210617 B&A Economische visie Rvs 752345 - Bijlage Economische visie.docx
Tekst van het document
Economische visie van en voor de gemeente Gorinchem
Opgesteld door de gemeente Gorinchem, cluster Economie Juni 2021
1
Inhoudsopgave 1. Inleiding
a. Achtergrond b. Doelstelling c. Proces
2. Economische ontwikkeling
a. Gevolgen Corona voor onze economie b. Economische structuur en dynamiek c. Trends en ontwikkelingen
3. Vestigingsklimaat 4. Gemeentelijke ambitie 5. Beleidsdoelstellingen 6. Uitvoeringsprogramma
2
1. Inleiding 1.1 Achtergrond Gorinchem heeft behoefte aan economisch beleid waarin agenda’s op elkaar zijn afgestemd en elkaar versterken. Beleid gericht op het versterken van de economische structuur bestaat óók uit beleid gericht op m.n. human capital, woon- en leefomgevingsbeleid, en fysiek (infrastructureel) beleid. Het is de uitdaging om de juiste ‘beleidsmix’ te vinden rond een gemeenschappelijk doel dat aansluit bij de economische structuur en dynamiek van de gemeente. Kern daarbij is te innoveren en diversifiëren vanuit de bestaande structuren. Economisch beleid combineert dus huidige sterkten, maar richt zich ook op de transformatie naar nieuwe activiteiten en technologieën. Reden waarom we allereerst uitgebreid ons gemeentelijke DNA hebben geanalyseerd en mede op basis daarvan deze visie hebben opgesteld. Er zijn factoren die duurzame economische groei stimuleren of juist belemmeren. Het helpt om beleid te richten op juist die factoren die samenhangen met economische groei. Factoren als human capital (een juist gekwalificeerde beroepsbevolking), een attractief woon-werkklimaat en voorzieningen-niveau (een hoge kwaliteit van onderwijs, veel culturele en culinaire voorzieningen), en een goede bereikbaarheid (fysiek en digitaal) stimuleren economische groei (Berenschot 2019).
En uiteraard is de ontwikkeling van het bedrijventerrein Groote Haar essentieel voor het realiseren van de kansen en mogelijkheden om onze economische structuur te verbreden en te verdiepen. We zullen keuzes moeten maken. Beleid in succesvolle gemeenten is sterk gericht op bepaalde economische doelen of doelgroepen. Bijvoorbeeld door aantrekkelijke woonmilieus en voorzieningen te creëren voor kenniswerkers of werkmilieus voor specifieke nieuwe economische activiteiten die aansluiten bij het kennis- en innovatiebeleid. De (gewenste) economische structuur en ligging ten opzichte van andere steden staan daarbij centraal. Ook Gorinchem is immers geen eiland. Zowel de bedrijven als de inwoners onderhouden nauwe banden met omliggende gemeenten, de regio en verder. De gemeente maakt deel uit van een zogenoemd regionaal economisch ecosysteem waarin overheden, bedrijven en kennis- en onderwijsinstellingen nauw met elkaar samenwerken om zo de economische ontwikkeling van alle partners te stimuleren: alleen ga je sneller, maar samen kom je verder.
1.2 Doelstelling De afgelopen decennia zijn gedomineerd door een financiële crisis en een daaropvolgende economisch crisis, een fors economisch herstel en een pandemie die voor langere tijd de wereldeconomie zal beïnvloeden. Bovendien doen zich diverse (geopolitieke) ontwikkelingen voor die in meer of mindere mate van invloed zullen zijn op onze ruimtelijk economische ontwikkeling. Alle reden om in te zetten op een actuele economische beleidsvisie. In het Gorcums Akkoord 2018-2022: Mensen maken de stad, wordt aangegeven dat enerzijds ingezet wordt op het belang en de kracht van de bestaande bedrijven en anderzijds ook gestreefd wordt naar diversiteit en innovatie: “Gorinchem is sterk in een aantal ‘traditionele’ bedrijfssectoren. Dat willen we koesteren. Daarnaast is aansluiting vereist op economische ontwikkelingen zoals de circulaire economie. Dit is nodig om de werkgelegenheid verder te ontwikkelen en om te zorgen voor voldoende opleidingsplaatsen voor jongeren en herintreders. Ons ondernemersklimaat dient meer ruimte te krijgen om te investeren in technologische innovaties en groei. We zetten actief in op het werven van nieuwe bedrijvigheid waarbij duurzame bedrijven en veelbelovende startups de voorkeur hebben. 3
Hierbij kijken we ook sterk naar de aansluiting bij de huidige bedrijven. Het creëren van ketens en synergie helpt zowel de bestaande als nieuwe Gorcumse bedrijven.” Duidelijk is dat de concrete uitwerking van deze doelen moet plaatsvinden vanuit een meer overkoepelende economische beleidsvisie. Deze visie vormt dan ook de basis voor acties die in de komende jaren uitgevoerd moeten worden. Deze acties zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma dat jaarlijks wordt geëvalueerd en indien nodig aangepast. Inzet is een realistisch en realiseerbaar economisch beleid. Het doel van het ingezette traject is het opstellen van een gezamenlijke ambitie, van gemeente en (georganiseerd) bedrijfsleven, op basis waarvan gedragen beleidsmatige keuzes gemaakt worden. Deze keuzes worden vertaald in een uitvoeringsprogramma. Hierin zijn actiepunten opgenomen die de gemeente gezamenlijk met het bedrijfsleven in de komende jaren tot uitvoer wil brengen. Maar wat is nu eigenlijk de rol van de gemeente? Gemeenten vervullen een belangrijke rol in het netwerk van de economie. Dit netwerk of ook wel ecosysteem genoemd, bestaat uit overheden, ondernemers, onderwijs- en kennisinstellingen en burgers. Om een vitale economie te stimuleren moet de gemeente een aanjagende, stimulerende en faciliterende rol vervullen. Gemeenten moeten zeker niet op de stoel van de ondernemer gaan zitten.
Maar ze kunnen er wel voor zorgen dat de kwaliteit van het vestigingsklimaat dusdanig is dat het bedrijfseconomisch functioneren van bedrijven hierdoor wordt bevorderd en gestimuleerd en niet belemmerd. Deze economische visie geeft aan vanuit welke ambitie de gemeente invulling en uitvoering wil gaan geven aan haar economische beleid. Er zijn keuzes gemaakt, keuzes die de economische ontwikkeling moeten stimuleren en er voor moeten zorgen dat de economie robuust is en bestand is tegen conjuncturele pieken en dalen die zich ook in de toekomst voor zullen blijven doen. Centraal in deze economische visie staan de zogenoemde stuwende sectoren (niet bevolkingsontwikkeling volgend), zoals m.n. de industrie, groothandel, transport en logistiek en de bouw. Binnen onze gemeentelijke economie zijn er twee sectoren die dermate specifiek zijn dat ze nadere uitwerking behoeven. Concreet betreft het de (hoofdzakelijk als verzorgende sectoren aan te duiden) sectoren Toerisme en Recreatie en Detailhandel. Alle twee komen in deze nota kort aan de orde, maar de meer concrete en gedetailleerde uitwerking vindt plaats via aparte trajecten.
1.3 Proces Reeds bij aanvang van dit traject heeft de gemeente er voor gekozen om het (georganiseerde) bedrijfsleven nauw te betrekken bij de opstelling van haar economische visie. Deze opstelling sluit nauw aan bij de wijze waarop de gemeente omgaat met haar ondernemers. De lijntjes zijn kort, de relaties zijn open, transparant en constructief. Mede door de coronacrisis zijn deze relaties geïntensiveerd. De strijd tegen de effecten hiervan zijn uitdrukkelijk gezamenlijk aangegaan, waarbij ondernemers en gemeenten samen optrekken. Zo is m.n. ook het Re-activatieplan Economie i.v.m. Corona tot stand gekomen, wat door de raad is vastgesteld. In het kader van deze visie zijn gesprekken gevoerd met alle relevante bracheorganisaties, met individuele Gorcumse ondernemers en met het georganiseerde bedrijfsleven (o.a. de Gemeentebrede Adviesgroep en het IKG bestuur). Een tiental ondernemers heeft deelgenomen aan een, samen met de Kamer van Koophandel georganiseerde, digitale toekomstverkenning.
4
Om de ontwikkeling van de gemeente en van de regio en het gemeentelijk economisch DNA goed in kaart te brengen, is onderzoek uitgevoerd (ArcusPlus 2020, Stec 2020). Deze uitkomsten zijn in een vroeg stadium gedeeld met de gemeenteraad en met het (georganiseerde) bedrijfsleven.
5
2. Economische structuur 2.1 Gevolgen Corona voor onze economie In haar ‘Actualisatie Verkenning middellange termijn 2022-2025’ (november 2020) geeft het CPB aan dat voor de middellange termijn de onzekerheid over de gevolgen van de coronacrisis voor de Nederlandse economie minder groot is dan voor de kortere termijn. De Nederlandse economie zal naar verwachting geleidelijk in de komende jaren herstellen van de coronarecessie. Het herstel dat inzet in 2021 zal desondanks niet alle schade ongedaan maken. Op basis van ongewijzigd beleid, groeit de economie in 2022-2025 met gemiddeld 1,5% per jaar en daalt de werkloosheid tot 4,5% in 2025, aldus het CPB. Desondanks is in 2025 de omvang van de economie 4% kleiner dan het geval was geweest zonder corona.
2.2 Economische structuur en dynamiek Gorinchem presteert economisch op landelijke schaal goed. Zo staat de gemeente op de zevende plaats in het rapport ‘Economische Toplocaties 2020’ (Louter, 2021) met een 8,1 als totaal score. Deze ranking is gebaseerd op gegevens over de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen, van het aantal startende bedrijven en van de toegevoegde waarde. De hoge ranking wordt vooral veroorzaakt door de sterke aanwezigheid in Gorinchem van sectoren als industrie, bouw, groothandel en transport. Met meer dan 37.000 inwoners is Gorinchem een middelgrote stad, met een diverse economie en een belangrijke regiofunctie. Ook inwoners uit de omliggende gemeenten maken gebruik van de voorzieningen in Gorinchem en haar binnenstad. Bij elkaar gaat het om een verzorgingsgebied met circa 130.000 inwoners. De regiofunctie blijkt ook uit het hoge aantal bedrijven en arbeidsplaatsen in relatie tot het aantal inwoners. Gorinchem heeft dan ook een sterk positief pendelsaldo. Het aantal banen in de gemeente bedroeg in 2019 in totaal bijna 22.500 en kende een lichte afname in de afgelopen jaren. De belangrijkste economische sectoren zijn de zorg (19,3% van het aantal banen), de zakelijke dienstverlening (15,9%), de groothandel (11,7%) en de industrie (10,9%). De grootste vestiging is het Beatrix Ziekenhuis met meer dan 1.200 banen.
Daarna volgen de industriële vestigingen van Damen Shipyards (709) en Corbion (522). Twee vestigingen van zorginstelling Rivas completeren de top 5 van grootste vestigingen in Gorinchem. Het aandeel van bijna alle economische sectoren in het aantal banen is in de afgelopen jaren niet of nauwelijks gewijzigd. Het aantal vestigingen bedroeg in 2019 in totaal 3.537. De afgelopen jaren is duidelijk sprake van een toename van het aantal vestigingen. Bij het aantal vestigingen domineert de zakelijke dienstverlening met bijna 26% van het totaal. Op ruime afstand volgen de bouw, detailhandel en zorg. De industrie vertegenwoordigt slechts 3,5% van het aantal vestigingen. Hier is het aantal banen per vestiging echter relatief hoog, terwijl dit bij de zakelijke dienstverlening juist andersom is. Binnen de laatstgenoemde vinden we dan ook een hoog aantal ZZP-ers. Het aantal ZZP-ers is de afgelopen jaren fors toegenomen en beslaat in 2019 in totaal 62% van alle vestigingen in de gemeente. Ook hier zien we dat het aandeel van bijna alle economische sectoren in het aantal vestigingen niet of nauwelijks is gewijzigd.
6
Het aantal vestigingen met 50 of meer werkzame personen vormt met 73 slechts 2% van het totaal aantal vestigingen. Deze bedrijven zijn wel goed voor 48% van het aantal banen in Gorinchem. De kleine vestigingen (<10 werkzame personen) omvatten 90% van het totaal, maar zijn verantwoordelijk voor slechts 27% van het totaal aantal banen.
2.3 Trends en ontwikkelingen In deze paragraaf wordt ingegaan op economische trends en ontwikkelingen die naar verwachting van invloed zullen zijn op de (ruimtelijk) economische ontwikkeling van de gemeente Gorinchem of die kansen bieden voor de gemeentelijke economie. Algemene trends en ontwikkelingen Afname gemiddelde bedrijfsomvang Al vele jaren zien we dat het gemiddeld aantal medewerkers per bedrijf afneemt. Deze ontwikkeling doet zich voor in alle sectoren. Deze ontwikkeling heeft ook nadrukkelijk een ruimtelijke component: aangezien in veel gevallen deze kleinschaligere bedrijven in lagere milieucategorieën vallen is de noodzaak om zich te vestigen op een bedrijventerrein minder aanwezig. De afname van het aantal medewerkers wordt mede veroorzaakt door een toename van de automatisering van productieprocessen en/of logistieke processen in de sectoren industrie en transport en logistiek. De afname van het aantal medewerkers leidt lang niet altijd tot een afname van het aantal vierkante meters bedrijfsruimte. In de logistiek en in delen van de industrie zien we juist een aanzienlijke toename van het aantal vierkante meters. Maar in nagenoeg alle andere sectoren neemt de vraag naar kleinschaligere bedrijfs- en kantoorruimte toe. De kleine vestigingen (<10 werkzame personen) omvatten 90% van het totaal aantal vestigingen in Gorinchem.
Het aantal vestigingen met 50 of meer werkzame personen vormt met 73 slechts 2% van het totaal aantal vestigingen. Groei aantal starters Het aantal startende bedrijven groeit al jaren gestaag. De ‘overlevingskans’ van deze bedrijven ligt landelijk al decennia op hetzelfde niveau: vijfeneenhalf jaar na de start is circa de helft nog actief. Een bedrijf starten volgt vaak na werken in loondienst, maar dat gaat steeds vaker hand in hand, m.a.w. het parttime ondernemerschap groeit. Binnen het aantal starters neemt het aandeel ZZP-ers in rap tempo toe. Naar schatting telt inmiddels ruim twee derde van alle bedrijven in Nederland slechts 1 werkzame persoon. En deze ontwikkeling doet zich voor in alle sectoren van onze economie. ZZP-ers vormen dan ook een onlosmakelijk deel van het Nederlandse bedrijfsleven en past duidelijk in de trend naar flexibilisering en individualisering. Van alle vestigingen in Gorinchem bestaat inmiddels 62% uit bedrijven met 1 werkzame persoon. Dit aandeel is de afgelopen jaren aanzienlijk gegroeid. Het aantal starters laat een wat meanderend verloop zien dat grofweg schommelt tussen de 400 en 500 per jaar.
Samen met de ondernemersvereniging IKG en de Stichting Economische Ontwikkeling Gorinchem heeft de gemeente het initiatief genomen tot jet opzetten van Gorinchem.Next, een platform waarop we vraag en aanbod voor innovatie en ondernemerschap in de regio bij elkaar brengen.
7
Toename aantal flexwerkers Een flexwerker is een medewerker met een flexibel arbeidscontract. Denk bijvoorbeeld aan een uitzendkracht, een gedetacheerde, een payroller, een freelancer, een seizoensarbeider of een werknemer met een nulurencontract. Bedrijven gaan er steeds vaker toe over om medewerkers geen vast arbeidscontract aan te bieden, maar gebruik te maken van de inzet van flexwerkers, ook wel flexibele schil genoemd. Bedrijven doen dit vooral om zo in te kunnen spelen op pieken en dalen die zich voordoen in de bedrijfsvoering. Next Economy De term Next Economy is een containerbegrip. Hier gaan we nader in op die ontwikkelingen binnen Next Economy die grote effecten hebben op de locatiekeuze van bedrijven en het perspectief van regio’s en gemeenten. We onderscheiden vijf trends: Circulaire economie Smart industry Open innovatie Automatisering en robotisering Smart logistics Circulaire economie: De circulaire economie is een economisch systeem dat is gericht op maximaal hergebruik van producten en grondstoffen waarbij waarde vernietiging wordt geminimaliseerd: van verbruik naar gebruik en van lineaire naar circulaire processen. Het doel is een zo hoogwaardig mogelijk hergebruiken van producten, onderdelen en grondstoffen. Het winnen van bouwmaterialen, afvalstoffen, schaarse metalen en het benutten van restwarmte of CO2 als energiebron.
Voor bedrijven wordt het steeds aantrekkelijker om dicht bij elkaar te zitten en/of dicht bij de herkomst van grote reststromen en afnemers. De regio is het relevante schaalniveau voor circulaire businesscases, omdat reststromen zelden op lokaal schaalniveau in voldoende mate beschikbaar zijn. Wat de ruimtelijke effecten betreft wordt meer ruimtevraag verwacht vanuit industrie (recycling, nieuwe grootschalige productie/fabricage) en logistiek (transport reststromen). Deze investeringen zullen vooral plaats gaan vinden op grootschalige productie- en logistieke locaties, bij voorkeur bij (open) water, met ruime kavels, voldoende milieuruimte (categorie 4 en hoger) en met optimale mogelijkheden voor uitwisseling tussen bedrijven en utiliteiten, zoals elektriciteit of warmte. Circulaire economie is een containerbegrip. Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft recent een indeling van de sector gemaakt op basis van SBI-coderingen, waarbij aangehaakt wordt op activiteiten zoals reparatie, recycling en hergebruik (PbL ‘Circulaire Economie in Kaart’ 2019). Als we uitgaan van deze indeling dan beschikt Gorinchem over in totaal 153 vestigingen waar 1.178 mensen werken, die hiertoe worden gerekend. Denk hierbij m.n. aan bedrijven in de ‘interieurreiniging van gebouwen’ en ‘handel in en reparatie van personenauto’s en lichte bedrijfsauto’s’.
In de AV-regio is de Stichting BlauwZaam actief met het promoten en stimuleren van o.a. circulair ondernemerschap. Gorinchemse bedrijven als Outfit company wear (duurzame bedrijfskleding) en Green4solutions (Projectontwikkeling in natuurlijke energiebronnen) zijn hier nauw bij betrokken. En uiteraard speelt hierin ook ons regionale afvalinzamelings- en verwerkingsbedrijf Waardlanden hierin een belangrijk rol, alleen al vanwege hun inzicht in aard en omvang van reststromen. Smart Industry Met de aanduiding Smart Industry wordt gedoeld op de koppeling van automatisering en gegevensuitwisseling aan industriële productie via slimme sensoren, big data en ‘the internet of things’. Bestaande producten en processen worden hierdoor slimmer en efficiënter. Er ontstaan 8
bovendien nieuwe producten, diensten en processen. Samenwerking tussen bedrijven in de (hightech) waardeketen wordt belangrijker om innovatief en concurrerend te blijven. Op locatieniveau leidt dit onder andere tot het delen van bedrijfsgebouwen, voorzieningen en faciliteiten. Smart industry zorgt naar verwachting voor meer ruimtevraag en investeringsbeslissingen vanuit de industrie. In het kielzog daarvan ontstaat een impuls aan de vraag vanuit logistiek, dienstverleners, onderzoeks- en kennisinstellingen. Er is sprake van een duidelijke meerwaarde in fysieke clustering van partijen in de keten, om zo faciliteiten en kennis te delen. Er ontstaan ook andere typen ruimtevraag zoals naar fieldlabs, test- en experimenteeromgevingen en proeffabrieken. Een voorbeeld van een Gorinchems bedrijf is Agidens. Dit bedrijf zorgt via advies en engineering, voor geautomatiseerde oplossingen en maintenance & servicesupport voor meer efficiëntie, kwaliteit, veiligheid en betrouwbaarheid in de sectoren Life Sciences, Food & Beverage, Fine Chemicals, Bulk Liquid Storage en Infrastructure. Open innovatie Open innovatie wordt gezien als een kernelement in de versnelling van innovatie in Nederland en als een cruciale vestigingsvoorwaarde en overlevingsstrategie voor kennisintensieve bedrijfssectoren, zoals de high tech maakindustrie.
In deze sectoren verschuift de bedrijfsvoering van een primair gesloten innovatieaanpak – waarbij de ontwikkeling plaatsvindt binnen de muren van een bedrijf – naar zogenaamde open innovatie. Hierbij werken bedrijven in een cluster samen, inclusief onderwijsen onderzoeksinstellingen, om te blijven innoveren en concurreren. Het Innovatie- en Afstudeer Centrum (IAC) wordt een fysieke plek waar leerlingen, studenten en professionals elkaar ontmoeten in een bedrijfsmatige omgeving waar zij samenwerken aan beroepsontwikkeling en innovaties. In het IAC kunnen medewerkers en jongeren kennismaken met de nieuwste technologieën. Automatisering en robotisering In de industrie en de logistiek zien we robots steeds meer (routine)werkzaamheden overnemen en worden processen geautomatiseerd. Dit is nodig om de productie en toegevoegde waarde te kunnen blijven verhogen en om (internationaal) concurrerend te blijven. Na de elektronische- en autoindustrie, spreidt automatisering en robotisering zich inmiddels uit over alle industriële sectoren. Het gaat al lang niet meer over de grote bedrijven maar in toenemende mate gaan ook MKB-bedrijven mee in deze ontwikkeling. Een vergelijkbare ontwikkeling zien we in de logistiek. In de industrie verandert door deze ontwikkeling de samenstelling van het gevraagde opleidingsniveau van de medewerkers.
Momenteel bestaat de werkgelegenheid in de industrie voor 70% (landelijk gezien) uit laagopgeleide banen, door robotisering zal het aandeel middelbaar- en hoogopgeleiden groter worden. Bedrijven zullen naar verwachting gaan investeren in vernieuwing en uitbreiding van productielijnen en warehousing met robots. Voordeel van deze ontwikkeling is dat bedrijven minder footloose (maw minder snel zullen verhuizen) zullen worden door de hoge investeringen in productielijnen en logistieke processen. Een voorbeeld hiervan is het Gorcumse bedrijf Deli Home. Het is bedrijf heeft zich ontwikkeld van haar traditionele rol van groothandel naar productontwikkeling en productie tot full-service distributeur. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een zogenoemde maatwerkfabriek. Smart logistics Smart logistics is de overkoepelende term voor de veelheid aan ontwikkelingen die de logistiek beïnvloedt. De logistiek groeit m.n. door trends als de groeiende (smart) industrie en e-commerce. 9
De logistiek wordt steeds slimmer, bijvoorbeeld door big data aan logistiek te koppelen. Maar ook door in te spelen op veranderingen in de supply chain door bijvoorbeeld 3D-printing, en door logistieke processen verder te automatiseren. Smart logistics stuwt de verdere groei van de logistiek op en zorgt voor nieuwere vormen van logistieke services, kennisintensieve logistiek, last-mile logistiek en retourlogistiek. Maar bijvoorbeeld ook het ontstaan van digitale warehouses, van waaruit vele producten aangeboden kunnen worden. De logistieke hotspots, mainports en stedelijke gebieden blijven het brandpunt van de dynamiek. Mooi voorbeeld is het op ons bedrijventerrein Papland gevestigde bedrijf Montapacking. Dit is een e-commerce bedrijf dat de logistiek voor ruim 1000 webwinkels verzorgt. Ze werken vanuit meerdere zelfstandige e-commerce warehouses en zorgen wereldwijd voor de verwerking en bezorging van orders van haar klanten.
Voor alle bovenstaande nadere uitwerkingen van het containerbegrip Next Economy geldt dat alle bedrijven in deze vaart der volkeren mee zullen moeten gaan. Clustervorming zal nadrukkelijk aan belang winnen. Dit geldt tevens voor de aansluiting van ons onderwijs (opleidingsniveau EN opleidingsrichting) op de veranderende vraag vanuit de bedrijven. De realisatie van ons nieuwe bedrijventerrein Groote Haar met de Regionale Beroepen en Innovatiecampus en het IAC sluiten duidelijk hierop aan. Re- en nearshoring: Decennia lang verplaatsten vooral productiebedrijven veel van hun (massa)productie naar lagelonenlanden. Meerdere bedrijven zijn hier door de jaren heen op teruggekomen en verplaatsten delen van het productieproces weer terug naar Europa. Mede door de komst van nieuwe productietechnologieën als 3D printing en andere vormen van smart industry werd het al mogelijk om dichterbij huis efficiënter, sneller en goedkoper dan voorheen te produceren. Daarnaast is er de maatschappelijke verantwoordelijkheid die steeds meer bedrijven voelen om de uitstoot die gepaard gaat met het aantal verkeers- en vervoerbewegingen terug te dringen en om de arbeidsvoorwaarden waaronder halffabricaten en eindproducten worden gemaakt te verbeteren. De Coronacrisis heeft nog eens extra inzichtelijk gemaakt wat de nadelen van offshoring zijn.
De discussie over re- en nearshoring, het terug en dichterbij halen van de productie, is dan ook in een volgende fase beland. Bedrijven hebben immers aan den lijve ondervonden hoe kwetsbaar hun supply chains kunnen zijn. Bedrijven zullen de ketenrisico’s willen terugdringen door bijvoorbeeld delen van de productie terug te halen of op strategische plekken grotere voorraden aan te houden. Sectorale trends en ontwikkelingen (maak)industrie In haar brief ‘Visie op de toekomst van de industrie in Nederland’ (30 oktober 2020) gaat het Kabinet in op de goede industriële basis die Nederland heeft. Bovendien is de industrie de sector met de meeste uitstraling naar andere sectoren. Nederland kent van oudsher veel multinationals. Naast de bekende grote bedrijven kent Nederland een breed en krachtig industrieel midden- en kleinbedrijf, vaak betreft het familiebedrijven. De wisselwerking tussen het grootbedrijf en het mkb is intensief, veel mkb-ers zijn toeleveranciers van Nederlandse en buitenlandse multinationals. In de Kabinetsbrief worden een aantal ontwikkelingen uitgewerkt die essentieel worden geacht voor de toekomt van de industrie in Nederland. We gaan hier in op die ontwikkelingen die van invloed zijn op het economisch beleid van de gemeente Gorinchem: 10
Digitalisering en robotisering: Een zeer dominante ontwikkeling is de digitalisering van de economie, zeker ook in combinatie met de ontwikkeling van nieuwe productietechnologieën, zoals robots en 3D-printers. Dit heeft gevolgen voor zowel het productieproces als voor de producten die de industrie voortbrengt. Dit vormt de nieuwe industriële revolutie: Smart Industry. Verduurzaming en circulariteit: De samenleving stelt steeds meer eisen aan de industrie. Het Klimaatakkoord van Parijs, de OESO richtlijnen voor multinationals en de Europese Greendeal zijn daar uitingen van. In VN verband zijn afspraken gemaakt over duurzame ontwikkelingsdoelen: de Sustainable Development Goals. Mondiale waardeketens, supply chain: Buiten de directe economische consequenties heeft de coronacrisis ook enkele meer systemische vraagstukken aan het licht gebracht. De complexiteit van mondiale waardeketens is kwetsbaar gebleken. Het effect kan zijn dat bepaalde waardeketens korter worden, markten eerder regionaal worden en dat bedrijven ervoor kiezen om eerder internationaal uitbestede productietaken nu in het land van eigen vestiging te organiseren (reshoring) of elders in de EU (nearshoring). Logistiek Nederland is een belangrijke toegangspoort tot de Europese markt.
Veel verladers gebruiken de Rotterdamse haven en/of Schiphol Airport om Europese klanten te bevoorraden en hebben hiervoor distributiecentra in Nederland opgezet. Nog niet eerder werden er zoveel XXL-distributiecentra in Nederland gebouwd. Nagenoeg al deze XXL-DC’s zijn en worden ontwikkeld in de zuidelijke helft van ons land. Deze hausse aan grote distributiecentra zal de komende jaren niet afnemen. De efficiency in grotere logistieke centra blijft een voordeel. Bovendien hebben e-commerce distributiecentra meer ruimte nodig omdat ze veel producten op voorraad moeten hebben en er werkruimte nodig is voor het behandelen van retourzendingen. Deze explosieve groei heeft geleid tot een discussie over de verdozing van ons land en de roep om concentratie van dit type bedrijvigheid op een beperkt aantal locaties. Naast deze XXL-DC’s zijn door de jaren heen in ons land vele nationale en regionale DC’s gerealiseerd. De wijze waarop het logistieke proces is ingericht, hoe de supply chain is samengesteld, bepaalt in hoge mate de locatie. Uiteraard zijn ook de aard en omvang van de producten van grote invloed. Een ontwikkeling die van meer recente datum is, is die van de stadsdistributie (last mile logistics). Een voorbeeld is de snelle groei van bestelbussen die in woonwijken pakketten bezorgen door de opkomst van webwinkels.
Tegelijkertijd is stadslogistiek essentieel voor detailhandel, horeca, bouwlogistiek en dienstverlening aan ondernemers en bewoners in de stad. Zijn de XXL-DC’s meestal dedicated, bij de kleinschaligere DC’s is steeds vaker sprake van multitenant, m.a.w. het bedrijfspand bestaat uit verschillende compartimenten die zelfstandig verhuurd kunnen worden. Traditioneel zijn in de locatieselectie voor een nieuw magazijn geografische positionering, toegankelijkheid en de beschikbaarheid van grond of bestaande gebouwen van cruciaal belang. Maar de beschikbaarheid van arbeid is inmiddels verworden tot een van de belangrijkste factoren. In bijna alle logistieke hotspots ontstaan er arbeidstekorten, met als gevolg stijgende arbeidskosten en/of de inzet van arbeidsmigranten. Naar verwachting zal de vraag naar nieuwe bedrijfskavels ook de komende jaren gedomineerd worden door de logistieke sector. Dit heeft alles te maken met de omvang van de gevraagde kavels en het feit dat bestaande bedrijfspanden vaak geen alternatief zijn. Met de komst van Groote Haar zal de interesse vanuit de logistieke sector voor vestiging in Gorinchem zeker toenemen. De ligging en bereikbaarheid, de beschikbaarheid van grote(re) kavels, de toegestane bouwhoogte, de milieu categorieën en de aanwezige beroepsbevolking maken dit bedrijventerrein uitermate aantrekkelijk voor bedrijven uit deze sector. 11
Maritiem cluster Het maritieme cluster beslaat de sectoren zeevaart, scheepsbouw, offshore (energie), binnenvaart, waterbouw, havens (op- en overslag), marine, visserij, maritieme dienstverlening, jachtbouw / watersportindustrie en maritieme toeleveranciers. De meeste (directe en indirecte) werkgelegenheid is te vinden in de havens, gevolgd door de offshore, de scheepsbouw en de maritieme toeleveranciers. Ook maritieme dienstverleners zijn van belang. Dit zijn bedrijven die producten of (technische) diensten toeleveren aan de maritieme sector. De producten die geleverd worden variëren van elektrotechnische en werktuigkundige installaties tot coatings en interieurbouw. De diensten variëren van ingenieursdiensten en onderhoudsdiensten tot projectmanagement of veiligheidsanalyses. De bedrijven zijn sterk afhankelijk van de prestaties van de sectoren waaraan geleverd wordt. De reeds ingezette trend van verduurzaming en digitalisering zet de afgelopen jaren nadrukkelijk door. De arbeidsmarkt kenmerkt zich door een grote en diverse groep werknemers. Het type banen varieert van elektrotechnische en werktuigkundige beroepen tot installatiemonteurs, onderhoudsmonteurs, interieurbouwers, en projectmanagers. Voor Gorinchem is m.n. de scheepsbouw relevant. Denk aan Damen Shipyards.
De nieuwbouw van schepen op Nederlandse werven richt zich vooral op de nichemarkten: complexe schepen met een hoge toegevoegde waarde. Dit betreft onder andere de bouw van schepen voor de offshore, specialistische vaartuigen (zoals complexe baggerschepen en multipurpose dry cargo schepen) en superjachten. Maar ook een bedrijf als Van Oord Offshore maakt deel uit van het cluster. De laatste jaren is het aantal bedrijven in de sector fors gegroeid, waaronder ook het aantal ondernemingen met één werknemer. Scheepswerven met slechts één werkzaam persoon betreffen vaak oud-medewerkers van bestaande werven die zich als zzp’er in de scheepsbouw of -reparatie registeren en zich vervolgens laten inhuren door ‘echte’ werven. Om het maritiem cluster of beter gezegd het maritieme ecosysteem te versterken zijn we als Gorinchem aangesloten bij de regionale acquisitie en promotie organisatie DEAL Drecht Cities en bij Rotterdam Maritime Capital of Europe. Gezondheidseconomie Het is niet altijd duidelijk wat er onder ‘zorgeconomie’ of ‘gezondheidseconomie’ wordt verstaan. Meestal worden alle economische activiteiten die direct of indirect een relatie hebben met zorg hiertoe gerekend.
Zorg wordt hierbij breed gezien, niet alleen gezondheids- en welzijnszorg, maar ook alle zorg gerelateerde activiteiten binnen de zakelijke en financiële dienstverlening, productie, handel en logistiek, kennis en detailhandel. Het gaat om bedrijven en instellingen die zich allemaal op de een of andere manier bezig houden met de gezondheid van mensen. Of het nu gaat om de productie van medicijnen of hulpmiddelen, de handel in zorg- en gezondheidsproducten, of dienstverlening ten aanzien van gezondheid en zorg. Kijkend naar het aantal werknemers, dan is de ‘Care sector’ veruit de belangrijkste werkgever. Stimulering van bedrijvigheid en innovatie binnen de zorgeconomie valt in de nationale context binnen verschillende beleidsvelden. Belangrijke pijler is het topsectorenbeleid. De sectoren Lifesciences en Health spelen hierin een grote rol waarbij het gaat om het vergrijzingvraagstuk en de veranderende zorgvraag. Men richt zich vooral op innovaties in de zorg. Maar ook het toepassen van ICT in de sector, zoals E-Health, speelt een belangrijke rol. Bedrijven en instellingen die zich richten op innovaties clusteren zich in toenemende mate rondom academische ziekenhuizen en/of grote bedrijven vanwege de R&D inspanningen en faciliteiten.
12
De zorg is de grootste werkgever in Gorinchem met 4.326 banen. Het aantal vestigingen bedraagt 372. De grootste vestiging is het Beatrixziekenhuis, gevolgd door verschillende locaties van de instelling Rivas. De werkgevers in de zorg betreffen vooral (non-profit) instellingen, zoals maatschappelijke opvang, thuiszorg en verzorgingshuizen. Mede hierdoor is de kans op clustering binnen onze gemeente slechts in beperkte mate aanwezig. Specifieke sectoren Voor een tweetal sectoren worden binnen de kaders van deze visie ambities uitgewerkt. Dit omdat het hier gaat om specifieke sectoren en omdat ze van groot belang zijn voor de economie van onze gemeente. Het betreft de sectoren Toerisme en recreatie en Detailhandel. We schetsen hier kort de kaders, waarbinnen deze ambities uitgewerkt worden. Toerisme en recreatie Toerisme is economisch en maatschappelijk van belang voor Gorinchem. Bezoekers dragen bij aan het versterken van de lokale economie en bieden draagvlak voor voorzieningen, zoals cultuur, recreatie en openbaar vervoer. Een stad met goede voorzieningen is bovendien aantrekkelijker als woon- en werkstad. De gemeenteraad en het college hebben in de ‘Visie van de Stad’ en het ‘Gorcums Akkoord’ het belang van en de visie op toerisme vastgelegd. Zo wordt in ‘Visie van de Stad GO2032’ toerisme als een van de pijlers van de nieuwe economie aangeduid.
In het ‘Gorcums Akkoord’ wordt aangegeven dat de inzet van citymarketing breder moet worden getrokken. Het accent moet verschuiven van stadspromotie naar ‘stadsontwikkeling’. Bereikbaarheid, prettige verblijfsmogelijkheden, erfgoed, regionale OV-verbindingen, parkeerruimte en ruimte voor winkels en horeca zijn van belang voor onze huidige inwoners en om naast toeristen nieuwe inwoners en nieuwe bedrijven aan ons te binden. De ambities voor toerisme worden verder uitgewerkt, gekoppeld aan de verschillende vormen van recreatie die worden onderscheiden, te weten dagrecreatie, verblijfsrecreatie en riviercruisevaart. Detailhandel Om er voor te zorgen dat Gorinchem als aantrekkelijke binnenstad blijft floreren hebben alle betrokken partijen zich verenigd in de Stichting Binnenstadsmanagement Gorinchem. Denk aan de ondernemersvereniging Hartje Gorkum, horecabedrijven, winkeliers, vastgoedeigenaren en de gemeente. Het doel is om de binnenstad (ruimtelijk) economisch te versterken zodat ondernemers zich in de stad kunnen ontwikkelen (gunstig ondernemersklimaat), het investeringsklimaat op peil blijft en versterkt wordt en dat bezoekers de stad aantrekkelijk vinden, vaker een bezoek brengen en langer in de stad verblijven. Uiteraard zijn hierbij ook de buiten de binnenstad gelegen winkelcentra nauw bij betrokken, zoals Pizza, nieuw en hoog Dalem, Kwakernaat en Koningin Wilhelminalaan.
Het gaat immers om het totale aanbod aan winkels en horeca dat een stad aantrekkelijk maakt voor inwoners en bezoekers. Het moge duidelijk zijn de groei van het online-shoppen, verder versneld door de coronacrisis, door zal zetten. Dit is en blijft ook in de toekomst van grote invloed op de aard en omvang van het winkelaanbod in onze gemeente. De mogelijkheden om de kwaliteit van het winkelgebied te verbeteren en zo de binnenstad aantrekkelijk te maken als verblijfsgebied worden nadrukkelijk onderzocht. De Gorcumse binnenstad heeft voldoende potentie om zich als aantrekkelijk verblijfsgebied te profileren en zich als “complete binnenstad” aan te bieden. Ook wordt in nauw overleg met alle betrokken partijen onderzocht of het verkleinen van het kernwinkelgebied een oplossing voor de problematiek van m.n. de toenemende leegstand zou kunnen zijn. De uitkomsten van het koopstromenonderzoek dat door de provincie Zuid-Holland wordt uitgevoerd zullen nadrukkelijk worden gebruikt als onderbouwing van de te maken keuzes.
13
3. Vestigingsklimaat Het vestigingsklimaat bestaat uit een aantal elementen die van invloed zijn op de aantrekkelijkheid van Gorinchem voor bedrijven om er zich te vestigen of om er gevestigd te blijven. De traditionele factoren zijn als volgt te categoriseren: Ligging en bereikbaarheid: auto, vrachtwagen, trein / OV, digitaal Ruimte: beschikbaarheid bedrijfskavels, bestaande bedrijfspanden Arbeidsmarkt: opleidingsniveau en opleidingsrichting, beschikbaarheid, arbeidsethos Woon- en leefklimaat: onderwijs, gezondheidszorg, culturele voorzieningen, woningaanbod, toeristisch-recreatieve voorzieningen In toenemende mate wordt een innovatief vestigingsklimaat genoemd als factor. Dit geldt vooral voor bedrijven die van buiten Nederland komen of voor bedrijven die het verplaatsen over een relatief grote afstand binnen Nederland overwegen. Denk hierbij aan aspecten als de kwaliteit van onderwijsinstellingen en kennisinstituten, de beschikbaarheid van onderzoekers en de kwaliteit van Research & Development. Zonder volledig te willen zijn worden hier de belangrijkste positieve en onderscheidende aspecten van het Gorcumse vestigingsklimaat kort per factor benoemd. Ligging en bereikbaarheid: Bereikbaarheid is van oudsher een van de belangrijkste vestigingsplaatsfactoren.
Zoals ook aangegeven in de recentelijk vastgestelde Mobiliteitsvisie, scoort Gorinchem vanwege haar centrale ligging ten opzichte van de Randstad en de steden in het zuiden en oosten van ons land, goed bij bedrijven, hun klanten en hun medewerkers. De gemeente en meer specifiek de bedrijventerreinen zijn met de (vracht)auto uitstekend bereikbaar via de A15 en de A27. Beide snelwegen zijn echter onvoldoende berekend op het aantal verkeers- en vervoersbewegingen waarmee ze worden geconfronteerd. Voor de A27 is inmiddels een Tracébesluit genomen, voor de A15 nog niet. De congestie van en naar de gemeente wordt daarmee (op termijn) aangepakt. Door de bedrijventerreinen goed bereikbaar te houden voor auto’s en vrachtverkeer blijven deze economisch aantrekkelijk. Het nieuwe bedrijventerrein Groote Haar krijgt bovendien een directe ‘eigen’ aansluiting op de A27. Uit de verplaatsingspatronen van de Mobiliteitsvisie blijkt dat Gorinchem sterke relaties onderhoud met Molenlanden, Altena, West Betuwe en in mindere mate met Drechtsteden. Veel medewerkers van in onze gemeente gevestigde bedrijven komen van buiten de gemeente. Voor dit woonwerkverkeer moeten OV en fiets nadrukkelijk een alternatief worden voor de nu nog vaak gebruikte auto.
Het openbaar vervoersnetwerk in Gorinchem bestaat uit een gemengd aanbod van trein, lokale en regionale busdiensten en de verschillende veerverbindingen over de Merwede die door Riveer worden aangeboden. Alle grotere omliggende gemeenten / kernen zijn hierdoor goed ontsloten, zoals ook de Evenementenhal en de meeste bedrijventerreinen. Vanuit het toenemend belang van vervoer over water is de ligging en bereikbaarheid van Gorinchem aan de belangrijke waterwegen Merwede en Merwedekanaal een steeds belangrijkere vestigingslocatie. Meerdere bedrijventerreinen zijn aan het water gelegen (natte kavels) en de Terminal LCG fungeert als intermodaal knooppunt voor verladers, expediteurs, rederijen en wegvervoerders. Gezien het huidige gebruik van de kades en de te verwachten groei in vraag naar natte kavels is het belangrijk dat we deze natte bedrijventerreinen koesteren. Dit geldt overigens in de gehele Maritieme Delta.
14
Naast deze fysieke bereikbaarheid wordt de digitale bereikbaarheid steeds belangrijker voor bedrijven en inwoners. Het kunnen beschikken over snel en vooral stabiel internet wordt van doorslaggevend belang. De gemeente is dan ook actief bezig met het onderzoeken van de mogelijkheden om de gehele gemeente van glasvezel te voorzien. Op verschillende bedrijventerreinen is op initiatief van de daar gevestigde bedrijven al glasvezel aanwezig. Ruimte: Ook ruimte is een belangrijke vestigingsplaatsfactor. Een bedrijf zoekt immers een locatie waar hij een pand kan betrekken dat aansluit op zijn wensen, wensen die zijn ingegeven door zijn specifieke productieproces. Essentieel voor de economische ontwikkeling van een gemeente is het gegeven of bestaande bedrijven beschikken over voldoende uitbreidingsruimte en of nieuwe bedrijven zich er kunnen vestigen. De gemeente Gorinchem beschikt over meerdere, zowel droge als natte bedrijventerreinen. De kwaliteit van deze terreinen is over het algemeen goed, zij het dat deze hier en daar onder druk staat. De terreinen worden intensief gebruikt en de leegstand is beperkt. Helaas zijn nagenoeg alle bedrijventerreinen volledig uitgegeven. Alleen op Oost II zijn (medio 2021) nog een paar kleine bedrijfskavels uitgeefbaar. Aan deze onwenselijke situatie komt gelukkig deels een einde als het nieuw bedrijventerrein Groote Haar gerealiseerd wordt.
Dit regionale bedrijventerrein beschikt over grootschalige kavels en ook bedrijven in hogere milieu categorieën kunnen zich er vestigen. En als gezegd krijgt het terrein ‘eigen’ op- en afritten op de A27. Voor veel kleinschalige lokale mkb-ers biedt dit terrein echter geen alternatief. Een probleem waar de gehele regio mee te maken heeft. Daarnaast spelen zogenoemde informele werklocaties een steeds grotere rol. Veel bedrijven en vooral de kleinschaligere, hoeven niet perse gevestigd te zijn op een bedrijventerrein en zijn vaak goed in te passen in andere delen van onze gemeente. Met de wensen van deze bedrijven zal nadrukkelijk rekening gehouden worden bij het herontwikkelen van ‘de vleugels van de stad’ waar ingezet wordt op het mengen van verschillende functies. Arbeidsmarkt: Voldoende en goed gekwalificeerd personeel is een van de belangrijkste vestigingsplaatsfactoren van bedrijven. Bovendien zou deze factor wel eens van toenemend belang kunnen zijn/worden gezien de discussies die in ons land worden gevoerd in verband met prognoses over de ontwikkeling van de bevolking, de ontwikkeling van de beroepsbevolking en de vergrijzing en ontgroening van de (beroeps)bevolking. Wat betreft Gorinchem voorspellen de prognoses een groei van het aantal inwoners en ook van de omvang van de beroepsbevolking, zij het minder snel.
Het moge duidelijk zijn dat een groei van de beroepsbevolking vraagt om het creëren van extra banen en om het bereikbaar maken van deze banen. Het is zaak dat de werkgelegenheid in onze gemeente toeneemt. Omdat Gorinchem een regiogemeente is biedt de gemeente meer werkgelegenheid dan zij aan beroepsbevolking heeft (positief pendelsaldo). Met de Regionale Beroepen en Innovatie Campus (RBIC) gaan we een omgeving creëren waar het beste van wat Gorcumse scholen de regio te bieden hebben op het gebied van beroepsonderwijs, wordt versterkt en een innovatieve impuls gegeven wordt aan onderwijs en bedrijven. Dit door verbinding en samenwerking vanuit de deelnemende partners. Hierdoor wordt het RBIC een wezenlijk onderdeel van ons economisch ecosysteem. Belangrijke partners zijn allereerst de VMBO- en MBO-scholen en dan vooral de richtingen daarbinnen die gericht zijn op technologische ontwikkelingen. De vraag naar vakmensen is en blijft immers groot. De grote MBO-opleider Da Vinci College (10.800 studenten) heeft haar hoofdvestiging in Gorinchem. Hierbinnen is ook een kleine HBO afdeling die ICT-opleidingen aanbiedt. Het in de gemeente gevestigde ‘Gilde Vakcollege Techniek‘ is de grootste technische VMBO-school van Nederland. 15
Omdat nabijheid van belang is wordt het RBIC gerealiseerd bij het nieuwe treinstation GorinchemNoord en het te ontwikkelen bedrijventerrein Groote Haar. Centraal binnen de RBIC functioneert het IAC. Dit wordt een ontmoetingsplek voor scholen, leerlingen en bedrijven om te leren en te innoveren. Het IAC heeft drie pijlers: Leerlingen en studenten kennis laten maken met de beroepspraktijk en nieuwe technologie Levenlang ontwikkelen stimuleren Gezamenlijk innoveren van bedrijven en organisaties De focus ligt op de overgang naar de Next Economy, maar ook op het bijdragen aan brede maatschappelijke opgaven zoals de energietransitie en in breder perspectief de klimaatadaptie en de overgang naar een digitale en circulaire maatschappij. Woon- en leefklimaat: Gorinchem heeft een regionale functie voor voorzieningen, werkgelegenheid en stedelijke woonmilieus. Gorinchem biedt een stedelijk woonmilieu in een vooral landelijke regio. Wij bieden zo binnen de regio een onderscheidend woonmilieu en kansen voor het versterken van het stedelijk wonen in de regio voor eigen inwoners en mensen van elders. In het rapport Berenschot (2019) wordt aangegeven dat Gorinchem ontegenzeggelijk ‘rijk’ is aan voorzieningen. Op een breed scala van domeinen heeft Gorinchem veel te bieden.
Vooral op het vlak van onderwijs (met name middelbare scholen en MBO) steekt Gorinchem met kop en schouders boven de omliggende gemeenten uit. Ook qua ziekenhuiszorg, de winkelvoorzieningen/binnenstad en cultuur kent Gorinchem een grotere schaal dan Gorinchem alleen zou kunnen bewerkstelligen. Gorinchem kent dus een sterk voorzieningenveld, maar daarmee tegelijkertijd een sterke afhankelijkheid van de omgeving. Autonome maatschappelijke ontwikkelingen (demografie, trekkracht grotere steden, verslechterende bereikbaarheid, toenemende reisbereidheid en gemiddeld verbeterende welvaartspositie) zetten deze positie wel onder druk. Dat maakt het voorzieningenaanbod van Gorinchem kwetsbaar: de voedingsbodem is dun en de aantrekking van de omliggende stedenring is sterk. In de Woon- en transformatievisie (2019) wordt de gewenste ontwikkeling van het wonen in Gorinchem richting 2032 gepresenteerd. Gorinchem moet een plek bieden voor iedereen; jong, oud, rijk, arm, van verschillende achtergronden. De woningbehoefte in Gorinchem groeit de komende jaren verder, wat vraagt om toevoeging van woningen voor de lokale vraag. Daarbij verschiet de bevolking van kleur: meer kleine huishoudens, meer ouderen. Karakteristiek voor Gorinchem is de variatie aan leefstijlen. Voor een deel zijn dit leefstijlen die ook elders in de regio zijn: met vaak een meer traditionele oriëntatie.
Voor hen moet er in Gorinchem voldoende passend woonaanbod zijn en blijven. Daarnaast liggen er kansen door leefstijlen te binden die er nu nog minder in de stad en zeker in de regio zijn. Gorinchem biedt ruimte aan toevoeging van stedelijke woonmilieus en benut hiervoor de kansen die zich aandienen.
16
4. Gemeentelijke ambitie Zowel door de gemeente als door de ondernemers wordt onderkent dat onze economie constant aandacht vraagt, we moeten alert zijn en blijven. Het aantal bedrijven neemt weliswaar toe, het ondernemerschap bloeit en de economische ontwikkeling is niet afhankelijk van een beperkt aantal sectoren en/of bedrijven, maar de werkgelegenheid neemt af. De prognoses betreffende de ontwikkeling van de bevolking en van de beroepsbevolking zijn positief. Daarnaast ligt de gemeente strategisch goed ten opzichte van de Randstad en de economische concentraties in het oosten en zuiden van ons land. Mede door de financiële en de daarop volgende economische crisis en vervolgens de pandemie, is het bewustzijn gegroeid dat de reeds in de gemeente gevestigde bedrijven de kurk zijn waarop de gemeentelijke economie drijft. Uit onderzoek van o.a. het CBS en de KVK blijkt immers dat bedrijven die in een gemeente gevestigd zijn vaak niet meer uit deze gemeente (willen) vertrekken. Dit heeft vooral te maken met het personeel. Bovendien blijkt dat hoe minder mensen bij een bedrijf werken hoe hechter de band is tussen wonen en werken. Het grote aantal startende bedrijven is dan ook een positief gegeven. Als het percentage ‘overlevers’ toeneemt is de kans groot dat de bedrijven in de gemeente gevestigd blijven.
En mochten bedrijven toch verplaatsen dan is de afstand waarover men verplaatst uitermate beperkt. De kans is dan ook groot dat de medewerkers ‘gewoon’ in de gemeente blijven wonen. De nadruk op het aantrekken van bedrijven van buiten de regio, bij voorkeur uit het buitenland, raakt meer en meer op de achtergrond. Dit heeft alles te maken met het beperkt aantal bedrijven en om de vestigingsvoorkeuren van deze bedrijven. Zo kiezen bedrijven zowel voor het huisvesten van hun dienstverlenende activiteiten (bijv. hoofdkantoor, marketing & sales) als voor hun productie en logistieke activiteiten, in toenemende mate voor de nabijheid van grote ‘stedelijke accommodaties’. Dit heeft alles te maken met het woon- en leefklimaat, inclusief het aanbod aan onderwijs en gezondheidszorg, en met de aard en omvang van de arbeidsmarkt. Een punt van zorg is het gegeven dat steeds meer grote bedrijven onderdeel uit zijn gaan maken van internationale concerns. Dit maakt dat de binding met de gemeente en de betrokkenheid bij de ontwikkeling van de gemeente afneemt. In toenemende mate worden investeringsbeslissingen dan ook genomen buiten de gemeente. Duidelijk is dat de pandemie nog geruime tijd zijn sporen zal achtergelaten.
De landelijke voorspellingen zijn dan wel (voorzichtig) positief, maar het is nog maar de vraag of, en zo ja wanneer, we weer te maken gaan krijgen met economische groeicijfers zoals we die kenden voor deze crisis. We moeten reëel zijn. Gelukkig laten de prognoses voor Gorinchem zien dat de ontwikkeling van de (beroeps)bevolking positief afsteekt tegen die van veel omliggende gemeenten. Bovendien biedt onze regionale centrumfunctie mogelijkheden. Het realiseren van economische groei in combinatie met een groei van de werkgelegenheid, lijkt een realistisch scenario. Als gemeente moeten we tegen een stootje kunnen, onze economie moet robuust zijn. Een grote diversiteit aan economische activiteiten is daarbij van groot belang. En we moeten ons richten op de toekomst. De nadruk van de economische groei moet dus veel meer gericht zijn op het stimuleren van innovatie en duurzaamheid en op groei van de productiviteit. De overgang van een lineaire economie naar een circulaire economie biedt kansen. Een circulaire economie kenmerkt zich door het hergebruik van producten. Door producten anders te ontwerpen worden minder grondstoffen gebruikt en kunnen producten beter worden gerecycled. Bedrijven werken op deze manier mee aan afvalbesparing en realiseren zo materiaal- en
17
kostenbesparingen. Een belangrijk onderdeel van de circulaire economie is dat het bezit van producten minder belangrijk is. Het gebruik staat voorop. De producten blijven eigendom van de producent / leverancier. De ambitie van de gemeente is dan ook gericht op het realiseren van een robuuste, innovatieve en duurzame economische ontwikkeling die toekomstgericht en toekomstbestendig is. Aanvullend op deze economische ambitie willen we dat onze economie een meer dominante rol gaat vervullen bij diverse maatschappelijke opgaven. Denk aan de klimaatadaptie en meer specifiek de energietransitie waar in de Regionale Energie Strategie (RES) onze regionale ambitie duidelijk is uitgewerkt. Maar we willen ook een inclusieve maatschappij zijn. Een maatschappij waarin iedereen meedoet, ongeacht culturele achtergrond, gender, leeftijd of beperkingen. Waarin de mogelijkheden, talenten en eigen regie van de mens centraal staan. Gemeenten vervullen een belangrijke rol in het netwerk van de economie. Dit netwerk bestaat uit overheden, ondernemers, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en burgers. Om een vitale economie te stimuleren moet de gemeente een aanjagende, stimulerende en faciliterende rol vervullen.
De gemeente kan er voor zorgen dat de kwaliteit van het vestigingsklimaat dusdanig is, dat het bedrijfseconomisch functioneren van bedrijven hierdoor wordt gestimuleerd en niet wordt belemmerd. Het georganiseerd bedrijfsleven moet hierin ook een belangrijke rol vervullen. Gemeente en bedrijfsleven moeten er samen voor zorgen dat betrokken partijen elkaar weten te vinden waar nodig en wenselijk, zodat meerwaarde wordt gecreëerd.
18
5. Beleidsdoelstellingen Als we kijken naar de economische ontwikkeling die de gemeente heeft doorgemaakt en tevens nadrukkelijk kijken naar de kansen die zich in de toekomst voor gaan doen, dan zullen we keuzes moeten maken. We moeten prioriteiten aanbrengen om tot gerichte actiepunten te komen om datgene te realiseren wat we gezamenlijk nastreven. Als gemeente pakken we actief de handschoen op. Dit doen we samen met de ondernemers(verenigingen). Maar het moge duidelijk zijn dat we als gemeente hoofdzakelijk de rol van facilitator, stimulator en in sommige gevallen regisseur kunnen een zullen vervullen. We zetten in op de volgende beleidsdoelstellingen: 1. Het behouden van de reeds in onze gemeente en regio gevestigde bedrijven 2. Het stimuleren en faciliteren van starters en zzp-ers 3. Het uitrollen van de rode loper voor nieuwe bedrijven 4. Het benutten van de kansen van de Next Economy
Ad 1: Het behouden van de reeds in onze gemeente en regio gevestigde bedrijven. De reeds in de gemeente gevestigde bedrijven vormen het fundament onder onze economie. Het is voor de gemeente dan ook van het allergrootste belang dat deze bedrijven behouden blijven. Alleen al vanuit werkgelegenheidsperspectief bezien is het belangrijk dat de grote bedrijven letterlijk en figuurlijk de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen en andere bedrijven aan zich te binden. Daarvoor moet aan de belangrijkste voorwaarden van de bedrijven worden voldaan, namelijk de bereikbaarheid van de gemeente in de meest brede zin van het woord (weg, water, OV, internet / glasvezel) en de arbeidsmarktsituatie. Nadeel is dat de regio op dit moment niet of nauwelijks over bedrijfskavels beschikt om aan de ruimtelijke behoefte te kunnen voldoen. Het enige nieuwe bedrijventerrein (Groote Haar) dat in de regio gerealiseerd wordt, is echter de komende jaren nog niet voor uitgifte beschikbaar. De kans dat reeds in de gemeente gevestigde bedrijven vertrekken is gelukkig niet zo groot. Dit heeft alles te maken met het gegeven dat het voor een groot deel familiebedrijven betreft en dat veel bedrijven reeds vele jaren in de regio gevestigd zijn en (dus) een groot deel van hun medewerkers in de regio woonachtig is. Dit geldt echter in mindere mate voor met name de grote bedrijven.
Zij zijn veelal onderdeel van internationaal opererende bedrijven. Investeringsbeslissingen worden dan ook buiten onze gemeentegrenzen en vaak zelfs buiten onze landsgrenzen genomen. Het is belangrijk dat de gemeente zo optimaal mogelijk op de hoogte is van hetgeen er speelt bij de bedrijven. Mede door de grote impact van de Coronacrisis op onze ondernemers is de gemeente zich nog meer proactief op gaan stellen, zodat we snel en adequaat in kunnen spelen op (veranderende) wensen en behoeften. Het intensieve contact dat wordt onderhouden met de verschillende ondernemersverenigingen, waaronder de IKG en Hartje Gorkum, is en blijft essentieel. Het maritieme cluster is een belangrijke werkgever in de regio en in Gorinchem. De bedrijven in het cluster zijn innovatief en spelen zoveel mogelijk in op veranderingen die zich in de sector voordoen. Zo zijn bedrijven gaandeweg opgeschoven van bouw naar afbouw en onderhoud. Dit zal leiden tot de komst van andere typen bedrijvigheid die gerelateerd zijn aan deze nieuwe activiteiten. De samenwerking met aangrenzende regio’s met een sterk maritiem cluster biedt kansen. Denk met name aan Werkendam en de regio Drechtsteden.
19
Voor het behouden van de reeds in de regio gevestigde bedrijven zijn twee factoren van doorslaggevend belang: Bereikbaarheid De gemeente is als onderdeel van de regio Alblasserwaard - Vijfheerenlanden gunstig gelegen tussen de Randstad en de economische concentraties ten oosten en zuiden van ons. De gemeente ligt aan de A15 en A27. Op dit moment ondervindt het verkeer nog veel hinder door congestie, maar beide wegen staan op de nominatie om geoptimaliseerd te worden. De bereikbaarheid van de gemeente en binnen de gemeente via het openbaar vervoer moet worden geoptimaliseerd, zeker als het een beter alternatief voor de auto moet worden. Nadrukkelijk moet hier worden vermeld dat het daarbij niet alleen gaat om het aanleggen van meer infrastructur, maar dat vooral mobiliteitsmanagement een zeker zo belangrijk rol inneemt. De uitwerking van de acties die zijn genoemd in de recent vastgestelde gemeentelijke mobiliteitsvisie is dan ook van groot belang. En in onze snel veranderende maatschappij is de digitale bereikbaarheid misschien nog wel de belangrijkste factor. Het is noodzakelijk dat hierin wordt geïnvesteerd, bijvoorbeeld door de aanleg van glasvezel, zodat de bedrijven en inwoners nu en in de toekomst kunnen beschikken over snelle en stabiele internetverbindingen. Arbeidsmarkt Positief zijn de verwachtingen van de ontwikkeling van de (beroeps)bevolking.
Het is zaak er voor te zorgen dat dit aanbod wat betreft opleidingsrichting en opleidingsniveau zo optimaal mogelijk aansluit op de behoeften die bestaan bij de in de gemeente gevestigde bedrijven. In de praktijk blijkt nog te vaak dat sprake is van mismatches, zowel wat betreft opleidingsrichting als opleidingsniveau. Goede afspraken moeten gemaakt worden tussen de bedrijven en kennis- en onderwijsinstellingen over enerzijds de inhoudelijke invulling van het onderwijsprogramma en anderzijds over stageplaatsen, leerwerkplaatsen, etc. Hierdoor krijgen de leerlingen de kennis en vaardigheden die relevant zijn voor de bedrijven en door het aanbieden van stageplaatsen worden de leerlingen behouden voor de regio. Gezien de grote betrokkenheid van alle relevante partijen zullen de RBIC en het IAC deze rol in de nabije toekomst gaan vervullen. Om de werkloosheid laag te houden en ook de meer praktisch opgeleiden arbeidskrachten en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te krijgen en te houden, moet er ook aandacht zijn voor arbeidsplaatsen voor deze doelgroepen. Het grote samenhorigheidsgevoel dat kenmerkend is voor de regio en de gemeenschapszin maken dat veel bedrijven en instellingen werken vanuit het uitgangspunt van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Met nieuwe bedrijven die zich in Gorinchem willen vestigen zullen hierover afspraken gemaakt moeten worden.
In het reguliere overleg tussen gemeente en bedrijfsleven moet dit een vast agendapunt worden.
Ad 2: Het stimuleren en faciliteren van starters en zzp-ers. De gemiddeld bedrijfsomvang neemt af: minder medewerkers per bedrijf. Met als gevolg vaak ook minder vierkante meters bedrijfsruimte en lagere milieucategorieën. Dat betekent dat de vraag naar kleinschaligere bedrijfsruimten verder toe zal nemen. Hoe kleinschaliger een bedrijf is hoe belangrijker nabijheid wordt als vestigingsfactor. Bij de dienstverlenende sectoren is deze ontwikkeling reeds langer gaande. Hier is door de gemeente en private partijen op ingespeeld door het realiseren van bedrijfsverzamelgebouwen. Maar nu zien we ook dat bij in de gemeente Gorinchem dominant aanwezige sectoren als de bouw, groothandel en industrie, de omvang van de benodigde bedrijfsruimte afneemt. Op bedrijventerreinen worden dan ook kleinschaligere bedrijfsunits gerealiseerd en vindt herontwikkeling van bestaand vastgoed plaats. Zo worden bestaande grootschaligere bestaande panden opgesplitst in meerdere bedrijfsunits.
20
De gemeente wil deze ontwikkeling stimuleren, maar wil er voor waken dat er wildgroei plaatsvindt en dat deze ontwikkeling belemmerend werkt voor andere op het betreffende bedrijventerrein gevestigde bedrijven. De gemeente gaat deze veranderende vraag faciliteren. Denk hierbij aan het verruimen van de mogelijkheid om bestaande bedrijfspanden en -kavels te splitsen, het verruimen van de vestigingsmogelijkheden in leegstaande panden (bedrijfspanden, winkels, scholen, etc.), etc. Het stimuleren van ondernemerschap en het ondersteunen van startende bedrijven is van belang voor de versterking en verbreding van de gemeentelijke economie. Ervaring leert dat als bedrijven zich ergens hebben gevestigd, ze in een volgende levensfase vaak niet meer over grote afstand verplaatsten. Ze blijven bij voorkeur in de gemeente / regio gevestigd. Dit heeft alles te maken met het feit dat de directeur / oprichter / eigenaar vaak in dezelfde gemeente woont, wat vaak ook geldt voor de medewerkers. Uit onderzoek van de KVK blijkt dat na 5 jaar ongeveer de helft van de starters niet meer bestaat. Dit gegeven is verontrustend. Samen met het bedrijfsleven blijft de gemeente zich actief inzetten om de overlevingskans van starters te vergroten. Verschillende instanties zoals de KVK en de Rabobank zijn reeds actief, bijvoorbeeld via het aanbieden van cursussen, workshops, etc.