CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

028b Raadsbesluit Wijzigingsbesluit bestemmingsplan Ridder van Catsweg 683, Gouda BVR 091221.pdf

Raadsvergadering 9 december 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Wijzigingsbesluit BP Ridder van Catsweg 6831.426 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

besluit van de gemeenteraad dossiernummer

5690

ons kenmerk onderwerp

Wijzigingsbesluit

bestemmingsplan Ridder van Catsweg 683,Gouda

De raad van de gemeente Gouda; gelezen het voorstel van 23 november 2021, gelet op artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening;

besluit: Artikel I Het bestemmingsplan Ridder van Catsweg 683, Gouda als volgt te wijzigen: A. In artikel 1 worden de leden 1.20 tot en met 1.22 vernummerd tot 1.21 tot en met 1.23, en wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende: ‘1.20 dakvlak bovenafsluiting van een gebouw, met inbegrip van isolatielagen en dakbedekking maar met uitzondering van verhoogde dakranden.’ B. In artikel 1 worden de leden 1.23 tot en met 1.24 vernummerd tot 1.25 tot en met 1.26, en wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende: ‘1.24 groen dak Een groen dak is een dak, plat of hellend, begroeid met planten, kruiden of grassen.’ C. In artikel 1 worden de leden 1.25 tot en met 1.27 vernummerd tot 1.28 tot en met 1.30, en wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende: ‘1.27 Mobility as a Service Mobiliteitsdienst waarmee gebruikers via een gezamenlijk digitaal platform de multimodale (vraag en realtime) mobiliteitsdiensten, zoals openbaar vervoer, een deelauto, deelbakfiets en eventueel daaraan toe te voegen andere vervoersmodaliteiten, kunnen plannen, boeken, betalen en afnemen. D. In artikel 1 worden de leden 1.28 tot en met 1.37 vernummerd tot 1.32 tot en met 1.41, en wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende: '1.31 overkapping een bouwwerk met een gesloten dak, dat niet of slechts aan één zijde is voorzien van een wand;’ E.

In artikel 2, lid 2.1, komt te luiden: ‘2.1 de bouwhoogte van een bouwwerk Voor dakopbouwen t.b.v. noodtrappen, luchtbehandelings-, lift- en zonnepaneelinstallaties vanaf de bovenkant van het dakvlak van een gebouw tot aan het hoogste punt van de dakopbouw.

MË

gemeente gouda

Voor overige bouwwerken vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van dakopbouwen t.b.v. noodtrappen, luchtbehandelings-, lift- en zonnepaneelinstallaties en overige ondergeschikte bouwonderdelen zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.’ F. In artikel 6 wordt na lid 6.3.1 nieuwe leden ingevoegd luidende: ‘6.3.2 Voorwaardelijke verplichting - Gebruik en parkeren a. De voor 'Wonen' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebruikt indien voldoende parkeergelegenheid voor auto's en fietsen wordt gerealiseerd en in stand gehouden; b. Aan de verplichting als bedoeld onder a wordt voldaan indien uitvoering is gegeven aan het Mobiliteitsplan zoals opgenomen in Bijlage 2, waaraan wordt geacht te zijn voldaan indien: 1. Minimaal 234 parkeerplaatsen beschikbaar zijn en blijven bij aanvang van het feitelijk gebruik overeenkomstig het bepaalde in 6.1 sub a., waarvan 12 parkeerplaatsen gereserveerd zijn voor deelauto's, en; 2. 3 opstelplaatsen voor elektrische deelbakfietsen en minimaal 850 fietsparkeerplekken beschikbaar zijn en blijven bij aanvang van het feitelijk gebruik overeenkomstig het bepaalde in 6.1 sub a, en; 3.

12 elektrische deelauto's en 3 elektrische deelbakfietsen in het kader van Mobility as a Service beschikbaar zijn en blijven bij aanvang van het feitelijk gebruik overeenkomstig het bepaalde in 6.1 sub a. 6.4 Afwijken van de gebruiksregels 6.4.1 Afwijken voorwaardelijke verplichting - Gebruik en parkeren Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.3.2 onder b indien monitoring zoals omschreven in het in Bijlage 2 opgenomen Mobiliteitsplan daar aanleiding toe geeft, waarbij de hiervoor bedoelde omgevingsvergunning uitsluitend wordt verleend indien middels een gewijzigd mobiliteitsplan aangetoond wordt dat in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en derhalve op het maatgevende moment geen sprake zal zijn van een tekort aan parkeerplaatsen in het plangebied.’ G. In artikel 8, lid 8.1, komt te luiden: ‘8.1 Vlaggenmasten, antennemasten en schoorstenen Vlaggenmasten, antennemasten en schoorstenen, die deel uitmaken van een gebouw, mogen de voor dat gebouw toegestane maximale hoogte niet overschrijden.’ H. In artikel 8, lid 8.2, komt te luiden: '8.2 Dakopbouwen algemeen Dakopbouwen zijn niet toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding uitgesloten - dakopbouwen'. I.

In artikel 8 worden de leden 8.3 tot en met 8.5 vernummerd tot 8.5 tot en met 8.7, en worden twee leden ingevoegd luidende: '8.3 Dakopbouwen t.b.v. noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties Voor dakopbouwen ten behoeve van noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties gelden de volgende regels: a. dakopbouwen ten behoeve van noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties mogen gezamenlijk geen grotere oppervlakte hebben dan 40% van het dakoppervlak van het gebouw waarop zij worden geplaatst; b. dakopbouwen ten behoeve van noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties mogen niet hoger zijn dan 1,2 m gemeten vanaf het dakvlak als bedoeld in 2.1. 8.4 Dakopbouwen t.b.v. zonnepaneelinstallaties a. dakopbouwen ten behoeve van zonnepaneelinstallaties mogen niet hoger zijn dan 1,2 m gemeten vanaf het dakvlak als bedoeld in 2.1.’

pagina 2

J. In artikel 8 wordt na lid 8.7 een nieuw lid toegevoegd, luidende: ‘8.8 Lichthinder Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het 'bouwen' staat vast dat maatregelen worden getroffen en in stand gehouden om directe lichtuitstraling op de gevels van de nabij het plangebied aanwezige bestaande woningen, ten gevolge van koplampen van verkeer binnen het plangebied, tot een aanvaardbaar niveau te beperken. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan indien de parkeervoorzieningen waar nodig worden voorzien van een afscheiding met een minimale hoogte van 1,20 meter of een maatregel met een vergelijkbaar effect wordt getroffen.’ K. In artikel 11, lid 11.1 onder a en b, komen te luiden: ‘a. Indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, moet ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's overeenkomstig de beleidsregels 'Mobiliteitsplan Gouda 2017 - 2026' en 'Parkeerplan Gouda 2020' in voldoende mate ruimte zijn aangebracht en in stand gehouden in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort; b. Aan het bepaalde in 11.1 sub a wordt geacht te zijn voldaan indien: 1.

bij verlening van de omgevingsvergunning voor de activiteit 'bouwen' vast staat dat het aantal parkeerplaatsen ten minste overeenkomt met het aantal parkeerplaatsen dat voor het betreffende gebied en de betreffende functie(s) benodigd is overeenkomstig de tabel in Bijlage 1, dan wel; 2. bij verlening van de omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen” vast staat dat: • in het parkeren wordt voorzien op de wijze zoals beschreven in het in Bijlage 2 opgenomen Mobiliteitsplan, bestaande uit minimaal 234 parkeerplaatsen, waarvan 12 parkeerplaatsen gereserveerd zijn voor elektrische deelauto’s, en; • 3 opstelplaatsen voor elektrische deelbakfietsen en minimaal 850 fietsparkeerplekken beschikbaar zullen zijn bij aanvang van het feitelijk gebruik overeenkomstig het bepaalde in 6.1 sub a, en; • 12 elektrische deelauto's en 3 elektrische deelbakfietsen in het kader van Mobility as a Service beschikbaar zullen zijn bij aanvang van het feitelijk gebruik overeenkomstig het bepaalde in 6.1 sub a;’ L. In artikel 11, lid 11.3 wordt na ‘regelingen’ ‘en beleidsregels’ ingevoegd. M. In artikel 11 wordt na artikel 11.3 nieuwe leden toegevoegd, luidende: ‘11.4 Voorwaardelijke verplichting openbaar groen Een omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen” wordt niet eerder verleend dan nadat in de omgevingsvergunningaanvraag is aangetoond dat: a.

de beleidsregels, zoals bepaald in de Structuurvisie Groen, welke als bijlage 3 bij de regels is toegevoegd, in acht zijn genomen, waaraan wordt geacht te zijn voldaan indien ter plaatse van minimaal 15% van de oppervlakte van het plan openbaar groen wordt aangelegd en in stand gehouden; b. indien de beleidsregels zoals opgenomen in sub a worden gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden. 11.5 Voorwaardelijke verplichting overkapping parkeerdek Een omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen” voor een parkeerdek als bedoeld in lid 5.1 sub d wordt niet eerder verleend dan nadat in de omgevingsvergunningaanvraag is aangetoond dat parkeerplaatsen op een parkeerdek als bedoeld in lid 5.1 sub d, voor zover gelegen buiten gebouwen, voor minimaal 70% zijn voorzien van een overkapping met een groen dak.’

Artikel II De toelichting van het bestemmingsplan ‘Ridder van Catsweg 683, Gouda’, met idn NL.lMR0.0513.0105RvCatsweg683-DF02, aldus te voorzien van: Bijlage 1 Mobiliteitsplan, ter vervanging; Bijlage 11A Aanvullend bezonningsonderzoek, ter aanvulling.

pagina 3

Artikel III De verbeelding van het bestemmingsplan ‘Ridder van Catsweg 683, Gouda' conform bijlage met identificatie NL.IMRO. 0513.0105RvCatsweg683-DF02 aan te passen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van/6 december 2021. De raad van de gemeente voornoemd,

3 ... voorzitter

.

pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=41c47bf6-ca08-4c23-86a0-cb771cde063e