CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

A CU risicovolle projecten

Commissie Bestuur 8 oktober 2025, gemeente GoudaBij agendapunt: Oordeelsvorming: Regeling Risicovolle Projecten608 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Van Datum vraag Onderwerp Commissiegriffier

: ChristenUnie : 29-09-2025 : Regeling risicovolle projecten : Jacoline Holdijk

Datum antwoord

: 30-09-2025

Vragen 1) Wie controleert de juistheid van de ingevulde beoordelingsformulieren? Is er een onafhankelijke of interne toets op deze beoordelingen om te zorgen dat beoordelingen consistent zijn tussen verschillende projecten? 2) Moeten projectopdrachten altijd ook alternatieve varianten bevatten met een lager risicoprofiel? 3) Zo nee, hoe wordt geborgd dat de raad inzicht krijgt in mogelijke minder risicovolle scenario's? 4) Buiten de halfjaarlijkse voortgangsrapportages: op welke momenten worden projecten herbeoordeeld op hun risicoprofiel (bijvoorbeeld bij grote scopewijzigingen)? 5) Wie neemt het initiatief voor een tussentijdse herbeoordeling? 6) Wordt er een publieksvriendelijke versie van de rapportages gemaakt, zodat inwoners inzicht krijgen in de risico's en voortgang van grote projecten? 7) De regeling wordt over vier jaar geëvalueerd. Welke criteria of meetpunten worden gehanteerd om te beoordelen of de regeling effectief werkt? 8) Wordt de raad tussentijds geïnformeerd over ervaringen en verbeterpunten bij de toepassing van de regeling? Antwoorden: 1) Controle op de ingevulde beoordelingsformulieren De beoordelingsformulieren worden in eerste instantie ingevuld door de projectleider/opdrachtnemer, in samenspraak met de ambtelijk en bestuurlijk opdrachtgever.

Vervolgens vindt een gesprek plaats met ambtelijk opdrachtgever, projectleider/opdrachtnemer, lijnmanager, procesbegeleider en projectsecretaris. Op basis daarvan wordt de beoordeling zo nodig aangepast en de definitieve score vastgesteld. De portefeuillehouder Financiën ziet toe op de werking van de regeling en bewaakt de consistentie in de uitvoering. Tijdens het proces dat dit jaar is doorlopen heeft de toets plaatsgevonden door de procesbegeleider en de projectsecretaris. Aangezien deze rollen tijdelijk zijn ingevuld, zal bij de implementatie en borging van het proces onder andere ook gekeken worden naar hoe deze onafhankelijke toetsende rol toekomstbestendig kan worden ingevuld. 2) Alternatieve varianten in projectopdrachten De regeling schrijft niet voor dat projectopdrachten altijd alternatieve varianten met een lager risicoprofiel moeten bevatten. 3) Inzicht in minder risicovolle scenario’s De raad krijgt via het beoordelingskader en de rapportages inzicht in de risico’s van projecten en kan daarmee de afweging maken tussen ambitieuzere en minder risicovolle scenario’s. Het college kan daarnaast in de planvorming meerdere scenario’s voorleggen, zeker wanneer die beleidsmatig of financieel wezenlijk verschillen.

4) Momenten van herbeoordeling Jaarlijks vindt een herbeoordeling van alle lopende investeringsprojecten plaats voorafgaand aan de eerste bestuursrapportage. Daarnaast geldt dat bij grote wijzigingen in scope of omstandigheden een herbeoordeling kan worden uitgevoerd, zodat het risicoprofiel actueel blijft. Bij nieuwe projecten vindt altijd een beoordeling van het risicoprofiel plaats ten tijde van het opstellen van de projectopdracht (beoordelingsformulier risicovolle projecten als verplichte bijlage). 5) Initiatief voor tussentijdse herbeoordeling Het initiatief ligt bij het college. De portefeuillehouder of het projectteam kan een herbeoordeling aan de orde stellen wanneer zich relevante veranderingen voordoen. 6) Publieksvriendelijke versie van rapportages De regeling zelf voorziet alleen in rapportages van college aan raad. Er is geen aparte bepaling opgenomen over publieksvriendelijke versies. In de toekomst kan er ook sprake zijn van een vertrouwelijke bijlage. 7) Evaluatie na vier jaar De regeling schrijft voor dat na vier jaar een evaluatie plaatsvindt door college en raad. Er zijn geen vooraf vastgelegde meetpunten in de regeling genoemd.

De evaluatie zal zich naar verwachting richten op de werking van de systematiek, de bruikbaarheid van het beoordelingskader, de kwaliteit van de rapportages en de mate waarin de raad daadwerkelijk beter in positie is gebracht voor haar kaderstellende en controlerende rol. 8) Tussentijdse informatie over ervaringen en verbeterpunten De regeling noemt dit niet expliciet. In de praktijk kan het college de raad tussentijds informeren, bijvoorbeeld via de reguliere P&C-cyclus (paragraaf bedrijfsvoering) of een raadsinformatiebrief, wanneer er aanleiding is om ervaringen of verbeterpunten te delen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=c057a00c-b3de-4bbc-96af-a96438e28c6d