CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20251009 Verslag parallelsessie I&O-B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen

Raadsvergadering 27 november 2025, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies3.953 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Parallelsessie Informatie en Ontmoeting & Beraad en Advies 9 oktober 2025 Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang:

de heer B. Bahlmann mevrouw E. van Bekhoven mevrouw J.M. Kiep-de Jongh

D66: CDA: SP:

de heer D. van Gammeren de heer J. Roeland mevrouw N. Aaldijk de heer A. Koçak de heer N. van Santen de heer A. Krol mevrouw E. Hamann de heer D. Lokerse de heer R. Le Noble mevrouw S. de Lange de heer A. van Houwelingen

Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning:

de heer M. de Boer de heer S.D. Fiaschi-Van der Est

Democraten Gorinchem: PvdA: VVD: ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief:

Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Hij constateert dat er geen behoefte is om technische vragen te stellen in het I&O gedeelte en stelt voor om meteen over te gaan tot het B&A gedeelte. Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen De aanleiding voor deze sessie is het beleidskader radicaal groen en natuur inclusief Gorinchem. In onze Omgevingsvisie staat dat we een radicaal groene en natuur inclusieve stad willen zijn. Het beleidskader bevat uitgangspunten hoe we dit kunnen realiseren. Met het raadsvoorstel vraagt ons college aan de raad om het beleidskader vast te stellen. In deze sessie volgt een inhoudelijke toelichting op het kader. Daarna is er tijd om inhoudelijke vragen te stellen over het beleidskader. Wethouder De Boer geeft aan dat met dit beleidskader voorstellen worden gedaan voor meer groen en kwalitatief beter groen omdat natuur voor mens en dier van grote waarde is. Groen zorgt voor verkoeling, voor vermindering van wateroverlast bij hoosbuien, bomen en struiken zuiveren de lucht, in een groene omgeving ontstaat de neiging om meer te bewegen, er is minder kans op gezondheidsklachten, groen helpt tegen stress, zorgt voor ontmoeting en verbinding, groene schoolpleinen helpen bij het leren en in de motorische ontwikkeling en groen maakt de stad ook aantrekkelijk en mooi.

Hij benoemt de waarden van groen expliciet omdat groen vaak wordt gezien als aankleding of om de omgeving op te leuken als er geld over is. Grote bomen moesten sneuvelen omdat zij niet meegenomen waren in de planvorming en vervolgens in de weg stonden. Groen moet weer aan de voorkant meegenomen worden. Stadsnatuur moet gelijkwaardig meedingen als de schaarse ruimte in de stad verdeeld wordt zodat de stad ook leefbaarder wordt. In de afgelopen jaren is in een aantal sessies van gedachten gewisseld over het beleidskader groen waarna geprobeerd is om alle input zo goed mogelijk een plekje te

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

geven. Hij gaat graag aan de slag en is benieuwd naar de mening van de raad over het beleidskader. De heer Van Santen meldt dat zijn fractie de ambitie om Gorinchem groener en klimaatbestendiger te maken deelt. Groen vergroot de leefbaarheid, vermindert hittestress en maakt de stad aantrekkelijker. Zijn fractie heeft wel moeite met het woord ‘radicaal’ omdat dit de indruk van een alles of niets beleid wekt. Het beleid gaat ook over realistisch vergroenen, stap voor stap werken aan een groene, gezonde en leefbare stad. De titel realistisch groen past daarom beter bij dit beleidskader. De wethouder heeft goed geluisterd naar de raad en inwoners. De 20% bomennorm, de monumentale status of 50% onverharde tuinen maken terecht geen onderdeel uit van het beleid omdat dit onrealistische voorstellen zijn. Vergroening mag niet ten koste gaan van woningbouw, bereikbaarheid en betaalbaarheid (denk aan het recent besproken warmtenet). Goede bedoelingen zijn belangrijk, maar het moet ook uitvoerbaar en betaalbaar blijven. Zijn fractie heeft nog drie kanttekeningen. Bewustwording; vergroening begint bij inwoners, hoe dit gecreëerd wordt is minstens zo belangrijk als nieuwe maatregelen. Denk ook aan praktische ondersteuning daarbij, communicatie en ruimte voor bewonersinitiatieven. Alleen samen met inwoners kan het verschil gemaakt worden.

Dit onderdeel wordt nog een klein beetje gemist in de stukken, maar is wel besproken. Realistisch beleid; de plannen zijn ambitieus. De 30% norm bij nieuwbouw, in bestaande wijken groen stimuleren in plaats van verplichten (met subsidies of minder regels voor bewoners die hun tuin willen vergroenen. Hij stelt voor hier wat voorbeelden bij te noemen. Aanzienlijke investeringen; het financieel kader ontbreekt. Zijn fractie adviseert om vergroening betaalbaar te houden en te koppelen aan onderhoud (rioolvervanging of nieuwbouw) zodat meer met de bestaande middelen gedaan kan worden. Afsluitend geeft hij aan dat zijn fractie het beleidskader steunt en uitziet naar een groene, leefbare en toekomstbestendige stad. De heer Koçak merkt op dat ook zijn fractie de ambitie van het college deelt en drie aandachtspunten heeft. Draagvlak bij inwoners is evident om iets te bereiken. Het voorstel spreekt alleen maar over nieuwbouw (slim, multifunctioneel, nieuwe projecten). Zijn fractie mist de bestaande gebouwen en woningen. Stimuleren is zacht verwoord. Het moet niet vrijblijvend zijn, maar een stapje verder gebracht worden vanwege de ambities. Hij vraagt of het college kan toezeggen dat bij de uitwerking van de kaders doelen gesteld worden voor bestaande gebouwen en woningen.

De financiën worden waarschijnlijk bij de uitwerking duidelijk en dan verwacht hij dat dit met een voorstel terugkomt naar de raad. De heer Krol informeert of de heer Koçak suggesties heeft om de bewustwording voor elkaar te krijgen. De heer Koçak roept het college op om samen met maatschappelijke partners, met name Poort6, in alle wijken voorlichtings- en themabijeenkomsten te organiseren, outreachend en laagdrempelig. Dat zal een belangrijke bijdrage leveren aan het bewustwordingsproces. De heer Van Santen zou het fijn vinden als de gemeente zich wat proactiever opstelt richting bewoners en noemt de actie om tegels uit de tuin te verwijderen als voorbeeld en ook bewoners attenderen op schaduw terugbrengen in de groene leefomgeving en geveltuintjes stimuleren. Het Waterschap stelt subsidie beschikbaar voor regentonnen. De gemeente kan inwoners hierop attenderen of gezamenlijk optrekken bij dergelijke acties. De heer Le Noble spreekt zijn waardering uit voor de participatie die heeft plaatsgevonden. Zijn fractie steunt het vergroenen en heeft iets minder moeite met het woord ‘radicaal’. De ambitie om naar 47,5% groen te gaan is mooi maar eendimensionaal. In procenten uitgedrukt gaat het alleen om meer groen. Zijn fractie hecht ook waarde aan beter groen.

In de Omgevingsvisie worden gezonde groei, gezonde inwoners en groene stad genoemd, maar deze zaken zijn met elkaar in strijd en daarom moeten er keuzes gemaakt en prioriteiten gesteld worden. Hij vreest dat met name de focus op de kwantitatieve groei ervoor zorgt dat het in de toekomst onmogelijk wordt om de stad uit te breiden terwijl

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

vanwege de aanstaande Tweede Kamer verkiezingen in de meeste verkiezingsprogramma’s wonen als prioriteit is opgenomen. Hij vermoedt dat dit straks ook in de meeste lokale verkiezingsprogramma’s het geval zal zijn. Hij vraagt hoe gezien het woningtekort voorkomen wordt dat straks vanwege dit beleidskader niet gebouwd mag worden. Voorts verzoekt hij ervoor te zorgen dat er meer kwalitatief groen komt in plaats van kwantitatief groen. Mevrouw De Lange zegt dat ook haar fractie verheugd is met de ambitie om Gorinchem te vergroenen. Zojuist werd al een onderscheid gemaakt tussen kwalitatief en kwantitatief groen. In het stuk wordt over het aantal maaibeurten gesproken. Zij vraagt hoe geborgd wordt dat het huidige groenbeheerplan in het vervolg op een ecologische manier wordt uitgevoerd in plaats van dat economische perspectieven leidend zijn. Voor de bestaande wijken zijn doelsoorten opgesteld. Zij informeert hoe ervoor gezorgd wordt dat deze doelsoorten daar ook daadwerkelijk aangetroffen worden. De heer Roeland merkt op dat zijn fractie liever over optimaal groen spreekt. Bij woningbouw kan voor meer bouwlagen gekozen worden zodat er voldoende ruimte overblijft voor groenvoorzieningen. Het groenonderhoud laat soms te wensen over. Meer vergroenen houdt in meer kosten om dit te onderhouden.

50% van de ruimte is gemeentelijk eigendom en daarom is zijn fractie voor het stimuleren van inwoners om de tegels uit de tuin te verwijderen. Hij verwijst naar de motie van zijn fractie voor bloemrijke bermen en hoopt dat hiermee snel van start wordt gegaan. Aangaande de 3-30-300 regel merkt hij op dat mensen in de binnenstad niet zo snel drie bomen vanuit hun raam zullen kunnen zien. De kastanjebomen langs de vluchthaven dreigen te sterven. Hij informeert of daar binnenkort bomen herplant worden. Mevrouw Aaldijk beaamt dat er ambitieuze doelen in het stuk zijn opgenomen, maar haar fractie is zeker voor radicaal vergroenen. De vraag is wel hoe dit realistisch gehouden wordt want er zijn ook andere doelen die behaald moeten worden (bouwen van woningen, speeltuinen, recreatie in de openbare ruimte). Zij informeert hoe deze doelen niet gehinderd worden. Wanneer wordt voor groen gekozen en wanneer past groen niet in een plan? Groen is niet alleen bij nieuwbouw belangrijk, maar ook bij bestaande bouw en daarbij moet ook op het onderhoud gelet worden (dat af en toe een beetje achterblijft). Het is mooi dat de mening van inwoners is meegenomen in de planvorming. Haar fractie hoopt dat inwoners ook betrokken worden als gekeken wordt naar waar vergroening wordt gewenst. Maatwerk is daarbij belangrijk.

Radicaal vergroenen graag, maar wees wel realistisch en het mag andere doelen niet in de weg staan. De heer Van Houwelingen zegt dat zijn fractie natuur inclusief bouwen als een waardevolle manier ziet om de leefomgeving te verbeteren. Daarbij moet niet alleen aan biodiversiteit, maar ook waterbeheer en leefbaarheid gedacht worden. Het mag geen excuus worden om straks minder betaalbare of sociale woningbouw te bouwen, of de koopsom of huursom te verhogen. Hij vraagt hoe dit geborgd wordt in het beleid. Bij inclusief bouwen denkt hij ook aan ingebouwde nestkasten, dakpannen voor vleermuizen en zwaluwen, groene daken terwijl daarvoor vanuit de samenleving niet altijd de noodzaak wordt gezien bijvoorbeeld vanwege vrees voor overlast. Ook overhangende takken en vallende bladeren kunnen als hinderlijk ervaren worden. Hij vraagt of inwoners dit soort zaken mogen verwijderen vanwege overlast of omdat zij het lelijk vinden (handhaven of wordt het eigenaarschap overgedragen). Aangaande de 3-30-300-regel begrijpt hij dat het over een groene plaats van ongeveer één hectare gaat. In bijvoorbeeld de Haarwijk is het lastig om zo’n groot deel groen te krijgen en daarom informeert hij hoe realistisch dit is. Mevrouw Hamann is blij met dit beleidskader en het groenbeleid. Als het om groen gaat wil haar fractie wel een beetje radicaal zijn. Groen is belangrijk voor het woon- en leefklimaat.

Uit de presentatie tijdens de bijeenkomst van Poort6 blijkt dat er behoefte is aan veel woningen. Fracties gaan dit opnemen in hun verkiezingsprogramma. Er werd een oproep tot verdichting gedaan, meer woningen, minder ruimte in de omgeving. Dat is om goed over na

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

te denken. In de binnenstad is geen ruimte voor verdere verdichting, groen en ruimte zijn daar heel belangrijk voor het leefklimaat. Haar fractie is trots op de prestaties van de wethouder die 1% extra bomen mag planten. Dit lijkt niet veel, maar 1% extra elk jaar is op den duur wel erg veel. Bomen die groot worden bieden schone lucht en schaduw. Geïnformeerd werd of het beleid realistisch is en betaalbaar gezien de huidige financiële situatie. Haar fractie is voorstander van het koppelen van groen aan geplande werkzaamheden met participatie door de buurt. De hele boel omgooien kost te veel geld, maar stukje bij beetje meenemen bij onderhoud biedt goede kansen. Haar fractie maakt zich wel zorgen over de bedrijventerreinen waar maar weinig groen is en vraagt hoe dit aangepakt wordt. Veel inwoners hebben hun tuinen van tegels voorzien. Haar fractie is geen voorstander van een tegeltaks, maar wel voor een beloning. De Haarsekade was vroeger een vliet en die komt nooit meer terug. Wat wellicht mogelijk is, is een aantrekkelijke vergroening van het gebied met planten onder de bomen. Aangaande waterpartijen in de binnenstad merkt zij op dat iedere stad van oudsher waterpartijen had die vaak later gedempt zijn. In het beleidskader zijn plaatjes opgenomen hoe water groen ingericht kan worden.

Afsluitend geeft zij aan dat in het verleden plannen zijn geopperd over groene corridors, verbindingen van de binnenstad naar buitengebieden. Zij verneemt graag de status van één en ander. De heer Koçak begrijpt dat de voorkeur uitgaat naar het koppelen van het beleid aan rioleringswerkzaamheden en vraagt waarom dit niet aan het college gelaten wordt. Mevrouw Hamann reageert dat veel straten onderhouden moeten worden en er ligt een enorm plan voor de vervanging van rioleringen verspreid over een aantal jaren waar veel geld in omgaat. Inwoners willen niet dat de straat meerdere malen opengemaakt wordt en daarom stelt zij uit praktische en financiële overwegingen voor om deze zaken te koppelen. Eerst met de buurt praten en dan alles in één keer goed aanpakken en vergroening daarbij meenemen. De heer Koçak hoort graag hoe het college dit ziet. De heer Krol geeft aan dat het hem niet bekend was dat er vleermuizen rondom zijn woning aanwezig waren, maar vernam dat toen hij iemand bij zijn huis zag die dit registreerde. Het is daarom ook belangrijk dat er voldoende insecten zijn. Hij bedankt voor het stuk en de heldere terugkoppeling naar aanleiding van de inspraak. Hij deelt de zorgen over voortuinen die met cement zijn afgewerkt zodat er geen druppel water de grond in kan en onkruid niet kan opkomen, maar daarnaast zijn er ook tuinen die vol onkruid staan.

Het is best een uitdaging om iedereen hierin mee te krijgen. De ruimte in de stad is schaars, veel functies moeten gecombineerd worden en daarbij wordt gekeken of en hoe groen toegevoegd kan worden. Poort6 is bezig met nieuwe schuurtjes in de Haarwijk en daarbij worden eisen gesteld aan huurders over het percentage aan tegels in de tuin. De heer Roeland merkt op dat Poort6 ook moet controleren of het daadwerkelijk zo wordt uitgevoerd. De heer Krol heeft daar geen zicht op, maar het gegeven dat deze gelegenheid aangegrepen wordt om een eis neer te leggen merkt hij als positief aan. De gemeente moet zich niet blind staren op het percentage dat in het stuk wordt vermeld. Dit is lastig meetbaar en een uitdaging bij grote herontwikkelingen zoals Groote Haar waar iets dat nu groen is straks qua percentage minder groen wordt. Kwalitatief is hier wel een slag te maken, net als op de huidige bedrijventerreinen. Zijn fractie ziet uit naar goede voorbeelden die gaan ontstaan in de komende jaren. Bij de Haarsekade zijn de inwoners bij de ideevorming betrokken. Dit is een mooie plek om veel kwaliteit toe te voegen. Hij informeert waar de kolblei leeft (dit is de vis waar Gorinchem naar vernoemd is) en welke rol als mascotte deze inneemt.

Hij informeert voorts hoeveel geld er gereserveerd is om daadwerkelijk te kunnen vergroenen in de komende jaren gezien de bezuiniging op groenonderhoud (minder maaien) die vorig jaar is doorgevoerd. In oude steden staan in

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

stegen vaak grote potten met groen naast geveltuintjes en beplanting rondom bomen. Hij vraagt of er in Gorinchem op dit gebied nog iets te winnen is waardoor het centrum fleuriger wordt. De heer Lokerse voegt toe dat een tegeltaks een middel is om een bepaald doel te bereiken (een buffer voor regenwater) en stelt voor te sturen op een doel in plaats van een middel. Een ondergrondse regentank biedt ook een mogelijkheid om hetzelfde doel te bereiken. De heer Roeland wijst op de motie tiny gardens van enkele jaren geleden die werd afgewezen omdat dit een onderdeel zou zijn van het stegenplan en informeert naar de stand van zaken daarvan. Mevrouw De Lange las over verlichting in het kader van groen en biodiversiteit en informeert of deze link er nog is. Wethouder De Boer is blij met de steun voor de ambitie en de suggesties die zijn aangegeven voor het vervolgproces. Bewustwording wordt beschreven ten aanzien van de bestaande stad. Bij nieuwbouw is dit meer regulerend en realiserend, bij de bestaande stad moet dit met inwoners, ondernemers en agrariërs opgepakt worden. Hij wijst op de samenwerking met Poort6 voor collectief groen en het aanleggen van wadi’s. Bewustwording is een onderdeel van het programma Bliekse natuur. Communiceren over onderhoud is belangrijk, bijvoorbeeld waarom het gras langs de randen wat langer mag worden, of waarom er minder gemaaid wordt.

In de richting van D66 geeft hij aan dat het niet alleen om meer groen gaat, maar ook om kwalitatief beter groen. Bijvoorbeeld dat groen moet dienen als buffer voor een veranderend klimaat, als leefgebied voor planten en dieren en als aantrekkelijke plek om te spelen en ontmoeten. Met deze uitgangspunten worden echt andere keuzes gemaakt en wordt op een andere manier gekeken naar het waterbergend vermogen van tuinen of buitenruimten. Alleen gras of een ondergrondse berging zijn dan misschien niet voldoende, het moet ook een leefgebied voor planten en dieren zijn. Het is ambitieus om de 3-30-300-regel hieraan te verbinden, maar tegelijkertijd helpt dit om op de juiste plekken aan de slag te gaan. Op de ene plek is groen wat meer ondergeschikt, op andere plekken moet het wat radicaler omdat er achtergelopen wordt. De heer Le Noble merkt op dat deze keuze gemaakt kan worden als het om kleine gebieden gaat. Extra investeren in mooi groen, kwalitatief hoogwaardig groen. In het percentage van 43% is Groote Haar niet meegenomen, maar dit gaat over 30 hectaren. In 2045 zou dit de ambitie van 47,5% omverwerpen en dan is de keuze kwantitatief of de eis dat daken en randen vergroenen. Wethouder De Boer vervolgt dat aan heel veel soorten groen gedacht kan worden. Het is niet zo dat de helft van de stad een bosrijk gebied wordt.

Geprobeerd wordt de stedelijke omgeving zo veel mogelijk groen in te richten. Arkelsedijk is een geslaagd voorbeeld van de verandering van een gebied met bijna 0% groen naar het toevoegen van kwalitatief groen, ruimte voor water en ruimte voor 500 woningen. De Omgevingsvisie gaat ervan uit dat met name de Schelluinsestraat, Arkelsedijk en het Stationsgebied worden getransformeerd omdat deze gebieden enorm versteend zijn. Groote Haar is op dit moment voornamelijk weiland met een lage ecologische waarde en daar worden eisen gesteld aan de invulling van de kavels (daken, gevelgroen). De heer Krol reageert dat Groote Haar op dit moment 100% groen is maar straks deels versteend wordt met gebouwen voor bedrijven waardoor het percentage daalt. Wethouder De Boer verduidelijkt dat het agrarisch gebied niet als groen wordt meegerekend. De heer Le Noble schetst de situatie dat in het geval over een aantal jaren nog steeds sprake is van grote woningnood, maar de stad heeft behoefte aan een nieuwe woonwijk, de

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

vleugels van de stad zijn volgebouwd, maar iets ten oosten van Groote Haar ligt een weiland waarvoor tegen die tijd een meerderheid zich kan vinden in woningbouw daar en informeert of de wethouder kan garanderen dat dan niet gesteld wordt het gebied is nu groen maar de nieuwe woonwijk wordt toch als vergroening in plaats van vergrijzing gezien. Wethouder De Boer reageert dat, zonder te discussiëren over eventuele woningbouw op die locatie, agrarische gronden een bepaalde werkfunctie hebben en niet als natuur of groen te boek staan en daarom niet leiden tot een verlaging van het percentage. Er worden natuurlijk wel eisen gesteld aan de inrichting van een nieuw gebied. Als de 3-30-300-regel wordt geprojecteerd op de stad, zullen er wijken zijn die voor een uitdaging zorgen. Ook in de bestaande stad gaan in de komende jaren zaken op de schop met transformatieprojecten of vanuit wegbeheer. Op menig plek in de stad gaat de weg open voor rioolonderhoud. Hierbij wordt ook aan klimaat adaptieve zaken gewerkt. Als vergroening wordt geïmplementeerd in deze projecten zorgt dat ook voor enorme stappen in de bestaande stad. De heer Van Santen verzoekt een overzicht van voorbeelden te verstrekken zodat de koppelkansen duidelijk worden. Wethouder De Boer reageert dat één van de kaders is dat jaarlijks in vijf straten met radicale vergroening aan de slag gegaan wordt.

Hij bekijkt of een doorkijkje gegeven kan worden wat dit nu inhoudt bij riolering en wegbeheer en wat anders wordt gedaan dan voorheen. Voor onderhoud geldt hetzelfde. Bij de motie bloemrijke bermen is aangegeven dat het niet perse duurder is, maar dat het vooral om dingen anders doen gaat. Gaandeweg wordt ontdekt of de financiële voordelen opwegen tegen de eventuele extra kosten. Als de percentages groeien, ontstaat er ook meer areaal en dat moet ook onderhouden worden. Over eventuele financiële consequenties wordt op een later moment van gedachten gewisseld. Veel dingen zijn nieuw waardoor het duurder is. Ook halfverharding kost geld, maar omdat dit steeds meer gangbaar wordt daalt de prijs. Hij bevestigt dat er een bewonersinitiatief loopt op de Haarsekade waarvoor input bij bewoners wordt opgehaald en ook ondernemers uit de gemeente betrokken zijn. Dit initiatief kan wellicht via Bliek in Actie ondersteund worden omdat dit eigenlijk in de ontwerpfase meegenomen had moeten worden. De groene corridors zijn grotendeels vastgesteld met de Omgevingsvisie. In die gebieden worden aanvullende eisen aan de groenwaarden gesteld. In het gebiedspaspoort Woonwijken West is dit al wat meer geconcretiseerd. Geen verlichting (donkerte) is ook iets dat heel nadrukkelijk terugkomt in het programma.

Dit kan soms op gespannen voet met veiligheid staan, maar voor biodiversiteit is dit belangrijk en daarom krijgt dit een plekje in het programma. De heer Koçak geeft aan dat zijn fractie blij is met de toezegging dat het bewustwordingsproces nadrukkelijk een onderdeel wordt van het programma, maar hij mist nog een toezegging over de laatste gebouwen waar vier partijen aandacht voor hebben gevraagd. Wethouder De Boer bevestigt dat dit belangrijk gevonden wordt, maar de halve stad gaat tot aan 2050 nog een keer op de schop (riool, wegonderhoud, wegbeheer) en daarbij worden de koppelkansen benut. Vanuit bewustwording wordt samen met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers gekeken hoe dit het best vormgegeven kan worden. De heer Koçak is van mening dat dit eigenlijk een toezegging is. Bij de uitwerking kan vastgelegd worden dat dit een concreet aandachtspunt is. Wethouder De Boer herhaalt dat dit zeker een plekje krijgt. De heer Koçak bedankt voor de twee toezeggingen.

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

De heer Van Houwelingen merkt op dat standaard bouwen zorgt voor goedkoop bouwen, maar als er een extra voorziening nodig is kost dat meer geld. Hij vraagt nogmaals hoe woningen betaalbaar gehouden worden zonder dat de huursom of koopsom drastisch verhoogd hoeft te worden. Als de nestkasten of speciale dakpannen eenmaal zijn overgedragen aan de eigenaar bestaat de kans dat er uitbouwen of dakkapellen gewenst worden waardoor deze voorzieningen verdwijnen. Hij informeert nogmaals of dit juridisch gezien vrij in te vullen is. Wethouder De Boer antwoordt dat dit niet geregeld kan worden, maar hij hoopt dat mensen de meerwaarde zien. Betaalbaarheid neemt hij mee als aandachtspunt. In de praktijk heeft hij dit nog niet geconstateerd omdat vergroening vaak al wordt meegenomen in nieuwbouwprojecten, meestal niet het meest kostbare onderdeel is maar de waarde van een project vaak wel ten goede komt. De heer Van Houwelingen heeft voorbeelden gezien wat het om een prijsstijging van soms 1% ging, maar als het 5% wordt gezien de NHG grens kan het soms significant veel worden. Hij is blij dat de wethouder hier aandacht voor heeft. De voorzitter concludeert dat het voorstel unaniem als hamerstuk wordt aangemerkt. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor de inbreng en sluit de vergadering.

Afspraken: • Bewustwording is een nadrukkelijk onderdeel van het programma • Voor bestaande woningen en gebouwen worden doelen gesteld • Betaalbaarheid wordt meegenomen als aandachtpunt

Parallelsessie I&O/B&A Beleidskader natuur inclusief en radicaal groen, 9 oktober 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=ee8899f4-788e-4eab-8a14-99372d8ef832