CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

A CU - WRP Gouda 2024-2028 dd 2023-03-04

Raadsvergadering 13 maart 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Water- en Rioleringsprogramma 2024-2028852 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier Datum antwoord

: CU, Gert van den Brink : 08-02-2024 : Commissie bestuur: technische vragen WRP Gouda 2024-2028 deel 1 : Jacoline Holdijk : 03-04-2024

In de bijlage bij het raadsvoorstel wordt in hoofdstuk 5 een cijfermatig overzicht gegeven van de financiële consequenties van het WRP. In de literatuur en rechtspraak worden een drietal mogelijk manieren van doorbelasten van de kapitaalslasten gemeld. a) Doorbelasten op basis van de werkelijke afschrijvingen b) Doorbelasten op basis van een spaarvoorziening c) Doorbelasten op basis van het zogeheten ideaalcomplex Uit de berekening op pagina 31 blijkt dat een combinatie wordt gebruikt van de werkelijke afschrijvingen (oude investeringen) en de spaarvoorziening (nieuwe investeringen). Ter voorbereiding op de behandeling van het raadsvoorstel in de commissievergadering van 14 februari 2024 heeft de ChristenUnie de volgende technische vragen: Kunt u voor de scenario’s a) (werkelijke afschrijvingen) en c) (Ideaalcomplex) de volgende berekeningen maken en aan ons doen toekomen: 1. Een voor beide scenario’s aangepaste uitwerking van de heffingsberekening op pagina 31; 2. Het effect van deze twee berekeningen op het begrote resultaat voor de periode 2024-2028 afgezet tegen het resultaat zoals dat uit de huidige uitwerking in het raadsvoorstel blijkt; 3. De gevolgen van deze cijfermatige uitwerking in de periode 2024-2028 op het door de gemeente te lenen bedrag. In de jaarrekeningen wordt sinds kort de voorziening gesplitst in twee delen.

Een deel dat bedoeld is voor de verevening van de spaarvoorziening en een deel dat bedoeld is voor het weghalen van schommelingen in de heffing. In het cijfermatige overzicht op pagina 31 is niet zichtbaar welk deel van het onderdeel spaarvoorziening nu te maken heeft met het echte spaaronderdeel en welke met de verevening van schommelingen in het tarief.

4. Kunt u voor de jaren 2024-2028 een uitsplitsing geven van deze twee onderdelen van de voorziening zoals die in de jaarrekening gepresenteerd zou moeten worden. Omdat naar verwachting de uitwerking van deze berekening enige tijd vergt zijn deze vragen tijdig naar u verzonden. Het kan zijn dat na de bestudering van het voorstel nog aanvullende vragen uw kant op komen.

Antwoorden: In de situatie van afschrijvingen – ideaalcomplex is het uitgangspunt dat er geleidelijke reeks (vervangings)investeringen geprogrammeerd is met al doel de som van de kapitaallasten over de jaren heen zoveel mogelijk constant te houden. Dat heeft een nivellerend effect op de jaarlijkse exploitatielasten (en daarmee op de heffing). Gouda heeft in 2014 de keuze gemaakt om af te stappen van het “blijven activeren” en om vanaf 2020 de vervangingsinvesteringen te dekken uit de opgebouwde spaarvoorziening. Daarmee is er dus geen sprake van een ideaalcomplex (waarbij de totale afschrijving in een jaar gelijk is aan de verkrijgingsprijs van de nieuwe investeringen in dat jaar) : de kapitaallasten laten een dalende trend zien. Dat is ook aangegeven in figuur 11 op pagina 30 van het WRP (de geel gearceerde balken). Het klopt dat we de investeringen tot en met 2019 activeren en de kapitaallasten (rente en afschrijving als exploitatielast opnemen (en betrekken bij de berekening van de rioolheffing). De lijn is dat we de investeringsuitgaven vanaf 2020 direct vanuit de spaarvoorziening riolering bekostigen 1. Voor de helderheid hebben we, bij de beantwoording van uw vragen, ons beperkt tot de investeringsreeks voor de WRP-planperiode 2024-2028.

In bijgevoegde pdf-bijlage van een Excel-document kan gelezen worden dat het activeren van deze reeks investeringen tot een geleidelijke groei van de heffing leidt. Het omslagpunt ligt daarbij op het jaar 2052. De berekening is inclusief de investeringsreeks WRP tm 2063. 2. Kunnen we “het begrote resultaat” lezen als “de rioolheffing door de inwoners te betalen”? Dan is de voornoemde pdf daar ook een antwoord op: zie het effect op de heffing onder de donkerblauwe kolomkoppen. In de voorgestelde rioolheffing 2024-2028 is een component “dekking vervangingsinvesteringen” opgenomen. Die vervalt bij het activeren van de investeringen. Het activeren van de investeringsreeks 2024-2028 leidt echter tot een heffing die op termijn hoger is dan de heffing via cash-out financiering.

3. Als Gouda de benodigde investeringsbedragen zou (moeten) lenen zou dat betekenen dat in de WRP-planperiode 2024-2028 de leenschuld met een bedrag van € 52.487.000 zou toenemen. Het lenen van de middelen in de periode 2029-2063 zou een verhoging van de schuld betekenen met € 348 mln. 4. In de tabel op pag. 31 van het WRP is geen stand van de voorziening opgenomen. Het betreft hier een meerjarenprognose van lasten en baten. Voor de volledigheid (en vooruitlopend op de jaarrekening 2023) nemen we hieronder op de stand van de spaarvoorziening en egalisatievoorziening per 31-12-2023 op: Spaarvoorziening Riolering: € 18.889.000 Egalisatievoorziening Riolering: € 2.858.000 Een en ander onder voorbehoud van goedkeuring van jaarrekening 2023 Het totaal van de investeringen 2024-2028 ( € 52.487.000) is ook hoger dan het totaal aan dotaties begroot spaarvoorziening 2024-2028 (€ 42.124.000). De beginstand van de spaarvoorziening wordt zo ingezet. Onderstaande tabel geeft de op dit moment begrote storting en onttrekkingen aan de voorzieningen riolering aan. Dit actualiseren we wanneer het WRP door de raad is goedgekeurd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=5f4648a5-72bf-4414-9c47-0d957dc63712