CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Beleidskader radicaal groen en natuurinclusief Gorinchem - Bijlage 1 Beleidskader radicaal groen

Raadsvergadering 27 november 2025, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Beleidskader radicaal groen en natuurinclusief Gorinchem6.783 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kader radicaal groen en natuurinclusief Gorinchem

1

Inhoud 1. Inleiding .......................................................................................................................... 3 1.1 De waarde van het groen .............................................................................................. 3 1.2 Het groen verdwijnt ...................................................................................................... 4 1.3 Gorinchem wordt weer groener ...................................................................................... 5 2. Radicale vergroening ......................................................................................................... 6 2.1 Inleiding ...................................................................................................................... 6 2.2 Radicale vergroening .................................................................................................... 6 2.3 De definitie van radicale vergroening .............................................................................. 7 2.4 Hoe groen willen we in 2050 zijn?................................................................................... 9 2.5 Hoe goed moet ons groen zijn in 2050? .........................................................................

10 2.6 Reikwijdte radicale vergroening .................................................................................... 14 2.7 Naar kaderstelling ...................................................................................................... 15 2.8 Voorbeeld voormalig vakcollege ‘t Gilde......................................................................... 16 3. Natuurinclusief Gorinchem ............................................................................................... 18 3.1 Natuurinclusief Gorinchem ........................................................................................... 18 3.2 Rol en kaders ............................................................................................................. 19 4. Dit beleidskader .............................................................................................................. 20 4.1 Beknopte samenvatting ............................................................................................... 20 4.2 Kaders ...................................................................................................................... 20 4.3 Tot slot ..................................................................................................................... 20 Bijlage I.

Gebruikte posters en resultaten bijeenkomsten ......................................................... 21 Bijlage II. Het percentage groen per buurt ............................................................................. 27 Bijlage III. Verslag online interactie over groen en natuur ........................................................ 29

2

1. Inleiding We zijn op het groen in Gorinchem! Groen is goed voor onze gezondheid en het maakt de stad mooier. Het helpt ook om beter om te gaan met klimaatverandering. Planten en dieren hebben het groen nodig om te kunnen leven. Maar er is steeds minder ruimte voor groen, omdat we ook huizen en gebouwen nodig hebben . Daarom zorgen we ervoor dat Gorinchem een duurzame stad wordt met voldoende bomen, planten en natuur om ons heen. In dit kader staat hoe we dit gaan doen. zorgen we voor een groen Gorinchem!

1.1 De waarde van het groen Algemene waarde Onder groen verstaan we alle plekken met planten, zoals de bossen in onze parken, de laanbomen in de straten, maar ook de tuinen van inwoners. Groen is dus overal aanwezig in Gorinchem: in de openbare ruimte én op particuliere percelen. Het is niet alleen mooi, maar ook essentieel voor een leefbare, duurzame en gezonde samenleving. Bomen zorgen voor schaduw en verdamping, waardoor het in de straat of tuin een paar graden koeler is op hete dagen. Planten en bomen slaan water op, laten het langzaam in de bodem zakken en verdampen overtollig vocht. Zo vermindert wateroverlast bij hoosbuien. Bomen en struiken zuiveren de lucht door CO₂ en fijnstof op te nemen. Dit draagt bij aan gezondere luchtkwaliteit en helpt het klimaat. Andere voordelen van groen Mensen in een groene omgeving bewegen meer, hebben minder kans op gezondheidsklachten en slapen vaak beter. Een uitzicht op groen vanuit de woning verlaagt stress. Buurtgroen bevordert ontmoeting en sociale cohesie. Groene schoolpleinen en speeltuinen dragen bij aan betere motoriek en meer sociaal gedrag.

Voldoende groen is goed voor onze natuur. Het ondersteunt soorten zoals vlinders, bijen, vogels en egels. Dan is er genoeg nectar van bloemen waar bijen graag van eten. Egels vinden schuilruimte in dichte struiken. Bepaalde dieren, zoals vleermuizen, eten veel muggen en helpen (insecten)overlast te verminderen.

3

Groenrijke straten en uitzicht op parken of water kunnen huizenprijzen met 5 % tot ruim 10 % verhogen. Zelfs een enkele boom kan duizenden euro's meerwaarde betekenen. Daarnaast besparen bomen op verkoelende maatregelen zoals airco’s.

1.2 Het groen verdwijnt Groen onder druk Er is steeds minder groen in Gorinchem. Vroeger was Gorinchem een kleine stad met veel natuur eromheen: polders, bossen en grasvelden. Maar de afgelopen 50 jaar is de stad flink gegroeid. Dat ging ten koste van het groen. Er zijn veel huizen, wegen en parkeerplaatsen bijgekomen. Daardoor is er veel harde ondergrond (zoals steen en asfalt) in de stad (zie ook figuur 3). Ook in tuinen is dat zo: mensen kiezen vaak voor een tuin met tegels. Maar door al die stenen kan regenwater minder goed weg. En we missen de voordelen van groen, zoals schaduw op hete dagen.

De biodiversiteit (alle wilde planten en dieren in de stad) neemt ook af door het verdwijnen van groen. Dit is niet alleen slecht voor de natuur, maar ook voor onszelf. Er is minder schaduw door het verdwijnen van bomen en bijen en vlinders lukt het niet goed om bloemen of fruitbomen te bestuiven.

4

Ook steeds minder goed groen Niet alleen is er minder groen, het groen dat er nog is, is ook minder goed. Er zijn weinig bossen en bloemenvelden in de stad over. Ook zie je nog weinig natuurlijke overgangen, zoals van gras naar bos, of van water naar gras. Er is dus weinig variatie in het groen. Het groen dat er nog is, wordt vooral netjes en strak gehouden. In de stad is veel kort gemaaid gras (dat wel 26 keer per jaar wordt gemaaid). En veel nette sierstruiken die het hele jaar groen blijven, maar die hier niet van nature voorkomen.

1.3 Gorinchem wordt weer groener Wat staat er in de omgevingsvisie van Gorinchem? In de omgevingsvisie – onze plannen voor de toekomst van Gorinchem – geven we aan dat groen heel belangrijk is. We hebben doelen opgesteld voor het jaar 2050:

• • • • • •

Gorinchem is dan beter voorbereid op het veranderende klimaat. De stad is radicaal groener, met meer ruimte voor planten en dieren (meer biodiversiteit). Groene en blauwe lanen worden versterkt en verbonden. Gorinchem is beter verbonden met de natuur rondom de stad. Meer mensen kunnen genieten van groen en natuur, in en rond de stad. De stad wordt hierdoor een fijnere en gezondere plek om te wonen.

Wat staat er níet in de Omgevingsvisie? In Gorinchem doen we al veel om onze bomen en het groen te beschermen. Veel van dat werk gebeurt al vanuit bestaand beleid. In de omgevingsvisie staat wát we willen bereiken: een radicaal groene en natuurinclusieve stad. Maar die visie zegt nog niet hóé we dat precies gaan doen. Daarom is er nu dit beleidskader. Hierin leggen we uit hoe we onze bomen en het groen willen inzetten om Gorinchem echt groener, gezonder en toekomstbestendig te maken. Ook beschrijven we welke extra stappen nodig zijn, bovenop wat we nu al doen.

5

2. Radicale vergroening 2.1 Inleiding In de Omgevingsvisie staat dat we radicaal willen vergroenen. Wat radicaal vergroenen precies betekent is niet helder uitgeschreven. Daarom gingen we op zoek naar wat we daar eigenlijk onder verstaan. Alleen een definitie is niet genoeg. Hoe kunnen we van radicale vergroening een succes maken voor Gorinchem? Daarom hebben we het onderwerp uitgesplitst in drie deelvragen (zie figuur 5). Met een goed antwoord op al die vragen weten we hoe we van de radicale vergroening een succes kunnen maken.

2.2 Radicale vergroening Informatiebijeenkomsten We vonden het belangrijk om samen radicale vergroening vorm te geven. Daarom vroegen we collega’s van de gemeente, raadsleden en inwoners om mee te denken. Zo konden we een goed beeld krijgen van hoe mensen naar radicale vergroening kijken. Hiervoor organiseerden we een aantal bijeenkomsten: • • • •

Een eerste overleg met de gemeenteraad op 12 december 2024; Een informatieavond voor inwoners op 10 februari 2025; Interne overleggen met medewerkers van de gemeente; Een tweede overleg met de gemeenteraad op 3 juli 2025.

We hebben posters gemaakt als ondersteuning bij elke deelvraag (zie bijlage I). Tijdens deze bijeenkomsten konden deelnemers hun mening geven op de posters. Ze schreven opmerkingen, ideeën en tips op sticky notes. Met al die input heeft de gemeente gekeken welke kaders het beste passen als Gorinchem radicaal wil vergroenen. Op die posters staan: • • • •

een voorstel voor een duidelijke uitleg van wat radicale vergroening is; drie mogelijke toekomstbeelden: wat betekent vergroening voor onze stad? Verschillende mogelijke toekomstbeelden van het groen: welk groen is mooi? een aantal stevige stellingen: wat maakt vergroening écht radicaal?

In de volgende paragrafen komen de resultaten van de bijeenkomsten aan bod.

6

Overige participatie Het is onduidelijk wat de Gorcumer vindt van het groen en hoe ons groen er in de toekomst eruit moet zien. Om hier achter te komen, hebben we een online “poll” uitgezet op sociale media. We hebben inwoners gevraagd een reactie te geven op aantal sfeerbeelden van groen en stellingen over het groen. Daarnaast zijn we de “straat” op gegaan. We hebben inwoners van de Grote en Kleine Haarsekade (hierna Haarsekaden) gevraagd naar hun mening over het groen in de straat (op 7 juli 2025). De resultaten van de “polls” en de “straatactie” staan in paragraaf 2.5. Het verslag van de participatie van de polls staat in bijlage III.

2.3 De definitie van radicale vergroening Verschillende betekenissen Tijdens de bijeenkomsten vonden de meesten dat radicale vergroening meerdere betekenissen kan hebben. Een duidelijke definitie is daarom nodig. In de omgevingsvisie staat geen duidelijke uitleg over radicale vergroening, maar het wordt wel benoemd. Over vergroening staat er: Er is veel aandacht voor vergroening in de binnenstad. Bestaande gebieden kunnen beter groen gemaakt worden, samen met andere vergroeningsopgaven. Over radicaal staat er: In 2050 is de stad radicaal groener en zijn er meer planten en dieren geworden. Radicaal vergroenen betekent dat we op meerdere plekken in de versteende (binnen)stad meer groen toevoegen. Het online woordenboek (www.vandale.nl) meldt iets anders over wat radicaal is: geheel en al of strevend naar grote veranderingen. Vergroening uitgelicht In de omgevingsvisie staat dat veel inwoners de binnenstad te versteend vinden, dus meer groen is welkom. Volgens dezelfde visie is vergroening nodig om de effecten van het veranderende klimaat beter op te vangen, zoals hitte in de stad. Meer groen is goed voor de planten en dieren in de stad (de biodiversiteit) en voor onze eigen gezondheid. Iedereen op de bijeenkomsten was het daar over eens. Bezien vanuit de bedoeling van de Omgevingsvisie betekent vergroening dus: meer groen toevoegen in de stad dan er nu is.

Radicaal uitgelicht In dezelfde visie staat dat groen zorgt voor een gezonde en sterke stad die klaar is voor de toekomst. Groen dat helpt om problemen door het veranderende klimaat te verminderen.

7

Groen dat zorgt voor meer verschillende planten en dieren. Groen dat mensen helpt om zich prettig te voelen, meer buiten te spelen, te bewegen en elkaar te ontmoeten. Bezien vanuit de bedoeling van de Omgevingsvisie betekent radicaal dus: niet alleen meer groen, maar ook beter groen (meer kwalitatief). Deze uitleg van radicale vergroening stond op de posters (zie figuur 7). Tijdens de bijeenkomsten had niemand opmerkingen op deze uitleg. Dat betekent dat iedereen positief was over de uitleg van de gemeente van radicale vergroening. Een aantal aanwezigen merkte wel op dat het woord radicaal niet het gewenste woord is, omdat ze er geen positief gevoel bij kregen. Ze pleitten voor het gebruik van een ander woord om hetzelfde te benadrukken.

Conclusie definitie radicale vergroening Radicale vergroening luidt als volgt: meer en beter groen in de stad maken, zodat de stad beter bestand is tegen het klimaat en het een gezondere omgeving wordt voor mens en dier. Radicale groene stellingen (algemeen) Er is onderzocht wat de juiste manier is om de stad radicaal te vergroenen. Daarbij werd gekeken waar en hoe deze vergroening het beste kan plaatsvinden en welke kaders daarvoor nodig zijn. Om hier meer over te weten, zijn er radicale stellingen bedacht. Als we radicaal vergroenen dan .. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

reserveert de gemeente extra financiële marge van 5% bovenop elk (nieuw)bouwproject; maken we ruimte voor meer bomen door het aantal parkeerplaatsen te verminderen; krijgt elke boom een monumentale status als hij 20 jaar is; stellen we bij elk (nieuw)bouwproject het behoud en versterken van groenblauwe zones verplicht; eisen we dat tuinen 50% onverhard zijn ten behoeve van waterberging en biodiversiteit; zorgen we dat nieuwe (bouw)projecten minimaal 40% groen of blauw worden ingericht; komt er meer ruimte voor bomen op plekken van verharding om zo 30% door bomen in het centrum te realiseren; moeten we miljoenen extra investeren om voldoende bomen aan te planten om zo de doelen voor klimaatadaptatie en biodiversiteit te halen.

Deelnemers aan de bijeenkomsten konden aangeven of ze het eens, oneens of neutraal waren over deze stellingen. Zie figuur 8 voor één van de radicale stellingen en bijlage I voor de reacties op de stellingen.

8

Radicale stellingen uitgelicht De meeste deelnemers vonden het belangrijk dat het behoud en versterken van groenblauwe zones verplicht wordt (stelling 4). Ook waren velen het eens met het idee om meer bomen in het stadscentrum te planten, zodat er minstens 30% schaduw ontstaat (stelling 7). Bij nieuwe bouwprojecten vonden de meesten het goed als minimaal 40% van het nieuw in te richten gebied uit groen en water bestaat (stelling 6). Ook was bijna iedereen het erover eens dat er meer geld nodig is, bijvoorbeeld 5% extra, om radicale vergroening mogelijk te maken (stelling 1). De meesten vonden het logisch dat er miljoenen extra beschikbaar moeten komen om genoeg bomen aan te planten (stelling 8). Bij sommige stellingen waren de meningen verdeeld. Zo was het niet iedereen het eens met de eis dat tuinen voor minstens de helft uit onverharde grond moet bestaan (stelling 5). Ook over het verminderen van parkeerplaatsen (stelling 2) om meer ruimte voor bomen te maken, en over het idee dat elke boom van 20 jaar een monumentale status moet krijgen (stelling 3), waren de reacties verdeeld. Conclusie radicale stellingen Uit deze reacties blijkt dat radicale vergroening niet vanzelf gaat, dus dat enige vorm van radicalisering wel nodig is. Het is duidelijk dat er kaders nodig is als we de stad goed willen vergroenen.

Het is dan belangrijk om (als dat kan) het groen te behouden, maar ook om meer en beter groen aan te brengen. Tegelijk moet er een goede balans zijn tussen radicale vergroening en andere thema’s. Het is dus belangrijk dat de stad niet ‘op slot’ raakt en dat het beleid duidelijk en praktisch is.

2.4 Hoe groen willen we in 2050 zijn? Hoe groen zijn we nu? Gorinchem is een groene stad. Ongeveer 43% van de stad bestaat uit groen, zoals parken, plantsoenen en grasvelden (Bron: Kaartviewer - Klimaateffectatlas). Dat is meer dan gemiddeld in Nederland. In bijlage II staat op kaart hoeveel groen er in elke wijk is. Daaruit blijkt dat sommige buurten heel groen zijn, maar andere juist bijna geen groen hebben. Vooral bedrijventerreinen en het stadscentrum hebben minder groen. Dat is een probleem, want buurten met weinig groen zijn gevoeliger voor de gevolgen van klimaatverandering, zoals hitte of wateroverlast. Toekomst van groen in Gorinchem In de plannen voor de stad staat dat Gorinchem groener moet worden. Maar het is nog niet duidelijk wat dat precies betekent. Hoeveel procent van de stad moet groen zijn? Nu is dat ongeveer 43%. Om hierover keuzes te maken, zijn er drie toekomstbeelden bedacht (deze staan in figuur 9 en bijlage I), met de opties: • • •

Behoud van groen: het groen blijft zoals het nu is (43%). Gepast vergroenen: er komt een beetje groen bij (45%). Radicaal vergroenen: er komt flink wat groen bij (50%).

Er zijn geen cijfers over hoe het groen zich de komende jaren gaat ontwikkelen. De genoemde percentages zijn dus niet gebaseerd op objectieve data, maar bedoeld om een keuze te maken welke groei past bij Gorinchem.

9

In figuur 9 staan de toekomstbeelden met hun onderlinge overeenkomsten en verschillen. De grootste verschillen zitten in: • • • •

Hoeveel groen erbij komt; Hoe goed het groen is (kwaliteit); Hoe actief de gemeente meedoet om het te vergroenen; Hoe ver de gemeente wil gaan met vergroenen.

Bij het eerste scenario (alleen behoud van het groen) neemt de hoeveelheid groen toch af, dit ondanks de plannen om te vergroenen (bron: Sweco & Natuur & Milieu, 2024). Hoewel (vooral grotere) gemeenten de ambitie hebben om te vergroenen, blijkt dat het groen afneemt door de noodzaak om meer woningen te bouwen. Bij het tweede toekomstbeeld is het uitgangspunt dat groei mogelijk is op plaatsen waar ruimte vrijkomt (vooral bij nieuwbouw) en om het bestaande groen te verbeteren. Bij het derde scenario worden gedurfde keuzes gemaakt om te vergroenen. Dit kan dan ten koste gaan van andere functies, zoals parkeerplekken of bouwruimte. Het is dus het meest ingrijpende scenario. Groene groei uitgelicht De meeste deelnemers gaven aan dat ze een toekomstbeeld voor zich zien dat tussen beeld 2 en 3 in ligt. Dit komt neer op ongeveer 47,5% groen in de stad in 2050. Bijna iedereen was het eens om meer te vergroenen in de toekomst (en is ook in lijn met de omgevingsvisie). Hierbij moet de focus liggen op zowel meer vergroenen als het ontwikkelen van een betere kwaliteit van ons groen. Het maken van radicale keuzes in scenario 3, zoals opofferen van andere functies, ging een aantal aanwezigen te ver. Ze stuurden aan op andere oplossingen, zoals multifunctioneel ruimtegebruik. De gemeente wil hierin drie dingen doen om de groei naar een 47,5% mogelijk te maken, namelijk: • • •

Regels maken (reguleren); Zelf groen aanleggen (zelf realiseren); Anderen helpen om te vergroenen (stimuleren).

2.5 Hoe goed moet ons groen zijn in 2050? Wat bedoelen we met ‘kwalitatief goed’ groen? Om radicaal te vergroenen moet de focus ook liggen op het ontwikkelen van een betere kwaliteit van ons groen. Kwalitatief groen (of goed groen) heeft twee betekenissen. De eerste is wat groen kan doen voor zijn omgeving.

10

Goed groen helpt mee aan een fijne leefomgeving. Het zorgt voor: • • •

minder last van hitte en wateroverlast (klimaatbestendig); meer planten en dieren (biodiversiteit); een plek waar mensen zich gezond en prettig voelen.

Dit past bij wat de gemeente wil bereiken volgens de Omgevingsvisie. Specialisten van de gemeente hebben hierover meegedacht over hoe groen het beste kan worden ingericht. De tweede betekenis van goed groen is welk groen Gorcumers mooi en prettig vinden. Er zijn daarom voor de participatie beelden gemaakt van verschillende soorten groen, zoals parken, tuinen en water staan. Tijdens de bijeenkomsten, de online polls en de straatactie stond deze vraag centraal. Kwalitatief goed groen (of goed groen) heeft twee betekenissen. De eerste is wat groen kan doen voor de omgeving. Goed groen helpt mee aan een fijne leefomgeving. Het zorgt voor: • • •

Minder last van hitte en wateroverlast (klimaatbestendig); Meer planten en dieren (biodiversiteit); Een plek waar mensen zich gezond en prettig voelen.

Dit past bij wat de gemeente wil bereiken volgens de Omgevingsvisie. Maar dan moeten we goed nadenken over de inrichting. Specialisten van de gemeente hebben hierover meegedacht. Zij hebben meegedacht over hoe groen het beste kan worden ingericht (zie volgende paragraaf). De tweede betekenis van goed groen is welk groen Gorcumers mooi en prettig vinden. Er zijn daarom voor de participatie beelden gemaakt van verschillende soorten groen, zoals parken, tuinen en water staan. Tijdens de bijeenkomsten, de online polls en de straatactie stond deze vraag centraal. Goed groen voor de omgeving (klimaatadaptatie) Groen kan werken als een spons. Het vangt regenwater op en laat het langzaam in de grond zakken. Zo helpt het om wateroverlast te voorkomen. Veel groen, zoals parken, grasvelden of plantsoenen, is hier geschikt voor. Op veel plekken ligt het groen alleen niet op de laagste delen van de stad, waardoor water alsnog wegloopt naar huizen of straten. Dat is dus nog niet optimaal. Op warme dagen kunnen mensen oververhit raken (hittestress). Vooral op plekken met veel steen en weinig schaduw is het erg heet op warme dagen. Bomen helpen hier goed tegen, want ze zorgen voor schaduw en koelte. In buurten met weinig bomen is het zinvol om meer bomen aan te planten, zodat het daar prettiger en gezonder wordt. Soms is er juist te weinig regen. Dan wordt de grond droog en gaan planten dood.

Groen met veel verschillende soorten planten (zoals bomen, struiken en hoog gras) helpt om die droogte beter op te vangen. Schaduw van bomen houdt de bodem koel en vochtig. Voorbeelden van klimaatadaptief ‘goed groen’ zijn: • • •

Voldoende bomen en schaduwplekken – tegen hitte. Plekken waar water kan worden opgevangen – zoals wadi’s (lage delen waar regenwater in kan zakken) of natuurvriendelijke oevers. Afwisseling in planten – dat helpt tegen droogte.

Goed groen voor de omgeving (biodiversiteit) Meer groen en gevarieerd groen is goed voor de biodiversiteit. Dat betekent dat veel planten en dieren er kunnen overleven en zich kunnen voortplanten. Op veel plekken is er te weinig groen of het is te klein voor dieren om in te leven. Ook het onderhoud aan het groen is vaak ongunstig voor de biodiversiteit. Gazons worden veel gemaaid en daardoor zijn er geen bloemen. Door meer groen aan te leggen, kunnen bestaande groengebieden met elkaar verbonden worden.

11

Ook variatie in het groen is erg belangrijk. Hoe meer variatie in planten (Kort en hoog gras, bloemenweides, natuurvriendelijke oevers, ruigten, struiken en bossen) hoe meer dieren de kans hebben om te overleven en zich voort te planten. Ook diervriendelijker onderhoud, zoals minder maaien van het gras (met meer bloemen), is goed voor de biodiversiteit. Voorbeelden van biodivers ‘goed groen’ zijn: • • •

Voldoende (verbonden) groen – dat is goed voor dieren; Het gras minder maaien – zo komen er bloemen tot bloei; Afwisseling in planten – dat is goed voor dieren.

Goed groen voor de omgeving (gezondheid) Groen is niet alleen goed voor het klimaat en dieren, maar ook voor onze gezondheid. Zoals voor onze lichaamsbeweging. In groene buurten gaan mensen sneller wandelen, fietsen of buiten spelen. Groen zorgt ook voor ontspanning, vermindert stress, angst en somberheid. Een wandeling in het park kan helpen na een drukke werkdag. Groene plekken, zoals het Gijsbert van Andelpark, nodigen uit om elkaar te ontmoeten en samen activiteiten te doen. Dit helpt tegen eenzaamheid. Voor kinderen is buiten spelen in het groen is goed voor hun ontwikkeling en gezondheid. Niet overal is voldoende groen aanwezig, zodat niet elke inwoner er gebruik van kan maken. Ook zijn er soms te weinig mogelijkheden om het te gebruiken, zoals wanner het groen ontoegankelijk is of wanneer er geen wandelpaden zijn. Voorbeelden van gezond ‘goed groen’: • • •

Mooi en aantrekkelijk groen aanleggen – bevordert het bewegen en ontmoeten; Wandelpaden aanleggen in het groen –inwoners kunnen tussen het groen lopen; Voorzieningen in het groen aanbrengen – een speeltuin bevordert het spelen.

Goed groen voor de Gorcumer (mooi en aantrekkelijk) Tijdens bijeenkomsten, online polls en de straatactie hebben mensen hun mening gegeven over verschillende soorten groen, zoals groene daken, gevels, gazons, parken en tuinen. Zie ook bijlage I en III voor de resultaten. De reacties maken duidelijk zien wat voor groen mensen graag zien. Het was opvallend was dat de meesten liever gevarieerd groen zien met veel bloemen, dan een keurige omgeving met gemaaid gras. Ook bij de straatactie op de Haarsenkaden vonden inwoners een groene ruimte met veel bloemen en bloeiende struiken mooier dan alleen een gazon met bomen (zie ook figuur 10). Zie ook figuur 11 voor het resultaat van de poll over gemaaide bermen. De meeste respondenten hadden de voorkeur voor een gemaaide berm met (veel) bloemen en juist niet voor een gemaaide berm met alleen kort gras. Ook op de informatiebijeenkomsten kozen de meesten voor de optie van een gemaaide berm met veel bloemen.

12

Van de tuinen kozen velen voor de beelden met het meeste groen. De meesten kozen tijdens de bijeenkomsten voor een tuin met veel bloemen en bloeiende struiken (zie figuur 12). Ook bij de polls op social media hadden de meeste respondenten de voorkeur voor de tuin met veel groen. Daarnaast werd een groene uitstraling langs waterkanten erg gewaardeerd, terwijl deze plekken nu vaak verhard en strak zijn.

Tegelijkertijd waren mensen terughoudend bij de meest ingrijpende toekomstbeelden. Niet iedereen vind het fijn als parken volledig dichtgegroeid zijn met bomen en struiken, waardoor het zicht verdwijnt. Mensen geven duidelijk de voorkeur aan een groene omgeving, maar die wel enigszins verzorgd en netjes is. Conclusie kwalitatief groen Uit de participatie blijkt dat onze inwoners veel bloemen en variatie (met bloeiende planten) erg waarderen in openbare ruimtes, maar ook in tuinen. Dit is een ander beeld dan hoe de openbare ruimte er nu uitziet. Het meeste groen bestaat vooral uit gazons die vaak en strak worden gemaaid. Er zijn veel onderhoudsvrije exotische struiken in plantvakken die netjes worden onderhouden. De waterkanten zijn afgewerkt met harde materialen (beschoeiing). Het onderhoud van nu is dus vooral gericht op netheid en een verzorgd uiterlijk. Dit beeld strookt niet helemaal (meer) met wat mensen graag zien. Veel mensen gaven aan bloemen te missen tussen het gras, maar ook de variatie in het groen. Ze waarderen groen dat robuust, bloemrijk en afwisselend is, maar wel zo dat het veilig blijft en niet rommelig oogt. Om dit te bereiken, moet de manier waarop de gemeente het groen wordt onderhouden en beheerd, deels anders.

13

2.6 Reikwijdte radicale vergroening Waar is radicale vergroening mogelijk? Radicale vergroening is belangrijk in zowel stedelijke gebieden als buiten de stad. Het heeft vooral veel effect in de stad, waar veel stenen en gebouwen zijn en waar de problemen het grootst zijn. Dit geldt voor de openbare ruimte, zoals straten en parken, maar ook voor privéterreinen. Daarom is het vastleggen van vergroening in beleid bij nieuwe bouwprojecten een goede manier om grote veranderingen te bereiken, zowel in openbare als in private ruimtes. Bij radicale vergroening gaat het niet alleen om tuinen, parken en plantsoenen, maar ook om ander groen, zoals groene daken, planten op gevels, kleine groene plekjes bij huizen en andere plekken met planten. Daarnaast horen waterplekken zoals vijvers, sloten en natuurvriendelijke oevers ook bij het totaalbeeld. Deze ‘blauwe’ elementen zorgen voor meer afwisseling en maken de stad ook mooier en beter. Gemeentelijke rol bij nieuwe bouwprojecten Bij nieuwe bouwprojecten1 (of nieuwbouw) ontstaan veel kansen om de stad radicaal groener te maken. De gemeente kan hier een grote rol in spelen. Er zijn verschillende manieren waarop de gemeente dit kan doen (zie figuur 13). Het advies is dat de gemeente een regulerende rol neemt. Dit betekent dat de gemeente regels opstelt en zorgt dat radicale vergroening wordt vastgelegd (zoals in het omgevingsplan).

Daarnaast kan de gemeente ook zelf zorgen voor meer groen in de openbare ruimte, zodat zij het goede voorbeeld geeft aan inwoners (een realiserende rol). Om dit concreet te maken spreekt de gemeente de ambitie uit om per jaar in minimaal vijf projecten radicaal te vergroenen. Dit zijn dan zowel grote (zoals woningbouw) als kleine projecten (het herinrichten van een straat). Gemeentelijke rol in bestaande situaties Bij bestaande gebouwen en ruimtes is het anders. Daar zijn minder mogelijkheden om de stad radicaal te vergroenen, omdat er niet veel ruimte vrij komt zoals bij nieuwbouw. Ook hier kan de gemeente verschillende rollen vervullen. Het advies is om vooral samen te werken met inwoners, ondernemers en bedrijven. De gemeente kan hen helpen en ondersteunen om zelf meer groen aan te leggen. Het stimuleren van inwoners om hun eigen omgeving groener te maken is belangrijk, omdat ook in privégebieden problemen zoals te veel regenwater en hitte spelen. Net als bij nieuwbouw telt al het groen mee voor radicale vergroening. Ook hier zijn waterplekken (blauwe waarden) een belangrijk onderdeel.

14

2.7 Naar kaderstelling Algemeen De bijeenkomsten hebben duidelijk gemaakt wat radicale vergroening voor de stad betekent. Een betere borging is belangrijk om in de toekomst meer en beter groen aan te brengen. Het huidige beleid richt zich hier niet genoeg op. Daarom adviseren we om bepaalde kaders te gebruiken om het groen te versterken (zie de volgende paragrafen). De 3+30+300 regel inzetten Een belangrijk kader dat we willen toepassen is de 3+30+300-regel (Cobra et al, 2024). Mensen moeten vanuit hun huis, werk of andere gebouwen minimaal drie grote bomen kunnen zien. Dit helpt om mensen zich beter te voelen en ontspanning te vinden. Verder moeten buurten minstens 30% van hun oppervlakte bedekt zijn met boomkronen. Dit zorgt voor verkoeling, schonere lucht en helpt mensen gezonder te zijn en meer contact met elkaar te hebben. Mensen moeten binnen 300 meter van hun woning toegang hebben tot een groot groen gebied, waar ze kunnen wandelen of fietsen. Zodat ze een koelteplek hebben. Zie ook figuur 14.

De gemeente ambieert om in 2050 geen “open plekken” meer te hebben. Dat betekent dat in 2050 elke woning of gebouw uitkijkt op drie bomen, elke wijk of buurt een kroonbedekking heeft van 30% en dat inwoners op binnen 300 meter van hun woning toegang hebben tot een groot groen gebied. Minimaal 30% groenblauwe inrichting Het is als stad nodig om nieuwe groene ruimtes te maken om meer groen te ontwikkelen. En om te kunnen groeien van een 43% groene stad naar een 47,5% groene stad. Bij nieuwe (bouw)projecten moet daarom minimaal 30% van de ruimte bestaan uit groen en water. Vooral verharde gebieden met weinig groen, die vrijkomen voor ruimtelijke ontwikkelingen, dragen effectief bij aan de groene groei van de stad. Dit is bij voorkeur te realiseren met boomkronen. Het is op bepaalde plekken lastig om genoeg boomkronen (minimaal 30%, conform de 3+30+300-regel) te ontwikkelen. Denk als reden aan kabels en leidingen in de grond, waardoor aanplant van bomen niet kan. Daarom telt ander groen, zoals struiken, planten aan gevels en waterplekken mee om aan die 30% te komen. Ander groen zorgt ook voor meer variatie en dat is goed voor de biodiversiteit. Met andere woorden mocht het niet lukken om voldoende bomen aan te planten, tellen struiken of bloemrijk gras ook mee om toch een groene ruimte te maken.

15

Meer en goed groen We willen niet alleen meer groen, maar ook kwalitatief goed (of beter) groen. Volgens de omgevingsvisie moet de stad klimaatbestendig zijn, goed voor onze gezondheid en goed voor dieren en planten. Groen is hiervoor erg belangrijk, maar de kwaliteit moet ook beter worden. In een plangebied met veel groen in de bestaande situatie, gaat het er meer om het bestaande groen te behouden en te versterken in kwaliteit. Daarom is er bij nieuwe bouwprojecten een groenparagraaf nodig waarin staat hoe het plangebied groener wordt en het groen zelf kwalitatief beter wordt. Daarom is een beschrijving nodig van welk en hoeveel groen er nu is en wat de kwaliteit ervan is. En wat voor groen er in de toekomst komt (en hoe dat meer bijdraagt aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid. Bescherming groenblauwe zones In de omgevingsvisie staat dat we belangrijke groene en blauwe (waterrijke) gebieden in de stad willen versterken en met elkaar willen verbinden. Deze gebieden zijn heel belangrijk omdat ze helpen om hitte te verminderen, goed zijn voor onze gezondheid en zorgen voor meer planten en dieren. Iedereen op de bijeenkomsten was het er mee eens dat het behoud en versterken van die gebieden verplicht moet worden. Deze bedoeling staat al op kaart in het gebiedspaspoort WWW (2025) Woonwijken West (zie figuur 15).

Nieuwbouw (of andere grote veranderingen) in deze gebieden zijn mogelijk, maar alleen als de kwaliteit en hoeveelheid van het groen en water beter worden en als deze gebieden goed met elkaar verbonden blijven en versterkt worden, zoals in de omgevingsvisie staat.

2.8 Voorbeeld voormalig vakcollege ‘t Gilde Situatie bestaand In kader 1 staat een voorbeeld van het voormalige vakcollege ‘t Gilde. Op dit moment bestaat het gebied uit verharde oppervlakken en een beetje groen. Vanuit het gebouw is het niet mogelijk om minstens drie bomen te zien. Het beetje groen dat er is, wordt strak onderhouden, maar niemand gebruikt het echt. Het water kan slecht weglopen omdat het via de verharde delen moet. Ook leven er maar weinig dieren in dit gebied. Situatie in de toekomst Na de nieuwbouw is het percentage groen toegenomen, van 10% naar 30%. De bewoners zien vanuit hun huis nu minimaal drie bomen. Er is ook veel meer afwisseling in de planten, met meer bloemen en struiken, wat goed is voor de dieren en planten in de buurt. Er is meer schaduw en er is ook meer ruimte waar water kan worden opgevangen. In het nieuwe parkje komen veel inwoners om elkaar te ontmoeten, een wandeling te maken of om de hond uit te laten.

16

Groenparagraaf ‘t Gilde ervoor

Groenparagraaf ’t Gilde erna

Oppervlakte verhard/onverhard: 90%/10%

Oppervlakte verhard/onverhard: 70%/30%

Aantal bomen: 10 solitaire bomen op erfgrens

Aantal bomen: 20 bomen van verschillende soorten en grootte

Overig groen: blokhagen en gazon

Overig groen: speeltuin, bloemrijk gras, hagen, vogelbosjes

Waarde groen biodiversiteit: laag Kans op hittestress: hoog Kans op wateroverlast: hoog Waarde groen gezondheid: laag Waarde groen omgeving: laag

Waarde groen biodiversiteit: hoog Kans op hittestress: laag Kans op wateroverlast: laag Waarde groen gezondheid: hoog Waarde groen omgeving: hoog

Voormalig ‘t Gilde Vakcollege ervoor

‘Voormalig ‘t Gilde Vakcollege erna

17

3. Natuurinclusief Gorinchem 3.1 Natuurinclusief Gorinchem Definities Biodiversiteit betekent verschillend leven (bio = leven, diversiteit = verschil). Het verwijst naar alle planten en dieren die in Gorinchem voorkomen. Onze stad heeft een grote verscheidenheid aan landschappen die ruimte bieden aan een rijk flora- en faunaleven. Denk bijvoorbeeld aan de stadswallen, de uiterwaarden (zoals de Woelse waard), de parken (zoals het Landschapspark) en het buitengebied. Een bijzondere soort is de kolblei (ook wel bliek genoemd), een karperachtige vis die typisch is voor voedselrijke watergangen. Vroeger was deze eetbare zoetwatervis een belangrijke voedselbron voor de inwoners van Gorinchem. Daarom is de bliek gekozen als symbool (of “drager”) van de natuur en van het programma Bliekse Natuur in Gorinchem (zie figuur 16). Onze biodiversiteit staat onder druk. Een oplossing is om natuurinclusief te bouwen. Dit betekent dat bij nieuwbouwprojecten ruimte gemaakt wordt voor wilde planten en dieren, zoals door nestkasten in te bouwen.

ruimtes voor dieren in en rondom een woning (Bron: Puntensysteem stimuleert natuurinclusief bouwen

In de Omgevingsvisie staat dat de stad in 2050 veel groener wordt en er meer verschillende planten en dieren leven. De Omgevingsvisie geeft geen duidelijke uitleg over wat natuurinclusief bouwen2 precies inhoudt en ook niet wat biodiversiteit precies betekent. In het Gebiedspaspoort Woonwijken West (2025) staat de volgende definitie: zodanig bouwen dat een bouwwerk bijdraagt aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden). Bezien vanuit de bedoeling van de omgevingsvisie wordt met natuurinclusief bouwen het volgende bedoeld: nieuwe (bouw)projecten bieden ruimte aan planten en dieren om er te (over)leven. Deze definitie is breder in de zin dat alle projecten in de stad (ook in een niet bebouwde omgeving) een bijdrage kunnen leveren aan de biodiversiteit. Planten en dieren in Gorinchem stellen voorwaarden aan plaatsen waar ze voorkomen. Zie figuur 17. Hier staan de kenmerkende planten en dieren. Elke soort komt in bepaalde stadsdelen voor. Ze komen in dezelfde omgeving voor als hun behoeftes overlappen. Ook binnen stadsdelen zijn er verschillen in waar soorten voorkomen. Zo broeden huismussen in gebouwen terwijl egels zich in dicht struikgewas voortplanten. We hanteren de biotoopbenadering om goed natuurinclusief te bouwen. Dat zijn de voorwaarden waaraan een gebied moet voldoen zodat de soort er kan (over)leven.

Dit wordt ook wel uitgedrukt in de zes v’s (voldoende voortplanting, voedsel, vocht, veiligheid, variatie en verbindingen). Een soort ontbreekt vaak op een bepaalde plek als één of meer v’s ontbreken.

18

In Gorinchem komen namelijk 1000-en soorten planten en dieren voor. Met natuurinclusief bouwen willen we zo veel mogelijk soorten helpen. Dit lukt helaas niet voor alle soorten. We kiezen daarom voor Bliekse doelsoorten3. Dit zijn voorbeeldsoorten waar we ons op focussen met natuurinclusief bouwen. Ze helpen andere soorten die voorkomen onder vergelijkbare omstandigheden.

3.2 Rol en kaders Nieuwbouw en bestaande situaties In geval van nieuwbouw ontstaan veel kansen om natuurinclusief te bouwen. De natuur houdt zich daarbij niet aan grenzen. Natuurinclusief bouwen is dus overal van meerwaarde, zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Zowel aan gebouwen, als in de openbare ruimte en in private gebieden. Hiermee is de impact groot om de biodiversiteit te stimuleren. Borging van natuurinclusief bouwen is ook goed mogelijk via het omgevingsplan. Het advies is om een regulerende rol aan te nemen in geval van nieuwbouw. Ook gaan we zelf aan de slag om natuurinclusief te bouwen (zelf realiseren). Zie ook figuur 7. In geval van bestaande situaties is sprake van een andere situatie. Hier zijn niet veel kansen om natuurinclusief te bouwen, omdat er niet veel ruimte vrij komt, zoals bij nieuwbouw. Als gemeente kunnen we bij bestaande bouw minder impact maken. Het advies is dat we een samenwerkende en ondersteunende rol aan te nemen. Dit om inwoners, maar ook ondernemers en het bedrijfsleven te stimuleren om natuurinclusief te bouwen. Naar kaderstelling Het advies is om in het omgevingsplan vast te leggen dat natuurinclusief bouwen een verplicht onderdeel wordt bij nieuwe bouwprojecten. Natuurinclusief bouwen kan het beste gebeuren door voor minimaal drie soorten een geschikt biotoop te maken.

Er is veel maatwerk mogelijk in de keuze van maatregelen om Bliekse doelsoorten te helpen. Afhankelijk van de aard van de nieuwbouw kunnen daarom altijd voorzieningen gemaakt worden om die planten en dieren te faciliteren. Wel dienen alle voorzieningen voor planten en dieren bestendig te zijn. Dat betekent dat de initiatiefnemer een beheer- en onderhoudsplan maakt.

19

4. Dit beleidskader 4.1 Beknopte samenvatting Dit beleidskader gaat over de vraag hoe Gorinchem radicaal kan vergroenen en natuurinclusief kan worden. Wat radicaal vergroenen precies betekent is niet helder uitgeschreven. Daarom gingen we op zoek naar wat we daar eigenlijk onder verstaan. We vonden het belangrijk om samen radicale vergroening vorm te geven. Daarom vroegen we collega’s, raadsleden en inwoners om mee te denken. Tijdens bijeenkomsten hebben deelnemers hun mening gegeven op de toekomstbeelden en op de stellingen. De sessies hebben geresulteerd in een goed beeld over hoe we Gorinchem radicaal kunnen vergroenen. En hoe we in de stad goed natuurinclusief kunnen bouwen.

4.2 Kaders Nieuwe kaders zijn belangrijk om in de toekomst meer en beter groen aan te brengen en om natuurinclusief te bouwen. We kiezen er in Gorinchem voor om dit op de volgende manier te doen: •

•

• • • •

• •

We stellen de groeiambitie voor ons groen vast, van 43% nu naar 47,5% in 2050. Dat betekent dat we meer groen in de stad gaan ontwikkelen dan er nu aanwezig is. Daarbij kijken we zowel naar de openbare ruimte, als stimuleren we inwoners om hun eigen tuinen te vergroenen. We stellen de ambitie voor ons groen vast om de kwaliteit ervan te verbeteren. Daarbij kiezen we voor kwaliteit dat aan drie doelen bijdraagt: Zo richten we ons groen beter in als buffer tegen een veranderend klimaat. Groen dat beter is als leefgebied voor planten en dieren. Groen dat aantrekkelijker is voor ons om er te bewegen, te spelen en te ontmoeten. We kiezen bewust onze rol als gemeente. Namelijk een regulerende en realiserende rol om radicaal te vergroenen bij nieuwe (bouw)projecten. We gaan daarvoor aan de slag met regels in het omgevingsplan. We stellen de ambitie vast om elk jaar in minimaal vijf projecten werk te maken van radicaal vergroenen. We stellen de ambitie vast dat elke woning/gebouw in 2050 zicht heeft op minimaal drie bomen, elke buurt minimaal een boombedekking heeft van 30% en dat er binnen 300 meter van een woning/gebouw een groot, groen gebied aanwezig is.

We borgen bij nieuwe (bouw)projecten dat er meer en kwalitatief beter groen komt, door: o de 3+30+300-regel in te zetten; o bij elke inrichting minimaal 30% groene en groenblauwe zones aan te (laten) leggen; o een groenparagraaf te maken waarin de wijze van vergroening is uitgewerkt; o in belangrijke groenblauwe zones (conform de groenblauwe structuurkaart) alleen nieuwe (bouw)projecten toe te staan als de groenblauwe waarden versterkt worden. We pakken een regulerende en realiserende rol om natuurinclusief te bouwen bij nieuwe (bouw) projecten. En een samenwerkende en ondersteunende rol bij bestaande bouw; We borgen dat natuurinclusief gebouwd wordt bij elk nieuw (bouw)project. Zo zorgen we ervoor dat we onze planten en dieren in de stad behouden voor de toekomst.

4.3 Tot slot Na de vaststelling van deze kaders, is het duidelijk op welke manier Gorinchem er werkt van maakt om de stad radicaal te vergroenen en natuurinclusief te maken. De uitwerking van de kaders vindt plaats in het programma Bliekse Natuur. Voor de borging van het beleid is het nodig om regels voor radicale vergroening en natuurinclusief bouwen vast te leggen in het Omgevingsplan. Hoe de regels vorm kunnen krijgen in het Omgevingsplan, wordt in hetzelfde programma uitgewerkt.

20

Bijlage I. Gebruikte posters en resultaten bijeenkomsten

21

22

23

24

25

26

Bijlage II. Het percentage groen per buurt

27

28

Bijlage III. Verslag online interactie over groen en natuur

29

30

31

Bereikte accounts 1159 Aantal reacties 159

Bereikte accounts 1121 Aantal reacties 204

Bereikte accounts 1107 Aantal reacties 391

32

33

34

35

Bereikte accounts 993 Aantal reacties 242

Bereikte accounts 953 Aantal reacties 260

Bereikte accounts 948 Aantal reacties 345

36

Bereikte accounts 1046 Aantal reacties 262

Bereikte accounts 1036 Aantal reacties 349

Bereikte accounts 1014 Aantal reacties 414

37

38

39

40

41

Bereikte accounts 991 Aantal reacties 244

Bereikte accounts 966 Aantal reacties 247

Bereikte accounts 952 Aantal reacties 288

42

Bereikte accounts 1129 Aantal reacties 304

Bereikte accounts 1108 Aantal reacties 305

Bereikte accounts 1073 Aantal reacties 309

43

Bereikte accounts 1079 Aantal reacties 207

Bereikte accounts 1041 Aantal reacties 217

Bereikte accounts 1005 Aantal reacties 302

44

Bereikte accounts 1029 Aantal reacties 248

Bereikte accounts 987 Aantal reacties 284

Bereikte accounts 942 Aantal reacties 367

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=4d7e00df-8d63-41c5-903b-8300bf997d42