A D66 Winterplan 2024
Tekst van het document
Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord
: : : : :
Evert Bobeldijk D66 22 januari 2024 Winterplan 2024 J.M. Holdijk 22 januari 2024
Vragen: Onder het motto: “In Gouda laten we niemand in de kou staan” heeft de gemeente Gouda budget gecreëerd om inwoners, maatschappelijke instellingen en Goudse ondernemers, die door de onverwachte en extreme ontwikkelingen in de (energie)prijzen acuut in problemen zouden komen te kunnen ondersteunen. Er was in de raad zeer brede steun voor dit Winterplan, omdat de noodzaak om er voor de inwoners, instellingen en ondernemers te zijn in deze moeilijke en uitzonderlijke omstandigheden door iedereen gedeeld werd. Vanwege de verwachte acute problematiek werd gekozen voor een oplossing waarin reeds een budget werd gereserveerd, voordat een gedetailleerde besteding van dit budget duidelijk was. Dit alles binnen het kader dat we in Gouda niemand in de kou lieten staan die in problemen kwam door de extreme stijging van de energiekosten en de ongekende inflatie. D66 steunde, en steunt, deze overwegingen volmondig. Gezien de aard van de problematiek en de gekozen oplossing betreft het dus per definitie incidentele ondersteuning. Het voorstel “Toedeling budget Winterplan 2024” ziet toe op de invulling van het winterplan binnen het eerder gestelde kader. Daarnaast leidt de structurele verhoging van de (energie)prijzen ook tot nieuwe problemen voor inwoners, organisaties en ondernemers.
De structurele aanpak voor die nieuwe problemen bespreken we graag op een later tijdstip met het college. De fractie van D66 heeft, gezien het bovenstaande, de volgende vragen: 1. Bij argument 2.1 wordt aangegeven dat het budget wordt ingezet “om de overgang naar de nieuwe situatie met hogere energierekening te faciliteren”. In hoeverre wordt hier vooruit gelopen op koopkrachtmaatregelen en bestrijding van (kinder)armoede door rijksmaatregelen? 1a. Staan de budgetten voor deze rijksmaatregelen en de ingangsdata al vast, waardoor het voor de gemeente opportuun is om de periode tussen de incidentele steunmaatregelen vanuit rijk en gemeente en de nieuwe maatregelen op te vangen vanuit het incidentele budget van het Winterplan? 1b. In hoeverre lopen we als gemeente het risico dat we door de toewijzing van dit budget op incidentele basis ook structureel moeten
2.
3.
4.
5.
intensiveren op deze beleidsterreinen, of dat we de verwachting wekken dat we dit zullen doen? Bij argument 2.2 wordt verwezen naar de nog door de raad te behandelen actualisatie van het armoedebeleid. Het winterplan wordt incidenteel ingezet om de periode tot de invoering van dit nieuwe beleid te overbruggen. 2a. In hoeverre betreft de actualisatie van het armoedebeleid een invulling van de ambities uit het bestuursakkoord, waarvoor reeds budgetten zijn voorzien in de meerjarenbegroting? 2b. Indien het nieuw beleid betreft dat nog niet in de begroting is opgenomen, wekken we met de toewijzing van dit incidentele budget dan niet de verwachting dat de actualisatie van het armoedebeleid reeds vaststaat, waardoor een intensivering op dit dossier onontkoombaar wordt? 2.4.1 “indien nodig kan via de P&C cyclus aanvraag worden gedaan voor extra (subsidie)budget” In hoeverre neemt dit de prikkel voor maatschappelijke organisaties weg om zelf te zoeken naar besparings- of verduurzamingsmaatregelen? 2.4.3 “Het jaar 2024 is een overgangsjaar voor de steunmaatregelen uit het Winterplan, waarin we de overstap van incidentele maatregelen kunnen maken naar structureel beleid” In hoeverre verhoudt deze zin zich met het door de raad gestelde kader van de Winterplannen, waarbij dit budget bedoeld is om Gouwenaars die acuut in problemen komen niet in de kou te laten staan. 4a.
Wordt hier het incidentele Winterplan niet gebruikt als opstap naar, en structureel faciliteren van, nieuw beleid(zeker gezien de toevoeging dat bij de actualisatie van het armoedebeleid een definitieve keuze wordt gemaakt over de toewijzing van het budget uit het Winterplan aan maatregelen uit deze actualisatie)? 4b. Is er nog ruimte voor de raad om deze actualisatie bij te sturen? Zo ja, hoe groot is die ruimte? Opties voor incidentele maatregelen. 5a. Overgangsregeling schuldsanering. In hoeverre is een onderscheid te maken tussen de reguliere noodzakelijke schuldsanering (structurele post) en de schuldsanering voor schulden die voortkomen uit de omstandigheden waarvoor het Winterplan in het leven is geroepen (incidenteel)? 5b. Is gebleken dat de behoefte aan een hoger budget voor de bijzondere bijstand voortkomt uit de omstandigheden waarvoor het Winterplan in het leven is geroepen, of is er structureel behoefte aan een hoger budget?
Antwoorden: Vraag: 1. Bij argument 2.1 wordt aangegeven dat het budget wordt ingezet “om de overgang naar de nieuwe situatie met hogere energierekening te faciliteren”. In
hoeverre wordt hier vooruit gelopen op koopkrachtmaatregelen en bestrijding van (kinder)armoede door rijksmaatregelen? 1a. Staan de budgetten voor deze rijksmaatregelen en de ingangsdata al vast, waardoor het voor de gemeente opportuun is om de periode tussen de incidentele steunmaatregelen vanuit rijk en gemeente en de nieuwe maatregelen op te vangen vanuit het incidentele budget van het Winterplan? 1b. In hoeverre lopen we als gemeente het risico dat we door de toewijzing van dit budget op incidentele basis ook structureel moeten intensiveren op deze beleidsterreinen, of dat we de verwachting wekken dat we dit zullen doen? Antwoord: De budgetten en ingangsdata van rijksmaatregelen staan nog niet (allemaal) vast. Het Winterplan is bedoeld als noodmaatregelenpakket om de gevolgen van de energiecrisis op te vangen. De nieuwe realiteit is dat we hoogstwaarschijnlijk niet meer zullen terugkeren naar de situatie van vóór de energiecrisis. Het college stelt voor om het incidentele budget van het Winterplan 2024 in te zetten om de overgang naar een nieuwe situatie met een hogere energierekening te faciliteren. Hierbij wordt niet vooruit gelopen op koopkrachtmaatregelen en bestrijding van (kinder)armoede door rijksmaatregelen. Het college stelt voor om het jeugdtegoed nog 1 jaar op te hogen, maar met een lager bedrag dan in eerdere jaren.
Verder stelt het college voor om een bedrag van € 425.000 voorlopig beschikbaar te houden voor maatregelen in het kader van armoedebeleid. Er wordt nu nog geen besluit genomen voor welke maatregelen dat budget wordt ingezet. Dat gebeurt bij de behandeling van de aankomende actualisatie van het beleidskader Armoede en Schulden. 2. Vraag: Bij argument 2.2 wordt verwezen naar de nog door de raad te behandelen actualisatie van het armoedebeleid. Het winterplan wordt incidenteel ingezet om de periode tot de invoering van dit nieuwe beleid te overbruggen. 2a. In hoeverre betreft de actualisatie van het armoedebeleid een invulling van de ambities uit het bestuursakkoord, waarvoor reeds budgetten zijn voorzien in de meerjarenbegroting? 2b. Indien het nieuw beleid betreft dat nog niet in de begroting is opgenomen, wekken we met de toewijzing van dit incidentele budget dan niet de verwachting dat de actualisatie van het armoedebeleid reeds vaststaat, waardoor een intensivering op dit dossier onontkoombaar wordt? Antwoord: 2a De actualisatie van het beleidskader Armoede en Schulden bouwt voort op zowel de ontwikkelingen die volgen op het huidige beleidskader als het bestuursakkoord. Aanvullend op het huidige aanbod zal aan de raad worden voorgelegd waar de gemeente op zou kunnen intensiveren. Het agenderingsverzoek voor een werksessie over dit onderwerp is reeds ingediend.
Het is de verwachting dat diverse huishoudtypen voorlopig kwetsbaar blijven. Uit de koopkrachtberekeningen 2024 van het NIBUD blijkt bijvoorbeeld dat de huishoudens die rondkomen van een (bijstands)uitkering er in 2024 in koopkracht op achteruit gaan. We geven het de gemeenteraad op basis van deze verwachting in overweging om deze huishoudens ondersteuning te bieden. Als de raad hiertoe besluit is daarvoor extra budget nodig, dat het college hierbij alvast wil reserveren voor bespreking en besluitvorming in het kader van de voorgenomen herijking van het beleidskader Armoede en Schulden. De keuze op welke maatregelen er daadwerkelijk ingezet gaat worden zal aan de raad worden voorgelegd tijdens de bespreking van de actualisatie van het beleidskader en de voorafgaande werksessie. 2b De raad wordt voorgesteld om te besluiten dat een bedrag van € 425.000,gereserveerd wordt voor de actualisatie van het beleidskader armoede en schulden. Met het raadsvoorstel dat nu voor ligt wordt dit bedrag slechts gereserveerd voor dit beleidskader. Dit bedrag blijft als het ware achter in de stelpost op de begroting. Bij de behandeling van de actualisatie van het Beleidskader Armoede en Schulden wordt aan de raad voorgelegd waar dit budget voor wordt gebruikt.
Hierbij kan gedacht worden aan een pilot waar incidentele middelen voor nodig zijn, een onderwerp waar een eenmalige impuls wenselijk is of structurele inzet. 3. Vraag: 2.4.1 “indien nodig kan via de P&C cyclus aanvraag worden gedaan voor extra (subsidie)budget” In hoeverre neemt dit de prikkel voor maatschappelijke organisaties weg om zelf te zoeken naar besparings- of verduurzamingsmaatregelen? Antwoord: Als maatschappelijke organisaties op grond van de tijdelijke subsidieregeling subsidie aanvragen ter compensatie van de hoge energieprijzen, dan is één van de voorwaarden dat zij kunnen aantonen dat zij in redelijkheid alle mogelijke inspanningen verrichten om het energieverbruik te verlagen, dan wel duurzaamheidsmaatregelen te nemen. Desondanks kan de situatie zich voordoen dat de gevolgen van de hogere energieprijzen niet volledig opgevangen kunnen worden door deze besparings- of verduurzamingsmaatregelen of dat er geen budget is om te kunnen investeren in deze maatregelen. In dat soort gevallen zou een aanvraag voor extra (subsidie)budget via de P&C-cyclus aan de raad kunnen worden voorgelegd. 4.
Vraag: 2.4.3 “Het jaar 2024 is een overgangsjaar voor de steunmaatregelen uit het Winterplan, waarin we de overstap van incidentele maatregelen kunnen maken naar structureel beleid” In hoeverre verhoudt deze zin zich met het door de raad gestelde kader van de Winterplannen, waarbij dit budget bedoeld is om Gouwenaars die acuut in problemen komen niet in de kou te laten staan. 4a. Wordt hier het incidentele Winterplan niet gebruikt als opstap naar, en structureel faciliteren van, nieuw beleid(zeker gezien de toevoeging dat bij de
actualisatie van het armoedebeleid een definitieve keuze wordt gemaakt over de toewijzing van het budget uit het Winterplan aan maatregelen uit deze actualisatie)? 4b. Is er nog ruimte voor de raad om deze actualisatie bij te sturen? Zo ja, hoe groot is die ruimte? Antwoord: De actualisatie van het beleidskader Armoede en Schulden is een raadsbevoegdheid. Om de raad in positie te brengen is er een agenderingsverzoek ingediend voor een werksessie. Daarna zal het beleidskader als onderdeel van het reguliere besluitvormingsproces voorgelegd worden aan de raad. Het is aan de raad om vast te stellen welke maatregelen in dat verband genomen gaan worden, en hoe die maatregelen gefinancierd worden. In het voorliggende raadsbesluit wordt voorgesteld om binnen het budget van het Winterplan 2024 € 425.000 te “reserveren” voor incidentele maatregelen. Dit bedrag wordt dus nog niet toegewezen aan maatregelen, maar blijft als het ware achter in de stelpost. 5. Vraag: Opties voor incidentele maatregelen. 5a. Overgangsregeling schuldsanering. In hoeverre is een onderscheid te maken tussen de reguliere noodzakelijke schuldsanering (structurele post) en de schuldsanering voor schulden die voortkomen uit de omstandigheden waarvoor het Winterplan in het leven is geroepen (incidenteel)? 5b.
Is gebleken dat de behoefte aan een hoger budget voor de bijzondere bijstand voortkomt uit de omstandigheden waarvoor het Winterplan in het leven is geroepen, of is er structureel behoefte aan een hoger budget? Antwoord: 5a. Dit onderscheid kan niet gemaakt worden. 5b. Er is sprake van structurele behoefte aan hoger budget, als gevolg van de omstandigheden waarvoor het Winterplan in het leven is geroepen. De behoefte komt namelijk voort uit de stijging van de energiekosten. Het negatieve effect werd gedempt door de energietoeslag. Het rijk heeft aangegeven in 2024 geen energietoeslag meer uit te keren. Uit de Minima Effect Rapportage die voor Gouda in 2022 is uitgevoerd door het NIBUD blijkt dat de energietoeslag er voor heeft gezorgd dat alle huishoudens financieel kunnen rondkomen (maatschappelijke participatie inbegrepen), behalve de gezinnen met oudere kinderen. Als deze toeslag in 2024 wegvalt dan raakt dit type huishouden dieper in de rode cijfers en kunnen ook alleenstaanden met een zorgvraag en paren zonder kinderen niet meer rondkomen. In de nog vast te stellen actualisatie van het beleidskader Armoede en Schulden zullen beleidsaanpassingen worden voorgesteld.