9. A D66 Kunst in de openbare ruimte
Tekst van het document
Technische vragen Van:
Maartje te Hennepe, D66 Gouda
Datum vraag:
13 april 2025
Onderwerp:
Technische vragen inzake Collectieplan kunst in de openbare ruimte
Commissiegriffier:
Lars van der Linden
Beantwoording:
Geconstateerd wordt dat een substantieel deel kunstwerken in of rondom het centrum gecentreerd zijn (pag. 8, 7e alinea): Geconstateerd wordt voorts dat ingezet wordt op het in stand houden van de bestaande collectie (pag. 9, 3e alinea) Vraag 1: Is er ruimte – binnen de huidige (financiele) kaders om kunstwerken beter te verdelen over de verschillende Goudse wijken? Vraag 2: Kan inzichtelijk gemaakt worden wat de kosten zijn voor onderhoud van keramiek ten op zicht van overige kunstwerken? Vraag 3: De Cultuurnota heeft een looptijd van 2023 – 2027, het collectieplan zoals dit nu voorligt heeft een looptijd van 2025 – 2033: kan geborgd worden dat de afspraken in dit collectieplan opgenomen worden in de cultuurnota na 2027. Vraag 4: De uitvoeringsagenda behorende bij dit collectieplan behelst veel verkenningen en algemeenheden: is het mogelijk om dit binnen de huidige kaders concreter te beschrijven rekening houdend met budgettaire onzekerheden Vraag 5: In de aandachtspunten (pag. 24) worden stolpersteine genoemd. De gedenkstenen zijn cultureel erfgoed en het onderhouden van deze stenen behoort toe aan de aanvrager. Waarom is er gekozen de stolpersteinen op te nemen in de notitie Kunst in de openbare ruimte?
1. Het streven naar een betere geografisch spreiding van kunst over de stad is als onderdeel van het collectieprofiel opgenomen. Voor kunstwerken die al in de openbare ruimte staan is verplaatsing in beginsel niet wenselijk tenzij daar een specifieke aanleiding voor is. Onder meer omdat kunstwerken in de openbare ruimte vaak in relatie tot de directe omgeving staan en vanuit dat oogpunt door een kunstenaar zijn ontworpen. Een voorbeeld van een specifieke aanleiding is de herinrichting van de openbare ruimte waarbij er in de nieuwe situatie geen ruimte meer is voor het kunstwerk. 2. De keramiek kunstwerken worden in de reguliere onderhoudsronde meegenomen. Waar het gaat om groter restauraties of herstel wordt per werk een offerte opgevraagd. Er is dus geen algemeen overzicht te geven. 3. Ja, daar zal rekening mee worden gehouden.
4. Met het collectieplan worden de kaders ten aanzien van kunst in de openbare ruimte gesteld. De uitwerking en uitvoering daarvan zal plaatsvinden gedurende de looptijd van het collectieplan. 5. De Stolpersteine zijn niet opgenomen in de waardemeting en behoren niet direct tot de gemeentelijke collectie van kunst in de openbare ruimte. De Stolpersteine zijn wel in bijlage 1 omtrent werkprocessen opgenoemd omdat de gemeente het zorgvuldig beheer van deze gedenktekens belangrijk vindt.