20250403 Verslag parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 3 april 2025 Jongerenwerk The Mall Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang:
Democraten Gorinchem: PvdA: VVD: ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief: D66: CDA: SP: Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning: Gasten:
de heer J. Klein mevrouw E. van Bekhoven mevrouw J.M. Kiep-de Jongh de heer D. van Gammeren mevrouw G. Metz de heer J. Roeland de heer M. Venhovens de heer A. Boutachkourt de heer K. van Willigen de heer A. Koçak de heer A. Jalloh mevrouw T. van ‘t Westende de heer A. de Jong de heer A. Krol de heer B. Bahlmann mevrouw E. Hamann mevrouw W. Alba-Heijdenrijk de heer J. van der Geest de heer P. van Andel de heer A. van Houwelingen mevrouw E. Dansen mevrouw J. Rijks, de heer M. Nijst de heren B. Zuidervaart en N. Dees en mevrouw I. Kwakernaak en Charissa Stam
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Jongerenwerk The Mall Met deze sessie wordt de raad geïnformeerd over het werk van the Mall in 2024. Aan het einde van deze sessie moet de raad op de hoogte zijn van de huidige ontwikkelingen binnen the Mall en het werk wat ze hebben geleverd in 2024. Dit wordt verteld door verschillende mensen die werkzaam zijn binnen the Mall. Wethouder Dansen geeft aan dat zij benieuwd is naar het live verslag. De heer Nijst verzorgt een presentatie. De raad heeft het vve-beleid in 2020 omgezet naar het gelijke kansenbeleid; ieder kind moet zich ten volle kunnen ontplooien ongeacht achtergrond, opleidingsniveau van de ouders of hun financiële middelen. The Mall is een belangrijke maatschappelijke partner die samen met de gemeente, het onderwijsveld en andere maatschappelijke organisaties gelijke kansen stimuleert. Partijen in de stad worden verbonden om de initiatieven in de leefwereld van kinderen (school, thuis en omgeving) samen te brengen tot een veilige en stimulerende omgeving (pedagogisch educatief ecosysteem).
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
De heer Zuidervaart geeft aan dat The Mall blij, trots en dankbaar is dat zij het jongerenwerk in de stad mag uitvoeren en daarbij het vertrouwen krijgt van de gemeente. Hij stelt zichzelf voor en vertelt vervolgens dat zijn vader is overleden toen hij 16 was waardoor zijn leven er ineens totaal anders uitzag. Verdriet vanwege het verlies, hij zag ook het verdriet van zijn moeder en broers en hij moest nadenken over zijn toekomst en studie. Zijn moeder was groepsleider in een weeshuis, de verhalen over de jongeren daar raakten hem en dat maakte dat hij zich ook wilde gaan inzetten voor jongeren die kortere of langere tijd iets meer ondersteuning nodig hebben door de situatie waarin zij opgroeien. Na zijn opleiding kwam hij bij Jeugdzorg terecht en maakte hij kennis met veel organisaties. De vele bureaucratie maakte dat hij op zoek ging naar ander werk waarna hij uiteindelijk bij The Mall terecht kwam in een fijn team van jongerenwerkers. Jongeren zijn de toekomst van Gorinchem. Hun welzijn, ontwikkelingen en kansen bepalen hun eigen leven en zij zijn ook belangrijk voor de sociale samenhang en veerkracht van een wijk of de stad in het geheel. Met de meeste jongeren, ook in Gorinchem, gaat het goed, maar toch kunnen jongeren te maken krijgen met verslaving, schooluitval, eenzaamheid, schulden, problematisch gedrag.
Integraal jongerenwerk speelt een cruciale rol in het ondersteunen, activeren en begeleiden van jongeren zodat zij volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. De sociale basis is het geheel van formele en informele netwerken, voorzieningen en relaties die ervoor zorgen dat mensen tot hun recht komen en zich kunnen ontwikkelen. Het jongerenwerk is onderdeel van de leefomgeving. Integraal betekent voor The Mall een compleet aanbod, aanwezig zijn op straat, op school, eventueel thuis bij jongeren, maar ook online. Samenwerken met partners van de sociale basis in het belang van jongeren. Hij wijst op vroegsignalering en preventie. Jongerenwerkers weten wat jongeren bezighoudt. Problemen worden vroegtijdig opgepakt waardoor voorkomen wordt dat kleine problemen escaleren en leiden tot zware soms dure zorgtrajecten. Als voorbeeld noemt hij het hosler project, een game over de gevaren en gevolgen van drugscriminaliteit, die wordt aangeboden aan scholen. Aan jongeren duidelijk maken dat zij erover kunnen praten als zij een domme fout hebben gemaakt. Een andere kerntaak is versterking van de sociale basis. Een brug vormen met scholen, sportverenigingen, Gorinchem Beweegt, Stichting Boukie, de gemeente. Het is belangrijk dat jongeren echt meedoen (participatie) en onderdeel zijn van de Gorinchemse samenleving.
Als jongeren zich inzetten voor een project doen zij nieuwe vaardigheden op. Aan het opknappen van de locatie op de Burgstraat hebben jongeren vrijwillig meegewerkt. In de muziekstudio worden jongeren uitgedaagd om creatief aan de slag te gaan. Het is mooi om te zien dat daar vriendschappen ontstaan. In wijken waar overlast en jeugdcriminaliteit speelt fungeert het jongerenwerk als schakel. De heer Venhovens wijst op signalen over overlast gevende groepen op sommige plaatsen in de stad en vraagt wat The Mall doet om de overlast te verminderen. De heer Zuidervaart antwoordt dat er korte lijnen zijn via het wijkoverleg met de wijkagent en andere professionals. Gezamenlijk wordt geprobeerd om tot stappen te komen. Overlast komt en gaat. Het is nodig om een grens aan te geven bij ongewenst gedrag. Het jongerenwerk kijkt waar de jongeren behoefte aan hebben, wat zit er achter het overlastgevend gedrag. De heer Venhovens begrijpt dat handhaving aan de boa’s en de politie is, maar zijn fractie maakt zich wel zorgen vanwege signalen over vandalisme. De heer Zuidervaart vraagt of het gaat om jeugdoverlast. De heer Venhovens verduidelijkt dat op de Hoogstraat bij de Zeeman ’s avonds heel veel jongeren rondhangen waar de buurt last van heeft. Klanten blijven weg bij winkels omdat zij last hebben van het gedrag van deze jongeren.
Ook in het uitgaansgebied is soms sprake van onwenselijke zaken.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
De heer Zuidervaart reageert dat er onlangs een gesprek is gevoerd over overlast door jongeren en alcoholgebruik en wijst op het belang van een integrale aanpak met een combinatie van handhaving. Jongeren stimuleren om gebruik te maken van bijvoorbeeld de Inloop. De heer Venhovens zegt dat het gaat om de steegjes waar jongeren overdag voor onrust zorgen. Mevrouw Rijks is beleidsadviseur onderwijs en projecttrekker van het pedagogisch educatief ecosysteem samen met de teams Veiligheid en Jeugdzorg. Het Team Veiligheid heeft specifiek aandacht voor dit probleem. Recent is een boa voor de jeugd benoemd en vanuit het Rijk zijn extra middelen beschikbaar gekomen, maar overlast komt en gaat en zal nooit helemaal overgaan. De heer Venhovens verzoekt om schriftelijk aan te geven wat deze inzet precies inhoudt. Mevrouw Rijks wijst op de raadsinformatiebrief vanuit het pedagogisch educatief ecosysteem en meldt dat er nog meer raadsinformatiebrieven zullen volgen en een I&O sessie waarin uitleg wordt gegeven over deze thema’s. De heer Boutachkourt informeert of het jongerenwerk ’s avonds bereikbaar is. De heer Zuidervaart antwoordt dat er geen piketdiensten zijn, maar er zijn wel korte lijnen met het jongerenwerk. De heer Boutachkourt geeft aan dat Gorinchem een groot aantal leerlingen heeft in het voortgezet onderwijs en vraagt of het jongerenwerk daar aanwezig is.
De heer Zuidervaart antwoordt dat het jongerenwerk aanwezig is op het Vita College, het Omnia College en ISK De Toekomst en daarnaast wordt op veel scholen voorlichting gegeven. Ook voor de Campus wordt nagedacht over het vormgeven van het jongerenwerk in dit gebied. De heer Van Willigen vraagt in hoeverre scholen in staat zijn om het jongerenwerk in te schakelen. De heer Zuidervaart antwoordt dat dit nu al gebeurt, maar het jongerenwerk heeft wel rekening te houden met een budget. Er zijn onvoldoende middelen om het jongerenwerk op alle scholen vorm te geven. Hij vervolgt zijn presentatie met vertrouwen en toegankelijkheid. Niet alle jongeren hebben vertrouwen in instanties. Het jongerenwerk heeft geen strakke agenda en is daardoor wat meer in staat om met jongeren in gesprek te gaan. Naast jongeren gaan staan om hun vertrouwen te winnen of letterlijk meegaan naar een intakegesprek bij Jeugdzorg. Het jongerenwerk moet structureel ingebed zijn in de sociale basis met een stabiele financiering, samenwerking met andere partijen en voldoende ruimte om maatwerk te kunnen bieden. Adhoc projecten en tijdelijke subsidies maken duurzaam jongerenwerk ingewikkeld. Door jongeren perspectief te bieden en problemen vroegtijdig op te pakken en verbinding te leggen draagt het jongerenwerk bij aan een stad waarin iedereen de kans krijgt om mee te doen.
Hij herhaalt dat het met de meeste jongeren van Gorinchem goed gaat, maar als jongeren plotseling met iets te maken krijgen is het belangrijk dat er in de sociale basis mensen beschikbaar zijn zodat zij hun verhaal kwijt kunnen. Hij vervolgt met het aanbod en de activiteiten van The Mall in 2024. Het is belangrijk om te blijven investeren in outreachend werk; aanwezig zijn in de wijk. De jongerencentra in vier wijken; een vaste plek waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten. Het meidenwerk in vier wijken; om meiden een veilige plek te kunnen bieden. Coaching;
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
laagdrempelige begeleiding van jongeren individueel en in groepsverband. Projecten en groepsinterventies; meedenken en meekijken. De heer Boutachkourt vraagt of dat ene moment op vrijdagavond in Gorinchem Oost voldoende is gezien het aantal jongeren dat in deze wijk opgroeit. De heer Zuidervaart reageert dat ook in andere wijken aangegeven wordt dat jongeren een plek willen hebben waar zij regelmatig kunnen zijn. Desgevraagd geeft hij aan dat veel jongeren gebruik maken van de inloop. Het varieert per periode, soms gaat het om 60 tot 70 jongeren per avond, gemiddeld 48. De heer Roeland vraagt hoe hij outreachend werk op straat moet zien. De heer Zuidervaart geeft aan dat dit letterlijk inhoudt aanwezig zijn in de wijk op basis van de hotspots die zijn vastgesteld in het signaleringsoverleg, op aangeving van boa en politie, op schoolpleinen. Het jongerenwerk op school komt naar voren in de video die straks vertoond wordt. Hierbij wordt specifiek gekozen voor een duo van een mannelijke en een vrouwelijke jongerenwerker die tweemaal per week aanwezig zijn op school waarbij activiteiten aangeboden worden. In de eigen studio van The Mall Music worden jongeren gestimuleerd om samen met een professional hun talenten te ontwikkelen. De heer De Jong vraagt of het op scholen ook mogelijk is om een individueel gesprek te voeren.
De heer Zuidervaart antwoordt dat het zowel om individuele als om groepsgesprekken gaat. Jongerenwerkers gaan met de jongeren in gesprek. In sommige gevallen wordt individuele coaching ingezet of jongeren worden actief ondersteund in het zoeken naar een bijbaan. De heer Krol hoort dat er wordt gewerkt aan kerntaken en dat er ook indirecte doelen worden nagestreefd en informeert op basis van welke signalen bijgestuurd wordt. De heer Zuidervaart reageert dat alle activiteiten en projecten constant aan de doelstellingen van The Mall worden getoetst (behoeftegericht werken, werken vanuit een relatie met jongeren, integraal karakter, professionele opzet). De heer Jalloh vraagt hoe groot The Mall is. Voorts vraagt hij of er een toezichthouder is. De heer Zuidervaart antwoordt dat The Mall uit tien professionals bestaat en daarnaast een club van vrijwilligers en enkele stagiaires MBO en HBO. Hij legt als manager verantwoording af aan het bestuur. De heer Van Willigen vraagt in hoeverre The Mall zich verhoudt met Jeugdzorg. De heer Zuidervaart antwoordt dat het belangrijk gevonden wordt om professioneel jongerenwerk te bieden en daarom is bewust gekozen voor geschoolde mensen met een agogische opleiding. Er worden veel problematieken gesignaleerd die deels ook door Jeugdzorg worden opgepakt. The Mall is geen concurrent van Jeugdzorg.
Gekeken wordt welke lichte zaken vanuit het jongerenwerk opgepakt kunnen worden zonder dure beschikking vanuit de reguliere Jeugdzorg. De heer Van Willigen wijst op de enorme wachttijden bij Jeugdzorg en vraagt of het risico bestaat dat The Mall in een positie gemanoeuvreerd wordt waarin zij zichzelf niet zou willen zien.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
Wethouder Dansen reageert dat The Mall goed is in de niche die geen zorg is, maar wel om ondersteuning en begeleiding vraagt. Juist door de professionaliteit weet The Mall wanneer er zorg geboden moet worden die niet bij het welzijnswerk past. De heer Van Willigen vraagt of er afspraken gemaakt worden in het geval The Mall doorverwijst naar GGZ of Jeugdzorg waardoor sommige trajecten sneller gaan. De heer Zuidervaart antwoordt dat het altijd om maatwerk gaat. The Mall wordt soms rechtstreeks door ouders benaderd. Soms wordt gevraagd of The Mall een kort natraject kan verzorgen. Hij is niet bang dat The Mall zich in het gat van Jeugdzorg laat zuigen. Eén van de jongeren geeft straks een inkijkje hoe zij het jongerenwerk heeft beleefd en jongerenwerker Inge Kwakernaak vertelt over haar dagelijks werk. Mevrouw Kwakernaak is aanwezig met Charissa die zij heeft leren kennen op het Omnia College. Zij heeft een brief van Charissa ontvangen die zij vervolgens voorleest. Charissa geeft in de brief aan dat zij aanvankelijk niet goed wist wat zij van de jongerenwerkers moest vinden die zij ontmoette op school toen zij met zichzelf in de knoop zat. Na een tijdje begon zij met het jongerenwerk te praten en zij is blij dat een vriendin haar heeft meegetrokken naar de meidendag en dat een jongerenwerker bereid was om haar te helpen. Zij blijft zeker contact houden.
Deze brief laat zien wat het jongerenwerk voor jongeren in de stad betekent. De meidendag is een dag voor alle meiden van de meidenmall die eenmaal per jaar wordt georganiseerd. Charissa maakte daarna contact met het jongerenwerk op het Omnia College en zij durfde steeds meer te vertellen. Uiteindelijk kwam zij ook naar de inloop en volgde zij de girlstalktraining (weerbaarheidstraining rondom seksualiteit). Charissa vond een veilige plek bij medewerkers en locaties. Omdat er behoefte was aan nog een meidenmall werd deze opgezet in de binnenstad waar veel meiden van het Omnia College naartoe komen. Dit is een mooie plek voor ontmoeting waar vriendschap gevonden kan worden en er worden thema’s besproken waar meiden tussen 12 en 16 mee te maken hebben (zelfbeeld, mentale gezondheid, omgaan met stress en vriendschappen). Meiden een plek bieden waar ontwikkeling, groei en positiviteit mogelijk zijn. De heer Venhovens spreekt zijn complimenten uit voor het delen van dit verhaal. Hij refereert aan girltalk en vraagt of hierbij wordt samengewerkt met andere partners in de stad. Mevrouw Kwakernaak antwoordt dat dit wordt gedaan door een gecertificeerde jongerenwerker die regelmatig terugkomdagen volgt bij Rutgers. De heer Boutachkourt spreekt zijn complimenten uit voor het idee om een brief te schrijven. De problematiek waar jonge meiden soms mee zitten is hem bekend.
Hij informeert of er sprake is van een toename. Mevrouw Kwakernaak bevestigt dat er sprake is van toename. Ook kwetsbaarheid neemt toe. Automutilatie komt vaker voor en in dergelijke gevallen volgt doorverwijzing. Meiden hebben veel behoefte aan een veilige plek waar zij over van alles kunnen spreken en op de risico’s gewezen kunnen worden. Mevrouw Alba informeert naar het verschil tussen je verhaal vertellen aan een mentor of een docent of iemand van The Mall. Charissa Stam antwoordt dat zij het fijner vindt om met een vrouw te praten. Bij Inge voelde zij zich snel op haar gemak en die is nu haar vaste aanspreekpunt. De heer Van Houwelingen vindt het super dat Charissa een brief heeft geschreven aan haar jongerenwerker. Hij vraagt waar de klik zit bij The Mall en waar zij het meest trots op is.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
Charissa Stam is socialer geworden, minder op zichzelf en heeft steeds meer omgang met andere mensen. De presentatie wordt vervolgd met een filmpje van praktijkvoorbeelden met samenwerkingspartners. De heer Zuidervaart geeft aan dat The Mall zichzelf ziet als bruggenbouwer zodat jongeren een volgende stap in hun leven kunnen zetten. Soms door het voor te doen of een tip te geven, soms wordt het even overgenomen, maar jongeren worden zo snel mogelijk in hun eigen kracht gezet om een stap te kunnen zetten. Ook met samenwerkingspartners worden bruggen gebouwd zodat er nieuwe wegen voor jongeren ontstaan, onder andere met het pedagogisch educatief ecosysteem. Hoe worden alle mooie elementen in de sociale basis verbonden met elkaar. Een ander voorbeeld is de Rijke Ontwikkeldag Gorinchem waarbij in het kader van gelijke kansenbeleid activiteiten rondom scholen georganiseerd worden. Op 19 juni volgt een I&O sessie met meer informatie over preventie met gezag waarbij het jongerenwerk een rol gaat vervullen. Hij wijst op roken en vapen door jongeren. De gemeente wil een rookvrije gemeente zijn en daarom wordt gekeken hoe jongeren gewezen kunnen worden op de negatieve gevolgen van roken en vapen. Met boxclinics wordt in wijken en op scholen aan de slag gegaan met jongeren met als insteek mentale gezondheid in plaats van roken en vapen. Voorts is er aandacht voor jonge mantelzorgers.
Aangaande samenwerking met het Sociaal Team is afgesproken om naar elkaars aanbod te kijken. Jongerenwerkers sluiten aan bij bijeenkomsten om de natuurlijke verbinding met sociaal werkers te stimuleren. De heer Boutachkourt vraagt of er ook een samenwerking met de huisartsen is omdat zij doorverwijzen naar Jeugdhulp en daarom is het goed om het aanbod daar bekend te maken. De heer Zuidervaart heeft een gesprek gehad over welzijn op recept waar interessante linken liggen, maar er is geen structureel lijntje met huisartsen. De heer Venhovens informeert naar de verbeterpunten van vorig jaar die worden meegenomen naar dit jaar. De heer Zuidervaart geeft aan dat The Mall vanuit enthousiasme en positieve ideeën soms wellicht te veel wil en daarom wordt kritisch naar elke vraag gekeken en soms ook nee gezegd. De heer Venhovens vervolgt dat bij Centraal Punt veel activiteiten gebeuren gericht op jongeren in de wijk en informeert of The Mall daar aansluiting bij heeft. De heer Zuidervaart reageert dat Stichting Boukie een aantal mooie initiatieven heeft. Jongeren die bij Centraal Punt komen vinden vaak ook de weg naar The Mall. Soms wordt ook gebruik gemaakt van elkaars spullen. De heer Venhovens vraagt welke problemen in het afgelopen jaar vooral zijn gesignaleerd bij jongeren in Gorinchem (suïcide, het online delen van beelden).
De heer Zuidervaart geeft aan dat Gorinchem niet uniek is, sommige trends zijn landelijk terug te zien, met name op het gebied van mentale gezondheid (automutilatie, gedrag online). Dit komt ook terug bij het jongerenwerk op school. Als er een tip binnenkomt over een filmpje wordt dit bespreekbaar gemaakt en waar nodig gemeld bij de politie. De heer Venhovens weet dat er lijsten met namen van minderjarigen online staan en maakt zich daar zorgen over. Hij vraagt of er grip is op dit soort groepen en signalering van gedrag wat past bij slachtoffers.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
De heer Zuidervaart antwoordt dat hier helaas geen grip op is, het jongerenwerk vindt het belangrijk om de oren en de ogen te zijn van de samenleving in de wijk. Beschikbaar zijn voor jongeren die slachtoffer zijn. De heer Van Andel wijst op de volksvertegenwoordigende, sturende, controlerende taak van de raad. The Mall heeft zich vanavond perfect verkocht, zeker gezien de belangstelling bij de aanwezigen en vorige week op de ideeënmarkt. Hij vraagt wat The Mall nodig heeft vanuit de raad. De heer Zuidervaart merkt op dat ook The Mall niet weet hoe het ravijnjaar eruit gaat zien. In de afgelopen jaren is in een aantal zaken geïnvesteerd en de vraag is wat er gebeurt als er gekort moet worden of als er een inloop of meidenmall gesloopt moet worden. Op uitvoerend niveau wordt goed samengewerkt met veel betrokkenheid van professionals, maar in de structuren daaromheen mag nog wel wat gebeuren in de zin van efficiënt werken en dubbel doen van dingen. Het is belangrijk dat er regie wordt gevoerd zodat alle partijen bij elkaar komen en dat dit wordt geborgd in efficiënte structuren. De heer Van Andel heeft aangaande het pedagogisch educatief ecosysteem het meest vertrouwen in de wethouder en mevrouw Rijks. Hij heeft begrepen dat het ravijnjaar 2026 voor Gorinchem niet zulke erge gevolgen zou kunnen hebben en hoopt met The Mall dat het mee zal vallen.
De heer Koçak sluit zich aan bij de complimenten en het feit dat The Mall jaarlijks verantwoording komt afleggen in de vorm van een presentatie. Hij vraagt wanneer het jaarverslag 2024 volgt. Voorts informeert hij hoe The Mall de resultaten registreert en hoeveel jongeren er jaarlijks worden doorverwezen naar het Sociaal Team. Afsluitend merkt hij op dat toename in automutilatie een zorgwekkend signaal is en hij verzoekt te kijken wat de samenwerkende organisaties met de signalerende functie kunnen doen. De heer Zuidervaart antwoordt dat de jaarrapportage jaarlijks wordt opgesteld en binnenkort naar de raad komt. Er wordt geregistreerd op basis van een aantal indicatoren (aantal contacten, aantal uren, aantal jongeren dat begeleid wordt). Vanuit het pedagogisch educatief ecosysteem zijn er voornemens om een aantal gerichte outcome indicatoren toe te passen. Mevrouw Rijks vult aan dat de nulmeting in het najaar in een I&O wordt gepresenteerd. Er gaat onder andere gemeten worden op mentale gezondheid onder jongeren 12+, het risico op jonge aanwas in criminaliteit als aandachtspunt en het risico op jongeren met een onderwijsachterstand. De raad wordt regelmatig op de hoogte gehouden van de daling of de stijging.
De heer Van Willigen merkt op dat in Gorinchem heel veel indicatoren zijn waardoor jongeren gevoelig zouden kunnen zijn voor criminaliteit, maar dat Gorinchem gelukkig in de omstandigheid is dat deze jongeren er nog niet zijn in de mate die verwacht zou mogen worden. Mevrouw Rijks is blij met deze correcte toevoeging. De heer Zuidervaart weet niet om hoeveel toewijzingen naar het Sociaal Team het gaat. Het antwoord volgt in de rapportage. Mevrouw Rijks vult aan dat landelijk gezien 1 op de 8 jongeren een vorm van ondersteuning van Jeugdhulp heeft, in Gorinchem is dit 1 op 9. De heer Boutachkourt spreekt zijn complimenten uit voor de fijne manier van verantwoording. Hij refereert aan de financiële onzekerheid en vraagt of er een beeld is van de taken die vallen onder de opdracht en de extra taken die worden gedaan.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
De heer Zuidervaart antwoordt dat er ongeveer 1/3 aan extra aanvullende subsidie wordt ontvangen. De heer Jalloh informeert of jongeren uit oorlogsgebieden of jongeren die het moeilijk hebben thuis onder het aandachtsgebied van The Mall vallen. De heer Zuidervaart antwoordt dat het jongerenwerk onderdeel is van de sociale basis waarbij ook het aspect handhaving komt kijken, maar het jongerenwerk zelf is niet van de handhaving. In overleg met politie, boa wordt aan de hand van gemeentelijk beleid geprobeerd om op situaties te reageren waarbij het jongerenwerk ondersteunt. Soms moet er opgetreden worden en moet de grens aangegeven worden. De heer Krol merkt op dat vorig jaar bij de perspectiefnota aan de orde is gekomen dat het contract met The Mall in 2025 afloopt en informeert wanneer duidelijk wordt of er een nieuwe aanbesteding gaat komen of dat onderhands verlengd wordt. Wethouder Dansen antwoordt dat de aanstelling van The Mall met twee jaar verlengd kan worden, maar er kan ook een nieuwe aanbesteding gedaan worden. De subsidies worden in beeld gebracht en daarna wordt nagedacht hoe dit gedaan wordt. Als dit bekend is, wordt contact opgenomen met The Mall en de raad.
De heer Krol heeft begrepen dat de voorkeur uitgaat naar het verkleinen van de afhankelijkheid van adhoc subsidies en vraagt of de financiële basis voor het jongerenwerk wat breder kan worden zodat er meer continuïteit geboden kan worden. Wethouder Dansen vervolgt dat binnen de organisatie bekeken moet worden wat mogelijk is en wat het beste past bij de relatie met The Mall. De heer Boutachkourt roept het college op daarbij te letten op de incidentele toevoeging van 1/3 aan de huidige taken. Mevrouw Rijks wijst in dit kader op de I&O sessie op 19 juni vanuit de Rijke Ontwikkelingsdag Gorinchem. Het schoolgerichte jongerenwerk wordt betaald uit cofinanciering. Scholen ontvangen hiervoor structurele middelen en daarin liggen kansen voor de gemeente. De heer Venhovens vindt het zorgwekkend dat de criminaliteitscijfers niet bekend zijn. Hij vraagt of er gebruik wordt gemaakt van landelijke of regionale fondsen voor de financiering van The Mall. De heer Zuidervaart antwoordt dat er zeker wordt gekeken naar aanvullende subsidiemogelijkheden vanuit landelijke fondsen, maar dit gaat in verhouding om relatief kleine bedragen. Bij een aantal fondsen is het alleen voor gemeenten mogelijk om subsidie aan te vragen, maar er zijn zeker kansen. Mevrouw Alba informeert naar de norm.
De heer Venhovens verduidelijkt dat voor groepen waar het minder goed mee gaat regionale fondsen beschikbaar zijn (bijvoorbeeld voor suïcide, automutilatie). Mevrouw Alba stelt voor om sommige dingen te laten bij de instanties waar deze thuishoren. Zij vraagt hoe The Mall omgaat met AVG-technische zaken in bepaalde casussen en in de samenwerking met ouders in de leeftijdscategorie waar toestemming moet komen vanuit de jongere.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025
De heer Zuidervaart geeft aan dat jongeren soms dingen in vertrouwen vertellen waarbij The Mall zich moet houden aan de wet als het gaat om zaken waarvoor de ouders ingelicht moeten worden. De insteek naar de jongeren is wel dat strafbare feiten gemeld moeten worden. Op diverse plekken zijn casusoverleggen, soms gebeurt dit anoniem als het geen meerwaarde heeft om namen te noemen. Professionals verschuilen zich soms ook achter de AVG. Als de veiligheid van het kind in het geding is, moeten zaken gedeeld worden. Bij het afsluiten van convenanten neemt de gemeente dit ook heel serieus. De heer Bahlmann is benieuwd hoeveel effect de coronajaren hebben gehad op jongeren. De heer Dees antwoordt dat in coronatijd opeens heel anders gewerkt moest worden. Jongeren onder de 16 mochten wel toenadering zoeken dus op een creatieve manier konden mensen alsnog bediend worden. Er was het magazine en online waren er streams. De nasleep werd duidelijk in het eerste halve jaar waarin van alles weer kon en mensen gewend waren om op hun eigen plek te zijn. Voor sommige jongeren was het ongemakkelijk, voor andere jongeren was het ontspannend. Online lessen konden bij wijze van spreken in pyjama zonder camera gevolgd worden. Jongeren moesten leren om weer met elkaar in contact te treden. Communiceren is soms ontzettend spannend. Online jongerenwerk is daar een onderdeel van.
Een nieuwe wereld waar van alles gebeurt. Hoe zorgelijk zijn fysieke afspraken met mensen die je eigenlijk niet kent. Ontmoeting met elkaar in het echt wordt als kans gezien. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor de inbreng en aandacht en sluit de vergadering. Toezeggingen: Er zijn geen toezeggingen gedaan.
Parallelsessie I&O Jongerenwerk The Mall, 3 april 2025