220201 raadsvoorstel wensen en bedenkingen VRHM st risicobeheer.docx
Tekst van het document
Raadsvoorstel afdeling Veiligheid en wijken
steller
gouda
A.A.H. Verkerke
1 februari 2022
dossiernummer
telefoon
5928
06 - 433 8 5040
onderwerp
wensen en bedenkingen inzake voornemen VRHM tot oprichten van en deelname aan stichting risicobeheer veiligheidsregio’s
Gevraagd besluit Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad van de gemeente Gouda voor te besluiten tot: 1.
Het geven van de volgende wensen en bedenkingen inzake het voornemen van het algemeen bestuur van de VRHM tot het oprichten van en deelname aan stichting risicobeheer veiligheidsregio’s: “Uit de toelichting op het voorstel tot oprichting van en deelname aan de stichting risicobeheer blijkt de grote inhoudelijke en organisatorische samenhang tussen de stichting risicobeheer en de stichting waarborgfonds. Het voorstel tot het oprichten van en deelname aan het waarborgfonds is echter nu nog niet beschikbaar. Dat voorstel wordt in de eerste helft van 2022 verwacht. Op dat moment wordt inzichtelijk wat de consequenties van de oprichting van beide stichtingen zijn voor de VRHM en haar deelnemende gemeenten en kan een goed afgewogen en samenhangend besluit worden genomen over alle aspecten ten aanzien van de oprichting van en deelname aan beide stichtingen. Om goede besluitvorming over beide stichtingen mogelijk te maken is het daarom wenselijk dat pas over deelname aan de stichting risicobeheer wordt besloten als het voorstel voor de stichting waarborgfonds beschikbaar is.”
Toelichting 1
Nadere uitleg op gevraagd besluit
Op 4 oktober jl. heeft het Veiligheidsberaad, het overlegorgaan van de 25 voorzitters veiligheidsregio, mede op advies van de Bestuurlijke Advies Commissie Brandweer, het principebesluit genomen tot het oprichten van een stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s, die veiligheidsregio’s adviseert op het thema risicobeheer rondom ongevallen en schade en voor de veiligheidsregio’s verzekeringen inkoopt. Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is bevoegd tot het oprichten van en deelname aan een stichting als de gemeenschappelijke regeling in deze mogelijkheid voorziet en dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit tot oprichting en deelname mag niet worden genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen over het ontwerpbesluit ter kennis van het algemeen bestuur van VRHM te brengen (artikel 31a, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen). De gemeenschappelijke regeling van VRHM voorziet in de mogelijkheid tot het oprichten van en deelname aan een privaatrechtelijke rechtspersoon. Hieronder wordt toegelicht waarom VRHM de
oprichting van deze stichting bijzonder aangewezen acht ter behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Aanleiding voor voorgenomen besluit tot oprichting van en deelname aan stichting risicobeheer De Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s (RCDV) is al enige tijd aan de slag met het thema ‘Goedwerkgeverschap na dienstongevallen’. Ten tijde van de regionalisering van de brandweer zijn de aanspraken bij ongevallen, zoals die golden bij de gemeentelijke en regionale brandweren via nieuwe verzekeringspolissen samengevoegd. Hierbij is veelal geen bewuste afweging gemaakt rondom aanspraken bij ongevallen. Als gevolg van een aantal interne en externe ontwikkelingen is een toenemend bewustzijn bij veiligheidsregio’s ontstaan over de aard en hoogte van aanspraken van medewerkers als gevolg van ongevallen tijdens het werk. Dit bewustzijn is de afgelopen jaren gegroeid door een toenemende onderlinge samenwerking van veiligheidsregio’s op dit vlak. In de loop der tijd bleek dat de dekking van de ongevallenverzekering niet in alle gevallen (meer) aansloot bij de verwachting die zowel de veiligheidsregio als ook de medewerker hadden. Veelal spitst zich dit toe op de vraag of aan alle elementen van ongevalsdefinitie is voldaan, terwijl de medewerker evident letsel heeft opgelopen tijdens zijn werk.
Daarnaast is sprake van een ‘verharding’ van de verzekeringsmarkt, hetgeen inhoudt dat het aantal aanbieders afneemt, premies stijgen en voorwaarden versoberd worden met als gevolg dat de verzekerbaarheid onder druk komt te staan. Dit alles heeft bijgedragen aan de gedachte dat verzekeren ‘slechts’ een van de mogelijke opties is om financiële risico’s als gevolg van schade bij ongevallen op te vangen. In feite is daarmee de stap gezet van ‘verzekeringsdenken naar risicodenken’ en van ‘verzekeringsdenken naar het denken in aanspraken’: niet de verzekering, maar de aanspraak dient leidend te zijn voor de medewerker. Daarnaast is gebleken dat de verzekeringsfunctie binnen de veiligheidsregio’s veelal kwetsbaar is ingevuld door ‘eenpitters’ met beperkte formatie en beperkte kennis en ervaring. Door onderling samen te werken en verbindingen te leggen met externe expertise in bestuurlijke context kan deze kwetsbaarheid worden verminderd. Om invulling te geven aan deze uitdagingen is de Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio (RCDV) het Project Risicomanagement & Verzekeringen gestart om via landelijke samenwerking, antwoord te vinden op bovenstaande ontwikkeling.
Kort gezegd is het de bedoeling om: - Landelijk te komen tot één set van aanspraken bij dienstongevallen - Het collectief inkopen van één ongevallenverzekering (voor verzekerbare aanspraken); - Een waarborgfonds op te richten om een oplossing te bieden voor (in ieder geval) de nietverzekerbare aanspraken; - Het oprichten van een (landelijk) expertisebureau dat kan adviseren en bemiddelen; -
Het aangaan van strategische samenwerkingsverbanden, w.o. met de VNG.
Argumenten voor het oprichten van de stichting risicobeheer 1. Met een gezamenlijk expertisebureau risicobeheer kunnen de veiligheidsregio’s collectief een ongevallenverzekering inkopen en schades afwikkelen. Op termijn kunnen ook andersoortige risico’s door dit expertisebureau worden opgepakt en vindt ook de schadebehandeling centraal plaats. Hiermee ontstaat een professionele organisatie die invulling geeft aan het risicobeheer van de veiligheidsregio’s. Het expertisebureau risicobeheer heeft bovendien samenwerkingsverbanden afgesloten met soortgelijke organisaties, zoals VNG Risicobeheer en Verzekeringsbedrijf Groot Amsterdam om het initiatief waar mogelijk te versterken. Deelname aan het expertisebureau risicobeheer is vrijwillig. 2. Naar verwachting levert de samenwerking behalve een efficiency- en kwaliteitsslag op termijn ook een besparing op door één gezamenlijke inkoop van de ongevallenverzekering en het collectief afhandelen en registreren van schades. Waarom een stichting? De aangewezen rechtsvorm voor deze samenwerking is een stichting. De keuze voor de stichting is afgeleid van het reeds gegeven advies over de rechtsvorm voor een waarborgfonds. Dit fonds is bedoeld voor het in gezamenlijkheid dragen van niet-verzekerbare risico’s. Dit heet ‘verzekeren’ en is daarmee pagina 2
een activiteit waarvoor een vergunning van De Nederlandse Bank (DNB) is vereist. Er kan echter voor het fonds een beroep worden gedaan op een vrijstelling van deze vergunningsplicht. Hierbij is het dan wel van belang dat geen sprake is van een winstoogmerk. Dat maakt dat gekozen moet worden tussen de rechtsvorm ‘stichting’ en de rechtsvorm ‘onderlinge waarborgmaatschappij’. Dit laatste is een bijzondere verenigingsvorm. Gelet op de wens voor een lichte structuur wordt voor het waarborgfonds een stichting beoogd (een vereniging is in dat opzicht veel omvangrijker). Om de activiteiten van het expertisebureau hierop te laten aansluiten ligt een stichting eveneens voor de hand. Hiermee wordt geen zwaardere structuur opgetuigd dan strikt noodzakelijk is. Wat is verder nodig om de stichting op te richten? Voor de activiteiten van het expertisebureau risicobeheer is een vergunning van de Autoriteit Financiële Marken (AFM) vereist. Dit vloeit voort uit wet- en regelgeving over het adviseren en bemiddelen rondom verzekeringen. Deze vergunningsplicht heeft tot gevolg dat het oprichten van een privaatrechtelijke rechtspersoon noodzakelijk is. Het is niet mogelijk om deze activiteiten onder te brengen bij een veiligheidsregio of een andere rechtspersoon. Hier liggen drie overwegingen aan ten grondslag: 1.
Het is de verwachting van juridisch experts dat de AFM niet akkoord gaat met het onderbrengen van deze activiteiten bij een rechtspersoon met andersoortige activiteiten; 2. Het samenvoegen van de activiteiten van het expertisebureau met de werkzaamheden van een veiligheidsregio leidt tot aansprakelijkheidsrisico’s voor de veiligheidsregio’s; 3. Het expertisebureau is wettelijk verplicht om een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten. Net als de AFM zal de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar bedenkingen hebben bij het samenvoegen van activiteiten.
2
Argumenten Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is bevoegd tot het oprichten van en deelname aan een stichting als de gemeenschappelijke regeling in deze mogelijkheid voorziet en dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit tot oprichting en deelname mag niet worden genomen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen over het ontwerpbesluit ter kennis van het algemeen bestuur van VRHM te brengen (artikel 31a, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen).
3
Kanttekeningen Uit de toelichting op het voorstel tot oprichting van en deelname aan de stichting risicobeheer blijkt de grote inhoudelijke en organisatorische samenhang tussen de stichting risicobeheer en de stichting waarborgfonds. Het voorstel tot het oprichten van en deelname aan het waarborgfonds is echter nu nog niet beschikbaar. Dat voorstel wordt in de eerste helft van 2022 verwacht. Op dat moment wordt inzichtelijk wat de consequenties van de oprichting van beide stichtingen zijn voor de VRHM en haar deelnemende gemeenten en kan een goed afgewogen en samenhangend besluit worden genomen over alle aspecten ten aanzien van de oprichting van en deelname aan beide stichtingen. Om goede besluitvorming over beide stichtingen mogelijk te maken is het daarom wenselijk dat pas over deelname aan de stichting risicobeheer wordt besloten als het voorstel voor de stichting waarborgfonds beschikbaar is.
4
Juridische- / financiële gevolgen Het raadsvoorstel tot het geven van wensen en bedenkingen heeft geen directe financiële consequenties. De oprichting van en deelname aan de stichting risicobeheer en een daarmee verbonden stichting waarborgfonds heeft wel financiële consequenties voor de VRHM en daarmee ook voor de gemeente Gouda. De VRHM meldt daarover in haar brief: “De jaarlijkse kosten voor het gezamenlijke expertisebureau zijn begroot op € 24.000 per jaar per veiligheidsregio. Voor het Waarborgfonds wordt begin 2022 een businesscase opgesteld en ter besluitvorming voorgelegd. Daarbij is de verdeelsleutel voor de kosten en de bijdrage pagina 3
aan het fonds een specifiek thema. De verwachting is dat de regionale bijdrage kan worden gefinancierd uit de huidige premiekosten voor verzekeringen.”
5
Personele- / organisatorische gevolgen / duurzaamheid / positie mensen met een beperking n.v.t.
6
Communicatie / interactiviteit n.v.t.
pagina 4