CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Vormvrije mer-beoordeling Harderwijkweg 2-4

Raadsvergadering 11 december 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Harderwijkweg 2-4 , ontwerp omgevingsvergunning6.343 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview Harderwijkweg 2-4, Gouda

projectnummer 465666.100 definitief revisie 01 6 oktober 2023

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.rbeoordeling Plan Parkview Harderwijkweg 2-4, Gouda projectnummer 465666.100 definitief revisie 01 6 oktober 2023

Opdrachtgever Gouda Harderwijkweg B.V. Arnhemse Bovenweg 3708 AA Zeist

datum vrijgave 06-10-2023

beschrijving revisie 01 definitief

gecontroleerd S. Hammink

vrijgave R. van der Velde

Inhoudsopgave

Blz.

1

Inleiding

1

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding Waarom een m.e.r-beoordeling? Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r-beoordeling? Leeswijzer en bronnen

1 1 2 3

2

Plaats en kenmerken van de activiteit

5

2.1 2.2 2.3

Plaats Beschrijving van de activiteit Energie en emissie

5 6 7

3

Kenmerken van het potentiële effect

9

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11 3.12 3.13

Bodem Archeologie Landschap en cultuurhistorie Water Lucht Licht Verkeer en transport Geluid Natuur Gezondheid Geurhinder Externe veiligheid Effectkenmerken

9 9 10 11 11 13 13 14 15 17 17 17 18

4

Conclusie

19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Aan de Harderwijkweg 2-4 te Gouda is initiatiefnemer voornemens het plan Parkview te realiseren. Het plan omvat 117 appartementen in twee woongebouwen met een parkeerkelder te realiseren. Om het initiatief mogelijk te maken wordt een buitenplanse omgevingsvergunning aangevraagd. In figuur 1.1 is de ligging van het plangebied weergegeven.

Figuur 1.1: Globale ligging plangebied

1.2

Waarom een m.e.r-beoordeling? Volgens het Besluit milieueffectrapportage dient voor activiteiten van onderdeel D te worden bepaald, of er ten gevolge van de voorgenomen activiteit sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Afhankelijk van waarschijnlijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu is een milieueffectrapportage (m.e.r., de procedure) al dan niet nodig en dient er wel of geen MER (milieueffectrapport, het document) te worden opgesteld. Dit is ter beoordeling aan het bevoegd gezag. In relatie met voorliggende ontwikkeling is categorie D 11.2 uit het Besluit milieueffectrapportage van belang: “De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsplan met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen”. Er is hier sprake van vormvrije m.e.r.-beoordeling, omdat de drempelwaarden van deze categorie D 11.2 uit het Besluit milieueffectrapportage niet worden overschreden. De voorgenomen wijziging heeft namelijk geen betrekking op: 1° een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2° een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of 3° een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. De op te stellen aanmeldingsnotitie ten behoeve van de m.e.r.-beoordeling gaat in op de mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu.

Met deze informatie kan het bevoegd gezag bepalen of er al dan niet een MER dient te worden opgesteld.

Blad 1 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

1.3

Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r-beoordeling? Wet milieubeheer en m.e.r.-beoordeling Volgens artikel 7.16 Wet milieubeheer deelt de initiatiefnemer het voornemen mee aan het bevoegd gezag. Bij deze mededeling dient in ieder geval de volgende informatie te worden verstrekt: a. een beschrijving van de activiteit met in het bijzonder: 1) een beschrijving van de fysieke kenmerken van de gehele activiteit en voor zover relevant van sloopwerken; 2) een beschrijving van de locatie van de activiteit, met bijzondere aandacht voor de kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de activiteit van invloed kan zijn; b. een beschrijving van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben; c. een beschrijving, voor zover er informatie over deze gevolgen beschikbaar is, van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben ten gevolge van: 1) indien van toepassing, de verwachte residuen en emissies en de productie van afvalstoffen; 2) het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, met name bodem, land, water en biodiversiteit. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met de relevante criteria van bijlage III bij de m.e.r.-richtlijn en, voor zover relevant, met de beschikbare resultaten van andere relevante beoordelingen van gevolgen voor het milieu.

Voorts kan bij de mededeling een beschrijving worden verstrekt van de kenmerken van de voorgenomen activiteit en van de geplande maatregelen om waarschijnlijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te vermijden of te voorkomen. Op grond van de mededeling (het voorliggende document) neemt het bevoegd gezag uiterlijk zes weken na ontvangst een beslissing omtrent de vraag, of er bij de voorbereiding van het betrokken besluit voor de activiteit vanwege de belangrijke nadelige gevolgen die zij voor het milieu kan hebben een milieueffectrapport moet worden gemaakt (artikel 7.17 Wet milieubeheer). Het bevoegd gezag houdt bij zijn beslissing rekening met de in bijlage III bij de EU Richtlijn MER aangegeven criteria. Criteria EU Richtlijn Op grond van de EU Richtlijn MER bijlage III (genoemd in de Wet milieubeheer, artikel 7.16) moet worden getoetst op een aantal criteria. In de voorliggende notitie vindt deze toetsing plaats. 1. Kenmerken van de planen Bij de kenmerken van de planen moet in het bijzonder in overweging worden genomen: a) de omvang en het ontwerp van het gehele plan; b) de cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde planen; c) het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, met name land, bodem, water en biodiversiteit; d) de productie van afvalstoffen; e) verontreiniging en hinder;

Blad 2 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

f)

g)

het risico van zware ongevallen en/of rampen die relevant zijn voor het plan in kwestie, waaronder rampen die worden veroorzaakt door klimaatverandering, in overeenstemming met wetenschappelijke kennis; de risico's voor de menselijke gezondheid (bijvoorbeeld als gevolg van waterverontreiniging of luchtvervuiling).

2. Plaats van de planen De kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de planen van invloed kunnen zijn, moet in aanmerking worden genomen, en met name: a) het bestaande en goedgekeurde landgebruik; b) de relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) in het gebied en de ondergrond ervan; c) het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: i. wetlands, oeverformaties, riviermondingen; ii. kustgebieden en het mariene milieu; iii. berg- en bosgebieden; iv. natuurreservaten en -parken; v. gebieden die in de nationale wetgeving zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; Natura 2000-gebieden die door de lidstaten zijn aangewezen krachtens Richtlijn 92/43/EEG en Richtlijn 2009/147/EG; vi. gebieden waar de milieukwaliteitsnormen, in de wetgeving van de Unie vastgesteld en relevant voor het plan, al niet worden nagekomen of worden beschouwd als niet-nagekomen; vii. gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid; viii. landschappen en plaatsen van historisch, cultureel of archeologisch belang. 3.

Soort en kenmerken van het potentiële effect De waarschijnlijk aanzienlijke milieueffecten van planen moeten, in samenhang met de onder punten 1 en 2 van deze bijlage hierboven uiteengezette criteria, in aanmerking worden genomen, met aandacht voor het effect van het plan op de in artikel 3, lid 1, uiteengezette factoren, met inachtneming van: a) de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten (bijvoorbeeld geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden); b) de aard van het effect; c) het grensoverschrijdend karakter van het effect; d) de intensiteit en de complexiteit van het effect; e) de waarschijnlijkheid van het effect; f) de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; g) de cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde planen; h) de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.

1.4

Leeswijzer en bronnen Het vervolg van het rapport is als volgt opgebouwd: • hoofdstuk 2: de plaats van de activiteit en de kenmerken van de activiteit (aard en omvang, de wijze van aanleg); • hoofdstuk 3: de kenmerken van het potentiële effect van de activiteit;

Blad 3 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

•

hoofdstuk 4: conclusie.

Voor de planinformatie zijn reeds uitgevoerde onderzoeken en de aangeleverde stukken geraadpleegd. De betreffende onderzoeken zijn als losse bijlagen bij de aanvraag omgevingsvergunning gevoegd.

Blad 4 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

2

Plaats en kenmerken van de activiteit

2.1

Plaats Het plangebied is circa 5.800 m2 groot en ligt aan de Harderwijkweg 2-4 op het bedrijventerrein Goudse Poort. Het perceel staat kadastraal bekend als gemeente Gouda, sectie M, nummers 3138 en 3186. De ligging van het plangebied (rode ster en rode omlijning) ten opzichte van de directe omgeving en de stad Gouda is indicatief weergegeven in afbeelding 1.1. De begrenzing is met de rode contour weergegeven. Het perceel ligt grotendeels op gronden van het bestemmingsplan ‘Goudse Poort’, dat op 15 april 2014 door de gemeenteraad is vastgesteld. Aan de zuidoostkant ligt het projectgebied binnen het bestemmingsplan Bloemendaal. Tevens ligt het projectgebied binnen de grenzen van de bestemmingsplannen ‘parapluherziening Parkeren’ en ‘parapluplan Wonen’. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de geldende bestemmingsplannen opgenomen.

Afbeelding 2.1: Uitsnede verbeelding bestemmingsplannen ‘Goudse Poort’ en Bloemendaal (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl) Het plangebied bevindt zich in een gemengde omgeving (zie figuur 2.1). Het gebied wordt ontsloten via de Harderwijkweg die aansluit op de Burgemeester Van Reenensingel. Ten oosten van het projectgebied ligt het Groenhovenpark. Aan de noordkant bevinden zich een kantoorgebouw (Harderwijkweg 3-7) en de voetbalvelden van Sportvereniging Gouda. Aan de westkant liggen sinds 2017 twee restaurants, te weten De Beren en KFC. De drie bestaande kantoorgebouwen zijn hierdoor nog losser komen te staan van de andere delen van de Goudse Poort. Er is geen fysieke verbinding tussen het projectgebied en het Groenhovenpark.

Blad 5 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

2.2

Beschrijving van de activiteit De toekomstige ontwikkeling van het plangebied bestaat uit de realisatie van twee appartementengebouwen met in totaal 117 appartementen met een parkeerkelder met . Het zuidelijke woongebouw is 40 meter hoog, het noordelijke gebouw 21,8 meter. De parkeerkelder omvat 117 parkeerplaatsen. Op maaivelniveau zijn 5 parkeerplaatsen voor deelauto’s.

Afbeelding 2.1 Stedenbouwkundig ontwerp

De twee hoofdgebouwen staan in het groen gepositioneerd en sluiten aan bij de kwaliteiten van Groenhovenpark. Door een groene inrichting rondom de bebouwing wordt er een groene verbinding gemaakt met het park en wordt de kwaliteit van het park de deellocatie ingetrokken hetgeen leidt tot een aantrekkelijk woonklimaat. Een groot deel van de woningen hebben uitzicht op het park, wat bijdraagt aan de sociale veiligheid in het Groenhovenpark.

Blad 6 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

Het plan voorziet in het volgende woningbouwprogramma.

Afbeelding 2.2:Woningbouwprogramma Hieronder is een impressie van het plan weergegevem.

Afbeelding 22.3: Impressie stedenbouwkunidg plan

2.3

Rijkdom aan en kwaliteit en regeneratie-vermogen natuurlijke hulpbronnen van het gebied De locatie heeft geen bijzondere rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen. De locatie ligt niet binnen grondwaterbeschermingsgebied.

2.4

Energie en emissie Het actuele gebruik van het plangebied verandert na afronding van de activiteiten; er worden woningen gerealiseerd. De energie en emissie van voorgenomen ontwikkeling worden bij de effectbeschrijving beschouwd. Voor de mogelijke aanleg- en bouwwerkzaamheden worden diverse mobiele werktuigen en transportmiddelen (zoals vrachtwagens) gebruikt. De energie

Blad 7 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

daarvoor wordt geleverd door dieselolie en soms ook door elektriciteit uit het net. Het actuele gebruik van het plangebied verandert na afronding van de activiteiten. In het kader van de werkzaamheden is geen sprake van specifieke risico’s voor zware ongevallen of rampen in en in de omgeving van het plangebied. Door de aanlegwerkzaamheden is, conform regelgeving, sprake van emissies ten aanzien van water, geluid, licht, stikstof en lucht. Bij de effectbeschrijving in hoofdstuk 3 wordt hierop nader ingegaan.

2.5

Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen Voor de realisatie van het project worden reguliere natuurlijke hulpbronnen gebruikt als bouwmateriaal, zoals beton, hout, staal en grond. Een andere locatie zal niet leiden tot minder gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Bij de beoogde ontwikkeling is geen sprake van productieprocessen.

2.6

Het opname vermogen van het natuurlijke milieu Natuur In de nabijheid van het plangebied zijn geen Natura 2000-gebieden en NNN aanwezig. Aantasting van Natura 2000-gebied en NNN-gebied is uitgesloten. Er zouden effecten kunnen optreden vanwege stikstofdepositie in zowel de aanleg als de gebruiksfase. Mogelijk kunnen bij de voorgenomen ontwikkeling ook beschermde diersoorten in het geding komen. Op beide onderwerpen wordt in hoofdstuk 3. Kenmerken van het potentiële effect’ ingegaan. Landschappelijke en cultuurhistorische waarden Het plangebied en de nabije omgeving worden gekenmerkt door een stedelijke omgeving. Het plangebied heeft geen bijzondere landschappelijke of cultuurhistorische waarden. Archeologie Het plangebied is gelegen in een veenontginningsgebied, en ligt aan de voormalige Winterdijk. Deze dijk is al uit historische bronnen bekend, en het is mogelijk dat er van de dijk of bewoning daarlangs nog resten in de bodem aanwezig zijn. Er kunnen archeologische resten worden verwacht uit de late middeleeuwen of nieuwe tijd. Vóór die tijd was het gebied te nat voor bewoning; voor eerdere perioden geldt er dan ook geen verwachting. Mogelijk heeft de ontwikkeling gevolgen voor archeologische waarden. Hier wordt nader op ingegaan onder ‘3. Kenmerken van het potentiële effect’. Overige waardevolle of kwetsbare gebieden liggen niet in of in de nabijheid van het plangebied.

2.7

Cumulatie met andere projecten Er zijn geen andere plannen of ontwikkelingen in de omgeving bekend die je moet cumuleren.

Blad 8 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

3

Kenmerken van het potentiële effect De voorgenomen ontwikkeling heeft mogelijk invloed op het milieu. In dit hoofdstuk zijn de mogelijke milieueffecten van de voorgenomen ontwikkeling beschreven. Voor de planinformatie zijn reeds uitgevoerde onderzoeken en de aangeleverde stukken geraadpleegd. Deze onderzoeken zijn als losse bijlagen bij de aanvraag omgevingsvergunning gevoegd. Waar nodig is de informatie aangevuld.

3.1

Bodem Een verontreinigde bodem kan zorgen voor gezondheidsproblemen en tast de kwaliteit van het natuurlijk leefmilieu aan. In november en december 2022 is een verkennend en nader bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Harderwijkweg 2-4 te Gouda. In het uitgevoerde bodemonderzoek is overeenkomstig de NEN 5740 en de NTA de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie vastgesteld. Het asbestonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5707 en de NEN 5897. De onderzoeksresultaten geven vanuit de Wet bodembescherming geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat de gemeten concentraties kleiner zijn dan de betreffende interventiewaarde. Conclusie De ontwikkeling betreft geen bodembedreigende activiteit. De woonfunctie brengt geen relevante risico’s op bodemverontreiniging met zich mee. Significante effecten op de omgeving voor wat betreft bodem kunnen daarmee worden uitgesloten. Nader bodemonderzoek is niet nodig. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd, dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema bodem. Wel moet er aandacht besteed worden aan de gehalten PFAS in de grond. Deze overschrijden de maximale toepassingswaarden. Het bevoegd gezag bepaald uiteindelijk of afvoer van grond noodzakelijk is of dat hergebruik van grond mogelijk is.

3.2

Archeologie De bescherming van archeologisch erfgoed is in Nederland wettelijk verankerd in de Wet op de archeologische monumentenzorg 2007, welke een onderdeel vormt van de Monumentenwet. Het plangebied ligt volgens het bestemmingsplan in archeologisch waardevol gebied. Het plangebied heeft namelijk volgens het vigerende bestemmingsplan de dubbelbestemmingen ‘Waarde – Archeologie’. Derhalve is een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het onderzoek adviseert de onderzoekslocatie vrij te geven van nader archeologisch onderzoek. Het bevoegd gezag, i.c. de gemeente heeft 6 december 2022 aangegeven het selectieadvies over te nemen. Er is derhalve geen nader onderzoek nodig. Conclusie Effecten als gevolg van de bouw van de nieuwe woningen hebben voor wat betreft archeologie geen plangrensoverschrijdend karakter. De archeologische waarden zijn onderzocht en de locatie is archeologisch vrijgegeven. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema archeologie.

Blad 9 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

3.3

Landschap en cultuurhistorie In de gemeentelijke Nota Cultuurhistorie is het beleid vastgelegd, dat voor locaties waar zich nieuwe ontwikkelingen voordoen en een ontwikkelaar zich voorbereidt op een nieuw plan, een cultuurhistorische analyse (CHA) wordt opgesteld. De gebieden waar dit van toepassing is, zijn vastgelegd op de kaart 'Cultuurhistorische Analyse' (de zogenaamde "gele vlekkenkaart", afbeelding 3.1). Het plangebied ligt niet op gronden die met geel zijn aangegeven op deze kaart. Een Cultuurhistorische Analyse is derhalve niet nodig.

Afbeelding 3.1: Gele-vlekkenkaart, plangebied met rode contour aangegeven

Waardevolle gebieden en structuren De Nota Cultuurhistorie en de Provinciale Hoofdstructuur (CHS) geven voor het plangebied geen waardevolle gebieden en structuren aan. Rijksmonumenten In het plangebied bevinden zich geen rijksmonumenten. Gemeentelijke monumenten De Verordening inzake Monumenten en Archeologie maakt het onder meer mogelijk gemeentelijke monumenten aan te wijzen. In het plangebied bevinden zich geen gemeentelijke monumenten. Jongere bouwkunst en stedenbouw (1850-1940) Voor de periode 1850-1940 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van objecten, complexen, ensembles en structuren. De resultaten daarvan zijn verdeeld over drie categorieën. • A-categorie: toppers uit de periode Jongere bouwkunst en stedenbouw (1850-1940) zullen worden voorgedragen als 'gemeentelijk monument'. • B-categorie: zaken waarvan de waarden betrekking hebben op de uiterlijke verschijningsvorm, omdat deze bepalend is in het stedenbouwkundig of architectonisch beeld. Hier geldt dus geen inwendige bescherming. Bedoeld is om ingrepen die de verschijningsvorm kunnen aantasten zorgvuldig te toetsen. Centraal staan bouwcontouren, aan-/uitbouwen, kapvormen, dakkapellen, erkers, kozijnen, materiaalgebruik, etc. Zaken uit

Blad 10 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

•

de B-categorie kunnen worden voorgedragen als 'gemeentelijk monument van jongere bouwkunst' of 'beeldbepalend pand'. C-categorie: zaken die waardevol zijn in samenhang met de omgeving.

Het plangebied is niet aangewezen als behorend bij één van deze categorieën. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende de thema’s landschap en cultuurhistorie.

3.4

Water Voor het plan is de watertoets doorlopen en wordt de normale procedure gevolgd. De totale omvang van verhard oppervlak in het plangebied neemt met de beoogde ontwikkeling af. Wat dit aspect betreft is sprake van een verbetering van de waterhuishoudkundige situatie, omdat hemelwater hierdoor beter kan infiltreren in de bodem. De waterstructuur wijzigt als gevolg van de voorgenomen plannen niet. Wel wordt de oeverlijn van het oppervlaktewater gewijzigd. De inham tussen de twee gebouwen verdwijnt en de oever wordt rechtdoor getrokken. Hierdoor blijft geen dode hoek over waar drijfvuil in kan blijven hangen. De watergang blijft hierdoor ook eenvoudiger te onderhouden. Het totale oppervlak aan oppervlaktewater blijft gelijk. De status van de watergangen wordt ook niet gewijzigd. Met betrekking tot riolering worden geen belemmeringen voorzien. Door de afname aan verhard oppervlak en de toepassing van groene daken neemt de hittestress af. Door de toepassing van meer groen en de aanwezigheid van het oppervlaktewater is er geen risico op het optreden van hittestress. Conclusie Er kan worden geconcludeerd, dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema water.

3.5

Lucht Aanleg Het in te zetten materieel bij de ontwikkeling heeft een tijdelijke emissie naar de lucht. Daarnaast kan bij droge grond door verstuiving enige emissie van stof plaatsvinden. Gezien het feit dat de werkzaamheden plaatsvinden in een beperkt gebied en het tijdelijke karakter van de aanlegwerkzaamheden (en daarmee de emissies), worden de effecten op de luchtkwaliteit niet relevant (verwaarloosbaar) geacht. Gebruik Het initiatief beoogt de bouw van 117 woningen. Uit het luchtkwaliteitsonderzoek (NIBM-tool) dat in het kader van het bestemmingsplan uitgevoerd is, blijkt dat de ontwikkeling niet in betekenende mate bij draagt aan de luchtkwaliteit. Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat.

Blad 11 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

Tabel 3.1: Rekenresultaten NIBM-tool

Voor wat betreft het woon- en leefklimaat in het plangebied vanwege luchtkwaliteit is het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) geraadpleegd (www.cimlk.nl/kaart). Hieronder zijn de waarden op de maatgevende rekenpunten van de Burgemeester van Reenensingel en de Goudse Poort met betrekking tot luchtkwaliteit weergegeven en gerelateerd aan de wettelijke grenswaarden. De waarden zijn in 2021 en 2030 ruim lager dan de grenswaarden. Tabel 3.2: Waarden 2021 en 2030 volgens CIMLK grenswaarde waarde 2021 waarde 2030 Burgemeester van Reenensingel (rekenpunt x: 106853 y: 448428 en x: 106855 y: 448429) NO2-concentratie < 35 μg/m3 20,1 16,7 PM2,5-concentratie <20 μg/m3 9,4 7,6 PM10-concentratie <40 μg/m3 17,4 15,5 PM10 overschrijdingsdagen <35 dagen 6,11 6,0 Goudse Poort (rekenpunt x: 106729 y: 448505 en x: 106729 y: 448503) NO2-concentratie < 35 μg/m3 23,9 18,7 PM2,5-concentratie <20 μg/m3 9,6 7,7 PM10-concentratie <40 μg/m3 17,8 16,0 PM10 overschrijdingsdagen <35 dagen 6,2 6,0 De ontwikkeling draagt niet in betekenende mate bij aan de concentratie van verontreinigende stoffen in de buitenlucht. De realisatie van het plan wordt conform Titel 5.2 van de Wet milieubeheer luchtkwaliteitseisen) toelaatbaar geacht. Er is bovendien sprake van een goed woon- en leefklimaat. Het aspect luchtkwaliteit vormt hiermee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.

De Wereldgezondheidsorganisatie (of WHO) adviseert overige strengere normen dan de Europese Unie. De maximale normen voor fijnstof volgens de Wereldgezondheidsorganisatie bedragen 20 µg/m³ voor PM10 en 10 µg/m³ voor PM2,5. Ook aan deze normen wordt ter plaatse van het plangebied voldaan. Conclusie Op basis van bovenstaande gegevens kan worden geconcludeerd dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema lucht.

Blad 12 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

3.6

Licht Kunstmatige verlichting kan hinder geven. De hinder hangt af van de aard, intensiteit, duur en plaats van de verlichting, maar ook door de kans op blootstelling. Dit is afhankelijk van de omgeving en aan de leefwijze van mens en dier. Er zijn drie soorten effecten van kunstmatige verlichting te onderscheiden, namelijk hinder voor de mens, hinder/verstoring voor de natuur en horizonvervuiling. Aanleg Uitgangspunt is dat de aanlegwerkzaamheden overdag plaatsvinden. Alleen bij bijzondere omstandigheden kan het noodzakelijk zijn om ook ’s avonds of ’s nachts te werken. Het gaat hierbij om een kans op tijdelijke lichthinder veroorzaakt door het in te zetten materieel bij de ontwikkeling. Voor wat betreft tijdelijke lichthinder tijdens de aanlegfase geldt voor het aspect natuur, dat het schijnsel van bouwlampen kan leiden tot verstoring van het mogelijke aangrenzend foerageergebied en vliegroute van vleermuizen. De aangrenzende foerageergebied en vliegroute moet ten alle tijden de functie kunnen vervullen. Wanneer aan de volgende randvoorwaarden wordt voldaan zijn geen negatieve effecten op deze potentiële foerageergebied en vliegroute voor vleermuizen te verwachten.

• de werkzaamheden worden tussen zonsopkomst en zonsondergang uitgevoerd; • Indien werkzaamheden tussen zonsondergang en zonsopkomst worden uitgevoerd wordt geen kunstmatige verlichting worden toegepast die op het aangrenzende gebied schijnt. Eventuele lichthinder vanwege tijdelijke verplichting bij de aanlegfase op mens, landschap en natuur is met de genoemde maatregelen niet aan de orde, mede gezien de ligging van het plan in een stedelijke omgeving, waardoor de locatie van zichzelf al in redelijke mate verlicht is. Gebruik Het plangebied ligt op een bedrijventerrein. Dit gebied is van zichzelf in de nacht in zekere mate verlicht. Verwacht wordt daarom dat de ontwikkeling geen significante verschillen veroorzaakt in het kader van lichtemissie ten opzichte van de huidige situatie. Conclusie Op basis van bovenstaande gegevens kan worden geconcludeerd, dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema licht.

3.7

Verkeer en transport Aanleg De aanlegwerkzaamheden hebben geen gevolgen voor de overige infrastructuur in het gebied. Wel kan er tijdens de uitvoering mogelijk beperkt hinder ondervonden worden door een toename van verkeersintensiteiten in de nabijheid van het plangebied. Naar verwachting kan het bestaande wegennetwerk de tijdelijke toename van het aantal verkeersbewegingen in de aanlegfase goed verwerken. In het kader van de voorbereiding van de uitvoeringsactiviteiten zal in overleg met de wegbeheerders worden nagegaan of/welke specifieke verkeersmaatregelen nodig zijn (bijvoorbeeld in de vorm van bebording).

Blad 13 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

Gebruik In het kader van het bestemmingsplan is de verkeersaantrekkende werking en de verkeersafwikkeling vanwege de ontwikkeling onderzocht. Voor het bepalen van de impact van het Parkview-plan is de huidige verkeersgeneratie afgezet tegen de toekomstige verkeersgeneratie. De verkeersgeneratie van de huidige kantoorgebouwen kan worden verrekend met de nieuwe verkeersgeneratie, zodat de impact op het verkeer van de ontwikkeling inzichtelijk wordt. In totaal zal het plan een verkeersgeneratie hebben van 635 mvt/etm. Dit zijn 179 mvt/etm meer ten opzichte van de huidige situatie. De Harderwijkweg is een erftoegangsweg met een capaciteit van circa 6.000 mvt/etm. De verkeersintensiteit op de Harderwijkweg is 940 mvt/etm (Verkeersmodel Gouda, toekomstjaar 2030). Een toename van 179 mvt/etm hierop zal dus niet leiden tot doorstromingsproblemen op de Harderwijkweg. De Burgemeester van Reenensingel is een stadsweg met ter hoogte van de Harderwijkweg 2x2 rijstroken. Deze weg heeft een capaciteit van circa 20.000 mvt/etm. De verkeersintensiteit op de Burgemeester van Reenensingel is circa 18.000 mvt/etm (Verkeersmodel Gouda, toekomstjaar 2030). Een toename van 179 mvt/etm hierop is marginaal en zal niet leiden tot doorstromingsproblemen op de Harderwijkweg.

Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema verkeer en transport.

3.8

Geluid Aanleg Voor de aanleg van de 117 woningen en parkeerkelder vindt een aantal werkzaamheden plaats. De werkzaamheden vinden overdag plaats. Deze werkzaamheden en het hierbij in te zetten materieel veroorzaken een bepaalde geluidsbelasting op de omgeving. De effecten vanwege de geluidshinder treden alleen op tijdens de aanleg. Voor dergelijke activiteiten is veelal de APV (Algemene Plaatselijke Verordening) van toepassing. Gezien de tijdelijk aard en beperkte omvang van de werkzaamheden wordt geen hinder verwacht of zullen specifieke afschermende maatregelen de hinder zo veel mogelijk beperken. In de directe omgeving van het plan liggen bovendien geen geluidgevoelige objecten, zoals woningen. Gebruik Wegverkeers- en spoorweglawaai kan de leefkwaliteit van een gebied sterk beïnvloeden. Mensen die veelvuldig worden blootgesteld aan een hoog niveau van wegverkeers- en/of spoorweglawaai kunnen hier lichamelijke en psychische klachten door oplopen. Het plan leidt in beperkte mate tot extra bestemmingsverkeer ten opzichte van de huidige invulling van het gebied. In de directe omgeving liggen geen geluidgevoelige objecten. Het voornemen heeft met betrekking tot geluid geen negatief effect op de geluidgevoelige bestemmingen en objecten in de omgeving. Er is onderzoek gedaan naar de effecten van geluid vanwege weg- en spoorverkeer op het plan. Uit het onderzoek blijkt het volgende.

• De geluidbelasting vanwege de Burgemeester van Reenensingel bedraagt hoogstens 59 dB Lden (incl. aftrek ex art. 110g Wgh).

Blad 14 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

• • •

De geluidbelasting vanwege de Goudse Poort en A12 bedragen respectievelijk hoogstens 52 en 51 dB Lden (incl. aftrek). De geluidbelasting van de overige wegen (Antwerpseweg, Rijsselseweg en de 30 km/uur weg Harderwijkweg) is niet hoger dan de voorkeurswaarde van 48 dB. De geluidbelasting vanwege het spoor bedraagt hoogstens 59 dB Lden. Dit is hoger dan de voorkeurswaarde van 55 dB.

Voor deze woningen wordt een hogere waarde vastgesteld. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema geluid.

3.9

Trillingen De toekomstige invulling van het plangebied veroorzaakt naar verwachting geen trillingen die kunnen leiden tot schade of overlast in de omgeving. Mogelijk zou tijdens de realisatiefase wel hinder kunnen ontstaan, bijvoorbeeld wanneer damwanden of heipalen worden aangebracht. Door de tijdelijkheid van de realisatiefase wordt (blijvende) hinder ten gevolge van trillingen uitgesloten.

3.10

Natuur Bij ruimtelijke ingrepen dient rekening worden te gehouden met beschermde plant- en diersoorten en met beschermde gebieden. Er dient onderzocht te worden of de geplande ingrepen effect hebben op onder de Wet natuurbescherming beschermde soorten of beschermde gebieden. Ontwikkelingen mogen niet zonder meer plaatsvinden indien deze negatieve gevolgen hebben op beschermde natuurgebieden en/of flora en fauna. Naar aanleiding van het bestemmingsplan is er een ecologisch onderzoek uitgevoerd. Beschermde gebieden Natura 2000-gebieden liggen op een afstand groter dan 4,5 kilometer, waardoor de meeste verstoringseffecten zijn uit te sluiten. Enkel kan een effect ontstaan als gevolg van stikstofdepositie (stikstof via de lucht reikt verder dan alle andere storingsfactoren). Het gaat hier bij om depositie door stikstofuitstoot tijdens de werkzaamheden, om verkeer en eventuele andere uitstoot in de toekomstige situatie. Om deze effecten te kunnen bepalen is een AERIUSberekening uitgevoerd. De resultaten zijn hieronder weergegeven. AERIUS berekening In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is stikstofonderzoek gedaan. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is voor de gebruiksfase en de aanlegfase een berekening uitgevoerd. De berekende stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied is nergens hoger dan 0,00 mol/ha/jaar.

Geconcludeerd kan worden dat er geen significante (negatieve) gevolgen zijn voor de beschermde habitats in de Natura 2000-gebieden. De Wet natuurbescherming staat verdere besluitvorming niet in de weg. Er bevindt zich geen NNN binnen het plangebied of binnen de invloedssfeer van het plan; het dichtstbijzijnde NNN-gebied is op circa 1000 meter ten noorden van het plangebied gelegen. Er is van directe en indirecte aantasting van de NNN dan ook geen sprake. Vanuit dit oogpunt zijn er

Blad 15 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

voor NNN geen belemmeringen Het plangebied is niet gelegen in provinciaal belangrijk weidevogelgebied. Ook zijn in het plangebied geen karakteristieke landschapselementen aanwezig. Er zijn dan ook geen belemmeringen met betrekking tot de provinciaal beschermde gebieden. Beschermde soorten Naar aanleiding van een eerste natuurtoets is nader onderzoek uitgevoerd. De resultaten zijn hieronder beschreven. Jaarrond beschermde nesten Bij het nader onderzoek zijn de aanwezige horsten beschouwd. Tijdens de veldbezoeken is geconcludeerd dat twee van de nesten in gebruik zijn door een zwarte kraai en een ekster en dat de overige horsten in verval zijn geraakt. De nesten van de zwarte kraai en ekster zijn niet jaarrond beschermd. Om deze reden zijn er geen vervolgstappen noodzakelijk. Wel moet er rekening gehouden worden met de zorgplicht. Om negatieve effecten op het eksternest te voorkomen, dient er buiten het broedseizoen (circa maart tot en met juli ) gewerkt te worden. Vleermuizen In het plangebied zijn de gewone dwergvleermuis en laatvlieger waargenomen. De laatvlieger is enkel foeragerend en passerend waargenomen. Op één plek in het gebouw is een zomer- en paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis geconstateerd. Deze verblijfplaats wordt als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden vernietigd.

Voor deze werkzaamheden is daarom in het kader van de sloop een ontheffing Wet natuurbescherming benodigd. Hierbij worden de benodigde mitigerende en compenserende maatregelen genomen die volgen uit de ontheffing. Buiten de grenzen van het plangebied is een foerageergebied en een vliegroute aanwezig, in het aanliggende bosschage. Om negatieve effecten te voorkomen zullen de werkzaamheden worden uitgevoerd tussen zonsopkomst en zonsondergang uitgevoerd. Indien werkzaamheden tussen zonsondergang en zonsopkomst worden uitgevoerd zal geen kunstmatige verlichting worden toegepast die op het aangrenzende gebied schijnt. De ontheffing Wet natuurbescherming is aangevraagd, voordat de aanvraag omgevingsvergunning is ingediend. Beide aanvragen doorlopen derhalve een zelfstandige procedure. Bescherming van houtopstanden Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom. De bescherming van houtopstanden van de Wet natuurbescherming is niet van toepassing. Zorgplicht In de Wet natuurbescherming is een zorgplicht opgenomen. De zorgplicht houdt in dat planten en dieren niet onnodig vernield/gedood of verstoord mogen worden. De initiatiefnemer/ uitvoerder is verantwoordelijk voor een adequate naleving van de algemene zorgplicht tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema natuur.

Blad 16 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

3.11

Gezondheid Mede op basis van de beoordeling ten aanzien van water, lucht, licht en geluid is er geen sprake van specifieke risico’s door het plan voor de volksgezondheid of voor bijvoorbeeld waterverontreiniging of luchtvervuiling.

3.12

Geurhinder Met de realisatie van woningen en de parkeerkelder wordt geen geuroverlast voorzien. De omgeving zal met betrekking tot het aspect geur geen hinder ervaren met de doorgang van het plan. Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat bij het voorgenomen plan geen sprake is van waarschijnlijk belangrijke nadelige milieueffecten betreffende het thema geurhinder.

3.13

Externe veiligheid Externe veiligheid heeft betrekking op de gevaren die mensen lopen als gevolg van aanwezigheid in de directe omgeving van een ongeval waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken. Het plan voorziet niet in de realisatie van risicovolle bronnen volgens de Besluiten inrichtingen, transport en buisleidingen externe veiligheid. Nader onderzoek naar externe veiligheid is niet noodzakelijk. Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat bij het voorgenomen plan geen sprake is van waarschijnlijk belangrijke nadelige milieueffecten betreffende het thema externe veiligheid.

3.14

Provinciale milieubelangen Provincie Zuid-Holland benoemt in haar Omgevingsbeleid vier provinciale milieubelangen. 1. Bescherming van stiltegebieden: De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een stiltegebied. 2. Windenergie stimuleren: De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een plaatsingsgebied voor windmolens. 3. Beschermen bedrijventerreinen voor Hogere Milieu Categorie-bedrijven: De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een HMC-bedrijventerrein. Afname van HMC-locaties is derhalve niet aan de orde. 4. Beschermen van grote groepen mensen: De voorgenomen ontwikkeling is gelegen in twee invloedsgebieden groepsrisico van een EV relevante risicobronnen, maar de ontwikkeling van het plan wordt uit oogpunt van externe veiligheid verantwoord geacht. Hieruit volgt dat de voorgenomen ontwikkeling niet in strijd is met de provinciale milieubelangen

Blad 17 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

3.15

Effectkenmerken Orde van grootte en het ruimtelijk bereik van het effect (geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden). • Orde van grootte van het effect: zie paragraaf 3.1 t/m 3.14. In alle gevallen zullen potentiële effecten lokaal optreden, in of direct aangrenzend aan het plangebied. Er zijn geen directe omwonenden. • Bereik van het effect: lokaal tot zeer lokaal. • Getroffen bevolking: niet van toepassing, belangrijke nadelige effecten worden niet voorzien. Aard van het effect • Aard van de effecten: zie paragraaf 3.1 t/m 3.14. Grensoverschrijdende karakter van het effect • Er is geen sprake van een grensoverschrijdend effect. Intensiteit en de complexiteit van het effect • De effecten zijn beperkt qua intensiteit en complexiteit (geen vervolgeffecten of indirecte effecten verwacht). Waarschijnlijkheid van het effect • (Beperkte) emissies geluid, lucht en licht zijn zeker. • Waarschijnlijkheid van effecten door calamiteiten is zeer gering. Verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect • Verwachte aanvang: start circa 2025 • Duur en periode indicatief: herinrichting en gebruik van het gebied is voor onbepaalde tijd. • Frequentie: deze beoordeling betreft de aanleg/inrichting én het gebruik van het gebied. • Er is geen sprake van onomkeerbare effecten.

Cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde planen Er zijn geen andere plannen of ontwikkelingen in de omgeving bekend die zouden kunnen leiden tot cumulatieve effecten, door bijvoorbeeld een toename van het verkeer. Omdat de verwachte effecten beperkt van omvang zijn, zal ook voor andere aspecten de cumulatie met effecten van andere ontwikkelingen niet tot aanmerkelijke effecten leiden. Mogelijkheid om de effecten doeltreffende te verminderen Per onderdeel worden de effecten van het plan zo summier mogelijk gehouden. Er hoeven geen maatregelen genomen voor de mitigatie van (mogelijke) effecten.

Blad 18 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Plan Parkview projectnummer 465666.100 6 oktober 2023 revisie 01 Gouda Harderwijkweg B.V.

4

Conclusie Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat er geen sprake is van waarschijnlijk belangrijke gevolgen voor het milieu zoals bedoeld in artikel 7.16 en 7.17 Wet milieubeheer en is het maken van een milieueffectrapport voor de besluitvorming over het plan niet nodig. Deze beoordeling ligt formeel bij het bevoegd gezag.

Blad 19 van 19

Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.

Contactgegevens Beneluxweg 125 4904 SJ OOSTERHOUT Postbus 40 4900 AA OOSTERHOUT T. 06 - 22 99 03 12 E. stephan.hammink@anteagroup.nl

www.anteagroup.nl

Copyright © 2018 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=9310bb23-6d1d-4ca7-a536-2a1c1549d73a