CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20240627 Verslag Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028

Parallelsessie raadzaal 16 januari 2025, gemeente Gorinchem5.368 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 27 juni 2024 Perspectiefnota 2025-2028 Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang: Democraten Gorinchem: PvdA: VVD:

de heer Bahlmann mevrouw J. den Uyl mevrouw J.M. Kiep-de Jongh

Gorcum Actief: D66: CDA: SP:

de heer J. Klein de heer P. Schefferlie de heer A. Hachhouch mevrouw T. van ’t Westende mevrouw M. Veldheer de heer A. Krol de heer H. Heikens --de heer T. van der Meijden mevrouw J. van Oversteeg de heer P. van Andel

Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning:

mevrouw M. Molengraaf de heer M. Matla

ChristenUnie/SGP:

Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Perspectiefnota 2025-2028 Onlangs is de perspectiefnota 2025-2028 aangeboden aan de gemeenteraad. Door middel van een presentatie wordt de perspectiefnota 2025-2028 toegelicht. Nadat wethouder Molengraaf een korte inleiding geeft, zal de heer Matla een presentatie op hoofdlijnen houden. Vervolgens kunnen de raadsleden technische vragen stellen. Wethouder Molengraaf leidt het onderwerp in. Een aantal weken geleden heeft zij gemeld dat er een stevige perspectiefnota zou volgen. Vanavond wordt gelegenheid geboden om verduidelijkende vragen te stellen. Vragen die vanavond niet beantwoord kunnen worden, worden schriftelijk beantwoord. De heer Matla verzorgt een presentatie. Het actuele begrotingssaldo is het uitgangspunt voor de perspectiefnota. De technische bijstellingen lopen op tot ongeveer € 5 mln. Het Gemeentefonds is de belangrijkste inkomstenbron. Hiermee kunnen de technische bijstellingen grotendeels gecompenseerd worden, met name in 2026, 2027 en 2028. Ruimtevragers zijn investeringen in de stad waar ook ruimtegevers voor nodig zijn. Verkoop van gronden en panden zorgt voor boekwinsten. De begroting sluit positief. Het meerjarenperspectief loopt op. De meicirculaire is verwerkt. De lasten van de IHP-scholen zijn niet opgenomen. Nieuwe Doelen scenario B is ook niet doorgerekend.

De heer Schefferlie informeert naar de motivatie om de scholen niet op te nemen.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Matla antwoordt dat er op dit moment geen besluiten over de scholen zijn genomen. Het IHP is vastgesteld. Per onderwijsobject wordt een businesscase opgesteld. Omdat de raad nog niet besloten heeft wordt daarmee € 1 mln. per jaar bespaard zoals vorig jaar afgesproken in de perspectiefnota. De heer Schefferlie vervolgt dat altijd geprobeerd wordt om een goede voorspelling te doen als er nog geen besluit genomen is en informeert of het college verwacht dat er geen extra middelen nodig zijn. De heer Matla geeft aan dat er ook een sheet is opgenomen die aangeeft wat er gebeurt als de onderwijsplannen vanuit het IHP worden geïmplementeerd in de perspectiefnota. Er zijn wel gedachten over alternatieve financieringsbronnen om dit soort zaken te organiseren, maar het blijft een uitdaging. De heer Schefferlie merkt op dat het schema redelijk fictief is tenzij teruggekomen wordt op de eerder uitgesproken ambities op onderwijshuisvesting. De heer Matla vindt fictief wat te negatief gesteld, het is een reëel sluitend meerjarenperspectief maar op het gebied van onderwijshuisvesting ligt een uitdaging. Naast dit soort uitdagingen zijn er ook nog potentiele opbrengsten uit oude onderwijslocaties die financieel-technisch nog niet meegenomen mogen worden. De heer Schefferlie geeft aan dat één en ander voor de raad lastig is om in te schatten en dat blijft een zorg.

De heer Matla verduidelijkt dat in de perspectiefnota geprobeerd is om meer aan meerjarig perspectief te bieden dan normaal gesproken. Er is een staat toegevoegd die eigenlijk een aantal jaren verder gaat zodat ook naar de toekomstige investeringsopgaven gekeken wordt en daar nu al over nagedacht kan worden bij de besluitvorming. De heer Van der Meijden wijst op het spaarsysteem van een miljoen. Vorig jaar is bij de perspectiefnota afgesproken dat wanneer er overschotten zijn op de algemene reserve en de weerstandsratio boven de 2 komt een fiftyfifty verdeling volgt over de reserve onderwijshuisvesting en de reserve mobiliteit. Hij vraagt of er al geld is gestort volgens deze regel. De heer Malta antwoordt ontkennend. Bij de jaarrekening is aangegeven dat de weerstandsratio 1,39 was. Het bedrag van de verkoop van de locatie is in de reserve onderwijshuisvesting gestort (€ 520.000). Er is nu een voorziening vrijgevallen voor de Lange Slagenstaat (€ 257.000). Hij vervolgt zijn presentatie. De bijzondere beweging van het Gemeentefonds heeft te maken met de opschalingskorting. In 2025 is sprake van een eenmalige tegenvaller en een structurele correctie vanaf 2026. De heer Krol verzoekt de term opschalingskorting te verduidelijken.

De heer Matla antwoordt dat de gedachte is dat er steeds minder gemeenten zullen zijn op basis waarvan bespaard kan worden waardoor de algemene uitkering per fuserende gemeente omlaag kan. Hij vervolgt met de ruimtevragers. Onderhoud en vervanging wegen is de grootste ruimtevrager. De kosten voor de Wmo nemen toe. De overige ruimtevragers zijn relatief beperkt. Mevrouw Van ’t Westende wijst op de stijging van de kosten bij nieuw financieel systeem en ICT richting en informeert wat eenmalig en structureel is.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Matla antwoordt dat het bij nieuw financieel pakket om € 71.000 structureel gaat. In 2025 worden nog incidentele kosten voor implementatie en beginproblematiek verwacht. ICT oplossingen worden duurder en daarom wordt het budget uitgebreid. De heer Hachhouch wijst op de sloopkosten voor ‘t Gilde die uit de reserve onderwijshuisvesting worden gedekt en vraagt of de baten en winsten van de doorontwikkeling ook deels beschikbaar komen voor het onderwijs omdat hij ervoor zou willen pleiten dat deze gelden bij het onderwijs blijven. De heer Matla bevestigt dat dit precies de gedachte is waarom het bedrag uit de reserve onderwijshuisvesting gehaald wordt. De sloopkosten horen bij de onderwijslocatie, als er straks baten volgen dan gaan deze terug naar de reserve onderwijshuisvesting. Mevrouw Van Oversteeg heeft behoefte aan een overzicht van de stand van de reserve onderwijshuisvesting en wat er gepland staat. De heer Matla verduidelijkt dat het investeringsbedrag is opgenomen en daarnaast is er een spaaropgave gerealiseerd. Mevrouw Van Oversteeg vervolgt dat dit bedrag uiteindelijk als dekking moet gelden voor deze investeringen. De heer Matla antwoordt dat dit mogelijk is, maar dit is nu nog niet opgenomen.

Desgevraagd geeft hij aan dat er ook op andere gebieden uitdagingen op het gebied van onderwijshuisvesting zijn waardoor het beter wordt geacht om het bedrag van € 4 mln. nu nog te reserveren. In een later stadium kan nog besloten worden om de middelen te gebruiken om dit probleem te dekken. Het zal altijd om onderwijshuisvesting gaan. De heer Schefferlie sluit zich aan bij de behoefte om nadere informatie die zojuist is geuit door mevrouw Van Oversteeg. De heer Klein hoorde zojuist dat er de vorige keer sprake was van een lijst van 50 ruimtevragers en nu slechts 13. Hij informeert wat niet is meegenomen. Wethouder Molengraaf reageert dat bij elke perspectiefnota een hele lijst aan ruimtevragers wordt opgesteld. Gevraagd is om te kijken welke zaken binnen het eigen budget gevonden zouden kunnen worden waarna uiteindelijk deze lijst is overgebleven. De heer Krol wijst op het extra budget voor Wmo en vraagt of bekend is wat het gemiddelde budget per deelnemer/inwoner is om een beeld te krijgen hoeveel mensen er vanuit dit budget bediend worden. De heer Matla zegt schriftelijke beantwoording toe. De heer Schefferlie vraagt of het college langere lijsten van ruimtevragers en ruimtebieders heeft afgewogen. Als dit het geval is, zou hij deze lijsten graag ontvangen.

Wethouder Molengraaf antwoordt dat er allerlei lijsten zijn waar eerst ambtelijk aan gewerkt wordt die ook het college niet ziet. Daarnaast zijn er lijsten die het college wel ziet en afweegt. De heer Schefferlie refereert aan de sessie over het draaien aan knoppen. Er wordt nu een afgebakend geheel aan mogelijkheden overlegd. Hij zou graag kennisnemen van het afwegingsproces binnen het college zodat de raad eventueel alternatieve afwegingen kan maken.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

Wethouder Molengraaf vindt het lastig om te filteren wat wel en wat niet gedeeld moet worden. Over twee weken wordt de perspectiefnota behandeld. Zij wil de raad niet overvoeren met een lijst aan ruimtevragers en denkt nog even na hoe zij dit het beste kan doen om te voorkomen dat er bij de perspectiefnota gehakketak volgt over allerlei posten. De heer Schefferlie zou deze afweging graag zelf maken. De raad moet het nu doen met een voorselectie vanuit het college waardoor hij niet weet wat er wordt gemist. De heer Matla verduidelijkt dat het proces is gestart met onontkoombare ruimtevragers. Uiteindelijk hebben de collega’s ruimtevragers aangeleverd die in eerste instantie zijn gescand door de afdeling Financiën waarna een keuze is gemaakt. Die lijst is vervolgens naar het MT en het DT gegaan. De heer Schefferlie geeft aan dat dit overkomt als denkt u vooral niet na, dat doen wij wel voor u. Of iets onvermijdelijk is kan soms ook subjectief zijn. Hij zou toch graag wat meer inzicht willen. De heer Van Andel merkt op dat zijn fractie deze behoefte ook heeft. Dit geldt ook voor de post subsidies want ook daar is al een selectie gemaakt. Wethouder Molengraaf begrijpt de behoefte, maar tegelijkertijd wordt het college ook geacht een perspectiefnota af te leveren in een tijd waarin vooral voor het onontkoombare gegaan wordt.

Bekeken is wat de gemeente echt moet doen, allerlei andere ruimtevragers zijn beoordeeld door de organisatie (budgetten slimmer inzetten et cetera). Er kan een lijst verstrekt wordt van de zaken die niet gedaan worden omdat deze anders opgelost zijn of omdat ervoor gekozen wordt om het niet te doen waaruit de raad inspiratie kan halen voor de behandeling van de perspectiefnota. De heer Schefferlie meldt ter geruststelling dat zijn fractie zich wat zal aantrekken van het voorwerk dat is gedaan, maar het is wel gek dat er geen eigen afweging gemaakt kan worden. Hij moet nu blindvaren daar waar de raad in andere processen wat meer meegenomen wordt. De heer Krol wordt altijd een beetje nerveus van dit soort vragen vanwege de rolverdeling tussen college en raad ondanks dat hij de behoefte snapt. Het college is gemandateerd om het voorwerk te doen. De heer Schefferlie is het eens dat het ambtelijk apparaat en het college het voorwerk doen, maar het zou vreemd zijn als de raad die moet besluiten geen inzicht heeft in de alternatieven of afwegingen. De heer Klein is blij met het aanbod van de wethouder. Hij heeft vooral vrees voor het verder in de tijd schuiven van zaken en hij zou daarom graag zien wat er verschoven wordt. De heer Matla vervolgt met de ruimtegevers. Bij de parkeerketen wordt beneden de gemiddelde omgeving gescoord waardoor er ruimte is om de tarieven te verhogen.

Daarnaast kunnen de parkeertijden uitgebreid worden en verwacht wordt dat er op het gebied van vergunning het één en ander gedaan kan worden. Voorgesteld wordt om op de subsidies geen prijsindexatie toe te passen, alleen een loonindexatie omdat de exploitatiebudgetten van de ambtelijke organisatie ook niet geïndexeerd worden. De heer Van der Meijden vraagt of de gevolgen van het niet indexeren van subsidies ingeschat kunnen worden voor de activiteiten die de subsidieontvangers moeten verrichten. Voorts vraagt hij of aangegeven kan worden of het college enige vorm van participatie heeft laten plaatsvinden over het voornemen om niet te indexeren.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Matla antwoordt dat de impact van het niet indexeren een effect heeft van 2,9% minder activiteiten. De lonen worden wel gecompenseerd. Er is een traject gestart om te kijken waar de mogelijkheden liggen waaruit allerlei ideeën zijn ontstaan waarna het college gekozen heeft om gefaseerd naar gesubsidieerde partijen te kijken (prijsindex € 80.000). De rest moet gevonden worden in het aanpassen van subsidies. De heer Van der Meijden vraagt of het college met subsidieontvangers het gesprek heeft gevoerd over de impact van het eventueel niet indexeren van de subsidie. Wethouder Molengraaf antwoordt dat de subsidieontvangers niet zijn gebeld om aan te geven dat alleen de lonen geïndexeerd worden, maar natuurlijk wordt wel het gesprek aangegaan over wat dit voor hen betekent. Zij verwacht dat dit gezien de financiële situatie van de gemeente niet echt een verrassing zal zijn. De heer Van der Meijden begrijpt hieruit dat het college voornemens is om het gesprek aan te gaan nadat de raad het besluit tot korten heeft genomen. Wethouder Molengraaf bevestigt dat wanneer de raad de perspectiefnota vaststelt het college met partijen in gesprek gaat. De heer Van Andel merkt op dat het in 2025 gaat om de effectiviteit op gemeentelijke doelen en dat is wat anders dan de indexatie.

Hij vraagt of er al een lijst verstrekt kan worden waardoor het college denkt dat zij € 172.000 kan ophalen zodat de raad een akkoord kan geven. Wethouder Molengraaf weet niet hoe dit technisch gezien werkt. Er is wel een voornemen om wat kritischer te kijken naar subsidies die al jaren worden gegeven en de bijbehorende beleidsdoelen. Er is nog geen lijst voor handen, het is een taakstelling die is opgenomen. De raad ontvangt deze informatie op het moment dat dit duidelijk is. De heer Matla vervolgt dat voorgesteld wordt om de tarieven voor het zwembad met € 2 te verhogen. De heer Van Andel merkt op dat hij heeft gelezen dat het om 260.000 bezoekers gaat en verzoekt om verduidelijking met betrekking tot het bedrag. De heer Matla antwoordt dat wordt uitgegaan van het aantal recreatieve bezoekers. Mevrouw Van Oversteeg geeft aan dat hier bij het raadsvoorstel over het zwembad al over besloten is en informeert hoe één en ander in verhouding tot elkaar staat. De heer Matla antwoordt dat dit bedrag daar bovenop komt. De heer Van der Meijden merkt op dat het raadsbesluit is gebaseerd op een businesscase die uitging van bezoekersaantallen. Hij hoort nu dat daar aan gesleuteld wordt en kan zich niet voorstellen dat een prijsverhoging niets doet aan de bezoekersaantallen. Hij informeert hoe dit de businesscase verandert.

De heer Matla antwoordt dat de prijselasticiteit van het zwembad en de tarieven vrij lastig uit te leggen zijn. De toegangsprijs wordt in de markt als redelijk goedkoop geïnterpreteerd en ervaren. Verwacht wordt dat de verhoging geen effect heeft op het aantal bezoekers. De heer Krol refereert aan openbaar groen waar wordt toegelicht dat wordt teruggegaan van niveau A naar niveau B en informeert wat hiervan gemerkt wordt.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Matla antwoordt dat de gedachte daarachter is dat er wordt geïnvesteerd door de huidige beplanting te vervangen door meer onderhoudsvrije beplating. Het kost geld om een deel van het areaal te vervangen en daarna wordt er op onderhoudskosten bespaard. De heer Krol verzoekt een nadere toelichting te verstrekken wat dit gaat betekenen. Zijn fractie is voor duurzaam en groen. Makkelijk te onderhouden groen is niet per definitie het groen dat het meest toevoegt aan de natuurwaarden in de stad. De heer Matla vervolgt dat het Sociaal Domein een groot onderdeel is van de gemeentelijke begroting. Het wordt mogelijk geacht om hier een besparing van € 700.000 te realiseren. Het college maakt hierin een afweging die nog wordt besproken met de raad. De heer Van der Meijden vraagt of aangegeven kan worden in welke richting wordt gedacht omdat het om een fors bedrag op een belangrijk dossier gaat. Wethouder Molengraaf antwoordt dat dit voorstel uit de organisatie is gekomen. Er wordt met name ingestoken op slimmer werken, medewerkers slimmer inzetten. Er wordt niet gekort op minimaregelingen, de Participatiewet of de Wmo. Het wordt slimmer gedaan zonder dat het voor de zwaksten in de samenleving gevolgen heeft.

De heer Van der Meijden vervolgt dat bij efficiency organisatie € 400.000 wordt genoemd voor de hele gemeente, terwijl voor het Sociaal Domein bedacht is om bijna tweemaal zo veel te besparen op het ambtelijk apparaat. Wethouder Molengraaf heeft geen nadere toelichting, onderzocht wordt hoe dit ingevuld kan worden. Het bedrag van € 400.000 efficiency op de organisatie is een andere efficiencyslag. Binnen het Sociaal Domein gaat het om moet je alles zelf doen, kunnen de medewerkers beter ingezet worden. Wat er precies gedaan wordt moet nog opgehaald worden. De heer Krol is benieuwd wat dit qua percentage betekent op jaarbasis. Geantwoord wordt dat dit ongeveer 1% is. De heer Schefferlie vraagt of het werkelijk helemaal niet ten laste gaat van welke inhoud voor belanghebbenden dan ook. Wethouder Molengraaf reageert dat op het Sociaal Domein meer wordt gedaan dan de wettelijke verplichting (tot 130%, collectieve ziektekostenverzekering, declaratiefonds voor jongeren en volwassenen) waardoor zij durft te stellen dat de € 700.000 niet ten koste van de zwakste inwoners gevonden wordt. De heer Schefferlie vervolgt dat mensen iets gewend zijn en daardoor wordt hij toch een beetje in verwarring gebracht.

Hij vraagt of gekeken wordt naar wat mensen toekomt en dit wordt door de gemeente geboden, of dat wordt gekeken of de gemeente hetzelfde kan blijven bieden waarbij kansen worden gezien om dit efficiënter te doen. Als dat laatste het geval is, vraagt hij zich af waarom het in dit domein efficiënter kan dan op andere plekken. Scherper gesteld; wordt er gesneden in voorzieningen of in wat mensen mogen verwachten qua hulp of wordt het alleen slimmer gedaan? Wethouder Molengraaf benadrukt dat gevraagd werd wat gaan inwoners ervan merken, gaan zij er op achteruit. Het pakket dat door de gemeente in de lucht gehouden wordt is best ruim. Het belang hiervan is in allerlei besluiten onderstreept en blijft gewoon overeind. Het bedrag wordt gevonden in meer efficiency, dingen slimmer inzetten omdat het belangrijk is om deze categorie zo veel mogelijk te ontzien. De heer Schefferlie snapt best dat er vanwege de urgentie omgedacht moet kunnen worden. Iets inschatten en daarna kijken wat het wordt. Zijn vraag is technisch bedoeld om

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

te weten of de zoektocht zich richt op de inhoud of op de manier waarop dingen georganiseerd worden. Wethouder Molengraaf heeft al geantwoord dat het laatste het geval is. De heer Schefferlie vervolgt dat wanneer het niet de inhoud betreft het opmerkelijk is dat het op dit terrein € 700.000 slimmer kan en op alle andere terreinen kennelijk veel minder. De heer Van Andel is gerustgesteld door de woorden van de wethouder, want zijn fractie was voornemens om met een amendement te komen. Mevrouw Van Oversteeg merkt op dat er een forse verhoging van de parkeergelden wordt voorgesteld. Zij vraagt of aangegeven kan worden of en op welke manier de gesprekken zijn gevoerd met de partners in de stad over het niet uitbreiden van parkeergarage Kweeklust. Wethouder Molengraaf antwoordt dat de partners in de stad hierover geïnformeerd zijn. Op verzoek van het CDA is gewerkt aan het in kaart brengen van alles omtrent parkeertarieven (garages, straat parkeren et cetera). Er wordt eigenlijk een voorschot genomen op een parkeerbalans. De parkeertarieven in Gorinchem zijn behoorlijk laag en dat biedt mogelijkheid om ruimte te bieden aan allerlei ruimtevragers. De parkeerbalans wordt in september aan de raad gepresenteerd. Mevrouw Van Oversteeg had liever een andere volgorde gezien los van wat haar fractie van deze forse verhoging vindt.

De heer Van der Meijden refereert aan woonurgenties waar een besparing is ingeboekt van € 4.000 door mensen te verplichten om voor de aanvraag een digitaal stroommodel te doorlopen en verzoekt om verduidelijking. De heer Matla zegt schriftelijke beantwoording toe. Hij geeft aan met betrekking tot de groenvoorziening dat het areaal wordt omgevormd en daarna komen er bodem bedekkende heesters. Voorgesteld wordt om de exploitatiebudgetten van de organisatie niet te indexeren. Voorgesteld wordt om de OZB met 5% extra te verhogen ten opzichte van de voorgestelde reguliere indexering. De heer Schefferlie vraagt of het klopt dat dit niet wordt genoemd bij de uitgangspunten. De heer Matla kijkt na of dit gecorrigeerd moet worden. De heer Klein merkt op dat het voorbeeld over huishoudens gaat en vraagt of dit betekent dat het alleen over huishoudens gaat. De heer Matla antwoordt dat de verhoging ook over bedrijven gaat. De heer Krol vraagt of er veel gemeenten zijn die tot boven de indexatie verhogen. De heer Matla antwoordt dat Gorinchem vorig jaar iets minder heeft verhoogd dan omliggende gemeenten van vergelijkbare klasse. Na deze inhaalslag verwacht hij dat er nog net iets op het gemiddelde achtergelopen wordt.

De heer Van der Meijden vraagt aangaande betere inzet Brede Scholen welke concrete bezuinigingen het college voor ogen heeft om eerst € 50.000 en later € 100.000 per jaar te vinden.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Matla antwoordt dat er gedacht wordt aan effectiever inzetten, bijvoorbeeld met partijen die nu ergens anders huren waardoor de gemeente extra huurinkomsten genereert. De heer Van der Meijden vraagt zich af of het accommodatiebeleid dit toestaat. De heer Matla vervolgt dat dit afhangt van de vorm van de instelling. Als het een gesubsidieerde partij is, is dit mogelijk. Aangaande efficiency organisatie geeft hij aan dat het mogelijk wordt geacht om € 400.000 aan ruimte te vinden. De heer Van der Meijden vraagt of het klopt dat dit bovenop een eerdere taakstelling van € 182.000 voor de ambtelijke organisatie komt. Dit wordt bevestigd. Hij vraagt vervolgens hoe dit zich verhoudt tot de arbeidsmarkt, het binnenhalen van goed personeel en een fijne werkgever blijven. De heer Matla antwoordt dat de taakstelling niet alleen over personeel gaat, misschien juist wel helemaal niet. Hij vervolgt met de investeringen en het effect van de kapitaallasten. Vertrekpunt is het bedrag van € 2 mln. in 2027. Met name in het Ruimtelijk Domein is sprake van enkele tegenvallers die ervoor zorgen dat het investeringsplafond wordt overschreden. Als mogelijke oplossing noemt hij afromen van een deel van het Sociaal Domein en verkoop van onroerend goed (gronden en panden) waardoor in 2028 binnen het investeringsplafond gebleven kan worden.

De heer Schefferlie verzoekt om nadere toelichting over de onttrekking aan het Sociaal Domein (loopt de gemeente een verhoogd risico). De heer Matla antwoordt dat dit niet geval is. De buffer wordt kleiner dus gesteld zou kunnen worden dat de risico’s toenemen. De grote pilaren in het Sociaal Domein zijn afgezet tegen het minimum van € 5 mln. Daarvan is een gemiddelde genomen waardoor het mogelijk is om € 1,1 mln. te onttrekken kijkend naar het lange termijn perspectief van de reserve Sociaal Domein. De heer Schefferlie is benieuwd of er al tekenen zijn dat de ambities van het omdenken ook zullen lukken gezien de grote bedragen die bespaard moeten worden. De heer Matla antwoordt dat de taakstelling voor 2025 ongeveer € 1,5 mln. bedraagt die door de meicirculaire is verlaagd naar € 400.000, aanzienlijk lager dan vorig jaar werd gedacht bij de begrotingsbehandeling. De heer Schefferlie benadrukt dat dit een financiële correctie is waardoor de taakstelling kleiner wordt en vraagt zich af of er al bewegingen zijn waardoor hoop gehouden mag worden dat het ook gaat lukken, want in de jaren daarna zijn de bedragen nog groter. De heer Matla vervolgt dat hij signalen heeft gekregen dat de beweging de goede kant op gaat.

Daarnaast is de taakstelling grotendeels gebaseerd op de hervormingsagenda waarbij er vanuit gegaan wordt dat deze uiteindelijk ook gaat leveren en eigenlijk zorgt dat de taakstelling voor het grootste deel kan worden opgelost. De heer Schefferlie zegt dat het tot nu toe altijd heel erg tegen viel en daarom is zijn fractie waakzaam als voorgesteld wordt om geld uit de reserve te halen. De heer Matla geeft aan dat de hervormingsagenda vertraagd is en daardoor compenseert het Rijk de gemeente met € 1,1 mln. ten opzichte van het plan van vorig jaar. De heer Van der Meijden begrijpt uit dit antwoord dat verwacht wordt dat de besparing gerealiseerd wordt. Het toekomstscenario kind en gezin is niet opgenomen. Daar is de lijn

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

dat de gemeente iets meer moet gaan doen. Hij vraagt of deze ontwikkeling ook is meegenomen in de reserve van het Sociaal Domein. De heer Matla kent de regeling niet, maar uiteindelijk gaat het erom dat het waarschijnlijk structurele kosten zullen zijn die niet met de reserve Sociaal Domein gedekt kunnen worden. De heer Krol begrijpt dat op jaarbasis bekeken de komende drie jaar het investeringsplafond wordt overschreden, maar bezien over de gehele periode van de perspectiefnota wordt het uiteindelijk rechtgetrokken. Dit wordt bevestigd. Mevrouw Van Oversteeg verwijst naar de reserve sloopkosten en de sessie over de Lange Slagenstraat van vorige week waarin nog geen keuze is gemaakt voor sloop of gedeeltelijk hergebruik maar er wordt al wel rekening gehouden met het niet doorgaan van de sloop. De heer Matla antwoordt dat dit meegenomen kan worden als ruimtegever voor het investeringsplafond. Hij heeft geen berichten gekregen dat dit niet zou kunnen. Mevrouw Van Oversteeg betwijfelt dat en verzoekt om dit nog even te checken. Haar afdronk van de sessie was dat er een raadsvoorstel volgt. De rode lijn is dat iedereen voor sloop van de hele locatie is. Het college moet dit nog afwegen, maar het verbaast haar dat hier al rekening mee gehouden wordt want zij heeft nog geen bericht gehad over de afweging van het college.

Aangaande de investering voor het zwembad met enerzijds een elektrische aansluiting en anderzijds een aansluiting op het warmtenet geeft zij aan dat de laatste mogelijk een financiële complicatie met zich meebrengt. De heer Matla antwoordt dat dit niet is opgenomen. Dit gaat puur over de indexering om de huidige design en build procedure te starten om uiteindelijk een aanbesteding te kunnen starten. Eventuele aanpassingen op de oorspronkelijke businesscase zullen volgen. Na de vaststelling van de perspectiefnota volgt een raadsinformatiebrief met de stand van zaken over de aanbesteding van het zwembad. Hierin wordt ook ingegaan op de aansluiting van het warmtenet versus een all-electric aansluiting. Mevrouw Veldheer mist het fietsknelpunt rondom de scholencampus en verzoekt om verduidelijking. De heer Matla antwoordt dat het gaat om de fietsknelpunten top 10 waarvoor aanvankelijk € 1 mln. was gereserveerd. Bij nader inzien wordt het mogelijk geacht om een x-aantal knelpunten die minder urgent zijn niet te doen en dat zorgt voor een lagere investering. Wethouder Molengraaf vult aan dat een deel van de problematiek bij de scholen wordt opgelost door de aanpak van de Haarsekade, een aantal elementen is al opgenomen in andere plannen.

Mevrouw Van ’t Westende begrijpt dat een deel van de Haarsekade wordt opgenomen, maar de Haarweg en de Mollenburgseweg zijn gevaarlijke toegangswegen zonder fietspaden wat met meer studenten straks wellicht een probleem wordt. Wethouder Molengraaf vervolgt dat het te ver voert om daar nu een beschouwing over te geven. In het project Groote Haar is de omlegging van de weg opgenomen met een apart fietspad. Mevrouw Van ’t Westende benadrukt dat de school op een bepaalde datum opengaat en dan moet het in haar optiek in orde zijn.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Krol merkt op dat het schrappen van de investeringen in Kweeklust een gevoelig punt is. Hij is bekend met de geschiedenis van parkeerpanels en verbonden partijen en informeert welke toezeggingen zijn gedaan aan de betrokkenen die nu nog niet waargemaakt worden. Wethouder Molengraaf antwoordt dat er toezeggingen zijn gedaan aan de bewoners van de bovenstad. De uitbreiding van Kweeklust zou deels een oplossing kunnen bieden voor het nijpende parkeerprobleem daar. Hartje Gorkum heeft zich hier actief mee bemoeid en is ingelicht over het voorstel tot schrappen. Er is sprake van teleurstelling, maar dat voelt zij zelf ook. De heer Krol begrijpt hieruit dat het meer om verwachtingen dan om toezeggingen gaat. Wethouder Molengraaf vervolgt dat de parkeerpanels één op één zijn vertaald in het parkeerbeleid dat uitgerold zou worden waarvan Kweeklust één van de onderdelen was. Er is altijd gezegd wij kunnen pas parkeerplaatsen weghalen als Kweeklust gerealiseerd is. Als de problemen in de bovenstad niet opgelost worden moet gekeken worden of daar op een andere manier aan tegemoet gekomen kan worden. Bijvoorbeeld door abonnementen uit te geven aan inwoners van de Bovenstad, maar dit moet nog nader onderzocht worden. De heer Van der Meijden heeft begrepen dat het terugdraaien van een investering ook geld kost. Over deze investering is in het voortraject uitvoerig gesproken.

Hij vraagt of in aanloop naar de behandeling in de raad inzichtelijk gemaakt kan worden welke kosten er al gemaakt zijn voor het vooronderzoek zodat dit bij de afwegingen betrokken kan worden afgezet tegen de investering die hiermee gemoeid zou zijn. Dit wordt toegezegd. De heer Matla geeft aan dat het meerjarig begrotingssaldo van 2029 en 2030 is toegevoegd met name omdat de kapitaallasten van investeringen altijd een jaar later volgen waardoor het beeld soms een beetje scheef is. Hierin is een aantal IHP-scholen geprojecteerd en scenario B van de Nieuwe Doelen is opgenomen. De heer Van der Meijden wijst op het verzoek van zijn fractie om ook variant 0 (terugval) door te rekenen. De heer Matla antwoordt dat de kapitaallasten van scenario 0 in de huidige begroting staan. Het tekort (€ 64.000) wat destijds in het raadsvoorstel werd gepresenteerd is nog niet gedekt maar daar wordt vanavond meer over verteld in de sessie over de Nieuwe Doelen. Hij vervolgt dat het investeringsplafond uiteindelijk cumulatief oploopt tot een overschrijding van € 30 mln. Dit is niet conform de afspraken met de raad. Ook in het bijgestelde meerjarenperspectief is te zien dat de kapitaallasten uiteindelijk dermate groot zijn dat het meerjarig begrotingssaldo negatief wordt. Mevrouw Van Oversteeg vraagt of dit bij scenario 0 moet worden opgeteld als voor scenario B gekozen wordt.

De heer Matla antwoordt dat in het raadsvoorstel is opgenomen dat er € 566.000 aan kapitaallasten bestaand in de begroting zitten. Dat zijn de kapitaallasten van de € 8 mln. die er al was. In het kader van exploitatie is er eventueel nog een tekort van € 64.000 en dat bedrag is niet in het meerjarig saldo opgenomen. Wanneer voor scenario B wordt gekozen en het bedrag van € 638.000 in de begroting landt dan is scenario 0 niet van toepassing. Als wordt gekozen voor scenario 0 dan moet er nog € 64.000 in de begroting verwerkt worden. De heer Schefferlie merkt op dat dit voornamelijk over stenen gaat en begrijpt dat de raad vanavond nog nader wordt geïnformeerd. Dit wordt bevestigd.

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De heer Klein zag dat de gemeente trots is op € 9 mln. subsidie voor woningbouw langs de Schelluinsestraat en de Arkelsedijk en informeert of er al vanuit gegaan werd dat de gemeente dit bedrag zou ontvangen. De heer Matla antwoordt dat bij een subsidieregeling ook vaak een cofinanciering hoort waardoor de investering groter zal zijn dan het subsidiebedrag. De gemeente moet zelf ook nog een deel bijdragen. De heer Hachhouch wijst op de investeringen voor het parkeersysteem en vraagt of dit echt noodzakelijk is voor de komende jaren. De heer Matla antwoordt dat er allerlei afwegingen zijn gemaakt om te bepalen of dit echt noodzakelijk is. De parkeerketen wordt nog belangrijker waardoor de gemeente zich geen storingen kan veroorloven en daarom wordt hierin geïnvesteerd. De heer Van der Meijden begrijpt dat de inkomsten van de windturbines Groote Haar onzeker zijn geworden door juridische procedures en verzoekt om verduidelijking aangezien de turbines al vergund zijn waardoor daar inkomsten aan gekoppeld zijn. De heer Matla antwoordt dat er incidenteel en structureel geld vanuit de windmolens komt. Structureel is € 180.000 in de begroting opgenomen, maar in de afgelopen jaren is dit bedrag steeds bijgesteld. Het bedrag dat nu is opgenomen is niet te negatief en niet te positief.

De heer Van der Meijden vervolgt dat dit niet met de juridische procedures te maken heeft, maar met de opbrengsten van de windturbines. De heer Matla zegt dat het gaat om de termijn die verstrijkt totdat de middelen bij de gemeente zijn. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering.

Toezeggingen: Voor de PPN vergadering 11 juli de volgende vragen1 te beantwoorden. • Overzicht stand van zaken benutting reserve onderwijshuisvesting verstrekken • Wmo gemiddeld budget per inwoner/per traject verstrekken • Bezien of inzicht verstrekt kan worden in de afwegingen hoe is gekomen tot de 13 opgenomen ruimtevragers • Hoe levert digitaal woonurgentie aanvragen een besparing op? • Nagaan waarom de OZB niet is opgenomen in de uitgangspunten • Klopt het dat bij de reserve sloopkosten voor de Lange Slagenstraat van niet slopen wordt uitgegaan? • Inzicht verschaffen in de kosten van het vooronderzoek Kweeklust

1 en de voor maandag 1 juli 12.00 uur ingediende technische vragen (aangegeven in

weekbericht van de griffie)

Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2025-2028, 27 juni 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=0a8eb66e-b9ca-49c5-80ab-bd027178dbed