20260212 verslag parallelsessie IO Jeugdzorg
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 12 februari 2026 Jeugdzorg Externe locatie Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang: Democraten Gorinchem: PvdA: VVD: ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief: D66: CDA: SP: Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning: Gasten:
de heer A. Boutachkourt mevrouw J. den Uyl mevrouw J.M. Kiep-de Jongh mevrouw G. Metz de heer K. van Willigen de heer A. Hachhouch mevrouw M. Veldheer de heer A. de Jong de heer B. Bahlmann de heer D. Lokerse mevrouw W. Alba-Heijdenrijk de heer P. Kuijten de heer P. van Andel mevrouw E. Dansen mevrouw L. van Giessen, mevrouw M. Teeuw, mevrouw K. Oude Egberink, mevrouw I. Bruseker, mevrouw P. Fillekes de heer E. Verbeek (manager Sociaal Team) mevrouw L. Littel en mevrouw W. de Jong (professionals Sociaal Team)
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Jeugdzorg Tijdens deze avond wordt stilgestaan bij de vraag hoe beleidsvorming rondom jeugdzorg tot stand komt. Vanuit welke kaders wordt gewerkt? Met wie wordt samengewerkt? Welke bronnen worden gebruikt? Er worden een paar voorbeelden benoemd en inzage gegeven in een dashboard. Maar er is vooral ruimte voor gesprek. Wethouder Dansen geeft aan dat in deze informele sessie een open gesprek over jeugdzorg gevoerd kan worden en gelegenheid wordt geboden om prangende vragen te stellen. Mevrouw Teeuw toont een opsomming van de partners lokaal en regionaal waarmee samengewerkt wordt (sheet 4). De heer De Jong informeert of het jongerenwerk onder de voorliggende voorzieningen valt. (Dat is het geval).
De presentatie wordt vervolgd met de kaders waar vanuit wordt gewerkt lokaal, regionaal en landelijk (sheet 5) en de data waarmee gewerkt wordt (sheet 6). Na de presentatie wordt een inkijkje gegeven in het dashboard jeugdhulp en onderwijs. (Met gecertificeerde instellingen wordt bedoeld: Jeugdbescherming west, William Schrikker, het Leger des Heils en Nidos).
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026
Mevrouw Alba informeert waar jonge aanwas onder valt. Mevrouw Teeuw antwoordt dat voor deze groep wordt samengewerkt met Team Veiligheid en SamenThuis. De heer Van Willigen merkt op dat sommige gegevens ernstig verouderd zijn en vraagt of een afwijkend standpunt ingenomen wordt als de werkelijke situatie anders is. Wethouder Dansen reageert dat de cijfers up-to-date zijn, het dashboard is realtime. De presentatie wordt vervolgd met waar stemmen we af, lokaal intern en extern, regionaal, landelijk (sheet 8). De heer Van Willigen vraagt of ook buiten de Provincie gekeken wordt. Mevrouw Teeuw antwoordt dat wordt overlegd met buurgemeenten op onderwijs en beleidsniveau. De heer De Jong vraagt wat er op wijkniveau gebeurt. Mevrouw Bruseker antwoordt dat ook de Zorg wordt betrokken en daarbij wordt de indeling van de 9 gemeentelijke wijken aangehouden. Mevrouw Metz refereert aan de sessie over Preventie met Gezag van vorige week waar kennisgemaakt is met wijkagent jeugd Linda de Bruijn. Mevrouw Teeuw zegt dat zij inmiddels ook kennis met haar heeft gemaakt. De link met VeiligThuis is besproken omdat 75% van de meldingen van de politie komt. In de driehoek wordt overlegd met Hardinxveld en Molenlanden. Mevrouw Van Giessen vult aan dat zij deel uitmaakt van het brancheteam onderwijs waar wordt gewerkt aan een samenwerkingsconvenant.
Mevrouw Teeuw geeft aan dat zij waarschijnlijk gaat aanschuiven bij het brancheteam jeugdbescherming. Op dit moment is zij onderdeel van de werkgroep nadere regels en zijdelings betrokken bij de werkgroep vervoer en de werkgroep overgang Wmo/Wlz/Jeugdwet. De heer Hachhouch vraagt op welke thema’s Gorinchem de regie pakt. Mevrouw Teeuw antwoordt dat in de Regio het beleid met betrokkenen wordt ontwikkeld, raad en college stellen dit vervolgens vast. Als voorbeeld noemt zij de samenkomst van verschillende wetten, wat is voorliggend en wat niet. Dit is scherper gesteld in de huidige verordening. De Hervormingsagenda jeugd wordt geborgd in de regio en beleidsmatig vastgelegd in de verordening. De agenda voor 2026-2027 volgt nog voor de verkiezingen; op welke onderdelen is lokaal grip en waar kan lokaal op gestuurd worden. Een stevige sociale basis is de kern van het stuk. Wethouder Dansen vult aan dat de raad een bedrag heeft gevoteerd vanuit het Sociaal Domein. Gorinchem heeft het goed voor elkaar en daardoor is het makkelijker om stappen te zetten. De heer De Jong heeft de indruk dat er heel veel wordt overlegd, vraagt zich af of sommige zaken wellicht geschrapt kunnen worden en stelt voor kritisch te zijn op waar de tijd aan besteed wordt.
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026
Mevrouw Teeuw reageert dat het programmateam toekomstscenario stopt, maar de opgave loopt door tot 2030. De Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg is 1 januari 2026 ingegaan. De nieuwe gemeenschappelijke regeling Jeugdregio en de Regionale Jeugdvisie moeten richting de raden. Binnen de gemeenschappelijke regeling moet door de deelnemende gemeenten bepaald worden wat daar belegd wordt. Deze keuzes moeten met de raad besproken worden. De regionale leersessies zijn gekoppeld aan het toekomstscenario en dit wordt samen met de uitvoerders gedaan. Wat betekent outreachend werken voor de professionals, wat is normaliseren, is er zicht op veiligheid. Van elkaar leren op uitvoeringsniveau. De heer Van Willigen informeert waar Gorinchem echt invloed op heeft. Wethouder Dansen informeert hoeveel invloed de heer Van Willigen zou willen hebben. Je wilt ervoor zorgen dat het voor Gorinchem zo goed mogelijk gaat. Meepraten. De heer Van Willigen vervolgt dat er heel veel wordt gepraat. Mensen die in direct contact zijn met kinderen worden gemist. Wethouder Dansen geeft aan dat het moeilijk is om mensen te krijgen op de werkvloer, maar zij wil het vanavond niet politiek maken. Deze sessie is bedoeld om de inhoud te duiden. Er zijn geen vacatures op dit moment. De heer Verbeek beaamt dat Gorinchem het goed voor elkaar heeft.
De heer Van Andel informeert hoe de continuïteit wordt gewaarborgd in het geval medewerkers vertrekken. Mevrouw Teeuw antwoordt dat lokaal elke maandag een afstemmingsoverleg wordt gehouden. De taken binnen het regionale beleidsteam zijn verdeeld. Op sommige dossiers wordt een raamwerk opgeleverd waarop anderen kunnen vertrouwen, maar verloop is altijd een aderlating. De presentatie wordt vervolgd met sheet 9 Proeftuin Oost. Met Hardinxveld, Molenlanden en Sliedrecht wordt gesproken op casuïstiekniveau om onder toezichtstelling (ots) te voorkomen. Jeugdzorg is vaak gericht op het kind. Uit deze proeftuin zijn bouwstenen naar voren gekomen die nu worden geborgd bij de teams. De jeugdbeschermer en het Sociaal Team trekken gezamenlijk op in de toekomst. De heer Van Willigen vraagt of afgestemd wordt wie de regie heeft. Mevrouw Teeuw antwoordt dat in dit geval het bij jeugdbescherming ligt. Door samen op huisbezoek te gaan (Proeftuin van het Sociale Team en VeiligThuis) is de samenwerking verbeterd. De heer Van Andel vraagt of op huisbezoek gaan met meerdere personen niet als overweldigend wordt ervaren door een gezin. Mevrouw Teeuw antwoordt dat er nu een meer warme overdracht is. Een hulpvraag of ondersteuningsvraag komt direct bij het Sociaal Team. Zij vervolgt dat de programmamanager regionaal team aanschuift in Den Haag.
De Regio is geen officiële proeftuin, maar staat daardoor wel op de kaart. Mevrouw van Giessen geeft aan dat de middelen voor jeugdigen in een AZC met een hulpvraag lager zijn dan de kosten (voorbeeld 2, sheet 10). De gemeenten Nunspeet en Harderwijk hebben daarom een motie ingediend bij VNG. De gemeente Goes heeft zich aangesloten bij het onderzoek naar de werkelijke kosten. Regionaal is een uitvraag gedaan naar de opvang van AMV’ers. Gorinchem is de enige gemeente met afwijkende kosten.
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026
Desgevraagd geeft zij aan dat het ging om 9 jeugdigen met een zorgvraag waarvan een aantal met hele dure zorg. Mevrouw Alba merkt op dat deze zorg in andere gemeente wordt geboden. Mevrouw Oude Egberink reageert dat het woonplaatsbeginsel leidend is. Mevrouw Van Giessen vervolgt dat de kosten voor de jaren 2022-2023-2024 bijna € 1 mln. bedroegen, het Rijk kende € 84.000 toe. VNG heeft een landelijk onderzoek toegezegd. Er zijn lijntjes met Nidos voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen neemt af de laatste jaren. Niet omdat het beter gaat, maar omdat er te weinig jeugdbeschermers zijn. Met een ots is een gezin niet altijd geholpen. Mevrouw Oude Egberink gaat nader in op de samenwerking tussen jeugdhulp en onderwijs (voorbeeld 3). In het dashboard is te zien welke hulp jeugdigen kregen toen zij op een bepaalde school zaten. De pilot één krachtige basis is gedaan op een PO en een VO school. Mevrouw Alba merkt op dat AVG regels zorgen voor obstakels. Zij vraagt hoe dit wordt opgepakt en hoe ouders hier tegenover staan. Mevrouw Oude Egberink antwoordt dat de data op het dashboard volledig anoniem is. Er is wel een akkoord verkregen om maatwerk te kunnen leveren voor de betreffende scholen. De heer Kuijten vraagt of de Regio’s ook onderling met elkaar spreken.
Mevrouw Van Giessen antwoordt dat via de regionale educatie agenda wordt samengewerkt op bestuurlijk en ambtelijk niveau. Andere gemeenten beschikken niet over dezelfde data als Gorinchem. Mevrouw Oude Egberink toont de verschillende dashboards en opent ter illustratie het dashboard Jeugdhulp en Onderwijs. Kinderen die niet op een school ingeschreven zijn, zijn niet terug te vinden in het dashboard. De rapporten zijn oordeelvrij, soms zit daar een verhaal achter. Veel verwijzingen komen via de huisarts. Wettelijk gezien is de gemeente de verwijzer. Bij het VO is meer sprake van GGZ-zorg. De heer Van Andel vraagt of er doelstellingen opgelegd kunnen worden. Wethouder Dansen antwoordt dat er geen invloed is op verwijzing door de huisarts en gerechtelijke verwijzingen. Mevrouw Teeuw vult aan dat in de hervormingsagenda in 2024-2025 de samenwerking met huisartsen is verstevigd. Geadviseerd is om vaker te schakelen met het jeugd en gezinsteam. Het verhaal achter de cijfers moet altijd betrokken worden. Normenkader; elke zorg die wordt ingezet heeft een bepaalde norm. Elke verwijzer moet dezelfde onderbouwing verzorgen. Het is geen open verwijzing. Een aanbieder moet specifiek beschikken en schakelen met het Sociaal Team. Mevrouw Bruseker vult aan dat normaliseren hoog op de agenda staat. (Normaliseren = wat is ziek, waar moet een behandeling voor volgen en wat is normaal gedrag.
Hoe kijken ouders naar het gedrag van hun kinderen. In veel gevallen is geen speciale zorg nodig).
Mevrouw Oude Egberink vervolgt dat Gorinchem niet verschilt ten opzichte van de Regio. De gemiddelde kosten per jeugdige of het aantal verwijzingen zegt niet altijd alles. De zwaarte van trajecten moet altijd betrokken worden. Mevrouw Alba wijst op verlengde jeugdzorg en vraagt in welke cijfers dit wordt meegenomen.
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026
Mevrouw Oude Egberink antwoordt dat jeugdigen boven de 18 die nog wel jeugdhulp krijgen in beeld zijn. De heer Kuijten vraagt waar de kindzorg is gebleven en hoe het staat met de wachtlijsten. Data is interessant, maar de effecten voor de jeugdzorg zijn belangrijker. Bij de sessie over de hervormingsagenda heeft hij een vraag gesteld over de aanpak van de gemeente Veendam, maar hij heeft nog geen terugkoppeling gekregen. Mevrouw Van Giessen reageert dat de gemeente Veendam de aandacht heeft. Zij sluit daar volgende week aan bij een webinar. Er is met pilots begonnen maar dit wordt wel doorgezet op andere scholen. Mevrouw Teeuw vult aan dat er bepaalde inkoopregels worden gehanteerd. Gorinchem past bepaalde onderdelen toe. Het is niet zo dat wat elders werkt ook in deze Regio werkt. De heer Van Willigen informeert naar de werkzaamheden van het Sociaal Team. Mevrouw Littel geeft aan dat in alle lagen van de bevolking allerlei problematieken voorkomen. Het werk is gevarieerd: de zorg die een gezin heeft gekregen evalueren, moet er afgeschaald worden, normaliseren, ontlastende zorg, begeleidende zorg, een zorgvraag, welke aanbieder is geschikt. Mevrouw De Jong bezoekt gezinnen, niet alleen kijken naar het kind, maar naar het grotere geheel (systemisch werken). Mevrouw Metz vraagt hoe hierop ingezet wordt. Mevrouw De Jong vervolgt dat er veel wordt samengewerkt.
Als een ouder problematiek heeft, kan iemand betrokken worden om mee te kijken. Mevrouw Bruseker vult aan dat wordt gewerkt aan een centrale toegang. De heer Kuijten informeert naar de wachttijd voor specialistische zorg. De heer Verbeek antwoordt dat het Sociaal Team veel expertise zelf in huis heeft. Op sommige hulp moet langer gewacht worden. Als de hulp door het Sociaal Team wordt opgepakt, wordt de wachtlijst voor degenen die echt gespecialiseerde hulp nodig hebben korter. Mevrouw Littel geeft aan dat sommige vragen door het voorliggende veld opgepakt kunnen worden door te filteren bij de hulpvraag. Zorg wordt regelmatig afgeschaald. Er wordt ook vaak training of opvoedingsondersteuning aangeboden waardoor ouders zelf verder kunnen. De heer Van Andel heeft praktijkverhalen gemist in de presentatie. De heer Van Willigen merkt op dat de raad wil sturen op cijfers. De heer Van Andel vindt dat niet verkeerd, maar het één kan niet zonder het ander bestaan. De gemeenschappelijke regeling wordt bijgesteld. Mevrouw Fillekes reageert dat de Regio Zuid-Holland zuid in de afgelopen jaren behoorlijk is geprofessionaliseerd. Gemeenten hebben opdrachtgeversrollen waardoor andere gemeenten de energie ergens anders op kunnen richten. Gemeenten zijn gesprekspartner van gecertificeerde instelling. Door het voeren van dit soort gesprekken komen soms middelen vrij.
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026
Wethouder Dansen vult aan dat een sessie over de praktijk in voorbereiding is. Mevrouw Alba wijst op nazorg die nodig is geworden na corona (depressies bij jongeren, kinderen die zijn opgegroeid met gezichtsmaskers). Sommige dingen uit deze periode waar jongeren mee te maken hebben gehad worden weleens vergeten. Mevrouw De Jong ziet veel kinderen die hier last van hebben en getraumatiseerd zijn. Het is terecht om daar oog voor te hebben. Mevrouw Littel vult aan dat veel kinderen een taalachterstand hebben opgelopen omdat zij de peuterspeelzaal niet hebben bezocht en meteen naar de basisschool zijn gegaan. Mevrouw Oude Egberink bevestigt dat de coronaperiode zichtbaar is in de cijfers. Mevrouw Veldheer wijst in dit kader op jeugdigen met onbegrepen zorg. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor de inbreng en sluit de vergadering. Toezeggingen: • Terugkoppeling verzorgen over de aanpak van de gemeente Veendam
Parallelsessie I&O Jeugdzorg, 12 februari 2026