voorzieningen te waarborgen, in lijn met gemeente eerst extra geld toezegt. Waarom heeft de gemeente geen alternatief scenario de breedgedragen raadsmotie van 18 juni. Onderdeel van het plan is een herstructurering van de financiering van de uitgewerkt een zgn. Plan B? cinema. Hiertoe zijn meerdere gesprekken gevoerd met de ABN AMRO. Met het voorliggende plan voldoet de stichting aan de voorwaarde die de ABN AMRO stelt aan het herstructureren van de financiering, namelijk het kunnen overleggen van een sluitende liquiditeitsbegroting, inclusief investeringen. Er is dan ook geen reden om aan te nemen dat de bank niet zal meewerken aan de herstructurering.
6
Wat is het risico voor Gouda als de stichting alsnog in betalingsproblemen komt en de bank de gemeentelijke garantie van bijna zeven miljoen moet aanspreken? Waarom ontbreekt een onafhankelijke risicoanalyse?
Als de Stichting Schouwburgcomplex alsnog in betalingsproblemen komt, treedt de gemeentelijke garantie in werking. Dat betekent dat de gemeente Gouda verplicht is de rente- en aflossingsverplichtingen over te nemen voor het deel waarvoor zij op dat moment garant staat. Het financiële risico ligt daarmee bij de gemeente, tot maximaal het gegarandeerde bedrag. Dit bedrag wordt jaarlijks afgebouwd, waardoor het risicoprofiel over de tijd afneemt. Dit voorstel zorgt ervoor dat de financiele huishouding van de stichting verbetert, dat beperkt het risico voor de gemeente. Het risico van de Stichting Schouwburgcomplex Gouda is onderdeel van de reguliere risicoparagraaf en wordt jaarlijks meegenomen in de jaarrekening. Daarnaast zijn tijdens dit traject onafhankelijke analyses (Berenschot en The Big Picture) opgesteld van de financiele situatie bij de stichting. Eveneens is er overleg geweest met de bank en met bijzonder beheer van de bank, waarbij de financiële positie, risico’s en scenario’s van de stichting zijn beoordeeld. Er is dus een onafhankelijke risicoanalyse uitgevoerd.
7
Als de gemeente al jaren voor 80 procent garant staat voor de krediet-hypotheek, waarom is er dan niet eerder gestuurd op het opbouwen van eigen reserves door de stichting?
Het opbouwen van eigen reserves is alleen mogelijk als de stichting structureel een positief exploitatieresultaat behaalt. Dat is de afgelopen jaren niet gelukt, mede doordat de exploitatie langdurig onder druk stond en door de lasten die samenhangen met de lening en de bijbehorende rente. Vlak voor corona was er een sterke verbetering van het eigen vermogen van de stichting. Echter, vlak na corona blijkt het weerbarstig om om weer op het zeer hoge niveau bezoekersaantallen van voor corona te komen. En dat betekent dat we ons moeten verhouden tot de nieuwe werkelijkheid. Als gemeente zijn er ten aanzien van de subsidie in het verleden wel wat 'pleisters geplakt' om urgente problemen op te lossen. Deze stelden de stichting echter nog niet in staat om reserves op te bouwen. Het nu voorliggende traject is er juist op gericht de exploitatie duurzaam te verbeteren, zodat de stichting in de toekomst wél ruimte krijgt om reserves op te bouwen en daarmee financieel weerbaarder wordt.
8
Welke lessen zijn er getrokken uit het feit dat de stichting jarenlang niet heeft gereserveerd voor noodzakelijk onderhoud, terwijl de financiële druk al zichtbaar was?
Zowel bij de stichting als de gemeente heeft dit al jaren de aandacht. Vlak voor de coronapandemie was er een sterke verbetering van het eigen vermogen van de stichting. Tegelijk is toen ook, in samenwerking tussen stichting en gemeente het traject rond de businesscase opgestart, waarin een aantal vastgoedgerelateerde zaken zou worden opgepakt, waaronder het gebruikersonderhoud. Zodra zowel de stichting als de gemeente weer in wat rustiger vaarwater kwamen is het traject rond de businesscase opnieuw opgepakt. Dat heeft uiteindelijk geleid tot het onderzoek van Berenschot en voorliggend toekomstplan.
9
Waar is de zelfkritiek van bestuur en RvT over de te optimistische begrotingen, het uitstellen van investeringen en het volledig wegvallen van de eigen weerstandscapaciteit? Waarom zien we dat nergens terug in het raadsvoorstel?
De financiele situatie van de stichting heeft ook al jaren de aandacht van bestuur en RvT van de stichting. Gezien de financiele situatie zijn investeringen bewust uitgesteld. Vanaf 2018 zat de financiele positie van de stichting in een opwaartse lijn, met een sterk verbeterd eigen vermogen. Vervolgens brak in 2020 de coronapandemie uit en is het eigen vermogen daarna niet meer op niveau gekomen. De voorgaande meerjarenbegroting stamde uit 2022, het moment waarop de stichting net uit de coronacrisis kwam en iedereen er van uit ging dat het oude 'normaal' terug zou keren. De nieuwe jaarbegrotingen van de Stichting laten aangepaste cijfers zien, op advies van Berenschot en The Big Picture.
10
Waarom kiest het college ervoor om miljoenen extra te investeren zonder dat er sterke governance-voorwaarden worden opgenomen, zoals een verplichte financiële kwartaalrapportage aan de raad of een aangescherpt toezicht op het bestuur?
De inrichting van de financiele monitoring wordt verstevigd, met ook meer nadruk op de liquiditeit en het verloop van de investeringen en afschrijvingen. Op basis van deze overzichten zal twee keer per jaar bestuurlijk overleg worden gevoerd. Daarmee komen zowel de Raad van Toezicht, als interne toezichthouder, als de gemeente in een betere positie. Via de P&C -cyclus zal de raad hierover worden geinformeerd. Zodra de uitvoering van de investeringsimpuls in de schouwburg is afgerond zal de raad hierover via een memo worden geinformeerd.
11
Waarom moeten we als raad instemmen terwijl een cruciaal onderdeel van de financiële Op hoofdlijnen staat de financiele onderbouwing beschreven in het toekomstplan. De meer uitgewerkte versie is als onderbouwing (het investeringsplan van de cinema) is afgeschermd in een vertrouwelijke geheime bijlage ter beschikking gesteld aan de raad omdat het openbaar maken hiervan de onderhandelingspositie bijlage? van de stichting schaadt bij het uitvoeren van de benodigde investeringen.
12
Het college schrijft dat deze keuze “ten koste gaat van de financiële ruimte in de Er hoeven geen voorzieningen, subsidies of investeringen te worden geschrapt, er is alleen minder vrije ruimte. begroting”. Welke andere voorzieningen, subsidies of investeringen moeten hierdoor wél worden geschrapt of vertraagd? Graag concreet.
13
Hoe rijmt het college deze forse investering in één culturele voorziening met de voortdurende tekorten in het sociaal domein?
De gemeente heeft vele verantwoordelijkheden , van het sociaal domein tot openbare ruimte, openbare orde en veiligheid, sport , cultuur etc. Deze verantwoordelijkheden bestaan naast elkaar. Het college is van mening dat met dit voorstel op gebalanceerde wijze invulling wordt gegeven aan deze verantwoordelijkheden.
14
Waarom wordt er voorgesteld om jarenlang miljoenen toe te voegen aan één instelling, terwijl uit de Beerda-analyse blijkt dat de doelgroep vooral bestaat uit hoger opgeleiden en hogere inkomens? Wat betekent dit voor de culturele spreiding in de stad?
Met dit voorstel wordt eenmalig 1,2 miljoen toegevoegd en structureel 0,35 miljoen. Het gaat dus niet om een jarenlange toevoeging van miljoenen. In het Beerda- onderzoek staat dat de schouwburg goed scoort op de binding met de doelgroepen hoog opgeleiden en hogere inkomens. Niet dat het publiek alleen uit die doelgroep bestaat. De schouwburg zet zich actief in om een breed publiek te bereiken. Dat gebeurt via een diverse programmering, met projecten zoals Express Yourself en Gouden Dans, en met de doorlopende doneer- een- ticket-actie.
15
Waarom is er géén vergelijking gemaakt met alternatieve modellen zoals: kleinere exploitatie, shared services met andere regio-theaters, of een deel van het complex privaat verhuren?
Er is gekeken naar oplossingsrichtingen die gezien de verschillende aspecten van deze situatie (maatschappelijke functie, de vastgoedsituatie, de vaste lasten) realistisch en haalbaar leken. De in deze vraag genoemde richtingen zouden voor de situatie van de stichting geen soelaas bieden. Bijvoorbeeld, met een kleinere exploitatie blijven de vaste lasten (huisvesting, energie, deel personeelslasten) grotendeels hetzelfde en worden de kosten per productie dus juist hoger. Ten aanzien van shared services wordt er al veel gedeeld met de cinema, wordt er samengewerkt met andere theaters en zijn de de personeelslasten al relatief laag, vergeleken met andere theaters. De aard van het complex leent zich niet voor het privaat verhuren ervan.
16
Is het college bereid toe te geven dat de cinema het grootste financiële risico is en dat de De schouwburg en de cinema zitten in 1 stichting. Dat is destijds zo opgezet om positieve resultaten van de cinema schouwburg afhankelijk wordt van de cinema-prestaties? Waarom wordt dat niet expliciet eenvoudig ten goede te kunnen laten komen aan de schouwburg. Dat is ook jarenlang het geval geweest. De benoemd? keerzijde daarvan is dat de negatieve resultaten van de cinema van dit moment ook een negatief effect hebben op de schouwburg. Ook het college acht dit een onwenselijke situatie. Om die reden is in het Berenschot- onderzoek uitgebreid stilgestaan bij de diverse denkbare varianten voor de toekomst van de cinema. En vandaar ook de nadruk in het toekomstplan op het, binnen afzienbare tijd, weer rendabel krijgen van de cinema. Tevens wordt komend jaar opnieuw afgewogen wat, ook met de kennis van nu, de meest optimale juridische inrichting van de stichting zou zijn.
17
De filmsector krimpt al jaren door streaming en minder blockbusters. Waarop is de aanname gebaseerd dat bezoekersaantallen substantieel gaan stijgen?
De prognose van de bezoekersaantallen is gebaseerd op het rapport van The Big Picture, waarbij de stichting in haar toekomstplan nog wat voorzichtiger cijfers heeft gehanteerd. In de prognose is ook de verandering van blockbusterbioscoop naar meer lokaal gebonden communitybioscoop meegenomen.
18
Waarom is er geen exitstrategie uitgewerkt voor de cinema wanneer die niet binnen de gestelde 18 maanden herstelt?
Dit plan en raadsvoorstel zijn erop gericht om het toekomstperspectief van beide voorzieningen, en dus ook de cinema, te borgen. Het voorstel is in lijn met de breed gedragen raadsmotie van 18 juni. De prognose van de bezoekersaantallen is gebaseerd op het rapport van The Big Picture, waarbij de stichting in haar toekomstplan nog wat voorzichtiger cijfers heeft gehanteerd. Tegelijkertijd wordt, zoals bij vraag 10 toegelicht, de inrichting van de financiele monitoring verstevigd. De financiele situatie van de stichting en haar onderdelen wordt op de voet gevolgd. Indien er tekenen zijn dat het beoogde herstel uitblijft kan er meteen worden gehandeld. In dat geval zal onder andere worden gekeken naar het opnieuw in lijn brengen van de kosten met de dan geldende realiteit. Uit de variantenstudie van Berenschot blijkt dat de voorgestelde strategie op dit moment en in de huidige omstandigheden ook financieel de slimste keuze is. Een exitstrategie is namelijk niet gratis.
19
Hoe gaat het college voorkomen dat we binnen vijf jaar wéér voor een groot gat staan als Dit plan en raadsvoorstel zijn erop gericht om het toekomstperspectief van de voorzieningen te waarborgen. En ziet er opnieuw investeringen nodig zijn? daarbij ook expliciet op een, op termijn, zodanig herstel van de financiele positie van de stichting dat zij de investeringen waarvoor zij verantwoordelijk is, uit eigen middelen kan opvangen. Tegelijkertijd wordt, zoals bij vraag 10 toegelicht, de inrichting van de financiele monitoring verstevigd. Daarmee komen zowel de Raad van Toezicht, als het college in een betere positie.
20
Kan het college garanderen dat dit de laatste grote financiële injectie is, of moeten we ons voorbereiden op een stroom van vervolgaanvragen?
zie het antwoord op vraag 19