A GBG Afval- en grondstoffenbeleid 2024-2030
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord
: Ronald van Zwienen : 21-10-2023 : Afval- en grondstoffenbeleid 2024-2030 : Erwin Bok :
Vragen: 1. Is het probleem van de bijplaatsingen en het dumpen van afval te voorkomen wanneer er tot nascheiding wordt overgegaan, zoals in Rotterdam en Leiderdorp? 2. Heeft uw college nog onderzoek gedaan naar de voor- en nadelen van nascheiding? 3. Zo ja, wat zijn de uitkomsten van dit onderzoek? Graag een nadere toelichting. 4. Welke moverende reden had uw college om in het voorliggende raadsvoorstel geen melding over nascheiding te doen? 5. Kan er bij de uitwerking van de 7 benoemde uitgangspunten van beleid nader ingegaan worden op de uitvoerbaarheid en de handhaafbaarheid van deze aanpakken? 6. Verdient het geen aanbeveling om een daartoe gespecialiseerd bedrijf in te schakelen om de gedragsverandering op het gebied van de afvalinzameling bij de bewoners samen met de gemeente te activeren? 7. Gesteld wordt dat de klachten over afval op straat niet worden toegeschreven aan Diftar. Kan aangegeven worden waarop deze klachten dan wel gestoeld zijn, indien er geen concrete aanwijzingen zijn voor Diftar?
Antwoorden: 1. Nee. Gemeenten met nascheiding hebben dezelfde problemen met dumpingen en bijplaatsingen. Hoe stedelijker de gemeenten (hoe meer hoogbouw) hoe groter de kans de kans op dumpingen en bijplaatsingen. 2. Regelmatig. Het college heeft de raad hierover voor het laatst geïnformeerd bij de het raadsmemo van 22 februari 2022 (nr 6007) met name in het rapport in bijlage 4 (als bijlage bijgevoegd). Er zijn bij het college geen nieuwe ontwikkelingen bekend. 3. Zie het antwoord op vraag 2 4. Bronscheiding levert nog altijd betere scheidingsresultaten op dan nascheiding. Dit past dus beter in het bestuursakkoord. 5. De mogelijkheden die in de startnotitie zijn genoemd, zijn uitvoerbaar. Deze maatregelen zijn er zo veel mogelijk op gericht om te voorkomen dat handhaving nodig is Als blijkt dat meer handhaving nodig is komt het college hier op terug in de uitwerking. 6. Dit is een goed suggestie voor de uitvoering van het punt communicatie en gedragsbeïnvloeding. Van belang is daarbij wel of de raad er structureel meer middelen voor over heeft, of het nu een gespecialiseerd bureau is of niet en wat het doel van de communicatie moet zijn.
7. Zie ook het antwoord op vraag 1. In stedelijke gemeenten zonder diftar zijn de problemen met bijplaatsingen en dumpingen qua aard en hoeveelheid vergelijkbaar met die van Gouda..