20250918 Verslag parallelsessie IO en BA restopgave spreidingswet AMV
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting en Beraad en Advies 18 september 2025 Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang: Democraten Gorinchem: PvdA: VVD: ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief: D66: CDA: SP: Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning:
de heer A. Boutachkourt mevrouw J. den Uyl mevrouw J.M. Kiep-de Jongh de heer J. Klein de heer P. Schefferlie mevrouw P. de Groot mevrouw T. van ‘t Westende de heer A. Krol de heer B. Bahlmann de heer H. Sangers de heer T. van der Meijden mevrouw J. van Oversteeg de heer P. van Andel de heer A. van Houwelingen mevrouw M. Molengraaf de heer R. Raoufi, de heer A. van Houwelingen, mevrouw L. van Giessen, mevrouw K. Oude Egberink
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) Het college heeft in een raadsinformatiebrief aangegeven te willen verkennen of en hoe, al dan niet in samenwerking met de Regio, invulling gegeven kan worden aan de opgave voor de opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV’ers). Het college gaat graag met de raad in gesprek om helder te krijgen welke onderzoeksrichting de raad het college wil meegeven. Deze duidelijkheid is van groot belang om de vervolgstappen zorgvuldig en in gezamenlijkheid vorm te geven. Wethouder Molengraaf licht toe dat het vanavond gaat over de restopgave die Gorinchem heeft onder de Spreidingswet. Deze term verbloemt dat het over 24 tot 27 jonge mensen gaat die opvang nodig hebben. In de afgelopen maanden zijn inspanningen verricht om een kleinschalige opvang voor 150 personen aan de Buys Ballotstraat te realiseren en daarnaast een opvanglocatie aan de Schelluinsekade voor Oekraïense vluchtelingen die uit de sloopwoningen van Poort6 moesten vertrekken. Gorinchem voldoet hiermee voor 87% aan de reguliere opvangopgave en aan 120% van de opgave voor de opvang van Oekraïners. Zij is benieuwd hoe de raad over de restopgave denkt.
Mevrouw Van Oversteeg informeert naar de verdeling van de opgave over de verschillende gemeenten binnen Zuid-Holland-zuid tot nu toe. Wethouder Molengraaf antwoordt dat dit divers is. Gemeenten hebben onderling uitgeruild (Papendrecht heeft veel AMV’ers opgevangen) en daar is rekening mee gehouden in het verdeelbesluit, maar er zijn ook gemeenten die bezwaar hebben gemaakt tegen het verdeelbesluit. Gorinchem heeft een zienswijze ingediend.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
De heer Raoufi vult aan dat de gevraagde cijfers online geraadpleegd kunnen worden, maar zegt toe deze aan de raad te mailen. De heer Krol vraagt hoe vaak er wordt gesproken op de regionale regietafel. Wethouder Molengraaf antwoordt dat naast de regionale regietafels ook op provinciale en landelijke regietafels gesproken wordt. De regionale regietafels voeden de provinciale regietafels. De Provincie maakt een optelling voor Zuid-Holland en deze wordt vervolgens aan de minister gerapporteerd. In het begin werd wat vaker bij elkaar gekomen, nu nog eens per 2 à 3 maanden. Toen partijen na de formatie aangaven dat de Spreidingswet afgeschaft zou worden hebben sommige gemeenten hun opgave losgelaten. Gorinchem en ook andere gemeenten in Zuid-Holland-zuid zijn doorgegaan. De gemeenten Hardinxveld en Molenlanden hebben nog niet zo heel veel, terwijl Hoekse Waard behoorlijk veel heeft gedaan aan vluchtelingenopvang en opvang voor Oekraïners. Op de regionale regietafel is afgesproken dat gekeken wordt of men elkaar kan vinden. Hardinxveld was voornemens 110 vluchtelingen onder te brengen bij het asielcentrum van Sliedrecht gelegen aan de gemeentegrens en daarnaast zelf een hub voor Oekraïners in te richten.
Er is ook gekeken naar de verdeling van statushouders om het bod richting de Provincie rond te krijgen waarbij de gemeenten zelf de verdeling uitonderhandelen, maar dit is niet goed gegaan omdat één van de gemeenteraden het voorstel heeft weggestemd. Hardinxveld moet eigenlijk nog aan de opgave beginnen. Molenlanden was voornemens om 75 AMV’ers in het voormalige gemeentehuis van Hoornaar te vestigen, maar ook dat is niet doorgegaan. De heer Schefferlie onderschrijft de vraag die mevrouw Van Oversteeg zojuist stelde over de verdeling van de opgave over de verschillende gemeenten. Hij vraagt voorts waarom het college geen advies uitbrengt. Wethouder Molengraaf verduidelijkt dat zij in alle discussies over het AZC steeds heeft aangegeven dat Gorinchem nog een restopgave heeft, hoewel ook gedacht werd dat in de Regio voldoende opvangplekken voor AMV’ers zouden zijn waardoor dit aan Gorinchem voorbij zou gaan. Eind 2023/begin 2024 werd gedacht dat Gorinchem 199 personen moest opvangen. Voor 150 personen is een AZC gerealiseerd en onder de resterende 49 personen zou het gaan om 17 AMV’ers. De cijfers zijn inmiddels anders, dat maakt het lastig om een plan te maken en de cijfers zijn ook nog niet definitief. Daarnaast is het nog mogelijk om bezwaar te maken.
De minister komt aan het eind van de maand met de definitieve aantallen, maar zij vermoedt dat er voor Gorinchem niet veel verandert. De heer Schefferlie begrijpt hieruit dat het eigenlijk dagkoersen zijn. Hij vraagt niet om een uitgewerkt plan maar hij kan zich niet voorstellen dat het college nog geen denkrichting heeft. Wethouder Molengraaf hoort ook graag hoe de raad hierover denkt en stelt voor de gedachte van het college tot het B&A gedeelte te bewaren. Mevrouw Van Oversteeg merkt op dat het gebruikelijk is dat AMV’ers in opvanglocaties voor minimaal 50 personen worden opgevangen en vraagt of vanuit Gorinchem op de regionale regietafel is besproken hoe dit eventueel met de regiogemeenten opgezet zou kunnen worden. Wethouder Molengraaf antwoordt dat het COA vlak voor de zomervakantie heeft aangegeven dat zij liever geen opvanglocatie voor minder dan 50 personen wil omdat dit niet kostenefficiënt is. Dat houdt eigenlijk in dat er samengewerkt moet worden binnen de Regio omdat opvang realiseren voor 24 personen een enorme financiële opgave is voor Gorinchem ondanks de dagvergoeding en de subsidie.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
De heer Krol geeft aan dat nog steeds niet bekend is of de Spreidingswet ingetrokken wordt. Hij neemt aan dat binnen de Spreidingswet ook is opgenomen dat de taakstelling van tijd tot tijd herzien wordt en informeert wanneer er een nieuwe taakstelling voor Gorinchem volgt. De heer Raoufi antwoordt dat de Spreidingswet elke twee jaar geëvalueerd wordt. In 2026 worden de cijfers duidelijk afhankelijk van de toestroom, instroom en uitstroom en of de wet nog bestaat. Het huidige cijfer van instroom in Nederland is 83%. In België is dat 30%. Daar moet iets aan gedaan worden. Sommige gemeenten hebben bezwaar gemaakt tegen de huidige aantallen en dat heeft invloed. Gorinchem heeft er met de voorlopige cijfers 5 personen bij gekregen en daarvoor is een zienswijze ingediend. In oktober volgt een besluit, maar ook daartegen kan in beroep gegaan worden. De heer Van Houwelingen (SP) wijst op het ISK en andere prestatiemiddelen en vraagt of deze cijfers bij het toegezegde overzicht gevoegd kunnen worden. Wethouder Molengraaf reageert dat alleen Dordrecht en Gorinchem een ISK hebben. De heer Van Houwelingen (SP) zegt dat het hem duidelijk is en daardoor is de toevoeging aan het overzicht niet meer nodig. De heer Schefferlie merkt op dat in de raadsinformatiebrief staat dat 70% van de leerlingen van de ISK afkomstig is uit omliggende gemeenten.
De heer Van der Meijden zegt dat het verdeelbesluit rechtsgeldig is en rechtskracht heeft. De zienswijze heeft geen opschortende werking. Hij begrijpt dat de oorspronkelijke taakstelling kan veranderen, maar dat deze nog wel uitgevoerd moet worden als Gorinchem de wet wil uitvoeren. Wethouder Molengraaf verduidelijkt dat de cijfers al zijn veranderd en opnieuw gaan veranderen. Dat maakt dat veel gemeenten pas op de plaats maken. De heer Van der Meijden vervolgt dat het aantal uit het verdeelbesluit het aantal is dat de wet op dit moment voorschrijft. Wethouder Molengraaf reageert dat de definitieve cijfers in oktober volgen en ook daarop is weer bezwaar mogelijk. Het kan wel zo zijn dat dit alles geen opschortende werking heeft, maar dit soort processen gaat zo langzaam dat zij door de werkelijkheid ingehaald worden. De heer Van der Meijden stelde de vraag om scherp te krijgen wanneer wel of niet aan de wet voldaan wordt. De heer Bahlmann hoorde dat Gorinchem de taakstelling voor de reguliere opvang voor 87% heeft ingevuld, voor de opvang van Oekraïners is dat 120%. Hij vraagt welke consequenties er zijn voor Gorinchem als het percentage van 87% niet naar 100% gebracht wordt en of er compensatie mogelijk is aangezien de opvang voor Oekraïners 120% is. De heer Raoufi antwoordt dat dit niet mogelijk is. De Spreidingswet gaat uit van solidair zijn.
Men had niet verwacht dat er bezwaren ingediend zouden worden. De heer Bahlmann informeert naar de consequenties voor de Regio omdat het COA niet opteert voor locaties met minder dan 50 AMV’ers. Wethouder Molengraaf antwoordt dat de Spreidingswet niet afgedwongen kan worden. De Provincie maakt de afspraken. Er wordt druk uitgeoefend om de aantallen te halen. Gemeenten gaan hier allemaal anders mee om (afwachtend, voortvarend) en er zijn ook gemeenten die nu pas in actie komen.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
Mevrouw Van Oversteeg vult aan dat de minister een gemeente kan aanwijzen. B&A gedeelte De voorzitter verzoekt de fracties om in hun reactie ook de vragen die in de raadsinformatiebrief zijn gesteld te beantwoorden. De heer Schefferlie stelt voor te beginnen met de mening van het college zoals beloofd door de wethouder. Wethouder Molengraaf geeft aan dat het college bereid is om de opvang in de Regio te organiseren. Het aantal voor Gorinchem is zo klein dat zij dit eigenlijk bij een andere gemeente zou willen onderbrengen, mede gezien het feit dat Gorinchem al de ISK verzorgt voor de omliggende gemeenten. In de zienswijze is aangegeven wat Gorinchem al doet. De heer Schefferlie is enerzijds van mening dat Gorinchem in de loop der tijd ruimhartig een bijdrage heeft geleverd. Aan de andere kant is het belangrijk om langdurig aan draagvlak te werken. Zijn fractie twijfelt of deze grens wellicht al is overschreden en heeft het idee dat er bovengemiddeld huisvesting wordt verleend aan statushouders. De Jeugdzorg staat relatief veel onder druk en het is moeilijk om mensen die uitstromen naar de woningmarkt op te vangen naast de eigen behoeften vanuit de stad. Mensen willen een evenredige spreiding van de opvang. Zijn fractie is het eens dat Gorinchem al redelijk veel doet.
Het delen van kennis en ervaring met de Regio is een mooie handreiking, maar het is nu geen goed moment om deze huisvesting te faciliteren omdat naast het eigen aantal nog een aanvullend aantal volgt. Dit doet een te groot appel op de jeugdzorg en de huisvesting en bovendien moeten enkele regiogemeenten nog een bijdrage leveren. Afsluitend geeft hij aan dat zijn fractie dus niet open staat voor huisvesting van dit aantal in Gorinchem. De heer Van der Meijden geeft aan dat zijn fractie voorstander is van het voldoen aan de opgave voor de opvang van vluchtelingen in Gorinchem. Dit houdt in dat het streven moet zijn om aan het aantal te voldoen. Dit geldt ook voor de aanvraag voor AMV’ers die nu voorligt. Zijn fractie staat open voor de gedachte om te verkennen of in samenwerking met andere gemeenten tot een overeenstemming gekomen kan worden om dit op een efficiënte manier te doen, hoewel het slagen wordt betwijfeld gezien de ontwikkelingen in de Regio. De heer Schefferlie is benieuwd naar de voorkeur van D66, opvangen binnen de Regio of huisvesten in Gorinchem. De heer Van der Meijden maakte op uit de woorden van de heer Schefferlie over regionaal oplossen dat het per definitie gaat om opvang buiten Gorinchem.
Hij stelt voor regionaal te bekijken wat de beste plek is en daarbij kan hij zich voorstellen dat de voorzieningen die werden aangehaald (jongerenwerk, onderwijs, zorg) van belang zijn. Uitgangspunt moet zijn om regionaal tot overeenstemming te komen. De heer Schefferlie verduidelijkt dat de voorzieningen die bijdragen aan de opvang in Gorinchem gecentreerd zijn. Als de gedachte van D66 wordt gevolgd is sprake van stapeling als de huisvesting in Gorinchem wordt gerealiseerd. De heer Van der Meijden corrigeert dat hij niet heeft gezegd in Gorinchem, maar kijken naar de beste plek in de Regio en daarbij Gorinchem niet uitsluiten. Gorinchem moet zich voorbereiden op het scenario dat de opvang toch in Gorinchem plaatsvindt ondanks dat het een opgave voor 24 personen is. Hij pleit daarom voor regionaal verkennen en daarnaast kijken hoe lokaal invulling gegeven kan worden mocht dat nodig zijn. Dit om het draagvlak in de stad te behouden en te voorkomen dat Gorinchem niet aan haar taakstelling kan voldoen.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
De heer Bahlmann vraagt of hij de heer Van der Meijden hoorde zeggen dat wanneer regionaal naar 50 personen gegaan wordt Gorinchem de beste plek is. De heer Van der Meijden benadrukt dat zijn fractie de overgang van 24 naar 50 personen lastig vindt en daarom worden twee sporen voorgesteld; verkennen aan welke voorwaarden voldaan moet worden en welke mogelijkheden er zijn en inzicht in de financiële gevolgen zodat op een gegeven moment een goed geïnformeerde keuze gemaakt kan worden als regionale opvang niet mogelijk blijkt. De heer Klein geeft aan dat zijn fractie geen mogelijkheden ziet om de opvang in Gorinchem te realiseren. Gorinchem heeft jarenlang over gepresteerd voor het COA. Wat zijn fractie betreft blijft het bij de huidige opvang voor 150 asielzoekers en het oplossen van de resterende opgave in de Regio. De heer Van der Meijden begrijpt de onvrede die wordt geuit over het verdelingsbesluit, maar principieel bezien moet Gorinchem de wet naleven en daarom hoort hij graag nog een nadere reflectie. De heer Klein is van mening dat de cijfers herzien moeten worden. Het COA heeft eigenlijk jarenlang geluk gehad dat Gorinchem zo’n grote opvang beschikbaar heeft gesteld. De heer Van der Meijden herhaalt dat de wet helder is over het aantal. De heer Klein heeft niet ontkend dat dit het aantal is dat aan Gorinchem is toegewezen.
Het komt dan eigenlijk neer op het negeren van de wet en dat is een politieke keuze die gemaakt kan worden. Als de overheid verwacht dat burgers zich aan de wet houden, is het lastig uit te leggen als de gemeente dat zelf niet doet. Hij vindt het jammer dat Stadsbelang een ander pad kiest ondanks dat hij zich het ongemak kan voorstellen. De heer Klein kiest voor duidelijkheid; de oplossing ligt in de Regio, niet in Gorinchem. De heer Van Houwelingen (SP) merkt op dat Gorinchem al een behoorlijke inspanning levert met de huidige opvang van vluchtelingen en de Oekraïners die gehuisvest worden. Gorinchem heeft in 2021 met een niet bestaande aanwijzing haar sociale gezicht laten zien. Zijn fractie is van mening dat het tijd is dat de Regio zijn sociale gezicht laat zien. De wethouder noemde enkele gemeenten die niet of nauwelijks aan hun taakstelling hebben voldaan dus daar mag druk uitgeoefend worden. Zijn fractie volgt de lijn van het college ondanks de mogelijkheid dat de opvang niet regionaal geregeld wordt. De gemeente Hardinxveld heeft nog helemaal niets gerealiseerd. Gorinchem mag de buurgemeenten vragen hun sociale gezicht te laten zien en deze taakstelling op te pakken. De heer Van der Meijden wordt verrast door deze inbreng van de Socialistische Partij, maar hij hoort wel een nuance.
Er wordt verwezen naar het collegestandpunt, maar hij heeft begrepen dat ook daar het uitgangspunt is dat aan de restopgave voldaan moet worden. De wethouder heeft nog niet aangegeven dat wanneer het regionaal niet lukt dit een lokale opgave is en daarom vraagt hij aan de SP (en eigenlijk ook aan de wethouder) of het, in het geval het collegestandpunt wordt gevolgd, verstandig is om beide routes te verkennen. De heer Van Houwelingen (SP) vervolgt dat de Regio voor 2022 niets heeft gedaan, terwijl Gorinchem al decennialang haar sociale gezicht laat zien en daarom mag verlangd worden dat de andere gemeenten deze lasten ook oppakken. De heer Van der Meijden herhaalt zijn vraag; vindt de SP het verstandig om ook het lokale spoor te verkennen voor het geval het regionaal niet lukt. De heer Van Houwelingen (SP) laat het graag aan de bestuurders of dit verstandig is. Terugkijkend naar hoe hard er is opgetreden tegen de Regio aangaande het wel of niet voldoen aan de wet denkt hij niet dat er veel spannende zaken zullen volgen. Het gaat ook
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
om billijkheid en dan heeft Gorinchem al flink wat pluspunten gescoord ten opzichte van de andere gemeenten. Of de wethouder het tweede spoor wil onderzoeken laat hij aan haar. De voorzitter begrijpt dat deze vraag eigenlijk ook aan het college wordt gesteld en stelt voor de wethouder te vragen om te reageren. De heer Van der Meijden geeft aan dat dit ook een vraag was aan het college, maar de raad moet zich hier ook over uitspreken. Het is teleurstellend dat meteen naar het college gekeken wordt. Hij vindt het niet erg als het college in haar eigen termijn na de inbreng van de raad reageert. De heer Van Houwelingen (SP) antwoordt dat zijn fractie het verkennen van het lokale spoor niet noodzakelijk acht. De heer Schefferlie vindt het onverstandig om bij de stad de indruk te wekken dat de mogelijkheid voor lokale opvang wordt verkend. Er is voldoende motivatie aangedragen waarom Gorinchem er nu geen extra grote schep bij hoeft te doen. Hij roept de heer Van der Meijden op de wet niet heilig te verklaren, want heel Nederland weet dat de uitvoering van de wet op een grabbelton lijkt. Tal van gemeenten hebben nog niets gedaan. Het is wachten op stabiele wetgeving en daarom kan beter geïnvesteerd worden in langdurig draagvlak door zoals altijd een steentje bij te dragen in plaats van voorop te lopen en meer dan noodzakelijk naar Gorinchem te trekken.
De heer Van der Meijden verduidelijkt dat hij heeft geprobeerd om een onderscheid te maken tussen wat zijn fractie inhoudelijk als standpunt heeft (het eerlijke aandeel doen) en voldoen aan de wet. Zijn fractie merkt de door het Rijk toebedeelde aandeel als niet onredelijk aan en is altijd voorstander geweest van de oude omvang (300 plekken in het Belastingkantoor) wat nu is afgeschaald naar 150. De wet is de wet ondanks dat deze in beweging is, maar daarin kan een gemeente niet selectief zijn omdat de wet ondanks de discussie nog steeds niet is ingetrokken. De heer Schefferlie is van mening dat men in Gorinchem evenredigheid wil ervaren in plaats van halsstarrig vasthouden aan een wet en daarom roept hij op beter aan te voelen hoe dit leeft. De heer Van der Meijden reageert dat iedere fractie haar eigen achterban en haarvaten in de samenleving heeft. De verschillen worden nu heel erg uitvergroot, maar de raad staat in algemeenheid positief ten opzichte van vluchtelingenopvang. Hij is van mening dat het wel een evenredig besluit is en daarbij kijkt hij naar de inhoud van de totaalopgave en niet naar het aandeel wat andere gemeenten wel of niet leveren. Het is een slecht voorbeeld om te zeggen als andere gemeenten het niet doen, doen wij het ook niet. De heer Krol denkt dat het gaat om een evenredige verdeling van een landelijk ervaren onevenredigheid.
Op dit dossier is veel veranderd in de afgelopen drie jaar. Gorinchem heeft wellicht meer dan gemiddeld gedaan als landelijk wordt gekeken. Een aantal jaren geleden heeft Gorinchem zichzelf een taakstelling opgelegd door duurzaam 150 plekken te realiseren. Het opvangen van AMV’ers was toen een optie. In de Spreidingswet is nu een verplicht cohort voor AMV’ers opgenomen wat de gemeente zelf moet realiseren of in samenspraak met de regiogemeenten. In 2024 was sprake van achtmaal zo veel AMV’ers dan in 2022. Een landelijk probleem, zonder in te gaan op alle achterliggende theorieën, maar het absorptievermogen van de samenleving lijkt een beetje op te zijn. Veel mensen ervaren het gevoel van evenredigheid niet, maar de gemeente kan de wetgeving niet zomaar aan zich voorbij laten gaan. Zijn fractie is voor bekijken of hier regionaal uitgekomen kan worden. Aangaande een lokale verkenning; als er een duidelijk plan B is, kan plan A wel vergeten worden, maar hij is wel benieuwd of er ook een variant mogelijk is gekoppeld aan het AZC. Bijvoorbeeld 25 volwassenen uitplaatsen en daarvoor in de plaats 25 AMV’ers op de huidige locatie. Hij stelt voor over een half jaar de balans op te maken.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
Als daar regionaal niets uitkomt kan opnieuw bekeken worden hoe de gemeente zich verhoudt tot de landelijke wetgeving. Zijn fractie opteert voor een regionale verkenning en is benieuwd wat Gorinchem uit te wisselen heeft naast de huidige ISK en een brede verkenning naar huisvesting voor statushouders. De heer Van der Meijden constateert dat uit deze bijdrage enige toenadering blijkt, maar er wordt niet meteen voor een parallelle verkenning gepleit. Hij informeert of de regionale verkenning een harde termijn van een half jaar krijgt. De heer Krol antwoordt dat dit geen harde termijn is, het is wel een redelijke tijd om met elkaar te nemen gegeven alles wat landelijk speelt rondom de wetgeving en de huidige politieke instabiliteit. De heer Klein schrok van de variant om meer statushouders te huisvesten en vraagt of de heer Krol bereid is om de woningvoorraad in Gorinchem verder uit te hollen in de hoop daarmee iets te kunnen uitwisselen met buurgemeenten die tot nu toe niets doen. De heer Krol beoordeelt deze bijdrage als een erg makkelijk insteek. Alles heeft te maken met het evenredig verdelen van de landelijk ervaren onevenredigheid. Als Gorinchem 25 AMV’ers kan uitwisselen voor iets anders moeten daarvoor misschien flankerende maatregelen op de woningmarkt komen. Het is geen makkelijk verhaal.
De heer Klein merkt op dat daarmee alles wat Gorinchem tot nu toe heeft gedaan wordt gereduceerd naar nul. De heer Krol herhaalt dat hij heeft gezegd dat Gorinchem jarenlang bovengemiddeld heeft geleverd. De heer Klein begrijpt daarom de noodzaak om allerlei alternatieven te verkennen niet aangezien de omgeving zwaar onder presteert. Mevrouw De Groot zegt dat haar fractie van mening is dat deze discussie voornamelijk gaat over je verantwoordelijkheid nemen. Enerzijds de eigen taakstelling die voortkomt uit de Spreidingswet waaraan de gemeente zich moet houden, anderzijds kiezen de regiogemeenten ervoor om niet altijd even snel hun verantwoordelijkheid op te pakken. Haar fractie kiest voor het aangaan van het gesprek met de regiogemeenten om te kijken wat er samen gedaan kan worden. Tegelijkertijd moet rekening gehouden worden met de mogelijkheid dat andere gemeenten hun verantwoordelijkheid nog steeds niet oppakken en daarom voelt haar fractie wel voor de lijn om parallel uit te zoeken wat er lokaal mogelijk is. Dit is geen voorkeur om opvang te realiseren in Gorinchem, maar kijken of het met de Regio opgepakt kan worden waarbij de kans bestaat dat dit niet lukt.
De valkuil van de afgelopen jaren was beloven dat iets wordt verminderd of verplaatst, wat vervolgens niet zo snel kon gebeuren en daarom moet eerlijk aangegeven worden dat de mogelijkheid bestaat dat dit niet met de Regio opgelost kan worden. De heer Schefferlie vraagt of hiermee niet uitgestraald wordt naar de buurgemeenten als u het niet oppakt, pakken wij het wel op. Mevrouw De Groot denkt dat het aan het college is om daar stevig in te staan en aan te geven aan de regiogemeenten dat zij hun verantwoordelijkheid moeten nemen, maar daarnaast eerlijk zijn naar de inwoners omdat de gemeente zich wil houden aan de taakstelling van de Spreidingswet. De heer Schefferlie vervolgt dat gemeenten die hun verantwoordelijkheid nog niet hebben genomen hiermee het signaal krijgen dat het toch wel opgelost wordt.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
De heer Krol is van mening dat dit alleen aan de orde is als de gemeente een voorziening voor 50 personen realiseert. De heer Schefferlie vervolgt dat deze categorie om een afzonderlijke huisvesting vraagt, had het college deze optie wel geopperd. De heer Krol wijst op een variant met een koppeling aan een AZC die in de bijlagen wordt genoemd. De heer Schefferlie zegt dat dit ook niet de voorkeur van zijn fractie heeft. De gemeente heeft wat last gehad van het feit dat de huidige locatie met wat geheimzinnigheid is gekozen (de rechtszaak zal zaken nog duidelijk maken) en daarom moet op deze plek geen andere populatie toegevoegd worden, maar vasthouden dat Gorinchem al veel doet en duidelijk maken dat de Regio aan de beurt is. Mevrouw Van Oversteeg vindt het vervelend dat de cijfers waar zij in het I&O gedeelte om vroeg niet beschikbaar zijn. Zij wil eerst alles kunnen overzien voordat aangegeven kan worden met welke boodschap het college op pad wordt gestuurd. De huidige berichtgeving over hoe de Regio dealtjes doet en probeert zaken uit te ruilen merkt zij als naar en vervelend aan. De opgave wordt niet minder. Zij wil ervoor waken dat Gorinchem daar op een negatieve manier aan meedoet, maar tegelijkertijd wil zij de wethouder faciliteren met een gedragen raadsbesluit waarmee zij daadwerkelijk de boer op kan.
Haar fractie staat open voor de verkenning van de regionale opgave, andere als/dan scenario’s en verkenningen worden op dit moment niet aangegaan. De heer Van der Meijden wordt verrast door dit standpunt van het CDA, maar dat komt waarschijnlijk omdat hij continu de heer Bontenbal over fatsoenlijk bestuur hoort drammen. Mevrouw Van Oversteeg stelt omwille van de tijd voor dit punt niet opnieuw te recyclen. Er wordt geen standpunt ingenomen omdat de daarvoor benodigde informatie ontbreekt. Tot die tijd wil zij die scenario’s niet verkennen. Het geroeptoeter over fatsoenlijk bestuur; zij probeert een genuanceerd verhaal neer te zetten door aan te geven dat er informatie nodig is en pas daarna wordt in scenario’s gedacht. De heer Van der Meijden benadrukt dat het openbare informatie is die gewoon te vinden is. Mevrouw Van Oversteeg ziet de informatie graag verschijnen via het college, op dit moment bij deze beraadslagingen is de informatie er niet. De voorzitter wijst op het in herhaling vervallen, de reactie is duidelijk en omwille van de tijd stelt hij voor door te gaan. Mevrouw Van ’t Westende geeft aan dat er een complexe en gevoelige opgave voorligt, maar tegelijkertijd zijn de ruimte en de middelen beperkt. Gorinchem heeft al een forse bijdrage geleverd. De voorzieningen op het gebied van onderwijs en Jeugdzorg staan onder druk.
Wat haar fractie betreft is het cruciaal dat Gorinchem deze opgave niet zelf draagt, maar dat de lasten en verantwoordelijkheden eerlijk verdeeld worden in de Regio. Vanzelfsprekend kan Gorinchem daarbij haar kennis en ervaring delen. Om vragen te voorkomen; voor haar fractie is het niet noodzakelijk dat er parallelle of verbrede beleidsonderzoeken plaatsvinden, wel wordt aandacht gevraagd voor de ISK. De school vervult een grote regionale functie en vangt veel leerlingen uit de Regio op. Haar fractie heeft signalen gekregen dat er zorgen zijn over de consequenties van de vraag die voorligt en daarvoor wordt om expliciete aandacht van het college gevraagd. De heer Bahlmann zegt dat zijn fractie zeker aan de wet wil voldoen, maar af en toe rijdt hij te hard en dan voldoet hij niet aan de wet. Gorinchem heeft eind jaren 90 en ook in 2015 opvang gerealiseerd en daarmee haar verantwoordelijkheid opgepakt. In de optiek van zijn
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
fractie heeft Gorinchem voldoende gedaan, ook met de ISK. Helaas kan de opgave vanuit de Spreidingswet niet gecompenseerd worden met de opvang van Oekraïners. De verantwoordelijkheid ligt bij de Regio, niet in Gorinchem. Wethouder Molengraaf concludeert dat de algemene teneur is ga regionaal verkennen en houd daar de druk op. Persoonlijk vond zij het ook teleurstellend dat sommige gemeenten zijn gestopt toen er alleen nog maar geruchten waren dat de Spreidingswet ingetrokken zou worden, solidariteit was ver te zoeken. Zij aarzelt over de suggestie om een parallelle verkenning te doen omdat er onvoldoende capaciteit is om twee sporen te volgen en deze ook helemaal uit te werken. De heer Schefferlie roept de wethouder op niet te aarzelen gehoord de meerderheid die zegt geen verkenning in Gorinchem. Wethouder Molengraaf vervolgt dat zij niet aarzelt als deze verkenning een volledig plan B moet opleveren. De opvang zelf realiseren is duur en daarvoor zal de gemeente moeten bijleggen. Zij hoort een breed gedragen wens niet te opteren voor 50 personen. De ChristenUnie/SGP stelt voor te kijken of er binnen het AZC iets gedaan kan worden, maar dit stuit op behoorlijk harde afspraken. Zij wil daar niet van afwijken met een andere doelgroep of meer mensen daar.
Het COA is over het algemeen niet enthousiast over een locatie met reguliere vluchtelingen en een deel AMV’ers omdat dit om een ander regime van begeleiding vraagt. Ook zij heeft signalen gekregen vanuit de ISK en ook van de scholen waar de leerlingen daarna naartoe gaan. Veel leerlingen van de ISK hebben een bekostiging voor twee jaar, maar door allerlei omstandigheden zijn zij niet de volledige twee jaar aanwezig, waardoor zij de ISK met te weinig bagage verlaten wat in het reguliere onderwijs voor problemen zorgt. Het lastige is dat ook wanneer de AMV’ers in bijvoorbeeld Molenlanden gehuisvest worden zij toch naar de ISK komen, tenzij daar andere afspraken over gemaakt worden. Gorinchem als eindstation voor leerlingen die naar school moeten heeft de aandacht van de regiogemeenten bij de plannen die worden gemaakt. De vraag hoe strikt Gorinchem zich aan de wet moet houden vindt zij lastig, het is niet dat Gorinchem zich niet aan de wet moet houden, maar de wetgever heeft de wet gemaakt en geeft tegelijkertijd ruimte om daar regionaal accenten in aan te brengen. De vraag is of Gorinchem toch nog de kans loopt om afgerekend te worden op die 24 AMV’ers als in de Regio wordt voldaan aan de opvang van het aantal AMV’ers. Haar voorkeur gaat uit naar inzetten op een regionale verkenning en daarvoor de gesprekken aangaan en daar in het komende half jaar de inzet op plegen.
De minister geeft zelf aan dat het realistisch is dat gemeenten eind 2026 aan de Spreidingswet kunnen voldoen. Zij is geen voorstander van een parallel proces vanwege de uitstraling en de opgave voor de organisatie. De voorzitter informeert of het college voldoende input heeft opgehaald bij de raad. Wethouder Molengraaf geeft aan dat zij voldoende informatie heeft en voldoende mandaat om de gesprekken te voeren in de Regio. Zij zegt toe de raad op de hoogte te houden van de ontwikkelingen. De heer Van der Meijden vraagt of de wethouder de genoemde termijn van zes maanden aanhoudt om de optie te verkennen. Dat is het geval of zo veel eerder als mogelijk is. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor de inbreng en sluit de vergadering. Toezeggingen: • Cijfers aangaande de verdeling van de opgave over de verschillende gemeenten verstrekken
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025
•
De raad op de hoogte houden van de ontwikkelingen naar aanleiding van de gesprekken in de Regio. Dit binnen 6 maanden te doen dan wel zoveel eerder als nodig is.
Parallelsessie I&O Restopgave Spreidingswet Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV), 18 september 2025