Kerndocument participatie-advies mede tbv adviezen locaties J-K-L2
Tekst van het document
Soortnaam Kleine zwaan Visdief Zwarte stern Bruine kiekendief Scholekster Wulp Buizerd Grutto Kievit Kleine mantelmeeuw Torenvalk Zeearend Zilvermeeuw Rode wouw Kokmeeuw Ooievaar Ransuil Slechtvalk Tureluur Visarend Blauwe reiger 13
Kwetsbaarheidscore Mate bedreiging 11 10 10 9 9 9 8 8 8 8 8 8 8 8 7 7 7 7 7 7 7
Risico aanvaring Verstoring risico
Boomvalk Stormmeeuw Smient Havik Purperreiger Roek Veldleeuwerik Wilde eend Kluut Ringmus Sperwer Grote zilverreiger Roerdomp Zwartkopmeeuw Grauwe gans Aalscholver Houtsnip IJslandse grutto Kemphaan Tafeleend Watersnip Bergeend
6 6 6 6 6 6 6 6 5 5 5 5 5 5 4 4 4 4 4 4 4 4
SOORTEN BEKEND IN VAK-K 3.1 Flora Aangezien het grootste gedeelte van Vlak-K uit een monotoon agrarisch privaat landschap bestaat, is de kans dat daar een absoluut en totaal beschermde flora voorkomt, waarschijnlijk nul. Onderzoek zou het moeten uitwijzen. In het NNN-gebied wat in Vlak-K ligt, komen in elk geval geen beschermde soorten voor, waarvoor speciale maatregelen zouden moeten worden getroffen. De gevolgen van slagschaduw en geluid zijn niet aannemelijk. Dat geldt ook voor reptielen, amfibieën en vissen
3.2 Insecten Om dezelfde reden als bij flora, is het niet waarschijnlijk dat er een insect voorkomt die zeldzaam is en extra bescherming geniet, behalve één soort: De veenmol. Deze soort is de laatste tientallen jaren hard achteruitgegaan en staan nu op de rode lijst van de flora en faunawet, maar geniet nog geen wettelijke bescherming. Met name de verdroging is de grootste oorzaak waardoor de soort nu ernstig bedreigd wordt.
14
Dit is wel een factor die lang onderzoek vraagt wanneer je wilt bouwen en een oplossing te vinden om die dieren als soort niet te beschadigen. Voor de rest is de insecten dichtheid zo gering dat ze geen rol spelen voor de windmolens.
3.3 Vissen Er is geen onderzoek gedaan naar vissen in Vlak-K en elders, maar wat er bekend is van de omgeving is er geen zeldzame vissoort te verwachten, waarmee men rekening mee zou moeten houden. Uiteraard zal onderzoek wel noodzakelijk voordat bouw zou kunnen plaatsvinden
3.4 Reptielen en amfibieën In Vlak-K is het niet te verwachten dat er een reptiel voorkomt. Amfibieën wel, zoals diverse kikkers, salamanders en padden. Maar eigenlijk is er maar één zeldzame rode lijst soort, de heikikker, die thans nog niet bedreigd wordt, maar die wel is opgenomen in bijlage 4 van de habitatrichtlijn
3.5 Zoogdieren Qua zoogdieren kan je er zeker van zijn dat in het agrarisch gebied van Vlak-K, bunzingen voorkomen en in de mate van aanwezigheid van woelmuizen, ook wezels. In het NNN-gebied en de genoemde natuurgebieden er omheen komen daarbij ook de hermelijn voor en boommarter. Alle zoogdieren zijn beschermd, maar deze vallen onder verschillende artikelen in de Wet natuurbescherming. De bunzing is breder beschermd, omdat deze op de rode lijst staat, doordat hij zover achteruit is gegaan dat hij volgens de cijfers van 2020 als bedreigde diersoort gezien moet worden. In hoeverre geluid en slagschaduw negatief is, is niet onderzocht. Niet onbelangrijk om te noemen is, dat windmolens doodsoorzaak nummer één voor vleermuizen en daar zitten wel een aantal soorten in Vak-K (zie eerder genoemd) ( Wnb artikel 3.10; habitatrichtlijn bijlage 5 en conventie van Bern, appendix III)
3.6 Vogels De meeste rode lijst soorten in Nationale en Internationale wetgeving, die van toepassing zijn op Vlak-K, zijn hierboven al genoemd. Het betreft dan broedende en niet broedende soorten. Trekvogels zijn daarin niet meegenomen. In de gevoeligheidsmatrix voor windmolens staan ook een paar niet rode lijst soorten, maar daarin zijn trekvogels ook niet in meegenomen en ook een migrerende soort als brandgans niet. Om nu niet nog een keer alle soorten te herhalen. En om toch een goed zicht te krijgen op broedvogels, migrerende
15
vogels en trekvogels te krijgen heb ik hieronder een kaart geplaatst met toestemming van de uitgever: geoplatforma5h.nl/ . Op deze kaart is duidelijk te zien de hoge vogeldichtheid en hun bewegingen in Vlak-K. Daaruit blijkt ook dat in het uiterste oosten van de Alblasserwaard de invloed van windmolens het meest gering is. Qua wettelijke kaders die tegen de windmolens in Vlak-K pleiten qua natuurwetgeving, zal er verder op ingegaan worden in hoofdstuk 4. Veel vogels zijn gevoelig voor windmolens, dat zal zeker door de beweging komen, Maar ook doordat ze proberen windmolens te ontwijken, waardoor broedsucces verkleind wordt en dat heeft vooral impact op roofvogels en uilen, omdat die een laag reproductiegetal hebben. In hoeverre slagschaduw en/of geluid ook effect heeft, is niet duidelijk. Met name geluid zou mogelijk een negatief effect kunnen hebben nacht actieve, gehoorjagers als Ransuil en Kerkuil.
Kievit + Ransuil
Uit de onderstaande kaart kan je concluderen dat hoe donkerder het gebied, hoe hoger de dichtheid van vogelactiviteiten, al eerder genoemd. Bruin is het hoogst tot crème en wit als het laagst. Om het enigszins overzichtelijk te houden, zijn hier alleen de kaartlagen van de broedvogels en trekvogels over elkaar gelegd. Niet broedvogels zijn niet meegenomen.
16
INTENATIONALE, NATIONALE WETGEVING EN PROVONCIALE AANBEVELINGEN: 4.1 Internationale Wetgeving Veel mensen beseffen niet dat we als land, zo’n belangrijke ecologische spil vormen voor broedvogels, wintergasten en trekvogels. We hebben hier in ons lage landje unieke ecosystemen. Het is niet voor niets dat bijvoorbeeld een Biesbosch en Kinderdijk, naast natuur, ook qua uniek gebied op de Unesco werelderfgoedlijst staan. Daar trekken dieren zich niet zoveel van aan, maar het betekent wel dat we hier in dit deel van het land een uniek landschap hebben. Waarvan veel flora en fauna profiteren en velen zelfs alleen in zo’n een habitat kunnen leven. Daarom zijn er binnen de EU en ook nog verder, afspraken gemaakt om juist die kwetsbare soorten te beschermen. Omdat dieren en planten nu eenmaal niet voor hun eigen rechten kunnen opkomen. Dat we ons daar als mensheid niet zo streng aan willen houden is bekend, anders zouden we niet overal de noodklok horen luiden over klimaat, het uitsterven van dieren en het verdwijnen van hun leefgebieden en leefomstandigheden in alleen al Nederland. Zelfs de in Hfdst. 4.3 genoemde “Omgevingsvisie Zuid-Holland” is er ambitieus in, om natuur en landschap en leefomgeving te herstellen, te verbeteren en uit te breiden.
Toch zullen we als Stichting Polder Bleskensgraaf West, een ernstig beroep willen doen op internationale wetgeving ter bescherming van de natuur. Omdat de bovengenoemde zorgen, hier ook groot zijn. En gelukkig speelt Vlak-K in deze regio nog een enorm belangrijke rol in de instandhouding van internationaal genoemde soorten, die onze staat verplichten om maatregelen te nemen om deze soorten ook niet ten onder te laten gaan. Waarom beginnen bij Internationale wetgeving en richtlijnen? Omdat onze Nationale wetgeving is voorgekomen uit de Internationale voor het overgrote deel. Natuurlijk hebben we ook aanvullend Nederlandse wetgeving, omdat we als land ook een uitvoeringsbesluit moeten maken en die vinden we terug in de Omgevingswet. De uitvoering ervan ligt voor het grootste deel in handen van de provincie en de gemeenten. Vandaar dat we beginnen met Internationale wetgeving.
- 4.1.1 Vogelrichtlijn: “De Vogelrichtlijn (Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand) is een richtlijn van de Europese Unie. Het doel is de bescherming, het beheer en de regulering van de in de lidstaten voorkomende vogels. De bescherming van soorten en de aanwijzing van beschermde gebieden voor specifieke soorten van Bijlage I en voor trekvogels zijn verwerkt in de Wet natuurbescherming.”
Veel van de soorten in Art.4.1 bijlage I (trekvogels) die betrekking hebben op Vak-K zijn al eerder genoemd en gaan we dus niet per soort herhalen. Ook niet de soorten uit Art. 4.2 van de geregeld in ons land verblijvende soorten. Wel willen we duidelijk maken dat aan de hand van de
17
Vogelrichtlijn, wel heel veel soorten die Europese bescherming genieten, hun habitat vinden in dit deel van de Alblasserwaard, dus in Vak-k. Juist door de migrerende werking hier tussen de eerdergenoemde Natura 2000 gebieden. We halen hier nog regelmatig de Wnb aan, hoewel deze is komen te vervallen per 1-1-2024, maar bijna geheel is overgenomen in de Omgevingswet. De Vogelrichtlijn is hetzelfde gebleven, net als de habitatrichtlijn. De verwijzingen naar de Wnb artikelen, verwijzen daar weer door naar de artikelen in de Vogelrichtlijn. Art.3.1 Wnb -> Artikel 5 Vogelrichtlijn en Bijlage 1 Artikel 4.1 •
Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen.
•
2Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen.
•
3Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben.
•
4Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen.
•
5Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.
(Dat zal wel het geval zijn voor diverse soorten bij de komst van windmolens)
Artikel 3.3 punt 4 Wnb voorziet ook in ontheffingen en vrijstellingen, maar die horen wel aan de volgende voorwaarden te voldoen. Dat onderschrijft het principe: “Niet, mits dat …”
•
•
18
Onze Minister kan ontheffing of vrijstelling verlenen van:
o
a.de verboden, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, ten aanzien van vogels, dood of levend, of gemakkelijk herkenbare delen daarvan, of ten aanzien van uit deze vogels verkregen producten van daarbij aangewezen soorten, of
o
b.regels, gesteld krachtens artikel 3.2, vierde lid.
Een ontheffing of een vrijstelling wordt uitsluitend verleend, indien is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
o
a.er bestaat geen andere bevredigende oplossing;
o
b.zij is nodig:
▪
1°.in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid;
▪
2°.in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer;
▪
3°.ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren;
▪
4°.ter bescherming van flora of fauna;
•
▪
5°.voor onderzoek of onderwijs, het uitzetten of herinvoeren van soorten, of voor de daarmee samenhangende teelt, of
▪
6°.om het vangen, het onder zich hebben of elke andere wijze van verstandig gebruik van bepaalde vogels in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt gecontroleerde omstandigheden toe te staan
de maatregelen leiden niet tot verslechtering van de staat van instandhouding van de desbetreffende soort
https://wetten.overheid.nl/BWBR0037552/2021-07-01#Hoofdstuk3 Vogelrichtlijn: soort van Bijlage I (artikel 4.1 Vogelrichtlijn) | Beschermde natuur in Nederland (nederlandsesoorten.nl)
(Het bouwen van een windmolenpark staat niet onder de uitzonderingen)
Artikel 4.2 van de Vogelrichtlijn geeft in drie verschillende (onderverdeelde) bijlagen, aan de soorten broedend of niet broedend en trekvogels aan, met hun beschermingsregiem. https://minez.nederlandsesoorten.nl/content/vogelrichtlijn
-
4.1.2 Habitatrichtlijn Het beschermingsregime soorten 3.2 Habitatrichtlijn, worden beschreven in Art. 3.5 en 3.6 in de Wnb. Het beschermingsregime gelijkt veel op die van de Vogelrichtlijn, maar bevat meer ook andere dieren, planten en omgeving. De Habitatrichtlijn wordt weer verder uitgewerkt in het convenant van Bern. Ook bij de habitatrichtlijn geldt het principe: “Niet, mits dat…”
• Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, met uitzondering van de soorten, bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen.
•
2Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren.
•
3Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen.
•
4Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen.
•
5Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Art 3.6 •
19
Het is verboden dieren of planten van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn, bijlage I of II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, met uitzondering van de soorten, bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn, onder zich te hebben voor verkoop, te vervoeren voor verkoop, te verhandelen, te ruilen of te koop of te ruil aan te bieden.
•
2Het is verboden, anders dan voor verkoop, dieren of planten als bedoeld in het eerste lid onder zich te hebben of te vervoeren.
•
3De verboden, bedoeld in het eerste en tweede lid, zijn niet van toepassing ingeval de in dat lid bedoelde dieren en planten aantoonbaar zijn gefokt of gekweekt.
De Habitatrichtlijn bevat Bijlage II, III en IV, waarin ook met name trekvogelsoorten genoemd worden en alle andere beschermde soorten dieren en planten https://minez.nederlandsesoorten.nl/content/habitatrichtlijn
De voorwaarden om van de regels af te wijken, zijn dezelfde als die zijn beschreven onder de Vogelrichtlijn. De Vogelrichtlijn en habitatrichtlijn overkoepelen elkaar, dat is zo beschreven in het document van de EU, om de doelstelling van beide richtlijnen te verklaren: “De overkoepelende doelstelling van de twee richtlijnen is dat de dieren plantensoorten en habitatsoorten die onder hun bescherming vallen, worden behouden of hersteld zodat hun hele natuurlijke verspreidingsgebied binnen de EU in een gunstige staat van instandhouding verkeert. Het gaat dus om meer dan alleen het tegenhouden van verdere achteruitgang of verdwijning; het doel is ervoor te zorgen dat dier- en plantensoorten en Habitats zodanig herstellen dat ze zich op de lange termijn verder kunnen ontwikkelen.” De vogelrichtlijn en de habitatrichtlijn van de EU - Publications Office of the EU (europa.eu)
- 4.1.3 Convenant van Bern en Bonn CMS | Verdrag inzake de bescherming van trekkende wilde diersoorten Bonn-conventie | Beschermde natuur in Nederland (nederlandsesoorten.nl)
De Bonn conventie bestaat uit Appendix I en Appendix II. Het doel van de Bonn conventie is behoud van ernstig bedreigde, trekkende diersoorten en hun habitat. In Appendix I staan alle soorten vogels, vissen, schildpadden en vleermuizen die ernstig bedreigd worden en die dus voor uitsterven behoed moeten worden. Deze lijst bestaat uit 30 soorten. Kijken we echter naar Appendix II, dan gaat het over aanzienlijk meer soorten, dat zijn er 340. Hierover zegt het document: “De soort is genoemd in appendix II van het verdrag van Bonn. Soorten van appendix 2 zijn trekkende diersoorten waarvan de staat van instandhouding duidelijk kan (of, vanwege een ongunstige staat van instandhouding: moet) verbeteren als gevolg van internationale overeenkomsten. In de database zijn alleen de soorten opgenomen die na 1900 in het wild in Nederland zijn waargenomen.”
De Bern conventie, is een wetgeving die naast alle dieren, ook alle flora en Habitats bevat. De samenvatting van de Bern conventie houdt in: “Het verdrag heeft tot doel de instandhouding van in het wild levende dier- en plantensoorten en hun Habitats te waarborgen. Bijzondere aandacht wordt besteed aan bedreigde en kwetsbare soorten, met inbegrip van bedreigde en kwetsbare trekkende soorten die in de bijlagen worden vermeld. De partijen verbinden zich ertoe alle passende maatregelen te nemen om de instandhouding van de Habitats van de in het wild levende dier- en
20
plantensoorten te waarborgen. Dergelijke maatregelen dienen te worden opgenomen in het plannings- en ontwikkelingsbeleid en de bestrijding van verontreiniging door de partijen, met bijzondere aandacht voor het behoud van de wilde flora en fauna. De partijen verbinden zich ertoe onderwijs te bevorderen en algemene informatie te verspreiden over de noodzaak om in het wild levende dier- en plantensoorten en hun Habitats in stand te houden.”
In de Bern conventie zijn 4 Bijlagen samengesteld die de soorten, status en maatregelen uitwerken; •
Bijlage I - Strikt beschermde plantensoorten.
•
Bijlage II - Strikt beschermde diersoorten.
•
Bijlage III - Beschermde diersoorten.
•
Bijlage IV - Verboden middelen en methoden voor het doden, vangen en andere vormen van uitbuiting.
•
Explanatory Report
Gerelateerde websites: Verdrag inzake het behoud van wilde dieren en planten en hun natuurlijk leefmilieu in Europa (Verdrag van Bern) Verdrag inzake het behoud van wilde dieren en planten en hun natuurlijk leefmilieu in Europa (coe.int)
Volledige lijst - Treaty Office (coe.int)
De aantallen op de lijsten zijn aanzienlijk hoger dan die in de Bonn conventie. Dat is op zich logisch, daar het over het gehele habitat gaat. Dat is ook precies wat we bedoelen met ons argument dat Vak-K niet de juiste keuze is. Het verdrag van Bern schenkt veel aandacht aan het complete habitat voor alle soorten, om zo kwetsbare natuur in stand te kunnen houden. En die hebben we hier veelvuldig in Vak-K, vanwege het grote kruispunt van migrerende, trekkende, foeragerende vogels en andere vliegende dieren. De ecologische verbindingszones tussen de Natura 2000 gebieden Biesbosch + Donkse Laagten + Kinderdijk. Zo’n belangrijk “kruispunt” van vliegbewegingen als in en rond Vlak-K, hebben we nergens anders in de Alblasserwaard. Daarom pleiten we voor een verbetering en uitbreiding van de NNN-gebieden in deze zo’n belangrijke regio, ter bevordering van landschap en natuurwaarde, in plaats deze juist bewust schade aan te doen of erger. En zoals hierboven te zien is, is dat niet vrijwillig, conform de internationale wetgeving.
21
Naast de bovengenoemde Europese Wetgeving, kennen we nog meer internationale wetten, maar die zullen we hier niet benoemen, daar deze voor het grootste deel al in de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn zijn verwerkt.
4.2 Nationale wetgeving en/of aanbeveling Oorspronkelijk hadden we lange tijd, de Flora en Fauna wet. Die moest verbeterd worden en daarop is tijdelijk de Wet natuurbescherming gekomen. Deze is onlangs per 01-01-2024 vervangen door de Omgevingswet. - 4.2.1 Omgevingswet: Per 1 januari 2024 is de Wet natuurbescherming niet meer rechtsgeldig, omdat de nieuwe Omgevingswet van kracht is geworden. Op een paar aanpassingen na, is de gehele Wnb overgenomen en sowieso, de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. Maar ook de overige internationale wetgeving blijft van kracht. Daarmee blijft ook nu nog regel gelden: “Niet, mits dat…” Het zal u niet onbekend zijn, maar we willen wel een beroep doen op de zorgvuldige toepassing, zoals het in de Omgevingswet geschreven staat. Ook de strikte de redenen voor uitzonderingen: De wet bevat een specifieke zorgplicht voor eenieder die een flora- en fauna-activiteit verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de natuurbelangen. Die zorgplicht vereist: • • • • •
Kennis verzamelen (aanwezige soorten); Effecten analyseren (vogels, nesten, eieren, gebiedsfuncties); Uitsluiten nadelige gevolgen; Preventieve maatregelen om deze gevolgen te voorkomen; Stoppen van de activiteit of herstellen van de schade als die niet kan worden voorkomen https://iplo.nl/regelgeving/omgevingswet/zorgplicht/specifieke-zorgplicht-activiteiten-bal
- 4.2.2 Soorten van de leefgebieden benadering Ook kent de wet de “Soorten van de leefgebieden benadering”. Deze heeft dan geen wettelijke status, maar het doel van de leefgebiedenbenadering is actieve bescherming van soorten door projecten. Voor de agenda van de projecten is een lijst met soorten opgesteld. Wel moeten er drie actieve beschermende maatregelen worden genomen. Voor Vlak-K en omgeving staan daar o.a. de volgende rode lijst soorten op en dan alleen die kleurcode rood (dus alleen die het meest bedreigd worden) hebben. Dus die soorten met kleurcode oranje en groen zijn niet genoemd en ook alleen soorten die niet elders genoemd zijn en ook al onder de vogel- en habitatrichtlijn staan en
22
-
internationale wetgeving, zijn niet genoemd hier. Maar wel de overige soorten die relevant voor Vak-K en zijn omgeving: Boerenzwaluw Groene specht Kramsvogel Slobeend Torenvalk Watersnip Wintertaling Wulp
Een kleine greep uit de lijst. https://minez.nederlandsesoorten.nl/content/soorten-van-de-leefgebiedenbenadering-soort-met-kleurcoderood
Eigenlijk zouden we ons denken moeten veranderen en niet de grens telkens willen opzoeken en het af laten hangen van wetgeving en daar dan de mazen in de wet te willen zoeken. De provincie die ambitieuze plannen heeft, geeft aan dat zij wel willen veranderen in denken. 4.3 Beleid van de Provincie In de nieuwe omgevingsvisie die is vastgelegd door de provincie Zuid-Holland, staat in hoofdstuk 4, ambitie 5, heel duidelijk, dat de provincie de natuur en biodiversiteit te herstellen en te verbeteren. Maar ook het landelijk gebied moet behouden worden en veel meer bio divers, en alle gebied veel meer natuur inclusief. Dit niet alleen om de natuur op zich, want de provincie erkent in dezelfde visie, dat door het sterk verstedelijkt karakter van de provincie, het noodzakelijk is voor de volksgezond, om een sterke kwaliteit van natuur en het landelijk landschap te realiseren. Ook heeft men direct het plan voor de Alblasserwaard om natuur uit te breiden (Kinderdijk) en het NNN-netwerk te versterken. https://www.zuid-holland.nl/onderwerpen/natuur-landschap/natuurrijk-zuid/realisatie-nnn/alblasserwaard/polder-blokweer/ Microsoft Word - Omgevingsvisie_Zuid-Holland_Deel_1_Herziening_2021_v2.docx
De provincie heeft zelf de bevoegdheid om het natuurbeleid te bepalen. Echter deze zal wel conform de omgevingswet, nationale en internationale wetten moeten zijn. De omgevingsvisie moet ook binnen de kaders van de rijks visie vallen. Beter mag altijd.
23
Grutto, trots van de Waard 4.4 Bronvermeldingen
24
-
Omgevingsvergunning: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Omgevingsvisie Zuid-Holland: ro.zuid-holland.nl Vogels en de wet: Vogelbescherming Nederland Richtlijn inzake behoud van de vogelstand van het Europees Parlement: EUR-Lex.data.europa.eu/ELI Vogelrichtlijn: Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
-
Bijlage I en II, soortenlijst Nederland in de Vogelrichtlijn: Ministerie van LNV De wettelijke basis voor het nemen van beschermingsmaatregelen voor Habitats buiten het Natura 2000-netwerk: ministerie LNV; www.natura2000.nl Achtergronddocument windenergie gevoeligheidskaart vogels: Sovon vogelonderzoek Vogelbalans: Sovon vogelonderzoek Windenergiekaart: Sovon Vogelonderzoek Habitatrichtlijn: Ministerie van LNV Algemene Zorgplicht: Omgevingswet Basisrapport rode lijst soorten vogels 2016: Ministerie van LNV
-
Convenant van Bern: Ministerie van LNV Convenant van Bonn: Ministerie van LNV Soorten van de leefgebieden benadering: soorten met kleurcode rood: Ministerie van LNV Foto’s Ron Leeuwis Onderzoek uitvliegtellingen van Sovon in noordelijke richting afgelopen decennia.
Vogelsterfte door windmolen
CONCLUSIE: Op grond van in deze rapportage aangevoerde argumenten, dat Vak-K een slagader en kruispunt is in het hele ecosysteem. Het hele ecosysteem in de driehoek van de drie genoemde Natura 2000 gebieden, menen wij op grond van wet en billijkheid te concluderen dat de bouw van een windmolenpark niet kan. Daarbij aangetoond hebbende dat Vlak-K een wezenlijk verschil maakt ten opzichte van andere locaties is de Alblasserwaard.
25
Flyer: Stichting Polderlandschap Bleskensgraaf West
26
Bijlage - Unesco Werelderfgoed Kinderdijk
A"eelding 2: verhouding windmolen ten opzichte van XXL windturbine.
A"eelding 3: zicht vanuit het Werelderfgoed Kinderdijk op zoekgebieden J, K en L2.
A"eelding 4: zicht vanuit het Werelderfgoed Kinderdijk op zoekgebieden J, K en L2, staande tussen de windmolens.
A"eelding 5: zicht vanuit het Werelderfgoed Kinderdijk op zoekgebieden J, K en L2, staande tussen de windmolens.