CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20250911 Verslag parallelsessie I&O uitgangspunten warmteprogramma

Raadsvergadering 25 september 2025, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies2.162 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 11 september 2025 Uitgangspunten Warmteprogramma Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang: Democraten Gorinchem: PvdA: VVD: ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief: D66: CDA: SP: Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning:

mevrouw P. de Groot de heer S. Vink mevrouw J.M. Kiep-de Jongh de heer J. Klein de heer K. van Willigen vertegenwoordigd door D66 de heer N. Andressen de heer M. de Pagter de heer D. Lokerse de heer R. Le Noble de heer P. Kuijten de heer A. van Houwelingen mevrouw E. Otto de heer P. de Boer de heren R. Mourik en B. den Toom en mevrouw E. van Wijngaarden

Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Uitgangspunten Warmteprogramma De gemeente is wettelijk verplicht om in een warmteprogramma vast te leggen op welke manier Gorinchem in de toekomst verwarmd wordt. Omdat dit programma kan leiden tot omgevingsplanwijzigingen is het van belang is om de gemeenteraad hierin mee te nemen. Hiervoor zijn een aantal beleidskaders opgesteld waarbinnen het college uitvoering kan geven aan het warmteprogramma. Deze kaders worden voorgelegd aan de gemeenteraad om vervolgens vast te kunnen stellen. De heer Den Toom verzorgt een presentatie; waar staat Gorinchem in de warmtetransitie, welke positie hebben het college en de raad in het warmteprogramma. Het is de bedoeling dat alle woningen in 2050 van het aardgas af zijn met als tussenstap in 2030 anderhalf miljoen woningen aardgasvrij. Gemeenten zijn aangewezen als regievoerder en worden daarin ondersteund met allerlei nieuwe wetgeving. Hij refereert aan het betaalbaar houden van de energieprijzen, daarnaast zijn het klimaat en solidair zijn met Groningen belangrijke items. De Wet collectieve warmte (Wtc) gaat over collectieve warmte in grotere systemen. Warmtenetten worden publiek eigendom. De prijs is nu nog gekoppeld aan de prijs voor aardgas. De verwachting is dat de prijzen voor aardgas enorm gaan stijgen.

Het warmteprogramma geeft aan hoe de route naar aardgasvrij bewerkstelligd kan worden. De gemeente heeft daarbij een aanwijsbevoegdheid als mogelijkheid. Gorinchem is al aardig op weg, veel nieuwbouwwoningen zijn goed geïsoleerd. 18% van de woningen heeft nog een hoog energielabel (E, F of G), maar daarnaast is ook voor veel woningen het juiste energielabel niet geregistreerd. Op dit moment is 17% van de woningen aardgasvrij. In 2035 wordt uitgekomen op 35%. Fase 1 van het warmtenet is in uitvoering. Fase 2 is in voorbereiding en daarnaast zijn er veel potentiële plaatsen voor de aansluiting op een warmtenet (kansenkaart). Per wijk wordt gekeken naar logische

Parallelsessie I&O Uitgangspunten Warmteprogramma, 11 september 2025

gebieden waarbij soortgelijk woningen worden geclusterd. In gebieden met een warmtenet kan daarop aangesloten worden, of er kan gekozen worden voor een eigen oplossing. De stakeholders denken intensief mee over de mogelijkheden, bewoners worden zo veel mogelijk betrokken en geïnformeerd wat aardgasvrij wonen inhoudt. Het warmteprogramma is een collegebevoegdheid. De raad wordt verzocht de kaders aan te geven. Een aantal kaders is al opgehaald via participatie (sheet 15). Vervolgens zijn enkele beleidskaders toegevoegd. Met de Gorinchemse warmteladder wordt gekeken of er al warmte in de buurt is en of deze gebruikt kan worden. Met de aanwijsbevoegdheid kan de gemeente bepaalde gebieden aanwijzen (sheet 17). Hierbij moet aan een aantal basisregels die het Rijk gesteld heeft voldaan worden (sheet 18). Daarnaast wordt rekening gehouden met lokale voorwaarden (sheet 19). Op de bewonersavond van 3 september jl. zijn positieve geluiden naar voren gekomen. Uitgangspunt is dat bewoners maximaal ontzorgd worden bij het overstappen naar een duurzame oplossing. De Gildenwijk en Hoog Dalem zijn mogelijke opties in de toekomst, maar voldoen nu nog niet aan de voorwaarden. Vanwege de aanwezigheid van een warmtenet in de Gildenwijk is daar minder sprake van netcongestie en minder noodzaak om extra trafohuisjes te plaatsen.

De boodschap die aan inwoners meegegeven wordt is samen op weg naar een duurzame warmtevoorziening. Het voornemen is om eind 2025 tot een afronding van het warmteprogramma te komen. De heer Van Willigen heeft op de bewonersavond minder positieve geluiden gehoord. Inwoners zijn geschrokken en kregen niet het gevoel dat er nog ruimte om invloed uit te oefenen was. Hij vraagt zich af of de opgave vanuit de landelijke overheid wel realistisch is gezien de ervaringen in de RES. Gorinchem hoeft niet het braafste jongetje van de klas te zijn. Haalbaar en betaalbaar voor alle inwoners; de cijfers in de grafiek voor de aanleg van het warmtenet zijn wel erg gunstig. In Almere wordt minimaal het dubbele betaald. Veelal is er maar één alternatief (de warmtepomp) waarbij de vraag is of dit een fatsoenlijke keuze is. Afsluitend merkt hij op dat er ook wijken zullen zijn die minder geschikt zijn voor een warmteprogramma (bijvoorbeeld de binnenstad). De heer Den Toom bevestigt dat niet de hele stad geschikt is voor een warmtenet. Het warmteprogramma geeft een doorkijk naar de warmtevoorzieningen in de komende vijf tot tien jaar. In de Gildenwijk en Hoog Dalem worden kansen gezien. Hij bevestigt dat er nog geen directe oplossing is voor de binnenstad, aan de randen worden wel mogelijkheden gezien.

Gehoopt wordt dat via innovaties een oplossing gevonden wordt (wellicht groen gas in de toekomst). Wethouder De Boer vindt het lastig om het gesprek te voeren over de beleving van inwoners. Op de bewonersavond zijn waardevolle gesprekken gevoerd, inwoners hebben zaken aangegeven en die zijn als input genoteerd. De heer Van Willigen is van mening dat vanuit de presentatie een bepaalde stelligheid werd aangegeven. De voorzitter verzoekt deze discussie over beleving en braafste jongetje van de klas te bewaren voor de B&A sessie. De heer De Pagter leest als voorwaarde bij de aanwijsbevoegdheid als er een betaalbaar en duurzaam alternatief is en informeert of daar een nadere definitie van gegeven kan worden aangezien dit afhangt van de portemonnee en de diverse keuzes die gemaakt kunnen worden. De huidige prognose voor aardgasvrij is 17%, in 2030 is dat 35%. Dit houdt in dat 3.240 huizen op alternatieve bronnen van energie aangesloten moeten worden (600 woningen per jaar). Hij vraagt of dat realistisch is. Voorts verzoekt hij om verduidelijking met betrekking tot een voorkeursoplossing gebaseerd op de laagste nationale kosten. De heer Den Toom antwoordt dat in de hele keten wordt gekeken naar de kosten voor het aanleggen van een warmtenet of het aansluiten van een warmtepomp. Het gaat daarbij om

Parallelsessie I&O Uitgangspunten Warmteprogramma, 11 september 2025

een vergelijking van alle kosten die tot de keten gerekend worden. Individuele woningen en nieuwbouwwoningen mogen meegeteld worden. In fase 1 gaat het om ongeveer 1.000 woningen en in fase 2 om ongeveer 2.300 woningen van het aardgas via het warmtenet waardoor in 2030 op 35% uitgekomen wordt. Het team ziet dit als winst om kwetsbare groepen snel te kunnen helpen aan een stabiel en duurzaam energiesysteem. Betaalbaar en duurzaam; hierbij wordt een vergelijk gemaakt met de bestaande situatie, de nieuwe oplossing moet minimaal gelijk of goedkoper zijn. Van kwetsbare bevolkingsgroepen mag niet verwacht worden dat zij een hogere rekening gaan betalen. De heer Klein constateert dat de zojuist genoemde zaken elkaar bijten; de laagste nationale kosten (de kosten voor een nieuwe investering) en betaalbaar en duurzaam moet minimaal gelijk zijn of lager dan de kosten die al worden gemaakt. De woorden aanwijsbevoegdheid en samen met de inwoner zijn vaak uitgesproken in de presentatie. Hij vraagt zich af hoe cruciaal de aanwijsbevoegdheid is in de ambitie die nu wordt besproken en of daarin niet voorbij wordt gegaan aan de bewoners. De heer Den Toom reageert dat hij aanwijsbevoegdheid vaak heeft genoemd omdat dit door het Rijk als oplossing wordt aangemerkt. Aanwijsbevoegdheid kan een optie zijn, maar de gemeente kan daar nog niet mee aan de slag omdat de wet nog niet definitief is.

Het inzetten van dit instrument kan vergaande gevolgen hebben voor bewoners. In Gorinchem wordt geprobeerd de inwoner centraal te stellen. Bewoners met hogere energie labels proberen te overtuigen om daarin stappen te zetten. Een energievoorziening zonder aardgas zorgt prijstechnisch voor een stabielere situatie. De heer Klein begrijpt dat de aanwijsbevoegdheid een uiterst middel is dat de gemeente liever niet inzet. Wethouder De Boer antwoordt dat de gemeente moet aangeven hoe zij omgaat met de aanwijsbevoegdheid. Dit middel is enkel als sluitstuk van toepassing in een wijk op het moment dat het overgrote deel van de wijk al aardgasvrij is. Met de laatste bewoners wordt gekeken hoe zij een stap kunnen zetten. Op dit moment wordt zeker niet voorgesteld om de aanwijsbevoegdheid in te zetten, maar het is wel belangrijk om de spelregels te formuleren. Het daadwerkelijk inzetten is een raadsbevoegdheid. De gemeente doet dit niet omdat zij wordt gepusht door het Rijk. Veel inwoners worstelen met het energievraagstuk en daarom wordt samen met hen gekeken hoe er stappen gezet kunnen worden in het verduurzamen van de woning voor lagere energielasten en minder afhankelijkheid van de stijgende gasprijzen. De heer Klein heeft nog geen reactie gekregen op zijn opmerking over de tegenstijdigheid.

De heer Den Toom reageert dat de nationale kosten niet per definitie gelijk zijn aan de beste oplossing voor een particulier. Dit zijn twee aparte trajecten. De heer Lokerse vraagt zich bij de warmteladder af of in het geval trede 1 haalbaar is er niet meer naar de overige treden gekeken wordt. Als dit het geval is, zou hij graag meer inzicht hebben in de logica van de volgorde van de treden. De heer Den Toom antwoordt dat wanneer er een realistische oplossing is verder gekeken wordt of dit ook haalbaar en betaalbaar is voor de andere betrokken partijen. In het voorbeeld van de Arkelsedijk wijst hij op de verplichting om te kijken of er een energievoorziening in de buurt is. Geprobeerd wordt om de beste oplossing als eerste te onderzoeken. Als dit niet lukt wordt een trede verdergegaan tot er een optie gevonden wordt. De heer Lokerse zou het zonde vinden als bijvoorbeeld optie 3 zou zorgen voor 80% en optie 1 voor 60% rendement dat deze optie niet bekeken wordt.

Parallelsessie I&O Uitgangspunten Warmteprogramma, 11 september 2025

De heer Den Toom verduidelijkt dat het een handleiding is om het gesprek te beginnen omdat er misschien andere voorwaarden nodig zijn dan enkel een rendementseis, wellicht ook een gebiedsontwikkeling of iets dergelijks. De voorzitter stelt voor gezien de tijd die nog resteert de resterende vragen schriftelijk te stellen. De heer Kuijten vindt het mooi dat het ziekenhuis als grote kans wordt gezien en zou dit graag uitgenut zien. Voorts zou het mooi zijn als ook het zwembad aangesloten wordt omdat dit enorm scheelt in de netcongestie. Hij informeert wat de gemeente doet met privaat eigendom in de wijk. Voorts informeert hij hoe met de subsidiestroom omgegaan wordt. Als gekeken wordt naar de huidige gasprijzen en de prijzen toen de warmtevisie werd vastgesteld kan hij zich deze grafiek voorstellen, maar hij gelooft daar niet in. De heer Den Toom antwoordt dat samen met HVC wordt gekeken naar de mogelijkheden om ook privaat eigendom aan te sluiten. Met het ziekenhuis wordt al drie jaar gesproken over het realiseren van een aansluiting. Voordat een subsidie wordt vertrekt wordt de woning beoordeeld door een energiecoach. De heer Van Houwelingen leest in een rapport van Berenschot dat de hogere energie labels minder scoren met een warmtenet dan met een warmtepomp. Nationale kosten versus maatschappelijke kosten, isolatie en investeren vallen onder maatschappelijke kosten.

Dit is voor een particulier een afschrijving van 30 jaar. Het verzwaren van het elektriciteitsnet kost eenmalig € 4.000 per woning. Hij informeert of dit een juiste conclusie is. De heer Den Toom zegt schriftelijke beantwoording toe. De heer Andressen merkt op dat de aansluiting op een warmtenet op dit moment voor een belangrijk deel worden gesubsidieerd (hiervoor is € 17,5 mln. beschikbaar gesteld) en vraagt hoe het gaat als dit bedrag op is. De heer Den Toom antwoordt dat tot 2030 over dit bedrag beschikt kan worden. Er zijn afspraken gemaakt met Poort6 en daarnaast worden gesprekken gevoerd met vve’s. Gorinchem maakt deel uit van een koplopersgroep zodat andere gemeenten daarvan kunnen leren. Hiernaast is de verwachting dat de nieuwe regeling (WIS) na 2030 doorgaat om ervoor te zorgen dat de aansluitkosten zodanig laag zijn dat het aantrekkelijk is om aan te sluiten. De heer Le Noble informeert of gegarandeerd kan worden dat elke bewoner die wordt gedwongen om over te gaan gesubsidieerd wordt indien dit nodig is. Als iedereen gesubsidieerd wordt, profiteert niemand daarvan. De heer Den Toom antwoordt dat de subsidie op dit moment nodig is om het verschil te maken tussen de huidige en de nieuwe situatie. Als in 2030 de kosten voor de reguliere energievoorziening met gas duurder zijn is een subsidie voor duurzamere alternatieven niet nodig.

De gemeente werkt niet mee als bewoners geconfronteerd worden met een veel te hoog bedrag. Sluiting De voorzitter meldt dat de resterende vragen schriftelijk gesteld kunnen worden via de griffie. Beantwoording wordt toegevoegd aan de B&A sessie op 2 oktober. De voorzitter bedankt voor de presentatie en de inbreng en sluit de vergadering. Toezeggingen: Er zijn geen toezeggingen gedaan.

Parallelsessie I&O Uitgangspunten Warmteprogramma, 11 september 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=ae961a14-bd0a-424b-a275-ba511266e692