Agendabundel
Tekst van het document
247
Efficiency Parkeerketen Taakstelling organisatie
88
Jaarstukken 2024 Nog te realiseren bestaande taakstellingen
2025
2026
2027
0
0
0
Jeugdzorg Hervormingsagenda
2028 0
Dekking hogere kosten sociaal team
489
Besparing MJOP Vastgoed
247
247
247
Efficiency Parkeerketen
100
100
100
100
Taakstelling organisatie
182
182
182
182
Totaal nog te realiseren bestaande taakstellingen
282
529
529
1.018
Nieuwe taakstellingen
2025
2026
2027
2028
44
143
309
309
175
200
225
178
168
687
702
Nog in te vullen taakstelling subsidies Nog in te vullen taakstelling efficiency organisatie Nog in te vullen taakstelling sociaal domein Totaal nog te realiseren nieuwe taakstellingen
44
318
Kans waarvoor geen rekening wordt gehouden met een financieel effect voor het weerstandsvermogen 9. Dividendinkomsten In de Perspectiefnota 2021-2024 is het dividend voor Stedin op nihil gesteld gezien de energietransitie en de daarvoor benodigde middelen. Het Rijk heeft inmiddels voor € 500 mln. een aandelenbelang genomen om Stedin te faciliteren bij het verwezenlijken van de energietransitie. Daarnaast lopen overleggen met provincies en gemeenten in het verzorgingsgebied van Stedin die nog geen aandeelhouder zijn om ook te participeren. De stabiliteit van Stedin is dan ook toegenomen waardoor de verwachting is dat dividenduitkeringen weer mogelijk zijn.
3.1.4
Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen (ook wel weerstandsratio) is de deling van de beschikbare weerstandscapaciteit door de benodigde weerstandscapaciteit. Weerstandsvermogen
Ruim voldoende
Jaarrekening 2023
Weerstandsvermogen
1,4 < x < 2,0
1,39
Weerstandsvermogen
Jaarrekening Prognose 2024 31-12-2025 1,59
1,53
1,48
1,42
excl. Meerjarige saldi
Het weerstandsvermogen per 31-12-2024 komt uit op 1,59. Dit is binnen de gestelde bandbreedte van 1,4 tot 2. De verwachting is dat de weerstandsratio in 2025 ook binnen deze bandbreedte blijft.
3.1.5
Financiële kengetallen
Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de jaarrekening en/of de balans. Deze kengetallen kunnen behulpzaam zijn bij het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. Elk kengetal lichten we toe en vergelijken we met signaleringswaarden van de provincie Zuid-Holland. De provincie hanteert de volgende drie categorieën: minst risicovol, neutraal en meest risicovol. Wij benadrukken dat we voorzichtig moeten omgaan met conclusies trekken uit individuele kengetallen. De kengetallen moeten altijd in samenhang bekeken worden.
89
Jaarstukken 2024 Netto schuldquote Netto schuldquote (bedragen x € 1.000)
Jaarrekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
A
Vaste schulden
77.534
149.445
175.159
187.370
186.793
B
Netto vlottende schuld
4.202
10.000
10.000
10.000
10.000
C
Overlopende passiva
32.128
10.287
10.180
10.357
9.030
D
Financiële vaste activa (cf. art. 36 lid d, e en f)
3.709
4.209
4.198
4.198
4.198
E
Uitzettingen < 1 jaar
14.494
7.000
7.000
7.000
7.000
F
Liquide middelen
440
0
0
0
0
G
Overlopende activa
H
Totale baten (exclusief mutaties reserves)
I
5.164
1.000
1.000
1.000
1.000
186.914
182.318
162.894
164.757
159.028
Netto schuldquote (A+B+C-D-E-FG)/H x 100%
48%
86%
112%
119%
122%
Financiële vaste activa (exclusief uitstaande leningen)
2.643
2.643
2.643
2.643
2.643
Netto schuldquote (A+B+C-E-F-GI)/H x 100%
49%
87%
113%
120%
123%
Signaleringswaarde provincie: <90% is minst risicovol, 90-130% is neutraal en >130% is meest risicovol
De netto schuldquote is het totaal van de leningenportefeuille verminderd met de eigen middelen. Hierdoor ontstaat een indicatie van de druk van de rentelasten op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre de gemeente geld doorleent, is ook de netto schuldquote exclusief doorgeleende gelden weergegeven. De lage netto schuldquote is met name veroorzaakt door de bestemming van de Eneco-gelden. De netto schuldquote neemt toe in de komende jaren, voornamelijk als gevolg van de geplande nieuwe investeringen. Deze leiden tot een toename van de schulden. De schuldquote bevindt zich met ingang van 2026 in de bandbreedte van de categorie neutraal. Deze ontwikkeling is in aanloop naar de Perspectiefnota 2021-2024 onderkend. Dit is mede de reden geweest dat er maatregelen zijn getroffen om de schuldpositie niet verder op te laten lopen. Op basis van de huidige keuzes, inzichten en prognoses zal de schuld na 2027 afnemen. Solvabiliteitsratio Solvabiliteit (in procent)
Jaarrekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
A
Eigen vermogen (cf. art. 42 BBV)
121.406
112.021
113.228
112.810
111.687
B
Balanstotaal
259.284
303.448
331.134
343.388
341.641
47%
37%
34%
33%
33%
Solvabiliteit (A/B) x 100%
Signaleringswaarde provincie: >50% is minst risicovol, 20-50% is neutraal en <20% is meest risicovol
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de verhouding van het eigen vermogen tot het balanstotaal. Dit laat zien dat we op de lange termijn aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. De dalende trend wordt met name veroorzaakt door de investeringsplanning en de daarmee verwachte stijging van het balanstotaal. Op basis van de signaleringswaarde is de solvabiliteitsratio neutraal.
90
Jaarstukken 2024 Structurele exploitatieruimte Structurele exploitatieruimte (bedragen x € 1.000)
Jaarrekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
A
Totale structurele lasten
162.890
160.324
145.300
149.352
143.585
B
Totale structurele baten
173.831
166.357
148.347
151.063
145.781
C
Totale structurele toevoegingen aan de reserves
24
24
24
24
24
D
Totale structurele onttrekkingen aan de reserves
74
25
75
75
50
E
Totale baten (exclusief mutaties reserves)
186.914
197.278
167.967
167.183
160.711
6%
3,1%
1,8%
1,1%
1,4%
Structurele exploitatieruimte ((B-A) +(D-C))/E x 100%
Signaleringswaarde provincie: >0% is minst risicovol, = 0% is neutraal en <0% is meest risicovol
Het kengetal structurele exploitatieruimte laat zien of de structurele baten voldoende zijn om de structurele lasten te dekken. De signaleringswaarde structurele exploitatieruimte blijft positief.
Grondexploitatie Kengetal grondexploitatie (bedragen x € 1.000)
Jaarrekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
A
Bouwgronden in exploitatie
52.020
54.214
61.664
63.291
58.329
B
Totale baten (exclusief mutaties reserves)
186.914
182.318
162.894
164.757
159.028
28%
30%
38%
38%
37%
Grondexploitatie (A+B)/C x 100%
Signaleringswaarde provincie: <20% is minst risicovol, 20-35% is neutraal en >35% is meest risicovol
Het kengetal grondexploitaties geeft de boekwaarde van grondexploitaties weer ten opzichte van de totale baten van de gemeente. Dit kengetal geeft twee zaken weer. Allereerst is er een risico dat de gemeente bij verkoop van de gronden niet de gehele boekwaarde kan realiseren. Als tweede kan een hoge boekwaarde wel betekenen dat bij verkoop de opbrengsten (incidentele baten) gebruikt kunnen worden om bijvoorbeeld de leningenportefeuille af te bouwen. Op basis van de signaleringswaarde komt de signaalwaarde in de toekomst uit in de categorie meest risicovol. Dit wordt met name veroorzaakt door de grondexploitatie Groote Haar, waarvoor de investeringen eerst moeten worden gedaan, maar de inkomsten pas later (buiten dit meerjarenperspectief) gerealiseerd zullen worden.
91
Jaarstukken 2024 Belastingcapaciteit Belastingcapaciteit (in euro's)
Jaarstukken 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
A
OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde
325
353
353
353
353
B
Rioolheffing voor een gezin
201
201
201
201
201
C
Afvalstoffenheffing voor een gezin
365
400
400
400
400
D
Eventuele heffingskorting
0
0
0
0
1
E
Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde
891
954
954
954
953
F
Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin (in jaar t -1)
944
994
994
994
994
Woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde jaar er voor (E/F) x 100%
94%
96%
96%
96%
96%
Signaleringswaarde provincie: <95% is minst risicovol, 95-105% is neutraal en >105% is meest risicovol
De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk van de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde van 100%. De komende jaren ligt de belastingdruk rond het landelijk gemiddelde en is op basis van de signaleringswaarde neutraal. Financiële kengetallen in perspectief
Kengetallen die op groen staan, beoordelen we als een gezonde situatie. Kengetallen die op rood staan, geven aanleiding tot zorgen en vragen dus nadere aandacht. Vanaf 2026 neemt het aantal groene kengetallen af. Er is nog steeds een trend van oplopende schulden, daardoor afnemende solvabiliteit en een hoog geïnvesteerd vermogen in de grondexploitaties. Met de ingezette lijn bij de Perspectiefnota 2021 (op basis van gesprekken met de klankbordgroep Financiën) is ingegrepen om deze financiële trend in de hand te houden en de risico's te beperken.
92
Jaarstukken 2024
3.2
Onderhoud kapitaalgoederen
3.2.1
Inleiding
We maken voor de kapitaalgoederen onderscheid tussen vastgoed (paragraaf 3.2.3) en niet-vastgoed (paragraaf 3.2.4). Zo houden we aansluiting bij de verdeling die in de paragraaf Grondbeleid staat. We lichten de kapitaalgoederen en het bijbehorende onderhoud per categorie toe. De kosten van het geplande groot onderhoud aan onze kapitaalgoederen worden uitgesmeerd over een periode van 20 jaar en jaarlijks verrekend met de onderhoudsvoorziening. Doel hiervan is het tegengaan van fluctuaties in de (meerjaren)begroting. Voor het kleine dagelijks en jaarlijks onderhoud zijn reguliere exploitatiebudgetten in de begroting opgenomen. Eventuele verschillen hierop vormen onderdeel van het jaarrekeningresultaat.
3.2.2
Vastgoed
De gemeente Gorinchem heeft vastgoed in eigendom. Hiermee kan zij sturen op gewenste maatschappelijke ontwikkelingen en doelstellingen. Vastgoed wordt verkocht als het niet meer nodig is om voornoemde doelen of ontwikkelingen te realiseren. De verkoop vindt plaats binnen de kaders van het Didam-arrest. De gebouwen die Gorinchem bezit, zijn te verdelen in: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Woningen en panden Onderwijspanden Panden Stichting Gorinchemse Sportaccommodaties Panden voor kunstuitoefening Panden maatschappelijke zorg Gemeentelijk onroerend goed
Het gemeentelijke vastgoed wordt elk jaar tegen het licht gehouden en het feitelijk gebruik en het perspectief van de panden wordt geactualiseerd. In februari 2020 is de nota Vastgoedbeleid 2020-2023 door de raad vastgesteld. Hierin liggen de beleidskaders vast van het vastgoedbeleid en wordt aangegeven op welke wijze gemeentelijk vastgoed wordt ingezet als sturingsmiddel op het effectueren van maatschappelijke en publieke doelstellingen. In 2022 is het Meerjarenonderhoudsplan geactualiseerd en vastgesteld door de raad. In 2024 zijn de panden conform het MJOP onderhouden, met uitzondering van De Nieuwe Doelen. Aanvullend op het reguliere onderhoud en het in programma Duurzaamheid genoemde werkprogramma Verduurzaming gemeentelijk vastgoed zijn er een aantal zaken betreffende het vastgoed die hieronder worden toegelicht. Feitelijke gegevens van het gemeentelijk vastgoed De gemeente bezit panden per peildatum 31 december 2024.
93