CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Parallelsessie zaal 7 4 december 2024, gemeente Gorinchem16.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ambitie(s)

Ontwikkelen van één of meerdere energiehubs. Een decentraal energiesysteem waarbij ondernemers en organisaties hun verbruik en (potentiële) capaciteit voor energieopwekking op elkaar afstemmen. Een energiehub kan ‘klein’ beginnen, door vanuit een collectief van bedrijven energiebehoeftes op elkaar af te stemmen en in te tekenen voor een groepscontract. Ook is het mogelijk om tegen vergoeding in te tekenen op een capaciteitsbeperkend contract, indien op bepaalde tijden de afname (of leveren) van energie beperkt kan worden. In beide gevallen kan gebruik worden gemaakt van de bestaande infrastructuur. We zeggen klein beginnen, maar klein is een relatief begrip. Deze stap vergt een behoorlijke vorm van organisatie en professionele begeleiding. Er zal een inventarisatie moeten worden gemaakt van energievraag en -levering op bedrijfsniveau, en die moet worden opgeschaald naar collectief niveau. Dit vraagt aan de voorkant een zekere organisatiegraad, professionele capaciteit (bv. in de vorm van een parkmanager) en collectief investeringsvermogen.

Context

Bij succes kan de energiehub worden opgeschaald door meerdere actoren te betrekken en/of te investeren in collectieve infrastructuur. Denk aan systemen voor duurzame opwekking, energieopslag en bijvoorbeeld collectieve laadpalen. Het is daarbij ook mogelijk om een koppeling te leggen tussen bedrijvencollectief en de energiebehoefte van nabijgelegen woonwijken. Voor het toewerken naar een energiehub heb je enige schaal nodig, een substantieel aantal bedrijven met zekere energievraag en opwekcapaciteit met een geografische concentratie. Het beginpunt is vaak een bedrijventerrein, want veel bedrijven op één plek, maar de begrenzing is meer diffuus en ook afhankelijk van de energie infrastructuur. Dit maakt het in principe ook mogelijk voor bedrijven buiten de terreinen om aan te sluiten bij een ‘hub’. Het relatief compacte karakter van Gorinchem lijkt in dit geval een voordeel, de geografische nabijheid maakt het makkelijker om gezamenlijk op te trekken.

14

• • Voordelen van de investering

• • • •

Wat is daar voor nodig

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) noemt organisatiecapaciteit als de meest cruciale voorwaarde om te komen tot een energiehub. En dat gekoppeld aan een vorm van professionele ondersteuning, de RVO spreekt van de noodzaak van een ‘parkmanager’. De parkmanager kan de verbindende factor zijn tussen de bedrijven enerzijds en de energiedeskundigen en netbeheerders anderzijds. Zeker in de oriënterende fase ligt de investering vrijwel geheel bij de ondernemers, zo geeft ook de RVO aan. Wanneer er een kansrijke businesscase ligt komen meer financiers en regelingen in zicht. Bij volledige exploitatie is geen aanvullende financiering meer nodig, het doel is mede ook om juist tot kostenbesparingen te komen. •

•

Wat vraagt dit van het fonds

2.2

Efficiëntere benutting van huidige netcapaciteit, opvangen van energiepieken, voorkomen netcongestie Ruimte bieden aan nieuwe bedrijvigheid met een energievraag, o.a. op terrein Groote Haar Bieden van leveringszekerheid gezien huidige volatiliteit van de energiemarkt, spreiden van risico’s voor bedrijven Verkrijgen van co2 reductie Verkrijgen van kostenvoordeel door onderlinge energielevering Meer eigen en lokale regievoering, afhankelijkheid van netbeheerders verkleinen

•

Ruimte voor investeren in professionele capaciteit die zorgt voor basisorganisatie van ondernemers, kan informeren en inspireren, contact legt tussen ondernemer en specialisten, en een oriënterend onderzoek mede kan begeleiden Een structuur met beperkte ‘schotten’ aan de voorkant, gezien hoge investeringskosten aan de voorkant en de mate waarin schaalvoordeel kan worden bereikt Procesgeld om te investeren in oriënterend onderzoeken en eerste opzet van energiehub(s). De omvang is afhankelijk van ambitie en vooraf lastig in te schatten. Een korte marktconsultatie laat zien dat bij volledige realisatie van een enkele energiehub met lokale opslag en opwekking de investeringskosten in de tonnen bedraagt (voor lokale actoren). Het eerste aanjaaggeld kan vanuit het fonds komen wat het ook mogelijk maakt om cofinanciering te verkrijgen. Met circa € 50.000 aan procesgeld kan er een start worden gemaakt en biedt de gelegenheid om andere ‘groene’ initiatieven (waterstofvulstation, onderlinge uitwisseling restrstromen) te stimuleren.

Veiligheid en parkmanagement

Ambitie(s)

Geografisch opschalen en verder professionaliseren van huidige beveiligingspakket Security5. Bestrijding van ondermijning en bewustwording van de risico’s ervan bij ondernemers en organisaties. Vestigen van professioneel parkmanagement.

Context

Bij de veiligheidsaanpak behoort ook het continueren van KVO-trajecten. En daarbij het vestigen van een stabiele samenwerking met politie, gemeente en brandweer. Professioneel parkmanagement veronderstelt een totaalpakket met reguliere contactmomenten voor ondernemers, algemene vraagbaakfunctie, alertheid voor onveilige/onwenselijke situaties op de terreinen, aanjagen van investeringen ter verbeteren van openbare ruimte en begeleiding van investeringsprojecten zoals de komst van energiehubs. 15

Veiligheidsinvesteringen zijn in principe niet beperkt tot de bedrijventerreinen. Het aansluiten bij een collectief pakket van alarmopvolging is in principe niet gebiedsgebonden. Ook maatschappelijke organisaties zoals bv. sportclubs kunnen veel baat hebben bij aansluiten bij veiligheidscollectieven. Sportvelden en-gebouwen zijn kwetsbaar voor insluiping, vandalisme en ook gebruik voor ondermijnende activiteiten. Door aan te haken op een collectief kunnen beveiligingskosten mogelijk beperkt worden. •

• Voordelen van de investering

• • •

Wat is daar voor nodig

Overkoepelende structuur voor veiligheidsoverleg en aansturing van parkmanager. Kan in een aparte entiteit (doorontwikkeling van huidige Security5) maar ook binnen een bestaand verband (commissie/werkgroep binnen IKG). •

Wat vraagt dit van het fonds •

2.3

Verbeteren van objectieve veiligheid, beperken/voorkomen van inbraken, verdachte situaties en andere criminele activiteiten evenals brandonveilige- en verkeersonveilige situaties Verbeteren van subjectieve veiligheid, beperken van gevoelens van onbehagen met name in de vroege ochtend en avonduren, versterken gevoel van veiligheid voor personeel/stagiaires/klanten/leveranciers en andere bezoekers Bestrijding van ondermijnende activiteiten, bewustwording bij ondernemers Begeleiding van thematische investeringen zoals komst van energiehub, arbeidsmarktprojecten, open bedrijvendagen Verhogen verblijfskwaliteit van bedrijventerreinen, vergroening, beter waterbeheer, biodiversiteit

Structureel langjarig budget voor parkmanagement en veiligheidsinvesteringen. Stabiliteit in de financiering gezien blijvende (onderhouds-)kosten, afschrijving op materialen en noodzaak van tijdige nieuwe investeringen. Inschatting is circa € 300.000 per jaar. Structuur met beperkte schotten aan de voorkant, bundeling van zoveel mogelijk terreinen en belangen om voldoende schaalvoordeel te verkrijgen

Onderwijs en arbeidsmarkt

Ambitie(s)

Structurele financiering voor bewezen effectieve programma’s zoals i_lab en Wetech. Ruimte voor nieuwe initiatieven maken bijvoorbeeld (onderzoek naar) collectieve bedrijfsopleidingen, open bedrijvendagen, stagemarkten, banenmarkten en ‘field labs’ (studenten laten werken aan reële maatschappelijke vraagstukken met participatie van bedrijven).

Context

De regio investeert stevig in de relatie tussen onderwijs en arbeidsmarkt, mede bedoeld om het jonge talent aan Gorinchem en omgeving te binden. Het i_lab is een succesvol voorbeeld van een partnerschap tussen scholen, overheden en bedrijven. Dat partnerschap heeft ook een stevige financiële basis nodig. Met een fonds kan die basis worden verschaft vanuit het bedrijfsleven en deels het onderwijs zelf (als mede participant in het fonds). Bovendien zijn er andere belangrijke netwerken en programma’s als Wetech en Sterk Techniekonderwijs waar een stevige link met het bedrijfsleven cruciaal is. •

Voordelen van de investering

•

Continuering en mogelijke uitbouw van succesvolle programma’s gericht op meer samenwerking tussen bedrijven en onderwijs, goede lokale loopbaanoriëntatie, behoud van jong talent en innovatie in het onderwijs Meer bedrijven betrekken bij activiteiten vanuit deze netwerken, financiële drempel verlagen om mee te doen 16

• •

Wat is daar voor nodig

Structureel budget waar alle bedrijven naar rato aan meebetalen. Eén duidelijke entiteit waar regie plaatsvindt over gewenste investeringen in onderwijs-arbeidsmarktprojecten. •

Wat vraagt dit van het fonds

• •

2.4

Meer samenhang in investeringen, beter mederegie kunnen voeren en belangen van bedrijfsleven hierin goed articuleren Ruimte geven aan nieuwe iniatieven ten behoeve van de lokale arbeidsmarkt en de uitwisseling met het onderwijs

Structureel langjarig budget voor thema onderwijs-arbeidsmarkt, inschatting bezien vanuit huidige financieringsvraag i_lab en budgetruimte voor andere initiatieven is € 100.000 per jaar. Structuur met beperkte schotten aan de voorkant, ieder bedrijf moet kunnen aanhaken Coördinatie van inhoudelijke besluitvorming (hoeveel budget naar welk programma) en begeleiding van de uitvoering binnen één entiteit. Optie is om dit via een overkoepelend platform te laten lopen (zie hoofdstuk 3).

Verbreden van de citymarketing

Ambitie(s)

De status van Gorinchem als ‘werkstad’ een vast onderdeel te laten zijn van de citymarketing. Bedrijven uit de buitenstad nadrukkelijker betrekken bij de citymarketing. Verbreden van de scope van de marketing, naast binden en boeien van bezoekers ook richten op bewoners, bedrijven en nieuw talent (‘kenniswerkers’). Gebieds- of citymarketing is een ‘ruig’ vak. Het raakt bijna iedereen, veel mensen hebben er een mening over, de resultaten zijn maar beperkt meetbaar, organisaties zijn soms niet stabiel en veranderen vaak van naam, de omloopsnelheid van functionarissen is hoog en er wordt vaak opnieuw begonnen. Het zit dicht op de huid van ondernemers, bestuurders, inwoners en bezoekers. Gertjan Hospers, ooit de eerste hoogleraar in dit vak (in Twente), heeft een aantal jaren geleden een paar basisregels geformuleerd om enige stabiliteit te krijgen in deze ruigte. In het kort: •

• Context •

•

Houdt de overheid op afstand. Politieke opinies zijn te veranderlijk. De meeste stabiliteit wordt bereikt door bedrijven ‘in the lead’ te krijgen: de commerciële inslag zorgt voor scherpte en prestatiedruk De rol van de overheid zou die van ‘liefdevolle verwaarlozing’ moeten zijn: praat, geef je mening en stel middelen beschikbaar, maar laat anderen de keuzes maken en bemoei je niet met de uitvoering Zorg wel dat het bedrijven zijn met een lange termijn horizon, voorbij de grens van promotieacties voor twee of drie seizoenen. Hotels, industrieën, scholen en zakelijke dienstverleners zijn in dit opzicht goede partijen Zorg voor verbinding van doelgroepen: bezoekers, eigen bewoners, ondernemers, jongeren. Alleen richten op bezoekers is niet genoeg. Gebiedsmarketing hoort ook bij de vorming van een identiteit van een gebied en daar moeten bewoners en ondernemers zich in herkennen.

Op veel plekken gebruiken ondernemers de structuur van het fonds om meer grip te krijgen op de citymarketing. En dan met name de inzet op een meer brede profilering, waar ook bedrijven in de industrie en zakelijke dienstverlening zich in herkennen. Die ambitie leeft ook sterk in de buitenstad van Gorinchem. Voordelen van de investering

• • •

Betrekken van meer bedrijven bij de citymarketing Versterking van samenhang tussen buitenstad en binnenstad Bredere profilering van Gorinchem naar de buitenwereld 17

Wat is daar voor nodig Wat vraagt dit van het fonds

2.5

Mederegie vanuit de buitenstad op de citymarketing, private cofinanciering voor citymarketing vanuit de buitenstad, inzet op brede profilering van Gorinchem • •

Structureel langjarig budget vanuit de buitenstad voor citymarketing Goede overlegstructuur tussen binnenstad, buitenstad, gemeente en citymarketingorganisatie

Ruimte voor bijzondere posities

Ambitie(s)

Context

Het fonds moet een brede impuls bieden aan Gorinchem. Aandacht is nodig voor de bijzondere positie van zowel de binnenstad als de sportsector. Beiden krijgen binnen het fonds de volledige beschikking over een eigen trekkingsrecht naar rato van de inleg. De binnenstad beschikt reeds over een eigen financiële positie middels de Wet op BedrijvenInvesteringszones. Het gemeentebreed fonds en de BIZ zijn instrumenten die in de praktijk prima naast elkaar kunnen bestaan. In Zwijndrecht, Utrecht en Vlaardingen wordt dat al jaren in de praktijk gebracht. De afspraak is dat de BIZ-gebieden een eigen trekkingsrecht beheren binnen het fonds. Ze kunnen dit zien als een aanvulling op hun investeringsbudget of de verschillen kunnen met elkaar verrekend worden. Dit vergt een praktische werkafspraak tussen de BIZ en het fonds. Een eerste gesprek met een sportvertegenwoordiger heeft tot het idee geleid tot een eigen trekkingsrecht voor de sport. De formule van het fonds werd goed begrepen maar de samenhang met de IKG en de rest van de buitenstad werd niet direct gezien. Een eigen trekkingsrecht van de sport betekent de facto een Gorcums Sportfonds. Het idee van een sportfonds leeft al langer bij de sportclubs. Dit zou kunnen worden gebruikt om aan gezamenlijke inkoop te doen bijvoorbeeld op het gebied van materialen, gespijs en dranken voor de bar en beveiliging. •

Voordelen

• •

Wat is daar voor nodig Wat vraagt dit van het fonds

Honorering van bijzondere positie binnenstad, naast de algemene ambitie om meer organisatiekracht en investeringsvermogen in de buitenstad te verkrijgen Mogelijkheid voor sport om via Sportfonds aan eigen belangenarticulatie te gaan doen en gezamenlijke inkoop te organiseren Gebruik maken van beproefde systematiek van trekkingsrechten, veel succesvolle praktijkvoorbeelden in andere fondsen

Begrenzen van een eigen trekkingsrecht voor de binnenstad en de sport, naar rato van de inleg in het fonds. •

Inrichten van twee bijzondere trekkingsrechten: binnenstad en sport

18

3

Contouren van het Ondernemersfonds Gorinchem

We verkennen in dit hoofdstuk hoe het ondernemersfonds in Gorinchem eruit kan komen te zien. Het gaat om een schets, gebaseerd op landelijke praktijk en de signalen die we in Gorinchem van ondernemers hebben gekregen. Na de besluitvorming kan met dit algemene werkplan in de hand een start worden gemaakt met de inrichting van het fonds.

3.1

Opbouw van het fonds Het organiseren van het fonds is een kwestie van lokaal maatwerk. Lokale ambities en wensen zijn leidend bij de invulling. Dat maakt dat er veelkleurige verschillen zijn tussen al de bestaande fondsen. Zo zijn er gemeenten waar ondernemers kiezen voor veel trekkingsrechten, een eigen werkbudget voor ieder gebied en/of sector. Utrecht heeft ruim zeventig trekkingsrechten, Leeuwarden heeft er 35 en zelfs het niet al te grote Zwijndrecht heeft er 21. Andere fondsen kiezen juist voor minder maar wel meer professionele trekkingsrechten. Helmond heeft drie grote budgetbeheerders: het centrum, de bedrijventerreinen en de wijkwinkelcentra. En ook de stad Groningen doet het op die manier met slechts zes clusters. Andere fondsen hebben geen enkel trekkingsrecht, alle plannen worden geïnitieerd vanuit een gemeentebrede tafel (Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht, Terschelling). Gorinchem heeft een geschiedenis van gebiedsoverstijgende samenwerking. De IKG is er voor ondernemers in de hele gemeente. En de belangen van bedrijventerreinen worden nu al bediend vanuit één gezamenlijke serviceorganisatie (Security 5). Het ligt daarmee niet voor de hand om het fonds op te knippen in een serie trekkingsrechten. Dat beperkt de samenhang en slagkracht, en zou in de praktijk een ‘stap terug’ betekenen in de samenwerking.

Er wordt daarom met bijzondere belangstelling gekeken naar de ervaringen bij de buren, Hardinxveld-Giessendam en Sliedrecht. Juist door aan de voorkant geen schotten te zetten weet het fonds veel dynamiek en creativiteit op te roepen. Een andere inspiratiebron biedt het Drentse Westerveld waar sinds 2017 een gemeentebreed fonds actief is (zie kadertekst). Inspiratie van verder weg: Westerveld Westerveld is een samengestelde gemeente, met vier klassiek-Drentse dorpen en enkele tientallen buurtschappen. Bij de komst van het fonds is besloten die dorpenstructuur te doorbreken. Om de samenhang te vergroten, schaalvoordeel te behalen en vergruizing van het fonds over tientallen mini-trekkingsrechten te voorkomen. Tachtig procent van het fonds wordt besteed via een gemeentebrede tafel. De lokale verenigingen hebben allen een zetel aan die tafel, kunnen plannen indienen, meestemmen en gezamenlijke belangen bespreekbaar maken. De overige 20% gaat als handgeld naar de kleine initiatieven in de kernen. Het werken in zo’n koepelverband stelt hoge eisen aan het luisterend vermogen en aan de gunfactor, maar het gaat goed. In Westerveld is een zeer dynamische praktijk ontstaan, met een enorme diversiteit aan projecten en aan menselijke betrokkenheid.

Een recent voorbeeld is het online platform ‘Uit Westerveld’ voor 400 ondernemers, ‘een gezamenlijke plek, een gouden gids met een marktplaatsfunctie, lokale ticketverkoop en een ‘social deal’, een soort cadeaubon. Het eerste digitale dorpsplein, voor zowel bewoners, bedrijven als (toeristische) bezoekers.

19

Wat zeker heeft bijgedragen aan de hoge dynamiek in het Westerveldse fonds is de investering in een fondsmanager. Een jonge dame uit de streek die plannen aanwakkert, in gesprek gaat met ondernemers, kansen signaleert, breed communiceert, bijeenkomsten organiseert, cofinanciering aanreikt, plannen verder brengt, cross-overs stimuleert. Dit draagt bij aan de zichtbaarheid van het fonds, kwaliteit van de plannen, de diversiteit aan activiteiten, de continuïteit, de toegankelijkheid van het fonds en de participatie van ondernemers. Westerveld laat tot slot zien dat een fonds veel kan betekenen in de interactie tussen profit en nonprofit. Een blik op de website van het fonds laat zien dat er veel ‘maatschappelijke projecten’ zitten in het fonds: dorpsevents voor eigen bewoners, activiteiten voor jeugd, jongeren en ouderen, investeringen in het voorzieningenniveau, actief betrekken van dorpshuizen. Dat is vanuit de lokale context ook goed te begrijpen, de streek vergrijst en de jongeren trekken naar de stad. Werkelijk alle activiteit die bijdraagt aan de woonkwaliteit en sfeer in de dorpen is welkom. Het wordt algemeen geaccepteerd dat in de praktijk daarmee meer geld van de ondernemers naar ‘nonprofit’ gaat dan andersom. Door de onderlinge gunfactor maar zeker ook door de overtuiging dat levendige dorpen de basis vormen om lokaal goed te kunnen ondernemen.

De keuze gaat dus naar zoveel mogelijk gemeentebreed. We signaleren echter ook dat er in Gorinchem twee groepen zijn met een meer begrensd karakter. •

De sportsector, daarmee bedoelen we de niet-commerciële sportclubs en -organisaties. We hebben een constructief signaal mogen ontvangen vanuit de sport in dit onderzoek. Er wordt in Gorinchem al langer gesproken over de mogelijkheid van een Sportfonds van waaruit gezamenlijke inkoop kan worden georganiseerd en gezamenlijke activiteiten kunnen worden bekostigd. Door gebruik te maken van een eigen trekkingsrecht kan de sport beschikken over zo’n eigen financieel budget.

•

De binnenstad, we hebben in de tussennotitie al melding gemaakt van de bijzondere positie van de ondernemers in de binnenstad gezien de lopende BIZ. De binnenstad krijgt de volledige regie over de eigen opbrengst en kan de opbrengst naar eigen inzicht inzetten (extra investeringskracht dan wel de inleg vanuit fonds en BIZ met elkaar verrekenen). De praktijk elders laat zien dat beide instrumenten prima naast elkaar kunnen bestaan (o.a. Zwijndrecht, Utrecht, Vlaardingen, Hilversum).

Dat betekent dat het fonds Gorinchem als volgt ingedeeld gaat worden. •

Een groot ‘buitenstadbudget’ wat in de praktijk zal functioneren als ‘gemeentebreed’. Vanuit dit brede budget kunnen de volgende zaken worden opgepakt: o o o o o

o

Investering in energiehubs en andere duurzame/groene initiatieven Aanbod van professionele collectieve beveiliging en parkmanagement Investeren in i_lab en andere initiatieven ten behoeve van de uitwisseling onderwijsarbeidsmarkt en aantrekken en behoud van jong talent Extra private investering in citymarketing met doel om buitenstad meer in de marketing te betrekken Initiatieven ten behoeve van de multimodale bereikbaarheid van Gorinchem stimuleren, bijvoorbeeld inzet van collectief busvervoer tussen station en economische hotspots Professioneel fondsmanagement en capaciteit ten behoeve van algehele belangenbehartiging op relevante dossiers (ruimte, energie, mobiliteit, etc.)

20

o

Ruimte voor plannen en activiteiten van onderop, denk onder meer aan promotiecampagnes voor de wijkwinkelcentra, braderieën, wijkactiviteiten, etc.

Het ligt in de rede om de IKG een centrale positie toe te dichten bij de aansturing van dit buitenstadbudget. De IKG is de grootste vertegenwoordiger van ondernemers in de buitenstad (ruim 130 bedrijven, overwegend grootbedrijf en mkb, goed voor 80% van de werkgelegenheid). En ook maatschappelijke organisaties zijn goed in het ledenbestand vertegenwoordigd. 1 Tegelijkertijd wenst de IKG de participatie ook breder te trekken dan die van de eigen ledenkring. De ambitie is om ook ondernemers buiten de IKG te betrekken bij het fonds, en ook recht te doen aan bijzondere posities zoals bijvoorbeeld de wijkwinkelcentra. Daarbij is er de wens om het verenigingskarakter van IKG intact te laten en daar past het dragen van een volledige inhoudelijke verantwoordelijkheid over het gehele budget niet goed. Tegelijkertijd is het wel evident dat er een sterke verknoping wenselijk is tussen IKG en dit brede buitenstadbudget. De pragmatische oplossing is om een platform in te richten met participatie van een brede groep aan belanghebbenden. Feitelijk wordt die formule al in een aantal fondsen beproefd, waaronder dichtbij in Hardinxveld-Giessendam en Sliedrecht.

In de Gorcumse context is te denken aan een platform met (mkb-)vertegenwoordigers vanuit de terreinen, onderwijs, zorg, één of twee vertegenwoordigers van grootindustrieel / grootzakelijk, vastgoed, wijkwinkelcentra en verspreide bedrijven. Hier zullen deels IKG-leden tussen zitten en deels personen buiten het IKG netwerk. De binnenstad en de sportsector kunnen – ook zonder financiële participatie – een ‘standing invitation’ krijgen om aan te sluiten. Dit zou een mooie eerste stap kunnen zijn naar een gemeentebreed ondernemersoverleg. Binnen het platform wordt het gesprek gevoerd over gewenste bestedingen en thematische uitgangspunten. Het platform en haar leden kunnen zelf plannen initiëren, ze staan daarnaast open voor plannen ‘van onderop’. Bij de besluitvorming houdt het platform rekening met de financiële inleg vanuit verschillende gebieden, niet om op een goudschaaltje te wegen maar wel om al te scheve verhoudingen te voorkomen. Het platform kan een eigen inhoudelijk kader ontwikkelen waaraan het voorstellen zal toetsen. De inhoud van deze rapportage is een eerste aanzet voor dat kader. De betrokken professionals (fondsmanager/ parkmanager) kan vanuit dit platform worden aangestuurd. De leden van het platform zijn beslissingsbevoegd, en ze beschikken over professionele capaciteit om uitvoering te geven aan de plannen en bottom-up initiatief te faciliteren. •

Een trekkingsrecht voor de binnenstad. De regie over het budget komt te liggen bij BIZ dan wel Binnenstadsmanagement (BSM). Het is aan binnenstad te bepalen of het gebruikt wordt als extra investering of dat de investering wordt verrekend met de huidige BIZ.

•

Een trekkingsrecht voor de niet-commerciële sport in Gorinchem. De sportorganisaties overleggen gezamenlijk over gewenste bestedingen vanuit dit budget. Dat kan in eerste instantie vanuit een informeel beraad opdat aan de voorkant geen onnodige drempels worden opgenomen. Wanneer de sport er aan toe is kan dat altijd nog geformaliseerd worden in een platform met bestuur.

1 Rivas, Da Vinci College, Gilde Vakcollege Techniek, de reinigingsdienst, de gemeente, samenwerkingsverband ‘School en

Bedrijf’, Stichting Openbaar Verenigd Onderwijs, Werkgevers Servicepunt AV regio.

21

3.2

Overwegingen bij tariefkeuze Een belangrijke vraag is natuurlijk die naar de omvang van het fonds. Die omvang hangt direct samen met de meeropbrengst van de ozb voor niet-woningen. Een ondernemersfonds werkt in dit opzicht anders dan een BIZ. In de BIZ is het noodzakelijk om een gedetailleerd werkplan voor een periode van vijf jaar te hebben, waar een begroting op wordt gebaseerd. De BIZ-heffing wordt weer op die begroting gebaseerd. Dat maakt de BIZ geschikt voor een goed te begroten investering, bijvoorbeeld een camerasysteem. Een ondernemersfonds werkt niet met een begroting vooraf, maar met een bestedingsbedrag. Dat bedrag moet ondernemerschap, plannen en initiatieven uitlokken. Voor een deel zullen dat initiatieven zijn die voorzien in ‘acute noden’, voor een ander deel zal het gaan om initiatieven die nog helemaal niet in beeld zijn. Het had in ondernemerskringen vaak geen zin om goede plannen te maken: er was toch geen geld voor. Dat is anders met een fonds: het wordt de moeite waard om goede plannen te maken. En het gaat om een fonds: er is geen bestedingsdwang per jaar, het geld blijft gewoon in het fonds zitten en er kan gespaard worden voor grotere meerjarige projecten. Die optie is des te interessanter, nu we aan de vooravond staan van verduurzaming van de bedrijventerreinen. Bij het kiezen van een tarief moet rekening gehouden worden met de volgende punten:

•

Er moet een inschatting zijn van de ambities. Een fonds dat alleen bestaande initiatieven beter financieel wil funderen, komt op een ander bedrag uit dan een fonds dat bedoeld is om het ondernemingsklimaat in de hele gemeente een stimulans te geven. We schatten de ambities voor Gorinchem in als meer dan minimaal.

•

De individuele draaglast moet overzichtelijk blijven; de komst van een fonds hoort niet te leiden tot een merkbare aanpassing van de algehele kostenstructuur van een individueel bedrijf. Anders gezegd, het fonds zal geen schuldenposities of faillissementen in de hand werken (daarmee zou het uiteraard zijn doel voorbijschieten)

•

Er moet wel sprake zijn van een substantiële opbrengst voor het collectief, zodat er voor een reeks van jaren duidelijkheid is en echt plannen voor de langere termijn kunnen worden gemaakt

•

In het geval van de vervanging van bestaande inkomstenstructuur moet de situatie er niet op achteruitgaan: in het geval van Gorinchem de vervanging van huidige inleg voor Security 5 en financieringsstroom naar i_lab en andere lopende initiatieven.

Binnen de meeste startende Ondernemersfondsen wordt gerekend met een bijdrage tussen de €60 en €90 per € 100.000 woz-waarde, te verdelen over de gebruikelijke ozb niet-woning verdeelsleutel. In Gorinchem: eigenaar (55%) en gebruiker (45%) van het pand. Uit ervaring met de langer bestaande fondsen blijkt dat een tarief binnen de voorgestelde marge het beste werkt. Fondsen die ooit gestart zijn met een lagere bijdrage lopen vaker aan tegen het hebben van te weinig geld wanneer de plannen eenmaal op gang zijn gekomen. In Gorinchem kunnen we op basis van de uitgesproken ambities ook een rudimentair beeld geven van noodzakelijke en gewenste investeringen, namelijk:

22

•

•

•

• • •

Voor professioneel parkmanagement en beveiligingspakket voor heel Gorinchem een jaarlijkse investering van € 300.000. Deze inschatting hebben we kunnen maken aan de hand van de huidige begroting van Security 5 en de uitvoeringspraktijk in Zwijndrecht, HardinxveldGiessendam en Dordrecht. Voor fondsmanagement en bijbehorende professionele belangenbehartiging op relevante dossiers komen we op een investering van € 75.000 per jaar. Referenties van andere fondsen laat zien dat Gorinchem daarmee kan rekenen op meer dan regulier secretariaatsvoering maar echt actief fondsmanagement van stevig kwaliteitsniveau. Dat past bij de hoge ambities van Gorinchem en de complexiteit van opgaven en het speelveld waarbinnen geopereerd wordt. Voor i_lab en andere onderwijs-arbeidsmarkt initiatieven rekenen we op een investering van € 100.000 per jaar. Deze inschatting maken we op basis van de huidige financiering (en tekorten) vanuit het bedrijfsleven in i_lab aangevuld met een budget voor andere activiteiten. Voor toevoeging van middelen aan citymarketing vanuit de buitenstad komen we op een bijdrage van € 50.000 per jaar. Procesgeld om echt stappen te zetten op relevante dossiers als de energietransitie (energiehubs) en mobiliteit (deelvervoer), geschat op € 100.000 per jaar. Vrij beschikbaar projectgeld om in te spelen op nieuwe ambities en bottom-up initiatieven à € 50.000 per jaar.

We komen op een gewenste investering vanuit de buitenstad van € 675.000 per jaar. Dat veronderstelt een tarief van circa € 80 per 100.000 woz-waarde.

3.3

Kosten en opbrengsten Om een idee te krijgen van wat een Ondernemersfonds een individuele ondernemer zal kosten, hieronder een overzicht van de bijdragen van verschillende groepen participanten. Per groep stellen we drie bedragen vast: • • •

De 25% grens, oftewel 25% van alle objecten zit onder deze grens (en investeert dus minder dan dit bedrag per jaar) De 50% grens, ook wel mediaan, 50% van de objecten zit onder de grens (investeert minder), 50% zit erboven De 75% grens, 75% van de objecten zit onder deze grens (investeert minder) 25%-grens

Mediaan / 50%-grens

75%-grens

Pand op bedrijventerrein

€ 101

€ 238

€ 645

Winkel in de binnenstad

€ 93

€ 147

€ 266

Sportvastgoed

€ 86

€ 174

€ 266

Vastgoed in de wijken

€ 88

€ 210

€ 550

Het overzicht maakt duidelijk dat de investering voor de overgrote meerderheid aan participanten beperkt is. Dat is een van de grote voordelen van het fonds, de investering wordt door vele schouders gedragen en dat leidt toch tot een substantiële collectieve opbrengst. Daar dient nog bij te worden aangemerkt dat we in alle gevallen uitgaan van een situatie waarin gebruiker en eigenaar van het pand

23

gelijk zijn. Een ondernemer die enkel gebruiker is van het pand investeert minder dan de helft van dit bedrag (en de eigenaar dus iets meer dan de helft). In onderstaande tabel is te zien hoe de opbrengsten verdeeld zou worden over buitenstad, binnenstad en sport. De bedragen corresponderen met de inleg vanuit deze groepen in het fonds. We tekenen daarbij aan dat de algemene kosten in dit geval geheel voor rekening van de buitenstad wordt genomen. Dit is een passend gebaar gezien de situatie in de binnenstad (reeds voorzien van een eigen budget, geen directe noodzaak voor een fonds) en de sport (financieel beperkte omgeving, beperkte opbrengst). Overzicht opbrengsten bij een heffing van € 80 per ton woz-waarde

3.4

Cluster Buitenstad

Budget € 675.000

Binnenstad

€ 117.000

Sport

€ 15.000

Totaal

€ 807.000

Governance Het inrichten van de organisatie van een fonds is een lokale zaak waar ondernemers zelf over gaan. Er bestaat niet zoiets als een algemeen toepasbare blauwdruk. Het is altijd zaak goed te kijken naar de lokale situatie en wensen van de gebruikers. Een groot fonds met grote diversiteit in vestigingsmilieus, vergt een heel andere aanpak dan bijvoorbeeld een compacte gemeente met overzichtelijke werkgebieden. De vraag is nu hoe het ‘Gorcums model’ eruit dient te zien. De structuur bestaat in dit geval uit vier onderdelen: het stichtingsbestuur, het platform, de trekkingsrechten binnenstad en sport, en een secretariaatsfunctie.

Stichtingsbestuur Het fonds krijgt de vorm van een stichting met een eigen bestuur. Het wordt een geheel onafhankelijke rechtspersoon, die los staat van de ondernemersverenigingen, van de gemeente of van welke ‘gevestigde’ partij dan ook. De meeste fondsen kiezen voor een onafhankelijk bestuur waar geen bestuursleden van de gebiedscollectieven in plaats nemen. De achtergrond van die gedachte is dat het fonds niet ‘aan politiek’ doet en een zakelijk-neutrale financier is van ondernemersbelangen. De bestuursleden moeten uiteraard wel binding hebben met Gorinchem en het lokale bedrijfsleven. Het is zoeken naar een betrokken, professionele ploeg mensen met hart voor Gorinchem en kennis van de lokale economie. De huidige initiatiefgroep van ondernemers kan met een voorzet voor een eerste bestuur voor het Ondernemersfonds komen. In latere jaren vult het bestuur zichzelf aan. We hebben het in eerste instantie over een oprichtingsbestuur. De personen in dat bestuur moeten bereid en in staat zijn om te pionieren in een opbouwfase. Het gaat uiteindelijk om een ‘startup’ in samenwerking. Na de pioniersperiode komt het Ondernemersfonds wat meer in een beheersfase, dan zijn er mogelijk weer andere mensen nodig. Aan kandidaten voor het oprichtingsbestuur zal dus in eerste instantie een projectmatige betrokkenheid voor een overzichtelijke periode worden gevraagd.

Het zal gaan om mensen die: 24

• • • •

Pleitbezorger van samenwerking tussen ondernemers willen zijn Creativiteit en ondernemerschap meebrengen Het gebied goed kennen en het gesprek met ondernemers kunnen starten Bereid zijn om te werken binnen de methodes, visies en afspraken uit dit rapport.

Er wordt bij de start van een Ondernemersfonds vaak gevraagd naar administratieve of zelfs juridische deskundigheid. Maar dat is niet de eerste behoefte. Het regelkader van een Ondernemersfonds is uiteindelijk vrij simpel en de administratie is nogal ‘basic’. Het gaat vooral om ondernemerschap en gezag. De meeste bestuursleden in andere fondsen verrichten hun werkzaamheden ‘om niet’ – of voor hoogstens een vrijwilligersvergoeding – zoals vaak ook de gewoonte is van bestuurders van ondernemersverenigingen. Na verloop van de pioniersfase, heeft het bestuur in de kern nog twee taken: •

•

Toezien op de rechtmatigheid van bestedingsvoorstellen (is er genoeg geld en is er op transparante wijze tot de besteding besloten), administratief verwerken, verantwoording afleggen aan de gemeente. Ondersteunen, bemiddelen, informatievoorziening, werken aan resterende ‘witte vlekken’.

Platform De inhoudelijke aansturing van het grootste deel van het fonds zal in de Gorinchemse context verlopen via een nieuw op te richten platform (zie pagina 20-21). Dit platform bevat een brede afspiegeling van verschillende typen ondernemers en organisaties in de buitenstad. De binnenstad en de sportsector krijgen een standing invitation om aan te sluiten bij dit platform. De invulling en werkwijze van het platform zou als volgt kunnen lopen: •

Initiatiefnemers met een plan kunnen een voorstel in eerste instantie inbrengen bij het fondsbestuur. Het bestuur zorgt voor een handzaam aanvraagformulier om initiatiefnemers te helpen hun plan goed te motiveren en van een begroting te voorzien.

•

Het bestuur stuurt ingekomen aanvragen ter advisering door aan het platform. Het platform kan daarnaast ook zelf initiatieven inbrengen bij het bestuur. De adviezen van het platform worden vanzelfsprekend zwaarwegend meegenomen door het bestuur.

•

Het platform heeft een ‘vrije agenda’. Dat wil zeggen dat het niet enkel een club hoeft te zijn voor planbeoordeling en -voorbereiding. Er kunnen ook topics worden geagendeerd zonder een afgerond voorstel of financieringsvraag. Het platform kan ook algemene ‘kennisbijeenkomsten’ organiseren met participatie van partijen buiten het fonds waaronder lokale politici.

•

Omwille van de continuïteit en berekenbaarheid komt het platform periodiek bijeen.

•

Het platform kan een beroep doen op professionele ondersteuning (zie secretariaat/fondsmanagement)

•

De deelnemers vormen tezamen een aardige afspiegeling van typen bedrijvigheid in Gorinchem, en bij het indienen en beoordelen van initiatieven wordt terdege rekening gehouden met de herkomst van de opbrengsten, maar idealiter zonder dit exact vast te leggen in stemverhoudingen aangezien dit alsnog een vorm van ‘opknippen in trekkingsrechten’ zou betekenen. 25

Naast de inhoudelijke rol heeft het platform ook het karakter van een klankbord voor het fondsbestuur. Een gremium waar het bestuur van het fonds ook formele documenten kan neerleggen ter toetsing zoals de jaarrekening en -verslag.

Trekkingsrechten binnenstad/sport Een bijzondere positie in het fonds is weggelegd voor de binnenstad en de sportsector. Beiden krijgen de beschikking over een eigen trekkingsrecht dat gelijk staat aan de inleg in het fonds. Het trekkingsrecht van de binnenstad komt onder regie van BIZ dan wel BSM. Het trekkingsrecht van de sportsector komt onder regie van de gezamenlijke sportverenigingen die zich kunnen verenigen in een sportkoepel.

Secretariaat/fondsmanagement De meeste fondsen van enige omvang werken met een professionele ondersteuning. Het fonds is er niet voor zichzelf, maar staat in dienst van de ondernemersverenigingen. Daar hoort een sobere bedrijfsvoering bij. Toch zijn er redenen om geld uit te trekken voor een professioneel beheer: • • •

•

Het gaat om publiek geld, waar verantwoording over moet worden afgelegd. Rekening, verantwoording en accountantsverklaring moeten kloppen. De ervaring is dat een fonds groter dan 200.000 euro niet meer met alleen vrijwilligers te beheren valt. De risico’s worden te groot. Er moet een goed administratief aanbod worden gedaan aan de verenigingen, zeker de kleinere trekkingsgerechtigde moeten worden ‘ontzorgd’ door de beheerslast bij het fonds te leggen. De beheerskosten moeten door de verenigingen ervaren worden als de prijs voor goede dienstverlening. Daar hoort zeker ook de zorg bij dat over alle daarvoor in aanmerking komende uitgaven uit het fonds de btw teruggevorderd wordt. Zeker in de opbouwfase van het fonds is capaciteit nodig om zaken te organiseren en verenigingen te helpen.

De vuistregel bij de bestaande fondsen is dat in totaal circa 6-7% van de fondsomvang gereserveerd wordt voor algemene beheerskosten: secretariaat, jaarrekening met accountantscontrole, website, verzekeringen, boekhoudpakket en aanhouden van een kleine weerstandsreserve. Als de keuze uitgaat naar actief fondsmanagement – wat in Gorinchem het geval is – wordt dat circa 10% van de fondsomvang.

3.5

Evaluatie Een ondernemersfonds is een ‘regelvrije’ financiële positie. Er zijn geen landelijke voorschriften. Een fonds moet passen bij de lokale ambities en lokale cultuur. In de ene plaats leggen ondernemers van tevoren al spelregels vast om projectaanvragen die binnen komen te behandelen. In een andere gemeente ‘jaagt’ het fonds zelf op innovatieve en baanbrekende projecten. Gorinchem gaat daar ergens tussen in zitten, zoals het er nu uitziet. Er zijn vaste uitgaven en thema’s maar er komt daarnaast ook een innovatieruimte. Een fonds is geen doel op zich. Het is een instrument ten dienste van de ambities en behoeften van de lokale ondernemers. Dit zijn overwegingen om het fonds na 1 januari 2025 als een experiment vorm te geven. Er is altijd een opbouwtijd nodig, bijvoorbeeld in een periode van vijf jaar. Nadien kan in een evaluatie aan de orde 26

komen of het fonds aan de verwachtingen voldoet, of de ambities te hoog of juist te laag zijn, of de governance goed functioneert, enzovoort. De gewoonte is dat het om een ‘zelfevaluatie’ gaat. Het fonds neemt zelf het initiatief en kiest al dan niet een bureau uit voor een professionele toets. Daar wordt de gemeente bij betrokken, maar het hoort bij ‘ondernemerszelfbestuur’ dat het fonds zelf de regie houdt. Wellicht overbodig te zeggen, maar toch: met alle ondernemingsvrijheid, creativiteit en participatie die deze aanpak nodig heeft, blijft het fonds formeel gewoon een gesubsidieerde instelling. Mocht ooit sprake zijn van fraude of wanbestuur, dan verschaffen subsidieverordening en Algemene Wet Bestuursrecht de gemeente voldoende recht (en zelfs plicht) om in te grijpen. In de geschiedenis van ruim 50 fondsen is dat nog nooit voorgekomen. Gelukkig maar: ondernemers kunnen heel goed verantwoordelijkheid nemen voor hun bedrijfsomgeving, zolang ze maar over een adequaat instrument beschikken. In sommige langer bestaande fondsen is een periodieke evaluatie een goed moment om nog eens goed met elkaar ter praten over waar de stad staat en wat er nodig is. Zo blijft de dynamiek behouden.

27

Bijlage 1

Respondenten

•

Gedurende het traject is er gewerkt met een initiatiefgroep en stuurgroep van ondernemers/organisaties uit verschillende sectoren (business-to-business, centrumondernemers, onderwijs, zorg) en de gemeente.

•

De leden van de IKG zijn periodiek geïnformeerd over het onderzoek, mondeling en schriftelijk. Tijdens twee ALV-bijeenkomsten is uitvoerig stilgestaan bij het onderzoek ondernemersfonds. Er is een presentatie gegeven op de ALV van 10 april 2024 bij Damen Shipyards. Een bestuurslid van het Ondernemersfonds Hardinxveld-Giessendam heeft daar ook toelichting gegeven op hoe het fonds bij hen werkt. Alle aanwezigen (circa 40 in totaal) zijn opgeroepen om zich te melden om mee te praten over het fonds. Tijdens en na de bijeenkomst hebben onderzoekers en bestuur diverse positieve reacties mogen ontvangen. Op 23 oktober 2024 is de inhoud van dit rapport uitgebreid toegelicht voor de ALV (weer 40 deelnemers, met weer diverse nieuwe gezichten). De ontvangst was overwegend positief, waarbij verschillende ondernemers benadrukten nu snel door te willen pakken en daar zelf ook energie in te willen steken. Twee kritische vragen die ook aan de orde zijn gekomen: o

o

De rol en positionering van IKG in het fonds. Voor veel leden is het weliswaar belangrijk dat de IKG een rol speelt in het toekomstige fonds maar niet als eindverantwoordelijke voor het gehele buitenstadbudget. We hebben die reflectie verwerkt in de paragraaf over de organisatie van het fonds. De positie van de grote contribuanten in het fonds. Paragraaf 3.3 maakt goed duidelijk dat door de investering te spreiden over veel schouders de individuele last over het algemeen beperkt is. Er zijn echter uitzonderingen, grote bedrijven met een flinke vastgoedpositie en dito investering in het fonds. We hebben ook daarin voorzien in de organisatie paragraaf, in het platform nemen ook één of twee personen plaats met een achtergrond in het grootbedrijf.

Één enkel lid gaf aan geen voordeel te zien in het fonds, daar is een individueel vervolggesprek aan aangeboden. •

Vertegenwoordiging van Security5 is in het hele proces betrokken geweest. De verschillende reacties van huidige Security5-deelnemers (zowel verplichte als vrijwillige deelnemende bedrijven op de terreinen) zijn meegenomen in dit voorstel.

•

Er zijn meerdere bijeenkomsten geweest met vertegenwoordigers van de BIZ Hartje Gorcum/BSM.

•

Er zijn gesprekken (telefonisch en ter plaatse) gevoerd met verschillende individuele bedrijven waaronder een aantal grote bedrijven met hoge vastgoedwaarden. De respons in deze gesprekken varieerde van welwillend en geïnteresseerd tot aan duidelijke voorstanders van het idee van een ondernemersfonds.

•

Er is overleg geweest met Rivas (het ziekenhuis). Naar aanleiding hiervan zijn de volgende voorwaarden voor het fonds meegenomen: o Het moet duidelijk zijn waaraan het geld besteed wordt, namelijk zaken die echt belangrijk zijn voor de regio zoals mobiliteit en bereikbaarheid, de arbeidsmarkt, beveiliging, de energietransitie, het warmtenet. o De besluitvorming over bestedingen en het aanvragen van financiering uit het fonds moet duidelijk en eenvoudig zijn. Het moet geen 'tweede overheid' worden.

28

o

Er moet na een aantal jaar een evaluatie plaatsvinden om te kijken of het ondernemersfonds daadwerkelijk heeft opgebracht wat ervan verwacht werd. Mocht dit niet zo zijn, moet het opgeheven kunnen worden en de verhoging van de ozb weer teruggedraaid worden.

•

Er is een gesprek gevoerd met de grootste voetbalclub in Gorinchem, waarin kansen werden gezien om als sport op te trekken binnen een eigen trekkingsrecht en zo een ‘Sportfonds’ mogelijk te maken (een idee dat al vaker besproken is in de sportwereld).

•

Er is gesproken met vertegenwoordigers van het voortgezet onderwijs en met het i_lab.

Bijlage 2

Checklist aanvraagprocedure

De bestaande 50 fondsen kiezen allen een eigen wijze van aansturing passend bij lokale omstandigheden. Dat geldt in zeker zin ook voor de wijze waarop ondernemers of collectieven een aanvraag kunnen doen voor het fonds. Er zijn fondsen met een zeer minimale set aan voorwaarden met het idee om zoveel mogelijk speelruimte te bieden en creativiteit aan te boren. Anderzijds zijn er fondsen met een meer gestructureerd kader om duidelijkheid te bieden en verwachtingen aan de voorkant te managen. Om een beeld te geven van die verscheidenheid: •

De buren in Hardinxveld-Giessendam kiezen voor een zeer laagdrempelige manier van aanvragen. Er zijn enkel een paar summiere basis spelregels vastgelegd. Het is aan de aanvragers om met een goed voorstel te komen waar in eerste instantie de adviesraad (een soort platform) naar kijkt. De aanvrager kan zelf documenten uploaden ter ondersteuning van de aanvraag (projectplan, begroting, offerte, etc.).

•

Het fonds in Zwijndrecht maakt gebruik van een meer uitgebreide set aan algemene voorwaarden waar ieder voorstel aan wordt getoetst. Het indienen van een aanvraag is iets meer een invuloefening, en er worden aan de voorkant meer verwachtingen neergelegd bij de indiener van een aanvraag.

Over het algemeen kan echter gesteld worden dat vrijwel alle fondsen streven naar een toegankelijke procedure van aanvragen. Qua eenvoud is een aanvraag bij een fonds vaak een wonder van pragmatisme en eenvoud vergeleken met die bij vele van de gevestigde grote, maatschappelijke fondsen. De aanvraag- en beoordelingsprocedure is bij de bestaande fondsen echt mensenwerk. Geen eindeloos papier schuiven, wel vragen om een goede inhoudelijke motivatie, zorgen voor een kwalitatieve beoordeling en een scherpe financiële toets (wat natuurlijk ook wel aan ondernemers is toevertrouwd). Een blauwdruk van de aanvraagprocedure is er vanuit de landelijke praktijk dus niet. Toch zijn er wel een aantal overeenkomstige ‘criteria’ te noemen waar veel fondsen de aanvragen aan toetsen. Onderstaande een kleine checklist die bij het doorgaan van het fonds ook in Gorinchem ter hand kan worden genomen. ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢

Het plan moet een collectief doel dienen, en bijdragen aan het economische vestigingsklimaat (in de brede zin des woords) Het gevraagde budget moet acceptabel zijn Het plan / de activiteit betreft niet een reguliere gemeentelijke taak Het plan is niet strijdig met andere activiteiten in de gemeente Het plan/ de activiteit moet nog plaatsvinden De aanvraag dient niet om exploitatietekorten te dekken De aanvraag moet onderbouwd zijn met een begroting en/of een offerte van de uitvoerder De aanvrager maakt op enige manier duidelijk dat er meerdere partijen betrokken zijn in de voorbereiding, het plan moet enige steun hebben bij de ondernemers 29

We noemen daarnaast een aantal optionele criteria met in cursief het commentaar van Blaauwberg hierbij. ➢

Enkel betalers aan het fonds (ofwel gebruikers/eigenaren zakelijk vastgoed) kunnen een aanvraag indienen. Klinkt als een redelijke basisvoorwaarde, maar deze beperking kan ook gemis aan dynamiek betekenen. Er zijn goede voorbeelden van bestedingen bekend waar het initiatief van buiten kwam en het plan werd omarmd door de betalende ondernemers.

➢

Inschakelen van lokale bedrijven/dienstverleners bij de uitvoering van een project vanuit de ‘koop lokaal gedachte’ Als algemene wens toe te juichen, in de praktijk gebeurt het binnen alle fondsen in zekere mate wel. Zolang deze wens geen dogma wordt functioneert het prima.

➢

In de communicatie over de activiteit vernoemen dat het tot stand is gekomen met financiële steun van het fonds. Kan helpen bij het vestigen van naamsbekendheid van het fonds, en geeft de buitenstaander een goed beeld van wat het fonds mogelijk maakt. Vraag is wie je de credits wilt geven; het collectief dat met het voorstel komt (bv. IKG, of de onderwijspartijen) of het fonds. Beiden is natuurlijk ook mogelijk.

30

SAMENVATTING ONDERNEMERSFONDS GORINCHEM Een goede samenwerking tussen ondernemers is een bepalende factor voor het vestigingsklimaat. Bedrijven staan in toenemende mate voor gezamenlijke opgaven: veiligheid, goede promotie, sfeer en beleving, omgevingsbeheer, arbeidsmarktvraagstukken, energietransitie, goede relaties met het onderwijs, mobiliteit, bereikbaarheid. En samenwerken betekent in de regel ook samen investeren. In het land worden goede ervaringen opgedaan met ondernemersfondsen. Een fonds ‘voor en door’ ondernemers en maatschappelijke organisaties gevoed vanuit een ozb-meeropbrengst. Het is een beproefd en succesvol instrument om een brede impuls te geven aan het hele vestigingsklimaat en de slagkracht van ondernemers te versterken. Het gemeentebrede fonds is een bredere structuur waarin zowel plek is voor gebiedsbelangen als overkoepelende belangen. De IKG heeft het initiatief genomen om de mogelijkheden van een Ondernemersfonds Gorinchem te onderzoeken. In het eerste half jaar van 2024 heeft een oriëntatie plaatsgevonden, waarop veel positieve respons is ontvangen. Als vervolg is gewerkt aan een uitgewerkt voorstel met een schets van de beoogde contouren van het fonds. Hieronder treft u de samenvatting van dit voorstel aan.

De achterliggende argumentatie en informatie is te vinden in de volledige rapportage ‘Samenwerking en ondernemerschap; voorstel voor een Ondernemersfonds Gorinchem’. Huidige situatie Complex speelveld van veel verschillende collectieven, initiatieven, overlegtafels en organisaties die in Gorinchem opereren. Steeds met nét iets andere achterban of vertegenwoordiging, verbrokkelde inzet door te beperkte samenhang. Ontbreken van stabiel investeringsbudget, steeds weer rondgaan met collectepet, problematiek van freeriding (niet meebetalen, wel meeprofiteren van het collectief). Uitzondering is de binnenstad waar stabiel budget beschikbaar is via een BedrijvenInvesteringsZone. De samenwerking wordt er gecoördineerd in het Binnenstadsmanagement (BSM) met publiek en private inzet.

1

Wat willen we met een fonds bereiken? Toewerken naar energyhubs, stimuleren initiatieven in verduurzaming Grote schaalvoordelen te behalen door gezamenlijk op te trekken en kansen om huidige netcapaciteit efficiënter te benutten. Door ontwikkeling van energyhubs is grote energiewinst en kostenvoordeel te behalen. En het biedt oplossingen voor de toenemende netcongestie. Vergt een goede analyse van de energetische balans en stevige organisatie met betrekken van alle relevante stakeholders. Op zelfde wijze zijn voordelen te behalen bij uitwisseling van onderlinge reststromen (circulaire economie). Investering in veiligheid en bestrijding van ondermijning Professionalisering van veiligheidsaanpak, opschaling van Keurmerk Veilig Ondernemen praktijk, collectieve beveiliging (camera’s), surveillance en alarmopvolging, schouwrondes met politie/brandweer/gemeenten, bestrijding van ondermijnende praktijken. Verhogen verblijfskwaliteit omgeving, vergroening, ov-bereikbaarheid Bedrijven hebben baat bij aangename verblijfskwaliteit in omgeving, voor ontvangst van klanten, leveranciers en personeel. Een goede multimodale bereikbaarheid (auto, ov, fiets, lopen) is daarbij cruciaal evenals voldoende groen en horeca/ontmoetingsplekken. Ook (of juist) op bedrijventerreinen.

Bovendien komen met klimaatverandering nieuwe vragen naar boven naar vergroening, meer waterberging en voorkomen hittestress. Eigen gebiedsbudget helpt om publieke en private investeringen in de omgeving aan te trekken, en vorm van professioneel parkmanagement mogelijk te maken. Structurele funding voor onderwijs-arbeidsmarkt initiatieven De beschikbaarheid van personeel is voor veel bedrijven dé belangrijkste vestigingsfactor. De tekorten op de arbeidsmarkt zijn intussen zo groot dat we wel van een vacaturecrisis kunnen spreken. En jong talent vertrekt naar de steden (Utrecht, Rotterdam, Eindhoven), ook technisch talent. Door belangrijke initiatieven als i_lab, Wetech structureel te steunen en lokale stage- en banenmarkten te stimuleren kunnen we Gorcums talent behouden en voorkomen we een te grote “braindrain”. Gorinchem promoten als ‘werkstad’ Gorinchem kan zich sterker profileren als werkstad, met naast een mooie binnenstad ook een grote buitenstad met een sterke maakindustrie en

2

aansprekende bedrijven. Dat vergt een ‘extra opdracht’ aan de citymarketing organisatie met doordachte campagnes. Structurele impuls organiserend vermogen buitenstad Stabiel investeringsbudget, alle ondernemers betalen naar rato mee aan collectieve voorzieningen, meer samenhang door één financiële structuur via het fonds, meer schaalvoordeel en verhoging van de slagkracht, ruimte voor professionalisering en inhuur specifieke expertises Betrekken non-profit Structurele funding voor initiatieven als i_lab, wetech, vrienden van het Omnia. Zorg, onderwijs, sport mee als ‘collega-ondernemer’ mee laten besluiten (en profiteren) van initiatieven ten behoeve van een vitaal vestigingsklimaat. Zelforganisatie van de sportsector, inkoopvoordeel en gezamenlijk platform bieden ( ‘sportfonds’). Ondersteunen diverse initiatieven Ruimte bieden aan nieuwe initiatieven die het vestigingsklimaat in Gorinchem in de brede zin ondersteunen. Zowel gemeentebrede initiatieven als gebieds- of sectorgebonden (bv. promotiecampagnes voor wijkwinkelcentra, braderieën of een gezamenlijk sportevent). Organisatie van het fonds Het fonds gaat werken naar het principe vóór en dóór ondernemers met de gemeente op afstand, zoals al op vijftig plekken in het land succesvol gebeurd.

Regionale referenties zijn de fondsen in Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht, Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en Alblasserdam. Alle ondernemers en organisaties met vastgoed in Gorinchem investeren naar rato in het fonds. In Gorinchem komen we uit op een begrote fondsomvang van ruim € 800.000. Dat vergt een investering van € 80 per 100.000 woz-waarde te verdelen over eigenaar en gebruiker. Het fonds wordt beheerd door een onafhankelijke stichting met een ondernemersbestuur. De inhoudelijke besluitvorming over de bestedingen vindt plaats in collectieven. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar drie aandelen in het fonds. •

Een groot ‘buitenstadbudget’ – gelijk aan de inleg vanuit de buitenstad in het fonds- wat in de praktijk zal functioneren als ‘gemeentebreed’. Vanuit dit aandeel kan een compleet programma van praktische services (veiligheid, parkmanagement) en strategische investeringen (energie, mobiliteit, arbeidsmarkt) worden geboden met veel ruimte voor bottom-up initiatief. Er word een platform ingericht waar de planvorming ter hand wordt genomen en waar initiatieven ‘van onderop’ binnenkomen. Het platform bevat een brede afspiegeling van de diverse groepen ondernemers/partijen in de buitenstad waaronder: IKG-vertegenwoordigers op terreinen, onderwijs, zorg, grootbedrijf, vastgoed, 3

wijkwinkelcentra en verspreide bedrijvigheid. De binnenstad en sportsector krijgen een ‘standing invitation’ om bij dit platform aan te sluiten. •

Een trekkingsrecht voor de binnenstad. De regie over het budget komt te liggen bij BIZ dan wel Binnenstadsmanagement (BSM).

•

Een trekkingsrecht voor de niet-commerciële sport in Gorinchem. De sportorganisaties overleggen gezamenlijk over gewenste bestedingen vanuit dit budget.

Tarief en voorbeeld investering Om een idee te krijgen van wat een Ondernemersfonds een individuele ondernemer zal kosten, hieronder drie rekenvoorbeelden.

Gebruiker Eigenaar Eigenaar + Gebruiker

Bij woz-waarde van € 300.000 € 103 € 137 € 240

Bij € 700.000

Bij € 1.200.000

€ 241 € 319 € 560

€ 413 € 547 € 960

Voorbeelden van elders In het land zijn verschillende voorbeelden te vinden van ondernemersfondsen die een succesvolle bijdrage leveren aan het lokale ondernemersklimaat. Op onderstaande websites treft u meer informatie aan over organisatie en bestedingen van diverse fondsen. Website fonds

actief sinds:

bijzonderheden

www.ondernemersfonds.nl (Leiden)

2005

eerste fonds

www.ondernemersfondsutrecht.nl

2012

veel projecten

www.ondernemersfondshelmond.nl

2013

clustering in 3 gebieden

www.ondernemersfondsdordrecht.nl

2024

nieuw, zeer ambitieus fonds

www.ondernemersfondsswf.nl

2016

89 kernen, veel diversiteit

www.ondernemendwesterveld.nl

2017

veel gemeentebreed

www.ondernemersfondshardinxveld-giessendam.nl 2022

directe buur

www.lpof.nl

landelijk platform

Meer weten? Raadpleeg de rapportage: ‘Samenwerking en ondernemerschap; voorstel voor een Ondernemersfonds Gorinchem’

4

TECHNISCHE VRAGEN

DATUM 4 DEC 2024 INDIENER(S) ILHAN TEKIR D66 VRAAG Formuleer je vraag/vragen zo eenduidig mogelijk. Eventueel geef je een korte toelichting op je vraag. Wat is de wettelijke basis voor het heffen van een extra opslag bovenop de OZB voor het ondernemersfonds? WIJZE VAN CONTACT Hoe wil je dat er contact met je wordt opgenomen: o Maakt me niet uit: telefonisch of per mail, allemaal prima ONDERTEKENING Ilhan Tekir

ANTWOORD: de wettelijke basis is de Wet onroerende zaken wetten.nl - Regeling - Wet waardering onroerende zaken - BWBR0007119 De gemeente mag een extra opslag op de OZB doen. Let wel: deze extra opslag is budgetneutraal; de gemeente heeft hier dus geen financieel voordeel van.

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=1ba1eda4-88c9-4520-a042-d318786ed917